Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.756
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202104594/2/V1

Bij besluiten van 11 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hen een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1774
Datum uitspraak
9 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202104594/2/V1

202105139/2/V1

Bij besluit van 31 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1784
Datum uitspraak
9 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105139/2/V1

202104495/2/V1

Bij besluit van 10 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdelingen om hen een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1768
Datum uitspraak
6 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202104495/2/V1

202006085/1/V2

Bij besluit van 15 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1766
Datum uitspraak
5 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006085/1/V2

202104177/1/V3

Bij besluit van 19 april 2021 is de termijn van de bij besluit van 31 maart 2021 aan de vreemdeling opgelegde bewaringsmaatregel verlengd met ten hoogste drie maanden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1765
Datum uitspraak
5 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202104177/1/V3

202104604/2/V2

Bij besluiten van 8 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1764
Datum uitspraak
5 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104604/2/V2

201702813/18/R3

Bij tussenuitspraak van 20 januari 2021 heeft de Afdeling de minister van Infrastructuur en Waterstaat opgedragen om binnen 26 weken na de verzending daarvan de gebreken in het bestreden besluit te herstellen. Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 9 juli 2021, heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat de Afdeling gevraagd om deze termijn te verlengen. De minister heeft gevraagd om verlenging van de hersteltermijn tot en met 15 september 2021, omdat de minister niet in staat is binnen de gestelde termijn het bestreden besluit te herstellen. Daarbij geeft de minister aan dat in de ministerraad van 9 juli is besloten over een wijziging van de rekenmethode voor stikstofdepositie en dat op basis daarvan het tracébesluit zal worden gewijzigd. Om de besluitvorming goed af te kunnen ronden, is extra tijd nodig.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1772
Datum uitspraak
5 augustus 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Tracé en wegverbreding
  • uitspraakin de zaak201702813/18/R3

202100784/1/V3

Bij besluit van 15 juni 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1723
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202100784/1/V3

202103999/2/V3

Bij besluit van 17 april 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat de vreemdeling geen verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan in Nederland meer heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1722
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202103999/2/V3

202104457/2/V2

Bij besluit van 10 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1724
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104457/2/V2

201907615/1/R4

Bij besluit van 6 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Arnhem een besluit tot oplegging van een last onder dwangsom aan [appellant sub 2] ingetrokken. [appellant sub 2] is eigenaar van het perceel met opstallen aan de [locatie 1] in Arnhem. Aan de voorzijde van het perceel staat een in appartementen onderverdeeld woonhuis. In de achtertuin van het perceel staat een bouwwerk. [appellant sub 2] verhuurt dit bouwwerk voor bewoning. [appellant sub 1] woont op het naastgelegen perceel. Op het perceel van [appellant sub 2] geldt sinds 18 september 2008 het bestemmingsplan "Sonsbeekkwartier-Vogelwijk" (hierna: het huidige bestemmingsplan). Vóór het huidige bestemmingsplan gold vanaf 1 mei 2001 het bestemmingsplan met diezelfde naam, "Sonsbeekkwartier-Vogelwijk". [appellant sub 1] heeft vanwege de overlast die hij ervaart bij brief van 14 maart 2018 het college verzocht om handhavend op te treden tegen de bewoning van het bouwwerk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1745
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201907615/1/R4

201908482/1/A2

Bij besluiten van 17 juli 2018 en 21 juli 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het kindgebonden budget van [appellante] over 2014 definitief berekend en vastgesteld op nihil en het kindgebonden budget over 2014 teruggevorderd. [appellante] was met [partner] getrouwd vanaf 11 december 2013 tot aan diens overlijden op 10 juni 2015. Bij besluit van 10 juli 2015 is het kindgebonden budget van [appellante] over 2014 definitief berekend en vastgesteld op € 2.369,00. De Belastingdienst/Toeslagen heeft vervolgens van de inspecteur van de Belastingdienst vernomen dat in de Basis registratie inkomen (Bri) ten aanzien van [partner] over het jaar 2014 een grondslag uit sparen en beleggen is vastgesteld ter hoogte van € 167.250,00. Naar aanleiding hiervan heeft de Belastingdienst/Toeslagen bij besluit van 17 juli 2018 een bedrag van € 2.658,00 aan kindgebonden budget over 2014 vermeerderd met wettelijke rente teruggevorderd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1729
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak201908482/1/A2

202000882/1/R4

Bij besluit van 19 december 2019 heeft de raad van de gemeente Doetinchem het bestemmingsplan "Europaweg - 2019" vastgesteld. Het plan heeft betrekking op de Europaweg in Doetinchem, tussen de aansluiting met de Rijksweg A18 in het zuiden en de spoorweg Arnhem-Winterswijk in het noorden. Het aantal rijstroken wordt verdubbeld, van 1x1 naar 2x2. Er worden bijkomende infrastructurele en verkeerskundige aanpassingen uitgevoerd om de doorstroming te verbeteren en de verkeersveiligheid te verbeteren. Deze aanpassingen hebben tot doel het scheiden van het langzaam en gemotoriseerd verkeer. De bestaande rotondes Europaweg/Sicco Mansholtweg en Auroraweg worden zogeheten ei-rotondes. Het fietspad met oversteekmogelijkheid bij de rotonde Auroraweg wordt opgeheven. Appellanten wonen in de omgeving van de Europaweg. Zij hebben beroep ingesteld tegen het plan vanwege de ruimtelijke gevolgen van de verbreding en vanwege de gevolgen van de beoogde verkeerskundige aanpassingen voor de mobiliteit per fiets en te voet.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1755
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202000882/1/R4

202000940/1/R2

Bij besluit van 30 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Cuijk Industry Cuijk Vastgoed B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het verbouwen van een kantoorgebouw op de percelen Maasstraat 6 en 8 te Cuijk tot bioscoop. [appellante] huurt het pand op het adres [locatie] te Cuijk. [appellante] exploiteert dit pand voor kamerverhuur en houdt er kantoor. Zij heeft bezwaar gemaakt tegen de verlening van de omgevingsvergunning in verband met te verwachten geluids- en parkeeroverlast. Het college heeft dit bezwaar bij besluit van 3 juni 2019 ongegrond verklaard. Het daartegen door [appellante] ingestelde beroep heeft de rechtbank bij uitspraak van 9 januari 2020 ongegrond verklaard. Zij oordeelt dat het college zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat het pand aan de [locatie] terecht niet als geluidsgevoelig object heeft aangemerkt, omdat het huidige bestemmingsplan het gebruik daarvan als bedrijfswoning en voor kamerverhuur niet toestaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1739
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202000940/1/R2

202001376/1/A3

Bij afzonderlijke besluiten van 25 oktober 2017 heeft de minister van Economische Zaken onder verbeurte van een dwangsom [appellante sub 1] en [appellante sub 2] gelast om bij het op de Europese markt brengen van hout de stappen van het stelsel van zorgvuldigheidseisen van de Verordening (EU) nr. 995/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 20 oktober 2010 tot vaststelling van de verplichtingen van marktdeelnemers die hout en houtproducten op de markt brengen volledig te doorlopen en/of toe te passen. [appellante sub 1] en [appellante sub 2] importeren teakhout uit Myanmar naar Nederland. De minister heeft hun een last onder dwangsom opgelegd die tot doel heeft ervoor te zorgen dat zij bij het op de Europese markt brengen van hout de stappen van het stelsel van zorgvuldigheidseisen van artikel 6 van de Houtverordening volledig doorlopen en/of toepassen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1736
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202001376/1/A3

202001557/1/R2

Bij besluit van 16 december 2019 heeft de raad van de gemeente Vaals het bestemmingsplan "Cottessen 10c" vastgesteld. Het plan voorziet in de uitbreiding van de boerderijcamping Vakantiehoeve Bellet op het perceel Cottessen 10c in Vijlen. Met het plan wordt het aantal toegestane kampeerplaatsen verhoogd van 15 naar 20 kampeerplaatsen. Het voornemen is om 2 vaste en 3 flexibele kampeerplaatsen te realiseren. Het plan wijzigt de bestemming van de gronden. Verder voorziet het plan in een parkeerterrein, 2 bedrijfswoningen, een recreatiewoning en natuur. [appellant] is eigenaar van 3 gezinswoningen en 2 vakantiewoningen op de aangrenzende percelen ten zuiden van het plangebied. Het betreft onder meer woningen in een deel van de hoeve, waarvan het andere deel tot de camping behoort. [appellant] woont in een woning op het aangrenzende perceel [locatie A]. Hij vreest dat het woon- en leefklimaat ter plaatse van zijn woningen en de natuurwaarden in de omgeving door het plan worden aangetast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1763
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202001557/1/R2

202001656/1/R2

Bij besluit van 22 mei 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Breda de door [appellant] gevraagde omgevingsvergunning voor het bouwen van een carport en een tuinhuis op het perceel [locatie] te Bavel, verleend. Op 2 april 2018 heeft [appellant] een aanvraag ingediend om een omgevingsvergunning voor de bouw van een tuinhuis met daarop aansluitend een carport op het perceel [locatie] te Bavel in afwijking van het bestemmingsplan. Bij besluit van 22 mei 2018 heeft het college de gevraagde vergunning verleend. Hiertegen hebben [partij] en de Dorpsraad (hierna samen: de derde partijen) bezwaar gemaakt. Hierbij heeft de Dorpsraad zich op het standpunt gesteld dat een deel van het bouwplan van [appellant] voor de voorgevelrooilijn is gesitueerd en dit daarom niet aansluit bij het karakter van de bebouwingslijnen aan de historische Roosbergseweg. Op 22 oktober 2018 heeft de adviescommissie bezwaarschriften het college geadviseerd het besluit op de aanvraag te herroepen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1738
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202001656/1/R2

202002192/1/R1

Bij besluit van 22 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellante A] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een kelderbak met koekoeken, het vernieuwen van de achtergevel, het bouwen van een dakopbouw, het bouwen van balkons aan de achtergevel, het toevoegen van dakterrassen aan de achtergevel en het bouwkundig splitsen van het gebouw [locatie 1] te Amsterdam met de bestemming daarvan tot negen woningen. [partij] woont op het adres [locatie 2]. Deze straat ligt haaks op de Kuipersstraat. [partij] kijkt vanuit haar woning schuin op de achtergevel van het pand aan de [locatie 1]. Zij vreest onder meer geluidsoverlast en een afname van de bezonning ter plaatse van haar woning als gevolg van de realisering van de dakterrassen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1759
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202002192/1/R1

202002368/1/A2

Bij besluit van 21 april 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot huurtoeslag over 2018 voor [appellant] herzien en vastgesteld op € 3.711,00. [appellant] heeft huurtoeslag aangevraagd voor een woning op het adres [locatie] te [plaats] (hierna: de woning). De Belastingdienst/Toeslagen heeft aan [appellant] voorschotten huurtoeslag over 2017 en 2018 toegekend. Bij besluiten van 21 april 2018 en 4 mei 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot over 2018 respectievelijk 2017 opnieuw berekend en lager vastgesteld. [appellant] heeft bezwaar gemaakt tegen beide besluiten. Bij besluit van 21 augustus 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de besluiten van 21 april en 4 mei 2018 gehandhaafd. De Belastingdienst/Toeslagen heeft hieraan ten grondslag gelegd dat [persoon] over heel 2017 en tot 10 oktober 2018 dient te worden aangemerkt als toeslagpartner van [appellant].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1730
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202002368/1/A2

202002369/1/A2

Bij besluit van 10 november 2017 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de tegemoetkoming huurtoeslag van [appellant] voor het jaar 2016 definitief berekend en vastgesteld op nihil. [appellant] heeft over 2016 voorschotten huurtoeslag ontvangen. Bij de definitieve berekening heeft de Belastingdienst/Toeslagen [persoon A] aangemerkt als toeslagpartner van [appellant]. Volgens de Belastingdienst/Toeslagen is [persoon A] eigenaar van de woning aan de [locatie] te [plaats] (hierna: de woning) waarvoor [appellant] huurtoeslag heeft aangevraagd. Omdat [persoon A] toeslagpartner is van [appellant], heeft [appellant] geen recht op huurtoeslag. Volgens [appellant] heeft de Belastingdienst/Toeslagen [persoon A] ten onrechte als haar toeslagpartner aangemerkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1640
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202002369/1/A2

202002397/1/A3

Bij besluit van 3 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Middelburg aan [appellante] een last onder bestuursdwang opgelegd. Op 13 oktober 1981 heeft de gemeente Middelburg het registergoed, het perceel [locatie] te Middelburg, kadastraal aangeduid als Middelburg [...], verkocht. Op het perceel staat een pand, naast het pand bevindt zich een aantal parkeerplaatsen en over het perceel loopt een verbindingsstraat. Aan beide zijdes van deze verbindingsstraat bevinden zich ook enkele parkeerplaatsen. [appellante] is sinds 31 mei 1999 eigenaar van het perceel geworden. Het college heeft op 12 december 2018 geconstateerd dat op het perceel hekken zijn geplaatst rondom het pand en rondom de parkeerplaatsen die zijn gelegen aan de verbindingsstraat die over het perceel loopt, waardoor de parkeerplaatsen niet meer bereikbaar zijn. [appellante] heeft de hekken geplaatst, omdat het pand [locatie] al geruime tijd leeg staat en er veelvuldig sprake is van inbraak en vandalisme.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1732
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202002397/1/A3

202002614/1/R3

Bij besluit van 6 februari 2020 heeft de raad van de gemeente Waadhoeke het bestemmingsplan "Tzummarum - [locatie 1], [locatie 2] en [locatie 3]" vastgesteld. Het perceel [locatie 1] grenst aan de provinciale weg N393 en op dit perceel staat de woning van [partij B]. Achter het bebouwingslint is het perceel [locatie 2] gelegen, dat een voormalig agrarisch perceel is. De bedrijfsbebouwing wordt nu door [partij A] gebruikt als stallingsruimte voor bijvoorbeeld auto’s en caravans. Ten noordwesten van deze percelen is het perceel [locatie 3] gelegen met daarop het installatiebedrijf van [partij]. [appellante], gevestigd op het perceel [locatie 4] te Tzummarum, kan zich niet met de vaststelling van het bestemmingsplan verenigen en heeft daarom daartegen beroep ingesteld. Hij betoogt onder meer dat de ruimtelijke noodzaak van de bouwmogelijkheden niet is onderbouwd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1747
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak202002614/1/R3

202002730/1/A3

Bij besluit van 14 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Harlingen naar aanleiding van een verzoek van [appellant] op grond van de Wet openbaarheid van bestuur documenten per e-mail naar hem toegezonden. Op 22 november 2017 heeft [appellant] op grond van de Wob verzocht om een digitale of analoge kopie van alle documenten die betrekking hebben op het archeologisch onderzoek in Midlum in het kader van de aanleg van de N31 Traverse Harlingen. Bij besluit van 14 februari 2019 heeft het college de volgens hem gevraagde documenten per e-mail naar [appellant] gestuurd. Bij besluit van 6 september 2019 heeft het college het bezwaar gegrond verklaard en het primaire besluit herroepen, omdat door het overvloedig weglakken van namen niet duidelijk was wie de afzenders en ontvangers van de documenten waren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1737
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202002730/1/A3

202002817/1/A3

Bij besluit van 4 april 2018 heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een boete van € 25.425,00 aan [appellante] opgelegd voor diverse overtredingen van de Arbeidstijdenwet. [appellante] vervaardigt stalen constructies ten behoeve van de scheepsbouw, scheepsreparatie en offshore industrie. Naar aanleiding van een administratief onderzoek bij de onderneming [bedrijf] is bij inspecteurs van de Inspectie SZW het vermoeden ontstaan dat [appellante] de Arbeidstijdenwet heeft overtreden. Bij controle van de administratie is door de inspecteurs op 23 juni 2017 daadwerkelijk geconstateerd dat [appellante] over de onderzoeksperiode van 16 weken, vanaf zondag 11 september 2016 om 00.00 uur tot en met zaterdag 31 december 2016 om 23.59 uur, ten aanzien van vier werknemers en één ingeleende uitzendkracht, de arbeids- en rusttijdennormen heeft overtreden. De inspecteurs hebben hun bevindingen vastgelegd in het boeterapport van 25 juli 2017.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1750
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202002817/1/A3

202002923/1/R2

Bij besluit van 14 december 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Utrecht aan Windpark Goyerbrug B.V. ontheffing verleend van de verbodsbepalingen uit artikelen 3.1 en 3.5 van de Wet natuurbescherming voor in het besluit genoemde vogel- en vleermuissoorten, ten behoeve van de aanleg en ingebruikname van vier windturbines en bijbehorende infrastructuur bij het windpark Goyerbrug te Houten. Windpark Goyerbrug B.V. heeft op 1 juni 2018 een aanvraag ingediend voor een ontheffing op grond van de Wnb ten behoeve van het oprichten en in werking hebben van vier windturbines op Windpark Goyerbrug. Bij besluit van 14 december 2018 heeft het college de gevraagde ontheffing aan Windpark Goyerbrug B.V. verleend. Vervolgens heeft het college het bezwaar van [appellant] bij het besluit van 10 september 2019 niet-ontvankelijk verklaard, omdat hij volgens het college geen belanghebbende is bij de ontheffing. [appellant] woont op het perceel aan de Nachtdijk 25 in ’t Goy en kan zich niet vinden in het besluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1757
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202002923/1/R2

202002985/1/A3 en 202003018/1/A3

Bij besluit van 7 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [eigenaar A] een bestuurlijke boete opgelegd van € 6.000 voor het zonder vergunning omzetten van de woning op het adres [locatie A] in Amsterdam van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte. Bij onderscheiden besluiten van 25 juni 2018 heeft het college aan [eigenaar A] en aan [eigenaar B] ieder afzonderlijk een boete opgelegd van € 6.000 voor het zonder vergunning omzetten van de woning op het adres [locatie B] van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte. [eigenaar A] is eigenaar van de woning op het adres [locatie A] en, samen met [eigenaar B], van de woning op het adres [locatie B], beide in Amsterdam. In mei 2018 hebben toezichthouders van de gemeente de woning op het adres [locatie A] bezocht en geconstateerd dat deze woning werd bewoond door drie personen. In april 2018 hebben toezichthouders de woning op het adres [locatie B] bezocht en geconstateerd dat deze woning werd bewoond door vier personen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1762
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202002985/1/A3 en 202003018/1/A3

202003704/1/A3

Bij onderscheiden besluiten van 31 december 2018 heeft de burgemeester van Noordwijk bij ’t Zeepaardje dwangsommen van € 2.500,00 en € 5.000,00 ingevorderd wegens het verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. ’t Zeepaardje exploiteert een horecabedrijf op De Grent in Noordwijk. Nadat in het verleden is geconstateerd dat in het horecabedrijf alcohol werd verstrekt aan minderjarigen, heeft de burgemeester aan haar op 6 maart 2018 een last onder dwangsom opgelegd. Deze houdt in dat als nogmaals geconstateerd wordt dat in ’t Zeepaardje alcohol werd verstrekt aan minderjarigen, een dwangsom wordt verbeurd. De last onder dwangsom is beperkt tot vijf overtredingen, waarbij de dwangsom oploopt per overtreding. Op 21 juli 2018 en op 29 juli 2018 is geconstateerd dat alcohol aan minderjarigen werd verstrekt, waarna twee invorderingsbeschikkingen zijn genomen. Hiertegen heeft ’t Zeepaardje geen rechtsmiddelen ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1742
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003704/1/A3

202004049/1/R1

Bij besluit van 20 mei 2020 heeft de raad van de gemeente Gooise Meren het bestemmingsplan "Het Anker 2 Muiden" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in een juridisch-planologisch kader voor de transformatie van het gemeentehuis van de voormalige gemeente Muiden naar woningbouw. Het plan maakt de ontwikkeling mogelijk van een nieuw woongebouw met 40 drie- en tweekamer woningen in de sociale huursector, met op de begane grond 1 extra woning ten behoeve van gezamenlijk gebruik (huiskamer voor de wijk). Te midden van het u-vormige bouwblok worden parkeerplaatsen voor de toekomstige bewoners aangelegd. Het woongebouw zal worden ontwikkeld door Woningcorporatie Het Gooi en Omstreken. Ruimteverwarming en bereiding warmtapwater zal in het voorziene woongebouw plaatsvinden met een warmtepomp en woningen zullen daarom geen gasaansluiting nodig hebben. [appellant sub 1], [appellanten sub 2] zijn direct omwonenden van het plangebied. Zij kunnen zich niet verenigen met de voorziene ontwikkeling van het woongebouw.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1752
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202004049/1/R1

202004533/1/R3

Bij besluit van 16 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Almelo het bestemmingsplan "Badweg 8" vastgesteld. Op het voormalig agrarisch erf aan de Badweg 8 in Almelo (hierna: het perceel) wordt bij de woning een autoservice/garagebedrijf geëxploiteerd. De raad beoogt met het bestemmingsplan de exploitatie van het autoservice/garagebedrijf te legaliseren, voor zover de activiteiten bestaan uit het uitvoeren van reparaties en het plegen van onderhoud aan auto’s. Het plan voorziet in een bedrijfsruimte van maximaal 330 m² en een parkeerterrein. Aan de realisatie van het autoservice/garagebedrijf is de voorwaarde verbonden dat wordt geïnvesteerd in de ruimtelijke kwaliteit op het perceel. [appellant] woont aan de [locatie] in Almelo. Zijn perceel grenst aan het plangebied. [appellant] vreest een aantasting van zijn woongenot en een waardevermindering van zijn woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1753
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202004533/1/R3

202004548/1/A3

Bij besluit van 20 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam op verzoek van SDW een aantal documenten geheel of gedeeltelijk openbaar gemaakt. SDW is een leer-werkbedrijf dat zich richt op de begeleiding van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Zij heeft het college op 5 oktober 2017 op grond van de Wet openbaarheid van bestuur verzocht om openbaarmaking van de overeenkomsten, contracten en afspraakdocumenten van de gemeente Rotterdam met het leer-werkbedrijf Magis010 over de periode 2012-2017. Daarnaast heeft SDW om openbaarmaking verzocht van de aanbesteding of tender op basis waarvan contracten aan Magis010 zijn gegund en alle facturen, bedragen, betalingen, subsidiebeschikkingen en daarmee samenhangende documenten, welke gedurende de hiervoor genoemde periode gaan over Magis010. Tot slot heeft SDW verzocht om openbaarmaking van een overzicht van personen die door de gemeente Rotterdam bij Magis010 zijn gedetacheerd of geplaatst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1734
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202004548/1/A3

202004793/1/A3

Bij besluit van 25 september 2018 heeft de korpschef van politie de aanvraag van [appellant] voor een jachtakte afgewezen. Op 16 juli 2018 heeft [appellant] bij de korpschef een aanvraag ingediend voor de verkrijging van een jachtakte. [appellant] heeft een eigen bedrijf dat ambachtelijk vlees, charcuterie en wild aan diverse restaurants levert. Na geïnteresseerd te zijn geraakt in de jachtpraktijk wenst [appellant] voor zijn werkzaamheden zelf wild te schieten en te leveren. [appellant] heeft hiervoor de vereiste opleiding gevolgd en zijn jachtdiploma behaald. Op 23 juli 2018 heeft de korpschef het voornemen bekend gemaakt om de aanvraag van [appellant] af te wijzen. Bij de gebruikelijke screening die volgt na het indienen van een aanvraag voor een jachtakte, is de korpschef gebleken dat in het Justitieel Documentatie Systeem een registratie van een misdrijf stond vermeld die aan de verlening van een jachtakte op grond van de Wet natuurbescherming in de weg staat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1748
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Wapens en munitie
  • uitspraakin de zaak202004793/1/A3

202004844/1/A3

Bij besluit van 9 april 2019 heeft de burgemeester van Utrecht en het college van burgemeester en wethouders van Utrecht aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd. [appellant] woonde in de woning op de [locatie] in Utrecht. Op 21 oktober 2018 is via Meld Misdaad Anoniem gemeld dat er mogelijk gedwongen prostitutie plaatsvond in deze woning. Vanaf eind oktober 2018 zijn er meerdere observaties verricht bij de woning. Op 5 februari 2019 is daarom door inspecteurs van de afdeling Toezicht en Handhaving Bebouwde Omgeving van de gemeente Utrecht een inspectie uitgevoerd in deze woning. Hiervan is op 14 februari 2019 een bevindingenrapport opgesteld. [appellant] woonde in de woning op de [locatie] in Utrecht. Op 21 oktober 2018 is via Meld Misdaad Anoniem gemeld dat er mogelijk gedwongen prostitutie plaatsvond in deze woning. Vanaf eind oktober 2018 zijn er meerdere observaties verricht bij de woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1758
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004844/1/A3

202004846/1/R3

Bij besluit van 13 maart 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van De Fryske Marren geweigerd handhavend op te treden tegen het door schapen laten begrazen van de groenstrook tegenover de woning van [appellant] in Balk. Het college heeft in het besluit van 11 november 2019 vastgesteld dat de groenstrook in 2018 één keer gedurende zeven dagen is onderhouden met vijftig schapen, in 2019 in juli gedurende zestien dagen met achtentwintig schapen en in oktober gedurende tien dagen met achtendertig schapen. Dit is volgens het college niet in strijd met het bestemmingsplan "Balk - Noord". Ook is volgens het college geen sprake van een inrichting als bedoeld in de Wet milieubeheer. Daarom ontbreekt volgens het college de wettelijke grondslag om handhavend op te treden. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het college terecht alleen de situatie bij de groenstrook heeft beoordeeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1733
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004846/1/R3

202004921/1/A3

Bij besluit van 18 december 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leudal het verzoek van [appellant] om verlenging van de begunstigingstermijn van de bij het besluit van 28 juli 2015 aan hem opgelegde last onder dwangsom, afgewezen. Bij besluit van 7 februari 2018 heeft het college aan [appellant] een last onder bestuursdwang opgelegd. Het geschil gaat over de keerlus aan de Jagersweg te Haelen en het herstellen van het asfalt van een deel van die keerlus. [appellant] heeft een metaalverwerkingsbedrijf aan de [locatie 1] in Haelen. Sinds 6 juli 2012 is ook het perceel kadastraal bekend Haelen, sectie B, nummer […] (hierna: perceel [locatie 2]) eigendom van hem. Dit perceel ligt aan de andere kant van de Jagersweg ter hoogte van [locatie 3]. Op [locatie 3] heeft [partij] een metaalverwerkingsbedrijf. De keerlus is in 2003 aangelegd om beide metaalverwerkingsbedrijven te ontsluiten voor vrachtverkeer. [appellant] heeft het asfalt van een deel van de keerlus verwijderd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1746
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004921/1/A3

202004964/1/A3

Bij besluit van 12 maart 2018 heeft de minister van Defensie tien informatieverzoeken van [verzoeker] niet in behandeling genomen. [verzoeker] heeft de minister op 8 december 2017 op grond van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002 door middel van tien informatieverzoeken verzocht om kennisneming van alle documenten met betrekking tot correspondentie, rapporten, evaluaties, contacten en contracten van de minister en de organisaties waarvoor hij verantwoordelijk is met het bedrijf PKI Electronic Intelligence en negen anderen bedrijven. Deze bedrijven houden zich alle bezig met monitoring van sociale media. Volgens de minister maakt [verzoeker] alleen gebruik van zijn bevoegdheid informatieverzoeken in te dienen om de werking van de Archiefwet 1995 tegen te gaan, door zo veel mogelijk documenten op te vragen die voor vernietiging in aanmerking zouden kunnen komen en deze vervolgens in een schaduwarchief dat via internet is te raadplegen vast te leggen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1731
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202004964/1/A3

202004968/1/R1

Bij besluit van 28 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan Grabo Onroerend Goed B.V. (hierna: Grabo) een omgevingsvergunning verleend voor het veranderen en vergroten van de kelder en de begane grond van de gebouwen aan de Moreelsestraat 5 en [locatie] in Amsterdam. Grabo is eigenaar van de gebouwen aan de Moreelsestraat 5 en [locatie]. Grabo is van plan om voor beide gebouwen de kelder en de begane grond te veranderen en te vergroten, met behoud van de bestemming daarvan tot woning en winkel. Voor beide gebouwen voorziet het bouwplan in het vergroten van de kelder en het aanbrengen van koekoeken in de voorgevel en wordt aan de achterzijde een uitbouw gerealiseerd met een ondergelegen kelder. Grabo heeft hiervoor een omgevingsvergunning aangevraagd. Bij de Moreelsestraat 5 wordt het project voor een deel gerealiseerd op gronden met de enkelbestemming "Gemengd - 7" en voor een deel op de gronden met de enkelbestemming "Verkeer - Verblijfsgebied".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1761
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202004968/1/R1

202005160/1/A3

Bij besluit van 2 juli 2019 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties geweigerd aan [appellant] een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet veiligheidsonderzoeken te verlenen. Op 26 maart 2019 heeft Aviapartner B.V. [appellant] aangemeld bij de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (hierna: AIVD) voor een veiligheidsonderzoek in verband met de vervulling van een vertrouwensfunctie op Schiphol. Het veiligheidsonderzoek betreft in dit geval een periode van acht jaar. Uit gegevens van de Basisregistratie Personen is gebleken dat [appellant] sinds 27 mei 2015 in Nederland woont. Daarvoor woonde [appellant] in Turkije. Omdat de AIVD geen samenwerkingsrelatie heeft met de inlichtingen- en veiligheidsdienst van Turkije en het onwenselijk acht om een samenwerkingsrelatie aan te gaan, kan de AIVD met die dienst geen persoonsgegevens uitwisselen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1735
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Beveiligingswerkzaamheden
  • uitspraakin de zaak202005160/1/A3

202005282/1/A2

Bij besluit van 6 september 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de huurtoeslag van [appellant] over het jaar 2018 definitief vastgesteld op € 3.058,00 en € 388,00 aan teveel betaalde voorschotten teruggevorderd. [appellant] heeft over het jaar 2018 voorschotten huurtoeslag ontvangen. Bij de definitieve berekening is het recht op huurtoeslag van [appellant] over 2018 op een lager bedrag vastgesteld dan de ontvangen voorschotten. De Belastingdienst/Toeslagen heeft daaraan ten grondslag gelegd dat [persoon] over de maanden augustus tot en met december 2018 als toeslagpartner van [appellant] moet worden aangemerkt, omdat zij vanaf 13 juli 2018 op hetzelfde adres als [appellant] stond ingeschreven in de basisregistratie personen. Gelet hierop wordt in de periode van augustus tot en met december 2018 het jaarinkomen van [persoon] meegeteld voor de vaststelling van de hoogte van de huurtoeslag, hetgeen voor [appellant] leidt tot een lagere aanspraak op huurtoeslag over 2018.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1740
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202005282/1/A2

202005341/1/A3

Bij besluit van 8 oktober 2019 heeft de korpschef van politie de jachtakte van [appellant] ingetrokken. [appellant] beschikt al sinds 1985 over een jachtakte. Zijn laatste jachtakte was afgegeven op 7 maart 2017. De geldigheid van deze jachtakte is een aantal keer verlengd, de laatste keer tot 1 april 2020. Op 20 juni 2019 hebben ambtenaren van de politie een controle uitgevoerd bij [appellant]. De bevindingen van deze controle hebben zij vastgelegd in een op ambtseed en ambtsbelofte opgemaakt proces-verbaal. Hierin staat dat de kast waarin de munitie werd bewaard niet vast zat aan het pand zelf, niet via de muur en niet via de bodem. Volgens de korpschef blijkt hieruit dat [appellant] zijn munitie niet in een deugdelijke bergplaats bewaarde en daarmee een voorschrift van zijn jachtakte heeft geschonden. Daarom heeft hij besloten de jachtakte in te trekken. Dit besluit heeft hij in bezwaar gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1749
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Wapens en munitie
  • uitspraakin de zaak202005341/1/A3

202005354/1/A2

Bij besluit van 1 oktober 2019 heeft de minister voor Medische Zorg aan Psygro een last onder dwangsom opgelegd. De minister Psygro heeft deze opgelegd, omdat zij niet heeft voldaan aan de in artikelen 15 en 16 van de Wet toelating zorginstellingen en artikel 9, eerste lid, van de Regeling verslaggeving WTZi neergelegde verplichting om vóór 1 juni 2019 aan het Centraal Informatiepunt Beroepen Gezondheidszorg een Jaarverantwoording Zorg over het verslagjaar 2018 aan te leveren en de in de Jeugdwet en de Regeling Jeugdwet neergelegde verplichting om vóór 1 juni 2019 aan het CIBG een Jaarverantwoording Jeugd over het verslagjaar 2018 aan te leveren. De minister heeft Psygro gelast binnen een begunstigingstermijn van vier weken alsnog volledig te voldoen aan de verplichting. De minister heeft zich op het standpunt gesteld dat Psygro als een tot een groep behorende rechtspersoon niet is uitgezonderd van de verplichting tot het deponeren van een enkelvoudige jaarrekening voor haar Jaarverantwoording Zorg 2018.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1751
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Gezondheidszorg
  • uitspraakin de zaak202005354/1/A2

202005389/1/A3

Bij besluit van 10 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag met ingang van 26 april 2019 in de Basisregistratie personen opgenomen dat [appellant] is vertrokken naar onbekend. [appellant] stond sinds 1996 in de brp ingeschreven op het adres [locatie] in Den Haag. Het college heeft na adresonderzoek de conclusie getrokken dat [appellant] niet op het adres [locatie] woont. Daarvoor heeft het met name van belang geacht dat het adres in de basisregistratie adressen en gebouwen staat geregistreerd als verblijfruimte, dat [appellant] niet thuis is aangetroffen en dat hij niet mee wil werken aan een huisbezoek. Daarom heeft het college in de brp opgenomen dat [appellant] is vertrokken naar onbekend. In bezwaar heeft het college dit besluit gehandhaafd. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college dit terecht heeft gedaan.

Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202005389/1/A3

202005928/1/A3

Bij besluit van 8 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bodegraven-Reeuwijk het verzoek tot openbaarmaking van documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur gedeeltelijk ingewilligd. [appellant] heeft het college verzocht om openbaarmaking van documenten die gaan over de besluitvorming over evenementen op de Oude Markt in Bodegraven. Hij heeft daarbij een aantal specifieke soorten documenten opgesomd, waaronder 1) mails van en tussen ambtenaren, raadsleden en wethouders, 2) verslagen van vergaderingen van het college waarin is gepraat over evenementen op de Oude Markt, 3) mails van de centrummanager over evenementen in 2017 en 2018, 4) mails met de Bodegraafse Ondernemers Vereniging, 5) verslagen van de werkgroepen Dorpspromotie, Evenementen en Uitstraling en Attractiviteit uit 2015 tot en met 2018; 6) verslagen van gesprekken over evenementen tijdens de formatie, 7) verslag van de evaluatie van het foodtruckfestival in 2018.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1743
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202005928/1/A3

202006082/1/A3

Bij besluit van 9 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden het verzoek van een persoon zich noemende [appellant] om inzage in het geregistreerde afvalverbruik van zijn woonadres buiten behandeling gelaten. Op 20 februari 2019 heeft het college een inzageverzoek op grond van artikel 15 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming ontvangen van een afzender die zich ‘begunstigde van [appellant]’ noemt. De identiteit van de afzender staat ter discussie, maar voor de leesbaarheid van deze uitspraak heeft de Afdeling net als de rechtbank op het voorblad van deze uitspraak de naam [appellant] en in het vervolg van de uitspraak de naam [appellant] gehanteerd, omdat de ‘begunstigde van [appellant]’ stelt dat hij [appellant] is. [appellant] heeft verzocht om inzage in de registratie, verwerking en opslag van gegevens afkomstig van de gechipte afvalcontainers van zijn woonadres.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1744
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202006082/1/A3

202006757/1/A3

Bij besluit van 29 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een bestuurlijke boete van € 10.000,00 aan [wederpartij] opgelegd wegens het zonder vergunning onttrekken van woonruimte. Op 24 februari 2019 heeft de politie een hennepkwekerij aangetroffen in de door [wederpartij] gehuurde woning aan de [locatie] te [plaats]. Het college heeft naar aanleiding van de ontdekking van de hennepkwekerij een bestuurlijke boete van € 10.000,00 aan [wederpartij] opgelegd wegens overtreding van artikel 21, onder a, van de Huisvestingswet 2014. In dat artikellid staat dat het verboden is om woonruimte zonder vergunning van burgemeester en wethouders aan de bestemming tot bewoning te onttrekken of onttrokken te houden. Van bijzondere omstandigheden op grond waarvan de boete zou moeten worden gematigd, is volgens het college niet gebleken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1725
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202006757/1/A3

202006903/1/A3

Bij besluit van 12 juli 2017 heeft de staatssecretaris aan [appellante] een bestuurlijke boete opgelegd van € 16.200,00 voor twee overtredingen van het Arbeidsomstandighedenbesluit. [appellante] heeft asbestsaneringswerkzaamheden verricht aan de Zevenbergseweg in Etten-Leur. Bij een controle op 9 maart 2017 is door de arbeidsinspecteur van de Inspectie SZW geconstateerd dat de werkzaamheden direct aan de dakrand van de schuur werden uitgevoerd en dat de werknemer die zich op het dak bevond niet was aangelijnd. Verder heeft de inspecteur geconstateerd dat asbesthoudende golfplaten over het dak werden geschoven, waardoor er asbestvezels konden vrijkomen. De staatssecretaris heeft op grond van de bevindingen in het boeterapport van 25 april 2017 aan [appellante] een boete opgelegd van € 5.400,00 voor overtreding van artikel 3.16, vijfde lid, van het Arbobesluit en een boete van € 10.800,00 voor overtreding van artikel 4.45, eerste lid, gelezen in samenhang met artikel 4.45, tweede lid, van het Arbobesluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1727
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202006903/1/A3

202006912/1/A3

Bij besluit van 14 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Súdwest-Fryslân een verzoek van [appellant] om wijziging van zijn persoonsgegevens in de basisregistratie personen afgewezen. [appellant] is in 2000 in de brp ingeschreven op basis van een op 18 september 2000 bij de gemeente Emmen afgelegde verklaring onder ede als bedoeld in artikel 2.8, tweede lid, aanhef en onder e, van de Wet brp. [appellant] staat in de brp ingeschreven als [appellant], geboren op [geboortedatum] 1985 te Fu Zhou, China. [persoon A] staat in de brp als zijn moeder geregistreerd en [persoon B] als zijn vader. [appellant] heeft het college verzocht om zijn gegevens te wijzigen. Hij wil geregistreerd worden als [naam], geboren op [geboortedatum] 1976 in Fuzhou, China. Zijn moeder is [persoon C], geboren op [geboortedatum 1] 1954, en zijn vader is [persoon D], geboren op [geboortedatum] 1941.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1726
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202006912/1/A3

202100006/1/R4

Bij besluit van 4 november 2020 heeft de raad van de gemeente Stichtse Vecht het bestemmingsplan "Wilhelminastraat 31-35" vastgesteld. Het plan en de omgevingsvergunning voorzien in de bouw van twaalf levensloopbestendige appartementen op het perceel. Het gebouw komt in de plaats van tien bestaande duplexwoningen. De Woningbouwvereniging is eigenaar van het perceel. [appellanten] wonen aan het [locatie] te Breukelen. Hun achtertuin grenst aan het perceel. Zij zijn het niet eens met de komst van het gebouw, onder meer omdat zij vinden dat het gebouw niet in de buurt past en een nadelige invloed heeft op hun woon- en leefklimaat. Zij vrezen dat de bijbehorende parkeerplaatsen tot overlast leiden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1728
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202100006/1/R4

202100174/1/R4

Bij besluit van 10 november 2020 heeft de raad van de gemeente Amersfoort het bestemmingsplan "Podium" vastgesteld. Dit plan maakt de herontwikkeling van het plangebied "Podium" mogelijk van een kantoorlocatie naar een woningbouwlocatie. Hiermee is het mogelijk om binnenstedelijk maximaal 440 woningen van diverse afmetingen, vormen en prijsklassen toe te voegen aan de bestaande woningvoorraad. Het plangebied ligt aan de noordoostzijde van Amersfoort, tegen de bestaande bebouwing van Hooglanderveen en de wijk Vathorst aan. [appellant sub 1] woont in Hooglanderveen. Gelet op de aard en omvang van het plan vreest hij directe gevolgen voor zijn woon- en leefklimaat. Hij vreest dat het bestemmingsplan zal leiden tot een onaanvaardbare toename van verkeersstromen en parkeerdruk in de nabijheid van zijn woning. De belangenvereniging behartigt de belangen van de inwoners van Hooglanderveen. Zij vreest dat de verkeersstromen en parkeerdruk in Hooglanderveen zullen toenemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1756
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202100174/1/R4

202101690/1/R1

Bij besluit van 28 januari 2021 heeft de raad van de gemeente Bloemendaal het bestemmingsplan "Dennenheuvel 2020" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt maximaal 83 woningen en maximaal 650 m2 bruto vloeroppervlak aan maatschappelijke voorzieningen mogelijk op landgoed Dennenheuvel in Bloemendaal. De bestaande bebouwing, waaronder klooster Euphrasia en zorgcentrum Dennenheuvel aan de Dennenweg en Huize Pelletier aan de Krommelaan, zal daarvoor worden afgebroken. Het gebruik van klooster Euphrasia door de Zusters van Onze Lieve Vrouw van Liefde van de Goede Herder en zorgcentrum Dennenheuvel is in 2014 gestaakt. Daarna is de bebouwing gebruikt voor, onder meer, de huisvesting van statushouders. Voorafgaand aan de vaststelling van het plan waren er 81 onzelfstandige woonunits en 4 zelfstandige woonunits met een sociaal-maatschappelijke functie gevestigd in het klooster. Huize Pelletier werd bewoond door acht bewoners van de Arkgemeenschap.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1760
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202101690/1/R1

202102077/1/V2

Bij besluit van 23 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. De vreemdeling heeft aan zijn asielaanvraag ten grondslag gelegd dat hij homoseksueel is en uit Nigeria is gevlucht nadat hij werd betrapt, terwijl hij intiem was met zijn partner. Hij heeft de gestelde betrapping en daardoor ontstane problemen niet met zijn verklaringen of met bewijsmateriaal aannemelijk gemaakt. De vreemdeling heeft echter ook stukken overgelegd ter onderbouwing van zijn gestelde seksuele gerichtheid. In deze uitspraak gaat het om de vraag of de staatssecretaris deugdelijk gemotiveerd op die stukken is ingegaan en of hij ze bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van de door de vreemdeling gestelde seksuele gerichtheid integraal heeft bezien in relatie tot de door de vreemdeling afgelegde verklaringen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1754
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102077/1/V2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202102077/1/V2

202102563/2/A3

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 4 maart 2021 in zaak nr. 19/4720. De burgemeester van Amsterdam heeft de vertrouwelijke versie van twee documenten overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1642
Datum uitspraak
4 augustus 2021
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202102563/2/A3

202102881/2/R3

Bij besluit van 18 maart 2021 heeft de raad van de gemeente Nieuwkoop het bestemmingsplan "Paradijsweg Westzijde - fase 1" vastgesteld. Het plan maakt het mogelijk dat een deel van het glastuinbouwgebied aan de Paradijsweg in Ter Aar wordt herontwikkeld voor wonen en natuur. [verzoeker sub 2] is directeur en enig aandeelhouder van [beheermaatschappij], die enkele percelen in eigendom heeft in de buurt van het plangebied. [verzoeker sub 2] betoogt in beroep hoofdzakelijk dat deze percelen ten onrechte buiten het plan zijn gelaten. [verzoeker sub 2] vindt dat hij een spoedeisend belang heeft bij een voorlopige voorziening, omdat hij op zijn eigen percelen geen woningen meer zal kunnen bouwen zodra wordt begonnen met het uitvoeren van het plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1721
Datum uitspraak
3 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202102881/2/R3

202104623/2/V2

Bij besluit van 13 juni 2019, aangevuld bij besluit van 30 november 2020, heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1720
Datum uitspraak
3 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104623/2/V2

202006877/3/V6

De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 2 november 2020 in zaak nr. 19/4607.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1712
Datum uitspraak
3 augustus 2021
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202006877/3/V6

202101020/2/R1

Bij besluit van 17 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland het wijzigingsplan "Hogeweg 96a Burgh-Haamstede" vastgesteld. Fiorinvest is voornemens om twee bestaande vakantieparken aan de Hogeweg te Burgh-Haamstede te transformeren tot één modern en toekomstgericht vakantiepark "De Schouwse Valleien". De ontwikkeling van vakantiepark Duinrand-West past binnen de ter plaatse geldende bestemmingsplannen, behoudens het mogelijk maken van de bouw van 100 kampeerhuisjes. Het wijzigingsplan maakt het mogelijk om het in de bestemmingsplannen maximaal toegestane aantal permanente standplaatsen te verkleinen van 404 naar 100 en om op deze 100 standplaatsen kampeerhuisjes te plaatsen. De vereniging en anderen kunnen zich niet met het wijzigingsplan verenigen, omdat de uitvoering daarvan tot gevolg heeft dat alle huidige vaste standplaatsen voor recreatie komen te vervallen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1707
Datum uitspraak
2 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zeeland
  • uitspraakin de zaak202101020/2/R1

202103791/1/V3

Bij besluit van 28 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1713
Datum uitspraak
2 augustus 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202103791/1/V3

202103959/1/R4

Bij besluit van 11 mei 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ede BEN aan de Knuttelweg 10 te Ede gelast om binnen één week na de dagtekening van dat besluit herhaling van een overtreding te voorkomen. De inrichting is een biomassacentrale. Bij besluit van 11 mei 2021 heeft het college BEN als drijver van de inrichting verweten dat zij artikel 17.2, eerste lid, van de Wm heeft overtreden, omdat zij ongewone voorvallen als bedoeld in artikel 17.1, eerste lid, niet zo spoedig mogelijk aan het college heeft gemeld. Die ongewone voorvallen hebben volgens het college plaatsgevonden op 26 juni 2019, 3 februari 2020 en 7 oktober 2020. Om herhaling van deze overtreding te voorkomen heeft het college BEN gelast om binnen één week na 11 mei 2021 herhaling van die overtreding te voorkomen. BEN heeft de voorzieningenrechter verzocht de opgelegde last bij wijze van voorlopige voorziening te schorsen, omdat de last volgens haar praktisch onuitvoerbaar is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1705
Datum uitspraak
2 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202103959/1/R4

202104001/1/V3 en 202104001/2/V3

Bij besluit van 6 januari 2021 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1714
Datum uitspraak
2 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104001/1/V3 en 202104001/2/V3

202104072/2/V3

Bij besluit van 30 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1715
Datum uitspraak
2 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104072/2/V3

202104155/2/V2

Bij besluit van 10 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1716
Datum uitspraak
2 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104155/2/V2

202104510/2/V3

Bij besluit van 5 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1717
Datum uitspraak
2 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104510/2/V3

202104995/2/V2

Bij besluit van 1 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1719
Datum uitspraak
2 augustus 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104995/2/V2

202101855/1/V1 en 202101857/1/V1

Bij besluit van 22 januari 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van vreemdeling 1 om wijziging van de beperking van een aan haar verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1711
Datum uitspraak
30 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202101855/1/V1 en 202101857/1/V1

202103114/2/R2

Bij besluit van 11 maart 2011 heeft de raad van de gemeente Oss het bestemmingsplan "Partiële herziening 2 Kom Geffen-2016" gewijzigd vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt het mogelijk om negen vrijstaande woningen te bouwen aan de zuidwestkant van de Kom Geffen te Geffen, gemeente Oss. Daarvan zijn vijf woningen gepland aan De Herd en vier woningen aan de Groenstraat. De vier woningen aan de Groenstraat zijn gepland door de initiatiefnemers die vertegenwoordigd zijn door [partij]. [verzoeker] woont aan de Groenstraat tegenover het plangebied. Hij keert zich met het verzoek tegen de vier woningen die in het plan aan de Groenstraat mogelijk worden gemaakt. Hij vreest voor negatieve gevolgen van de woningen voor zijn woon- en leefklimaat. Bovendien zijn deze woningen volgens hem in strijd met een overeenkomst, die hij met het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maasdonk zou hebben gesloten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1706
Datum uitspraak
30 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202103114/2/R2

202104095/2/V2

Bij besluiten van 20 april 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1709
Datum uitspraak
30 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104095/2/V2

202104243/2/V2

Bij besluit van 21 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1708
Datum uitspraak
30 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104243/2/V2

202002945/1/R4

UMS is als vergunninghouder belanghebbende bij het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning voor het tijdelijk verwijderen van een orgel uit het gebouw Leeuwenbergh Gasthuis, maar is geen belanghebbende bij de aangevallen uitspraak. UMS heeft tegen dat besluit namelijk geen beroep ingesteld bij de rechtbank en kan vervolgens niet alsnog via een afgeleid belang in hoger beroep worden ontvangen. Gelet op de uitspraak van de Afdeling van 4 mei 2021, ECLI:NL:RVS:2021:953, onder 4.3 tot en met 4.8, over het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 14 januari 2021, Stichting Varkens in Nood, ECLI:EU:C:2021:7, heeft de rechtbank het beroep van Stichting Gasthuis Leeuwenbergh ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Het door Stichting Gasthuis Leeuwenbergh ingestelde hoger beroep is daarom gegrond. De uitspraak van de rechtbank moet worden vernietigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1718
Datum uitspraak
30 juli 2021
  • Mondelinge uitspraak
  • Monumenten
  • uitspraakin de zaak202002945/1/R4

202006234/1/V3

Bij besluit van 28 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1645
Datum uitspraak
29 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006234/1/V3

202006265/1/V3

Bij besluit van 14 september 2020 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1701
Datum uitspraak
29 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006265/1/V3

202101369/2/R2

Bij besluit van 21 november 2020 heeft de raad van de gemeente Breda het bestemmingsplan "Buitengebied Noord, herziening Brielsedreef-Kettingdreef" vastgesteld. Het plan maakt het mogelijk om via de provinciale ruimte-voor-ruimteregeling drie vrijstaande woningen te bouwen op kavels aan de Brielsedreef en Kettingdreef te Prinsenbeek, gemeente Breda. Daarvan is één woning gepland aan de Brielsedreef en twee woningen aan de Kettingdreef. De initiatiefnemer is ontwikkelingsmaatschappij Ruimte voor Ruimte II C.V. [verzoeker] woont aan het perceel [locatie] en vreest voor negatieve gevolgen van de woningen voor zijn woon- en leefklimaat. Met het verzoek wil [verzoeker] voorkomen dat er een onomkeerbare situatie ontstaat als omgevingsvergunningen voor de activiteit bouwen worden aangevraagd en verleend op grond van het plan, dan wel als een begin wordt gemaakt met de uitvoering van dit plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1699
Datum uitspraak
29 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202101369/2/R2

202103001/1/V1

Bij besluiten van 5 april 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1710
Datum uitspraak
29 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202103001/1/V1

202103827/2/V2

Bij besluit van 9 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1704
Datum uitspraak
29 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202103827/2/V2

202104508/2/V2

Bij besluit van 24 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1703
Datum uitspraak
29 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104508/2/V2

202003496/1/V1

Bij besluit van 14 juni 2019 heeft de minister van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen. Bij besluit van 1 november 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1650
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202003496/1/V1

202103586/1/V3

Bij besluit van 10 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1649
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202103586/1/V3

202104284/1/V3

Bij besluit van 24 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1648
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202104284/1/V3

202104352/2/V2

Bij besluit van 19 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1646
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104352/2/V2

202104355/2/V2

Bij besluit van 30 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1702
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104355/2/V2

202104692/2/V2

Bij besluiten van 17 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1647
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104692/2/V2

202104857/2/V3

Bij besluit van 25 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1700
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104857/2/V3

201903744/1/A3

Bij onderscheiden besluiten van 6 december 2016 heeft de burgemeester van Den Helder de aan [appellante sub 2] verleende vergunningen voor exploitatie van de horecabedrijven [bedrijf A] te Den Helder en [bedrijf B] te Julianadorp ingetrokken voor de duur van een maand. De voorzieningenrechter van de rechtbank Noord-Holland heeft deze besluiten bij uitspraak van 12 december 2016 met onmiddellijke ingang geschorst tot zes weken na de beslissing op het tegen deze besluiten ingediende bezwaar. [appellante sub 2] heeft in totaal drie horecabedrijven, waaronder [bedrijf A] te Den Helder en [bedrijf B] te Julianadorp. Op 13 mei 2016 hebben arbeidsinspecteurs van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid inspecties uitgevoerd in de horecabedrijven van [appellante sub 2]. Uit de daarvan op 11 oktober 2016 opgemaakte boeterapporten blijkt dat zij in [bedrijf A] een persoon hebben aangetroffen met de Syrische nationaliteit die etenswaren aan het inpakken was.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1684
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak201903744/1/A3

201904929/1/A2

Bij besluit van 11 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam het verkeersbesluit Snorfiets naar de rijbaan met helmplicht te Amsterdam genomen. Het Besluit van 6 juni 2018 tot wijziging van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer en het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 is op 1 juli 2018 in werking getreden. Het Besluit voorziet in de wijziging van artikel 8 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer, waardoor het mogelijk wordt onder het verkeersbord G11 "verplicht fietspad" een onderbord te plaatsen waarop staat aangeduid dat het gebruik van het fietspad niet is toegestaan voor snorfietsen. Op 17 juli 2018 heeft het college het ontwerpverkeersbesluit Snorfiets naar de rijbaan met helmplicht genomen. Tegen dit besluit zijn 4661 zienswijzen ingediend. In de nota van beantwoording van december 2018 is het college op deze zienswijzen ingegaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1655
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak201904929/1/A2

201906442/1/R2

Bij besluit van 27 juni 2019 heeft de raad van de gemeente Oss het bestemmingsplan "Windmolenpark Elzenburg - De Geer" vastgesteld. Bij besluit van 1 augustus 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oss aan Raedthuys Windenergie B.V. een omgevingsvergunning verleend voor twee windturbines. Het plan voorziet in de realisatie van windpark Elzenburg - De Geer en voorziet voor zover van belang bij recht in vier windturbines met een maximale tiphoogte van 210 m ten noorden van het bedrijventerrein Elzenburg - De Geer en in twee windturbines door middel van een wijzigingsbevoegdheid. De omgevingsvergunningen zijn tijdelijke vergunningen voor de periode van 25 jaar. [appellant sub 1A] en [appellant sub 1B] wonen aan de [locatie 1]. [appellant sub 1C] is eigenaar van [bedrijf], een hondenfokkerij, -school, honden- en kattenpension, dagopvang en trimsalon, gevestigd aan de [locatie 1]. Hierna worden zij gezamenlijk en in enkelvoud aangeduid als [appellant sub 1].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1681
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201906442/1/R2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201906442/1/R2

201907814/1/R4

Bij besluit van 16 juli 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Groningen ESD-SIC B.V. onder oplegging van een dwangsom gelast om de gestelde overtreding van artikel 2.9, eerste lid, van het Activiteitenbesluit milieubeheer wat betreft de activiteiten met petroleumcokes binnen de inrichting aan de Kloosterlaan 11-13 te Farmsum te beëindigen en beëindigd te houden. ESD exploiteert op het perceel een inrichting voor de productie van siliciumcarbide. Hierbij maakt zij gebruik van petroleumcokes die zij binnen de inrichting opslaat, bewerkt en verwerkt. ESD moet in haar inrichting onder meer voldoen aan artikel 2.9, eerste lid, van het Activiteitenbesluit. Ingevolge die bepaling worden, als in een inrichting een bodembedreigende activiteit wordt verricht, bodembeschermende voorzieningen en bodembeschermende maatregelen getroffen waarmee een verwaarloosbaar bodemrisico wordt gerealiseerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1678
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201907814/1/R4

202000311/1/A2

Bij besluit van 7 oktober 2016 heeft de directie van de Dienst Wegverkeer (hierna: de RDW) de schorsing van het kenteken […] met ingang van 27 april 2016 beëindigd. [appellant] is opgekomen tegen een besluit van de RDW van 7 oktober 2016, gehandhaafd bij besluit van 8 mei 2017, waarbij de schorsing van het voertuig met kenteken […] met ingang van 27 april 2016 is beëindigd. Nadat de rechtbank het beroep tegen het besluit van 8 mei 2017 ongegrond had verklaard, heeft [appellant] tegen deze uitspraak hoger beroep ingesteld. Hangende het hoger beroep bij de Afdeling, nadat de zaak ter zitting was behandeld en het onderzoek was gesloten, heeft de RDW een nieuw besluit op bezwaar van 4 januari 2019 genomen. Daarin is het besluit van 8 mei 2017 ingetrokken, het bezwaar van [appellant] tegen het besluit van 7 oktober 2016 alsnog gegrond verklaard en dit besluit herroepen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1665
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202000311/1/A2

202000859/1/A2

Bij uitspraak van 18 december 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:4341) heeft de Afdeling onder meer bepaald dat het college een nieuw besluit dient te nemen op het door [verzoeker] tegen het besluit van 11 juni 2013 gemaakte bezwaar, met inachtneming van wat de Afdeling in haar uitspraak heeft overwogen. Verder heeft de Afdeling met toepassing van artikel 8:113, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht bepaald dat tegen het door het college van burgemeester en wethouders van Bergen (NH) nieuw te nemen besluit op bezwaar slechts bij haar beroep kan worden ingesteld. [verzoeker] is sinds 27 december 1995 eigenaar van een perceel en een daarop gelegen vrijstaande woning, tuinhuisje en onoverdekt zwembad aan de [locatie] te Bergen. [verzoeker] heeft het college bij brief van 30 januari 2012 verzocht hem tegemoet te komen in de planschade die hij lijdt als gevolg van het op 12 juni 2009 in werking getreden bestemmingsplan "Bergen, Dorpskern Zuid".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1656
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Herziening
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202000859/1/A2

202001012/1/R3

Bij besluit van 11 november 2019 heeft de raad van de gemeente Opsterland de aanvraag van [appellanten] om een bestemmingsplan vast te stellen voor de wijziging van de bestemming van een deel van het perceel [locatie A] te Nij Beets afgewezen. Op 4 december 2017 heeft [appellant B] bij het college van burgemeester en wethouders van Opsterland een verzoek ingediend tot, onder meer, de wijziging van de bestemming van een deel van het perceel. Dit perceel is in eigendom bij [eigenaars]. Het college heeft dit verzoek afgewezen bij besluit van 30 januari 2018. In de uitspraak van 7 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2740, heeft de Afdeling geoordeeld dat het college niet bevoegd is dit besluit te nemen. Op 21 augustus 2019 hebben [appellanten] de raad verzocht de bestemming "Recreatie - Recreatiewoning" op het perceel te wijzigen in de bestemming "Natuur". Bij besluit van 11 november 2019 heeft de raad dit verzoek afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1697
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak202001012/1/R3

202001061/1/R4

Bij besluit van 17 december 2019 heeft de raad van de gemeente West Betuwe het bestemmingsplan "Achterstraat achter 18-22 Beesd" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de mogelijkheid om vier nieuwe woningen met een bouwhoogte van 10 meter te realiseren achter de Achterstraat 18-22 te Beesd. In het plangebied staat nu een leegstaand bedrijfsgebouw. De initiatiefnemer [partij] wil dat gebouw slopen voor een appartementencomplex waarbinnen twee seniorenappartementen en twee startersappartementen gerealiseerd zullen worden. Het bouwwerk zal twee bouwlagen bevatten. [appellant sub 1], [appellanten sub 2] en [appellant sub 3] zijn omwonenden en zij kunnen zich niet verenigen met het voorziene appartementencomplex.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1654
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202001061/1/R4

202001094/1/R2

Bij besluit van 26 april 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven aan [appellant] een omgevingsvergunning verleend voor de activiteiten bouwen en gebruiken in strijd met het bestemmingsplan, ten behoeve van het splitsen van de woning aan de [locatie] in Eindhoven in drie appartementen, de daarvoor noodzakelijke bouwkundige aanpassingen, het aanbrengen van een rookgasafvoer en het bouwkundig wijzigen van een patiotuin/serre in woonkamer/keuken. [appellant] is eigenaar van de patiobungalow. Hij heeft deze bungalow in 2016 zonder een daarvoor vereiste omgevingsvergunning voor bouwen opgesplitst in drie appartementen. Nadat het college hem op 29 april 2016 en 18 juli 2017 heeft laten weten handhavend op te treden als de illegale situatie niet wordt beëindigd, heeft [appellant] op 25 oktober 2017 de benodigde vergunning aangevraagd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1694
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202001094/1/R2

202001280/1/A2

Bij besluit van 5 juli 2018 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de aanmelding van Xior voor een voorgenomen investering afgewezen en geen voorlopige investeringsverklaringen afgegeven. Op 1 januari 2014 is de Wet maatregelen woningmarkt 2014 II in werking getreden. Op grond van de Wmw wordt jaarlijks aan verhuurders van sociale huurwoningen een heffing opgelegd. Verhuurders kunnen een vermindering van de verhuurderheffing krijgen voor onder meer investeringen in de nieuwbouw van huurwoningen die aan bepaalde eisen voldoen. Daartoe kan een verhuurder een voorgenomen investering aanmelden bij de minister, die daarvoor een voorlopige investeringsverklaring kan afgeven. Volgens Xior heeft zij voor de realisatie van een gebouw met huurwoningen aan de Burgemeester Oudlaan 450 - 1008 in Rotterdam aanspraak op voorlopige investeringsverklaringen als bedoeld in de Wmw.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1664
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202001280/1/A2

202001416/1/R1

Bij besluit van 22 februari 2018, gewijzigd bij besluit van 28 maart 2018, heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere aan de rechtsvoorganger van [vergunninghouder] een omgevingsvergunning eerste fase verleend voor het realiseren van een vitaliteitshotel op de locatie Schelpweg 8, aangevuld met percelen aan de Beatrixstraat en Weverijstraat 9-13, in Domburg. [vergunninghouder] wenst een vitaliteitshotel te realiseren op de locatie Schelpweg 8 in Domburg. Het betreft het perceel van een voormalige KPN-telefooncentrale, aangevuld met percelen aan de Beatrixstraat en Weverijstraat 9-13. De locatie van het bouwplan grenst aan de noordzijde aan de Beatrixstraat, de oostzijde aan de Weverijstraat, de zuidzijde aan de Schelpweg en de westzijde aan een park. Het hotel omvat 33 hotelsuites van ongeveer 100 m2 en 6 minisuites van ongeveer 35-65 m2. De hotelsuites zijn voorzien op de begane grond aan de zijde van de Beatrixstraat en de Weverijstraat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1682
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202001416/1/R1

202001556/1/R3

Bij besluit van 23 januari 2020 heeft de raad van de gemeente Súdwest-Fryslân het bestemmingsplan "Dorpen midden/oost gemeente SWF" vastgesteld. In de toelichting van het bestemmingsplan staat dat het bestemmingsplan is vastgesteld ter actualisatie van de bestemmingsplannen van de volgende 13 dorpen: Abbega, Blauwhuis, Folsgare, Gaastmeer, Greonterp, Hommerts, Jutrijp, Nijland, Oosthem, Oppenhuizen, Uitwellingerga, Westhem en Wolsum. [appellant sub 1] woont aan de [locatie 1] in Oppenhuizen. Hij komt op tegen het bestemmingsplan, voor zover aan de gronden tussen de eerste woningen van Oppenhuizen en het bedrijventerrein van Sneek de bestemming "Agrarisch" wordt toegekend. [appellant sub 1] meent dat het bestemmingsplan onvoldoende borgt dat deze gronden als groene buffer ingericht blijven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1673
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak202001556/1/R3

202001633/1/A2

Bij besluit van 20 februari 2019 heeft directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellant] een Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer opgelegd. De inspecteur van politie, eenheid Zeeland-West-Brabant heeft op 11 februari 2019 het CBR op grond van artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 medegedeeld dat het vermoeden bestaat dat [appellant] niet langer beschikt over de rijvaardigheid dan wel geschiktheid om een motorrijtuig waarvoor een rijbewijs is vereist te besturen. Aan de mededeling ligt ten grondslag dat [appellant] volgens het door verbalisanten op ambtsbelofte opgemaakte proces-verbaal ter zake artikel 8 Wvw 1994 van de politie, eenheid Oost-Nederland, van 25 november 2018 op deze datum als bestuurder van een motorrijvoertuig bij een verkeersongeval is betrokken en dat bij hem een ademalcoholgehalte van 685 µg/l (=1,576 ‰) is geconstateerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1672
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202001633/1/A2

202002238/1/R3

Bij afzonderlijke besluiten van 5 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Westerkwartier van de gemeente Leek, rechtsvoorganger van de gemeente Westerkwartier, geweigerd aan RetailPlan omgevingsvergunning te verlenen voor het realiseren van een supermarkt op het adres Industriepark 45, 47 en 49 te Leek, en voor het realiseren van een supermarkt op het adres Rodenburg 1 te Leek. Op deze gronden geldt niet de functieaanduiding "supermarkt", zoals die wel geldt op andere gronden binnen deze bestemming. In het plangebied zijn maximaal twee supermarkten toegestaan en met de twee daar al aanwezige supermarkten is dat maximum bereikt. Retailplan heeft daarom aanvragen gedaan om omgevingsvergunningen voor de activiteit afwijken van het bestemmingsplan. Daarbij heeft zij zich op het standpunt gesteld dat de planregeling een beperking van branches inhoudt die in strijd is met de Dienstenrichtlijn. Het college heeft de gevraagde omgevingsvergunningen geweigerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1677
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202002238/1/R3

202002457/1/R4

Bij besluiten van 7 juni 2018 en 1 augustus 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heumen dwangsommen ingevorderd die volgens hem door [appellant] zijn verbeurd. [appellant] is eigenaar van de woning aan de [locatie] in Overasselt (hierna: het perceel). Op 1 juli 2008 heeft [appellant] een bouwvergunning gekregen voor het bouwen van een aanbouw aan zijn woning. Op 10 maart 2016 heeft het college besloten om [appellant] een last onder dwangsom op te leggen, omdat hij een aanbouw in afwijking van de verleende vergunning van 1 juli 2008 had gebouwd. Deze last houdt in dat [appellant] de overtreding vóór 1 juli 2016 ongedaan moet maken. Na 1 juli 2016 verbeurt [appellant] € 1.500 en vervolgens € 1.500 per constatering van de overtreding. Dit met een maximum van één keer per maand en een maximumbedrag van € 15.000.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1669
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202002457/1/R4

202002472/1/A2

Bij besluit van 30 mei 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Limburg een aanvraag van [wederpartij] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [wederpartij] is sinds 17 juni 1996 eigenaar van de woning aan de [locatie] te Brunssum. Bij brief van 2 september 2016 heeft hij het college verzocht om een tegemoetkoming in de planschade, bestaande uit waardevermindering van de woning, die hij heeft geleden als gevolg van het provinciale inpassingsplan Buitenring Parkstad Limburg 2012 (hierna: het inpassingsplan). Het inpassingsplan, dat bij besluit van provinciale staten van Limburg van 29 juni 2012 is vastgesteld en op 11 maart 2015 in werking is getreden, is de planologische grondslag voor het realiseren van de zogenoemde Buitenring Parkstad Limburg op een in de buurt van de woning gelegen gebied.

Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202002472/1/A2

202002536/1/A3

Bij besluit van 5 december 2018 heeft de burgemeester van Hoorn geweigerd [appellant] een exploitatievergunning en een Drank- en Horecawetvergunning te verlenen voor de exploitatie van [restaurant] te Hoorn. [appellant], afkomstig uit China, heeft zich in 1994 of 1995 als [persoon], geboren op [geboortedatum] 1977 te Ping Yang (China), bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (hierna: de IND) aangemeld. Onder deze persoonsgegeven heeft hij ook verblijfsrecht, sinds het eind van de jaren 90 voor onbepaalde tijd, verkregen. In mei 1995 heeft [appellant] zich, op basis van een door hem onder ede afgelegde verklaring, onder deze persoonsgegevens bij de gemeente Roermond in de gemeentelijke basisadministratie (thans: de basisregistratie personen) laten registeren. In 1998 en 2008 heeft hij zich onder deze persoonsgegevens bij de gemeente Hoorn in de gba laten registreren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1658
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202002536/1/A3

202002726/1/R1

Bij besluit van 29 januari 2020 heeft de raad van de gemeente Haaksbergen het bestemmingsplan "Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening Oude Boekeloseweg 95, [locatie A] en 97a" vastgesteld. [appellant] woont op het perceel [locatie A]. Dat perceel heeft de bestemming "Wonen". [appellant] beoogt met zijn beroep dat het plan zodanig wordt gewijzigd, dat op zijn perceel [locatie A] twee woningen kunnen worden gerealiseerd. Hij beroept zich in dit verband op het bestemmingsplan "Buitengebied Haaksbergen", vastgesteld 2 juli 2013 en het bestemmingsplan "Buitengebied Haaksbergen, partiële herziening veegplan 1", vastgesteld 1 november 2017. Volgens hem volgde uit deze twee bestemmingsplannen dat er geen beperking was aan het aantal wooneenheden. [appellant] richt zich verder tegen de planregeling voor het perceel Oude Boekeloseweg 97a, omdat zijns inziens de zogeheten rood voor rood-regeling niet goed is toegepast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1692
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202002726/1/R1

202002958/1/A3

Bij besluit van 10 april 2018 heeft de burgemeester van Rotterdam het verzoek van [appellant A] e.a. om handhaving ten aanzien van de Korfbalvereniging OZC Overkanters afgewezen. [appellant A], [appellant B], [appellant C] en [appellant D], [appellant E], [appellant F], [appellant G] en [appellant H] wonen aan het Reineveld en de Zuideras in Rotterdam. Hier vlakbij ligt het gemeentelijk sportcomplex De Enk. De korfbalvereniging maakt gebruik van dit complex en zij heeft daar ook een kantine in gebruik. Voor de exploitatie van deze kantine heeft de korfbalvereniging een exploitatievergunning en een vergunning op grond van de Drank- en Horecawet. De bewoners van het Reineveld en de Zuideras ervaren overlast van het gebruik van de kantine door de korfbalvereniging, vooral tijdens feestavonden. Die feestavonden komen volgens de bewoners regelmatig voor. Zij hebben daarover al een paar keer contact gehad met de gemeente.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1695
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202002958/1/A3

202003254/1/A3

Bij besluit van 26 oktober 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellant] voor een ontheffing van het verbod om een object in, op of boven het water te plaatsen of te houden, afgewezen. [appellant] heeft het [woonschip A] in 2015 gekocht. [woonschip A] neemt ligplaats in aan de [locatie] te Amsterdam. Onderdeel van de aankoop was, aldus [appellant], een gecombineerde toegangsvoorziening, ook terras, in de vorm van een dekschuit. Deze dekschuit ligt tussen [woonschip B], het eerste schip vanaf de wal, en [woonschip A], het derde schip vanaf de wal. Voor zowel [woonschip A] als [woonschip B] is een ligplaatsvergunning verleend. Volgens [appellant] ligt [woonschip A] vanaf het begin van de jaren ’80 op de derde rij, gecombineerd met de dekschuit op de tweede rij en [woonschip B] aan de wal op de eerste rij. De dekschuit is 4,25 meter breed en 18 meter lang.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1696
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202003254/1/A3
vorige pagina1...223224225...1.238volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon