Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.756
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202003365/1/A2

Bij besluit van 23 augustus 2019 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de curatoren gelast te voldoen aan de verplichting tot medewerking als bedoeld in artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht onder oplegging van een dwangsom. De minister heeft naar aanleiding van het faillissement van de MC IJsselmeerziekenhuizen de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (hierna: de inspectie) en de Nederlandse Zorgautoriteit gevraagd onderzoek te doen naar het gebruik van eventuele onbehoorlijke financiële constructies door de MC IJsselmeerziekenhuizen. Bij brief van 12 juli 2019 heeft de inspectie in het kader van dat onderzoek de curatoren verzocht om de in het bijvoegde schema vermelde informatie te verstrekken. De curatoren hebben in hun brieven van 31 juli 2019 en 16 augustus 2019 naar voren gebracht dat zij niet zonder meer aan het verzoek gehoor kunnen geven, omdat daardoor belangen van derden in het geding kunnen komen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1674
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Gezondheidszorg
  • uitspraakin de zaak202003365/1/A2

202003759/1/A3

Bij besluit van 31 januari 2019 heeft de burgemeester van Amsterdam de exploitatievergunning van [appellant] voor zijn [horecabedrijf] per 8 februari 2019 ingetrokken. [appellant] exploiteert het [horecabedrijf] aan de [locatie] in Amsterdam. Op 3 juli 2017 is aan [appellant] een vergunning verleend voor het exploiteren van een alcoholvrij eetcafé of restaurant met terras. Uit het proces-verbaal van bevindingen van de politie van 28 juli 2017 blijkt dat op 28 juli 2017 tijdens een controle in het horecabedrijf een CO-gehalte in de lucht is vastgesteld van onderscheidenlijk 24 en 82 parts per million. Vanwege de veiligheid is de aanwezige leidinggevende medegedeeld de zaak per direct te sluiten. Uit het meldingsrapport van de Brandweer van 27 oktober 2017 blijkt dat de brandweer op 28 juli 2017 in het horecabedrijf was om een brand te blussen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1651
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202003759/1/A3

202003799/1/R4

Bij besluit van 17 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Houten de voorschriften, die zijn verbonden aan de aan [wederpartij A] verleende vergunning voor het in werking hebben van een inrichting voor de productie van veevoeders aan de [locatie 1] te Schalkwijk, gewijzigd. Het college heeft op 20 juni 2011 aan [wederpartij A] een revisievergunning als bedoeld in artikel 8.4 van de Wet milieubeheer verleend voor het in werking hebben van een inrichting voor de productie van biologische diervoeders op het perceel [locatie 1] in Schalkwijk, gemeente Houten. Deze vergunning is gelijkgesteld aan een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Bij besluit van 6 februari 2017 is een omgevingsvergunning verleend voor het milieuneutraal veranderen van de inrichting. Het college heeft aanleiding gezien de aan de omgevingsvergunning uit 2011 verbonden geluidvoorschriften te wijzigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1689
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak202003799/1/R4

202003833/1/R1

Bij besluit van 21 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Edam-Volendam [appellant] gelast om: - de door hem gerealiseerde interne verbouwingen en samenvoeging van de woningen aan de [locatie 1]-[locatie 2] in Volendam ongedaan te maken en ongedaan te houden, uiterlijk drie maanden na verzending van de last, op straffe van een dwangsom van € 20.000,00 ineens; - de dakopbouw te verwijderen en verwijderd te houden en het dak van het bouwwerk uiterlijk drie maanden na verzending van de last in overeenstemming te brengen met de bouwtekeningen die behoren bij de omgevingsvergunning Z-HZ-WABO-14-0502, op straffe van een dwangsom van € 50.000,00 ineens. [appellant] is eigenaar van de woningen op de percelen [locatie 1]-[locatie 2] te Volendam (hierna: de percelen). Op 15 september 2014 heeft het college aan [appellant] een omgevingsvergunning verleend voor het slopen en nieuw bouwen van twee woningen en een winkel op de percelen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1688
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003833/1/R1

202003979/1/R2

Bij besluit van 4 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Sint Anthonis het bestemmingsplan "Buitengebied, Veegplan 6" vastgesteld. Het bestemmingsplan "Buitengebied, Veegplan 6" is een partiële herziening van het door de raad op 17 juni 2013 vastgestelde bestemmingsplan "Buitengebied Sint Anthonis 2013". De partiële herziening gaat, voor zover hier van belang, over de bij het plan gegeven aanduiding "specifieke vorm van recreatie - recreatieve nevenactiviteiten" aan het perceel [locatie 1] in Sint Anthonis. [partij A] en [partij B] zijn eigenaren en bewoners van dat perceel. Zij exploiteren op het perceel "De Boergondische Tuijn", waar rondleidingen, verschillende workshops en "Open-Tuin-dagen" worden georganiseerd. In 2016 is voor deze recreatieve nevenactiviteiten een omgevingsvergunning voor planologisch strijdig gebruik verleend, omdat in het bestemmingsplan "Buitengebied Sint Anthonis 2013" de bestemming "Wonen" aan het perceel was toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1660
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202003979/1/R2

202004383/1/A3

Bij besluit van 14 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Soest besloten op een verzoek van [verzoeker] om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur. Op 14 november 2018 heeft [verzoeker] het college met een beroep op de Wob verzocht documenten te verstrekken met betrekking tot het perceel aan [locatie] in Soest. Het gaat, voor zover in deze procedure van belang, om Bijlage B ("Besluit 2009") bij een memo van 8 maart 2016 die bij een adviesnota van 25 februari 2016 hoort, de notulen van een besloten vergadering van de raad van de gemeente Soest op 28 januari 2016 en 24 maart 2016 en een conceptrapport Bomen Effecten Analyse van Bureau BTL. Bij het besluit van 14 januari 2019 heeft het college het verzoek gedeeltelijk ingewilligd. Bij het besluit van 9 mei 2019 is dat besluit, onder overneming van het advies van de gemeentelijke bezwaarschriftencommissie van 25 april 2019, gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1676
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202004383/1/A3

202004395/1/R4 en 202004449/1/R4

Bij besluit van 15 oktober 2019, verzonden op 21 oktober 2019, heeft het college van burgemeester en wethouders van Houten aan Windpark Goyerbrug B.V. een omgevingsvergunning verleend voor een windpark met vier windturbines in een lijnopstelling ten zuiden van het Amsterdam-Rijnkanaal ter hoogte van de Goyerbrug in Houten. De lengte van de lijnopstelling is ongeveer 1.600 meter. De vier windturbines zijn gelijk aan elkaar en hebben een ashoogte van minimaal 145 meter en maximaal 166 meter, en een rotordiameter van maximaal 150 meter. Het opgesteld vermogen van het windpark bedraagt minimaal 14,4 MW en maximaal 22,4 MW. De definitieve keuze voor het type windturbine is in de omgevingsvergunning nog niet gemaakt. SBW en anderen en [appellant sub 2] kunnen zich niet verenigen met de verlening van deze omgevingsvergunning. Zij vrezen onder meer een aantasting van het landschap en ernstige geluidhinder in de omgeving als gevolg van het voorziene windpark.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1679
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202004395/1/R4 en 202004449/1/R4
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202004395/1/R4 en 202004449/1/R4

202004404/1/R1

Bij besluit van 14 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag het plaatsingsplan vastgesteld voor de plaatsing van ondergrondse restafvalcontainers in het stadsdeel Scheveningen in de wijk Statenkwartier (buurt 7) te Den Haag. In het bestreden besluit heeft het college, door vaststelling van het plaatsingsplan, concrete locaties in het Statenkwartier aangewezen waar ORAC's worden geplaatst. Appellanten kunnen zich om verschillende redenen niet verenigen met de aanwijzing van de voor hen van belang zijnde locaties. Bij de keuze van een locatie voor ORAC's moet het college een afweging maken van alle betrokken belangen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1680
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202004404/1/R1

202004556/1/R1

Bij besluit van 14 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag het "Definitief plaatsingsplan aanvullende locaties ondergrondse restafvalcontainers Venen, Oorden en Raden II (Buurt 87), Escamp, Den Haag", vastgesteld, waarbij onder meer locatie 87B-57A ter hoogte van het pand [locatie] te Den Haag, is aangewezen voor het plaatsen van twee ondergrondse restafvalcontainers. [appellant] woont aan de [locatie] in Den Haag. Het plaatsingsplan voorziet onder meer in de aanwijzing van locatie 87B-57A voor de plaatsing van twee orac's. De locatie bevindt zich op een parkeerplaats schuin voor de woning van [appellant]. De orac’s zijn bedoeld om te worden gebruikt door de bewoners van een tegenover de woning van [appellant] gelegen appartementencomplex. Volgens [appellant] is de aangewezen locatie niet geschikt voor de plaatsing van de orac’s en zijn er alternatieve locaties die geschikter zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1662
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202004556/1/R1

202004569/1/R4

Bij besluit van 2 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht het verzoek van Stichting Wilhelminapark e.o. (hierna: Stichting Wilhelminapark) om handhavend op te treden tegen het gebruik voor parkeren van een strook grond aan de noordwestkant van het Wilhelminapark afgewezen. Ten westen van het park Wilhelminapark ligt langs de weg Wilhelminapark een 180 m lange strook grond waarop grasbetonblokken liggen. Tussen partijen is niet in geschil dat de strook grond in ieder geval sinds 1966 onafgebroken voor parkeren wordt gebruikt. Op 12 september 2018 heeft Stichting Wilhelminapark een verzoek ingediend bij het college om handhavend op te treden tegen het gebruik van de strook voor parkeren, omdat dit gebruik volgens haar in strijd is met het geldende bestemmingsplan. Het college heeft geweigerd handhavend op te treden, omdat er volgens hem geen sprake is van een overtreding op grond waarvan het zou kunnen handhaven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1663
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004569/1/R4

202004643/1/A3

Bij besluit van 19 februari 2019 heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een bestuurlijke boete opgelegd van € 6000,- wegens overtreding van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (hierna: Wml) en besloten tot openbaarmaking van de inspectiegegevens. Bij afzonderlijk besluit van 19 februari 2019 heeft de staatssecretaris [appellant] een waarschuwing preventieve stillegging van werkzaamheden opgelegd. [appellant] heeft een restaurant in Capelle aan den IJssel. Op 14 maart 2018 hebben inspecteurs van de inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid een inspectie uitgevoerd in het restaurant en nader administratief onderzoek gedaan. Uit het daarvan opgemaakte boeterapport blijkt dat door [appellant] aan [werknemer 4] het loon niet is uitbetaald over de maand januari 2018. Dat is een overtreding van artikel 7 van de Wml. Verder is aan twee werknemers [werknemer 2 en 3] het loon niet giraal betaald. Dit levert een overtreding op van artikel 7a van de Wml.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1683
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202004643/1/A3

202004761/1/R1

Bij besluit van 8 maart 2019 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan de gemeente Enschede een vergunning verleend als bedoeld in artikel 2 van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken voor het opnieuw inrichten van afrit 25 van de rijksweg N35, tussen km 71.0c en km 70.9c in Enschede. De gemeente heeft op 11 juli 2018 een aanvraag ingediend voor een vergunning op grond van de Wbr om afrit 25 van de Rijksweg N35 tussen km 71.0c en 70.9 c opnieuw in te richten. De reden hiervoor is dat het kruispunt Zuiderval onderaan de afrit opnieuw zal worden ingericht met het oog op de komst van een vestiging van Hornbach. Om te voorkomen dat door de nieuwe inrichting van het kruispunt stagnatie kan ontstaan in het verkeer op de Rijksweg wil de gemeente een extra rijstrook aanleggen onderaan afrit 25 van Rijksweg N35, komende vanuit de richting Duitsland. In de huidige situatie bestaat de afrit uit een rijstrook voor links afslaand verkeer en een rijstrook voor rechts afslaand verkeer.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1668
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202004761/1/R1

202004856/1/A3

Bij besluit van 17 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht aan [appellanten] een bestuurlijke boete opgelegd van € 7.500,00 wegens het zonder een daarvoor benodigde vergunning onttrekken van een woonruimte aan de bestemming tot bewoning. Op 1 april 2019 is bij de politie Midden-Nederland een melding binnengekomen van een verdachte situatie op het adres [locatie], te Utrecht. [appellanten] zijn eigenaars van de woning op dat adres en verhuurden deze. Naar aanleiding van de melding is de politie ter plaatse geweest en is geconstateerd dat in de woning een hennepkwekerij was gevestigd. De politie heeft de afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving van de gemeente hierover ingelicht waarna toezichthouders van deze afdeling ook ter plaatse zijn geweest. De politie en de toezichthouders hebben geconstateerd dat zich in de woning onder meer 278 potten met plantenresten, kweektenten en een illegale stroomaansluiting bevonden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1666
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202004856/1/A3

202004866/1/A3

Bij besluit van 15 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een aanvraag van [appellant] om ontheffing van de verplichting om op vrijdag en zaterdag zijn standplaatsen op de Haagse Markt in te nemen afgewezen. [appellant] was vergunninghouder op de Haagse Markt voor de vrijdag van standplaats 3.81 en voor de zaterdag van standplaatsen 1.84 en 1.85. Op 2 december 2016 is de Marktverordening Den Haag 2016 in werking getreden en op 1 januari 2017 het Marktreglement Den Haag 2016. Persoonlijke aanwezigheid van de vergunninghouder op de standplaats op de Haagse Markt werd in het Marktreglement weer als regel ingevoerd. Dit blijkt ook uit de toelichting bij de Marktverordening en de toelichting bij het Marktreglement 2016. Voorafgaand aan de invoering van de regelgeving is er een inloopavond georganiseerd, waarbij de aanwezigheidsplicht is besproken. De ondernemers zijn verder via een nieuwsbrief en door middel van een informatieboekje geïnformeerd over de nieuwe regelgeving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1675
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202004866/1/A3

202005203/1/R4

Bij besluit van 11 september 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Dronten aan [vergunninghouder], handelend onder de naam [bedrijf], een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een bedrijfswoning op het perceel [locatie 1] te Swifterbant. [vergunninghouder] is eigenaar van het perceel [locatie 1] te Swifterbant. Op het perceel staat een loods die wordt gebruikt voor de opslag en verwerking van uien en pompoenen die elders door [vergunninghouder] zijn geteeld. Ter plaatse is het bestemmingsplan "Buitengebied Dronten"(hierna: het bestemmingsplan) van toepassing. Op het perceel rust de bestemming "Agrarisch", met de functieaanduidingen "bedrijfswoning uitgesloten", "specifieke vorm van agrarisch - bedrijfskavel" en "specifieke vorm van agrarisch - geen niet-grondgebonden agrarische bedrijvigheid toegestaan". [vergunninghouder] heeft een omgevingsvergunning aangevraagd om in afwijking van het bestemmingsplan een bedrijfswoning te bouwen aan de voorzijde van het perceel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1653
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202005203/1/R4

202005492/1/A3

Bij brief van 23 januari 2019 heeft [appellant] verzocht om verlenging van zijn inschrijvingen in het Register beëdigde tolken en vertalers. Bij brief van 18 februari 2019 heeft van Justitie en Veiligheid [appellant] meegedeeld dat zijn inschrijvingen in het Rbtv van rechtswege zijn vervallen. [appellant] stond tot 19 januari 2019 ingeschreven in het Rbtv. Hij heeft bij brief van 23 januari 2019, door de minister ontvangen op 25 januari 2019, om verlenging van zijn inschrijvingen verzocht. De minister heeft [appellant] meegedeeld dat de inschrijvingen van rechtswege zijn vervallen nu niet voor 19 januari 2019 om verlenging daarvan is verzocht. [appellant] kan alleen een verzoek tot (her)inschrijving indienen. De minister heeft het door [appellant] hiertegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat de brief van 18 februari 2019 geen besluit is in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1686
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202005492/1/A3

202005514/1/A2

Bij besluit van 18 oktober 2019 heeft de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellant] een Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer opgelegd. Op 30 september 2019 is aan het CBR een schriftelijke mededeling gedaan als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. In die mededeling is vermeld dat het vermoeden bestaat dat [appellant] niet langer beschikt over de vereiste rijvaardigheid en/of lichamelijke of geestelijke geschiktheid voor het besturen van motorrijtuigen waarvoor zijn rijbewijs is afgegeven. Deze mededeling is gebaseerd op een op ambtseed en ambtsbelofte opgemaakt proces-verbaal van snelheid van de politie, eenheid Noord-Nederland, van 8 september 2019. Volgens dat proces-verbaal hebben verbalisanten geconstateerd dat [appellant] op die dag om 00.32 uur als bestuurder van een personenauto binnen de bebouwde kom de ter plaatse geldende maximumsnelheid van 50 km/h heeft overschreden met 51 km/h.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1670
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202005514/1/A2

202005934/1/V3

Bij besluit van 5 oktober 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen niet-ontvankelijk verklaard. De vreemdeling heeft de Syrische nationaliteit. De staatssecretaris heeft zijn aanvraag niet-ontvankelijk verklaard, omdat Griekenland hem op 3 februari 2020 internationale bescherming heeft verleend. Deze uitspraak gaat over de vraag of de staatssecretaris zijn standpunt dat hij bij Griekenland uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat de vreemdeling geen reëel risico loopt dat hij bij terugkeer naar Griekenland terechtkomt in een situatie die in strijd is met artikel 3 van het EVRM en artikel 4 van het EU-Handvest, beter moet motiveren. Daarbij wordt onder meer ingegaan op de gevolgen van een Griekse wetswijziging die in maart 2020 in werking is getreden en die het recht op opvang en materiële voorzieningen voor statushouders heeft ingeperkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1626
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005934/1/V3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202005934/1/V3

202006072/1/V6

Bij besluit van 18 december 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het Nederlanderschap van [appellante] ingetrokken. Op 21 juli 2009 heeft [persoon] een verzoek ingediend om medenaturalisatie voor haar dochter, [appellante]. [appellante] beschikte op dat moment over een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking "verblijf bij ouder [persoon]". Bij Koninklijk Besluit van 11 december 2009 is aan [appellante] het Nederlanderschap verleend onder de personalia [naam A], geboren op [geboortedatum] 1993 te [plaats] in Kameroen. De staatssecretaris heeft het Nederlanderschap van [appellante] krachtens artikel 14, eerste lid, van de Rijkswet op het Nederlanderschap (hierna: de RWN) ingetrokken omdat zij relevante feiten over haar identiteit heeft verzwegen, terwijl zij wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat die van belang waren voor het verzoek om medenaturalisatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1657
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202006072/1/V6

202006154/1/R4

Bij besluit van 23 september 2020 heeft de raad van de gemeente Nijmegen het bestemmingsplan "Nijmegen Ressen (bouwmarkt Keizer Augustusplein)" gewijzigd vastgesteld. Volgens de raad is de ontwikkelingslocatie bij Ressen in Nijmegen-Noord (vlek 14) al langere tijd in beeld als locatie voor een bouwmarkt. Met de gecoördineerde besluiten is deze ontwikkeling bestemd en vergund. Het plangebied is centraal gelegen in het stedelijk hart van de Stadsregio en vormt de noordelijke entree van de stad. Het gehele plangebied heeft een omvang van 19 hectare, waarvan ongeveer 5-6 hectare zal worden ontwikkeld. Het noordelijk deel van het plangebied krijgt een parkachtige inrichting. In het zuidelijk deel worden een grootschalige bouwmarkt en tuincentrum, een tankstation (zonder lpg) en een restaurant mogelijk gemaakt. Intergamma Bouwmarkten en Praxis Vastgoed zijn exploitanten van bouwmarkten en zijn grondeigenaren. [appellante sub 2] exploiteert een winkel in Bemmel, gemeente Lingewaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1661
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202006154/1/R4

202006295/1/V3

Bij besluit van 12 oktober 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen niet-ontvankelijk verklaard. De vreemdeling heeft de Syrische nationaliteit. De staatssecretaris heeft zijn aanvraag niet-ontvankelijk verklaard, omdat Griekenland hem op 30 maart 2020 internationale bescherming heeft verleend. Deze uitspraak gaat over de vraag of de staatssecretaris zijn standpunt dat hij bij Griekenland uitgaat van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat de vreemdeling geen reëel risico loopt dat hij bij terugkeer naar Griekenland terechtkomt in een situatie die in strijd is met artikel 3 van het EVRM en artikel 4 van het EU-Handvest, beter moet motiveren. Daarbij wordt onder meer ingegaan op de gevolgen van een Griekse wetswijziging die in maart 2020 in werking is getreden en die het recht op opvang en materiële voorzieningen voor statushouders heeft ingeperkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1627
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006295/1/V3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202006295/1/V3

202006368/1/R2

Bij besluit van 17 september 2020 heeft de raad van de gemeente Breda van de gemeente Breda het bestemmingsplan "Ginneken, Baronielaan 228" vastgesteld. Het plan voorziet in verschillende ontwikkelingen op het perceel op de hoek van de Baronielaan en de Okeghemlaan in Breda. Die ontwikkelingen omvatten de transformatie van Villa Trianon, een rijksmonument aan de Baronielaan 228, tot maximaal twee woningen, een kantoorruimte of een combinatie van deze twee functies, de bouw van een gebouw met twaalf appartementen op het achterterrein van de villa en de bouw van drie woningen aan de Okeghemlaan, alsmede het herstel van het resterende park rond de villa. Het appartementengebouw van de VvE staat direct ten westen van het park rond de villa. [appellant sub 2] woont aan de [locatie A], direct ten noorden van de villa. [appellant sub 2] is daarnaast eigenaar van een ten westen van zijn woning gelegen perceel dat langs de noordelijke grens van het plangebied loopt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1693
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202006368/1/R2

202006479/1/R1

Bij besluit van 1 oktober 2020 heeft de raad van de gemeente Haarlemmermeer het bestemmingsplan "Vijfhuizen Spieringweg 468" vastgesteld. Aan de Spieringweg 468 te Vijfhuizen staat een villa op een groot perceel dat verder onbebouwd is. Na verwijdering van de villa maakt het plan daar 30 nieuwe woningen mogelijk. Wilma Wonen is initiatiefnemer. Appellanten wensen dat het plan beter wordt onderbouwd en waar nodig wordt aangepast om aantasting van hun woon- en leefklimaat te voorkomen. De VVE betoogt dat de raad onvoldoende heeft geluisterd naar de bezwaren van omwonenden en zich teveel heeft laten leiden door de ontwikkelaar.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1691
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202006479/1/R1

202006556/1/A3

Bij besluit van 17 april 2019 heeft de korpschef van politie het verlof van [appellant] tot het voorhanden hebben van wapens ingetrokken. De korpschef heeft het wapenverlof van [appellant] ingetrokken nadat zich bij de bruiloft van zijn zoon een schietpartij heeft voorgedaan en [appellant] bij het daaropvolgende politieonderzoek meermaals heeft verklaard dat, als hij de dader zou tegenkomen, hij hem zou pakken en dood maken. De minister heeft zich, in navolging van de korpschef, op het standpunt gesteld dat wapens niet meer aan [appellant] kunnen worden toevertrouwd. [appellant] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat zijn wapenverlof ten onrechte is ingetrokken vanwege zijn door de politie vermeende gemoedstoestand.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1690
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Wapens en munitie
  • uitspraakin de zaak202006556/1/A3

202007079/1/R4

Bij besluit van 4 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Buren aan K3Delta B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van drijvende wandelpaden, dijken, eilanden en een drijvend zonnepanelenpark op de locatie Lingemeer ong. in Ommeren. K3Delta werkt al enige jaren aan de ontwikkeling van het gebied de Lingemeren. Het Lingemeer 1 is gelegen direct ten oosten van de weg genaamd Zijveling. Ten westen van die weg lagen landbouwgronden. K3Delta is bezig met het ontgronden van die gronden ten behoeve van de realisatie van Lingemeer 2, dat aan de zuidzijde in verbinding komt te staan met Lingemeer 1. K3Delta streeft naar een volledig CO²-neutrale bedrijfsvoering en wil daarom ten behoeve van de energie die nodig is voor de zandwinning een drijvend zonneveld realiseren, in aanvulling op het reeds gerealiseerde zonnepanelenpark ten zuiden van het meer. Dat zonneveld zou ook stroom kunnen bieden aan de omgeving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1652
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202007079/1/R4

202007159/1/A3

Bij uitspraak van 17 februari 2020 heeft de rechtbank het beroep van [appellant] tegen het door het college van bestuur van de Universiteit Utrecht niet tijdig nemen van een besluit op bezwaar, gegrond verklaard. De rechtbank heeft het met een besluit gelijk te stellen niet tijdig nemen van een besluit vernietigd, zelf in de zaak voorziend het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard en bepaald dat haar uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit. [appellant] heeft het college bij brief van 20 december 2018 verzocht hem uitsluitsel te geven over een door hem vermeende overplaatsing van zijn functie op 1 januari 2009 van de afdeling Nanophotonics naar het organisatieonderdeel met de code BE6NSNAPD. [appellant] heeft hierbij gesteld dat zijn formatieplaats niet zonder zijn medeweten en instemming mag worden gewijzigd en dat zijn persoonsgegevens niet eenzijdig, zonder kennisgeving en mogelijkheid van bezwaar en beroep mogen worden gewijzigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1687
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202007159/1/A3

202100088/1/A3

Bij besluit van 1 augustus 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Delft [appellant] verboden een uitweg aan te leggen bij de [locatie] in Delft. [appellant] heeft op 17 juli 2018 bij het college melding gedaan van het voornemen een uitweg te maken bij de [locatie] in Delft. Bij het besluit van 1 augustus 2018 heeft het college dit verboden omdat door de beoogde uitweg een openbare parkeerplaats komt te vervallen in een straat waar sprake is van een hoge parkeerdruk. [appellant] bestrijdt het oordeel van de rechtbank dat het college terecht de aanleg van de uitweg heeft verboden omdat daardoor een openbare parkeerplaats verloren gaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1685
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202100088/1/A3

202100601/1/R4

Bij besluit van 17 december 2020 heeft de raad van de gemeente Brummen het bestemmingsplan "Woningbouw Sperwerstraat, Brummen" vastgesteld. Aan de Sperwerstraat te Brummen stond vroeger het schoolgebouw van basisschool De Krullevaar. Dit schoolgebouw is inmiddels gesloopt. Het plan is om de vrijgekomen gronden, gelegen te midden van bestaand woongebied in de kern Brummen, te benutten voor sociale, energiezuinige woningbouw in samenwerking met Veluwonen. Het plan maakt 16 grondgebonden woningen mogelijk. Na gesprekken met omwonenden voorafgaand aan het ontwerpplan en op basis van een zienswijze over het ontwerpplan zijn er in overleg met Veluwonen aanpassingen aan het plan gedaan. Dit heeft tot gevolg dat de goot- en bouwhoogte van twee van de drie in het plan aanwezige bouwvlakken bij de bestemming "Wonen" zijn gewijzigd. Bij beide bouwvlakken is er een verlaging van de goot- en bouwhoogte doorgevoerd in het bestemmingsplan dat op 17 december 2020 door de gemeenteraad is vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1671
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202100601/1/R4

202101675/1/A2

Bij besluit van 22 oktober 2020 heeft de algemeen directeur (lees: de directie) van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellant] meegedeeld dat hij een onderzoek dient te ondergaan naar zijn rijvaardigheid en dat hij in elk geval tot de uitslag van dit onderzoek niet mag rijden. [appellant] heeft als beginnend bestuurder twee snelheidsovertredingen begaan. Op 16 maart 2016 reed [appellant] met een gecorrigeerde snelheid van 128 km/u waar hij niet harder dan 80 km/u mocht rijden en op 13 maart 2020 reed hij met een gecorrigeerde snelheid van 136 km/u waar hij niet harder dan 80 km/u mocht rijden. Aan [appellant] zijn voor beide overtredingen onherroepelijk geworden strafbeschikkingen opgelegd. Bij brief van 28 september 2020 heeft de officier van justitie het CBR mededeling gedaan van het vermoeden dat [appellant] niet langer beschikt over de rijvaardigheid die vereist is voor het besturen van de categorieën motorrijtuigen waarvoor aan hem een rijbewijs is afgegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1659
Datum uitspraak
28 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202101675/1/A2

202103813/2/R4

Bij besluit van 24 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn Parc de Parelhoeve onder oplegging van een dwangsom gelast om het plaatsen van chalets, waarvoor niet de benodigde omgevingsvergunning is verleend, te beëindigen en beëindigd te houden op het perceel aan de Zwolseweg 540 te Wenum-Wiesel. Het perceel is een verblijfsrecreatieterrein. Parc de Parelhoeve heeft het perceel sinds 4 november 2019 in eigendom met als doel het terrein voor verblijfsrecreatie te exploiteren. In 2020 is Parc de Parelhoeve aangevangen met de bouw van vijf verplaatsbare houten chalets. Op het perceel is het bestemmingsplan "Wenum Wiesel en buitengebied" van toepassing. Voor de bouwmogelijkheden is Parc de Parelhoeve uitgegaan van de prospectus van de bedrijfsmakelaar waarin staat dat maximaal dertien verplaatsbare chalets op het perceel mogen worden geplaatst. Volgens het college geldt die bouwmogelijkheid echter uitsluitend ter plaatse van de aanduiding "verblijfsrecreatie".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1641
Datum uitspraak
27 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202103813/2/R4

202100119/2/R2

Bij besluit van 24 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boekel het bestemmingsplan "Omgevingsplan: Veegplan 5" vastgesteld. Bij besluit van 22 februari 2018 heeft de raad van de gemeente Boekel het "Omgevingsplan Buitengebied 2016" vastgesteld, een zogenoemd 'bestemmingsplan met verbrede reikwijdte' als bedoeld in artikel 7c van het Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet. Het moederplan ziet op nagenoeg het gehele buitengebied van de gemeente Boekel. Daarnaast heeft de raad een delegatiebesluit genomen. Dit is een afzonderlijk besluit waarbij de raad de bevoegdheid om een herziening van het moederplan vast te stellen onder voorwaarden heeft gedelegeerd aan het college. Het college heeft ten behoeve van de vaststelling van het hier voorliggende plan, het "Omgevingsplan: Veegplan 5", van deze bevoegdheid gebruik gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1637
Datum uitspraak
26 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202100119/2/R2

202102210/1/V3

Bij besluit van 14 maart 2021 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1639
Datum uitspraak
26 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202102210/1/V3

202102293/2/V2

Bij besluit van 26 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1644
Datum uitspraak
26 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102293/2/V2

202102378/1/R2 en 202102378/2/R2

Bij besluit van 9 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Cranendonck het wijzigingsplan "Kop, De Beuk - De Berk" vastgesteld. Het wijzigingsplan maakt de bouw van zes appartementen voor senioren en een entree met lift mogelijk op de kop van De Beuk en De Berk in Budel. Het wijzigingsplan is gebaseerd op het bestemmingsplan "Kom Budel", vastgesteld door de raad van de gemeente Cranendonck op 15 december 2015. Woningcorporatie WoCom is de initiatiefnemer. [appellant] woont ten zuidwesten van het plangebied. Hij vreest dat de verwezenlijking van het wijzigingsplan een onaanvaardbare aantasting van zijn woon- en leefklimaat tot gevolg zal hebben.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1636
Datum uitspraak
26 juli 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202102378/1/R2 en 202102378/2/R2

202103188/1/V3

Bij besluit van 19 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1638
Datum uitspraak
26 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202103188/1/V3

202103929/2/R1

Bij besluit van 19 mei 2021 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat op een verzoek daartoe van Vattenfall Windpark Wieringermeer EXT B.V. aan [verzoeker] krachtens artikel 2, vijfde lid, van de Belemmeringenwet Privaatrecht een plicht opgelegd tot het gedogen van de aanleg en instandhouding van een windturbine en de instandhouding van een parkweg met bijkomende werken in de gemeente Hollands Kroon, zoals op de als bijlage bij het besluit aangehechte situatietekening is aangegeven. Vattenfall realiseert binnen de gemeente Hollands Kroon 82 windturbines op het windpark Wieringermeer, nu geheten Prinses Ariane Windpark. Een van de windturbines binnen het windpark is windturbine NB-02. Deze turbine is al gedeeltelijk gerealiseerd op het perceel, kadastraal bekend gemeente Wieringermeer, sectie A, nr. 496. Dit perceel grenst aan het agrarisch perceel, kadastraal bekend gemeente Wieringermeer, sectie […], nr. […], dat in eigendom is van [verzoeker].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1628
Datum uitspraak
26 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202103929/2/R1

202104787/2/V2

Bij besluit van 25 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1643
Datum uitspraak
26 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104787/2/V2

202004228/1/V2

Bij besluit van 20 april 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1632
Datum uitspraak
23 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202004228/1/V2

202103765/2/R2

Bij besluit van 16 maart 2021 heeft de raad van de gemeente Veldhoven het bestemmingsplan "Bossebaan-Burgemeester van Hoofflaan" vastgesteld. Het plangebied is gelegen ten zuiden van de kern van Veldhoven en wordt begrensd door de Bossebaan aan de noordzijde en de Burgemeester van Hoofflaan aan de oostzijde. Het bestemmingsplan voorziet in een appartementencomplex, bestaande uit vier appartementengebouwen. Onder de appartementengebouwen is voorzien in één of twee halfverdiepte parkeergarage(s). [verzoeker] is het niet eens met het plan en heeft daarom daartegen beroep ingesteld. [verzoeker] heeft tevens de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1630
Datum uitspraak
23 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202103765/2/R2

202103847/2/V3

Bij besluit van 25 mei 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1633
Datum uitspraak
23 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202103847/2/V3

202103942/2/R2

Bij besluit van 13 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heerlen aan de gemeente Heerlen een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een openbaar podiumterras/openbare zitplek boven een snackbar aan De Bongerd te Heerlen. Karioka II B.V. is eigenaresse van het pand de Bongerd 2-20 en Geleenstraat 2-6 te Heerlen. Zij vreest dat het bouwplan de verhuurbaarheid van haar pand nadelig zal beïnvloeden. Het verzoek van Karioka II B.V. strekt tot schorsing van de verleende omgevingsvergunning, totdat in de hoofdzaak uitspraak is gedaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1629
Datum uitspraak
23 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202103942/2/R2

202004932/1/V2

Bij besluit van 12 augustus 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. In deze zaak wil de vreemdeling verblijf in Nederland, omdat zij bij haar kleinzoon wil wonen. Deze kleinzoon woont nu met zijn ouders en twee broers in Nederland, maar heeft in het verleden samen met de vreemdeling in Syrië gewoond, terwijl ouders en broers in een ander land buiten de Europese Unie verbleven. De kleinzoon heeft een zeldzame medische aandoening waardoor hij ook fysieke en communicatieve beperkingen heeft. In deze uitspraak gaat het om de motivering van de afweging tussen aan de ene kant de belangen van de vreemdeling en haar kleinzoon om samen in Nederland te verblijven, en aan de andere kant het belang van de staatssecretaris om een restrictief vreemdelingenbeleid te voeren met het oog op - onder meer - de economische belangen van Nederland.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1625
Datum uitspraak
22 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202004932/1/V2

202103851/2/V2

De vreemdeling heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht van 9 juni 2021 in zaak nr. NL21.6960. De gemachtigde van de vreemdeling heeft - apart van het hogerberoepschrift - een aantal stukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat deze stukken niet in het procesdossier mogen worden opgenomen en dat de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de inhoud van deze stukken wel kent.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1621
Datum uitspraak
22 juli 2021
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202103851/2/V2

202104079/2/V3

Bij besluit van 6 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdelingen om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1624
Datum uitspraak
22 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202104079/2/V3

202102782/1/V3

Bij besluit van 16 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1571
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202102782/1/V3

202102999/1/R4 en 202102999/2/R4

Bij besluit van 25 maart 2021 heeft de raad van de gemeente De Bilt het bestemmingsplan "De Kwinkelier Bilthoven, tweede herziening" vastgesteld. Het bestaande winkelcentrum De Kwinkelier te Bilthoven wordt herontwikkeld. Op 28 oktober 2010 heeft de raad hiertoe het bestemmingsplan "De Kwinkelier Bilthoven" vastgesteld. Het bestemmingsplan bevat een juridisch-planologische regeling voor het winkelcentrum De Kwinkelier, die enerzijds rekening houdt met de bestaande planologische situatie en anderzijds bijdraagt aan de herontwikkeling van het winkelcentrum, inclusief parkeergarage. Ook biedt het bestemmingsplan ruimte om woningen aan het winkelcentrum toe te voegen. Op 26 april 2012 heeft de raad vervolgens het reparatieplan "De Kwinkelier Bilthoven, eerste herziening" vastgesteld. Aanleiding voor deze eerste herziening was dat bij toetsing van het definitieve bouwplan voor het winkelcentrum bleek dat op enkele punten de bestemmingsvlakken en de aanduidings- en maatvoeringslijnen worden overschreden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1574
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202102999/1/R4 en 202102999/2/R4

202104188/1/V3

Bij besluit van 10 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1576
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202104188/1/V3

202104234/1/V3

Bij besluit van 10 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1623
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202104234/1/V3

202104654/2/V2

Bij besluit van 15 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1577
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104654/2/V2

202104672/2/V2

Bij besluit van 15 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1622
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104672/2/V2

201807681/2/A2

Bij tussenuitspraak van 15 januari 2020 (ECLI:NL:RVS:2020:76) heeft de Afdeling de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap opgedragen om binnen zestien weken na verzending van de tussenuitspraak het geconstateerde gebrek in het besluit van 15 juni 2017 te herstellen. Bij besluit van 30 april 2020 heeft de minister ter uitvoering van de tussenuitspraak het verzoek van Aemstel om doorhaling van de inschrijving van het pand aan de Amstelzijde 2-4 in Ouderkerk aan de Amstel (hierna: 't Jagershuis) in het monumentenregister afgewezen. Omdat de minister volgens de rechtbank niet mag overgaan tot een volledige herbeoordeling van een aanwijzing als beschermd monument, kon de minister niet besluiten het verzoek van Aemstel om de inschrijving door te halen in te willigen. Daarom heeft de rechtbank, zelf in de zaak voorziend, dit verzoek afgewezen. Tegen de uitspraak ven de rechtbank heeft Aemstel hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1610
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Monumenten
  • uitspraakin de zaak201807681/2/A2

201904109/1/R4

Bij besluit van 11 april 2019 heeft de raad van de gemeente Oisterwijk het bestemmingsplan"KVL-terrein, locatie Nijverheidsweg (west)" vastgesteld. Het plan wijzigt de planologische regeling voor de noordwestzijde van het zogeheten KVL-terrein, aan de Nijverheidsweg. Voor deze gronden was voorheen het bestemmingsplan "KVL-terrein" van kracht. Aan de gronden was een bedrijfsbestemming toegekend. Het plan is vastgesteld vanwege een beoogde transformatie van dit deel van het KVL-terrein naar een woonbestemming. Het plan voorziet in de bouw van een appartementengebouw met 27 woningen in het westelijke deel van het plangebied. Daarnaast is de planregeling van de omliggende percelen aan de Nijverheidsweg gewijzigd. Deze percelen hebben hun bedrijfsbestemming behouden, met dien verstande dat de raad heeft beoogd de bestaande feitelijke situatie als zodanig te bestemmen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1620
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201904109/1/R4

201907403/1/A3

Bij besluit van 21 november 2016 heeft de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media een verzoek van [appellant] en anderen om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur afgewezen. [appellant] e.a. hebben de Inspectie van het Onderwijs bij brief van 8 september 2016 op grond van de Wob verzocht om openbaarmaking van het volgende: "alle in uw bezit zijnde documentatie omtrent meldingen en/of mededelingen en/of vragen van, door, of over het Cheider scholengemeenschap die zijn gedaan of gesteld aan uw (vertrouwens)inspecteurs dan wel medewerkers anderszins in de meest ruime zin van het woord." De minister heeft het verzoek van [appellant] en anderen afgewezen, omdat het verzoek niet valt onder de Wob. Het valt onder het daarvan afwijkende absolute geheimhoudingsregime van artikel 6, vierde lid, van de Wet op het onderwijstoezicht, op grond waarvan de vertrouwensinspecteur tot geheimhouding verplicht is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1611
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak201907403/1/A3

201907404/1/A3

Bij besluit van 21 november 2016 heeft de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media het verzoek van [appellant] en anderen om afschriften van documenten op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens afgewezen. Bij besluit van 8 december 2017 heeft de minister een aantal documenten met persoonsgegevens van [appellant] en anderen volledig, een aantal documenten met hun persoonsgegevens gedeeltelijk en, voor zover deze er verder zijn, een aantal documenten met hun persoonsgegevens niet verstrekt. [appellant] en anderen hebben de Inspectie van het Onderwijs bij brief van 8 september 2016 op grond van de Wbp verzocht om: "alle in uw bezit zijnde documentatie omtrent meldingen en/of mededelingen en/of vragen van, door, of over het Cheider scholengemeenschap die zijn gedaan of gesteld aan uw (vertrouwens)inspecteurs dan wel medewerkers anderszins in de meest ruime zin van het woord.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1613
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak201907404/1/A3

201907944/1/R3

Bij besluit van 18 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Nissewaard aan [appellant sub 2] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een dakopbouw aan het [locatie] in Spijkenisse in afwijking van het bestemmingsplan. Op 30 september 2018 heeft [appellant sub 2] een aanvraag om een omgevingsvergunning bij het college ingediend voor het bouwen van een dakopbouw op zijn woning aan het [locatie] in Spijkenisse, gelegen in de wijk Groenewoud. Met de dakopbouw ontstaat een woning met drie lagen. Tussen partijen is niet in geschil dat het bouwplan in strijd is met het geldende bestemmingsplan, omdat de maximale bouwhoogte van 6 m wordt overschreden. [partij A] en anderen wonen allen in de wijk Groenewoud. Zij kunnen zich niet verenigen met de verleende omgevingsvergunning, omdat zij de dakopbouw niet vinden passen in de omgeving. Zij hebben daarom beroep ingesteld tegen het besluit van 3 juni 2019.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1605
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak201907944/1/R3

202000178/1/A2 en 202100071/1/A2

Bij besluit van 5 juni 2018 heeft het CBR aan [appellant] een onderzoek naar zijn drugsgebruik opgelegd. Bij besluit van 16 juli 2019 heeft het CBR het rijbewijs van [appellant] ongeldig verklaard vanaf 23 juli 2019. De Politie Eenheid Zeeland-West-Brabant heeft aan het CBR een mededeling gedaan als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wegensverkeerswet 1994. Deze mededeling houdt in dat het vermoeden bestaat dat [appellant] niet langer beschikt over de rijvaardigheid dan wel geschiktheid om een motorrijtuig van de categorieën AM, B en T te besturen. Dat zijn de categorieën waarvoor het rijbewijs van [appellant] is afgegeven. Aan deze mededeling ligt ten grondslag dat [appellant] volgens het door verbalisanten op ambtsbelofte en ambtseed opgemaakte proces-verbaal "rijden onder invloed" van 9 mei 2018 en het door verbalisant op ambtsbelofte opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van 9 mei 2018 op 8 mei 2018 vermoedelijk een motorrijtuig heeft bestuurd onder invloed van drogerende stoffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1584
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202000178/1/A2 en 202100071/1/A2

202000647/1/R3

Bij besluit van 3 december 2019 heeft de raad van de gemeente Westerveld het bestemmingsplan "Buitengebied Westerveld 2018" vastgesteld. In dit plan worden diverse geldende bestemmingsplannen, wijzigingsplannen en partiële herzieningen voor het buitengebied van Westerveld in een bestemmingsplan geïntegreerd. [appellante sub 1] betoogt dat ten onrechte de bestemming "Natuur" is toegekend aan zijn perceel. Volgens [appellante sub 1] is zijn perceel al sinds 1950 in gebruik voor landbouwkundige doeleinden en dient het perceel overeenkomstig dat feitelijke gebruik te worden bestemd. Hij voert over het vorige bestemmingsplan "Buitengebied gemeente Havelte" uit 1985 aan dat het college van gedeputeerde staten van Drenthe goedkeuring heeft onthouden aan de daarin voor zijn perceel opgenomen bestemmingsregeling en dat het daarop volgende bestemmingsplan "Buitengebied, artikel 30 herziening", waarin zijn perceel was begrepen, niet tijdig lijkt te zijn vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1603
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Drenthe
  • uitspraakin de zaak202000647/1/R3

202000745/1/R1

Bij besluit van 19 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Groningen aan de gemeente Groningen omgevingsvergunning verleend voor het vellen van vijf bomen, het verplaatsen van één boom en het verwijderen van 105 m² houtopstand (taxus) aan het Akerkhof te Groningen. Ten behoeve van het realiseren van de herinrichting Binnenstad West heeft de gemeente Groningen op 2 juli 2018 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het kappen van houtopstand op het Akerkhof in het centrum van Groningen. Met de voorziene herinrichting wil het gemeentebestuur onder meer op de plek voor de Der Aa-kerk een kwalitatief goed en aantrekkelijk verblijfsgebied realiseren. Met het besluit van 19 juli 2018 heeft het college omgevingsvergunning verleend voor het kappen van vijf bomen, het verplaatsen van één boom en het verwijderen van 105 m² taxusbeplanting op het Akerkhof voor de kerk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1597
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202000745/1/R1

202000749/1/R3

Bij besluit van 3 december 2019 heeft de raad van de gemeente Leiden het bestemmingsplan "Haarlemmerweg" vastgesteld. Het plan voorziet in een herinrichting van de Haarlemmerweg en de Haarlemmertrekvaart, uitgaande van drie pijlers: 1. de reconstructie van de Haarlemmerweg; 2. het behoud en de versterking van de waterkerende functie van de dijk; 3. de herinrichting van ligplaatsen, inclusief de verplaatsing van woonboten en de reconstructie van de oevers. [appellant] en anderen zijn enkele van de huidige bewoners van de vijf woonboten in het noorden van het plangebied met de huisnummers [vier huisnummers]. Het plan maakt op deze locatie twee ligplaatsen mogelijk. Dit betekent dat drie van de woonboten in het noorden van het plangebied zullen moeten verplaatsen naar een andere ligplaats aan de Haarlemmerweg. [appellant] en anderen zijn het hier niet mee eens. Dit is de reden dat zij beroep hebben ingesteld tegen het plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1615
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202000749/1/R3

202001297/1/R4 en 202001299/1/R4

Bij besluit van 17 december 2019 heeft de raad van de gemeente Aalten het bestemmingsplan "Aalten Bedrijventerrein Westrand" vastgesteld. Aan de westzijde van Aalten ligt het bedrijventerrein ’t Broek. Het gaat om een zogenoemd gezoneerd industrieterrein als bedoeld in de Wet geluidhinder. Het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Westrand Aalten" van 17 december 2019 voorziet onder meer in een nieuw bedrijventerrein, genaamd Westrand, ten westen van het bestaande bedrijventerrein. De noordgrens van het plangebied wordt gevormd door de Sondernweg, de oostgrens door de gronden die behoren bij de bedrijven direct ten oosten van het plangebied. Aan de west- en zuidwestzijde grenst het plangebied aan agrarisch gebied. Het oostelijk deel van het plangebied heeft de bestemming "Bedrijventerrein" gekregen. Dit deel van het plangebied is ongeveer 6 ha groot. Aan een deel hiervan, dat ongeveer 5 ha groot is, is de functieaanduiding "specifieke vorm van bedrijf -1" toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1586
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202001297/1/R4 en 202001299/1/R4

202001298/1/R4

Bij besluit van 17 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Aalten voor woningen in de omgeving van de bedrijventerreinen Westrand en ’t Broek hogere grenswaarden als bedoeld in de Wet geluidhinder vastgesteld voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting vanwege een industrieterrein. Het besluit hogere waarden is vastgesteld vanwege de uitbreiding van het bestaande bedrijventerrein ’t Broek met een nieuw bedrijventerrein met de naam Westrand. Het nieuwe bedrijventerrein is voorzien in het bestemmingsplan "Aalten Bedrijventerrein Westrand", vastgesteld door de raad van de gemeente Aalten op 17 december 2019. De bedrijventerreinen betreffen samen een zogenoemd gezoneerd industrieterrein als bedoeld in de Wet geluidhinder. Het herzieningsplan is ook op 17 december 2019 door de raad vastgesteld. Met het bestemmingsplan wordt de verplaatsing van het bedrijf van [partij A] en [partij B] (hierna samen en in enkelvoud: [partij]) naar het bedrijventerrein Westrand mogelijk gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1557
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Geluid
  • uitspraakin de zaak202001298/1/R4

202001553/1/R2

Bij besluit van 1 maart 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant de aanvraag van [appellante] voor een omgevingsvergunning voor het veranderen en uitbreiden van een varkenshouderij op het perceel aan de [locatie] in Sprundel buiten behandeling gesteld. [appellante] exploiteert een varkenshouderij op het perceel. Zij wil het bedrijf uitbreiden van 4837 vleesvarkens, 648 opfokzeugen en 6 paarden naar 8077 vleesvarkens. Om deze dieren te huisvesten wil zij twee nieuwe stallen bouwen voor ieder 1200 vleesvarkens. Op 9 juni 2016 heeft [appellante] een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, b, c en e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Het aangevraagde project voorziet in twee typen luchtwassers, de biologische combiluchtwasser BWL 2009.12 en de chemische combiluchtwasser BWL 2006.14.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1598
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Vee e.a. dieren
  • uitspraakin de zaak202001553/1/R2

202001963/1/A3

Bij besluiten van 19 maart 2018 en 26 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen twee standplaatsvergunningen aan [appellanten] verleend voor de duur van vijf jaar. [appellanten] hadden vaste standplaatsvergunningen voor onbepaalde tijd voor de verkoop van vis en visproducten op de Grote Markt in Nijmegen en de Frankrijkstraat in Lent. Nadat het college hun schriftelijk heeft meegedeeld dat een nieuw standplaatsenbeleid is vastgesteld, op grond waarvan vaste standplaatsen voor maximaal vijf jaar worden verleend, heeft het aan hen vaste standplaatsvergunningen voor deze duur verleend voor de hiervoor genoemde locaties. De rechtbank heeft geoordeeld dat de geldigheidsduur van vijf jaar voor de vergunningen niet onredelijk is en dat de financiële gevolgen daarvan voor [appellanten] niet zwaarwegender zijn dan het feit dat bij een langere geldigheidsduur onevenredige bevoordeling ten opzichte van andere gegadigden kan bestaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1588
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202001963/1/A3

202002062/1/A2

Bij besluit van 15 maart 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot huurtoeslag van [appellante] over 2018 opnieuw berekend en vastgesteld op nihil. [appellante] huurde in 2018 een woning op het adres [locatie] in Wehe-den Hoorn. Zij stelt dat de huurprijs € 710,00 was. Bij besluit van 28 december 2017 heeft de Belastingdienst/Toeslagen haar een voorschot huurtoeslag over het jaar 2018 toegekend van € 3.711,00. Bij het in bezwaar gehandhaafde besluit van 15 maart 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot huurtoeslag over het jaar 2018 opnieuw berekend en vastgesteld op nihil. [appellante] moet daarom het voorschotbedrag van € 3.711,00 terugbetalen. Volgens de Belastingdienst/Toeslagen was de rekenhuur van de door [appellante] bewoonde woning hoger dan de maximale rekenhuur van € 710,68 om voor huurtoeslag in aanmerking te komen en heeft zij daarom geen recht op huurtoeslag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1578
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202002062/1/A2

202002213/1/R3

Bij besluit van 31 oktober 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de aanvraag van [appellante] om een omgevingsvergunning voor het realiseren van een appartementencomplex ter hoogte van de [locatie] in Hoek van Holland afgewezen. Op 1 juni 2017 heeft [appellante] een omgevingsvergunning aangevraagd voor het bouwen van een appartementencomplex ter hoogte van [locatie] in Hoek van Holland. Bij besluit van 31 oktober 2017 heeft het college geweigerd de omgevingsvergunning te verlenen. Het college heeft aan deze weigering ten grondslag gelegd dat het bouwplan in strijd is met de Bouwverordening Rotterdam 2010 en redelijke eisen van welstand. Op 20 februari 2019 heeft [appellante] de rechtbank per brief ervan op de hoogte gesteld dat [appellante] een tweede aanvraag om omgevingsvergunning heeft ingediend voor het bouwen van een appartementencomplex ter hoogte van [locatie] in Hoek van Holland. De rechtbank heeft het beroep vervolgens niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1619
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202002213/1/R3

202002310/1/R2

Bij besluiten van 6 juli 2017, 9 mei 2018 en 1 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maastricht de verzoeken van [appellant] om handhavend op te treden tegen de bouwwerken op het perceel aan de [locatie B] te Maastricht (hierna: het perceel), en het gebruik daarvan, afgewezen. [appellant] woont op het perceel aan de [locatie A] in Maastricht. [persoon A] en [gemachtigde] wonen op het naastgelegen perceel aan de [locatie B]. Op 4 juli 2014 heeft het college aan [vorige eigenaar], de vorige eigenaar van het perceel, een omgevingsvergunning verleend voor het renoveren van een bijgebouw en het plaatsen van nieuwe ramen in de woning op het perceel. Deze omgevingsvergunning is na de uitspraak van de Afdeling van 20 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2026, onherroepelijk geworden. Bij brief van 18 mei 2017 heeft [appellant] het college verzocht om handhavend op te treden tegen het bijgebouw, de aanbouw aan de achterzijde van het bijgebouw en de woning op het perceel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1612
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202002310/1/R2

202002601/1/A2

Bij besluit van 4 juni 2014 heeft het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht het verzoek van [appellant] om vergoeding van schade afgewezen. Dit hoger beroep ziet op de afwijzing van het verzoek van [appellant] om schadevergoeding. Volgens [appellant] is zijn woning beschadigd door zwaar vrachtverkeer dat gedurende een lange periode langs zijn woning is gereden. [appellant] woont sinds 1980 aan de [locatie] in Dordrecht, nabij de PLUS supermarkt op het Damplein. Deze supermarkt is omstreeks het jaar 2000 verbouwd. Sinds deze verbouwing worden de voor de supermarkt bestemde goederen gelost aan de achterzijde van de supermarkt aan de Damstraat/Dubbeldreef. De gebruikelijke aanrijroute van de vrachtwagens die de supermarkt bevoorraden loopt via de Damstraat. Hierdoor is het vrachtverkeer in de Damstraat volgens [appellant] fors toegenomen. Naar aanleiding van klachten hierover zijn verkeersbesluiten genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1599
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202002601/1/A2

202002672/1/R2

Bij besluit van 3 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haaren het uitwerkingsplan "Gildepad-Haaren (2018)” vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van drie woningen aan het Gildepad in het centrum van Haaren. Het plangebied bestaat uit twee deelgebieden met bouwvlakken. Het bouwvlak in het noordwesten maakt één woning mogelijk, terwijl het bouwvlak in het zuidoosten in twee woningen voorziet. Autocentrum Haaren is exploitant van een autoshowroom en een garagebedrijf met een autowasstraat aan het Gildepad 10. Dit is tegenover de locatie waar de woningen zijn voorzien. Autocentrum Haaren vreest door de woningbouw op korte afstand van zijn bedrijf in zijn bedrijfsvoering te zullen worden belemmerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1607
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202002672/1/R2

202002849/1/R3

Bij besluit van 26 juni 2018 heeft de raad van de gemeente Terschelling het bestemmingsplan "Zelfpluktuin Groenhof" vastgesteld. Dit plan heeft betrekking op twee percelen gelegen tussen de kernen Hoorn en Oosterend op Terschelling. Op het perceel teelt Zelfpluktuin Groenhof v.o.f. op duurzame wijze fruit, groenten en bloemen. Bezoekers komen vervolgens naar het perceel voor het plukken en kopen van fruit, groente en/of veldboeketten. Stichting Ons Schellingerland heeft beroep ingesteld tegen het bestemmingsplan, omdat volgens de stichting nog steeds niet is aangetoond dat het gaat om een volwaardig agrarisch bedrijf en dat als daarvan wel sprake zou zijn, de noodzaak voor een bedrijfswoning niet is aangetoond. Verder had de raad volgens de stichting de ecologische gevolgen van het plan opnieuw moeten bezien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1608
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak202002849/1/R3

202002871/1/R3

Bij besluit van 21 maart 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Emmen [appellant] onder aanzegging van bestuursdwang gelast de bijbehorende bouwwerken op het perceel [locatie 1] in Nieuw-Weerdinge terug te brengen tot maximaal 150 m2. [appellant] is eigenaar van het perceel [locatie 1] in Nieuw-Weerdinge. Op het perceel staan bijbehorende bouwwerken met een oppervlakte van in totaal ongeveer 365 m2. Voor deze bijbehorende bouwwerken is geen omgevingsvergunning verleend. Bij besluit van 21 juni 2016 heeft het college onder oplegging van een dwangsom [appellant] gelast de bijbehorende bouwwerken terug te brengen tot maximaal 150 m2, de oppervlakte die volgens het college ten hoogste is toegestaan zonder een omgevingsvergunning. Bij uitspraak van 20 december 2017 heeft de Afdeling het hoger beroep van [appellant] tegen de last onder dwangsom en het beroep van [appellant] tegen het besluit van 27 maart 2017 tot invordering van de verbeurde dwangsom, ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1595
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202002871/1/R3

202002978/1/A3

Bij brief van 4 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zoeterwoude een verzoek van [appellant] om hem een nieuw burgerservicenummer toe te kennen afgewezen. [appellant] heeft sinds 2003 een eenmanszaak waarvoor hij een btw-nummer heeft. Hij is verplicht om op de facturen die hij voor zijn zaak verstuurt zijn btw-nummer te vermelden. In dit btw-nummer dat door de belastingdienst wordt toegekend, was zijn BSN nummer opgenomen. De belastingdienst heeft dit aangepast naar aanleiding van het oordeel van de Autoriteit Persoonsgegevens dat het BSN nummer een strikt persoonlijk identificatiegegeven is, wat niet gedeeld moet worden met derden en waarvan de verwerking door de belastingdienst in het btw-nummer ontoelaatbaar is. [appellant] heeft het college verzocht om voor hem een nieuw BSN nummer aan te maken en toe te wijzen omdat zijn BSN nummer door deze ontoelaatbare verwerking nog steeds op het internet te vinden is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1596
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202002978/1/A3

202002995/1/R2

Bij besluit van 6 april 2020 hebben provinciale staten van Limburg het inpassingsplan "Spoorverdubbeling Heerlen - Landgraaf" gewijzigd vastgesteld. Het inpassingsplan voorziet in een verdubbeling van de spoorlijn tussen de stations Heerlen en Landgraaf. Daarmee wordt beoogd om de capaciteit van het spoor te vergroten, zodat er vaker treinen tussen Nederland en Duitsland kunnen rijden. [appellant] woont op ongeveer 2,5 km van het plangebied en nabij de bestaande spoorlijn. Hij vreest voor de gezondheid en veiligheid als gevolg van een toename van het spoorverkeer.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1594
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Inpassingsplan
  • uitspraakin de zaak202002995/1/R2

202003459/1/R3

Bij besluit van 28 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag het door [appellant] en anderen daartegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard, het besluit van 23 mei 2018 herroepen en, voor zover hier van belang, omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een bouwwerk en het in afwijking van het bestemmingsplan gebruiken van de begane grond van het pand op het perceel voor horeca in de categorie "zwaar" en geweigerd een omgevingsvergunning te verlenen voor het in afwijking van het bestemmingsplan gebruiken van de eerste verdieping van dat pand voor horeca in de categorie "zwaar". Het pand op het perceel is in eigendom van Nostra Beheer B.V. Zij verhuurt het pand sinds juni 2017 aan Lemon Zest Holding. Lemon Zest Holding verhuurde het pand aan Bar Broker, die ten tijde van het indienen van de in deze procedure aan de orde zijnde aanvraag om omgevingsvergunning het pand exploiteerde. Club Gewoon B.V. huurt het pand sinds 28 juni 2019.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1589
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202003459/1/R3

202003526/1/A3

Bij besluit van 19 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,- wegens het onttrekken van een woning aan de bestemming tot bewoning zonder dat hij over een vergunning daarvoor beschikt. [appellant] is eigenaar van de woning aan de [locatie] te Amsterdam. Het college heeft op 4 januari 2018 en 4 juni 2018 meldingen van buurtbewoners ontvangen dat de woning wordt verhuurd aan toeristen. Toezichthouders van de gemeente Amsterdam hebben daarom op 11 juni 2018 de woning gecontroleerd. Nadat op de deur was geklopt, deed een vrouw de deur open waarna er een man bij kwam staan. Zij verklaarden de woning te hebben geboekt via een gemeenschappelijke vriend. De man liet een boekingsbewijs zien voor een verblijf van vier nachten voor vijf personen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1579
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202003526/1/A3

202004057/1/A3

Bij besluit van 10 augustus 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag de kosten van toepassing van bestuursdwang vastgesteld en bij [appellante] in rekening gebracht. Het college heeft enkele jaren geleden vastgesteld dat een [woonschip] dat in het kadaster op naam van [appellante] stond, was afgemeerd op een locatie die niet bestemd en aangewezen is als ligplaats. Het woonschip bevatte asbesthoudend materiaal en was op die locatie deels gesloopt. [appellante] heeft wel een vergunning voor een andere ligplaats. Na deze vaststelling heeft het college [appellante] bij besluit van 11 maart 2016 gelast om het woonschip te verslepen naar de ligplaats waarvoor zij wél een vergunning heeft, of om het woonschip uit de Haagse binnenwateren te verwijderen en verwijderd te houden. De dwangsommen bij het niet-tijdig voldoen aan de last zijn in dat besluit bepaald op € 500,- per dag, met een maximum van € 5000,-.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1618
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004057/1/A3

202004086/1/A3

Bij besluit van 20 juli 2017 heeft de minister van Buitenlandse Zaken [appellante] aangewezen als persoon op wie de Sanctieregeling terrorisme 2007-II van toepassing is. [appellante] is medio 2015 uit eigen beweging uit Nederland naar Syrië gereisd en verblijft daar thans in een vluchtelingenkamp. Op 20 juli 2017 heeft de minister ten aanzien van [appellante] een aanwijzingsbesluit vastgesteld als bedoeld in artikel 2 van de Sanctieregeling. Als gevolg van dat besluit kan zij niet beschikken over financiële middelen en geen gebruik maken van financiële diensten. Omdat [appellante] niet over een actueel adres in Nederland beschikte waarnaar het besluit kon worden verzonden, is de bekendmaking van het besluit aan haar alleen geschied door kennisgeving in de Staatscourant. Op 23 mei 2019 heeft [appellante] bezwaar gemaakt tegen het aanwijzingsbesluit. De minister heeft het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift buiten de bezwaartermijn is ingediend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1583
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202004086/1/A3

202004221/1/A3

Bij besluit van 16 april 2019 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties geweigerd om een verklaring van geen bezwaar voor [appellant] af te geven. [appellant] is op 5 februari 2019 door Axxicom Airport Caddy B.V. aangemeld bij de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst voor een veiligheidsonderzoek in verband met de vervulling van de vertrouwensfunctie van passagiersassistent op Schiphol. Voor die functie is een verklaring van geen bezwaar nodig. Uit het veiligheidsonderzoek is gebleken dat [appellant] van 4 juli 2014 tot 23 november 2016 in Angola verbleef, waardoor er voor de AIVD onvoldoende gegevens zijn om alle veiligheidsrisico’s te kunnen uitsluiten. De minister heeft daarom geweigerd om een VGB af te geven. [appellant] betoogt dat de rechtbank zijn beroep op bewijsnood ten onrechte niet heeft gehonoreerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1593
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202004221/1/A3

202004486/1/R1

Bij besluit van 29 juni 2020 hebben provinciale staten van Limburg de Luchthavenregeling [helihaven] Heythuysen vastgesteld. De luchthavenregeling is van toepassing op de helikopterluchthaven aan de [locatie] te Heythuysen, die wordt geëxploiteerd door [partij] (hierna: de helihaven). Het terrein was al in gebruik als helihaven. De minister van Verkeer en Waterstaat had daarvoor bij beschikking van 13 augustus 2009 toestemming verleend op grond van het Besluit inrichting en gebruik niet aangewezen luchtvaartterreinen (hierna: de BIGNAL-beschikking). De luchthavenregeling vervangt de BIGNAL-beschikking. [appellant A] en [appellant B] wonen in de omgeving van de helihaven en kunnen zich niet met de luchthavenregeling verenigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1580
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Luchtvaart
  • uitspraakin de zaak202004486/1/R1

202004586/1/A3

Bij besluit van 24 april 2019 heeft de burgemeester van Zwolle vastgesteld dat hij BKBD een dwangsom van € 707,00 verschuldigd is omdat hij niet tijdig op haar aanvraag voor een drank- en horecavergunning heeft beslist. BKBD heeft op 30 mei 2018 een vergunning op grond van de Drank- en Horecawet (hierna: DHW-vergunning) aangevraagd voor de exploitatie van Café Bruut. Nadat de termijn om op de aanvraag te beslissen was verstreken, heeft BKBD op 19 oktober 2018 een e-mailbericht (hierna: de e-mail) aan de burgemeester gestuurd met het verzoek om haar toe te staan de exploitatie van het café voort te zetten. Op 4 december 2018 heeft BKBD beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op de aanvraag. De rechtbank heeft het beroep bij uitspraak van 6 maart 2019, niet-ontvankelijk verklaard, omdat de e-mail naar het oordeel van de rechtbank geen rechtsgeldige ingebrekestelling is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1585
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004586/1/A3

202004630/1/A3

Bij besluit van 21 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk aan All4fysio een omgevingsvergunning verleend voor het aanbrengen van lichtreclame aan het bedrijfspand aan de Fokko Kortlanglaan 223 in Harderwijk. Op 8 januari 2019 heeft All4fysio een aanvraag gedaan om een omgevingsvergunning voor het aanbrengen van lichtreclame aan haar bedrijfspand. De lichtreclame bestaat uit twee reclameborden met LED-verlichting in de kleuren roze, blauw, wit en grijs. [belanghebbende] en anderen wonen in de nabijheid van het bedrijfspand en stellen onaanvaardbare hinder te ondervinden van de lichtreclame. Daarom zijn zij tegen het verlenen van de vergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1617
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202004630/1/A3

202004698/1/R3

Bij besluit van 2 juli 2020 heeft de raad van de gemeente Rotterdam het bestemmingsplan "August Reitsmahuis, Nieuwlandsedijk 160" vastgesteld. Het plan heeft betrekking op een voormalig Natuurvriendenhuis dat werd beheerd door het Nederlands Instituut voor Volksontwikkeling en Natuurvriendenwerk (NIVON). Volgens de plantoelichting is de gemeente Rotterdam voornemens het pand in de verkoop te brengen ten behoeve van een hotel- en horecafunctie, die past binnen het beleid om Hoek van Holland verder te ontwikkelen tot een vierseizoenenbadplaats. Met het plan wordt voorzien in een mogelijkheid om deze hotel- en horecafunctie te realiseren. [appellant] woont in de omgeving van het plangebied. Hij kan zich niet verenigen met het plan, omdat hij vreest dat de toegekende bestemming "Horeca - Hotel" zal leiden tot een aantasting van zijn woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1592
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202004698/1/R3

202004705/1/R3

Bij besluit van 10 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oud-Beijerland, thans: Hoeksche Waard, aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor de activiteiten als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en f, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor het perceel [locatie 1] in Oud-Beijerland. Met het primaire besluit heeft het college aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het wijzigen van de bestemming van de eerste etage naar een horecaruimte en een woning op de tweede etage op het perceel [locatie 1] in Oud-Beijerland. [appellant A] en [appellant B] wonen op het adres [locatie 2] in Oud-Beijerland. Zij kunnen zich niet verenigen met de verleende omgevingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1591
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202004705/1/R3

202004751/1/A3

Bij besluit van 7 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Alkmaar besloten om vergunninghoudersparkeren definitief niet in te voeren in de straten Bannewaard, Bregwaard en Broekerwaard in Alkmaar. Het college heeft in februari 2018 een online enquête gehouden over parkeeroverlast in de straten Bannewaard, Bregwaard en Broekerwaard in Alkmaar. Uit deze enquête is gebleken dat 96% van het aantal respondenten in de Bannewaard parkeeroverlast ervaart. In de Bregwaard ervaart 97% van het aantal respondenten overlast en in de Broekerwaard ervaart 52% van het aantal respondenten overlast. In totaal ervaart 88% van de respondenten parkeeroverlast in de B-waarden. De bewoners van de Bannewaard hebben hierna een eigen enquête georganiseerd, die zich toespitste op de vraag of er onder de bewoners een voorkeur bestond voor een proefperiode waarin in de Bannewaard geparkeerd kon worden met een parkeervergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1606
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202004751/1/A3

202005076/1/A3

Bij besluit van 19 april 2019 heeft de korpschef van politie de aanvraag van [appellant] voor een jachtakte afgewezen. Op 7 maart 2019 heeft [appellant] bij de korpschef een aanvraag ingediend voor de verkrijging van een jachtakte, als bedoeld in artikel 3.28 van de Wet natuurbescherming. Op 12 maart 2019 heeft de korpschef het voornemen bekend gemaakt om de aanvraag van [appellant] af te wijzen. Bij de gebruikelijke screening die volgt na het indienen van een aanvraag voor een jachtakte, is de korpschef gebleken dat in het Justitieel Documentatie Systeem een registratie over een misdrijf stond die aan de verlening van een jachtakte op grond van artikel 3.28, derde lid, aanhef en onder e, van de Wnb in de weg staat. Uit dit artikel volgt dat een jachtakte moet worden geweigerd als een aanvrager in de acht jaren voorafgaand aan de beslissing op de aanvraag is veroordeeld wegens het plegen van een misdrijf op grond van, onder meer, de Wet wapens en munitie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1590
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • Wapens en munitie
  • uitspraakin de zaak202005076/1/A3

202005101/1/A3

Bij besluit van 27 maart 2020 heeft de minister voor Rechtsbescherming de aanvraag van [appellant] om een Verklaring Omtrent het Gedrag voor zijn hoedanigheid als huisgenoot van een gastouder afgewezen. Op 27 februari 2020 heeft [appellant], geboren op 24 maart 1999, een aanvraag ingediend ter verkrijging van een VOG. Die VOG heeft hij aangevraagd om huisgenoot van een gastouder te kunnen zijn. Zijn moeder werkt namelijk als gastouder. De minister heeft bij de beoordeling van de aanvraag van [appellant] de criteria gehanteerd die zijn neergelegd in de Beleidsregels VOG-NP-RP 2018. Daarnaast heeft de minister het algemene screeningsprofiel met het risicogebied personen op de aanvraag toegepast. Voor de beoordeling van de aanvraag heeft de minister binnen de terugkijktermijn van twee jaar kennisgenomen van de relevante justitiële gegevens in het Justitieel Documentatiesysteem.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1600
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Verklaring omtrent gedrag
  • uitspraakin de zaak202005101/1/A3

202005151/1/R4

Bij besluit van 30 juni 2020 heeft de raad van de gemeente West Betuwe het bestemmingsplan "Herontwikkelingsplan Est-Tuil-Haaften-Heesselt" gewijzigd vastgesteld. Het plan voorziet in een aantal ontwikkelingen binnen de gemeente West Betuwe. Het plan maakt onder meer mogelijk dat op een perceel aan de Buitenweg 48 in Haaften, in ruil voor de sloop van aldaar aanwezige glastuinbouwkassen, twee vrijstaande woningen worden gerealiseerd en de op het perceel aanwezige bedrijfswoning wordt bestemd als burgerwoning. Op dat perceel rustte, onder het hiervoor geldende bestemmingsplan "Buitengebied Neerijnen, veegplan 2017", de bestemming "Agrarisch". Onder het nieuwe plan rust op het perceel de bestemming "Wonen". het plan maakt het ook mogelijk dat op het perceel Karnheuvelsestraat 16 in Est, na de sloop van aldaar aanwezige glastuinbouwkassen, een aantal woningen wordt gebouwd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1604
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202005151/1/R4

202005249/1/R4

Bij besluit van 20 december 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Westvoorne aan de gemeente een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een sportzaal op het perceel Strypsedijk 48 te Tinte. Het bouwplan voorziet in de bouw van een sportzaal. Deze sportzaal zal worden gebruikt door onder meer de lokale gymnastiekvereniging. De sportzaal zal worden gebouwd achter een verenigingsgebouw en aan de voormalige basisschool. Deze basisschool zal in gebruik worden genomen als verenigingsgebouw en het bestaande verenigingsgebouw zal worden gesloopt. [appellante] kan zich niet verenigen met het bouwplan, met name omdat het volgens haar niet past in de bestaande omgeving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1581
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202005249/1/R4

202005479/1/A3

Bij besluit van 22 november 2019 heeft de minister voor Rechtsbescherming de aanvraag van [appellant] voor een Verklaring Omtrent het Gedrag afgewezen. Op 1 september 2019 heeft [appellant] een aanvraag ingediend ter verkrijging van een VOG. Die VOG heeft hij aangevraagd om de door hem gewenste functie van pedagogisch medewerker te kunnen vervullen. De minister heeft bij de beoordeling van de aanvraag van [appellant] de criteria gehanteerd die zijn neergelegd in de Beleidsregels VOG-NP-RP 2018. Daarnaast heeft de minister het specifieke screeningsprofiel ‘gezondheidszorg en welzijn van mens en dier’ op de aanvraag toegepast. Voor de beoordeling van de aanvraag heeft de minister binnen de terugkijktermijn kennisgenomen van de relevante justitiële gegevens in het Justitieel Documentatiesysteem.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1601
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Verklaring omtrent gedrag
  • uitspraakin de zaak202005479/1/A3

202005483/1/R1

Bij besluit van 29 mei 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Kapelle aan [appellant] een omgevingsvergunning verleend voor het uitbreiden van de bestaande woning en het bouwen van een schuur op het perceel [locatie A]. [appellant] heeft op 11 januari 2018 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend voor het uitbreiden van een bestaande woning en het bouwen van een schuur op het perceel [locatie A] in Wemeldinge. Bij besluit van 29 mei 2018 heeft het college de aangevraagde omgevingsvergunning verleend. [partij] woont op het naastgelegen perceel [locatie B] en kan zich niet verenigen met de voorgenomen bouw van de schuur op het perceel [locatie A]. De rechtbank heeft vastgesteld dat het college bij het besluit van 25 september 2019 een nieuwe omgevingsvergunning heeft verleend voor een gewijzigd bouwplan en daarbij heeft verzuimd om de bij het primaire besluit van 29 mei 2018 verleende omgevingsvergunning te herroepen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1587
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202005483/1/R1

202005669/1/R1

Bij besluit van 14 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam besloten tot vaststelling van containerlocaties in de wijk Centrum (Maritiem District). Bij besluit van 14 september 2020 heeft het college onder meer de locatie Glashaven, ter hoogte van huisnummers 7-23, aangewezen als locatie voor twee ondergrondse restafvalcontainers en een ondergrondse glascontainer. Deze locatie wordt in het besluit aangeduid als locatie 4.4. Deze locatie maakt onderdeel uit van het Maritiem District. Het college dient voorzieningen in de buitenruimte te realiseren voor de inzameling van huishoudelijk afval van de schepen gelegen in de Erfgoedhavens. Momenteel vindt die inzameling plaats door middel van rolcontainers die permanent in de buitenruimte staan. Dit is in strijd met de bepalingen uit de Afvalstoffenverordening Rotterdam 2009 en het Uitvoeringsbesluit Afvalstoffen Rotterdam 2018. Daarom heeft het college besloten tot plaatsing van genoemde ORAC’s en glascontainer.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1582
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202005669/1/R1

202005811/1/R4

Uitspraak over het besluit van de minister van Economische Zaken en Klimaat om de winning van gas uit het Groningenveld voor het gasjaar 2020-2021 vast te stellen op 8,1 miljard kubieke meter. Dat is volgens de minister de hoeveelheid gas die nodig is voor de leveringszekerheid. Het kabinet besloot in 2018 om de gaswinning in Groningen te stoppen vanwege de veiligheid van de inwoners van Groningen. Naar verwachting wordt er vanaf medio 2022 geen gas meer gewonnen uit het Groningenveld. De Groninger Bodem Beweging en enkele inwoners van Groningen zijn het niet eens met het besluit van de minister om voor het jaar 2020-2021 deze hoeveelheid gas te winnen en zijn hiertegen in beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Volgens hen wordt met dit besluit de gaswinning uit het Groningenveld onvoldoende beperkt. Zij zijn van mening dat de minister het belang van de leveringszekerheid nog steeds boven het veiligheidsbelang van de Groningers stelt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1609
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak202005811/1/R4
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202005811/1/R4

202006025/1/R1

Bij besluit van 10 september 2020 heeft de raad van de gemeente Amsterdam het bestemmingsplan "Erasmuspark- en Robert Scottbuurt" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in een actualisatie van het huidige planologische regime van de Erasmuspark- en de Robert Scottbuurt in Amsterdam en maakt geen nieuwe grootschalige ontwikkelingen mogelijk. [appellante] is eigenaar van het perceel [locatie A] waar zij op de begane grond kantoor houdt en ook woont. Op haar perceel rust ingevolge het bestemmingsplan de bestemming "Gemengd - 3". Zij kan zich niet verenigen met het bestemmingsplan omdat het gebruik als kantoor met daaraan ondergeschikte bewoning in strijd is met het bestemmingsplan, terwijl dat gebruik op grond van het vorige bestemmingsplan was toegestaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1614
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202006025/1/R1

202100046/1/R4

Bij besluit van 10 november 2020 heeft de raad van de gemeente Amersfoort van de gemeente Amersfoort het bestemmingsplan "Zangvogelweg 140" vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van 2 gebouwen van maximaal 24 m en 60 m hoog op het perceel Zangvogelweg 140 te Amersfoort. Het is de bedoeling om in de gebouwen 165 woningen te realiseren. Het op het perceel aanwezige gebouw is gesloopt ten behoeve van de woningen. Op 21 december 2020 is een omgevingsvergunning aangevraagd voor het realiseren van de woningen. De verenigingen zijn het niet eens met de vaststelling van het plan. Zij voeren aan dat het plan negatieve gevolgen heeft voor het woon- en leefklimaat van omwonenden en daarom niet vastgesteld had mogen worden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1616
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202100046/1/R4

202100575/1/R4

Bij besluit van 12 november 2020 heeft e raad van de gemeente Barneveld besloten het bestemmingsplan "Hunnenweg Vl" niet vast te stellen. Het bestemmingsplan "Grenscorrecties" geldt voor verschillende locaties die liggen in het buitengebied van de gemeente Barneveld. Eén van die locaties is het ongenummerde perceel "Hunnenweg (ong.)" aan de Hunnenweg, ten zuidwesten van de kruising van de Hunnenweg en de Meeuwenveenseweg nabij Voorthuizen, plaatselijk bekend als "Landgoed Prinzenbosch" (hierna: het perceel). Op dit perceel rust, voor zover relevant, de bestemming "Wonen". Het bestemmingsplan maakt op het perceel 15 vrijstaande woningen mogelijk. [appellante A] is eigenaar van het perceel. [appellante A] en [appellante B] willen op het perceel in plaats van de 15 bestemde vrijstaande woningen maximaal 39 woningen ontwikkelen, bestaande uit vrijstaande en aaneengesloten woningen en een gebouw met 7 appartementen en een maximale nokhoogte van 13 m.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1602
Datum uitspraak
21 juli 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202100575/1/R4

202100355/1/V1

Bij besluit van 11 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1573
Datum uitspraak
20 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202100355/1/V1

202101118/2/R2

Bij besluit van 31 augustus 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven Lock & Fly gelast om het met het bestemmingsplan strijdige gebruik van de percelen Luchthavenweg 47A tot en met 49F in Strijp voor de exploitatie van een parkeerterrein te beëindigen en beëindigd te houden, onder verbeurte van een dwangsom van € 10.000,- per week, met een maximum van € 120.000,-. Het college is op basis van controles tot de conclusie gekomen dat de percelen worden gebruikt om bedrijfsmatig parkeerplaatsen aan te bieden. Volgens het college is dat in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Bedrijventerrein Eindhoven Airport". Het college heeft daarom Lock & Fly onder oplegging van een dwangsom gelast het betreffende gebruik te staken en gestaakt te houden. Lock & Fly betwist dat ter plaatse sprake is van exploitatie van een bedrijfsmatig parkeerterrein.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1572
Datum uitspraak
20 juli 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202101118/2/R2

202002793/1/V1

Bij besluiten van 27 juni 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om aan hen een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1635
Datum uitspraak
19 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202002793/1/V1

202006935/1/V3

Bij besluit van 17 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1563
Datum uitspraak
19 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006935/1/V3

202100322/1/V2

Bij besluit van 16 oktober 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat de vreemdeling geen verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan in Nederland meer heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1568
Datum uitspraak
19 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202100322/1/V2

202101372/1/V2

Bij besluit van 26 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1567
Datum uitspraak
19 juli 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202101372/1/V2
vorige pagina1...224225226...1.238volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon