Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 120.530
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202105753/2/V3

Bij besluit van 8 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen, geweigerd hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, geweigerd hem krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek te verlenen en hem opgedragen de Europese Unie binnen vier weken te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2211
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105753/2/V3

202105997/2/V3

Bij besluit van 14 april 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2214
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202105997/2/V3

201901690/1/R2

Bij besluit van 1 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Cranendonck geweigerd [appellante sub 2] een omgevingsvergunning te verlenen voor het realiseren van een supermarkt met een woning op het perceel [locatie] te Budel. De aangevraagde omgevingsvergunning heeft volgens het aanvraagformulier van 19 september 2017 betrekking op de nieuwbouw van een supermarkt met een woning en parkeervoorzieningen op het perceel. Het project omvat een hoofdgebouw met een oppervlakte van 2144 m², een bijgebouw in de vorm van een berging behorend bij de woning met een oppervlakte van 5,52 m², een bijgebouw in de vorm van een winkelwagenvoorziening behorend bij de winkel met een oppervlakte van 12,5 m², twee vlaggenmasten en een reclamezuil. Er is in 2 parkeerplaatsen ten behoeve van de woning en in 140 parkeerplaatsen ten behoeve van de winkel voorzien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2189
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak201901690/1/R2

201902207/1/R2

Bij besluit van 29 januari 2019 de raad van de gemeente Cranendonck het bestemmingsplan "Kom Budel en Kom Maarheeze, herziening supermarkten en parkeren" vastgesteld. Aanleiding voor de herziening is volgens de plantoelichting onder meer dat in het bestemmingsplan "Kom Budel" op een aantal locaties waar in de huidige situatie geen supermarkt is gevestigd, de vestiging van een supermarkt niet expliciet is uitgesloten. Bij de vaststelling van het bestemmingsplan is volgens de toelichting bij de herziening echter niet onderzocht of de desbetreffende locaties geschikt zijn voor de vestiging van een supermarkt, gelet op de ruimtelijke effecten daarvan. Volgens de toelichting acht de raad het daarom uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening gewenst om het bestemmingsplan te herzien en de vestiging van nieuwe supermarkten alsnog uit te sluiten. Bij de herziening is dit voor vijf locaties binnen het plangebied van het bestemmingsplan, waaronder het perceel Nieuwstraat 95, gebeurd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2190
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201902207/1/R2

201905560/1/A3

Bij besluit van 20 november 2018 heeft de inspecteur-generaal der Mijnen een verzoek van de Vereniging Milieudefensie, afdeling Westerveld, om openbaarmaking van een werkprogramma van Vermilion afgewezen. De voormalige gasput Nijensleek-01, ook wel aangeduid als NSL-01, in het Drentse dorp Nijensleek is omgebouwd tot waterinjectieput. Via deze put wordt productiewater in het lege gasveld gepompt. Dit productiewater, bestaande uit condens- en zoutwater, is afkomstig van andere gaswinningslocaties van Vermilion. Omdat de binnenbuis ('tubing') van de put bleek te zijn aangetast door corrosie, is in februari 2019 een reparatie uitgevoerd waarbij de binnenbuis is vervangen. Voorafgaand aan dergelijke werkzaamheden moet een werkprogramma worden opgesteld en aan de inspecteur-generaal worden verstrekt. Milieudefensie heeft op grond van de Wet openbaarheid van bestuur verzocht om openbaarmaking van dit werkprogramma.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2224
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak201905560/1/A3

201906818/2/R3

Bij tussenuitspraak van 10 februari 2021 heeft de Afdeling de raad van de gemeente Ameland opgedragen binnen 16 weken na verzending van de tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 24 juni 2019, waarbij het bestemmingsplan "De Hagen" is vastgesteld, te herstellen. Het plan voorziet in het realiseren van ongeveer 42 parkeerplaatsen bij een bestaand parkeerterrein bij een supermarkt in Hollum. Uit de reactie op de zienswijze kan worden afgeleid dat de gemeenteraad het van belang acht dat de hinder van het inschijnen van licht door koplampen van auto’s wordt voorkomen. Dat het inrichtingsplan wellicht niet primair is opgesteld ter voorkoming van dergelijke hinder, doet niet af aan het feit dat de raad kennelijk waarde hecht aan een minimale hoogte van de ligusterhaag ter voorkoming van dergelijke hinder. De Afdeling stelt vast dat de hoogte van de haag niet in het inrichtingsplan is aangegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2240
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak201906818/2/R3

201907503/1/R2

Bij besluit van 19 juni 2019 heeft de raad van de gemeente Rucphen het bestemmingsplan "Buitengebied Rucphen 2012, De Berg te Schijf" vastgesteld. Deze zaak gaat over een nu nog onbebouwd perceel aan de noordoostkant van Schijf. Het plan voorziet erin dat hier 22 woningen worden gebouwd. De appellanten wonen in de directe omgeving van het plangebied en zij kunnen zich om verschillende redenen niet met het plan verenigen. Appellanten betogen dat de stedenbouwkundige opzet van de voorziene woningen niet aansluit bij de bestaande situatie, terwijl hij bij de koop van zijn woning uitging van de bestaande situatie. Het plan voorziet namelijk in 22 woningen op kleine percelen, terwijl in de omgeving vrijstaande woningen op ruime percelen staan, aansluitend op het agrarisch gebied. Dat er behoefte is aan de voorziene woningen en dat het plangebied binnen een zoekgebied voor verstedelijking ligt, maken dit volgens [appellant sub 1] niet anders.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2238
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201907503/1/R2

201909272/1/R3

Bij besluit van 26 november 2019 heeft de raad van de gemeente Zuidplas het bestemmingsplan "Verzamelplan Zuidplas 2019" vastgesteld. Het bestemmingsplan "Verzamelplan Zuidplas 2019" gaat over een aantal locaties in de gemeente Zuidplas. Het voorziet volgens de plantoelichting in enkele beperkte, nieuwe ontwikkelingen. Ook corrigeert het plan verschillende geldende bestemmingsplannen. Met het plan is beoogd een actueel en correct beeld te geven van de huidige functies. Het plan biedt daarmee een actueel kader waaraan aanvragen voor een omgevingsvergunning kunnen worden getoetst. Het verzamelplan bevat geen aangepaste planregeling voor de percelen van [appellanten sub 1] en [appellant sub 2] en ook niet voor de percelen van [appellant sub 3]. [appellanten sub 1] wonen aan de [locatie 1] te Moordrecht. Hun woning is bestemd als bedrijfswoning en grenst aan de achterkant aan een deel van het bedrijfspand van de groothandel van Jokalux B.V., dat als adres Middelweg 29 heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2227
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak201909272/1/R3

202001058/1/R1 en 202001777/1/R1

Op 15 november 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam bekendgemaakt dat een omgevingsvergunning van rechtswege is verleend voor onder meer het in strijd met het bestemmingsplan wijzigen van het gebruik van het pand op de locatie [locatie] te Amsterdam van Gemengd-2 naar Horeca-4. Voor de beoordeling van het geschil worden drie locaties onderscheiden, te weten Rokin 93 (locatie A), het gedeelte van [locatie] dat op grond van het geldende bestemmingsplan "Postcodegebied 1012" de bestemming "Gemengd-2" heeft (locatie B) en het gedeelte van [locatie] waarop de bestemming "Gemengd-1.4" rust (locatie C). De drie locaties zijn samen één inrichting, waarbij alle ruimtes intern met elkaar zijn verbonden. Voor het pand Rokin 93 (locatie A) is op 23 januari 2015 aan Art Deli een omgevingsvergunning verleend voor het, in afwijking van het bestemmingsplan, het gebruik van de begane grond en de kelder ten behoeve van "Horeca-4".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2228
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202001058/1/R1 en 202001777/1/R1

202001065/1/R4

Bij twee afzonderlijke brieven van 13 november 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heemskerk het verzoek van [appellant sub 2] om handhavend op te treden tegen onder meer de aanwezigheid van paarden, een stal en een paardenbak bij de woning van [appellant sub 1] aan de [locatie 1] te Heemskerk gedeeltelijk toegewezen en aan [appellant sub 1] een last onder dwangsom opgelegd wegens het in strijd met het bestemmingsplan houden van paarden op zijn perceel. [appellant sub 1] woont in de vrijstaande woning aan de [locatie 1] en houdt op zijn perceel een klein paard met een schofthoogte van 145 cm en een kleine pony met een schofthoogte van 75 cm. Daarvoor staat op het perceel een stal en een kleine paardenbak. [appellant sub 2] woont aan de [locatie 2], direct naast het perceel van [appellant sub 1]. De paardenstal grenst aan zijn perceel. Hij ondervindt geluid- en geurhinder van de paarden van [appellant sub 1] en stelt dat de paarden insecten en ongedierte aantrekken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2231
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202001065/1/R4

202001284/1/A2

Bij besluit van 20 juni 2018 heeft de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media de bekostiging voor basisschool Ds. Derksenschool gewijzigd vastgesteld. Op 16 mei 2017 heeft de stichting door middel van een aanvraag fusietoets gemeld dat de basisschool De Wegwijzer per 1 augustus 2017 zal fuseren met de basisschool Ds. Derksenschool, en dat deze scholen verder gaan als de Ds. Derksenschool. Op 13 juni 2017 heeft de stichting met een BRIN-mutatieformulier gemeld dat De Wegwijzer met ingang van 1 augustus 2017 zal worden opgeheven onder gelijktijdige samenvoeging met de Ds. Derksenschool. Bij besluit van 22 augustus 2017 heeft de minister de stichting in verband met de samenvoeging reguliere en bijzondere bekostiging voor het schooljaar 2017-2018 verstrekt voor het onderwijs aan de Ds. Derksenschool. Bij besluit van 20 juni 2018, gehandhaafd bij besluit van 20 november 2018, heeft de minister deze bekostiging gewijzigd vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2242
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak202001284/1/A2

202002475/1/R2

Bij besluit van 30 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven geweigerd om aan [appellant sub 2B] een omgevingsvergunning te verlenen voor het wijzigen van het gebruik en het verbouwen van het pand aan de [locatie] in Eindhoven in twee onzelfstandige woningen ten behoeve van kamerverhuur op de begane grond en een zelfstandig appartement op de verdieping en de zolder. [appellanten sub 2] zijn eigenaren van het perceel. Nadat zij eigenaren zijn geworden, hebben zij het pand bouwkundig feitelijk gesplitst. Op de begane grond zijn twee kamers gerealiseerd voor kamerverhuur en op de eerste verdieping en zolder is een zelfstandig appartement gerealiseerd. Voor deze activiteiten hebben zij destijds geen omgevingsvergunning aangevraagd. Nadat het college een voornemen tot handhavend optreden aan hen heeft gestuurd, hebben zij op 12 januari 2018 een aanvraag om omgevingsvergunning ingediend voor het legaliseren van de al uitgevoerde verbouwing en wijziging van het gebruik van het pand.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2232
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202002475/1/R2

202002501/1/A3

Bij besluit van 5 oktober 2018 heeft het college [appellant] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,- en deze meteen ingevorderd. [appellant] is eigenaar van de woning op de [locatie] te Amsterdam. Deze woning verhuurde hij aan [huurder]. Naar aanleiding van een melding woonfraude, zijn toezichthouders van de gemeente Amsterdam op 11 april 2018 om 8:30 uur bij de woning langsgegaan. De bevindingen van het bezoek zijn opgenomen in een op ambtsbelofte opgemaakte bestuurlijke rapportage van 13 april 2018. In de bestuurlijke rapportage is opgenomen dat naast [huurder] nog twee personen in de woning aanwezig waren. [huurder] heeft verklaard dat hij de huur van € 1.750,- per maand niet alleen kon opbrengen en daarom drie andere personen in de woning heeft laten intrekken. Hij sliep zelf in de woonkamer. Volgens [huurder] was [appellant] op de hoogte van het feit dat twee slaapkamers werden gehuurd en doorverhuurd door [bedrijf].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2236
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202002501/1/A3

202002606/1/R3

Bij besluit van 17 oktober 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leiderdorp aan Discount Pet Center een tijdelijke omgevingsvergunning voor de duur van tien jaar verleend voor het in afwijking van het bestemmingsplan vestigen van een winkel voor dierbenodigdheden aan de Zijlbaan 30 te Leiderdorp. Discount Pet Center heeft het college gevraagd om een omgevingsvergunning voor de vestiging van een winkel voor dierbenodigdheden onder de naam Jumper, aan de Zijlbaan 30 te Leiderdorp. Het gaat om een winkelruimte met een oppervlakte van iets minder dan 1.000 m2 op het bedrijventerrein "De Baanderij". Het bestemmingsplan "De Baanderij" staat hier onder meer detailhandel in volumineuze goederen toe. Bij de door Discount Pet Center beoogde winkel in dierbenodigdheden gaat het niet om volumineuze goederen in de zin van het bestemmingsplan. Om die winkel hier toch te kunnen vestigen, heeft zij een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan nodig.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2247
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202002606/1/R3

202002847/1/A3

Bij besluit van 18 december 2018 heeft de staatssecretaris een bestuurlijke boete van € 27.000,00 opgelegd wegens overtreding van artikel 3.16. eerste lid, gelezen in samenhang met het vijfde lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit. [wederpartij] is een stichting waaraan 27 zelfstandig opererende hogescholen zijn verbonden. Een van die hogescholen is [hogeschool] in Tilburg. [hogeschool] biedt verschillende opleidingen tot kunstvakdocent en voor podiumkunsten. [de student] volgt met ingang van het studiejaar 2016-2017 de voltijdsopleiding bachelor Circus and Performing Art bij de [academie]. Daarvoor werkte zij al als luchtacrobaat. Naast de opleiding werkte zij nog steeds als luchtacrobaat. Binnen de circusopleiding worden acht disciplines beoefend. Eén van die disciplines is ‘rope', een discipline waarbij op hoogte acrobatiek wordt uitgevoerd met behulp van een zogenoemde ‘aerial silk’ (banddoek). Op 22 november 2017 was er een ongeval tijdens de opleiding.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2226
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202002847/1/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202002847/1/A3

202003042/1/R3

Bij besluit van 4 september 2018 heeft het college geweigerd om aan [appellant] omgevingsvergunning tweede fase te verlenen voor het bouwen van een vleeskuikenstal op het perceel [locatie] te Zenderen. Op 21 maart 1997 is aan [appellant] milieuvergunning verleend voor onder meer het houden van 10.000 vleeskuikens op het perceel. [appellant] heeft van deze vergunning gebruik gemaakt. Tussen 2010 en 2016 heeft [appellant] echter geen vleeskuikens gehouden. Het college heeft [appellant] op 18 november 2015 mededeling gedaan van het voornemen om de milieuvergunning in zoverre in te trekken, omdat daarvan gedurende drie jaren geen gebruik was gemaakt. Het college heeft van uitvoering van dat voornemen afgezien omdat [appellant] naar voren bracht dat hij een vleeskuikenstal in overeenstemming met het Besluit emissiearme huisvesting wilde bouwen om weer vleeskuikens te kunnen houden. Daarvoor heeft [appellant] een aanvraag om omgevingsvergunning gedaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2221
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202003042/1/R3

202003093/1/R4

Bij besluit van 7 april 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roermond opnieuw aan [vergunninghouder], initiatiefneemster van [bedrijf], een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een rijhal met paardenstalling en bijbehorende voorzieningen op het adres [locatie] te Roermond. Bij besluit van 12 december 2017 heeft het college de gevraagde vergunning verleend. [appellant A] en anderen hebben tegen dat besluit bezwaar gemaakt. Het college heeft ingestemd met hun verzoek om met toepassing van artikel 7:1a van de Algemene wet bestuursrecht rechtstreeks beroep in te stellen bij de bestuursrechter. De rechtbank heeft op 4 oktober 2018 uitspraak gedaan op het beroep van [appellant A] en anderen. Bij uitspraak van 31 juli 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2623, heeft de Afdeling het door [appellant A] en anderen daartegen ingestelde hoger beroep gegrond verklaard, de rechtbankuitspraak gedeeltelijk vernietigd en het besluit van 12 december 2017 vernietigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2218
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202003093/1/R4

202003448/1/A3

Bij besluit van 24 juli 2018 heeft de korpschef van de Nationale Politie de aanvragen van [appellante] van bijschrijving van twee wapens op haar wapenverlof afgewezen. appellante] heeft op 17 maart 2018 en 24 mei 2018 een aanvraag ingediend voor het bijschrijven op haar wapenverlof van twee wapens: namelijk twee enkelloops kogelgeweren van het merk Rossi, type M175, model 1892 en kaliber .357/.38 Special met de nummers K263487 en SK127138. [appellante] is lid van [schietvereniging 1] en [schietvereniging 2]. De korpschef heeft de aanvragen bij besluit van 24 juli 2018 afgewezen, omdat [appellante] volgens hem geen redelijk belang heeft bij verlening van verlof voor de verzochte wapens. De wapens waarvoor bijschrijving is gevraagd passen niet binnen een door de Koninklijke Nederlandse Schietsport Associatie erkende of gereglementeerde schietsportdiscipline en worden aangemerkt als ongewenste wapens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2223
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Wapens en munitie
  • uitspraakin de zaak202003448/1/A3

202003524/1/A2

Bij besluit van 20 juni 2018 heeft de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media de bekostiging voor basisschool De Zonnewijzer en basisschool Speelleerplein De Edelsteen gewijzigd vastgesteld. Stichting Flore was het bevoegd gezag van De Zonnewijzer en De Edelsteen. Op 11 april 2017 heeft Flore met een BRIN-mutatieformulier gemeld dat De Edelsteen met ingang van 1 augustus 2017 zal worden opgeheven onder gelijktijdige samenvoeging met De Zonnewijzer. Blosse is nu het bevoegd gezag van De Zonnewijzer. Bij besluit van 20 januari 2017 heeft de minister Flore voor het jaar 2017 reguliere bekostiging voor De Edelsteen toegekend. Bij besluit van 20 juni 2017, gewijzigd bij besluit van 21 november 2017, heeft de minister Blosse in verband met de samenvoeging reguliere bekostiging voor het schooljaar 2017-2018 verstrekt voor het onderwijs aan De Zonnewijzer. Bij besluit van 20 juni 2018, gehandhaafd bij besluit van 4 februari 2019, heeft de minister deze bekostiging gewijzigd vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2245
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak202003524/1/A2

202003596/1/A3

Bij besluit van 2 juli 2019 heeft de korpschef van politie een verzoek van [appellant] op grond van artikel 25, eerste lid, van de Wet politiegegevens afgewezen. Bij e-mail van 11 juli 2018 aan de politie, landelijke eenheid, heeft [appellant] de korpschef verzocht hem op grond van artikel 25, eerste lid, van de Wpg inzage te verlenen in de persoonsgegevens die van hem worden verwerkt. Het gaat in het bijzonder om gegevensverwerking door het TCI (Team Criminele Inlichtingen), gegevensverwerking in het kader van rechtshulpverzoeken en gegevens die zijn verwerkt in lopende en afgesloten onderzoeken. Bij besluit van 8 februari 2019 heeft de korpschef inzage in gegevensverwerking geweigerd. Bij brief van 6 mei 2019 aan de politie, eenheid Rotterdam, heeft [appellant] een nieuw verzoek gedaan op grond van artikel 25, eerste lid, van de Wpg. Bij het besluit van 2 juli 2019 heeft de korpschef het verzoek van 6 mei 2019 aangemerkt als een herhaalde aanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2235
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202003596/1/A3

202003598/1/A3

Bij besluit van 8 februari 2019 heeft de korpschef van politie een verzoek van [appellant] op grond van artikel 25, eerste lid, van de Wet politiegegevens afgewezen. Bij e-mail van 11 juli 2018 heeft [appellant] de korpschef verzocht inzage te verlenen in de persoonsgegevens die van hem worden verwerkt. Het gaat in het bijzonder om gegevensverwerking door het TCI, gegevensverwerking in het kader van rechtshulpverzoeken en gegevens die zijn verwerkt in lopende en afgesloten onderzoeken. Bij het besluit van 8 februari 2019 heeft de korpschef inzage in zijn gegevensverwerking geweigerd. De korpschef stelt dat geen gegevensverwerking heeft plaatsgevonden in het Schengen Informatie Systeem, het Nationale Opsporingsregister en het Gedetineerden Recherche Informatiepunt. Bij het TCI van de Landelijke eenheid, de eenheid Rotterdam en de Koninklijke Marechaussee heeft wel gegevensverwerking plaatsgevonden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2234
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202003598/1/A3

202004615/1/R2

Bij besluit van 23 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Peel en Maas het bestemmingsplan "Omgevingsplan Kwistbeek" vastgesteld. De raad heeft het bestemmingsplan vastgesteld voor het stroomgebied Kwistbeek binnen de gemeente Peel en Maas. Het gaat om het dal van de Kwistbeek vanaf de oorsprong van de beek in Helden tot aan de Ingweg in Baarlo. In het bestemmingsplan zijn de toegestane activiteiten en bouwmogelijkheden uit de voorheen geldende bestemmingsplannen vastgelegd. Daarnaast biedt het bestemmingsplan een ruimtelijk kader voor de herinrichting van de Kwistbeek zoals die door het dagelijks bestuur van het waterschap Limburg is vastgesteld in het projectplan Waterwet herinrichting Kwistbeek. Het bestemmingsplan heeft de volgende doelen die bijdragen aan dit projectplan: het voorkomen van wateroverlast, een ecologisch hoogwaardige inrichting van het beekdal, een klimaatbestendige beekdalontwikkeling en een beleefbaar landschap.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2220
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202004615/1/R2

202004937/1/A2

Bij besluit van 21 augustus 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het kindgebonden budget van [appellant] over 2019 op € 2.763,00 gesteld. De Sociale Verzekeringsbank heeft de Belastingdienst/Toeslagen gemeld dat [appellant] aanspraak heeft op een buitenlandse gezinsbijslag, omdat de vrouw en kinderen van [appellant] in Slowakije wonen. Als aanspraak op een buitenlandse gezinsbijslag bestaat beoordeelt de SVB of dit bedrag nog moet worden aangevuld. Zo ja, dan neemt de SVB deze aanvulling voor zijn rekening. Dat heeft de SVB in het geval van [appellant] ook gedaan, vanaf 1 november 2017. De Belastingdienst/Toeslagen heeft vastgesteld dat hij over 2019 al een bedrag van € 1.364,00 had uitbetaald aan [appellant]. De dienst heeft dit bedrag teruggevorderd, omdat [appellant] van de SVB al heeft ontvangen waar hij recht op heeft. [appellant] heeft de Belastingdienst/Toeslagen ten onrechte het uitbetaalde kindgebonden budget van hem teruggevorderd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2216
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202004937/1/A2

202005211/1/A3

Bij besluit van 14 januari 2019 heeft de burgemeester van Rotterdam besloten om de huurwoning van [appellanten sub 2] aan de [locatie] voor zes maanden te sluiten. De burgemeester is op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet bevoegd tot het opleggen van een last onder bestuursdwang als in een woning een middel als bedoeld in lijst I of lijst II, behorend bij de Opiumwet, wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is. De burgemeester heeft besloten de woning voor zes maanden te sluiten, omdat de politie op 30 oktober 2018 in de slaapkamer van een meerderjarige zoon 237,7 g cocaïne, een contant bedrag van € 7.000,00, een grammenweegschaal en een rol plastic zakjes heeft aangetroffen. [appellanten sub 2] en de burgemeester zijn het met elkaar eens dat de burgemeester bevoegd was om het pand te sluiten, maar verschillen van mening over de vraag of hij in redelijkheid van die bevoegdheid gebruik heeft kunnen maken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2243
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • uitspraakin de zaak202005211/1/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202005211/1/A3

202005313/1/R4

Bij besluit van 31 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere maatwerkvoorschriften vastgesteld voor de activiteiten van de door [vergunninghouder] geëxploiteerde supermarkt aan de [locatie 1] te Serooskerke. [appellant] woont aan de [locatie 2] te Serooskerke. Achter zijn woning ligt een parkeerterrein dat hoort bij de supermarkt aan de [locatie 1] te Serooskerke. De supermarkt wordt geëxploiteerd door [vergunninghouder]. Het parkeerterrein heeft ongeveer 20 parkeerplaatsen en wordt verlicht door vier lichtmasten. Het terrein wordt onder meer gebruikt door personeel en klanten van de supermarkt en is toegankelijk voor derden, ook als de supermarkt gesloten is. [appellant] heeft het college verzocht om maatwerkvoorschriften vast te stellen omdat hij in zijn woning en tuin lichthinder ervaart van de verlichting van het parkeerterrein.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2217
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak202005313/1/R4

202005417/1/A3

Bij besluit van 31 juli 2019 heeft de korpschef van politie de jachtakte van [appellant] ingetrokken. Bij besluit van 17 januari 2020 heeft de minister van Justitie en Veiligheid het door [appellant] daartegen ingestelde administratief beroep ongegrond verklaard. [appellant] was houder van een jachtakte die geldig was van 1 april 2019 tot en met 31 maart 2020. Bij een verkeerscontrole op 1 juni 2019 is door middel van een blaastest bij [appellant] een alcoholgehalte van 245 µg/l gemeten. Omdat het verboden is een voertuig te besturen bij een alcoholgehalte van hoger dan 220 µg/l is tegen [appellant] proces-verbaal opgemaakt wegens rijden onder invloed. De officier van justitie heeft op 11 juli 2019 aan [appellant] een strafbeschikking uitgevaardigd die een boete van € 325,- inhoudt. De korpschef heeft de jachtakte van [appellant] hierna ingetrokken, omdat aan hem het voorhanden hebben van wapens of munitie niet langer kan worden toevertrouwd. [appellant] kan zich daarmee niet verenigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2219
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Wapens en munitie
  • uitspraakin de zaak202005417/1/A3

202005897/1/A3

Bij besluit van 11 juli 2019 heeft dde staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [wederpartij] een bestuurlijke boete van € 43.200,00 opgelegd. Bij afzonderlijke besluit van dezelfde datum heeft de staatssecretaris een waarschuwing preventieve stillegging van werkzaamheden aan [wederpartij] opgelegd. Op 7 december 2018 heeft een medewerker van [wederpartij] bij een vestiging in Tilburg door een ongeval letsel opgelopen. Het ongeval gebeurde tijdens het uitbenen van rundvlees met een uitbeenmes van 13 cm. De punt van het uitbeenmes is in de snijtafel gekomen waardoor de snijhand van het slachtoffer over het heft is gegleden. Als gevolg van dit arbeidsongeval heeft het slachtoffer letsel aan zijn rechterpink opgelopen waarvoor hij ter behandeling is opgenomen in een ziekenhuis. Hij heeft één nacht in het ziekenhuis doorgebracht. Naar aanleiding van de melding van het voorval heeft een arbeidsinspecteur onderzoek gedaan naar het ongeval. Hiervan is een boeterapport opgemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2229
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202005897/1/A3

202006311/1/R1

Bij besluit van 5 januari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een omgevingsvergunning aan Midvast verleend voor het plaatsen van twee airco-units op het dak van het gebouw Prinseneiland 29-31. Midvast heeft het topappartement Prinseneiland 29-31 te Amsterdam verkocht aan [belanghebbende], met inbegrip van een airco-installatie op het dak. [belanghebbende] woont daar. [bezwaarmaker] is eigenaar van het daarnaast gelegen adres [locatie A]. Op het dak van Prinseneiland 29-31 bevindt zich al een vergund dakterras. Midvast heeft op 25 oktober 2017 een aanvraag gedaan voor een omgevingsvergunning voor het plaatsen van twee airco-units op het dak van Prinseneiland 29-31. Het dakterras op Prinseneiland 29-31 is daarin kleiner uitgevoerd dan eerder vergund en net buiten het dakterras, grenzend aan [locatie A], worden volgens het bouwplan de twee airco-units geplaatst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2241
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202006311/1/R1

202006321/1/A3

Bij besluit van 14 oktober 2020 heeft de de burgemeester van Alphen aan den Rijn een huisverbod opgelegd aan [appellant]. [appellant] woonde samen met zijn vrouw en dochter in een woning in Alphen aan den Rijn. Op 12 oktober 2020 heeft zich in de woning een incident voorgedaan tussen [appellant] en zijn vrouw. De vrouw heeft naar aanleiding hiervan aangifte tegen [appellant] gedaan wegens mishandeling. Bij het besluit van 14 oktober 2020 heeft de burgemeester met toepassing van artikel 2, eerste lid, van de Wet tijdelijk huisverbod aan [appellant] een huisverbod van tien dagen en een verbod tot contact met zijn vrouw en dochter opgelegd. De burgemeester heeft geoordeeld dat de aanwezigheid van [appellant] in de woning een ernstig en onmiddellijk gevaar oplevert voor de veiligheid van zijn vrouw en hun kind, althans dat in elk geval een ernstig vermoeden van dit gevaar bestaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2222
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Huisverbod
  • uitspraakin de zaak202006321/1/A3

202006521/1/R2

Bij besluit van 17 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heerlen, voor zover hier van belang, [appellante] onder oplegging van een dwangsom gelast om alle voorzieningen die in ruimte B van de loods op het perceel aan [locatie] in Hoensbroek aanwezig zijn om die ruimte te gebruiken als bar te verwijderen en verwijderd te houden. [appellante] huurt een gedeelte van de loods ten behoeve van haar bedrijfsactiviteiten bestaande uit handel in bloemen, planten, zaden en tuinbenodigdheden en de verhuur van aanhangwagens. Het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Bedrijventerrein Hoensbroek-Zuid" kent de bestemming "Bedrijfsdoeleinden B" toe aan het perceel waarop de loods is gevestigd. Op 4 december 2018 is het bedrijfsverzamelgebouw, waarvan de loods deel uitmaakt, gecontroleerd door de politie, de belastingdienst en de gemeente Heerlen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2225
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202006521/1/R2

202006962/1/R1

Bij besluit van 14 april 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Aalsmeer een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een woning met een berging en carport op het perceel [locatie A] in Kudelstaart. [aannemersbedrijf] heeft een aanvraag ingediend voor het bouwen van een woonhuis met berging en carport op het perceel [locatie A], kavel 1, te Kudelstaart (hierna: kavel 1). [appellant] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat het college geen omgevingsvergunning heeft mogen verlenen, omdat daarmee de exploitatie van de jachthaven op zijn perceel onmogelijk wordt gemaakt. De rechtbank heeft miskend dat het college deze exploitatie ook op andere wijzen tracht te verhinderen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2239
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202006962/1/R1

202007138/1/V6

Bij besluit van 12 december 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellante] om haar het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. De staatssecretaris heeft het verzoek afgewezen, omdat hij de identiteit en nationaliteit van [appellante] niet met zekerheid kan vaststellen. Uit de verklaring van onderzoek van Bureau Documenten van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (thans: Team Onderzoek en Expertise Documenten, hierna: TOED) van 19 december 2018 en de aanvullende e-mail van 1 april 2020 blijkt namelijk dat het door [appellante] overgelegde Burundese paspoort niet door de bevoegde autoriteiten is opgemaakt en afgegeven. [appellante] heeft het paspoort verkregen op basis van haar Nederlandse verblijfsdocument, terwijl uit de algemene ambtsberichten van de minister van Buitenlandse Zaken blijkt dat voor de afgifte van een Burundees paspoort een Burundese identiteitskaart en een verklaring van de volledige identiteit moeten worden overgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2233
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202007138/1/V6

202100073/1/A3

Bij besluit van 9 oktober 2019 heeft de korpschef van politie de aanvraag van [appellant] voor een wapenverlof afgewezen. De korpschef heeft de aanvraag van [appellant] voor een wapenverlof afgewezen omdat hij vreest dat het onder zich hebben van wapens of munitie niet aan [appellant] kan worden toevertrouwd. De korpschef heeft deze vrees gebaseerd op politiegegevens en de informatie die hij heeft opgevraagd uit het Justitieel Documentatieregister. Daaruit is het volgende naar voren gekomen. Uit een proces-verbaal van aangifte van 24 februari 2017 blijkt dat tegen [appellant] aangifte is gedaan van smaad/laster dan wel belaging door een vrouw die hij via een datingsite had ontmoet. Deze vrouw heeft verklaard dat, nadat zij [appellant] had laten weten niet verder met hem te willen, hij ongewenst Whatsapp- en sms-berichten bleef sturen met onder andere de volgende inhoud: "Maar jij krijgt wat je verdiend, zo ga je niet met mij om, ik begin pas, ik laat iets veel ergers gebeuren."

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2244
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Wapens en munitie
  • uitspraakin de zaak202100073/1/A3

202100301/1/R4

Bij besluit van 24 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heemskerk aan [vergunninghouder A] en [vergunninghouder B] een omgevingsvergunning verleend voor het in strijd met het bestemmingsplan bouwen van een paardenstal en een paddock en het hobbymatig houden van twee paarden bij de woning aan de [locatie 1] in Heemskerk. [vergunninghouder] woont in de vrijstaande woning aan de [locatie 1] en houdt op zijn perceel een klein paard met een schofthoogte van 145 cm en een kleine pony met een schofthoogte van 75 cm. Daarvoor staan op het perceel een stal en een kleine paardenbak, ook wel een paddock genoemd. In 1986 is de stal gebouwd op de plek waar hij nu nog staat. In ieder geval vanaf toen worden er paarden gehouden op het perceel. [appellant] woont sinds 2003 aan de [locatie 2], direct naast het perceel van [vergunninghouder]. Zijn woning is in 1992 gebouwd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2188
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202100301/1/R4

202100344/1/V6

Bij besluit van 20 mei 2019 heeft de staatssecretaris het verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. De staatssecretaris heeft het verzoek, ingediend op 27 juli 2017, afgewezen omdat [appellant] daaraan voorafgaand niet onafgebroken toelating en hoofdverblijf had in Nederland. Hij had namelijk van 6 mei 2015 tot 16 juni 2016 geen geldige verblijfsvergunning. Hierdoor is in die periode een verblijfsgat ontstaan en dus voldoet hij niet aan het vereiste van sedert vijf jaar onmiddellijk voorafgaande aan het verzoek onafgebroken hoofdverblijf in het Koninkrijk, neergelegd in artikel 8, eerste lid, aanhef en onder c, van de Rijkswet op het Nederlanderschap (hierna: de RWN). [appellant] komt volgens de staatssecretaris bovendien niet in aanmerking voor toepassing van de verkorte termijn van drie jaar uit artikel 8, vierde lid, van de RWN. Hij had namelijk pas vanaf 16 juni 2016 verblijfsrecht bij zijn [partner].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2246
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202100344/1/V6

202100569/1/A2

Bij besluit van 1 oktober 2019 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand een aanvraag van [appellant] om toekenning van extra uren rechtsbijstand afgewezen. [appellant] heeft bij de raad een aanvraag om toekenning van extra uren rechtsbijstand ingediend. Bij besluit van 1 oktober 2019 is deze aanvraag afgewezen. [appellant] heeft hiertegen bezwaar gemaakt en wegens het uitblijven van een beslissing op zijn bezwaar heeft [appellant], naar hij stelt, op 6 februari 2020 een ingebrekestelling aan de raad gestuurd. Bij besluit van 27 maart 2020 heeft de raad het gemaakte bezwaar gegrond verklaard en aan [appellant] de gevraagde extra uren toegekend. [appellant] heeft beroep ingesteld bij de rechtbank omdat de raad volgens hem een dwangsom is verschuldigd wegens het niet tijdig beslissen op bezwaar. De raad heeft zich op het standpunt gesteld dat geen dwangsom is verschuldigd nu de ingebrekestelling nooit is ontvangen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2237
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202100569/1/A2

202100637/1/R3

Bij besluit van 16 december 2020 hebben provinciale staten van Groningen het inpassingsplan "De Skieding" vastgesteld. De N358 op de grens van Fryslân en Groningen (De Skieding) is een doorgaande weg vanuit Noordoost Friesland naar de A7. De provincie Fryslân wil De Skieding veiliger maken en de doorstroming op de weg verbeteren. Om de doorstroming en verkeersveiligheid te verbeteren wordt het wegprofiel verbreed en worden ovondes en parallelwegen aangelegd. Tevens worden in dit verband enkele woningen en een bedrijf verplaatst. Deze ontwikkelingen passen niet binnen de geldende bestemmingsplannen. Om de voorgenomen plannen juridisch en planologisch mogelijk te maken, dient hiervoor een nieuwe planologische regeling te worden vastgesteld. Daarin voorziet het inpassingsplan onder meer met de bestemming "Verkeer". De N358 is op dit moment nog in het geheel op het grondgebied van de provincie Friesland gelegen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2248
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Inpassingsplan
  • uitspraakin de zaak202100637/1/R3

202102819/1/R4

Bij besluit van 11 februari 2021 heeft de raad van de gemeente Apeldoorn het bestemmingsplan "Molecatenlaan 15 Ugchelseweg 201 Ugchelen" vastgesteld. Bij besluit van 4 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn een omgevingsvergunning verleend voor de aangevraagde activiteiten op de locaties. De bestreden besluiten hebben betrekking op de herontwikkeling van het dorpshart van Ugchelen. Op het perceel Ugchelseweg 201 staat een tankstation, waar ook LPG verkocht wordt. In 2019 is de gemeente met de eigenaar overeengekomen de exploitatie van het tankstation en de verkoop en opslag van LPG te beëindigen. Het bestemmingsplan voorziet in de bouw van negen kleinschalige patiowoningen op dit perceel. Op het perceel Molecatenlaan 15 was voorheen de bibliotheek Coda gevestigd. Dit gebouw staat momenteel leeg. Het plan voorziet in de bouw van een appartementengebouw met 20 appartementen op dit perceel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2230
Datum uitspraak
6 oktober 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bouwen
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202102819/1/R4

202104565/2/V3

Bij besluit van 20 oktober 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd ingetrokken en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2298
Datum uitspraak
5 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104565/2/V3

202104888/2/R1

Bij besluit van 8 juni 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Castricum het wijzigingsplan Marelsdal 2018" vastgesteld. Op het landgoed Duin en Bosch is een zorginstelling voor geestelijke gezondheidszorg van de Parnassia Bavo Groep gevestigd. Parnassia is bezig met vernieuwing, uitbreiding en modernisering van de vestiging en zal daarbij ook de ruimtelijke kwaliteit van het landgoed verbeteren. Zo wordt de oude structuur van het landgoed hersteld en worden de Rijksmonumentale gebouwen gerenoveerd. Het plangebied maakt deel uit van het landgoed en was tot 2013 in gebruik als polikliniek. In 2015 is de aldaar aanwezige bebouwing gesloopt. Het plan maakt daar 11 nieuwe woningen mogelijk. De opbrengst daarvan vormt een financiële drager voor bovenstaande verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Marelsdal B.V. is de eigenaar van de gronden binnen het plangebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2203
Datum uitspraak
5 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202104888/2/R1

202105349/1/V2

Bij besluit van 15 mei 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van referent om ten behoeve van de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2213
Datum uitspraak
5 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202105349/1/V2

202106010/2/V3

Bij besluit van 29 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2212
Datum uitspraak
5 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106010/2/V3

202006291/2/A3

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 15 oktober 2020 in zaken nrs. 20/817 en 20/3081. De Autoriteit Persoonsgegevens heeft een aantal gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2200
Datum uitspraak
5 oktober 2021
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202006291/2/A3

202101721/2/A3

[appellante sub 1] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 3 februari 2021 in zaak nr. 20/1150. De minister van Financiën heeft incidenteel hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2199
Datum uitspraak
5 oktober 2021
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Boete
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202101721/2/A3

202004380/1/V2

Bij besluit van 28 november 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2206
Datum uitspraak
4 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202004380/1/V2

202006886/1/V2

Bij besluit van 14 augustus 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van de vreemdeling om het tegen hem uitgevaardigde inreisverbod op te heffen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2208
Datum uitspraak
4 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202006886/1/V2

202103955/1/V3

Bij besluit van 19 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2207
Datum uitspraak
4 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202103955/1/V3

202104635/1/V3

Bij besluiten van 14 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten, een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd en hem in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2196
Datum uitspraak
4 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202104635/1/V3

202105095/2/R4

Bij besluit van 15 juni 2021 heeft het college het Uitwerkings- en wijzigingsplan "Sprenkelaar en Anklaar, uitwerking en wijziging 2" vastgesteld. Het uitwerkingsplan maakt de bouw van 43 woningen met bijbehorende openbare voorzieningen (waaronder parkeerplaatsen) mogelijk op de plek van het voormalige noodwinkelcentrum Anklaar. De woningen worden verdeeld over zes aparte blokken. Tussen deze woonblokken is een parkeerterrein gepland. [verzoeker] woont aan de [locatie] in Apeldoorn, in het woongebouw De Parel. Het plangebied ligt ten noorden van dat woongebouw. [verzoeker] is het niet eens met het uitwerkingsplan. Hij heeft de voorzieningenrechter gevraagd om het plan te schorsen totdat de Afdeling uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak. Het college heeft op de zitting verklaard dat inmiddels is begonnen met het bouwrijp maken van de gronden in het plangebied. Dat betekent dat [verzoeker] een spoedeisend belang heeft bij een schorsing van het uitwerkingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2209
Datum uitspraak
4 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202105095/2/R4

202105464/3/V3

Bij besluit van 4 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2205
Datum uitspraak
4 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202105464/3/V3

202106159/2/V2

Bij besluit van 13 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2204
Datum uitspraak
4 oktober 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106159/2/V2

202006163/1/V2

Bij besluit van 27 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2191
Datum uitspraak
1 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202006163/1/V2

202102178/1/V2

Bij besluiten van 29 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2192
Datum uitspraak
1 oktober 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102178/1/V2

202105440/3/A3

Fair Play Centers heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg van 6 juli 2021 in zaak nr. 21/1561 en 21/1557. De burgemeester van Heerlen heeft de vertrouwelijke versies van een aantal gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2198
Datum uitspraak
1 oktober 2021
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202105440/3/A3

202105442/3/A3

Fair Play Centers en de burgemeester van Heerlen hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg van 6 juli 2021 in zaak nr. 21/1562 en 21/1558.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2197
Datum uitspraak
1 oktober 2021
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202105442/3/A3

202103130/2/A3

Bij besluit van 15 juni 2018 heeft de algemene raad van de Nederlandse Orde van Advocaten het verzoek van [appellant] om ontkoppeling van de lijst waarop zijn schorsing staat vermeld met zoekmachines op internet afgewezen. [verzoeker] heeft vanaf 2011 tot en met 1 juni 2018 als advocaat ingeschreven gestaan op het tableau van de Nederlandse Orde van Advocaten. Na een klachtprocedure heeft de raad van discipline hem bij wijze van tuchtrechtelijke maatregel op 17 januari 2017 onvoorwaardelijk geschorst voor de duur van vier maanden. De raad van discipline heeft krachtens artikel 8a, derde lid, van de Advocatenwet bepaald dat deze schorsing voor een ieder voor een periode van vijf jaar zichtbaar zal zijn op het tableau. Het hof van discipline heeft deze uitspraak op 10 juli 2017 bekrachtigd. Naar aanleiding van de schorsing heeft de secretaris van de algemene raad de naam van [verzoeker] krachtens artikel 8b van de Advocatenwet voor onbepaalde tijd opgenomen in een openbare lijst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2187
Datum uitspraak
30 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202103130/2/A3

202105144/2/V2

Bij besluit van 2 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2193
Datum uitspraak
30 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105144/2/V2

202105623/2/V3

Bij besluit van 10 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld. Bij besluit van 13 augustus 2021 heeft de staatssecretaris bepaald dat de vreemdeling wordt overgedragen aan Bulgarije.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2194
Datum uitspraak
30 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202105623/2/V3

202105913/2/A3

Bij besluit van 19 november 2020 heeft de burgemeester van Tilburg krachtens artikel 13b van de Opiumwet onder aanzegging van bestuursdwang gelast de woning op de [locatie] in Tilburg te sluiten voor de duur van drie maanden. [verzoeker] is de enige bewoner van de woning. Hij heeft ADD en een IQ van 67. In verband hiermee heeft hij een indicatie op grond van de Wet langdurige zorg. [verzoeker] krijgt begeleiding van Het Houvast. Op 22 augustus 2020 heeft de politie de woning doorzocht op grond van de Wet wapens en munitie. De aanleiding voor deze doorzoeking was een schietincident in de omgeving van de woning. Uit de kennisgeving van inbeslagneming, het proces-verbaal van bevindingen en het proces-verbaal van binnentreden blijkt dat in de woning 53 XTC-pillen, iets meer dan 8 gram MDMA, sealbags en een weegschaal zijn aangetroffen. Deze spullen bevonden zich in een papieren zak die op een tafel lag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2185
Datum uitspraak
30 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Drugs
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202105913/2/A3

202105979/2/V2

Bij besluit van 4 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2186
Datum uitspraak
30 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105979/2/V2

202106049/2/V2

Bij besluit van 4 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2195
Datum uitspraak
30 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106049/2/V2

202006021/1/V1

Bij besluit van 20 februari 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2159
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202006021/1/V1

202102156/1/V1

Bij besluiten van 9 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van vreemdeling 1 om verlenging van de geldigheidsduur van een aan hem verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd en een aanvraag van vreemdeling 2 om verlening van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2161
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202102156/1/V1

202102464/2/R2

Bij besluit van 11 februari 2021 heeft de raad van de gemeente Gilze en Rijen het bestemmingsplan "Ruimte-voor-ruimte woning Alphenseweg ongenummerd te Gilze" vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van één ruimte-voor-ruimte-woning aan de Alphenseweg in Gilze. Het plangebied is nu onbebouwd. [verzoeker] woont aan de [locatie], direct ten zuiden van het plangebied. Van Gestel is eigenaar van de gronden waarop het plan betrekking heeft. [verzoeker] betoogt dat het plan in strijd met de Structuurvisie Stedelijk gebied Gilze en Rijen, vastgesteld door de raad op 21 december 2015, is vastgesteld. Hij voert hiertoe aan dat het plangebied, anders dan de raad stelt, niet binnen een buurtschap ligt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2158
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202102464/2/R2

202105163/1/V2

Bij besluit van 22 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2160
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105163/1/V2

202105246/2/R4

Bij besluit van 14 juli 2021 heeft de raad van de gemeente Nijmegen het bestemmingsplan "Nijmegen Lindenholt - 3 (Sint Agnetenweg)" vastgesteld. Met het bestemmingsplan wordt beoogd op het perceel St. Agnetenweg 25 te Nijmegen (het achterterrein St. Agnetenweg 25-27 in de wijk Lindenholt) na sloop van de bestaande bebouwing, maximaal 45 appartementen voor beschermd en beschut wonen te realiseren. [verzoeker sub 1] en [verzoeker sub 2] wonen in de nabijheid van het perceel en vrezen dat de realisering van het appartementencomplex zal leiden tot aantasting van hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2157
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202105246/2/R4

202105274/2/R1

Bij besluit van 1 juli 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam onder meer locatie 86 aan de [locatie] te Rotterdam aangewezen voor de plaatsing van een container voor groente, fruit en etensresten. Deze zaak gaat over de plaatsing van GFE-container nr. 86 op korte afstand van de woning van [verzoeker] aan de [locatie] te Rotterdam. Het college heeft dit type container ter zitting omschreven als een 30 cm diep ingegraven vast omhulsel waarin een verrijdbare container voor GFE-afval wordt geplaatst. [verzoeker] stelt dat hij al veel overlast heeft van de bestaande ondergrondse restafvalcontainer (hierna: ORAC) die op 1,5 m van zijn slaapkamerraam op de begane grond staat. Hij vreest dat die situatie verder zal verslechteren als daarnaast een GFE-container wordt geplaatst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2154
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202105274/2/R1

202105628/2/R1

Bij besluit van 19 juli 2021 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat op een verzoek daartoe van TenneT TSO B.V. krachtens artikel 2, vijfde lid, van de Belemmeringenwet Privaatrecht aan de in het besluit genoemde rechthebbenden de plicht opgelegd tot het gedogen van de aanleg en instandhouding van de hoogspanningsverbinding Zuid-West 380kV-West-Borssele-Rilland met bijkomende werken op de in het besluit vermelde percelen, zoals op de als bijlage bij het besluit aangehechte situatietekening is aangegeven. [verzoeker] is rechthebbende op de onroerende zaken, kadastraal bekend gemeente Borsele, sectie K, nummers 487 en 789. Het besluit legt aan [verzoeker] de plicht op om te gedogen dat op deze percelen, behoudens zijn recht op schadevergoeding, de hoogspanningsverbinding wordt aangelegd en in stand gehouden. De percelen zullen tijdelijk worden gebruikt als werkterrein voor de fundatiewerkzaamheden en de oprichting van de masten 1011, 1012 en 1013.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2153
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202105628/2/R1

202105736/2/V2

Bij besluit van 2 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2162
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105736/2/V2

202105935/2/V2

Bij besluit van 22 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2163
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105935/2/V2

201909072/1/R3

Bij besluit van 15 oktober 2019 heeft de raad van de gemeente Losser het bestemmingsplan "Losser dorp, partiële herziening Gronausestraat - Dr. Frederikstraat" vastgesteld. Het plan maakt één woning mogelijk op een perceel op de hoek van [locatie 1] en [locatie 2] in Losser. In het verleden stond hier een horecapand dat is afgebrand. Sindsdien ligt het perceel braak. [appellant] exploiteert op het perceel [locatie 2] in Losser een slachterij. De afstand tussen het plangebied en het perceel van [appellant] is ongeveer 15 meter. [appellant] kan zich niet met het plan verenigen, omdat hij vreest door de realisatie van de woning in zijn bedrijfsvoering te worden belemmerd. Vanwege de geurhinder en geluidhinder die de exploitatie van zijn bedrijf met zich brengt, zal ter plaatse van de voorziene woning volgens hem geen sprake zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2177
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak201909072/1/R3

202000136/2/R3

Bij tussenuitspraak van 10 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:521, heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Den Haag opgedragen om binnen 12 weken na verzending van de tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 19 februari 2018 te herstellen. Het college heeft aan Groendaelstaete I een omgevingsvergunning verleend voor het vernieuwen en verkleinen van de serre aan de achtergevel van de kantoorvilla aan de Van de Spiegelstraat 12 in Den Haag. De kantoorvilla is gelegen binnen een gemeentelijk beschermd stadsgezicht en aan een eerste ordestraat als bedoeld in de Welstandsnota 2004. Het college heeft zijn besluit gebaseerd op twee adviezen van de welstands- en monumentencommissie van 19 juli 2017 en 30 augustus 2017. In de tussenuitspraak heeft de Afdeling overwogen dat de rechtbank niet heeft onderkend dat het college het standpunt dat het bouwplan voldoet aan redelijke eisen van welstand niet heeft mogen baseren op de adviezen van de welstandscommissie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2183
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202000136/2/R3

202001177/1/A2 en 202004299/1/A2

Bij brief van 11 december 2018 heeft de inspectie Gezondheidszorg en Jeugd een (tweede) reactie gegeven op een door [appellant] ingediende klacht. [appellant] is anesthesioloog en was als zelfstandige zonder personeel (ZZP’er) werkzaam bij twee abortusklinieken, gevestigd in Arnhem en Eindhoven. De abortusklinieken worden geëxploiteerd door de stichting Mildred Clinics. Op 5 oktober 2017 heeft de directeur van de stichting de samenwerking met [appellant] met ingang van 1 november 2017 opgezegd. In een brief van 18 oktober 2017, die [appellant] op 25 oktober 2017 aan de IGJ heeft doorgestuurd, heeft hij de IGJ verzocht ‘wezenlijke aandacht’ te hebben voor door hem geschetste problemen bij de twee abortusklinieken. Bij email van 5 december 2017 heeft de IGJ [appellant] bedankt voor zijn melding en hem laten weten dat zij zijn informatie zal benutten in haar toezicht op de stichting. De IGJ heeft [appellant] daarbij verder laten weten dat hij daarvan geen terugkoppeling meer ontvangt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2170
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202001177/1/A2 en 202004299/1/A2

202001350/1/A3

Bij besluit van 4 december 2018 heeft de Autoriteit Persoonsgegevens aan de minister van Financiën met ingang van 1 januari 2020 een verbod opgelegd voor het verwerken van het burgerservicenummer in het btw-identificatienummer van zelfstandigen zonder personeel omdat dat in strijd is met de Algemene verordening gegevensbescherming en de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming. De AP heeft de minister van Financiën verboden om met ingang van 1 januari 2020 het BSN te gebruiken in het btw-identificatienummer van zelfstandigen met een éénmanszaak. [appellant] heeft naar aanleiding van dit verbod een brief verzonden met een groot aantal klachten en verzoeken waarin hij stelt dat de belastingdienst in strijd handelt met de AVG en de UAVG. Ook maakt hij in de brief bezwaar tegen het besluit van 4 oktober 2018 omdat het verbod volgens hem niet ver genoeg strekt. Hij stelt dat de Belastingdienst ook in andere referentienummers het BSN verwerkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2164
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202001350/1/A3

202001707/1/A2

Bij besluit van 20 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Weert de aan de stichting bij besluit van 26 februari 2013 verleende subsidie ingetrokken. Op 4 maart 2011 kende het college van gedeputeerde staten van Limburg (hierna: de provincie) aan de gemeente Weert een subsidie toe van maximaal € 250.000,00 voor het project "Ontwikkelingsvisie De Lichtenberg" met als doel daarmee bij te dragen aan het behoud van monumenten in Limburg. Deze subsidie had een looptijd tot 1 december 2012. Die termijn is later verlengd tot uiteindelijk 31 december 2014. De gemeente heeft op 30 september 2014 de eindverantwoording ingediend en op 20 februari 2015 heeft de provincie de subsidie vastgesteld op € 104.769,42. Daarbij heeft de provincie vermeld dat het bedrag lager is dan het toegekende maximum, omdat is geconstateerd dat de in de eerdere beschikking opgenomen prestaties en overige verplichtingen slechts deels door de gemeente zijn gerealiseerd en nagekomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2172
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202001707/1/A2

202002132/1/R2

Bij besluit van 29 maart 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van de provincie Fryslân aan de maatschap krachtens artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming vergunning verleend voor de uitbreiding van een melkrundveehouderij aan de [locatie] in Ee. De maatschap exploiteert een melkrundveehouderij aan de [locatie] in Ee. In de omgeving van haar bedrijf ligt het Natura 2000-gebied "Lauwersmeer". [partij] woont nabij de melkrundveehouderij. De maatschap heeft op 29 augustus 2018 een aanvraag om een vergunning op grond van de Wnb ingediend bij het college voor de uitbreiding van de melkrundveehouderij met de bouw van een nieuwe stal. Bij het besluit van 29 maart 2019 heeft het college die vergunning verleend. [partij] heeft daartegen beroep ingesteld bij de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2175
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202002132/1/R2

202002507/1/R2

Bij besluit van 13 februari 2020 heeft de raad van de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten het bestemmingsplan "Lieshoutseweg 6, Nuenen" gewijzigd vastgesteld. Het plan voorziet binnen de bestaande bebouwing in de realisatie van "Het Boshuys" aan de Lieshoutseweg 6 te Nuenen. De voorgenomen functiewijziging betreft de realisatie van een restaurant in het woonhuis, een multifunctionele horecaruimte in de bestaande schuur, een Bed & Breakfast (B&B) in de bestaande garage, een klim-, speel- en educatiebos met avonturenpad en parkeren aansluitend aan de bestaande bebouwing. Het Boshuys vormt volgens paragraaf 2.2 van de plantoelichting een recreatieve poort tot het natuurgebied Geeneindse heide en heeft samen met het klim- en educatiebos tevens een belangrijke en educatieve functie (erfgoededucatie). De Lieshoutseweg betreft de provinciale weg N615 tussen Gerwen en Lieshout. [appellanten] vrezen allen dat hun woon- en leefklimaat en de natuur worden aangetast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2184
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202002507/1/R2

202002944/1/A2

Bij besluit van 13 mei 2019 en de daarop volgende voorschotbeschikkingen van 7 juni 2019 en 21 juni 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de voorschotten huurtoeslag van [appellante] over 2018 en 2019 herzien en vastgesteld op nihil. Op 8 januari 2018 heeft [appellante] huurtoeslag aangevraagd. De Belastingdienst/Toeslagen heeft haar een voorschot huurtoeslag voor 2018 toegekend van € 4.045,00. Tevens heeft de dienst haar voor 2019 een voorschot huurtoeslag van € 4.117,00 toegekend. Bij brief van 8 april 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen [appellante] verzocht om bewijsstukken van betaling van de huur over 2018 en 2019. Op 16 april 2019 heeft [appellante] daarop gereageerd en stukken overgelegd. De Belastingdienst/Toeslagen heeft de huurtoeslag van [appellante] stopgezet met ingang van 1 januari 2018 en de voorschotten over 2018 en 2019 herzien op nihil, omdat zij geen stukken heeft overgelegd die aantonen dat zij over 2018 en 2019 daadwerkelijk huur heeft betaald.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2165
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202002944/1/A2

202003084/1/R1

Bij besluit van 6 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Uitgeest een aantal locaties, zoals aangegeven op de bij het besluit behorende tekeningen, aangewezen als clusterplaatsen voor het plaatsen van rolcontainers ten behoeve van huishoudelijk afval. Het bestreden besluit van 6 mei 2020 voorziet in de aanwijzing van een aantal clusterplaatsen voor rolcontainers. Bij de aanwijzing van de locaties voor de clusterplaatsen heeft het college rekening gehouden met de beleidsregels die het heeft vastgelegd in de notitie "locatiecriteria clusterplaatsen minicontainers Uitgeest", vastgesteld door het college op 17 september 2019. Deze locatiecriteria hebben onder meer betrekking op het voorkomen van hinder, de bescherming van het milieu, de bereikbaarheid voor het inzamelvoertuig, de bereikbaarheid voor bewoners, de veiligheid en het parkeren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2174
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202003084/1/R1

202003288/1/A2 en 202003353/1/A2

Bij besluit van 26 juli 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Limburg een aanvraag van [appellant sub 1] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. Bij besluit van 17 juli 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Limburg een aanvraag van [appellant sub 2] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant sub 1] heeft op 26 augustus 1999 een bouwkavel gekocht aan de [locatie 1]. [appellant sub 2] is op 7 juli 1999 eigenaar geworden van een bouwkavel aan de [locatie 2]. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] hebben het college beide verzocht om een tegemoetkoming in planschade omdat zij schade stellen te lijden als gevolg van de inwerkingtreding van het Provinciale Inpassingsplan Buitenring Parkstad Limburg 2012. Dit plan maakt op een afstand van ongeveer 80 meter van hun percelen een weg mogelijk bestaande uit twee rijbanen van elk twee rijstroken met een maximale snelheid van 100 km per uur.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2169
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202003288/1/A2 en 202003353/1/A2

202004032/1/V6

Bij besluit van 14 januari 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellant] om haar het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. Aan [appellant] is op 15 juni 2007 een verblijfsvergunning verleend in het kader van de Regeling afwikkeling nalatenschap oude Vreemdelingenwet. De verblijfsvergunning is met ingang van 15 juni 2008 gewijzigd in de beperking 'voortgezet verblijf' en laatstelijk verlengd tot 15 juni 2018. [appellant] is met ingang van 7 mei 2018 in het bezit gesteld van een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd. Bij besluit van 1 april 2019 heeft de staatssecretaris op grond van artikel 8, eerste lid, aanhef en onder c, van de Rijkswet op het Nederlanderschap de afwijzing van het verzoek om het Nederlanderschap gehandhaafd, omdat [appellant] niet sinds ten minste vijf jaar onmiddellijk voorafgaand aan het verzoek toelating en hoofdverblijf in Nederland heeft gehad op grond van de juiste persoonsgegevens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2180
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202004032/1/V6

202004210/1/R2

Bij besluit van 28 mei 2020 heeft de raad van de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten het bestemmingsplan "Nuenen-Centrum, herziening omgeving De Vank" vastgesteld. Het bestemmingsplan omvat het terrein rond het voormalige gemeenschapshuis De Vank in het centrum van de kern Nuenen. In het plan zijn de bestaande woningen op het terrein bestemd. Daarnaast wordt een nieuw appartementencomplex mogelijk gemaakt in de noordoostelijke hoek van het plangebied. Dit appartementencomplex mag uit maximaal 14 appartementen bestaan en kent een maximale bouwhoogte van 17 m. In het voorgaande bestemmingsplan "Nuenen Centrum 2012" was ter plaatse van het nu voorziene appartementencomplex een kleiner bouwvlak toegekend en een lagere maximale bouwhoogte van 5 m toegelaten. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] wonen aan de Van de Schoorhof, ten westen van het voorziene appartementencomplex. De afstand tussen hun appartementen en het bouwvlak voor het appartementencomplex bedraagt ongeveer 12 m.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2171
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202004210/1/R2

202004958/1/A2

Bij afzonderlijke besluiten van 26 april 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland de aanvragen van [appellanten] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellante A] is eigenaar van het perceel met woning [locatie A] te Scharwoude. [appellante B] is eigenaar van het perceel met woning [locatie B] te Scharwoude. Zij hebben ieder verzocht om een tegemoetkoming in planschade omdat tegenover hun woningen een geluidsscherm van 6 m hoog is gebouwd. Volgens hen is hierdoor de waarde van hun woningen verminderd en is hun levensvreugde sterk verminderd door gemis van uitzicht en het gevoel in een getto te zijn geplaatst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2178
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202004958/1/A2

202005184/1/A2

Bij besluit van 26 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Midden-Groningen aan [appellant] een tegemoetkoming in planschade van € 2.100,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 november 2017 tot aan de dag van betaling, toegekend. [appellant] was eigenaar dan wel vruchtgebruiker van de percelen kadastraal bekend gemeente Meede, sectie H, nummers 10 en 333 (hierna: perceel 10 en perceel 333 of gezamenlijk de percelen). Hij heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade omdat bestemmingen voor de percelen zijn veranderd, waardoor de percelen in waarde zijn gedaald. Het college heeft aan het besluit van 26 juni 2018 een door de Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken opgesteld advies van juni 2018 ten grondslag gelegd. In dat SAOZ-advies is vermeld dat in het voorheen geldende bestemmingsplan aan de woning met huiskavel op perceel 10 de bestemming "Wonen - W1" was gegeven en aan de overige gronden de bestemming "Agrarische cultuurgronden (onbebouwd)".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2179
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202005184/1/A2

202005257/1/R1 en 202101189/1/R1

Bij besluit van 25 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maastricht vastgesteld dat sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging op de [locatie A], kadastraal bekend voormalig gemeente Itteren (thans: Maastricht), sectie A, nummer 1572, vastgesteld dat spoedige sanering niet noodzakelijk is en ingestemd met een door [vergunninghouder] ten aanzien daarvan ingediend (deel)saneringsplan. [vergunninghouder] is voornemens op het perceel [locatie A] een woning te herbouwen en uit te breiden. Daartoe is op 21 januari 2020 aan hem een omgevingsvergunning verleend. In het kader van die omgevingsvergunning is een verkennend bodemonderzoek verricht waaruit bleek dat de locatie sterk verontreinigd is met zink veroorzaakt door historische activiteiten die binnen dit deel van de gemeente Maastricht hebben plaatsgevonden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2181
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak202005257/1/R1 en 202101189/1/R1

202005258/1/R1 en 202100737/1/R1

Bij besluit van 25 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maastricht vastgesteld dat sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging op de locatie [locatie A], kadastraal bekend voormalig gemeente Itteren (thans: Maastricht), sectie A, nummer 1572, vastgesteld dat spoedige sanering niet noodzakelijk is en ingestemd met een door [vergunninghouder] ten aanzien daarvan ingediend (deel)saneringsplan. [vergunninghouder] is voornemens op het perceel [locatie A] een woning te herbouwen en uit te breiden. Daartoe is op 21 januari 2020 aan hem een omgevingsvergunning verleend. In het kader van die omgevingsvergunning is een verkennend bodemonderzoek verricht waaruit bleek dat de locatie sterk verontreinigd is met zink veroorzaakt door historische activiteiten die binnen dit deel van de gemeente Maastricht hebben plaatsgevonden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2182
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak202005258/1/R1 en 202100737/1/R1

202005366/1/R1

Bij besluit van 22 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht het plaatsingsplan vastgesteld voor de plaatsing van ondergrondse afvalcontainers in de wijk Wittevrouwen, waarbij onder meer de locatie in de Biltstraat ter hoogte van nummer 138 is aangewezen. Dit besluit is in zoverre gehandhaafd bij besluit van 13 november 2018. De locatie bevindt zich op een parkeerplaats. Deze komt met de plaatsing van de orac’s te vervallen. In de uitspraak van 11 december 2019, ECLI:NL:RVS:2019:4178, heeft de Afdeling het beroep van [appellant] en anderen gegrond verklaard en het besluit op bezwaar van 13 november 2018 wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:12, eerste lid, van de Algemene wet vernietigd. De Afdeling heeft overwogen dat het college de plaatsing van de orac’s op de locatie 195/196 alleen aanvaardbaar acht, indien voldaan wordt aan de door de BiNG in het advies van 6 november 2018 gestelde maatregelen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2167
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202005366/1/R1

202005975/1/A2

Bij besluit verzonden op 11 juni 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Someren het verzoek van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] exploiteert een pluimveebedrijf op het adres [locatie]. [appellant] heeft het college bij brief van 18 oktober 2018 gevraagd of het in principe kan meewerken aan een bouwvergunning voor een op zijn perceel nieuw op te richten pluimveestal van 2.600 m². Het college heeft in antwoord op deze brief bij brief van 7 november 2018 aan [appellant] te kennen gegeven dat onder het bestemmingsplan "Buitengebied 2014" alleen uitbreiding op het perceel van [appellant] mogelijk is als sprake is van een veehouderij die blijvend beschikt over voldoende grond voor een veebezetting van twee grootvee-eenheden per ha of minder. Als [appellant] zijn bedrijf wil uitbreiden, dan zal hij in een concrete aanvraag in elk geval moeten aantonen dat hij aan deze voorwaarde voldoet.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2166
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202005975/1/A2

202100026/1/R4

Bij besluit van 29 oktober 2020 heeft de raad van de gemeente Wijchen het bestemmingsplan "Huurlingsedam 64, Wijchen" vastgesteld. Het plan voorziet in de realisatie van vier levensloopbestendige woningen. Het plangebied ligt ten zuidoosten van de kern van Wijchen en wordt volledig omzoomd door de (deels toekomstige) nieuwbouwwijk Huurlingsedam fase 1 en 2. [partij] is eigenaar van de betrokken gronden. [appellant] en anderen zijn omwonenden en kunnen zich niet verenigen met het plan. Zij vrezen met name als gevolg van het plan voor een aantasting van hun woon- en leefklimaat. De woningen zijn namelijk voorzien tegenover hun woningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2168
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202100026/1/R4

202100594/1/R1

Bij gecoördineerd besluit van 11 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan Plesman Plaza B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het handelen in strijd met de regels voor de ruimtelijke ordening ten behoeve van nieuwbouw op de locatie Ottho Heldringstraat 1-5 in Amsterdam van in totaal 5 gebouwen, waarvan 3 woontorens, (met in totaal 382 appartementen). Ook zijn een stallingsgarage en in twee gebouwen commerciële ruimte (inclusief een horecagelegenheid categorie 1 van maximaal 770 m2 in het telefooncentralegebouw) voorzien. Bij dat besluit is ook een besluit hogere grenswaarde wegverkeerslawaai in de zin van de Wet geluidhinder vastgesteld. [appellant A] en anderen wonen allen aan de Ottho Heldringstraat in de nabijheid van het project. Zij kunnen zich niet verenigen met de verleende omgevingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2176
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202100594/1/R1

202100771/1/R4

Bij besluit van 15 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Epe aan de gemeente Epe een omgevingsvergunning verleend voor het afwijken van het bestemmingsplan op het perceel [locatie] in Vaassen, kadastraal bekend gemeente Vaassen, sectie C, nummers 3493, 3555 en 4263, met het oog op het realiseren van acht woningen. [appellant] is eigenaar van het perceel. Hij heeft daar een garagebedrijf en een loods waarin hij hobby-auto's (klassieke vrachtwagens) stalt. Ook zijn woning staat op het perceel. De gemeente wil acht woningen op het perceel realiseren en wil de gronden van [appellant] aankopen. Hierover hebben partijen overleg gevoerd. Daarbij is onderzocht of voor [appellant] elders in de gemeente een plek kan worden gevonden waar hij kan wonen en waar hij voldoende ruimte heeft voor het stallen van zijn klassieke vrachtwagens. Partijen hebben geen overeenstemming bereikt over de aankoop van het perceel door de gemeente.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2173
Datum uitspraak
29 september 2021
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202100771/1/R4

202104263/2/R4

Bij besluit van 17 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van De Bilt aan [verzoeker] een aantal lasten onder dwangsom opgelegd. De bij besluit van 17 juni 2020 opgelegde lasten hebben betrekking op het bouwen van bouwwerken, gebruik van gronden en uitvoeren van werkzaamheden op percelen achter de woning van [verzoeker] aan de [locatie] te Hollandsche Rading. Volgens het college zijn deze activiteiten en werkzaamheden in strijd met het bestemmingsplan "Buitengebied Maartensdijk 2012". [verzoeker] betoogt dat het dempen van een gedeelte van de sloot niet in strijd is met het bestemmingsplan. Hij stelt daartoe dat de sloot voor een deel op het woonperceel ligt, waarvoor de bestemming "Wonen" en de dubbelbestemming "Waarde - Archeologie 3" gelden. De bestemming "Wonen" staat het dempen van dat gedeelte van de sloot toe.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2149
Datum uitspraak
28 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202104263/2/R4

202105045/2/R4

Bij besluit van 22 juni 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Elburg het uitwerkingsplan "Broeklanden fase II (gemeentewerf en milieustraat)" vastgesteld. Het uitwerkingsplan voorziet in een juridisch-planologische regeling voor de realisering van een gemeentewerf / milieustraat op het bedrijventerrein Broeklanden te Elburg. Het uitwerkingsplan strekt voor het plangebied tot vervanging van het in 2019 vastgestelde, maar nog niet verwezenlijkte uitwerkingsplan "Bedrijventerrein Broeklanden 2019". De Coöperatie bestaat uit een aantal bedrijven dat is gevestigd op het al wel gerealiseerde deel van het bedrijventerrein (Broeklanden, fase I). De Coöperatie stelt dat de milieu- en ruimtelijke waarden in de omgeving worden aangetast door de realisering en het in werking zijn van de gemeentewerf / milieustraat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2152
Datum uitspraak
28 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202105045/2/R4

202105961/2/V2

Bij besluit van 12 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en hem opgedragen Nederland binnen vier weken te verlaten (terugkeerbesluit).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2156
Datum uitspraak
28 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105961/2/V2

202100805/1/V3

Bij besluit van 2 oktober 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2146
Datum uitspraak
27 september 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202100805/1/V3

202102604/1/V3

Bij besluiten van 5 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2145
Datum uitspraak
27 september 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102604/1/V3

202105630/2/R1

Bij besluit van 30 september 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen (NH) [verzoeker] onder dreiging van verbeurte van een dwangsom gelast de bewoning van de recreatiewoning op het adres [locatie] in Egmond aan den Hoef te beëindigen en beëindigd te houden. [verzoeker] heeft in 2017 zijn (bedrijfs)woning verkocht en heeft in afwachting van een andere woning een chalet gekocht op recreatiepark De Woudhoeve in Egmond aan den Hoef, waar hij sindsdien woont. [verzoeker] heeft zich ingeschreven als woningzoekende bij "Sociale Verhuurders Noord-Kennemerland". Ook heeft hij bij het college een aanvraag ingediend voor een persoonsgebonden gedoogbeschikking voor bepaalde tijd voor het permanent bewonen van de recreatiewoning. Het college heeft die aanvraag op 16 juli 2019, en nogmaals op 24 februari 2020, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2148
Datum uitspraak
27 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202105630/2/R1

202105707/2/V2

Bij besluit van 19 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2151
Datum uitspraak
27 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105707/2/V2

202106168/2/V2

Bij besluit van 28 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2155
Datum uitspraak
27 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106168/2/V2

202007041/1/V3

Bij besluiten van 7 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2147
Datum uitspraak
24 september 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202007041/1/V3
vorige pagina1...186187188...1.206volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Digitaal procederen
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon