Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.528
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202301154/1/V2

De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 26 januari 2023 in zaak nr. NL21.11738. De vreemdeling heeft de Afdeling verzocht de staatssecretaris te veroordelen in de bij hem opgekomen proceskosten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1850
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202301154/1/V2

202301627/1/R3 en 202301627/2/R3

Bij besluit van 27 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Waddinxveen een omgevingsvergunning verleend aan HSE Ontwikkeling B.V. voor het transformeren van een kantoorpand aan de Middelburgseweg 1A te Waddinxveen naar 9 appartementen. [verzoeker A] en [verzoeker B] betogen dat het bouwplan in strijd is met de Provinciale omgevingsverordening Zuid-Holland. In dit kader wijzen zij erop dat na het instellen van hun beroep de Omgevingsvisie Waddinxveen 2050 in werking is getreden en de Structuurvisie Waddinxveen 2030 is ingetrokken. Door deze wijziging tijdens de procedure is volgens hen het bouwplan ook in strijd met de POV. Zo betogen [verzoeker A] en [verzoeker B] dat het bouwplan in strijd is met artikel 6.9a van de POV, omdat niet is ingegaan op de vraag of het bouwplan de openheid en het groene karakter van het landschap niet onevenredig aangetast. Voorts voeren [verzoeker A] en [verzoeker B] aan dat het college ten onrechte niet heeft beoordeeld of wordt vandaan aan de eisen van de ladder voor duurzame verstedelijking op grond van artikel 6.10 van de POV.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1795
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301627/1/R3 en 202301627/2/R3

202301762/1/V3 en 202301762/2/V3

Bij besluit van 2 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1805
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202301762/1/V3 en 202301762/2/V3

202301923/2/V2

Bij besluit van 21 januari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid opnieuw een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1807
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301923/2/V2

202302692/2/V3

Bij besluit van 20 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1853
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302692/2/V3

202302946/2/V3

Bij besluit van 30 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1880
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302946/2/V3

201909165/2/A3

Bij tussenuitspraak van 11 november 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2692, heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Renkum opgedragen om binnen zes weken na de verzending van deze tussenuitspraak met inachtneming van hetgeen daarin is overwogen het gebrek in het besluit van 20 december 2018 te herstellen door een nieuw besluit te nemen. [appellant] heeft het college verzocht om intrekking van de leegstandvergunning, omdat de leegstandvergunning nadelige gevolgen heeft voor de status van zijn tijdelijke huurcontract. Het college stelde zich op het standpunt dat de geldigheid van de vergunning op 1 maart 2018 van rechtswege was verstreken omdat toen de geldigheidsduur verliep. Daarom heeft het college het verzoek van [appellant] niet inhoudelijk behandeld, maar niet-ontvankelijk verklaard. Bij het besluit op bezwaar heeft het college het bezwaar van [appellant] niet-ontvankelijk verklaard omdat hij geen belanghebbende is bij het verzoek.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1835
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak201909165/2/A3

202002780/1/R2

Bij het besluit van 11 maart 2020 heeft de raad van de gemeente Weert het bestemmingsplan "Woongebieden 2019" vastgesteld. Het plan voorziet in een actuele juridisch-planologische regeling voor een aantal woongebieden in de gemeente Weert. Het plan heeft over het algemeen een conserverend karakter en dient ter vervanging van een aantal bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen. Daarnaast voorziet het voorliggende plan op een aantal locaties in nieuwe ontwikkelingen. [appellant sub 1] en anderen richten zich tegen het plandeel voor het perceel de IJzerenmanweg 15. Zij kunnen zich er niet mee verenigen dat aan dit perceel gedeeltelijk de functieaanduiding "horeca van categorie 1" wordt toegekend, waarmee bij openluchttheater "De Lichtenberg" een horecavoorziening wordt mogelijk gemaakt. Zij vrezen dat als gevolg hiervan hun woon- en leefklimaat op onevenredige wijze zal worden aangetast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1838
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202002780/1/R2

202003007/1/R2

Bij besluit van 20 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Loon op Zand Oostappen, onder verbeurte van een dwangsom, gelast om uiterlijk 29 november 2018 het gebruik van de recreatieverblijven op het voor het huisvesten van arbeidsmigranten bestemde gedeelte van het vakantiepark Droomgaard aan de Van Haestrechtstraat 24-26 in Kaatsheuvel terug te brengen tot 200 recreatieverblijven en dus het gebruik van meer dan 200 recreatieverblijven voor deze huisvesting te staken en gestaakt te houden. Oostappen was tot 1 oktober 2019 eigenaar van het vakantiepark. Het park bestond uit een recreatief gedeelte en een migrantengedeelte. Op 23 oktober 2018 heeft de politie een controle op het vakantiepark uitgevoerd. Vervolgens hebben toezichthouders van de gemeente in samenwerking met de politie op 29 oktober 2018 een controle uitgevoerd op het park. In het controleverslag is vermeld dat het volgende is geconstateerd: 1) Het recreatieve gedeelte wordt grotendeels gebruikt voor het huisvesten van arbeidsmigranten. 2) De ‘bedrijfswoning’ van het park aan de Van Haestrechtstraat 22/24 is in gebruik voor het huisvesten van arbeidsmigranten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1846
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003007/1/R2

202004928/1/R1

Bij besluit van 14 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bernheze het wijzigingsplan "Dijkstraat ong. en Donzel ong. Nistelrode" vastgesteld. Het gebied van het wijzigingsplan is gelegen aan de Dijkstraat en de Donzel, ten westen van de kern Nistelrode. In het plangebied staat op het perceel [locatie 1] een vrijstaande, voormalig agrarische bedrijfswoning. De gronden daaromheen zijn in gebruik als grasland. Het voorliggende wijzigingsplan voorziet in een aanpassing van de begrenzing van de woonbestemming en van de tuinbestemming. Aan het westelijke, grotere, bouwvlak zijn in het wijzigingsplan de bouwaanduidingen "vrijstaand" en "twee-aaneen" en de maatvoering "maximum aantal wooneenheden: 2" toegekend. Het oostelijke bouwvlak heeft de bouwaanduiding "vrijstaand" en de maatvoering "maximum aantal wooneenheden: 1" gekregen. [appellant] woont aan de [locatie 2] op een afstand van ongeveer 30 m ten noorden van het plangebied. Hij kan zich niet met het plan verenigen omdat volgens hem onder meer geen sprake is van een goede ruimtelijke ordening en omdat de planregels onzorgvuldig zijn geformuleerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1840
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202004928/1/R1

202101837/1/A2

Bij besluit van 24 september 2019 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de eerder voor de toevoeging 1ID9826 vastgestelde vergoeding aan [appellant] van € 924,45 ingetrokken en het uitgekeerde bedrag verrekend met zijn rekening-courant. [appellant] is advocaat en neemt als rechtsbijstandverlener deel aan het High Trust-programma van de raad. Uitgangspunt van dit programma is dat een rechtsbijstandsverlener op basis van vertrouwen een toevoegingsaanvraag indient en de raad deze toevoeging zonder voorafgaande inhoudelijke beoordeling verstrekt. Er wordt vanuit gegaan dat de rechtsbijstandverlener voorafgaand aan het indienen van een toevoegingsaanvraag zelf heeft beoordeeld of een zaak toevoegingswaardig is. Achteraf worden afgegeven toevoegingen en vastgestelde vergoedingen steekproefsgewijs door de raad gecontroleerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1847
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202101837/1/A2

202103392/1/R2

Bij besluit van 14 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Landgraaf een verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen verschillende bouwwerken op het perceel aan de [locatie 1] in Landgraaf, afgewezen. [appellant] woont op het adres [locatie 2] in Landgraaf. Bij besluit van 14 november 2017 heeft het college aan [partij], de buurman van [appellant], een omgevingsvergunning verleend om op het perceel aan de [locatie 1] een aanbouw op de begane grond, een uitbreiding van de kelder en de verplaatsing en uitbreiding van de garage mogelijk te maken. Met de uitspraak van de Afdeling van 25 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:843, is de omgevingsvergunning onherroepelijk geworden. Op 19 november 2018 heeft [appellant] verzocht om handhavend op te treden. Volgens hem is de feitelijk gerealiseerde uitbouw groter dan met de verleende omgevingsvergunning is toegestaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1810
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202103392/1/R2

202103646/1/A3

Uitspraak over de vergunning die de burgemeester van Vlaardingen in 2018 heeft verleend aan Hommerson voor een speelautomatenhal met 200 kansspelautomaten aan het Veerplein. De vergunningaanvraag van een concurrent voor een speelautomatenhal in een ander pand aan het Veerplein wees de burgemeester af. Over een vergunning voor de speelautomatenhal in Vlaardingen wordt al lang geprocedeerd. Omdat de gemeente maar één vergunning verleent, is sprake van een zogenoemde schaarse vergunning. Zo’n vergunning moet dan verleend worden via een transparante procedure waarbij potentiële gegadigden gelijke kansen krijgen om mee te dingen. Aanvankelijk voldeden de regels van de gemeente Vlaardingen hier niet aan. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigde dan ook een eerdere vergunning uit 2013. Na deze uitspraak paste de gemeente de regels aan en werd een nieuwe aanvraagprocedure gestart waarin gegadigden een aanvraag konden doen om voor de schaarse vergunning voor een speelautomatenhal in aanmerking te komen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1830
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202103646/1/A3

202103658/1/A3

Bij besluit van 24 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant] een boete opgelegd van € 6.000,00 voor het zonder vergunning omzetten van de woning op het adres [locatie]. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat de woning van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte is omgezet, nu deze wordt onderverhuurd aan een derde, zonder dat er sprake is van een inwoonsituatie. De woning wordt gebruikt door meerdere personen die geen gezamenlijke huishouding voeren en die de aanwezige wezenlijke voorzieningen met elkaar delen. Hiervoor is geen vergunning verleend. Het college heeft [appellant] een boete opgelegd voor het omzetten zonder vergunning en dit besluit in bezwaar gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1836
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202103658/1/A3

202104078/1/A3

[appellant] heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een nieuw besluit op zijn bezwaar tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Haarlem van 5 februari 2018, waarbij zijn verzoek om op grond van de Wet openbaarheid van bestuur informatie openbaar te maken, gedeeltelijk is afgewezen. [appellant] heeft op 5 december 2017 op grond van de Wob verzocht om openbaarmaking van het onderzoeksdossier naar vermeende integriteitsschendingen van voormalig burgemeester van Haarlem, de heer Schneiders, en correspondentie over integriteitsmeldingen. De rechtbank heeft in haar uitspraak van 7 november 2019, ECLI:NL:RBNHO:2019:9277, geoordeeld dat het college ten onrechte niet per document of onderdeel daarvan heeft beoordeeld of openbaarmaking moet worden geweigerd. Daarbij heeft de rechtbank geoordeeld dat het college ook is gehouden op back-up servers van het opgeheven e-mailaccount van Schneiders te zoeken, tenzij de mededeling van het college dat daar geen documenten meer te vinden zijn niet ongeloofwaardig

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1837
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202104078/1/A3

202104109/1/R4

Bij besluit van 27 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wageningen de stichting een last onder bestuursdwang opgelegd om binnen vier weken maatregelen te treffen om de gevaarzetting op en rondom het perceel Grebbedijk 6 in Wageningen te beëindigen. De stichting is eigenaar van het perceel aan de Grebbedijk 6 in Wageningen. Op dat perceel stond een pand. Het pand was een rijksmonument. Op 6 mei 2018 is het dak en een deel van de achtergevel ingestort. De stichting en het college hebben vervolgens overleg gevoerd over wat er moest gebeuren met het pand. [partij] woont naast het perceel . Hij heeft begin 2019 om handhaving gevraagd, omdat er volgens hem sprake was van gevaarzetting. Het college heeft een onderzoek ingesteld. Na een inspectie op 25 januari 2019 en 12 februari 2019 heeft het college de stichting gelast om maatregelen te treffen om de gevaarzetting op en rondom het perceel te beëindigen. In maart 2019 is de stichting begonnen met het slopen van het pand. Daarbij is een deel van een dakgoot bovenop het dak van een aanbouw gevallen. Dit dak bestond uit asbest golfplaten. Volgens het college is het asbestdak daardoor beschadigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1831
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202104109/1/R4

202104338/1/A2

Bij besluit van 10 januari 2020 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven een aanvraag van [wederpartij] voor een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven afgewezen. Op 24 november 2012 heeft een politieagent de zoon van [wederpartij] op station Hollands Spoor in Den Haag neergeschoten. De zoon van [wederpartij] is hierdoor overleden. Op 3 januari 2020 heeft [wederpartij] een uitkering uit het schadefonds aangevraagd. De CSG heeft de aanvraag van [wederpartij] bij het besluit van 10 januari 2020 afgewezen, omdat de CSG dat wat haar zoon is overkomen niet aanmerkt als een opzettelijk gepleegd geweldsmisdrijf als bedoeld in artikel 3 van de Wet schadefonds geweldsmisdrijven. De CSG heeft daarbij verwezen naar het vonnis van de rechtbank Den Haag van 23 december 2013, ECLI:NL:RBDHA:2013:18257. Uit dat vonnis volgt dat het bewezen verklaarde feit, namelijk een zware mishandeling met de dood tot gevolg, niet strafbaar is omdat de politieagent handelde ter uitvoering van een wettelijk voorschrift. Omdat er geen strafbaar feit is, is er geen uitkering uit het schadefonds mogelijk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1845
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202104338/1/A2

202104448/1/R3

Bij besluit van 9 april 2019 heeft het college besloten tot invordering van een door [wederpartij] verbeurde dwangsom van € 20.000,00. [wederpartij] is eigenaar van de recreatiewoning op het perceel [locatie 1] te Moordrecht. Het college heeft bij besluit van 8 januari 2018 aan [wederpartij] een last onder dwangsom opgelegd. Het college heeft aan dit besluit ten grondslag gelegd dat op basis van een aantal feiten en gegevens het vermoeden bestaat dat [wederpartij] de recreatiewoning voor permanente bewoning gebruikt. Dit is volgens het college in strijd met artikel 10.5.1 van de regels van het bestemmingsplan "Moordrecht Buiten". Het college heeft [wederpartij] gelast binnen zes maanden na verzending van dit besluit het niet-recreatieve gebruik van de recreatiewoning te beëindigden en beëindigd te houden. Verder heeft het college in dit besluit bericht dat indien [wederpartij] het niet-recreatieve gebruik niet of niet geheel binnen de genoemde begunstigingstermijn beëindigd of beëindigd houdt, hij een eenmalige dwangsom van € 20.000,00 verschuldigd is. Tegen het dwangsombesluit zijn geen rechtsmiddelen aangewend, waardoor dit besluit in rechte onaantastbaar is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1842
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202104448/1/R3

202104620/1/A2

Bij besluiten van 18 februari 2019 en 7 maart 2019 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties kosten voor een aantal veiligheidsonderzoeken voor burgerluchtvaart in rekening gebracht bij KLM. De minister heeft bij de besluiten van 18 februari 2019 en 7 maart 2019 kosten in rekening gebracht bij KLM voor veiligheidsonderzoeken voor burgerluchtvaart, met een tarief van € 132,00 per onderzoek. Dit tarief is vastgesteld bij Regeling van 29 oktober 2018, houdende aanpassing van de Regeling tarieven veiligheidsonderzoeken, Stcrt. 2018 nr. 59462. Hierover heeft de minister in de toelichting bij deze regeling opgemerkt: "De kostprijs 2019 voor de BL-onderzoeken is € 36 hoger (+38%) dan het tarief in 2018. De reden voor de hogere kostprijs is met name het gegeven dat de Koninklijke Marechaussee met de ingang van 1 januari 2019 de personeels- en overheadkosten verbonden aan de uitvoering in mandaat van veiligheidsonderzoeken doorbelast aan de AIVD". KLM heeft bezwaar gemaakt tegen de besluiten van 18 februari 2019 en 7 maart 2019. KLM heeft onder meer aangevoerd dat de minister de tariefverhoging onvoldoende heeft onderbouwd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1821
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Luchtvaart
  • uitspraakin de zaak202104620/1/A2

202105646/1/R3

[appellant] heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig door het college van burgemeester en wethouders van Ommen nemen van een besluit op de aanvraag van [partij] van 25 juni 2014. [appellant] heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig door het college nemen van een besluit op de aanvraag van [partij] van 25 juni 2014. Bij besluit van 3 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Ommen de aanvraag van 25 juni 2014 afgewezen en geweigerd het bestemmingsplan ten behoeve van de realisatie van vijf recreatiewoningen aan de Zonnebloemweg/Bergweg te Lemele te herzien. [appellant] is, als rechtsopvolger van [partij], eigenaar van twee percelen op het zomerhuizenterrein "Zonnebloem West" in Lemele, waarvan één perceel is bebouwd met een zomerhuis. Op grond van het bestemmingsplan "Buitengebied" bestond de mogelijkheid om op die percelen meer zomerhuizen te bouwen. Bij besluit van 30 januari 2003 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitengebied, artikel 30 WRO herziening" vastgesteld. Met dit bestemmingsplan is de bouw van de zomerhuizen niet langer mogelijk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1832
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202105646/1/R3

202106575/1/A3

Bij besluit van 9 april 2020 heeft de burgemeester van Utrecht de aanvraag voor een exploitatievergunning van [appellant] afgewezen. De burgemeester heeft de door [appellant] aangevraagde exploitatievergunning voor een lunchroom afgewezen op grond van artikel 9, eerste lid, sub e van de Horecaverordening Utrecht 2018, omdat in redelijkheid kan worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met de aangevraagde situatie in overeenstemming zal zijn. Volgens de burgemeester is hiervan sprake, omdat uit de aanvraag, de daarop gehouden gesprekken en nader opgevraagde informatie blijkt dat niet [appellant] maar zijn oom de lunchroom feitelijk gaat exploiteren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1826
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202106575/1/A3

202106768/1/A3

Bij besluit van 24 januari 2019 heeft de burgemeester van Ouder-Amstel het handhavingsverzoek van [appellant sub 2] e.a. afgewezen. [appellante sub 1] is een eetcafé aan de dorpsstraat in Ouderkerk aan de Amstel. [appellant sub 2] e.a. hebben de gemeente verzocht om handhavend op te treden tegen [appellante sub 1], omdat zij sinds 2006 last hebben van structurele overlast van bezoekers. Toezichthouders van de gemeente hebben meerdere controles uitgevoerd waarvan rapportages zijn opgemaakt. Tijdens de controles op 28 oktober 2018 en 2 december 2018 is geconstateerd dat een portier of ontbrak of niet altijd optrad tegen hard pratende mensen bij [appellante sub 1]. De burgemeester heeft het handhavingsverzoek afgewezen en de afwijzing, in afwijking van het advies van de commissie bezwaarschriften, gehandhaafd. Volgens de burgemeester waren er geen overtredingen van de voorschriften in de exploitatievergunning en ontheffing sluitingsuur die maakten dat hij bevoegd was tot handhaving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1827
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106768/1/A3

202107359/1/R4

Bij besluit van 2 mei 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Renkum aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het kappen van drie Amerikaanse eiken op het perceel [locatie 1] in Oosterbeek. Aan de omgevingsvergunning heeft het college een herplantplicht verbonden. [partij] is eigenaar van het perceel. Om op dat perceel een nieuwe woning te kunnen realiseren, heeft [partij] een omgevingsvergunning aangevraagd voor het kappen van drie bomen. Het college heeft de aangevraagde omgevingsvergunning verleend, omdat het kappen van de drie bomen volgens het college noodzakelijk is voor de realisering van een bouwwerk. Aan de omgevingsvergunning is het voorschrift verbonden dat een herplant van drie bomen moet plaatsvinden. [appellante] woont naast het perceel, aan de [locatie 2] in Oosterbeek. Zij is het niet eens met de door het college verleende omgevingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1819
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202107359/1/R4

202108180/1/R3

Bij besluit van 13 oktober 2021 hebben provinciale staten van Zuid-Holland het inpassingsplan "Warmtetransportleiding Vlaardingen - Den Haag" vastgesteld. Het inpassingsplan en de uitvoeringsbesluiten maken de aanleg van een warmtetransportleiding tussen Vlaardingen en Den Haag mogelijk. Deze leiding transporteert restwarmte uit de Rotterdamse haven naar potentiële warmtevragers in het stedelijk gebied in de regio Vlaardingen-Den Haag. Het beginpunt van de warmtetransportleiding ligt in Vlaardingen. Daar ligt de zogeheten Leiding over Noord. Deze bestaande leiding transporteert restwarmte uit de Rotterdamse Haven, via Vlaardingen en Schiedam, naar het stadsverwarmingsnet van Rotterdam. De warmtetransportleiding zal aftakken van de Leiding over Noord ter hoogte van de Burgemeester Heusdenslaan in Vlaardingen. Het eindpunt van de warmtetransportleiding is de Uniper-centrale in Den Haag. Daar zal de warmtetransportleiding aansluiten op het bestaande warmtenet van Den Haag. De lengte van het tracé is ongeveer 23,4 kilometer. De leiding kruist zes gemeenten: Vlaardingen, Schiedam, Midden-Delfland, Delft, Rijswijk en Den Haag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1829
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bouwen
  • Inpassingsplan
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202108180/1/R3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202108180/1/R3

202108184/1/R2

Bij besluit van 11 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena, en de burgemeester van de gemeente Altena aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het gebruiken van de gronden aan de [locatie] in Giessen voor het tijdelijk huisvesten van 24 arbeidsmigranten in afwijking van het bestemmingsplan voor de duur van 10 jaar. [appellante] en andere exploiteren bedrijven op De Rietdijk en/of zijn eigenaar van bedrijfspanden op dat terrein. Zij vrezen negatieve gevolgen van de huisvesting van arbeidsmigranten voor hun bedrijfsvoering. Zij hebben daarom de burgemeester gevraagd om (preventief) handhavend op te treden tegen de huisvesting op grond van de APV omdat een exploitatievergunning voor de huisvesting ontbreekt en maken bezwaar tegen de verleende omgevingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1833
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202108184/1/R2

202200416/1/R4

Bij besluit van 17 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wijdemeren een last onder dwangsom opgelegd aan [appellant sub 2]. De last houdt in dat [appellant sub 2] binnen drie maanden twee van de drie woonvoorzieningen (badkamer, keuken en toilet) uit de aanbouw op het perceel [locatie] in Loosdrecht moet verwijderen en verwijderd moet houden. Doet hij dat niet, dan verbeurt hij een dwangsom van € 10.000,00 ineens. [appellant sub 2] en [appellant sub 1] zijn broers. [appellant sub 2] heeft in 1997 het kadastrale perceel Loosdrecht G 2683 in eigendom verkregen van zijn moeder. [appellant sub 1] heeft in 1998 het eigendom van het kadastrale perceel Loosdrecht G 2329 van zijn moeder verkregen. De twee percelen vormen samen het perceel aan de [locatie] in Loosdrecht. Op het perceel van [appellant sub 1] staat het hoofdgebouw van de woning en een garage. Op het perceel van [appellant sub 2] staat een aanbouw. De percelen liggen binnen het bestemmingsplan "Loosdrecht landelijk gebied noordoost - 2012" (hierna: het bestemmingsplan) en hebben de bestemming "Wonen -1".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1811
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202200416/1/R4

202200674/1/A3

Bij besluit van 3 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam [appellant] per 25 februari 2020 uitgeschreven uit de basisregistratie personen. Bij besluit van 6 januari 2021 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard. Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 16 december 2021 van de rechtbank Rotterdam.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1711
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Mondelinge uitspraak
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202200674/1/A3

202200745/1/A3

Bij besluit van 24 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een verzoek van [appellant] op grond van de Wet openbaarheid bestuur afgewezen. [appellant] heeft in 2020 meerdere Wob-verzoeken ingediend om inzage te verkrijgen in een integriteitsonderzoek dat naar aanleiding van een geanonimiseerde tip is gedaan naar zijn horecazaak. Het college heeft het Wob-verzoek over die geanonimiseerde tip afgewezen omdat [appellant] hiermee uitleg vraagt over de feitelijke afhandeling van de geanonimiseerde tip en het verzoek niet ziet op openbaarmaking van documenten. Daarnaast heeft het college aangegeven alle documenten die betrekking op de geanonimiseerde tip hebben al aan [appellant] te hebben verstrekt. Het college heeft dit standpunt in het besluit op bezwaar gehandhaafd. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college zich in het besluit op bezwaar terecht op het standpunt heeft gesteld dat de Wob geen verplichting bevat om gegevens te vervaardigen die niet in bestaande documenten zijn neergelegd. Het is verder niet ongeloofwaardig dat meer documenten onder het college berusten die zien op de geanonimiseerde tip, aldus de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1820
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202200745/1/A3

202200752/1/A3

Bij besluit van 11 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Almere een aanvraag van [appellant] voor een urgentieverklaring afgewezen. Bij besluit van 7 september 2021 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 23 december 2021 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1822
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202200752/1/A3

202200833/1/V6

Bij besluit van 23 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen, afgewezen. [appellant], geboren op [geboortedatum] 1994 en in bezit van de Syrische nationaliteit, heeft op 22 september 2020 verzocht om het Nederlanderschap. De staatssecretaris heeft dit verzoek afgewezen, omdat er volgens hem ernstige vermoedens bestaan dat [appellant] een gevaar vormt voor de openbare orde, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, van de Rijkswet op het Nederlanderschap. Niet in geschil is dat [appellant] op 26 augustus 2021 is veroordeeld voor handelen in strijd met artikel 9, zevende lid, van de Wegenverkeerswet 1994 tot een taakstraf voor de duur van 40 uren, subsidiair 20 dagen hechtenis, en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van een week, met een proeftijd van twee jaar.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1823
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202200833/1/V6

202200944/1/A3

Bij besluit van 4 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een verzoek van [appellant] op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming gedeeltelijk afgewezen. [appellant] heeft op 28 mei 2020 het college verzocht om inzage in de verwerking van zijn persoonsgegevens. [appellant] heeft op 23 juni 2020 desgevraagd verduidelijkt dat zijn inzageverzoek ziet op privé-gegevens en zakelijke gegevens in alle data en dossiers bij de gemeente en die extern met verschillende diensten zijn gedeeld. Het college heeft op 4 september 2020 een overzicht van de gevonden persoonsgegevens en documenten in gelakte vorm verstrekt aan [appellant]. Het deel van het verzoek dat is gericht op alle data en dossiers heeft het college afgewezen, omdat het niet mogelijk is aan het verzoek te voldoen. Volgens het college heeft het meermaals [appellant] de gelegenheid geboden zijn verzoek te specificeren en is uitvraag gedaan bij een aantal afdelingen. Omdat [appellant] zijn verzoek niet heeft gespecificeerd en verder geen documenten zijn aangetroffen, heeft het college zich op het standpunt gesteld dat niet meer documenten voorhanden zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1825
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202200944/1/A3

202201022/1/R1

Bij besluit van 18 november 2021 heeft de raad van de gemeente Wijdemerenhet bestemmingsplan "Dammerweg 3 - 4" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de bouw mogelijk van maximaal zes grondgebonden woningen, bestaande uit vier (twee keer twee) twee-onder-een-kapwoningen en twee vrijstaande woningen, en maximaal drie sociale koop- of huur appartementen, bovenop het bestaande "Spiegelhuys". Het plangebied ligt in de kern van Nederhorst den Berg. Aan de noordzijde van het plangebied ligt de monumentale rooms-katholieke Onze Lieve Vrouwe-Hemelvaartkerk, die gebouwd is in 1889. Ten zuiden van de kerk bevinden zich de pastorie en het parochiehuis. Aan de zuidzijde van het plangebied ligt het Ankeveensepad. De beoogde grondgebonden woningen zijn georiënteerd op dit pad. Aan de westzijde van het plangebied loopt de Dammerweg. Tegen dit plan hebben [appellant sub 1], wonend aan de [locatie A], en de Stichting beroep ingesteld. KWP Vechtstreek B.V. en anderen zijn gezamenlijk initiatiefnemer van het plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1841
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202201022/1/R1

202201809/1/R1

Bij besluit van 27 januari 2022 heeft de raad van de gemeente Ouder-Amstel het bestemmingsplan "Duivendrechtsevaart" vastgesteld. Het voorliggende bestemmingsplan maakt de ontwikkeling mogelijk van het gebied rondom de Duivendrechtsevaart van een bedrijventerrein tot een verblijfsgebied. Deze ontwikkeling is onderdeel van de beoogde transformatie van het monofunctionele bedrijventerrein "Amstel Business Park Zuid" naar een woon-werkgebied met de naam "Werkstad OverAmstel". Op dit moment zijn in de Duivendrechtsevaart meerdere woonboten gelegen. Bewoners van de woonboten hebben in het verleden zonder omgevingsvergunning de gronden op de openbare kade, waarvan de gemeente Amsterdam eigenaar was, in gebruik genomen. Daarop zijn tuinen en in sommige gevallen ook bebouwing gerealiseerd. Met het bestemmingsplan wordt onder meer voorzien dat de kade van de Duivendrechtsevaart wordt vrijgemaakt van de daarop gerealiseerde tuinen en bouwwerken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1834
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202201809/1/R1

202202207/1/A2

Bij onderscheiden besluiten van 17 juli 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] voor de jaren 2016 en 2017 vastgesteld op nihil en onderscheidenlijk € 1.080,00 en € 1.1147,00 aan teveel ontvangen voorschotten teruggevorderd. [appellant] heeft over 2016 en 2017 voorschotten zorgtoeslag ontvangen. De Belastingdienst/Toeslagen heeft bij de besluiten van 17 juli 2020, gehandhaafd bij het besluit van 16 november 2020, de zorgtoeslag van [appellant] over de jaren 2016 en 2017 vastgesteld op nihil, omdat het gezamenlijk toetsingsinkomen over die jaren te hoog is om voor zorgtoeslag in aanmerking te komen. [appellant] betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat hij sinds augustus 2008 niet meer verplicht is om een zorgverzekering af te sluiten vanwege gemoedsbezwaren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1843
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202202207/1/A2

202202303/1/A2

Bij het besluit van 6 november 2020, als gehandhaafd bij het besluit van 23 november 2020, heeft de Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] over 2019 definitief berekend en vastgesteld op € 1.367,00. Hierbij is uitgegaan van een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 27.946,00. [appellant] moet hierdoor een bedrag van € 950,00 aan teveel ontvangen voorschotten zorgtoeslag terugbetalen. De rechtbank heeft allereerst overwogen dat de toepasselijke regelgeving voor de zorgtoeslag geen grondslag biedt om een inkomensbestanddeel buiten beschouwing te laten. Verder heeft de rechtbank overwogen dat de Awir geen hardheidsclausule bevat die deze mogelijkheid biedt. De rechtbank heeft geoordeeld dat de Belastingdienst/Toeslagen bij de bepaling van de draagkracht terecht het verzamelinkomen zoals dat door de belastinginspecteur in de aanslag inkomstenbelasting is vastgesteld, heeft gevolgd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1809
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202202303/1/A2

202202508/1/R4

Bij besluit van 22 oktober 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk [wederpartijen] gelast om de permanente bewoning van het recreatieverblijf op het perceel [locatie] in Harderwijk te stoppen en gestopt te houden. Doen zij dit niet, dan verbeuren zij een dwangsom van € 2.500,00 per maand of gedeelte van die maand, tot een maximum van € 25.000,00. [appellante] is sinds 1993 eigenaar van het perceel [locatie] in Harderwijk. Op dat perceel staat een recreatiewoning. Het perceel is gelegen binnen de bij elkaar horende bestemmingsplannen ‘Buitengebied 2014’ en ‘Veegplan Buitengebied’. De bestemmingsplannen staan permanente bewoning van de recreatiewoning niet toe. Omdat [wederpartijen] de recreatiewoning permanent bewoonden, heeft het college hen bij besluit van 22 oktober 2020 gelast om het (laten) gebruiken van de recreatiewoning voor permante bewoning te stoppen en gestopt te houden. Als zij dat niet doen verbeuren zij een dwangsom van € 2.500,00 per maand of gedeelte van die maand, tot een maximum van € 25.000,00.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1828
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202202508/1/R4

202203144/1/R1

Bij besluit van 7 februari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Velsen [appellante] gelast om binnen één week na dagtekening van het besluit het gebruik van het pand "[pand]" aan de [locatie] te Velsen-Zuid, meer specifiek de kantoorruimte op de eerste verdieping ten behoeve van bewoning, te (laten) staken en gestaakt te (laten) houden door het tweepersoonsbed met beddengoed, alle kleding, toiletartikelen, strijkijzer en strijkplank te verwijderen en verwijderd te houden, op last van een dwangsom van € 10.000,00 ineens. [appellante] is ondererfpachter en exploitant van het pand. Op 31 oktober 2019 heeft een gemeentelijke toezichthouder een controle uitgevoerd bij het pand, waarbij is geconstateerd dat in het pand de noodzakelijke brandblussers ontbreken, de vluchtroute op de eerste verdieping niet duidelijk is aangegeven en dat in het pand wordt gewoond.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1839
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202203144/1/R1

202203359/1/R4

Bij besluit van 6 oktober 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heerde [appellant sub 2] onder aanzegging van een dwangsom gelast om enkele overtredingen van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht met betrekking tot het pand [locatie 1] in Wapenveld te beëindigen en beëindigd te houden. [appellant sub 2] is in 2009 door vererving eigenaar van het pand [locatie 1] in Wapenveld geworden. In het pand zijn vijf woningen aanwezig. [appellant sub 2] woont in de woning [locatie 2]. De vier andere woningen in het pand worden verhuurd. [appellant sub 1] is eigenaar van het aangrenzende perceel aan de [locatie 3] in Wapenveld. [appellant sub 1] heeft het college om handhaving verzocht, omdat in het pand vijf huishoudens wonen, terwijl het pand alleen mag worden gebruikt als één woonhuis voor één huishouden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1812
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202203359/1/R4

202203618/1/A3

Bij besluit, gepubliceerd op 22 april 2020, heeft het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade [appellant] uitgeschreven uit de basisregistratie personen. Het college is na een melding van de eigenaar van de woning aan het [locatie] in Kerkrade, dat [appellant] niet meer op dit adres woont, een adresonderzoek gestart. [appellant] is schriftelijk op de hoogte gesteld van de start van dit onderzoek en hem is verzocht binnen vier weken zijn nieuwe adres door te geven. Er is meermaals geprobeerd contact op te nemen met de gemachtigde van [appellant]. Op 5 december 2019 vond een telefoongesprek plaats tussen de bevolkingsonderzoeker van het college, [appellant] en zijn gemachtigde. [appellant] verklaart dan niet meer in de woning te durven blijven, omdat bij een overval zijn spullen zijn gestolen. Op 6 februari 2020 legt de bevolkingscontroleur een huisbezoek af. De woning blijkt geheel leeg. Daarop volgt op 18 februari 2020 het voornemen tot uitschrijving uit de brp. Op 22 april 2020 wordt het besluit tot uitschrijving bekendgemaakt in het digitale gemeenteblad.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1824
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202203618/1/A3

202204584/1/V6

Bij besluit van 3 november 2020 heeft de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [bedrijf] een boete opgelegd van € 32.000,00 wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen. [bedrijf] is een groothandel in bloemen en planten. Op 31 juli 2019 hebben inspecteurs van de Nederlandse Arbeidsinspectie onderzoek gedaan bij [bedrijf]. Zij constateerden dat vier vreemdelingen met de Oekraïense nationaliteit werkzaamheden voor [bedrijf] verrichtten door bloemen in te pakken. De inspecteurs hebben op 11 februari 2020 op ambtsbelofte een boeterapport opgemaakt. Daarin constateerden zij dat [bedrijf] de Wav heeft overtreden door de vier vreemdelingen werkzaamheden te laten verrichten zonder dat [bedrijf] over tewerkstellingsvergunningen beschikte of de vreemdelingen in het bezit waren van een gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid. De minister heeft [bedrijf] daarom per vreemdeling een boete opgelegd van € 8.000,00 voor overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wav, dus € 32.000,00 in totaal.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1818
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202204584/1/V6

202204590/1/R1

Bij besluit dat op 7 juli 2022 is bekendgemaakt, heeft het dagelijks bestuur van Avri een locatie nabij [locatie A] te Ophemert aangewezen voor verzamelcontainer WB0231C voor incontinentiemateriaal en luiers. [appellant] woont op het adres [locatie A] te Ophemert. Hij kan zich niet verenigen met het besluit, omdat hij vreest dat de aanwezigheid van de verzamelcontainer tot aantasting van zijn woon- en leefklimaat leidt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1844
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202204590/1/R1

202205245/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2021 heeft het het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen [appellant] niet rijgeschikt verklaard voor personenauto’s, bestelauto’s, bepaalde driewielers en het T-rijbewijs. Bij aanvraagformulier van 23 december 2019 heeft [appellant], voor de registratie van een verklaring van geschiktheid voor het besturen van motorrijtuigen van de categorieën B en T, een eigen verklaring ingediend bij het CBR. Bij brief van 30 maart 2020 heeft het CBR [appellant] meegedeeld dat een nader onderzoek door een medisch specialist noodzakelijk is. Dit nadere onderzoek is op 6 oktober 2020 uitgevoerd door [psychiater]. In het rapport van 11 december 2020, aangevuld op 19 januari 2021 na nadere vragen van het CBR, staat dat [appellant] een schizofreniespectrumstoornis met waanbelevingen heeft. Ook staat in het rapport dat geen sprake is van een recidiefvrije periode en dat er daarnaast aanwijzingen zijn die duiden op een gebrekkig ziekte-inzicht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1813
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202205245/1/A2

202205659/1/R1

Bij besluit van 22 juni 2022 heeft het algemeen bestuur van het Waterschap Brabantse Delta op grond van artikel 5.4 van de Waterwet het projectplan "Verbetering Regionale Keringen Mark, Dintel en Vliet, deelgebied Terheijden (Bastion en Markschans, Haven, Markkant en Lacunes)" vastgesteld. Het waterschap werkt sinds 2016 aan de verbetering van de regionale waterkeringen langs de Mark, Dintel en Vliet. Dit is nodig omdat een deel van deze keringen niet voldoet aan de veiligheidsnorm van 1/100 per jaar, die is opgenomen in de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant. Deze veiligheidsnorm betekent dat de waterkeringen een waterstand ook bij een waterafvoer die maar eens in de 100 jaar voorkomt, moeten kunnen keren. Het project Verbetering Regionale Keringen Mark, Dintel en Vliet is gelegen in de gemeenten Breda, Drimmelen, Etten-Leur, Moerdijk en Steenbergen. Het richt zich op verbetering van de afgekeurde dijktrajecten om West-Brabant te beschermen tegen overstroming van de regionale rivieren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1817
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Waterschapszaken
  • Waterwet
  • uitspraakin de zaak202205659/1/R1

202206628/1/R1

Bij besluit van 29 september 2022 heeft de raad van de gemeente Hoorn het bestemmingsplan "Huesmolen Zuid" vastgesteld. Met het plan wordt een herontwikkeling van de locatie van het inmiddels gesloopte postkantoor op het adres De Huesmolen 223 in Hoorn mogelijk gemaakt. De noordkant van het plangebied grenst aan de zuidkant van winkelcentrum "De Huesmolen". Het plan maakt, naar aanleiding van een verzoek daartoe, de ontwikkeling van ongeveer 30 appartementen in een gebouw van vijf verdiepingen mogelijk, waarbij in de plint ruimte is voor in totaal 600 m2 aan commerciële dienstverlening (inclusief kantoor), maatschappelijke doeleinden en maximaal 260 m2 aan winkelvloeroppervlak voor detailhandel. Vonlex Vastgoed is eigenaar van enkele appartementsrechten binnen de vereniging van eigenaren van het gebouw De Vershoorn, gelegen aan De Huesmolen 75A te Hoorn. Dat gebouw ligt aan de andere kant van Winkelcentrum De Huesmolen, op ruim 100 m afstand van het plangebied. Vonlex Vastgoed kan zich niet met het plan verenigen en verzet zich tegen de invulling van de plint van het nieuwe gebouw in het plan, omdat zij vreest voor meer leegstand in winkelcentrum De Huesmolen dat al ruim 1.500 m2 aan leegstand kent.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1848
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202206628/1/R1

202300619/1/A2

Bij beslissing van 17 mei 2022 heeft de directeur van het Institute for International Business Studies het verzoek van [appellant] om tussentijdse inschrijving voor het collegejaar 2021/2022 aan de Hogeschool Utrecht voor de opleiding International Business Studies afgewezen. [appellant] heeft zich per 1 september 2016 ingeschreven voor de bacheloropleiding International Business Studies van de Plekhanov University of Economics in Moskou en de Hogeschool Utrecht. Een succesvol afgerond programma leidt tot de toekenning van een diploma van beide onderwijsinstellingen. [appellant] heeft de eerste twee jaar van de opleiding in Moskou gevolgd en de laatste twee jaar aan de Hogeschool Utrecht. [appellant] is in dit laatste jaar niet afgestudeerd en had daarom een extra collegejaar (2020/2021) nodig. In collegejaar 2020/2021 is aan hem het instellingstarief in rekening gebracht ter hoogte van € 8.571,00. [appellant] heeft daarvan € 5.772,00 voldaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1814
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202300619/1/A2

202301109/2/A3

Bij brief, ingekomen op 18 april 2023, heeft [verzoeker] verzocht om wraking van de staatsraden mr. C.J. Borman, mr. C.H.M. van Altena en mr. E.J. Daalder, als leden van de meervoudige kamer die belast is met het vooronderzoek in de zaak met nr. 202301109/1/A3.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1794
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Wraking
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202301109/2/A3

202301158/1/A2

Bij beslissing van 31 mei 2022 is de masterscriptie van [appellant] voor de afstudeerrichting Internet, Intellectuele eigendom en ICT van de Master Rechtsgeleerdheid aan de Vrije Universiteit Amsterdam met het cijfer 4 beoordeeld. [appellant] heeft op 21 oktober 2020 van de toenmalige examinator het cijfer 5 gekregen voor zijn masterscriptie. Tegen de beoordeling hiervan heeft hij administratief beroep ingesteld bij het college. In een schikkingsgesprek zijn partijen - kort gezegd - tot de volgende overeenstemming gekomen. Volgens de examencommissie is de begeleiding van de masterscriptie voldoende geweest. De examencommissie heeft verder erkend dat het traject niet vlekkeloos is verlopen in de zin dat [appellant] ten onrechte werd gemeld dat hij voor het einde van het collegejaar moest afstuderen en dat hem niet direct werd gemeld dat hij aanspraak kon maken op de ‘overgangsregeling verlengde uitsteltermijn.’

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1816
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202301158/1/A2

202301172/1/A2

Bij beslissing van 5 mei 2022 heeft het Bestuur van de Faculteit der Geneeskunde van de Universiteit Leiden (hierna: het bestuur) [appellant] voorwaardelijk toegelaten tot de masteropleiding Farmacie met startdatum 1 september 2022. Bij beslissing van 5 mei 2022 heeft het bestuur [appellant] voorwaardelijk toegelaten tot de masteropleiding Farmacie met startdatum 1 september 2022. De masteropleiding Farmacie kent een capaciteitsbeperking van 50 plekken. Aan [appellant] is meegedeeld dat zijn plaats op de ranglijst niet hoog genoeg is om direct te worden geplaatst. [appellant] is daarom op een wachtlijst geplaatst. [appellant] heeft op 15 augustus 2022 geïnformeerd wanneer hij definitief iets te horen zou krijgen over zijn plaatsing. Bij e-mail van 17 augustus 2022 is [appellant] meegedeeld dat er tot 31 augustus 2022 nog opleidingsplekken konden worden geannuleerd. Op 2 september 2022 zou Studenten- en Onderwijszaken (hierna: SOZ) [appellant] hebben bericht dat de door hem toegezonden gewaarmerkte kopie van het diploma, de afstudeerverklaring en/of cijferlijst zijn ontvangen en zijn goedgekeurd en dat zijn aanmelding verder wordt verwerkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1815
Datum uitspraak
10 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202301172/1/A2

202102829/1/V1

Bij besluit van 10 augustus 2015 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdelingen verleende verblijfsvergunningen regulier voor bepaalde tijd ingetrokken en een inreisverbod uitgevaardigd tegen de eerstgenoemde vreemdeling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1762
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202102829/1/V1

202103864/1/V2

Bij besluit van 6 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1797
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202103864/1/V2

202104269/1/V3

Bij besluit van 6 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij geweigerd de vreemdeling ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1774
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104269/1/V3

202104532/1/V1

Bij besluit van 17 februari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1692
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202104532/1/V1

202204884/1/V3

Bij besluit van 22 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1772
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202204884/1/V3

202301061/1/V3

Bij besluit van 2 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1787
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301061/1/V3

202301061/3/V3

Bij besluit van 2 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1799
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301061/3/V3

202301107/2/V3

Bij besluit van 12 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1760
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301107/2/V3

202301201/1/V3

Bij besluit van 16 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1758
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301201/1/V3

202301587/1/V3

Bij besluit van 19 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1764
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202301587/1/V3

202301879/1/V1 en 202301879/2/V1

Bij besluit van 21 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1803
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301879/1/V1 en 202301879/2/V1

202301897/1/V1 en 202301897/2/V1

Bij besluit van 6 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1770
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301897/1/V1 en 202301897/2/V1

202302063/1/V3

Bij besluit van 8 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1757
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202302063/1/V3

202302089/1/V3

Bij besluit van 31 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1784
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302089/1/V3

202302354/1/V3 en 202302354/2/V3

Bij besluit van 7 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1785
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302354/1/V3 en 202302354/2/V3

202203527/3/R1

Tijdens de mondelinge behandeling van zaak nr. 202203527/2/R1 op 13 april 2023 heeft [verzoeker] verzocht om wraking van staatsraden mr. E. Steendijk, mr. C.M. Wissels en mr. W. den Ouden (hierna: de staatsraden), als leden van de meervoudige kamer belast met de behandeling van zijn verzoek om wraking van staatsraad mr. E. Helder, als lid van de enkelvoudige kamer belast met de behandeling van de zaak nr. 202203527/1/R1.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1782
Datum uitspraak
9 mei 2023
  • Wraking
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202203527/3/R1

202203439/1/V2

Bij besluit van 4 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om wijziging van de beperking van de aan haar verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1767
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202203439/1/V2

202207415/1/V1

Bij besluit van 8 oktober 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1766
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202207415/1/V1

202300757/1/V3

Bij besluit van 3 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1761
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202300757/1/V3

202300977/1/V3

Bij besluit van 20 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1750
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202300977/1/V3

202300979/1/V3

Bij besluit van 20 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1751
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202300979/1/V3

202301469/2/V3

Bij besluiten van 7 november 2022 en 4 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1775
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301469/2/V3

202302091/1/V3

Bij besluit van 6 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1713
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202302091/1/V3

202302320/2/V3

Bij besluit van 23 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1763
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302320/2/V3

202302338/1/V3 en 202302338/2/V3

Bij besluit van 15 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1769
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302338/1/V3 en 202302338/2/V3

202302381/2/V2

Bij besluit van 10 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1773
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302381/2/V2

202302476/1/V1 en 202302476/2/V1

Bij besluit van 6 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1771
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302476/1/V1 en 202302476/2/V1

202302499/1/V2 en 202302499/2/V2

Bij besluit van 8 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1768
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302499/1/V2 en 202302499/2/V2

202302514/1/V1 en 202302514/2/V1

Bij besluit van 28 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1776
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302514/1/V1 en 202302514/2/V1

202302583/1/V1 en 202302583/2/V1

Bij besluit van 2 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1786
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302583/1/V1 en 202302583/2/V1

202302674/1/V3

Bij besluit van 9 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1765
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302674/1/V3

202105403/2/R3

Ten aanzien van zaak nr. 202105403/1/R3, die op 12 mei 2023 op zitting zal worden behandeld, heeft staatsraad mr. W. den Ouden (hierna: de staatsraad), die als lid van de meervoudige kamer belast is met de behandeling van deze zaak, op 4 mei 2023 het verzoek gedaan zich te mogen verschonen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1778
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Verschoning
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202105403/2/R3

202107242/2/A2

Bij brief, ingekomen op 22 april 2023, heeft [verzoeker] in zaak nr. 202107242/1/A2 verzocht om wraking van alle staatsraden in de Afdeling bestuursrechtspraak en van de Afdeling als geheel. [verzoeker] heeft aan zijn verzoek ten grondslag gelegd dat de Afdeling eerder uitspraak heeft gedaan (uitspraak van 7 november 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3633) in een geschil tussen hem en het bestuur van de Raad voor Rechtsbijstand over een aantal intrekkingen van vergoedingen voor rechtsbijstand. Een overweging in deze uitspraak is volgens hem mede de oorzaak geweest dat een tuchtrechtelijke procedure voor hem ongunstig is afgelopen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1755
Datum uitspraak
8 mei 2023
  • Wraking
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202107242/2/A2

202202020/3/A3

De verzoeken richten zich tegen de besluiten van 21 maart 2023, waarbij het college van gedeputeerde staten van Utrecht de bezwaren van De Faunabescherming en Animal Rights en Fauna4Life deels gegrond heeft verklaard en de verleende ontheffing van 31 augustus 2020 aan de Faunabeheereenheid voor het 's nachts afschieten van vossen met een geweer heeft gewijzigd. Deze besluiten heeft het college hangende de hoger beroepen in zaak nr. 202202020/1/A3 genomen ter uitvoering van de uitspraak van de rechtbank Midden-­Nederland van 16 februari 2022 in zaken nrs. 21/1854 en 21/2143.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1792
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Flora en fauna
  • uitspraakin de zaak202202020/3/A3

202203241/1/V1

Bij besluit van 6 april 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1752
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202203241/1/V1

202205489/1/V3

Bij besluit van 18 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van de vreemdeling om de aan hem opgelegde verplichting de Europese Unie onmiddellijk te verlaten in te trekken en het tegen hem uitgevaardigde inreisverbod op te heffen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1714
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202205489/1/V3

202300283/1/A3 en 202300283/2/A3

Bij besluit van 6 juli 2022 heeft de minister de aanvraag van [verzoeker] voor een verklaring omtrent het gedrag voor de functie van rijinstructeur afgewezen. [verzoeker] exploiteert een autorijschool. Hij heeft op 25 mei 2022 bij de minister verzocht om een VOG, omdat hij zijn certificaat voor het geven van rijonderricht, bedoeld in artikel 7 van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 wil verlengen. [verzoeker] exploiteert een autorijschool. Hij heeft op 25 mei 2022 bij de minister verzocht om een VOG. De politierechter heeft [verzoeker] op 25 juni 2020 wegens feitelijke aanranding van de eerbaarheid (artikel 246 van het Wetboek van Strafrecht) veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 40 uren, subsidiair 20 dagen hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 weken met een proeftijd van 2 jaren. De uitspraak van de politierechter is op 10 juli 2020 onherroepelijk geworden. De minister is van mening dat aan het objectieve criterium is voldaan, omdat dit feit, indien herhaald, een risico inhoudt voor de veiligheid en het welzijn van de (minderjarige) leerlingen van [verzoeker].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1749
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Verklaring omtrent gedrag
  • uitspraakin de zaak202300283/1/A3 en 202300283/2/A3

202300697/2/R2

De verzoeken richten zich tegen het besluit van 6 december 2022, waarbij de raad het bestemmingsplan "Ruimte voor Ruimte Vervul 18a" heeft vastgesteld. Bij dit bestemmingsplan is realisering van een zogenoemde ruimte-voor-ruimte-woning op het perceel Vervul 18a te Rijsbergen mogelijk gemaakt.[verzoeker sub 1], [verzoeker sub 2] en de Stichting Mooi Geweest hebben beroep ingesteld tegen dit besluit. Zij hebben tevens de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen in die zin dat het besluit van 6 december 2022 wordt geschorst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1898
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Mondelinge uitspraak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202300697/2/R2

202300819/2/R2

Het verzoek richt zich tegen het besluit van 19 december 2022, waarbij de raad van de gemeente Tilburg het bestemmingsplan "Buitengebied De Uiterste Stuiver 2010, 4e herziening (Vierbundersweg 64)" heeft vastgesteld. Bij dit bestemmingsplan is het bestemmingsvlak "Agrarisch - Agrarisch bedrijf" vergroot om de uitbreiding van het agrarisch bedrijf ter plaatse mogelijk te maken. Ook is hiermee de bestaande situatie met betrekking tot de bebouwing van het bedrijf in overeenstemming met het bestemmingsplan gebracht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1796
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202300819/2/R2

202302393/2/V1

Bij besluit van 9 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1748
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202302393/2/V1

202302536/2/V1

Bij besluit van 19 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1754
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302536/2/V1

202302792/2/V3

Bij besluit van 23 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1759
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302792/2/V3

202202207/3/A2

Bij brief, ingekomen op 25 april 2023, heeft [verzoeker] verzocht om wraking van staatsraad mr. C.J. Borman (hierna: de staatsraad) als lid van de Afdeling belast met de behandeling van de zaak nr. 202202207/1/A2. [verzoeker] heeft aan zijn verzoek om wraking ten grondslag gelegd dat de zitting in de hoofdzaak ten onrechte zonder hem heeft plaatsgevonden. De staatsraad heeft ten onrechte zijn verzoek om de zitting uit te stellen afgewezen en hiermee bij hem de vrees gewekt dat de staatsraad partijdig en vooringenomen is, waardoor geen sprake is van een eerlijk proces. De schriftelijke reactie van de staatsraad op zijn wrakingsverzoek is volgens [verzoeker] een schending van de Gedragscode rechterlijke macht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1756
Datum uitspraak
4 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Wraking
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202202207/3/A2

202002090/3/V3

De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Haarlem, van 19 maart 2020 in zaak nr. NL20.3756.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1673
Datum uitspraak
3 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202002090/3/V3

202105774/1/V2

Bij besluit van 24 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1708
Datum uitspraak
3 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105774/1/V2

202200284/1/V2

Bij besluit van 9 juni 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1705
Datum uitspraak
3 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202200284/1/V2

202202766/1/V2

Bij besluit van 28 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1709
Datum uitspraak
3 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202202766/1/V2

202205749/1/V3

Bij besluit van 23 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd ingetrokken en tegen hem een inreisverbod uitgevaardigd voor de duur van tien jaar.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1697
Datum uitspraak
3 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202205749/1/V3

202300772/1/V1

Bij besluit van 21 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1701
Datum uitspraak
3 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300772/1/V1

202301059/1/V1

Bij brief van 28 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aan de Afdeling laten weten dat hij het in beroep bestreden besluit van 11 januari 2023 heeft ingetrokken en dat hij de asielaanvraag van de vreemdeling in de nationale asielprocedure zal behandelen, omdat de overdrachtstermijn bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Dublinverordening (PB 2013, L 180) is verstreken. In reactie daarop heeft de vreemdeling laten weten dat hij het hoger beroep intrekt en heeft hij de Afdeling verzocht de staatssecretaris te veroordelen in de proceskosten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1704
Datum uitspraak
3 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202301059/1/V1

202301086/1/V3

Bij besluiten van 6 mei 2022 en 26 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten (hierna: het terugkeerbesluit) en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1963
Datum uitspraak
3 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202301086/1/V3

202301098/1/V3

Bij besluit van 26 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:1712
Datum uitspraak
3 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202301098/1/V3
vorige pagina1...160161162...1.246volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon