Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 120.530
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202105674/1/V3

Bij besluit van 15 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2325
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202105674/1/V3

202106230/2/V2

Bij besluiten van 23 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hen een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2326
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106230/2/V2

201904316/1/R3

Bij besluit van 19 maart 2019 heeft de raad van de gemeente Westland het bestemmingsplan "1e Herziening Honderdland fase 2" vastgesteld. Op 27 juni 2017 heeft de raad, ter versterking van de agro-logistieke draaischijffunctie, het bestemmingsplan "Honderdland fase 2" vastgesteld. Het plan is na de uitspraak van de Afdeling van 19 september 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3063, onherroepelijk geworden. Het bestemmingsplan "Honderdland fase 2" biedt met name ruimte voor het vestigen van grootschalige bedrijven. Daarnaast is er ruimte voor onder meer horecabedrijven, een congrescentrum, zelfstandige kantoren, één indoor speeltuin en één verkooppunt voor motorbrandstoffen. De raad heeft aan de herziening ten grondslag gelegd dat is gebleken dat de regels voor horecabedrijven in bestemmingsplan "Honderdland fase 2" dermate ruim geïnterpreteerd kunnen worden, dat er onbedoelde planologische ruimte wordt geboden voor gebouwen voor nachtverblijf van arbeidsmigranten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2332
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak201904316/1/R3

201906444/1/A2

Bij besluit van 3 augustus 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] voor het jaar 2017 definitief vastgesteld op € 468,00 en bepaald dat hij het teveel ontvangen voorschot van € 1.580,00 moet terugbetalen. [appellant] heeft een nabetaling van zijn bijstandsuitkering en zijn maandelijkse bijdrage voor de collectieve zorgverzekering ontvangen. Deze nabetaling is meegenomen in het verzamelinkomen van [appellant] voor het jaar 2017 en daarmee van invloed geweest op de definitieve berekening van zijn zorgtoeslag en kindgebonden budget over 2017. [appellant] is het hier niet mee eens. [appellant] betoogt dat zijn inkomen uit 2017 op grond van bijzondere omstandigheden gedeeltelijk moet worden toegerekend aan de jaren 2015 en 2016. De nabetaling heeft betrekking op de periode van december 2015 tot en met juni 2016 en is dus geen inkomen over 2017, maar over 2015 en 2016.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2334
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak201906444/1/A2

201907875/1/A3

Bij besluit van 25 augustus 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maastricht aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd inhoudende dat hij de veldweg gelegen tussen de Stuifkensweg en de Sterkenbergweg binnen een termijn van vier weken in de oude toestand herstelt. [appellant] is eigenaar van de landbouwpercelen B 1375 en B 1376 die ten oosten van de Stuifkensweg te Itteren liggen. [partij] is eigenaar van het daaraan grenzende landbouwperceel [...]. Het perceel van [partij] kan via een op de landbouwpercelen van [appellant] gelegen veldweg worden bereikt. Op een zeker moment in 2017 is een strook van de veldweg omgeploegd. [partij] heeft het college bij brief van 17 juli 2017 verzocht handhavend op te treden en de veldweg te (laten) herstellen. Volgens [partij] kon een tractor met aanhangwagen in het verleden nog over de veldweg rijden, maar is de veldweg door het omploegen zodanig versmald dat hij zijn landbouwperceel niet meer op deze wijze kan bereiken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2350
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak201907875/1/A3

202000282/1/R2

Bij besluit van 3 december 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming, vergunning verleend aan Windpark De Pals B.V voor de bouw en exploitatie van vier windturbines op met kadastrale nummers genoemde locaties in de gemeente Bladel. Het besluit heeft betrekking op de gevolgen die de bouw en exploitatie van windpark De Pals heeft of kan hebben voor nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Het windpark bestaat uit vier windturbines in lijnopstelling inclusief bijbehorende voorzieningen. Het windpark is gelegen langs de noordzijde van de rijksweg A67, met een tiphoogte van maximaal 240 m. Voor dit project is ook een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, b, c en e en artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder d, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2304
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bouwen
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202000282/1/R2

202001561/1/R2

Bij besluit van 26 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bladel een omgevingsvergunning verleend op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Deze vergunning is verleend ten behoeve van een windturbinepark bestaande uit vier windturbines met bijbehorende voorzieningen op vier percelen direct ten noorden van de A67, in het buitengebied van Bladel, voor een periode van 25 jaar. De omgevingsvergunning maakt de realisatie mogelijk van een windpark bestaande uit vier windturbines in lijnopstelling, inclusief bijbehorende voorzieningen. Het windpark is gelegen langs de noordzijde van de rijksweg A67, met een tiphoogte van maximaal 240 m. De vergunning is verleend voor de activiteiten bouwen, de aanleg van een weg, gebruik in strijd met het bestemmingsplan. Voor dit project is ook een vergunning als bedoeld in artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2305
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202001561/1/R2

202002678/1/R1

Bij afzonderlijke besluiten van 16 mei 2018 heeft het dagelijks bestuur aan Beach Resort Nieuwvliet B.V. een watervergunning en ontheffing van de Keur Wegen waterschap Scheldestromen 2011 verleend voor het asfalteren van een tijdelijke toegangsweg over een deel van de Nieuwehovendijk te Nieuwvliet en het maken van een tijdelijke oprit naar het bouwterrein. De werkzaamheden waar de watervergunning en de ontheffing op zien betreffen het asfalteren van een tijdelijke toegangsweg over een nader aangeduid deel van de Nieuwehovendijk te Nieuwvliet met een lengte van ongeveer 60 m en het maken van een tijdelijke oprit naar het bouwterrein. De werkzaamheden worden uitgevoerd in het waterstaatswerk van de regionale waterkering van de Nieuwehovendijk. Daarom is voor deze werkzaamheden een watervergunning vereist. De bouwroute fase II Beach Resort Nieuwvliet loopt voorts vanaf de Provincialeweg (N675) - Sint Jansdijk - Dwarsdijk - Nieuwehovendijk (tot ongeveer 60 meter buiten de bebouwde kom).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2343
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Waterwet
  • uitspraakin de zaak202002678/1/R1

202002768/1/R1

Bij besluit van 13 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sluis aan Beach Resort Nieuwvliet B.V. omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een strandbrug en het treffen van natuurmaatregelen tussen Vakantiepark Nieuwvliet-Bad en het Noordzeestrand. Het project ziet op de bouw van een strandbrug voor voetgangers die het Beach Resort Nieuwvliet-Bad zal verbinden met het Noordzeestrand aan de andere zijde van de zeewering. De strandbrug wordt gerealiseerd in combinatie met natuurmaatregelen. Die maatregelen zien op het vergroten van de geul, het verruimen van de zandrug voor kustbroedvogels en het ontgraven van het geulenstelsel. [appellante] is eigenaresse van de recreatiewoning op het adres [locatie] te Sluis, dat op ongeveer 350-400 m afstand van het betrokken gebied is gelegen. Naar het oordeel van de rechtbank kan eiseres met betrekking tot de verleende omgevingsvergunning voor de strandbrug niet als belanghebbende in de zin van de Awb worden aangemerkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2345
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202002768/1/R1

202004317/1/R2

Bij besluit van 16 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Eindhoven het bestemmingsplan "I Philipsdorp 2013 (Langdonkenstraat)" gewijzigd vastgesteld. Het plan en de omgevingsvergunning voorzien in de bouw van dertien woningen en een parkeervoorziening, met een gemeenschappelijke binnentuin. Het plangebied ligt in een hoogstedelijk gebied binnen de Ring van Eindhoven en nabij het stadscentrum, in de wijk Philipsdorp. In de huidige situatie is het plangebied braakliggend terrein tussen de Hubertastraat, Langdonkenstraat en de Draaiboomstraat. CPO Philips, een samenwerkingsverband van dertien huishoudens, is de initiatiefnemer voor het woningbouwproject. Appellanten vrezen dat het plan leidt tot nadelige gevolgen voor hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2338
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202004317/1/R2

202004427/1/R1

Bij besluit van 23 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Reimerswaal het bestemmingsplan "Klooster van Rilland" vastgesteld. Het "Klooster van Rilland" staat op het perceel Hoofdweg 60 in Rilland, gelegen aan de westelijke entree van Rilland. Het perceel grens aan de zuidzijde aan de woonpercelen van de Gardiaanhof en aan de oostzijde aan de woningen van de Pontiaanstraat. Op grond van het bestemmingsplan "Klooster van Rilland" is in de bebouwing op het perceel plaats voor de huisvesting van 200 arbeidsmigranten. De initiatiefnemers van het in beroep bestreden plan, [bedrijf] en Rafaly B.V., zijn voornemens om het aantal arbeidsmigranten dat wordt gehuisvest in het klooster, uit te breiden naar 300. Daartoe wordt een deel van de bestaande bebouwing gesloopt en wordt nieuwe bebouwing opgericht. Voorliggend plan maakt dit mogelijk. [appellant A] en [appellant B] stellen zich op het standpunt dat voorliggend bestemmingsplan hun woon- en leefklimaat aantast en dat hun woning daardoor in waarde vermindert.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2331
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zeeland
  • uitspraakin de zaak202004427/1/R1

202004469/1/R2

Bij besluit van 21 oktober 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant ontheffing verleend van de verbodsbepalingen uit de artikelen 3.1, eerste lid en 3.5, eerste lid van de Wet natuurbescherming voor in het besluit genoemde vogel- en vleermuissoorten. Daarnaast heeft het college ontheffing verleend van de verbodsbepalingen uit de artikelen 3.5, eerste, tweede en vierde lid, artikel 3.6, tweede lid, van de Wnb en artikel 3.10, eerste lid, onder a en b, voor de in het besluit genoemde reptielen en amfibieën. Tot slot heeft het college de aanvraag om een ontheffing afgewezen voor de vogelsoorten paapje, grauwe gans en kolgans. De verleende ontheffing heeft betrekking op de gevolgen die de bouw en exploitatie van windpark De Pals heeft of kan hebben voor op grond van de Wnb beschermde soorten. Het windpark bestaat uit vier windturbines in lijnopstelling, inclusief bijbehorende voorzieningen. Het windpark ligt langs de noordzijde van de rijksweg A67, met een tiphoogte van maximaal 240 m.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2306
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bouwen
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202004469/1/R2

202005023/1/A3

Bij besluit van 17 juni 2019 heeft de burgemeester van Tilburg de aan [appellant] verleende vergunning op grond van de Drank- en Horecawet en de exploitatievergunning ingetrokken. [appellant] exploiteerde een horeca-inrichting, [bedrijf], in Tilburg. Op 22 januari 2015 heeft de burgemeester aan [appellant] een DHW-vergunning, een exploitatievergunning en een aanwezigheidsvergunning voor het mogen plaatsen van twee kansspelautomaten in zijn horeca-inrichting voor de duur van vier jaar verleend. Uit een rapport blijkt dat op 2 maart 2018 bij een controle bij [bedrijf] is geconstateerd dat in de horeca-inrichting laptops aanwezig waren die werden gebruikt als kansspelautomaat, zonder dat deze laptops voorzien waren van een merkteken. Dit is een overtreding van de Wet op de kansspelen. Hij heeft [appellant] gevraagd om een vragenformulier in te vullen. [appellant] heeft dit niet gedaan. Omdat [appellant] de gevraagde gegevens niet heeft verstrekt, heeft de burgemeester de vergunningen ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2329
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202005023/1/A3

202005520/1/A3

Bij besluit van 20 augustus 2020 heeft de burgemeester van Rotterdam aan [wederpartij] een zogenaamd huisverbod opgelegd. Bij besluit van 20 augustus 2020 heeft de burgemeester [wederpartij] gelast de woning aan de [locatie] te Rotterdam onmiddellijk te verlaten en voor de duur van tien dagen niet te betreden, daarin aanwezig te zijn of zich daarbij op te houden. Dit besluit zal verder worden genoemd: het huisverbod. Hoewel [wederpartij] niet op dat adres woont, acht de burgemeester dit huisverbod noodzakelijk omdat de bewoonster - zijn ex-vrouw - nog vaak verbaal door [wederpartij] met de dood wordt bedreigd. De vrouw is de Nederlandse taal niet machtig en lijkt onvoldoende weerbaar. Door het opleggen van het huisverbod kan volgens de burgemeester nogmaals worden gekeken naar een passend hulpaanbod voor alle betrokken partijen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2349
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Huisverbod
  • uitspraakin de zaak202005520/1/A3

202005526/1/R2

Bij besluit van 15 november 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Groningen EEW vergunning verleend op grond van de Wet natuurbescherming voor het uitbreiden van de huidige inrichting met en het inwerking hebben van een derde afvalverbrandingslijn bij EEW, Oosterhorn 38 te Farmsum, gemeente Delfzijl (vanaf 1 januari 2021: gemeente Eemsdelta). Deze zaak gaat over de afvalenergiecentrale van EEW op het perceel Oosterhorn 38 te Farmsum. Bij besluit van 15 november 2019 heeft het college een vergunning op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wnb, zoals dat toen luidde, verleend voor het uitbreiden van de huidige inrichting met, en het in werking hebben van, een derde afvalverbrandingslijn op het perceel. Voor de eerste twee afvalverbrandingslijnen van de afvalenergiecentrale is op 13 juni 2007 een Natuurbeschermingswet 1998-vergunning verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2341
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202005526/1/R2

202005537/1/A2

Bij besluiten van 3 juni 2019 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand aanvragen om toevoegingen te verlenen voor rechtsbijstand aan [appellante] in een verzetprocedure en een voorlopige voorzieningprocedure afgewezen. [appellante] heeft op 19 oktober 2018 een aanvraag om een toevoeging ingediend voor rechtsbijstand in beroep tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag. De raad heeft die aanvraag afgewezen. Daarna heeft de raad dit besluit herzien en alsnog een toevoeging verleend. Het door [appellante] tegen het besluit van 9 januari 2019 gemaakte bezwaar heeft de raad bij besluit van 17 juni 2019 ongegrond verklaard. [appellante] heeft hiertegen beroep ingesteld, maar heeft dit beroep uiteindelijk ingetrokken. Op 27 november 2018 heeft de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, in de asielprocedure het beroep van [appellante] tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag gegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid verzet gedaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2351
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202005537/1/A2

202005560/1/A3

Bij besluit van 10 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een aanvraag van [wederpartij] om verlenging van een voorrangsverklaring afgewezen. Tegen dat besluit heeft [wederpartij] op 2 augustus 2019 bezwaar gemaakt. Het college heeft bij het besluit van 7 november 2019 het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Volgens het college waren de gronden van het bezwaar niet tijdig ingediend. Dat is in strijd met artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Algemene wet bestuursrecht, aldus het college. [wederpartij] heeft tegen het besluit op bezwaar beroep ingesteld. De rechtbank heeft daarop geoordeeld dat het college ten onrechte het door [wederpartij] gemaakte bezwaar tegen het besluit van 10 juli 2019 niet-ontvankelijk heeft verklaard. De door [wederpartij] op 6 september 2019 ingediende gronden zijn weliswaar naar het verkeerde e-mailadres binnen de gemeenteorganisatie toegezonden, maar dat betekent niet dat de gronden niet tijdig zijn ingediend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2333
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202005560/1/A3

202005944/1/R1

Bij besluit van 3 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam [partij A] en [partij B] als exploitanten van de bakkerswinkel aan de [locatie 1] te Amsterdam onder aanzegging van bestuursdwang gelast om het voeren van een mengformule in de bakkerswinkel te staken en gestaakt te houden. Omelette du Fromage exploiteert op de eerste bouwlaag van het pand op het perceel bakkerswinkel "Andere Koek". Op 22 augustus 2018 hebben toezichthouders van de gemeente geconstateerd dat in de winkelruimte eettafels en stoelen stonden en broodjes werden klaargemaakt ten behoeve van directe consumptie. Bij het in bezwaar gehandhaafde besluit van 3 september 2018 heeft het college onder aanzegging van bestuursdwang gelast om het gebruik en of exploitatie van het horecadeel/-bedrijf (mengformule) en het gebruik als eetwinkel te (laten) staken en gestaakt te houden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2342
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202005944/1/R1

202006379/1/R2

Bij besluit van 1 oktober 2020 heeft de raad van de gemeente Gemert-Bakel het bestemmingsplan "Hollevoort 3a te Bakel" gewijzigd vastgesteld. Het plan voorziet in een bedrijfsbestemming op het noordelijke deel van het perceel Hollevoort 3a in Bakel, gemeente Gemert-Bakel. De ontsluiting van het bedrijfsverkeer daarvan is voorzien op de Houtakker, op het bedrijventerrein Bolle Akker. In het plan is de in-/uitrit naar deze verkeersontsluiting opgenomen. [appellant] woont in een bedrijfswoning aan de [locatie]. Hij is het niet eens met het plan. De in het plan voorziene in-/uitrit leidt volgens hem tot aantasting van zijn woon- en leefklimaat, omdat het verkeer van het voorziene bedrijf daarmee langs zijn woning komt. In het ontwerpplan was de ontsluiting van verkeer ten behoeve van zowel de bedrijfswoning als het bedrijfsperceel voorzien aan de oostelijke kant, door aansluiting op de daar gelegen weg Hollevoort. Naar aanleiding van een zienswijze van [partij A] heeft de raad het plan gewijzigd vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2347
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202006379/1/R2

202006610/1/A3

Bij besluit van 17 oktober 2018 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van [appellanten] voor een Nederlands paspoort voor [zoon] niet in behandeling genomen. [appellanten], die niet met elkaar getrouwd zijn, hebben op 26 september 2018 een aanvraag ingediend voor een Nederlands paspoort voor [zoon]. Daarbij is een geboorteakte, volet nummer 1, gevoegd waaruit blijkt dat [zoon] op [...] 2013 in Guinee geboren zou zijn als zoon van [appellanten]. De erkenning van [zoon] door [appellant A] heeft volgens volet nummer 1 op 3 april 2013 door de aangifte van de geboorte in Guinee plaatsgevonden. De minister heeft de aanvraag op 17 oktober 2018 niet in behandeling genomen. [appellant A] heeft op 8 september 2009 het Nederlanderschap verkregen. [appellant A] heeft niet de Nederlandse, maar de Guineese nationaliteit. Volgens de Basisregistratie personen is [appellant A] op [...] 2011 gehuwd met een andere vrouw.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2344
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Paspoort
  • uitspraakin de zaak202006610/1/A3

202006878/1/R1

Bij besluit van 3 november 2020 heeft het dagelijks bestuur van het stadsdeel Nieuw-West onder meer de locatie M. Gandhilaan 2-8 aangewezen als locatie voor drie ondergrondse restafvalcontainers, een ondergrondse papiercontainer en een ondergrondse glascontainer. Daarbij heeft het dagelijks bestuur onder meer de locatie M. Gandhilaan 2-8 aangewezen als nieuwe afvalinzamellocatie waar drie ondergrondse restafvalcontainers, een ondergrondse papiercontainer en een ondergrondse glascontainer geplaatst zullen worden. Deze locatie wordt in het besluit aangeduid als locatie 84a-07. [appellant] woont op het perceel [locatie]. Hij kan zich niet verenigen met de plaatsing van de containers op locatie 84a-07, omdat hij vreest voor de aantasting van zijn woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2328
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202006878/1/R1

202006907/1/A3

Bij besluit van 5 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Almere een aanvraag van [appellant] om verlening van een urgentieverklaring afgewezen. Op 26 mei 2019 heeft [appellant] het college verzocht hem een urgentieverklaring te verlenen. [appellant] is in 2015 opgenomen geweest in verband met spierafbraak na een flinke inspanning. Hij had verlammingsverschijnselen en braakte bloed. Om weer te leren lopen heeft hij fysiotherapie gehad. Ook heeft hij moeten leren omgaan met hevige hoofdpijn. Hij moet oefeningen doen, op vaste tijden medicatie tot zich nemen en voldoende rust nemen. Van die medicatie heeft hij bij zijn aanvraag een lijst gevoegd. Het was lastig om rust te nemen, omdat hij in een woning woonde met zijn moeder en vier zussen. Hij sliep in een bergruimte die zijn moeder als kamer voor hem had ingericht. De ruimte was klein, vochtig, koud en zat onder de schimmel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2336
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202006907/1/A3

202007038/1/R1

Bij besluit van 3 november 2020 heeft het dagelijks bestuur van het stadsdeel Nieuw-West onder meer de locatie Ernst Cahnsingel 16 aangewezen als locatie voor drie ondergrondse restafvalcontainers en een ondergrondse papiercontainer. Het dagelijks bestuur heeft besloten om nieuwe afvalinzamellocaties aan te wijzen, bestaande afvalinzamellocaties op te heffen en bestaande afvalinzamellocaties te wijzigen ten aanzien van het aantal containers dat zich per locatie bevindt. Vereniging Woongroep de Akersingel is een samenwerkingsverband van de bewoners van de adressen Geertruida van Lierstraat 57 tot en met 87. Zij kan zich niet met het besluit verenigen omdat volgens haar de bestaande situatie geen wijziging behoeft en omdat zij vreest voor aantasting van het woon- en leefklimaat van de bij haar aangesloten bewoners.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2327
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202007038/1/R1

202007065/1/R2

Bij brief van 1 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heeze-Leende [appellant] bericht dat geen medewerking zal worden verleend aan het door hem ingediende verzoek tot het aanpassen van de trottoirband ter hoogte van het pand [locatie] te Heeze. Op 20 augustus 2019 heeft [appellant] vanwege zijn lichamelijke beperkingen het college verzocht om de stoep voor zijn woning aan de [locatie] aan te passen. Bij brief van 1 oktober 2019 heeft het college [appellant] bericht dat geen medewerking zal worden verleend aan het door hem ingediende verzoek. De rechtbank heeft het beroep van [appellant] niet-ontvankelijk verklaard vanwege het niet-betalen van het griffierecht. [appellant] heeft in beroep aangevoerd dat hij slechts één maal griffierecht verschuldigd was vanwege samenhang met een zaak over de toekenning van bijzondere bijstand voor diverse kosten op grond van de Participatiewet.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2339
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202007065/1/R2

202007153/1/R1

Bij onderscheiden besluiten van 11 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Helder locaties PC07 tot en met PC12 en PC52 tot en met PC55, in de Indische Buurt in Den Helder, aangewezen voor de plaatsing van ondergrondse restafvalcontainers. De Belangenvereniging is het niet eens met de aanwijzing van die locaties. Zij heeft naast procedurele aspecten onder meer aangevoerd dat het overstappen naar een systeem waarbij huishoudelijk restafval wordt ingezameld via ORAC’s niet deugdelijk is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2337
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202007153/1/R1

202100589/1/R4

Bij besluit van 10 december 2020 heeft de raad van de gemeente Ede het bestemmingsplan "Lunteren, Tuin van Euterpe (Dorpstraat 35)" vastgesteld. Het plan voorziet in het realiseren van woningen op het terrein van Vereniging Fanfarecorps Kunst Na Arbeid. Er komt een nieuw gebouw voor de KNA aan de rand van Lunteren. Het terrein kan daarom worden herontwikkeld. Met het plan wordt planologisch mogelijk gemaakt om 13 seniorenwoningen te realiseren, waarvan 10 op het deel van het terrein dat grenst aan de achterzijde van het perceel van [appellant]. De afstand tussen de perceelgrens van [appellant] en de woningen waarin het plan voorziet bedraagt ongeveer 5,5 m. [appellant] zal in de toekomst zicht hebben op deze woningen vanaf zijn perceel. Op dit moment staan er 16 bomen op de beoogde locatie. Op het deel van de locatie waar de 10 seniorenwoningen worden gerealiseerd en waartegen [appellant] opkomt rust de bestemming "Wonen" met de bouwaanduiding "gestapeld".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2335
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202100589/1/R4

202101563/1/R1

Bij besluit van 30 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht de locatie nabij het perceel [locatie 1] te Utrecht definitief aangewezen voor de plaatsing van een ondergrondse restafvalcontainer. [appellant] en anderen wonen op de percelen [locatie 2], [locatie 3], [locatie 4] en [locatie 1], [locatie 5] en [locatie 6]. De woning [locatie 6] staat op de hoek van de Egelantierstraat en de Orchideestraat. De orac zal worden geplaatst op een parkeervak naast de gevel van een schuur, gelegen achter de woning aan de [locatie 6]. Op de erfscheiding, die loopt van de schuur tot de woning staat een stenen muur met een poort. Deze poort dient, volgens de bewoners, in de dagelijks praktijk als toegang tot de woning, die via deze poort en de daarachter gelegen tuin kan worden bereikt. [appellant] en anderen betogen dat het college bij het aanwijzen van de locatie in strijd heeft gehandeld met de richtlijnen die het hiervoor hanteert.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2340
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202101563/1/R1

202101574/1/R4

Bij besluit van 4 februari 2021 heeft de raad van de gemeente Oldebroek het bestemmingsplan "Oldebroek, brandweerkazerne" vastgesteld. Het plangebied heeft een oppervlakte van ongeveer 2.340 m2 en is gesitueerd aan de Zuiderzeestraatweg aan de oostzijde van Oldebroek. In de huidige situatie is geen bebouwing in het plangebied aanwezig. Een strook aan de westzijde van het plangebied is verhard ten behoeve van het aangrenzende bedrijf aan de [locatie]. Het bestemmingsplan voorziet in de realisatie van een brandweerkazerne, die de oude brandweerkazerne aan de Spronkweg 12 in Oldebroek moet vervangen. Volgens [appellant sub 2] en [appellant sub 1] en anderen is het bestemmingsplan in strijd met een goede ruimtelijke ordening omdat de verkeersveiligheid niet kan worden gewaarborgd door het plan. Daarnaast heeft de raad volgens hen een onjuiste belangenafweging verricht, waardoor de landschappelijke waarden in het gebied waarin het plangebied ligt, worden aangetast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2330
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202101574/1/R4

202105166/1/A3

De NOS en de NTR hebben bij de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport op 28 en 29 mei 2020 in totaal drie verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur ingediend. De NOS en de NTR verzorgen het programma Nieuwsuur. Zij hebben bij de minister op 28 en 29 mei 2020 drie verzoeken ingediend op grond van de Wob. De verzoeken van de NOS en de NTR hebben volgens de minister betrekking op bijna 25.000 documenten. De NOS en de NTR zijn van mening dat niet tijdig is besloten op de drie Wob-verzoeken en hebben beroep ingesteld wegens het uitblijven van een besluit. Volgens hen is de door de minister toegepaste werkwijze in strijd met de Wob. Vast staat en ook niet in geschil is dat de minister ten tijde van de procedure bij de rechtbank geen besluiten had genomen op de verzoeken van de NOS en de NTR. De Afdeling zal moeten beoordelen of de naar aanleiding van de uitspraak van de rechtbank aangepaste gefaseerde werkwijze van de minister in overeenstemming is met de Wob.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2348
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202105166/1/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202105166/1/A3

202105303/1/A3

Op 2 februari 2021 heeft [appellant] bij de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport vier verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur ingediend. [appellant] is als onderzoeksjournalist verbonden aan The Investigative Desk. In het kader van zijn werk heeft hij bij de minister op 2 februari 2021 met betrekking tot de coronapandemie vier verzoeken op grond van de Wob ingediend. De verzoeken van [appellant] hebben volgens de minister betrekking op ongeveer 310.000 documenten. [appellant] heeft beroep ingesteld wegens het uitblijven van een besluit op zijn Wob-verzoeken. Hij betoogt dat de minister zijn verzoeken direct onder een aangepast werkproces heeft geschaard terwijl hij daar niet mee heeft ingestemd. Vast staat en ook niet in geschil is dat de minister ten tijde van de procedure bij de rechtbank geen besluiten had genomen op de verzoeken van [appellant]. De Afdeling moet beoordelen of de gefaseerde werkwijze van de minister in overeenstemming is met de Wob.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2346
Datum uitspraak
20 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202105303/1/A3

202002924/1/V2

Bij besluit van 4 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2322
Datum uitspraak
19 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202002924/1/V2

202006185/1/V1

Bij besluit van 15 mei 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: mvv) te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2321
Datum uitspraak
19 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202006185/1/V1

202105214/2/R3

Bij besluit van 2 juni 2021 heeft de raad van de gemeente Groningen het bestemmingsplan "De Suikerzijde, deelgebied noord" vastgesteld. Het plan maakt de realisatie van 750 woningen, alsmede commerciële, maatschappelijke, infrastructurele en groenvoorzieningen mogelijk. Het plan is onderdeel van het project De Suikerzijde dat een nieuwe woonwijk behelst van in totaal circa 5.000 woningen, commerciële en maatschappelijke voorzieningen, infrastructurele en openbaar vervoersvoorzieningen en groenvoorzieningen. De Stichting Natuur- en Milieufederatie Groningen en anderen zijn diverse organisaties die zich inzetten voor het behoud van de natuur en het milieu. Zij vrezen dat het plan leidt tot schade aan de aanwezige natuur binnen het plangebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2320
Datum uitspraak
19 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Groningen
  • uitspraakin de zaak202105214/2/R3

202105784/2/V3

Bij besluiten van 13 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hen een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2323
Datum uitspraak
19 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105784/2/V3

202106179/2/V3

Bij besluit van 9 september 2020 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2317
Datum uitspraak
18 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202106179/2/V3

202106257/2/V2

Bij besluit van 20 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2319
Datum uitspraak
18 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106257/2/V2

202106327/2/V3

Bij besluit van 14 april 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2318
Datum uitspraak
18 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202106327/2/V3

202006879/1/V3

Bij besluit van 9 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2311
Datum uitspraak
15 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006879/1/V3

202102925/3/V3

Bij uitspraak van 30 juni 2021 in zaak nr. 202102925/1/V3 heeft de Afdeling de door de vreemdeling in hoger beroep aangevallen uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 30 april 2021 in zaak nr. NL21.4680 bevestigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2312
Datum uitspraak
15 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202102925/3/V3

202105584/2/V2

Bij besluit van 13 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2313
Datum uitspraak
15 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105584/2/V2

202106160/2/V2

Bij besluit van 20 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2310
Datum uitspraak
15 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106160/2/V2

202106166/2/V2

Bij besluit van 20 mei 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2316
Datum uitspraak
15 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106166/2/V2

202106178/2/V2

Bij besluit van 19 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2314
Datum uitspraak
15 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106178/2/V2

202106385/2/V2

Bij besluit van 2 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2315
Datum uitspraak
15 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106385/2/V2

202101048/3/R2

Bij het besluit van 18 december 2020 hebben provinciale staten van Limburg het inpassingsplan "Uitbreiding VDL Nedcar" vastgesteld. Het provinciale inpassingsplan strekt tot de uitbreiding van de autofabriek van VDL Nedcar in Born met een tweede productielijn. Het inpassingsplan maakt daarvoor extra bebouwing, vergroting van het huidige bedrijfsterrein in noordelijke, oostelijke en zuidelijke richting en aanpassingen aan de omliggende infrastructuur mogelijk. De verleende omgevingsvergunning maakt het vellen mogelijk van bomen en houtopstanden. Het verzoek strekt ertoe voormelde besluiten te schorsen totdat de Afdeling in de hoofdzaak uitspraak heeft gedaan. Hiermee wil de stichting voorkomen dat al hangende de beroepsprocedure met het kappen van de bomen in het Sterrebos en het aangrenzend populierenbos, zal worden begonnen, wat tot onomkeerbare gevolgen zal leiden voor zowel de bomen als voor de daar aanwezige beschermde soorten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2303
Datum uitspraak
14 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Inpassingsplan
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202101048/3/R2

202102648/1/V2

Bij besluit van 14 december 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en tegen hem een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2301
Datum uitspraak
14 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102648/1/V2

202105315/2/R3

Bij besluit van 8 juli 2021 heeft de raad van de gemeente Rotterdam het bestemmingsplan "Oude Noorden en Agniesebuurt" vastgesteld. Uit de plantoelichting blijkt dat de raad hiermee wil voorzien in een plan ter actualisatie van verschillende bestemmingsplannen, met een overwegend consoliderend karakter. Soetendaal B.V. is eigenaar van het complex Hoyledestraat 35 tot en met 39 en Soetendaalseweg 95 tot en met 103 te Rotterdam. Soetendaal B.V. wil de locatie herontwikkelen en wil daartoe de huidige bebouwing slopen. In het voorliggende plan is aan de gronden van het complex onder meer de dubbelbestemming "Waarde - Cultuurhistorie 2" toegekend. Op grond van artikel 38, lid 38.2.1, van de planregels is het op grond van deze bestemming verboden om zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het college van burgemeester en wethouders bouwwerken geheel of gedeeltelijk te slopen, al dan niet in het kader van verbouwingswerkzaamheden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2302
Datum uitspraak
14 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202105315/2/R3

202106165/2/V2

Bij besluit van 21 mei 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2307
Datum uitspraak
14 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106165/2/V2

202106485/2/V2

Bij besluit van 16 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2309
Datum uitspraak
14 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106485/2/V2

202105387/2/R1

Bij besluit van 29 juni 2021 heeft de raad van de gemeente Reimerswaal het bestemmingsplan "Herontwikkeling kerklocatie Bathseweg, Rilland" vastgesteld. Het plan voorziet in maximaal negen appartementen met berging in het oosten van de kern van Rilland. Het plangebied wordt begrensd door de Bathseweg aan de noordzijde, de Burgemeester Jobselaan aan de oost- en zuidzijde en de Valckenisseweg aan de westzijde. De maatschap exploiteert ten westen van het plangebied een akkerbouw- en veeteeltbedrijf aan de [locatie]. Zij kan zich niet verenigen met het plan omdat zij vreest voor klachten van de toekomstige bewoners vanwege geur- en geluidoverlast vanwege haar bedrijf en derhalve voor een beperking van haar bedrijfsvoering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2262
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zeeland
  • uitspraakin de zaak202105387/2/R1

202106105/2/V3

Bij besluit van 16 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2263
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106105/2/V3

202106192/1/V3

Bij besluit van 30 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2300
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202106192/1/V3

201905212/1/A3

Bij besluit van 5 juli 2017 heeft de KSA aan Simbat en [appellant sub 3] gezamenlijk een boete opgelegd wegens overtreding van de Wet op de kansspelen (hierna: de Wok) ter hoogte van € 270.000,-. Zij zijn voor de betaling van de boete elk hoofdelijk aansprakelijk. Bij datzelfde besluit heeft de KSA een boete aan Spinity opgelegd wegens overtreding van de Wok ter hoogte van € 100.000,-. De KSA heeft Simbat in 2012 en in 2013 aangeschreven in verband met het aanbieden van kansspelen via de websites Riverbingo.com, Eurocazino.com en Slotplaza.com. In 2014 heeft de KSA meldingen ontvangen over de websites 777bingo.nl, Jojobingo.nl en Bingolot.nl. Verder heeft de KSA in 2015 meldingen ontvangen over de Facebookpagina Simbatgokkasten, over gokken bij Simbat met betaling via 0909-nummers, over Eurocazino.com en over Simbatgokkasten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2295
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak201905212/1/A3

201907130/1/V3

Bij besluit van 30 december 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat de vreemdeling geen duurzaam verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan in Nederland meer heeft. De vreemdeling heeft de Britse nationaliteit. Tussen 1993 en 2009 heeft zij samen met haar ouders, die beiden ook de Britse nationaliteit hebben, in Nederland gewoond. Met ingang van 1 juni 1993 beschikte de vreemdeling over een verblijfsdocument als burger van de Unie. In september 2009 is de vreemdeling verhuisd naar het VK om daar te gaan studeren. Op 26 oktober 2010 is aan de vreemdeling een verblijfsdocument verstrekt dat vermeldt dat zij een duurzaam verblijfsrecht als burger van de Unie in Nederland heeft. De staatssecretaris heeft aan de besluiten van 30 december 2018 en 29 januari 2019 ten grondslag gelegd dat de vreemdeling, gelet op de hiervoor vermelde feiten, haar duurzaam verblijfsrecht heeft verloren, omdat zij langer dan twee jaar afwezig is geweest uit Nederland.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2279
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Verwijzingsuitspraak
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201907130/1/V3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201907130/1/V3

201908664/1/A2

Bij besluit van 23 mei 2018, aangevuld bij besluit van 1 juni 2018, heeft de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen [appellant] rijgeschikt verklaard voor de rijbewijscategorieën B, BE en T, tot en met 30 juni 2023, en voor de rijbewijscategorieën C, CE, C1, C1E, D, DE, D1 of D1E, voor zover in het bezit van [appellant], voor een termijn van vijf jaar. [appellant] heeft op 20 januari 2018 een aanvraag ingediend voor verkrijging van een verklaring van geschiktheid voor de rijbewijscategorieën T, C1, C, C1E en CE. Voor de beoordeling door het CBR of een dergelijke verklaring kan worden verstrekt, is in dit geval nader onderzoek door een psychiater noodzakelijk geacht. Het CBR heeft [appellant] daarvoor verwezen naar een psychiater. In het rapport van 17 mei 2018 heeft de keurend psychiater geconcludeerd dat sprake is geweest van een persoonlijkheidsstoornis en een depressieve stoornis, die sinds begin 2017 in langdurige volledige remissie zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2275
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Schadevergoeding
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak201908664/1/A2

202002564/1/A3

Bij besluit van 13 september 2018 heeft de burgemeester van Deurne een horeca-exploitatievergunning verleend aan Baroef B.V. Het Dinghuis is een restaurant aan het Haageind 39 te Deurne. Bij besluit van 11 mei 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders aan Baroef B.V. een omgevingsvergunning verleend die ertoe strekt dit gebruik van het Dinghuis als horecagelegenheid mogelijk te maken. [appellant] en anderen hebben bezwaar gemaakt tegen het besluit van 13 september 2018. Bij besluit van 11 maart 2019 heeft de burgemeester het bezwaar ongegrond verklaard en het besluit van 13 september 2018 in stand gelaten onder nadere motivering van voorschrift 2 van de vergunning ter verduidelijking van het onderscheid in gebruik tussen de begane grond en eerste etage. Volgens de burgemeester mag het Dinghuis op de eerste verdieping niet, maar op de begane grond wel met horeca als hoofdfunctie geëxploiteerd worden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2276
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202002564/1/A3

202003017/1/A2

Bij besluit van 21 februari 2019 heeft de directie van de Dienst Wegverkeer de erkenning van [appellant sub 2] voor het uitvoeren van algemene periodieke keuringen voor de categorie voertuigen tot en met 3500 kg voor twaalf weken ingetrokken. [appellant sub 2] exploiteert het bedrijf [bedrijf] te [plaats]. Dit bedrijf is erkend als APK keuringsplaats. Aan [appellant sub 2] zelf is de keuringsbevoegdheid toegekend. Op 20 november 2018 heeft de RDW in het kader van de uitvoering van het toezicht op de keuringsbevoegdheid APK een steekproefherkeuring uitgevoerd op het voertuig met kenteken […]. Daarbij is vastgesteld dat het voertuig op twee punten niet aan de APK keuringseisen voldeed. De steekproefcontroleur heeft vastgesteld dat de loadindex van twee achterbanden van het voertuig kleiner was dan de maximum aslast. De loadindex was 88 terwijl deze 92 had moeten zijn. [appellant sub 2] heeft op grond daarvan twee keer 1,0 strafpunt toegekend gekregen, resulterend in een totaal van 2,0 strafpunten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2265
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202003017/1/A2

202003210/1/A3

Bij besluit van 16 november 2018 heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante sub 2] een bestuurlijke boete opgelegd van € 37.500,00 wegens overtreding van het Arbeidsomstandighedenbesluit en van de Arbeidsomstandighedenwet. Op 5 februari 2018 heeft zich een arbeidsongeval voorgedaan. Het arbeidsongeval is op 23 februari 2018 gemeld. Naar aanleiding van de melding is een arbeidsinspecteur voor onderzoek naar de locatie van het arbeidsongeval gegaan. De arbeidsinspecteur heeft zijn bevindingen neergelegd in een op ambtsbelofte opgemaakt boeterapport. Vier werknemers van [appellante sub 2] waren bezig met het snoeien van bomen en struiken. Een omgezaagde boom was te water geraakt. De boom werd uit het water gesleept door middel van een touw dat was bevestigd aan de trekhaak van een bedrijfsauto. Bij het oprijden van de auto werd het slachtoffer, doordat het achter hem op de brug gelegen touw strak gespannen werd, aan de achterzijde van zijn benen geraakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2277
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202003210/1/A3

202003218/1/R3

Bij besluit van 23 maart 2020 heeft de raad van de gemeente Almelo het bestemmingsplan "Parapluherziening wonen" vastgesteld. In dit paraplubestemmingsplan wordt voor het gehele grondgebied van de gemeente Almelo, met uitzondering van de gronden ter plaatse van het bestemmingsplan "Oude Stadhuis JJP Oud", het verbod op kamerbewoning en woningsplitsing juridisch planologisch verankerd. De raad vindt huisvesting van meerdere huishoudens in één woning zonder nadere toetsing of plafond een ongewenste ontwikkeling, omdat dit het woon- en leefgenot en de leefomgeving kan aantasten. [appellant sub 1] kan zich niet met het plan verenigen omdat het volgens hem ten onrechte geen bewoning door 16 personen mogelijk maakt van een voormalige supermarkt in Aadorp waar hij eigenaar van is. Volgens [appellant sub 1] is dat in strijd met het vertrouwensbeginsel en met het verbod op discriminatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2270
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202003218/1/R3

202003980/1/R2

Bij brief van 26 september 2019 heeft [appellant] het college verzocht om handhaving ten aanzien van nieuwe illegale bouwactiviteiten op het perceel [locatie A] te Mierlo, middels het opleggen van een nieuwe last onder dwangsom. In dezelfde brief heeft [appellant] het college verzocht om een eerder opgelegde last met betrekking tot bestaande overtredingen op het perceel [locatie A] uit te voeren door over te gaan tot het invorderen van verbeurde dwangsommen. Voorts heeft [appellant] het college verzocht om een eerder opgelegde last onder bestuursdwang met betrekking tot het perceel [locatie A] uit te voeren (hierna: de brief van 26 september 2019).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2284
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003980/1/R2

202003993/1/R4

Bij besluit van 28 mei 2020 heeft de raad van de gemeente Woudenberg het bestemmingsplan "Koningin Julianaplein 1" vastgesteld. Het plan voorziet in de herontwikkeling van het Koningin Julianaplein in de gemeente Woudenberg. Er stond hier een voormalig bibliotheekpand dat jaren leegstond. Het bibliotheekpand is inmiddels gesloopt. De huidige parkeervoorziening bij de bibliotheek zal verdwijnen. Het plan maakt het mogelijk dat op de locatie een appartementencomplex met maximaal 30 appartementen wordt gerealiseerd. [appellant] en anderen zijn omwonenden en zij kunnen zich niet verenigen met het plan. Zij vrezen met name voor een aantasting van hun woon- en leefklimaat als gevolg van het plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2264
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202003993/1/R4

202004213/1/R2

Bij besluit van 6 maart 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een dakterras op het perceel Dubbelstraat 66 te Bergen op Zoom. Op de begane grond was een horecabedrijf gevestigd. Daarboven bevinden zich een woonlaag en het dakterras, dat al is gerealiseerd. Volgens het college is het bouwplan in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan "Binnenstad". [appellant] woont aan de [locatie]. Zijn woning bevindt zich op korte afstand van het dakterras. Volgens hem is het bouwplan in strijd met het bestemmingsplan en zijn de gevolgen voor zijn woon- en leefklimaat ten onrechte niet betrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2293
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202004213/1/R2

202004500/1/A2

Bij besluit van 7 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellant] om ontheffing van de verplichting om als bestuurder van een snorfiets een helm te dragen afgewezen. Op 11 december 2018 heeft het college het Verkeersbesluit Snorfiets naar de rijbaan met helmplicht te Amsterdam genomen. Het verkeersbesluit is op 8 april 2019 in werking getreden. Het besluit strekt ertoe de snorfiets te verplaatsen van de daarin genoemde fietspaden naar de rijbaan en deze fietspaden aan te wijzen als verplicht fietspad, waarop snorfietsen niet is toegestaan. Het besluit leidt ertoe dat snorfietsen in Amsterdam op de meeste vrijliggende fietspaden binnen de Ring A10 niet zijn toegestaan. Snorfietsers moeten gebruik maken van de rijbaan en een helm dragen. Op 28 maart 2019 heeft [appellant] bij het college een aanvraag ingediend om ontheffing van de helmplicht vanwege religieuze overtuigingen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2288
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202004500/1/A2

202004581/1/R3

Bij besluit van 1 augustus 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Noordwijk geweigerd een omgevingsvergunning te verlenen aan [appellant] voor het splitsen van een woning op het perceel [locatie A] te Noordwijk. [appellant] is eigenaar van de woning op het perceel [locatie A] te Noordwijk (hierna: de woning). De woning maakt deel uit van een complex van appartementen. Ter plaatse geldt het bestemmingsplan "Zeewaardig", vastgesteld door de raad van de gemeente Noordwijk op 18 december 2014 en het plan "Paraplu Bestemmingsplan Parkeren", vastgesteld door de raad op 15 maart 2018. Op 24 april 2018 heeft [appellant] een aanvraag gedaan voor een omgevingsvergunning voor het bouwkundig splitsen van de woning, waardoor twee afzonderlijke wooneenheden van 45 m² worden gerealiseerd. Als gevolg van deze splitsing neemt de parkeerbehoefte op grond van de parkeernormen in het paraplubestemmingsplan toe met, afgerond, één parkeerplek.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2287
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202004581/1/R3

202004635/1/R1

Bij besluit van 22 april 2020 hebben de minister en de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat het verzoek van de gemeente West Maas en Waal om handhavend op te treden vanwege vermoedelijke overtreding van onder meer het Besluit bodemkwaliteit door het storten van granuliet in het gebied “Over de Maas”, afgewezen. Het project “Over de Maas” is een delfstoffenwin- en natuurontwikkelingsproject in de uiterwaarden langs de Maas tussen Alphen en Dreumel in de gemeente West Maas en Waal. Het project is nu in de fase waarin nog delfstoffen worden gewonnen, maar de winningsplas wordt ook al verondiept ten behoeve van natuurontwikkeling en de stabilisatie van oevers. Voor het aanvullen en verondiepen van de plas wordt onder meer granuliet gebruikt. Volgens de gemeente worden met het toepassen van granuliet vermoedelijk een of meer bepalingen van de Wet bodembescherming, de Wet milieubeheer, het Besluit en/of de Waterwet overtreden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2282
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak202004635/1/R1
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202004635/1/R1

202004733/1/A3

Bij besluit van 25 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam [appellant] een last onder bestuursdwang opgelegd. Bij besluit van 15 oktober 2018 heeft het college [appellant] een bestuurlijke boete van € 20.500,- opgelegd wegens overtreding van artikel 21 van de Huisvestingswet 2014. [appellant] huurde vanaf 15 januari 2018 de woning aan de [locatie]. Zij stond in de basisregistratie personen op het adres van die woning ingeschreven. De woning bestaat uit de tweede en de derde etage van een pand. Die etages zijn onderling met elkaar verbonden met een trap midden in de woning. [appellant] exploiteerde in de woning een bed & breakfast. Omdat de gemeente diverse meldingen heeft ontvangen over woonfraude hebben gemeentelijke toezichthouders op 25 juni 2018 een bezoek aan het pand gebracht om onderzoek te doen. De bevindingen van het onderzoek zijn neergelegd in een op ambtsbelofte opgemaakt rapport van bevindingen van 26 juni 2018.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2252
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004733/1/A3

202004797/1/A3

Bij besluit van 6 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam [appellante] een bestuurlijke boete van € 20.500,- opgelegd wegens overtreding van artikel 21 van de Huisvestingswet. [appellante] is eigenaar van de woning aan de [locatie]. Die woning bestaat uit de tweede en de derde etage van een pand. Die etages zijn onderling met elkaar verbonden met een trap midden in de woning. De verhuur en het beheer van de woning had [appellante] uitbesteed aan [bedrijf]. Vanaf 15 januari 2018 was de woning verhuurd aan [huurder]. Zij stond in de basisregistratie personen op het adres van de woning ingeschreven. [huurder] exploiteerde in de woning een bed & breakfast. Omdat de gemeente diverse meldingen heeft ontvangen over woonfraude hebben gemeentelijke toezichthouders op 25 juni 2018 een bezoek aan het pand gebracht om onderzoek te doen. De bevindingen van het onderzoek van de toezichthouders zijn neergelegd in een op ambtsbelofte opgemaakt rapport van bevindingen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2278
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202004797/1/A3

202005032/1/R4

Bij brief van 7 augustus 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn een gespreksverslag aan [appellant] gezonden van een gesprek tussen [appellant] en een wethouder, dat plaatsvond op 23 juli 2019. [appellant] heeft al enkele jaren een conflict met de gemeente Apeldoorn over de aankoop van een perceel grond aan de Zilverweg te Apeldoorn. [appellant] heeft over dit conflict een klacht ingediend bij de Nationale Ombudsman. Op 23 juli 2019 heeft er een gesprek plaatsgevonden tussen [appellant] en wethouder Willems, namens het college. Het college heeft over het verloop van dit gesprek en over wat volgens het college uit dit gesprek voortvloeit, een gespreksverslag gemaakt, dat is neergelegd in de brief van 7 augustus 2019. Volgens [appellant] heeft de rechtbank ten onrechte geoordeeld dat die brief van 7 augustus 2019 niet kan worden aangemerkt als besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2274
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202005032/1/R4

202005056/1/R3

Bij besluit van 24 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk het bestemmingsplan "Partiële Herziening Bestemmingsplannen Buitengebied 2020" vastgesteld. Eén van de ontwikkelingen die zijn verwerkt in het bestemmingsplan is het verzoek van [verzoeker], gevestigd op het perceel [locatie 1], om het bouwvlak te vergroten, zodat binnen het bouwvlak een jongveestal kan worden gerealiseerd en de bestaande loods kan worden uitgebreid. Naar aanleiding van dit verzoek heeft de raad in het bestemmingsplan het bouwvlak en de bijbehorende contour van de functieaanduiding "grondgebonden veehouderij - (gv)" op het perceel aangepast. Voor de gronden geldt de bestemming "Agrarisch met waarden". [appellant] woont op het perceel [locatie 2]. Het bouwvlak op het perceel [locatie 1] was voor vaststelling van het bestreden bestemmingsplan schuin achter zijn woning gelegen. Door de vergroting wordt het bouwvlak uitgebreid tot recht achter zijn woning. [appellant] kan zich niet verenigen met deze uitbreiding.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2269
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202005056/1/R3

202005477/1/R1

Bij besluit van onbekende datum, gepubliceerd op 1 september 2020, heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de locatie op de hoek van het Brekelsveld en het Glanerveld, schuin voor nummer […] aangewezen voor de plaatsing van een ondergrondse restafvalcontainer. [appellante] woont op het adres [locatie] te Rotterdam. De locatie waar de orac zal worden geplaatst, ligt in de nabijheid van haar woning. Tot de plaatsing van de orac staat daar bovengrondse containers. [appellante] is het niet eens met de aanwijzing van de locatie voor de plaatsing van een orac. Zij voert aan dat dit zal leiden tot geur- en geluidoverlast en gezondheidsklachten vanwege ziektekiemen. Verder vreest zij dat huisvuilzakken naast de container worden gezet als die vol is, en dat die dan niet zullen worden verwijderd door de gemeente. Ook zal glas en ander zwerfvuil rond de orac gevaar voor haar kinderen opleveren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2286
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202005477/1/R1

202005601/1/R1

Bij besluit van onbekende datum, gepubliceerd op 1 september 2020, heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de locatie op de hoek van het Brekelsveld, schuin voor [locatie] aangewezen voor de plaatsing van een ondergrondse restafvalcontainer. [appellant] woont op het adres [locatie]. De locatie waar de orac zal worden geplaatst, ligt in de nabijheid van zijn woning. [appellant] is het niet eens met de aanwijzing van die locatie voor de plaatsing van een orac. Hij voert aan dat dit zal leiden tot geur- en geluidoverlast en gezondheidsklachten vanwege ziektekiemen. Verder vreest hij dat huisvuilzakken naast de container worden gezet als die vol is, en deze niet zullen worden verwijderd door de gemeente. Tot slot heeft hij gewezen op een alternatieve plek op een grasveld aan de overkant van de weg. Hierdoor is de kans op zwerfvuil minder groot en is de afstand tot het raam en de voordeur van [appellant] ook groter.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2289
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202005601/1/R1

202005802/1/R4

Bij besluit van 1 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Nunspeet aan het Gezondheidscentrum Elspeet B.V. een omgevingsvergunning verleend voor onder meer de bouw van een gezondheidscentrum aan de Nachtegaalweg 3 te Elspeet. [appellant] heeft een huisartsenpraktijk aan de [locatie A] te Elspeet en kan zich niet verenigen met de vergunningverlening voor een gezondheidscentrum, dat onder meer ruimte biedt aan een huisartsenpraktijk, aan de Nachtegaalweg 3 te Elspeet. Het gezondheidscentrum biedt overigens ook ruimte aan onder meer een tandartspraktijk en apotheek. De vergunning voor het gezondheidscentrum is verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. De afstand tussen de huisartsenpraktijk van [appellant] en het gezondheidscentrum waar de omgevingsvergunning voor is verleend, bedraagt meer dan 1 kilometer.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2271
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202005802/1/R4

202005949/1/A3

Bij besluit van 31 mei 2019 heeft de minister voor Rechtsbescherming de aanvraag van [moeder] om de achternaam van haar dochter te wijzigen ingewilligd. [moeder] heeft op 4 april 2019 een aanvraag ingediend om de achternaam (hierna ook: geslachtsnaam) van haar in februari 2005 geboren minderjarige [dochter] te wijzigen van [naam appellant] in [naam moeder], de naam die zij bij haar geboorte had. Haar dochter is destijds erkend door [appellant]. [moeder] heeft sinds eind 2006 geen relatie meer met hem en heeft sindsdien voor [dochter] gezorgd. [appellant] heeft zijn dochter voor het laatst gezien toen zij zes jaar oud was. De minister heeft het verzoek bij besluit van 31 mei 2019, als gehandhaafd bij besluit van 29 augustus 2019 toegewezen. De rechtbank heeft het beroep tegen het besluit van 29 augustus 2019 ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2292
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202005949/1/A3

202006472/1/A2

Bij uitspraak van 27 oktober 2020 heeft de rechtbank het verzoek van [appellant] om vergoeding van de kosten van het wegslepen van zijn woonschip afgewezen. De rechtbank heeft zich onbevoegd verklaard om te oordelen over het verzoek van [appellant] om een schadevergoeding voor het slopen van zijn woonschip. In hoger beroep is in geschil of de rechtbank het verzoek van [appellant] om vergoeding van schade door het wegslepen van het woonschip terecht heeft afgewezen. Daarnaast is in geschil of de rechtbank zich terecht onbevoegd heeft verklaard om te oordelen over een vordering tot vergoeding van schade door het slopen van het woonschip. [appellant] heeft op 28 december 2015 het woonschip [naam woonschip] gekocht. Het schip lag in de Noorderhaven te Groningen. Bij besluit van 1 november 2016 heeft het college aan [appellant] een last onder bestuursdwang opgelegd tot het verwijderen van het schip uit de Noorderhaven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2290
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202006472/1/A2

202006492/1/R1

Bij besluit van 29 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam Omry B.V. onder oplegging van een dwangsom gelast om het gebruik van het pand Ferdinand Bolstraat 46 als fastfood restaurant onder de naam Wok to Walk, te staken en gestaakt te houden. Omry B.V. exploiteert sinds augustus 2018 het wokrestaurant ‘Wok to Walk’ in het pand Ferdinand Bolstraat 46 te Amsterdam en is tevens huurder van het pand. [appellant] is eigenaar en verhuurder van het pand en exploiteerde daar voorheen Bakkerij Ferdinand Bol V.O.F. Het vorige bestemmingsplan "Noord-/Zuidlijn 1999" maakte zowel detailhandel als horeca mogelijk. Op 30 juni 2017 is het bestemmingsplan "Noord/Zuidlijn De Pijp" in werking getreden op grond waarvan het gebruik van het pand ten behoeve van horeca niet is toegestaan. [omwonende] en anderen zijn omwonenden en stellen hinder te ondervinden van het wokrestaurant.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2273
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202006492/1/R1

202006813/1/A2

Bij besluit van 9 augustus 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het recht van [appellant] op zorgtoeslag over 2018 vastgesteld op € 445,00 en € 91,00 aan uitbetaalde voorschotten teruggevorderd. [appellant] heeft voor het jaar 2018 van de Belastingdienst/Toeslagen een voorschot toegekend gekregen van € 536,00. Dit voorschot is gebaseerd op een geschat toetsingsinkomen van € 24.921,00. Het geschatte toetsingsinkomen is door de dienst berekend door het door [appellant] opgegeven inkomen van € 24.490 te corrigeren met een inflatiecorrectie. Aan het besluit van 9 augustus 2019, gehandhaafd bij het besluit van 4 november 2019, heeft de Belastingdienst/Toeslagen ten grondslag gelegd dat het toetsingsinkomen van [appellant] € 25.598,00 bedraagt, waardoor het recht op zorgtoeslag € 445,00 is. Dit toetsingsinkomen is gelijk aan het door de Inspecteur van de Belastingdienst vastgestelde verzamelinkomen voor de inkomstenbelasting over 2018.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2281
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202006813/1/A2

202100062/1/R1

Bij besluit van 3 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de locatie Plantage Muidergracht 163 te Amsterdam met code C08d-1018TT163 aangewezen voor de inzameling van afval. [appellant] woont op het perceel [locatie] te Amsterdam, op de hoek van de Plantage Muidergracht en de Plantage Middenlaan. De aangewezen locatie ligt op circa 18-20 meter van zijn woning. [appellant] betoogt dat het college onvoldoende gemotiveerd heeft waarom zijn voorgestelde alternatieve locatie, namelijk aan de overkant van de Plantage Middenlaan, niet in aanmerking kwam. Het college stelt dat de alternatieve locatie aan de overkant van de Plantage Middenlaan wel is onderzocht, maar dat deze om een aantal redenen niet geschikt is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2291
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202100062/1/R1

202100192/1/A2

Bij besluit van 4 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een onderhoudskorting van € 2.965,00 toegepast op de ten behoeve van [appellant] vastgestelde subsidie van € 8.738,97. Bij besluit van 28 september 2000 heeft het college aan [appellant] een subsidie verleend voor niet-ingrijpende voorzieningen aan een pand, waarvan hij zelf de benedenverdieping bewoont, op grond van de Verordening woninggebonden subsidies 1995. Bij besluit van 12 juli 2006 heeft het college de subsidie vastgesteld op € 8.738,97. Het college heeft bij dit besluit te kennen gegeven dat een bedrag van € 1.571,23 direct wordt uitbetaald en dat het restant van de subsidie eind september 2018 wordt uitbetaald als het pand naar behoren is onderhouden. Omdat bij een controle bleek dat het pand waarvoor subsidie is verleend onvoldoende is onderhouden, heeft het college [appellant] in de gelegenheid gesteld het benodigde onderhoud alsnog uit te voeren en hiervan uiterlijk 30 augustus 2018 melding te maken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2266
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202100192/1/A2

202100256/1/A3

Bij besluit van 23 augustus 2019 heeft de korpschef van politie de toestemming voor [appellant] om werkzaamheden te mogen verrichten bij [recherchebureau] ingetrokken. De korpschef heeft zijn toestemming voor [appellant] om werkzaamheden te verrichten bij [recherchebureau] ingetrokken omdat de politie tijdens een onderzoek naar een inbraak in een door [appellant] gehuurde kantoorruimte een vuurwapen heeft aangetroffen. De rechtbank heeft geoordeeld dat de korpschef zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat [appellant] daardoor onvoldoende betrouwbaar is om werkzaamheden bij [recherchebureau] te verrichten en dat de korpschef de toestemming daarom mocht intrekken. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de korpschef hem onvoldoende betrouwbaar mocht achten. Hij had het vuurwapen gevonden, maar was nog niet in de gelegenheid geweest om het naar de politie te brengen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2280
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Beveiligingswerkzaamheden
  • uitspraakin de zaak202100256/1/A3

202100371/1/A2

Bij besluiten van 1 augustus 2019 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de aan [appellant] toegekende vergoedingen ingetrokken. [appellant] is rechtsbijstandverlener en neemt deel aan het High Trust-programma van de raad. Uitgangspunt van dit programma is dat de vraag of een zaak toevoegingswaardig is niet langer door de raad naar aanleiding van een toevoegingsaanvraag, maar door de rechtsbijstandverlener voorafgaande aan het indienen van de aanvraag wordt beoordeeld. Afgegeven toevoegingen en vastgestelde vergoedingen worden vervolgens achteraf steekproefsgewijs gecontroleerd. [appellant] heeft de twee door hem gevraagde toevoegingen voor rechtsbijstand aan [persoon] gekregen en heeft hiervoor vergoedingen ontvangen. De eerste procedure betreft een geschil met [bedrijf] over de beëindiging van het huurcontract van de kringloopwinkel van [persoon] en de tweede procedure betreft een tuchtrechtelijke klacht tegen de deurwaarder.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2268
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202100371/1/A2

202100494/1/R1

Bij besluit van 11 juni 2019 heeft het dagelijks bestuur van het Waterschap Amstel Gooi en Vecht het projectplan "het dijkverbeteringsplan Dorpskern Baambrugge" vastgesteld. Het projectplan voorziet in de aanleg van een stalen damwand langs de oever van de rivier de Angstel in Baambrugge. Dit is noodzakelijk, omdat de waterkering niet overal aan de veiligheidseisen voldoet en daarom verbeterd moet worden. Door de stalen damwand zal de waterkerende functie verplaatsen van de bestaande dijk ter hoogte van de Kleiweg naar de stalen damwand langs de Angstel. De damwandconstructie zal over een lengte van 561 m worden aangebracht en bestaat uit losse stalen planken die in elkaar vast worden getrild. [appellant] woont aan de [appellant] in Baambrugge. Een groot deel van zijn perceel ligt momenteel buitendijks. Ook ter hoogte van zijn perceel wordt de damwand aangebracht. De diepte van de damwand ter plaatse is ongeveer 12 m. [appellant] is het niet eens met het projectplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2297
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Waterwet
  • uitspraakin de zaak202100494/1/R1

202100549/1/R1

Bij besluit van 5 januari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort de locatie, aangeduid met het nummer 33731, gelegen aan de Columbusweg in de wijk De Kruiskamp te Amersfoort, aangewezen voor de plaatsing van een ondergrondse restafvalcontainer. [appellant] woont op het adres [locatie] te Amersfoort. De orac zal schuin tegenover zijn woning worden geplaatst. De locatie ligt in de wijk De Kruiskamp, waarvoor het college op 8 juni 2020 al een ander locatieplan had vastgesteld. Aanleiding voor het nu aan de orde zijnde besluit is dat bij de voorbereidende werkzaamheden voor de uitvoering bleek dat twee containerlocaties ongeschikt waren voor plaatsing van een orac. De door [appellant] bestreden locatie dient als vervanging voor één van die twee locaties.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2285
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202100549/1/R1

202101274/1/A2

Bij uitspraak van 5 februari 2021 heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard te beslissen op het verzoek om schadevergoeding als bedoeld in artikel 8:88, eerste lid, van de Awb. In hoger beroep is in geschil of de rechtbank zich terecht onbevoegd heeft verklaard kennis te nemen van een verzoek van [appellant] om de burgemeester van de Utrechtse Heuvelrug te veroordelen tot schadevergoeding. [appellant] woont aan de [locatie]. Enkele bewoners van de Martellaan parkeren hun (tweede) auto in de berm van de Kapelweg tegenover zijn woning. Hierover is een conflict ontstaan. [appellant] heeft meermalen contact gezocht met de gemeente om te spreken over een mogelijke oplossing. Op 7 juli 2020 heeft [appellant] met de gemeente een samenwerkingsovereenkomst Zelfbeheer beplanting (hierna: de overeenkomst) gesloten voor het beheren van de groenstrook/berm tegenover de woning. [appellant] heeft vervolgens paaltjes in de berm geplaatst, waardoor het niet langer mogelijk is om daar te parkeren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2283
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202101274/1/A2

202102560/1/A2

Bij besluit van 2 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Veenendaal besloten de door de stichting aangevraagde basisschool op islamitische grondslag niet op te nemen in het plan van scholen 2021-2023. De stichting houdt basisscholen op islamitische grondslag in stand in de gemeenten Ede, Zwolle, Zeist en Hoorn. De stichting wil ook in de gemeente Veenendaal een islamitische basisschool oprichten. Om per 1 augustus 2021 voor bekostiging in aanmerking te komen, heeft de stichting de raad bij brief van 28 januari 2020 verzocht om opneming in het plan van scholen 2021-2023. Bij dat verzoek dient, in een geval als dit, op grond van artikel 76, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wpo onder meer een prognose te worden overgelegd die gegevens bevat over het belangstellingspercentage voor het basisonderwijs van de desbetreffende richting in een vergelijkbare gemeente. Aan de hand van die gegevens wordt bepaald of aannemelijk is dat de op te richten school de stichtingsnorm haalt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2296
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak202102560/1/A2

202102567/1/A2

Bij besluit van 2 december 2019 heeft de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen een onderzoek naar de rijgeschiktheid opgelegd aan [appellante] en de geldigheid van haar rijbewijs geschorst. Op de avond van 23 oktober 2019 is [appellante] aangehouden door een politieagent van de politie-eenheid Den Haag. Volgens de agent heeft de aanhouding plaatsgevonden naar aanleiding van een snelheidsovertreding die [appellante] heeft begaan. De verklaringen van de agent en [appellante] over de aanhouding en de gebeurtenissen die daaraan voorafgingen lopen uiteen. Het CBR heeft aan zijn bij besluit van 19 maart 2020 gehandhaafde besluit van 2 december 2019 ten grondslag gelegd dat het op basis van informatie die de politie-eenheid Den Haag aan hem heeft verstrekt eraan twijfelt of [appellante] nog wel geschikt is om auto te rijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2267
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202102567/1/A2

202103293/1/A2

Bij besluit van 1 november 2019 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven een verzoek afgewezen om terug te komen op de afwijzing van de aanvraag van [appellant] voor een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven. [appellant] heeft op 8 november 2017 een aanvraag ingediend om een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven. [appellant] stelt dat hij op 5 september 2017 slachtoffer is geworden van een zedendelict. Hij stelt tegen zijn wil seksueel contact gehad te hebben met een man. De man was werkzaam als beveiliger in een winkelcentrum in Scheveningen. Hij beschikte over de telefoon van [appellant], die [appellant] per ongeluk had laten liggen in een tram. Nadat [appellant] zijn telefoon had teruggekregen, is hij met de man mee naar huis gegaan. [appellant] stelt dat hij zich verplicht voelde om daar seksuele handelingen te verrichten. Bij besluit van 17 januari 2018 heeft de CSG de aanvraag afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2272
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202103293/1/A2

202103331/1/A2

Bij uitspraak van 3 maart 2021, in zaak nr. 202001318/1/A2, heeft de Afdeling bestuursrechtspraak bepaald dat het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen MTM een tegemoetkoming in planschade toekent van € 65.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag met ingang van 28 november 2016 tot aan de dag van algehele voldoening, en dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit van 9 mei 2018. Bij besluit van 26 juni 2013 heeft de raad van de gemeente Sittard-Geleen het bestemmingsplan Stationsomgeving (hierna: het nieuwe bestemmingsplan) vastgesteld. MTM was ten tijde van de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan op 26 september 2013 de eigenaresse van de onroerende zaken aan de Wilhelminastraat 30 en 30a te Sittard. Bij brief van 27 november 2016 heeft MTM het college verzocht om tegemoetkoming in de planschade die zij in de vorm van waardevermindering van de onroerende zaken heeft geleden als gevolg van de inwerkingtreding van het nieuwe bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2294
Datum uitspraak
13 oktober 2021
  • Herziening
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202103331/1/A2

202005985/3/R2

Bij besluit van 16 september 2020 heeft de raad van de gemeente Eindhoven het bestemmingsplan "Tongelre buiten de Ring (IJzeren Man; hierna: het nieuwe plan)" vastgesteld. De raad maakt met de vaststelling van het nieuwe plan een herontwikkeling van het plangebied rondom het bestaande natuurbad de "IJzeren Man" in Eindhoven mogelijk. De vereniging en anderen zijn omwonenden van het plangebied. Zij vrezen voor aantasting van hun woon- en leefgebied. [exploitant 1] en [exploitant 2] (hierna in enkelvoud: de exploitant) exploiteren de IJzeren Man.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2259
Datum uitspraak
12 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202005985/3/R2

202103152/1/V1

Bij besluit van 13 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2261
Datum uitspraak
12 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202103152/1/V1

202104971/1/R4

Bij besluit van 21 juli 2021 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat krachtens de artikelen 9 en 12 van de Verordening (EG) nr. 1013/2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen bezwaar gemaakt tegen de overbrenging van afval (CRT-beeldbuizen) vanuit de Verenigde Staten van Amerika naar Nederland. Samca International Inc. heeft kennisgeving gedaan van de overbrenging van afvalstoffen (CRT-glas) vanuit de VS naar Nederland in de periode van 1 juni 2021 tot en met 31 mei 2022. Daarbij gaat het om 250 transporten, met een totaal van 5.000 ton afval. CRT staat voor: Cathode Ray Tubes (kathodestraalbuizen). In de kennisgeving staat dat de CRT-beeldbuizen door [verzoekster] worden ingenomen in haar inrichting in Son. Daar wordt het materiaal bewerkt. Hierbij worden de beeldbuizen gebroken en wordt het glasafval door middel van een stangenzeef gesplitst in een loodrijke fractie en een loodarme fractie. Ook wordt het fluorescentiepoeder verwijderd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2258
Datum uitspraak
12 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202104971/1/R4

202106164/2/V2

Bij besluit van 20 mei 2020 heeft de staatssecretaris van van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2260
Datum uitspraak
12 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106164/2/V2

202105339/2/R2

Het beroep richt zich tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Deurne van 25 mei 2021 waarbij het wijzigingsplan "[locatie], Liessel" is vastgesteld. [verzoeker] en anderen hebben tegen dit besluit beroep ingesteld en de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2308
Datum uitspraak
12 oktober 2021
  • Mondelinge uitspraak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202105339/2/R2

202105691/1/V3 en 202105691/2/V3

Bij besluit van 21 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2256
Datum uitspraak
11 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105691/1/V3 en 202105691/2/V3

202106142/2/V2

Bij besluit van 26 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2257
Datum uitspraak
11 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106142/2/V2

202100432/1/V2

Bij besluit van 8 oktober 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2254
Datum uitspraak
8 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202100432/1/V2

202105440/2/A3

Bij besluit van 4 december 2020 heeft de burgemeester van Heerlen aan Rus Tony Totally Gaming B.V. een vergunning verleend voor de exploitatie van een speelautomatenhal op de locatie Beitel 90 in Heerlen. Fair Play Centers B.V. exploiteerde van 1992 tot 31 december 2019 een speelautomatenhal op de locatie Bautscherweg 26 in Heerlen. Volgens artikel 3, tweede lid, van de Verordening kansspelautomaten Heerlen 2017, kan de burgemeester voor maximaal vier speelautomatenhallen vergunning verlenen. FPC heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van haar aanvraag. Over die afwijzing gaat het in de procedure in zaak nr. 202105442/1/A3. FPC heeft ook in die zaak gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen. FPC heeft ook bezwaar gemaakt tegen de verlening van de vergunning aan RTTG. Zij beoogt deze vergunning vernietigd te krijgen, zodat haar eigen aanvraag alsnog inhoudelijk wordt beoordeeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2251
Datum uitspraak
7 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202105440/2/A3

202105442/2/A3

Bij besluit van 4 december 2020 heeft de burgemeester van Heerlen een aanvraag van Fair Play Centers B.V. voor een vergunning voor de exploitatie van een speelautomatenhal op de locatie Bautscherweg 26 in Heerlen, afgewezen. FPC exploiteerde van 1992 tot 31 december 2019 een speelautomatenhal op de locatie Bautscherweg 26 in Heerlen. Volgens artikel 3, tweede lid, van de Verordening kansspelautomaten Heerlen 2017, kan de burgemeester voor maximaal vier speelautomatenhallen vergunning verlenen. FPC heeft bezwaar gemaakt tegen de verlening van de vergunning aan RTTG. Zij beoogt deze vergunning vernietigd te krijgen, zodat haar eigen aanvraag alsnog inhoudelijk wordt beoordeeld. Over de aan RTTG verleende vergunning gaat het in de procedure in zaak nr. 202105440/1/A3. FPC heeft ook in die zaak gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen. De burgemeester heeft dit bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat hij al vier exploitatievergunningen had verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2250
Datum uitspraak
7 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202105442/2/A3

202106210/2/V2

Bij besluit van 12 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2255
Datum uitspraak
7 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106210/2/V2

202106358/2/V2

Bij besluit van 24 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2253
Datum uitspraak
7 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106358/2/V2

202104070/1/V3

Bij besluit van 21 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2215
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104070/1/V3
vorige pagina1...185186187...1.206volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Digitaal procederen
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon