Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 120.519
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202006647/1/V2

Bij besluit van 7 maart 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2108
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006647/1/V2

202105143/1/V1

Bij besluit van 4 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2112
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105143/1/V1

202105622/2/V1

Bij besluit van 30 augustus 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat de vreemdeling Nederland onmiddellijk moet verlaten en tegen hem een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2109
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202105622/2/V1

202105914/1/V3

Bij besluit van 20 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2111
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202105914/1/V3

202105964/2/V2

Bij besluit van 4 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2138
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105964/2/V2

201904017/1/R2

Bij besluit van 28 maart 2019 heeft de raad van de gemeente Boxmeer het bestemmingsplan "Versterken 150 kV-net Haps-Boxmeer" vastgesteld. Het plan "Versterken 150 kV" voorziet in boven- en ondergrondse hoogspanningsleidingen tussen Haps en Boxmeer en in de uitbreiding van een hoogspanningsstation op het perceel Zandkant 1 te Boxmeer. Het plangebied van het plan "Buitengebied 2018" omvat onder meer de gronden waarop het plan "Versterken 150 kV" betrekking heeft. Het plangebied van het Veegplan is gelijk aan dat van het plan "Buitengebied 2018". De raad heeft in het Veegplan enkele fouten uit het plan "Buitengebied 2018" hersteld, waaronder de planregels voor de boven- en ondergrondse hoogspanningsleidingen. [appellant] pacht gronden in de omgeving van het hoogspanningsstation. Hij wenst verder op het perceel [locatie] te Boxmeer, waar een voormalig waterpompstation staat, een landgoedwoning te realiseren. Dit perceel ligt op ongeveer 350 m ten noorden van het hoogspanningsstation.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2055
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201904017/1/R2

201905826/1/R2

Bij besluit van 16 mei 2019 heeft de raad van de gemeente Boxmeer het bestemmingsplan "Buitengebied 2018" vastgesteld. Het plan "Buitengebied 2018" voorziet in een actualisatie van het bestemmingsplan "Buitengebied 2008", dat op 16 juli 2009 is vastgesteld. Het plangebied van het Veegplan is gelijk aan dat van "Buitengebied 2018" en bevat definities, meetbepalingen en regels voor alle bestemmingen. Dit plan omvat enkele wijzigingen ten opzichte van het plan "Buitengebied 2018" en is een besluit als bedoeld in artikel 6:19 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Dat betekent dat de beroepen die al liepen tegen het oorspronkelijke plan, zich automatisch ook keren tegen dat nieuwe plan. In het kader van deze procedure heeft het Veegplan alleen voor TenneT gevolgen. Voor de overige appellanten is de planologische regeling in het Veegplan gelijk gebleven ten opzichte van het plan "Buitengebied 2018".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2056
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201905826/1/R2

201909361/1/A2

Bij besluit van 29 september 2015 heeft het college van burgemeester en wethouders van Deurne een aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] is eigenaar van het terrein aan de [locatie] te Deurne, kadastraal bekend gemeente Deurne, sectie N, nrs. 2569, 2570 en 2571. Bij brief van 9 mei 2014 heeft hij het college verzocht om een tegemoetkoming in de planschade die hij heeft geleden als gevolg van de inwerkingtreding van het bij raadsbesluit van 22 januari 2013 vastgestelde bestemmingsplan Bedrijventerrein Industrieweg-Noord. In het besluit van 19 november 2019 heeft het college, in afwijking van het advies van de SAOZ, het standpunt ingenomen dat er geen aanleiding bestaat om [appellant] een tegemoetkoming in planschade toe te kennen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2114
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201909361/1/A2

202000687/1/A2

Bij besluit van 6 januari 2015 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zuidplas aan [appellante sub 2] een tegemoetkoming in planschade in natura toegekend. [appellante sub 2] is sinds 3 februari 1992 eigenares van het perceel aan het [locatie] te Zevenhuizen. Zij is exploitant van een glastuinbouwbedrijf op het perceel. Op grond van het bestemmingsplan Landelijk Gebied 1990 Zevenhuizen van 28 augustus 1990 had het perceel een bestemming voor agrarische doeleinden met een nadere aanwijzing voor glastuinbouw. Op 7 januari 2014 heeft [appellante sub 2] bij het college een aanvraag ingediend om tegemoetkoming in planschade die zij heeft geleden als gevolg van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan Zuidplas Noord van 16 juni 2009. Aan het besluit van 6 januari 2015 is ten grondslag gelegd dat het college de door [appellante sub 2] geleden directe planschade in natura zal compenseren, door vóór 6 oktober 2015 een herstelplan vast te stellen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2116
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202000687/1/A2

202000694/1/A2

Bij uitspraak van 19 december 2019 heeft de rechtbank een verzoek van [appellant] om schadevergoeding op grond van artikel 8:88, eerste lid, van de Awb afgewezen en het beroep tegen het weigeren een besluit te nemen niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven. [appellant] is in de Basisregistratie Personen ingeschreven op het adres [locatie] in Amsterdam. Bij brief van 9 november 2018 heeft het college aan [appellant] gemeld dat er twijfels zijn over de vraag of hij op dit adres woont en dat er daarom een onderzoek is gestart. In de brief is [appellant] er op gewezen dat hij, indien blijkt dat hij niet meer op het adres [locatie] woont, als vertrokken van dit adres zal worden geregistreerd in de Brp.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2130
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202000694/1/A2

202000695/1/R1

Bij besluit van 23 mei 2018 heeft het dagelijks bestuur van het waterschap Amstel, Gooi en Vecht aan [appellant] een watervergunning te verlenen voor het saneren van grond en het ophogen van het maaiveld op het perceel aan de [locatie]. [appellant] is mede-eigenaar van het perceel aan de [locatie]. Op het perceel bevindt zich momenteel één woning met een tuin. [appellant] wil op een deel van het perceel vier nieuwe woningen bouwen met elk een eigen tuin en een eigen insteekhaven. Met het oog op de bouw van deze vier woningen, heeft [appellant] op 19 maart 2018 een waterwetvergunning aangevraagd voor vijf activiteiten. Het dagelijks bestuur heeft bij besluit van 23 mei 2018 geweigerd de watervergunning te verlenen, omdat het verlies aan waterberging als gevolg van de door [appellant] gevraagde ophoging van het maaiveld met in totaal 21,21 cm onvoldoende wordt gecompenseerd. Volgens het dagelijks bestuur mag zonder compenserende maatregelen het maaiveld met maximaal 9,22 cm worden opgehoogd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2134
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Waterwet
  • uitspraakin de zaak202000695/1/R1

202000706/1/R3

Bij besluit van 27 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van koelmotoren en het bouwen van een schutting op [locatie 1]. [vergunninghouder] heeft op 28 mei 2018 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het plaatsen van koelmotoren en het bouwen van een schutting op het perceel. Het bouwplan is ten behoeve van Het Theehuis dat op hetzelfde perceel staat. Eerder is op 4 januari 2018 voor de bouw van Het Theehuis een omgevingsvergunning verleend. Het bouwplan is volgens het college in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "bestemmingsplan Grou", omdat de schutting 1,80 m hoog is en het bestemmingsplan een bouwhoogte toestaat van 1 m. [appellant] betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat het college ten onrechte de aanvraag om omgevingsvergunning in behandeling heeft genomen. Volgens [appellant] is niet voldaan aan artikel 8:41a van de Wet milieubeheer.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2132
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202000706/1/R3

202001157/1/R3

Bij besluit van 19 december 2019 heeft de raad van de gemeente Schiedam het bestemmingsplan "Verzamelherziening 2019" vastgesteld. Het plan voorziet in een actueel planologisch-juridisch kader voor diverse locaties verspreid over het grondgebied van de gemeente Schiedam, waaronder de [locatie].[appellant] en anderen kunnen zich niet verenigen met het plan, voor zover daarbij aan het pand op het perceel [locatie] de bestemming "Gemengd" met de aanduiding "horeca" is toegekend. Op grond van artikel 5.1 onder f en artikel 1.43 van de planregels is daar alleen lichte horeca en niet langer middelzware horeca toegestaan. Hiermee wordt volgens hen ten onrechte de mogelijkheid weggenomen om daar een café te exploiteren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2128
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202001157/1/R3

202002365/1/A3

Bij besluit van 26 november 2019 heeft de korpschef van politie de aan New Generation Security B.V. ten behoeve van [appellant] verleende toestemming tot het verrichten van werkzaamheden voor deze particuliere beveiligingsorganisatie of dit recherchebureau, ingetrokken. De korpschef heeft op 2 februari 2018 besloten aan New Generation Security B.V. ten behoeve van [appellant] toestemming te verlenen als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus. [appellant], geboren in 1955, is bestuurder van [bedrijf]. [bedrijf] is voor 50% eigenaar van New Generation Security. New Generation Security heeft meer dan 100 werknemers in dienst. Tegen [appellant] is op 5 juli 2019 proces-verbaal opgemaakt ter zake van overtreding van artikel 300, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht (mishandeling) op 2 juni 2019. Het proces-verbaal is op 19 december 2019 naar het openbaar ministerie gezonden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2126
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Beveiligingswerkzaamheden
  • uitspraakin de zaak202002365/1/A3

202002383/1/A2

Bij uitspraak van 24 februari 2020 heeft de rechtbank het verzoek van [appellant] om schadevergoeding op grond van artikel 8:88, eerste lid, van de Awb afgewezen. [appellant] is vanaf 11 december 2017 door Randstad namens ISS Integrated Facility Services tot en met 16 maart 2018 gedetacheerd bij de Dienst Justitiële Inrichtingen. Op 11 december 2017 heeft DJI voor [appellant] een aanvraag voor een verklaring omtrent het gedrag ingediend.Bij besluit van 23 februari 2018 heeft de minister de aanvraag afgewezen. Bij besluit op bezwaar van 18 juli 2018 heeft de minister het daartegen door [appellant] gemaakte bezwaar gegrond verklaard. Daaraan heeft de minister ten grondslag gelegd dat de aanvraag is gedaan voor de functie ‘medewerker inrichting incl. contact’. Uit de door [appellant] geschetste werkzaamheden blijkt echter dat hij geen contact met gedetineerden zal hebben. Daarmee vormt hij volgens de minister geen risico in de beoogde functie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2133
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202002383/1/A2

202002442/4/R1

Bij besluit van 13 februari 2020 heeft de raad van de gemeente Amsterdam het bestemmingsplan "Klaprozenbuurt" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de transformatie van een bedrijventerrein naar een gemengde stadsbuurt in Amsterdam. Aan het meest westelijk gelegen plandeel is de conserverende bestemming "Bedrijf" toegekend met de aanduiding "wetgevingszone-wijzigingsgebied-2". Het college kan ingevolge artikel 21.4.1 van de planregels de bestemming van deze gronden wijzigen in "Gemengd". Op grond van die bestemming mogen maximaal 350 woningen worden gebouwd. Daarvoor gelden voorwaarden, die zijn opgenomen in artikel 21.4.1 van de planregels. [appellante] woont in een woonboot in de woonboothaven aan de Klaprozenweg, grenzend aan dit plandeel. [appellante] heeft in haar beroep tegen het besluit van 13 februari 2020 onder meer aangevoerd dat ten onrechte geen voorwaarde is opgenomen over de maximale bouwhoogte van de woongebouwen die met de wijzigingsbevoegdheid mogelijk wordt gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2123
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202002442/4/R1

202003870/1/R2

Bij besluit van 11 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Vaals [appellant], onder oplegging van een dwangsom, gelast om binnen acht weken het gebruik van het object aan de [locatie 1] in Vaals voor zelfstandige bewoning te beëindigen en beëindigd te houden en de sanitaire voorzieningen of de keuken te verwijderen en verwijderd te houden. [appellant] is eigenaar van de woning aan de [locatie 1] in Vaals. Achter de woning bevindt zich een object met het adres [locatie 1] dat in gebruik was als zelfstandige woonruimte (hierna: de wooneenheid). Het college heeft controles laten uitvoeren en daaruit is gebleken dat de wooneenheid sinds 16 oktober 2018 niet meer wordt bewoond. De voorzieningen voor zelfstandige bewoning, zoals een badkamer en een keuken, zijn wel aanwezig.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2117
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Dwangsom en beroep
  • uitspraakin de zaak202003870/1/R2

202004638/1/A3

Bij besluit van 31 oktober 2018 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit het verzoek van de maatschap om haar gegevens niet door te geven aan de Brancheorganisatie Akkerbouw afgewezen. De minister heeft de maatschap gemeld dat haar naam, adresgegevens en zogenoemde KvK-nummer zullen worden doorgegeven aan de Brancheorganisatie Akkerbouw en dat de maatschap daartegen bezwaar kan maken op grond van de Algemene Verordening Gegevensverwerking. De minister wil deze gegevens van de maatschap aan de Brancheorganisatie Akkerbouw verschaffen zodat die uitvoering kan geven aan het zogenoemde Gezamenlijk programma Onderzoek en Innovatie. De maatschap heeft vervolgens verzocht om haar gegevens niet door te geven. Zij vindt dat het doorgeven van haar gegevens in strijd is met de AVG, omdat zij daarvoor geen toestemming heeft gegeven. In deze zaak is in geschil of de minister deze gegevens over de maatschap aan de Brancheorganisatie Akkerbouw mag doorgeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2129
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202004638/1/A3

202004971/1/R3

Bij besluit van 22 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Capelle aan den IJssel [appellant] gelast onder oplegging van een dwangsom de overtreding van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht te beëindigen en beëindigd te houden. [appellant] woont aan de [locatie] in Capelle aan den IJssel. Hij heeft de schuur op het achtererf bij de woning gerenoveerd en daarbij onder meer de kap vervangen. Hoewel het college daar aanvankelijk een omgevingsvergunning voor had verleend, heeft het die in bezwaar herroepen en alsnog geweigerd een omgevingsvergunning te verlenen. De schuur was in de oorspronkelijke toestand namelijk lager (5,04 m) dan in het aangevraagde bouwplan (5,20 m). Het college is van mening dat het verhogen van de schuur in strijd is met het bestemmingsplan, zowel wat betreft de totale hoogte als die van de knikpunten in de kap. Het college wil hiervoor geen omgevingsvergunning verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2115
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004971/1/R3

202005171/1/A2

Bij besluit van 19 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Valkenburg aan de Geul een verzoek van [bedrijf] om vergoeding van planschade en toekenning van nadeelcompensatie afgewezen. [appellante sub 2] is een winkel in aardappelen, groente en fruit en was vanaf 1 januari 2002 gevestigd aan de [locatie 1] in Valkenburg. [bedrijf] is een winkel in kranten, tijdschriften en kantoorbenodigdheden en is sinds 3 juni 1996 gevestigd aan de [locatie 2] in Valkenburg. Bij afzonderlijke brieven van 8 december 2014 en 24 februari 2015 hebben zij het college verzocht om vergoeding van schade die zij stellen te lijden als gevolg van verschillende besluiten en feitelijke handelingen gericht op het herinrichten van het openbaar gebied van het centrum van Valkenburg. Hierdoor zijn hun winkels minder goed bereikbaar geworden, wat vanaf 2012 tot een daling van de omzet van hun winkels heeft geleid. De besluiten van 19 juni 2018 zien op de gestelde schade in de periode oktober 2013 tot en met maart 2017.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2121
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202005171/1/A2

202005181/1/A3

Bij besluit van 20 augustus 2018 heeft de korpschef van politie de door [bedrijf] gevraagde toestemming om [appellant] beveiligingswerkzaamheden te laten verrichten geweigerd. Een particuliere beveiligingsorganisatie heeft toestemming van de korpschef nodig om iemand voor het bedrijf te laten werken. Het bedrijf [bedrijf] heeft deze toestemming voor [appellant] gevraagd. De korpschef heeft deze toestemming geweigerd. Aan de in bezwaar gehandhaafde weigering heeft de korpschef artikel 7, vierde lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus en paragraaf 2.3, aanhef en onder b, van de Beleidsregels particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus 2014 ten grondslag gelegd. Volgens de korpschef zijn de betrouwbaarheid en integriteit van [appellant] niet boven iedere twijfel verheven. [appellant] is binnen acht jaar voorafgaand aan het moment van toetsing veroordeeld wegens het plegen van een misdrijf.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2113
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Beveiligingswerkzaamheden
  • uitspraakin de zaak202005181/1/A3

202005766/1/A3

Bij besluit van 14 juni 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag het verzoek van [appellant] om zijn huwelijk in de basisregistratie personen te registreren afgewezen. [appellant] heeft zowel de Nederlandse als de Angolese nationaliteit. Op 18 september 2009 heeft op het Angolese consulaat in Rotterdam een huwelijksvoltrekking plaatsgevonden tussen [appellant] en [persoon]. Later is dit huwelijk geregistreerd in Angola. [appellant] heeft verzocht het huwelijk te registreren in de brp. Daarvoor heeft hij een uittreksel van een huwelijksakte uit Angola ingeleverd. Het college heeft dit verzoek afgewezen. Het college stelt zich op het standpunt dat de huwelijksvoltrekking in Nederland heeft plaatsgevonden ten overstaan van consulaire ambtenaren volgens de voorschriften van buitenlands recht. Dit huwelijk kan ingevolge artikel 10:30 van het Burgerlijk Wetboek alleen worden erkend als de man noch de vrouw de Nederlandse nationaliteit heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2131
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202005766/1/A3

202005828/1/R3

Bij besluit van 30 augustus 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zwolle aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het in afwijking van het bestemmingplan gebruiken van de woning aan de [locatie 1] voor kamerverhuur. [vergunninghouder] heeft op 8 juli 2019 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het afwijken van het bestemmingsplan voor kamergewijze verhuur van de woning aan de [locatie 1]. Daarbij gaat het om de verhuur van vijf kamers met gedeelde voorzieningen. [appellant] woont aan de [locatie 2] te Zwolle. Zij heeft bezwaar tegen de omgevingsvergunning vanwege de nadelige gevolgen voor haar woon- en leefklimaat. Daarbij gaat het onder meer om de overlast die zij ondervindt van de kamerbewoners in de woning. Ook is volgens haar niet voldaan aan de beleidsregel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2125
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202005828/1/R3

202006313/1/R1

Bij besluit van 29 september 2020 heeft het dagelijks bestuur van het stadsdeel Zuidoost onder meer de locatie Slichtenhorststraat 2 aangewezen als locatie voor een ondergrondse restafvalcontainer. De locatie Slichtenhorststraat 2 wordt in het besluit aangeduid als locatie 1107VH-2. [appellante] woont nabij de aangewezen locatie in het hoekhuis op het perceel [locatie]. Zij kan zich niet verenigen met het aanwijzen van de locatie voor de plaatsing van de ORAC een paar meter naast haar voortuin, omdat haar woon- en leefklimaat wordt aangetast door het gebruik van de ORAC. [appellante] betoogt dat een ORAC op de aangewezen locatie niet wenselijk is, omdat deze is geplaatst op te korte afstand van haar voortuin. In haar voortuin is een terras aangelegd waarvan ze veel gebruikmaakt. [appellante] vreest geur- en geluidsoverlast te ervaren als het gevolg van het gebruik van de ORAC. Ook vreest zij voor overlast door zwerfafval.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2127
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202006313/1/R1

202006332/1/A2

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 9 oktober 2020 van de rechtbank Oost­Brabant.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2210
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Mondelinge uitspraak
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202006332/1/A2

202007093/1/A3

Bij besluit van 8 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Vlissingen de eerder aan [appellant] verleende omzettingsvergunning ingetrokken. [appellant] is eigenaar van het pand aan de [locatie] in Vlissingen. Op 13 februari 2018 heeft het college aan [appellant] een vergunning verleend voor het omzetten van dit pand in onzelfstandige woonruimte, een zogenaamde omzettingsvergunning. Woonplaza, de door [appellant] ingeschakelde beheerder van het pand, huurt en beheert de onzelfstandige woonruimte en verhuurt deze door. Op 15 februari 2018 is tijdens een controle door een medewerker van de VeiligheidsRegio Zeeland geconstateerd dat het pand niet voldeed aan alle brandveiligheidsvoorschriften en dat sprake was van bouwkundige gebreken. Daarnaast heeft een medewerker van de gemeente Vlissingen in een e-mail van 16 februari 2018 Woonplaza verzocht om de persoonsgegevens van de bewoners van het pand te verstrekken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2118
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202007093/1/A3

202100084/1/V6

Bij besluit van 21 maart 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellante] om haar het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. [appellante] is geboren op [geboortedatum] 1976 en heeft de Bengalese nationaliteit. Haar echtgenoot en twee minderjarige kinderen bezitten de Nederlandse nationaliteit. Op 17 oktober 2017 is zij, op grond van artikel 20 van het VWEU, in het bezit gesteld van een verblijfsdocument EU/EER met de aantekening 'Familielid van een burger van de Unie'. Op 17 mei 2018 heeft [appellante] verzocht om haar het Nederlanderschap te verlenen. De staatssecretaris heeft haar verzoek afgewezen. Volgens de staatssecretaris is een Chavez-Vilchezverblijfsrecht niet duurzaam en bestaan er daarom bedenkingen tegen het verblijf van [appellante] voor onbepaalde tijd in Nederland. Dat is gebaseerd op artikel 8, eerste lid, aanhef en onder b, van de Rijkswet op het Nederlanderschap.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2120
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202100084/1/V6

202100124/1/V6

Bij besluit van 18 februari 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellante] om haar het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. [appellante] is geboren op [geboortedatum] 1978 en heeft de Marokkaanse nationaliteit. Op 6 februari 2012 is zij in het bezit gesteld van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, onder de beperking verblijf bij haar (toenmalige) echtgenoot. Zij hebben twee kinderen met de Nederlandse nationaliteit: [kind 1], geboren op [geboortedatum] 2012, en [kind 2], geboren op [geboortedatum] 2013. De staatssecretaris heeft deze vergunning bij besluit van 8 november 2017 met terugwerkende kracht ingetrokken met ingang van 9 januari 2017 en haar per 8 november 2017, op grond van artikel 20 van het VWEU, in het bezit gesteld van een verblijfsdocument EU/EER met de aantekening 'Familielid van een burger van de Unie'.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2119
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202100124/1/V6

202101427/1/R4

Bij besluit van 21 januari 2021 heeft de raad van de gemeente Epe het bestemmingsplan "Inritten Rutgershof Epe" vastgesteld. Het plan voorziet in een groenbestemming met twee maal de aanduiding "ontsluiting". Die gronden dienen ter ontsluiting van naastgelegen bedrijfspercelen. Het plan voorziet hier in zogenoemde inritten of uitwegen. [appellant] is een omwonende en kan zich niet verenigen met het plan. Hij is van mening dat de inritten of uitwegen in het verleden illegaal zijn aangelegd, waardoor ten onrechte een groenstrook deels verloren gaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2124
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202101427/1/R4

202101463/1/A2

Bij besluit van 16 oktober 2019 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand een aanvraag om een toevoeging voor verlening van rechtsbijstand aan [appellant], afgewezen. Het geschil gaat over de vraag of het besluit van 16 oktober 2019 is herroepen wegens een aan de raad te wijten onrechtmatigheid en of de raad daarom de door [appellant] in bezwaar gemaakte kosten had moeten vergoeden. [appellant] heeft op 18 september 2019 een aanvraag om een toevoeging voor verlening van rechtsbijstand ingediend. Bij de aanvraag is vermeld dat hij op de scooter is aangereden en dat rechtsbijstand bij de discussie over de aansprakelijkheid en de omvang van de letselschade noodzakelijk is. Bij de vraag wat de categorie van de zaak is waarvoor de toevoeging wordt aangevraagd staat: "O010 - Verbintenissenrecht - geschil onrechtmatige daad". Uit het beleid van de raad, neergelegd in werkinstructie ‘O010 geschil onrechtmatige daad’ volgt dat voor het enkel aansprakelijk stellen in principe geen toevoeging wordt verstrekt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2122
Datum uitspraak
22 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202101463/1/A2

202105719/2/V2

Bij besluit van 17 mei 2021 heeft van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2103
Datum uitspraak
21 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105719/2/V2

202105755/2/V2

Bij besluit van 29 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2104
Datum uitspraak
21 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105755/2/V2

202105774/2/V2

Bij besluit van 24 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2102
Datum uitspraak
21 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105774/2/V2

202106052/2/V2

Bij besluit van 15 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2106
Datum uitspraak
21 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106052/2/V2

202103920/1/V3

Bij besluit van 23 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2105
Datum uitspraak
20 september 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202103920/1/V3

202104491/1/V1

Bij besluit van 1 november 2019 heeft de staatssecretaris een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2099
Datum uitspraak
20 september 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202104491/1/V1

202104498/2/V2

Bij besluit van 30 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2098
Datum uitspraak
20 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104498/2/V2

202106063/2/V2

Bij besluit van 14 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2100
Datum uitspraak
20 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106063/2/V2

202106065/2/V2

Bij besluit van 14 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2101
Datum uitspraak
20 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106065/2/V2

202006059/1/V3

Bij besluit van 9 mei 2019 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2095
Datum uitspraak
17 september 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202006059/1/V3

202100903/1/V3

Bij besluit van 13 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2096
Datum uitspraak
17 september 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202100903/1/V3

202102278/1/V3

Bij besluiten van 9 maart 2021 en 12 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld. De vreemdeling heeft de Algerijnse nationaliteit. Volgens de staatssecretaris was de bewaring van de vreemdeling noodzakelijk omdat hij geen gevolg had gegeven aan de opdracht in het terugkeerbesluit van 5 maart 2019 om Nederland te verlaten, er een risico bestond dat hij zich zou onttrekken aan het toezicht en hij de voorbereiding van zijn vertrek of uitzettingsprocedure ontweek of belemmerde. Deze uitspraak gaat over de vraag of zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn bestaat voor vreemdelingen die voor hun uitzetting naar Algerije afhankelijk zijn van de afgifte van een laissez-passer door de Algerijnse autoriteiten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2092
Datum uitspraak
17 september 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202102278/1/V3

202102688/1/V3

Bij besluit van 25 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2097
Datum uitspraak
17 september 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202102688/1/V3

202102791/1/V3

Bij besluit van 9 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2093
Datum uitspraak
17 september 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202102791/1/V3

202105668/2/V2

Bij besluit van 8 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2094
Datum uitspraak
17 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105668/2/V2

202104852/2/R4

Bij besluit van 27 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag de kosten voor toepassing van spoedeisende bestuursdwang op [appellante] verhaald.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:3044
Datum uitspraak
17 september 2021
  • Vereenvoudigde behandeling
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202104852/2/R4

202103150/1/V3

Bij besluit van 11 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2091
Datum uitspraak
16 september 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202103150/1/V3

202104214/1/R4 en 202104214/2/R4

Bij besluit van 6 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van een dakopbouw op de woning aan de [locatie 1] te Hoogland. Het bouwplan van [vergunninghouder] bestaat uit het bouwen van een dakopbouw op zijn woning aan de [locatie 1] te Hoogland. De woning van [appellant] ligt aan de [locatie 2] te Hoogland en grenst aan die van [vergunninghouder]. In de bestaande situatie heeft de woning van [vergunninghouder] aan de achterzijde een dakkapel die op één lijn ligt met de dakkapel aan de achterzijde van de naastgelegen woning van [appellant]. [vergunninghouder] wil zijn dakkapel vervangen door een dakopbouw. De onderkant van de beoogde dakopbouw ligt aan de achterzijde ook op één lijn met de dakkapel van [appellant], maar heeft een hoogte tot 1.25 m boven de oorspronkelijke nokhoogte van het dak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2088
Datum uitspraak
16 september 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202104214/1/R4 en 202104214/2/R4

202104443/1/V2

Bij besluit van 10 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2090
Datum uitspraak
16 september 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104443/1/V2

202105059/1/R4 en 202105059/3/R4

Bij besluit van 5 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ermelo geweigerd aan [appellante] een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een schuifpoort en twee erfafscheidingen op haar perceel nabij de Julianalaan te Ermelo. [appellante] exploiteert een eendenslachterij aan de [locatie] te Ermelo en heeft zonder omgevingsvergunningen twee erfafscheidingen en een schuifpoort gerealiseerd op haar perceel. [appellante] heeft het college gevraagd een omgevingsvergunning te verlenen om de bouwwerken te legaliseren. [partij] is omwonende en heeft het college verzocht handhavend op te treden tegen de bouwwerken. Tussen partijen is niet in geschil dat de bouwwerken niet vergunningvrij mochten worden opgericht en dat de bouwwerken in strijd zijn met de regels van het ter plaatse geldende bestemmingsplan, omdat ze de maximaal toegestane hoogte van 2 m overschrijden en omdat ze niet zijn opgericht ten dienste van de op de gronden rustende bestemmingen "Groen" en "Agrarisch".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2089
Datum uitspraak
16 september 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202105059/1/R4 en 202105059/3/R4

202105482/2/V6

Bij besluit van 10 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het Nederlanderschap van [verzoeker] ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2054
Datum uitspraak
16 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202105482/2/V6

202105484/2/V1

Bij besluit van 4 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met terugwerkende kracht tot 15 mei 2013 ingetrokken, de vreemdeling opgedragen Nederland onmiddellijk te verlaten en tegen hem een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2299
Datum uitspraak
16 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202105484/2/V1

202001546/1/R3 en 202001546/2/R3

Bij besluit van 1 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hardenberg aan LC Energy B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het in afwijking van het bestemmingsplan bouwen van een zonnepark, op een perceel op de hoek Westeindigerdijk Hardenberg en Kanaalweg-Oost Hoogenweg voor de duur van 25 jaar. Het perceel is ruim 13 hectare groot en het zonnepark zal ongeveer 9 hectare groot worden. De zonnepanelen worden maximaal 1,54 m hoog en op enkele plaatsen om het park zal een hekwerk van maximaal 2 m hoog worden geplaatst. Verder wordt het zonnepark landschappelijk ingepast en worden er enkele paden aangelegd. Met het zonnepark wordt beoogd een bijdrage te leveren aan de doelstelling voor de opwekking van duurzame energie uit het Nationaal Energieakkoord. Bij besluit van 22 juni 2021 heeft het college de vergunning van 1 oktober 2019 gewijzigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1994
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202001546/1/R3 en 202001546/2/R3

202005605/1/V1

Bij besluit van 27 mei 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2058
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202005605/1/V1

202100939/1/V1

Bij besluit van 23 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingetrokken en een inreisverbod tegen haar uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2057
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202100939/1/V1

201904642/1/R3

Bij besluit van 25 april 2019 heeft de raad van de gemeente Delfzijl het bestemmingsplan "Facetplan Delfzijl - Farmsum" vastgesteld. Progres is eigenaar van het perceel Weg naar Den Dam 1 te Delfzijl. Op dit perceel staat een voormalige steenfabriek. In het bestemmingsplan "Delfzijl-Kern West", dat door de raad is vastgesteld op 15 december 2011, heeft het perceel de bestemming "Bedrijf". Progres wenst daar te bouwen voor een discount- (Aldi) in combinatie met een full-service (Jumbo) supermarkt. Op 26 januari 2017 heeft Progres een omgevingsvergunning aangevraagd voor de vestiging van twee supermarkten op het perceel. Daarbij heeft Progres ook een sloopmelding gedaan voor de huidige bebouwing. Naar aanleiding van de door Progres ingediende aanvraag om omgevingsvergunning heeft de raad geconstateerd dat het bestemmingsplan "Delfzijl-Kern West" - volgens de raad ten onrechte - ruimte liet voor detailhandel, waaronder de vestiging van supermarkten, op locaties met de bestemming "Bedrijf".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2086
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Groningen
  • uitspraakin de zaak201904642/1/R3

201906140/1/R2

Bij besluit van 22 mei 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant aan [appellante sub 2] op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming een vergunning verleend voor de uitbreiding van een pluimveebedrijf aan de [locatie 1] in Someren. [appellante sub 2] heeft op 3 november 2011 een aanvraag ingediend voor een vergunning op grond van de artikelen 16 en 19d van de Natuurbeschermingswet 1998, thans artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming, voor de uitbreiding van de omvang van een pluimveehouderij, van 39.900 naar 82.000 ouderdieren van vleeskuikens in opfok, aan de [locatie 1] in Someren. Het bedrijf is gelegen nabij de Natura 2000-gebieden "Strabrechtse Heide & Beuven", "Groote Peel", "Weerter- en Budelerbergen & Ringselven", "Deurnsche Peel & Mariapeel" en "Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2085
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak201906140/1/R2

201906190/18/R4

Bij besluit van 26 juni 2019 heeft de raad van de gemeente Maasdriel het bestemmingsplan "Buitengebied herziening 2016" vastgesteld. Het bij besluit van 26 juni 2019 vastgestelde bestemmingsplan heeft betrekking op nagenoeg het hele buitengebied van de gemeente Maasdriel. De beroepen tegen het besluit van 26 juni 2019 zijn geregistreerd onder zaaknummer 201906190/1/R4. De beroepen van de op het voorblad vermelde appellanten zijn na de zitting administratief afgesplitst en geregistreerd onder zaaknummer 201906190/18/R4. Het bestemmingsplan is hoofdzakelijk conserverend van aard. Bij de vaststelling van het plan heeft de raad zich op het standpunt gesteld dat voor het realiseren van nieuwe ontwikkelingen in beginsel gebruik moet worden gemaakt van de flexibiliteitsbepalingen in het plan (de afwijkings- en wijzigingsregels) of dat daarvoor een zelfstandige planologische procedure moet worden gevolgd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2062
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak201906190/18/R4

201906484/1/R4

Bij brief van 7 maart 2019 heeft [appellant] beroep ingesteld tegen het niet tijdig bekendmaken van een volgens hem van rechtswege verleende omgevingsvergunning. [appellant] heeft op 4 september 2018 bij het college van burgemeester en wethouders van Goeree-Overflakkee een aanvraag ingediend voor een omgevingsvergunning. Bij besluit van 2 januari 2019 heeft het college de aanvraag om omgevingsvergunning afgewezen. Volgens [appellant] heeft het college hiermee niet tijdig beslist op de aanvraag en was daarom voor dit reële besluit al van rechtswege een omgevingsvergunning verleend. In de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank overwogen dat [appellant] geen bezwaar heeft gemaakt tegen het reële besluit van 2 januari 2019, waardoor deze weigering onherroepelijk is. De rechtbank heeft daarom geoordeeld dat in het midden kan blijven of de omgevingsvergunning van rechtswege is verleend en heeft het beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2071
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak201906484/1/R4

201908530/1/A3

Bij besluit van 2 oktober 2017 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een verzoek van [appellante sub 1] en anderen om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur afgewezen. [appellante sub 1] en anderen hebben de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit verzocht om openbaarmaking van het rapport van Bureau Risicobeoordeling en Onderzoeksprogrammering over het onderzoek en de conclusie betreffende mogelijk gevaar voor de volksgezondheid en voedselveiligheid naar aanleiding van anonieme meldingen over mogelijk gebruik van fipronil in pluimveestallen, en de daaraan voorafgaande onderzoeksopdracht van eind 2016/begin 2017. Verder hebben zij verzocht om openbaarmaking van de anonieme meldingen en alle beschikbare informatie over het mogelijke gebruik van fipronil in pluimveestallen in de periode van 30 oktober 2016 tot en met 1 augustus 2017.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2064
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak201908530/1/A3

202000565/2/R1

Bij tussenuitspraak van 28 april 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:906) heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam opgedragen om binnen 12 weken na verzending van de tussenuitspraak het geconstateerde gebrek in het besluit van 27 mei 2019 te herstellen. Uit de tussenuitspraak volgt dat het besluit van 27 mei 2019 in strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht niet deugdelijk is gemotiveerd. De Afdeling heeft het college een termijn van 12 weken geboden om het geconstateerde gebrek in het besluit van 27 mei 2019 te herstellen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2087
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Dwangsom en beroep
  • uitspraakin de zaak202000565/2/R1

202002217/1/R2

Bij besluit van 13 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergeijk aan [appellante A] zes lasten onder dwangsom opgelegd met betrekking tot de bebouwing op, en het gebruik van het perceel aan de [locatie 1] en [locatie 2] te Bergeijk. [appellante A] is eigenares van het perceel. Het perceel bestaat uit een tankstation met daarin een serviceshop en een autogarage voor reparaties. In 2018 is de serviceshop uitgebreid met een "bakery", die ziet op de verkoop van vers belegde broodjes. In de serviceshop is ook een zitgedeelte aanwezig, waar eten en drinken kan worden genuttigd. Op het achterterrein van het perceel zijn diverse bouwwerken aanwezig en worden hobbymatig dieren gehouden. Op 12 juni 2018 en 21 oktober 2018 heeft [partij], die aangrenzend aan de achterzijde van het perceel van [appellante A] woonachtig is, een verzoek tot handhaving ingediend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2080
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202002217/1/R2

202003087/1/R3

Bij besluit van 20 november 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Fryslân een dwangsom van € 10.000,00 bij RDM ingevorderd. Het college heeft bij besluit van 28 september 2011 aan RDM een omgevingsvergunning milieu verleend voor verschillende activiteiten. In de omgevingsvergunning is aangegeven dat de gewaarmerkte stukken en bijlagen deel uitmaken van de vergunning. Vermeld is dat een grondwal dient te worden aangelegd van 7 m hoog, aan de westzijde aflopend tot 4 m, zoals op de bijbehorende tekening. Het college heeft op 3 november 2016 een controle uitgevoerd bij RDM, waarbij is geconstateerd dat de grondwal is opgehoogd. Pro-linQ ingenieurs heeft de hoogte van de grondwal op 23 december 2016 gemeten. De meetresultaten zijn in januari 2017 besproken met RDM. RDM heeft toegezegd dat de grondwal verlaagd zal worden tot de vergunde hoogte.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2070
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003087/1/R3

202003091/1/R1

Bij besluit van 29 mei 2018 heeft het dagelijks bestuur van het Wetterskip Fryslân het peilbesluit Koningsdiep West deelgebied Oranje vastgesteld. Het peilbesluit heeft betrekking op een gebied van 3.615 m² ten zuidwesten van Drachten en is een uitwerking van het Watergebiedsplan Koningsdiep West uit 2011. In het peilgebied zijn er 104 peilvakken die deel uitmaken van 13 watersystemen. In het peilbesluit zijn alle - ten opzichte van de vorige peilbesluiten - partiële wijzigingen opgenomen, alsook wijzigingen in 12 peilvakken, waarbij in zes peilvakken het peil wordt gewijzigd. Milieudefensie kan zich niet verenigen met het peilbesluit, omdat de lage waterstanden zorgen voor veenoxidatie en, in het verlengde daarvan, de klimaatdoelen niet zullen worden gehaald. Volgens haar is daarom in een veel groter gebied een peilverhoging noodzakelijk om te voldoen aan verschillende internationale verdragen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2077
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak202003091/1/R1

202003201/1/R3

Bij besluiten van 2 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Raalte [appellant] onder oplegging van dwangsommen gelast om drie bouwwerken op het perceel dat is gelegen achter het adres [locatie] in Heino, te verwijderen en verwijderd te houden. De bouwwerken betreffen een toercaravan, safaritent en een overkapping. [appellant] is eigenaar van het perceel. Omwonenden van het perceel hebben het college om handhaving verzocht tegen illegaal op het perceel aanwezige bebouwing. Het college heeft geconstateerd dat zich op het perceel een toercaravan, schuurtje/bouwkeet, safaritent en overkapping bevinden, zonder dat daarvoor een omgevingsvergunning is verleend. Dit is in strijd met artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Het college heeft [appellant] gelast om de bebouwing van het perceel te verwijderen en verwijderd te houden. De rechtbank heeft overwogen dat het college zich terecht bevoegd heeft geacht om handhavend op te treden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2039
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003201/1/R3

202003464/1/R3

Bij besluit van 23 maart 2020 heeft de raad van de gemeente Ameland het bestemmingsplan "Recreatieterrein Nes-Buren 2019" vastgesteld. Het plangebied omvat een terrein met recreatiewoningen ten noorden van de kernen Nes en Buren. Het plan staat 222 recreatiewoningen toe, waarvan 215 recreatiewoningen al bestaand zijn. Op zeven locaties binnen het plangebied is nieuwbouw toegestaan. [appellant] bezit een recreatiewoning binnen het plangebied. Hij kan zich niet verenigen met het plan. [appellant] betoogt dat het mogelijk maken van de zeven locaties voor nieuwe recreatiewoningen het open karakter van het gebied aantast, mede doordat eerder omgevingsvergunningen zijn verleend voor de bouw van recreatiewoningen waarbij is afgeweken van het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2040
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak202003464/1/R3

202003484/1/R3

Bij besluit van 20 april 2020 heeft de raad van de gemeente Zoetermeer het bestemmingsplan "Islamitisch Cultureel Centrum" vastgesteld. Het bestemmingsplan heeft betrekking op een perceel aan de Olof Palmelaan te Zoetermeer. Stichting Islamitisch Centrum Zoetermeer is voornemens ter plaatse een Islamitisch Cultureel Centrum te bouwen. In het bestemmingsplan wordt dit mogelijk gemaakt. Daarnaast heeft het bestemmingsplan betrekking op twee nabijgelegen percelen waarop parkeervoorzieningen ten behoeve van het Islamitisch Cultureel Centrum mogelijk worden gemaakt. De omgevingsvergunning maakt de realisatie van het Islamitisch Cultureel Centrum mogelijk. Het verkeersbesluit gaat over een parkeerverbod aan de Olof Palmelaan en de aanleg van parkeerplaatsen ter plaatse in verband met het waarborgen van de verkeersveiligheid en om te voorkomen dat de doorgang voor grote (hulp)voertuigen wordt belemmerd. [appellant] en anderen wonen in de nabijheid van de locatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2069
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202003484/1/R3

202003871/1/A3

Bij besluit van 19 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam [appellante] een boete van € 20.500,- opgelegd vanwege een overtreding van artikel 21, onder a, van de Huisvestingswet. [appellante] huurt sinds 2014 een woning aan de [locatie 1] in Amsterdam. Deze woning is gelegen op de derde verdieping. Sinds 2016 huurt zij ook de woning aan de [locatie 2]. Deze woning is gelegen op de tweede verdieping. [appellante] staat in de basisregistratie personen ingeschreven op de [locatie 1]. Zij heeft bij de gemeente Amsterdam een melding gedaan voor het starten van een ‘’Bed and Breakfast’’. Van de gemeente ontving zij een bevestigingsbrief op 5 december 2016, waarin de voorwaarden stonden vermeld die golden voor het in stand houden van een B&B. [appellante] heeft hierna de woning op de tweede verdieping, dan wel een deel daarvan, aangeboden op Airbnb. Op 28 januari 2018 heeft het college een melding ontvangen over woonfraude.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2084
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202003871/1/A3

202004976/1/R3

Bij besluit van 9 september 2016 heeft het college een omgevingsvergunning verleend aan Huis Roodenburch B.V. voor het gebruiken van de tuin ten behoeve van een terras als terras voor 60 personen, het plaatsen van tuinmeubilair en het uitvoeren van (grond)werkzaamheden aan de Wijnstraat 153 in Dordrecht. Op 9 januari 2018 is Huis Roodenburch B.V. failliet verklaard. De curator heeft naar aanleiding van dit faillissement aan het college medegedeeld dat de bedrijfsactiviteiten van Huis Roodenburch B.V. zijn gestaakt en dat geen belang meer bestaat bij het in stand houden van de verleende omgevingsvergunning. Op verzoek van de curator heeft het college de verleende omgevingsvergunning bij besluit van 18 januari 2019 ingetrokken. [appellant] heeft desgevraagd aan de rechtbank medegedeeld dat het besluit van het college om de op 9 september 2016 verleende omgevingsvergunning in te trekken, voor hem geen reden vormt zijn bij de rechtbank ingediende beroep in te trekken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2068
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202004976/1/R3

202005248/1/R3

Bij besluit van 7 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen scootmobielbergingen op het Willem Dreespark in Den Haag afgewezen. [appellant] woont aan het Willem Dreespark in Den Haag. Tussen 2011 en 2014 heeft woningcorporatie Stichting Staedion onder meer twintig betonnen scootmobielbergingen geplaatst bij het Willem Dreespark. Het college heeft tijdelijke omgevingsvergunningen voor de duur van vijf jaar verleend voor de bouw van deze bergingen. In 2016 heeft het college van Stichting Staedion een aanvraag ontvangen om de duur van de vergunningen voor een deel van de bergingen met tien jaar te verlengen. Deze vergunningen heeft het college bij besluit van 9 november 2018 verleend. In de periode tussen de aanvraag en dit besluit heeft [appellant] het college op 4 mei 2018 verzocht om ten aanzien van de twintig scootmobielbergingen handhavend op te treden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2067
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202005248/1/R3

202005365/1/R1

Bij besluit van 11 maart 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland ingestemd met het door de gemeente Haarlemmermeer ingediende deelsaneringsplan voor de locatie Zichtweg ter hoogte van 19-29 te Nieuw-Vennep. Op de locatie is vanaf medio jaren 1940 tot medio jaren 1960 een stortplaats van huisvuil gevestigd geweest. De bodem is verontreinigd geraakt met zware metalen, polycyclische aromatische koolwaterstoffen en bijmenging met stortmateriaal. In de huidige situatie bevinden zich daar een woonwijk en een openbare weg. De gemeente heeft het voornemen om de gronden ter plaatse van de weg te saneren in verband met het aanleggen van een drainageleiding in de rijbaan. [appellante] woont op het perceel [locatie] (hierna: perceel) dat zich in de directe omgeving van de locatie bevindt. Zij heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 11 maart 2020. Het college heeft het bezwaar bij besluit van 26 augustus 2020 ongegrond verklaard. [appellante] kan zich niet met dit besluit verenigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2078
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak202005365/1/R1

202005788/1/A3

Bij besluit van 22 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lelystad [appellant] in de Basisregistratie personen opgenomen als vertrokken naar onbekende bestemming en hem opgenomen in het register niet-ingezetenen. Het college heeft [appellant] op 22 mei 2019 in de brp opgenomen als vertrokken naar onbekende bestemming en opgenomen in het register niet-ingezetenen omdat uit adresonderzoek bleek dat hij niet woonachtig was op zijn inschrijfadres en niet bereikbaar was. Bij besluit van 5 november 2019 heeft het college dat besluit gehandhaafd. Het college heeft de besluiten gebaseerd op vier huisbezoeken, op 14 februari, 27 maart, 14 mei en 6 augustus 2019. Bij deze huisbezoeken werd [appellant] geen enkele keer aangetroffen en werden geen kledingstukken en persoonlijke spullen van hem aangetroffen. Ook is daarbij gesproken met bewoners van de woning. [appellant] is, na een verzoek daartoe op 1 oktober 2019, per die datum weer ingeschreven op het inschrijfadres.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2065
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202005788/1/A3

202005844/1/R1

Bij besluit van 18 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Texel het wijzigingsplan "Vogelenzang 5 Den Burg" vastgesteld. Deen Vastgoed Ontwikkeling B.V. is eigenaar van het pand op het perceel Vogelenzang 5 te Den Burg. Deen heeft bij brief van 28 januari 2020 verzocht om de bestemming van het perceel Vogelenzang 5 te wijzigen van "Centrum - 2" naar "Centrum - 1" zodat in het pand een winkel voor de verkoop van dierbenodigdheden, tevens dierverzorgingspraktijk en een DHL-afhaalpunt, kan worden gevestigd. Het college heeft met dit verzoek ingestemd en bij besluit van 18 september 2020 het wijzigingsplan vastgesteld. [appellante A] is eigenaar van de naastgelegen winkelruimte aan de Vogelenzang 11 te Den Burg. [appellante A] verhuurt deze ruimte aan Jumbo, die deze ruimte onderverhuurt aan Jumbo Texel. Jumbo Texel exploiteert als franchisenemer van Jumbo in de ruimte een supermarkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2063
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202005844/1/R1

202006430/1/V6

Bij besluit van 12 februari 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het Nederlanderschap van [wederpartij] ingetrokken. Bij besluit van 11 januari 2007 heeft de staatssecretaris aan [wederpartij] een verblijfsvergunning verleend onder de beperking "verblijf bij [partner] in het kader van gezinsvorming." Hij beschikte met ingang van 2 december 2009 over een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd onder de beperking "Voortgezet verblijf." [wederpartij] heeft op 7 december 2011 een verzoek om verlening van het Nederlanderschap ingediend. [wederpartij] heeft daarbij verklaard dat hij alle gegevens naar waarheid heeft verstrekt en geen voor de beoordeling van het verzoek relevante gegevens heeft verzwegen. Ook heeft hij verklaard dat hij zich ervan bewust is dat het verstrekken van onjuiste gegevens of het verzwijgen van een relevant gegeven ertoe kan leiden dat de verkrijging van de Nederlandse nationaliteit wordt ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2082
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202006430/1/V6

202006481/1/R1

Bij besluit van 30 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Aalsmeer besloten tot invordering van een volgens hem door [wederpartij] verbeurde dwangsom van € 30.000,00. [wederpartij] was ten tijde van het besluit van 30 januari 2019 eigenaar van de woning op het perceel [locatie 1] in Aalsmeer (hierna: het perceel). Het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Nieuw Oosteinde" kent aan het perceel de bestemming "Wonen - 1" toe. Volgens het college heeft [wederpartij] gehandeld in strijd met het bestemmingsplan door de woning te gebruiken als logiesvoorziening zonder de daarvoor benodigde omgevingsvergunning. Op 19 juli 2018 heeft het college aan [wederpartij] een last onder dwangsom opgelegd. Deze last hield in dat [wederpartij] binnen twee weken het gebruik van de woning als logiesvoorziening moest staken en gestaakt moest houden en het gebruik van de woning in overeenstemming moest brengen met het geldende bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2083
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202006481/1/R1

202006544/1/R4

Bij besluit van 31 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haaksbergen, voor zover hier van belang, [appellant] onder oplegging van een dwangsom gelast om drie in het besluit genoemde overtredingen op het perceel [locatie] en het perceel op de hoek van deze weg en de Braamweg in Haaksbergen te beëindigen en/of beëindigd te houden. Voor elk van de drie overtredingen is een afzonderlijke last opgenomen (aangeduid als de lasten b, c en d) en is een daaraan gekoppeld dwangsombedrag vastgesteld. [appellant] heeft een agrarisch bedrijf op de percelen A en B. Op 6 februari 2018 heeft een toezichthouder van de gemeente een controle op de percelen A en B uitgevoerd. Geconstateerd is, voor zover hier van belang, dat: - op perceel A drie dieselolietanks aanwezig zijn, die niet zijn voorzien van een KIWA-certificaat; - perceel A wordt gebruikt voor de opslag van oude tanks, hout, plastic, bouwmateriaal en overige materialen; en - perceel B wordt gebruikt voor de opslag van grasbalen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2060
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202006544/1/R4

202007022/1/R2

Bij besluit van 3 april 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Landgraaf [appellant], onder oplegging van een dwangsom, gelast om binnen zes weken het gebruik van de paddocks, gelegen aan de [locatie 1] in Landgraaf, voor het uitlopen dan wel weiden van paarden te staken en om binnen zes maanden hetzelfde gebruik van de paddocks, gelegen op de percelen met kadastrale nummers 3848 en 3850, te staken en alle bouwwerken - een stal/schuilgelegenheid en de afrastering/paddocks - te verwijderen. [appellant] is eigenaar van het perceel [locatie 1] in Landgraaf en exploiteert daar een manege. [partij] woont aan de [locatie 2] in Landgraaf ten zuidoosten van de manege. Hij heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen het houden van paarden door [appellant] op de ten oosten van de manege gelegen gronden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2066
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202007022/1/R2

202100332/1/A2

Bij besluit van 4 juni 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant een aanvraag van de maatschap om subsidie in het kader van de Subsidieregeling Plattelandsontwikkelingsprogramma 3 Noord-Brabant 2014-2020 afgewezen. De Subsidieregeling is onder andere bedoeld om jonge landbouwers te ondersteunen bij fysieke investeringen in de verduurzaming van hun landbouwbedrijf. De maatschap heeft op 4 februari 2019 een aanvraag om subsidie in het kader van de Subsidieregeling gedaan voor het aanleggen van een emissiearme roostervloer in een ligboxenstal en voor de aanschaf van een mestrobot. Bij de aanvraag heeft de maatschap vermeld dat de samenstelling van de maatschap zoals die op de bij de aanvraag overgelegde maatschapsakte van september 2014 staat, met terugwerkende kracht per 1 januari 2019 wordt aangepast. Die aanpassing houdt in dat de maatschap niet langer uit drie maten, te weten [maat 1] (1952), [maat 2] (1982) en [maat 3] (1981), bestaat, maar alleen nog uit deze laatste twee.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2081
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202100332/1/A2

202100420/1/A2

Bij uitspraak van 23 december 2020, in zaak nr. 201909388/1/A2, heeft de Afdeling het hoger beroep van [verzoeker] tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van 20 november 2019 in zaak nr. 18/3421 ongegrond verklaard. De uitspraak is aangehecht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2061
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Herziening
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202100420/1/A2

202101265/1/R1

Bij besluit van 28 januari 2021 heeft de raad van de gemeente Purmerend het bestemmingsplan "Wagenweg 10 - 2020" vastgesteld. Bij besluit van 2 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Purmerend een omgevingsvergunning verleend aan [vergunninghouder] voor het oprichten van 131 huurappartementen, het aanleggen van een inrit en het kappen van 17 houtopstanden, op het perceel Toon Dupuisstraat 1 t/m 159 oneven en Gerrit Offermansstraat 2 t/m 102 even te Purmerend. Het bestemmingsplan maakt aan de Wagenweg 10 in Purmerend de realisatie van 131 huurappartementen mogelijk. De locatie ligt ten noordoosten van het centrum van Purmerend en maakt onderdeel uit van het zogeheten Wagenweggebied. Het Wagenweggebied wordt getransformeerd van bedrijventerrein naar een wijk waar wonen, werken en verblijven samen gaan. [appellant A] en [appellant B] kunnen zich niet met het plan verenigen. Volgens hen voorziet het voorliggende plan in te weinig groen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2079
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202101265/1/R1

202102102/1/R4

Bij besluit van 23 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam zijn beslissing om op 11 december 2020 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Rotterdam 2009 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een doos die op 11 december 2020 is aangetroffen naast een ondergrondse container ter hoogte van de Tollenstraat 41 in Rotterdam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat daarin een klein doosje zat met een adreslabel met daarop de naam van [appellant] en het adres van zijn juwelierswinkel. [appellant] betwist dat de grote doos van hem afkomstig is en dat hij degene is geweest die het kleine doosje in die doos naast de container heeft gezet.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2074
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202102102/1/R4

202102180/1/R4

Bij besluit van 3 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Kaag en Braassem zijn beslissing om op 27 januari 2021 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Kaag en Braassem 2009 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een grote doos die op 27 januari 2021 is aangetroffen in de berm van de Aderweg in Roelofarendsveen. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat daarin een pakbon van Koffer-direct.de met daarop zijn naam en adres is aangetroffen. [appellant] betwist niet dat de doos van hem afkomstig is, maar stelt dat hij niet degene is geweest die hem in de berm van de Aderweg, op 1 à 2 km afstand van zijn woning, heeft achtergelaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2072
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202102180/1/R4

202102275/1/R4

Bij besluit van 12 oktober 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 17 september 2020 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een papieren tas met oud papier die op 17 september 2020 is aangetroffen naast een papiercontainer ter hoogte van de Fluwelen Burgwal 58 in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de papieren tas verkeerd heeft aangeboden, omdat daarin een tot haar herleidbaar poststuk is aangetroffen. Het poststuk is een aan haar geadresseerd exemplaar van het tijdschrift Margriet. [appellante] betwist dat de aangetroffen papieren tas met oud papier van haar afkomstig is. Zij stelt dat zij het daarin aangetroffen tijdschrift nooit heeft ontvangen op haar adres.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2075
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202102275/1/R4

202102346/1/R4

Bij besluit van 31 oktober 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 6 oktober 2020 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een grote platgemaakte doos die op 6 oktober 2020 is aangetroffen naast een ondergrondse container ter hoogte van het Nassauplein 20 in Den Haag. Het is niet in geschil dat [appellant] de doos daar verkeerd heeft aangeboden door hem naast de container te zetten. [appellant] voert aan dat het college hem ten onrechte een boete heeft opgelegd voor het verkeerd aanbieden van de doos. Hij stelt dat er van 31 augustus 2020 tot en met 8 oktober 2020 geen huisvuil werd opgehaald in zijn straat vanwege werkzaamheden en dat hij daarom gedwongen was om naar het Nassauplein te gaan om daar zijn huisvuil weg te gooien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2073
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202102346/1/R4

202102539/1/A2

Bij uitspraak van 23 december 2020, in zaak nr. 201909385/1/A2, heeft de Afdeling het door [appellant] ingestelde hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van 20 december 2019 in zaak nr. 18/3422 ongegrond verklaard en de uitspraak bevestigd. [appellant] is eigenaar van het perceel aan de [locatie] te Schagerbrug. Op 13 februari 2017 heeft hij het college verzocht om een tegemoetkoming in de planschade die hij stelt te hebben geleden door de inwerkingtreding van het bij raadsbesluit van 29 mei 2012 vastgestelde bestemmingsplan Dorpen langs de Groote Sloot (hierna: het nieuwe bestemmingsplan). Aan de aanvraag heeft hij ten grondslag gelegd dat de bebouwingsmogelijkheden van het perceel in het nieuwe bestemmingsplan zijn vervallen of beperkt en dat dit tot een waardevermindering van het perceel heeft geleid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2059
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Herziening
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202102539/1/A2

202102587/1/R4

Bij besluit van 10 februari 2021 met kenmerk 4343880 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam zijn beslissing om op 30 januari 2021 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Rotterdam 2009 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 125,00, voor rekening van [appellante] komen. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van twee platgemaakte dozen die op 30 januari 2021 tegelijkertijd zijn aangetroffen naast een ondergrondse papiercontainer ter hoogte van de Noorderhavenkade 106 in Rotterdam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de dozen verkeerd heeft aangeboden, omdat haar naam en adres op de adreslabels op de dozen staan. [appellante] betwist niet dat de twee dozen van haar afkomstig zijn, maar stelt dat zij deze dozen in de papiercontainer heeft gedaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2076
Datum uitspraak
15 september 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202102587/1/R4

202101013/2/R2

Bij besluit van 14 december 2020 heeft de raad van de gemeente Heeze-Leende het bestemmingsplan "Gymzaal De Weibossen" vastgesteld. Het plan maakt het mogelijk dat binnen het sportpark De Weibossen, aansluitend aan het gebouw van de handboogvereniging, een nieuwe gymzaal wordt gerealiseerd. Deze gymzaal dient ter vervanging van twee elders bestaande gymzalen en zal overdag gebruikt gaan worden voor de leerlingen van twee basisscholen. De beoogde gymzaal grenst aan een bestaand P+R parkeerterrein, dat deel uitmaakt van het plan. Het verkeer van en naar dat parkeerterrein ten behoeve van de sportvoorziening verloopt via een inrit die in de nabijheid van het perceel van [verzoeker] is gelegen. [verzoeker] vreest voor de verkeersaantrekkende werking van de gymzaal en de geluid- en lichtoverlast die daarmee mogelijk gepaard gaat. Hij heeft verzocht een voorziening te treffen die ertoe strekt dat het besluit wordt geschorst totdat er in de bodemprocedure uitspraak is gedaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2047
Datum uitspraak
14 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202101013/2/R2

202101640/4/R3

Bij besluit van 21 januari 2021 heeft de raad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam het bestemmingsplan "IJzergieterij" vastgesteld. Het plan voorziet onder andere in de bouw van 150 woningen, dienstverlening tot een maximum van 430 m2 en horeca tot een maximum van 140 m2. Het plangebied was voorheen in gebruik als bedrijventerrein. [verzoeker] en anderen wonen in het plangebied of in de omgeving van het plangebied. Zij verzetten zich tegen de voorziene woningen en voorzieningen in het plangebied en vrezen vooral voor bodemverontreiniging, wateroverlast en verkeersoverlast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2049
Datum uitspraak
14 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202101640/4/R3

202103195/2/R3

Bij besluit van 30 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haaksbergen het wijzigingsplan "Bestemmingsplan Haaksbergen-Dorp, uitbreidingslocatie De Veldmaat, wijziging locatie de Eik" vastgesteld. Het wijzigingsplan heeft betrekking op een onbebouwd agrarisch perceel aan De Eik-Landweg, in het noordoosten van Haaksbergen. Het voorziet in een woonbuurt met maximaal 25 woningen en bijbehorende voorzieningen, waaronder een waterberging. In het bestemmingsplan "Haaksbergen-Dorp Uitbreidingslocatie De Veldmaat" van 7 juli 2010 zijn de wijzigingsbevoegdheden opgenomen die ten grondslag liggen aan de vaststelling van het wijzigingsplan. De gronden die in het plan van 7 juli 2010 de aanduiding "wro-zone-wijzigingsgebied 2" hebben zijn geheel opgenomen in het wijzigingsplan. De gronden die in het plan van 7 juli 2010 zijn aangeduid als "wro-zone-wijzigingsgebied 1" zijn voor een klein deel opgenomen in het wijzigingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2048
Datum uitspraak
14 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202103195/2/R3

202104685/2/R3

Bij besluit van 24 maart 2016 heeft de raad van de gemeente Den Haag het bestemmingsplan "Forepark-Rhône" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de vestiging van grootschalige detailhandel in sportartikelen met bijbehorende "try & buy" op de zogeheten Rijkswaterstaatkavel aan de Rhône op het bedrijventerrein Forepark in Den Haag. Het college wil dat de Afdeling de planregels die dit mogelijk maken, vernietigt. Het gaat om de in de volgende overweging genoemde planregels. Het college betoogt dat deze planregels in strijd zijn met artikel 2.1.4 van de Verordening Ruimte 2014 (hierna: de Verordening), waarin staat dat een bestemmingsplan uitsluitend voorziet in nieuwe detailhandel binnen centra van steden, dorpen en wijken. Om te voorkomen dat een omgevingsvergunning wordt verleend op grond van de planregels, heeft het college een verzoek ingediend om de hierna genoemde planregels hangende de bodemprocedure te schorsen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2050
Datum uitspraak
14 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202104685/2/R3

202104758/1/V3

Bij besluit van 18 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2052
Datum uitspraak
14 september 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104758/1/V3

202003297/1/R2

Bij besluit van 14 april 2020 heeft de raad van de gemeente Peel en Maas het bestemmingsplan "Zanksböske Maasbree" vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:3045
Datum uitspraak
14 september 2021
  • Mondelinge uitspraak
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202003297/1/R2

202003840/3/R1

Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 22 juli 2021, hebben [verzoeker] en anderen verzocht om wraking van mr. F.C.M.A. Michiels als lid van de enkelvoudige kamer belast met de behandeling van de zaak nr. 202003840/1/R1.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2051
Datum uitspraak
14 september 2021
  • Wraking
  • RO - Overige
  • uitspraakin de zaak202003840/3/R1

202004427/5/R1

Verzoekers hebben verzocht om wraking van staatsraad B.P.M. van Ravels als lid van de Afdeling belast met de behandeling van de zaak nr. 202004427/1/R1. [verzoekers] hebben aan hun verzoek, samengevat weergegeven, ten grondslag gelegd dat als gevolg van de gang van zaken op de zitting van 18 augustus 2021 de staatsraad bij hen de indruk heeft gewekt partijdig en vooringenomen te zijn. Zij voeren hierover aan dat de staatsraad hun gemachtigde niet op dezelfde wijze heeft bejegend als de andere partijen. Zo heeft de staatsraad hem - en volgens hen ten onrechte - het verwijt gemaakt dat hij het aanvullend beroepschrift kort voor de zitting heeft ingediend. Bovendien werd de gemachtigde daarbij meermalen door de staatsraad onderbroken met volgens hen niet ter zake doende vragen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2043
Datum uitspraak
13 september 2021
  • Wraking
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202004427/5/R1

202100961/1/V3

Bij besluit van 21 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een visum voor kort verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2042
Datum uitspraak
10 september 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202100961/1/V3

202006331/1/V2

Bij besluit van 25 oktober 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2038
Datum uitspraak
9 september 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202006331/1/V2

202105580/2/V2

Bij besluit van 13 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2037
Datum uitspraak
9 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105580/2/V2

202105853/2/V2

Bij besluit van 27 oktober 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2041
Datum uitspraak
9 september 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105853/2/V2

202105196/2/A3

De minister van Buitenlandse Zaken heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen die ertoe strekt dat de minister geen nader besluit hoeft te nemen totdat op zijn hoger beroep is beslist.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:2053
Datum uitspraak
9 september 2021
  • Mondelinge uitspraak
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202105196/2/A3

202101576/1/V3

Bij besluit van 9 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten (hierna: het terugkeerbesluit).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1997
Datum uitspraak
8 september 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202101576/1/V3
vorige pagina1...187188189...1.206volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Digitaal procederen
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon