Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.756
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202002150/1/R4

Bij besluit van 9 januari 2020 heeft de raad van de gemeente Putten het bestemmingsplan "Kom West, herziening Wallenbergstraat" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in twee appartementengebouwen aan de Wallenbergstraat in Putten. Het plangebied is gedeeltelijk in gebruik als speelveld. De appartementengebouwen zijn bedoeld voor maximaal 26 sociale huurwoningen. Woningstichting Putten is de initiatiefnemer van de woningbouw. [appellant sub 2] en [appellant sub 1] zijn omwonenden en zij kunnen zich niet verenigen met de voorziene appartementengebouwen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2424
Datum uitspraak
14 oktober 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202002150/1/R4

202002997/1/R1 en 202002997/2/R1

Bij besluit van 23 april 2020 heeft de raad van de gemeente Haarlem het bestemmingsplan "Sporthal Sportweg" vastgesteld. Het plan maakt een nieuwe sporthal aan de Sportlaan in Haarlem mogelijk. De nieuwe sporthal zal gebruikt worden voor het bewegingsonderwijs van de naastgelegen school Het Schoter. Ook zal de volleybalclub VC Spaarnestad gebruik gaan maken van de hal. Momenteel wordt een tijdelijke sporthal gebruikt voor het bewegingsonderwijs van de school en maakt de volleybalclub gebruik van de Beijneshal, die in 2021 gesloopt zal worden. [appellant sub 1] woont in het appartementencomplex Parksight aan de [locatie 1] ten noorden van het plangebied. [appellant sub 2] woont aan de [locatie 2]. De kern van hun bezwaar is dat de raad de gevolgen van het plan voor de parkeerdruk en de verkeersontwikkeling in hun woonomgeving onvoldoende onder ogen heeft gezien, met name tijdens evenementen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2406
Datum uitspraak
13 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202002997/1/R1 en 202002997/2/R1

202004222/2/R1

Bij besluit van 30 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Blaricum het bestemmingsplan "Blaricum Dorp, herziening 2020" vastgesteld. De raad heeft het bestreden bestemmingsplan vastgesteld naar aanleiding van de uitspraak van de Afdeling van 8 mei 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1496 over het bestemmingsplan "Blaricum Dorp 2018". Bij deze uitspraak heeft de Afdeling onder meer een plandeel met de bestemming "Tuin" voor het noordelijke deel van het perceel [locatie 2] vernietigd. Naar het oordeel van de Afdeling had de raad zich ten onrechte niet op de hoogte heeft gesteld van de feitelijke omstandigheden ter plaatse van [locatie 2] noch had hij inzichtelijk gemaakt waarom de strook vanaf de noordzijde van de woning in een rechte lijn tot aan de straat als "Tuin" is bestemd. [verzoeker] heeft een mechanisatiebedrijf aan de [locatie 1]. Hij verzet zich onder meer tegen de wederom toegelaten mogelijkheid om het noordelijke deel van het perceel [locatie 2] als tuin te gebruiken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2407
Datum uitspraak
13 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202004222/2/R1

201709948/1/V1

Bij besluit van 12 juli 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2410
Datum uitspraak
12 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201709948/1/V1

201907273/1/V1

Bij besluit van 1 augustus 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2411
Datum uitspraak
12 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201907273/1/V1

202003287/1/V1

Bij besluit van 20 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2408
Datum uitspraak
12 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202003287/1/V1

202004749/2/R3

Bij besluit van 22 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Loppersum aan Rodin Broadband Groningen B.V. een omgevingsvergunning onder voorschriften verleend voor het plaatsen van een antennemast ten behoeve van het project "Snel Internet Groningen" op een perceel ten zuiden van de ijsbaan te Stedum, ongenummerd, kadastraal bekend gemeente Stedum, sectie E, nummer 1408. Rodin wil een antennemast realiseren van 40 m hoog. De antennemast is ten behoeve van het Project Snel Internet Groningen. De antennemast is in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan omdat de maximale hoogte voor bouwwerken, zoals volgt uit het ter plaatse geldende bestemmingsplan, wordt overschreden. De antennemast is verder in strijd met de op de locatie rustende bestemming "Sport". Om het plaatsen van de antennemast mogelijk te maken heeft het college met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 2° van de Wabo een omgevingsvergunning verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2405
Datum uitspraak
12 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202004749/2/R3

202005111/2/V2

Bij besluit van 11 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2409
Datum uitspraak
12 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005111/2/V2

201904973/1/V3

Bij besluit van 28 juni 2016 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en tegen hem een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2404
Datum uitspraak
9 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak201904973/1/V3

202003598/2/A3

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 20 mei 2020 in zaak nr. 19/1399.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2394
Datum uitspraak
9 oktober 2020
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202003598/2/A3

202001257/1/V3

Bij besluit van 15 januari 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en ambtshalve geweigerd hem krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2397
Datum uitspraak
8 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202001257/1/V3

202001931/1/V2

Bij besluit van 14 december 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2398
Datum uitspraak
8 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202001931/1/V2

202002775/1/V2

Bij besluit van 28 november 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2399
Datum uitspraak
8 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202002775/1/V2

202004485/2/R3

Bij besluit van 23 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Midden-Delfland het exploitatieplan "Centrumplan Den Hoorn 2020" vastgesteld. Dit exploitatieplan behoort bij het bestemmingsplan "Centrumplan Den Hoorn 2016". Het bestemmingsplan voorziet in de realisatie van een supermarkt en woningen in het centrum van Den Hoorn. Met het exploitatieplan beoogt de raad te voorzien in het verhaal van kosten van grondexploitatie met betrekking tot de uitvoering van het bestemmingsplan. Plus en anderen zijn eigenaren en verhuurders van winkels in de omgeving van het exploitatieplangebied. Zij kunnen zich niet verenigen met het exploitatieplan. Zij voeren onder andere aan dat het exploitatieplan in strijd met de regels voor staatssteun is vastgesteld met als gevolg dat hun concurrenten en initiatiefnemers van het plan, Waaijer/Jumbo, economische voordelen genieten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2393
Datum uitspraak
8 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202004485/2/R3

202004750/1/V3

Bij besluit van 12 augustus 2020 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2400
Datum uitspraak
8 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202004750/1/V3

202005077/1/V2 en 202005077/2/V2

Bij besluit van 13 mei 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2396
Datum uitspraak
8 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005077/1/V2 en 202005077/2/V2

202005394/2/V2

Bij besluit van 8 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2403
Datum uitspraak
8 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005394/2/V2

202003010/4/R4

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 10 april 2020 van de rechtbank. Bij besluit van 23 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van West Betuwe een last onder dwangsom opgelegd aan [verzoeker sub 1]. Dit besluit is een besluit als bedoeld in artikel 6:19, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. [verzoeker sub 1] en [verzoeker sub 2] hebben de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De verzoeken richten zich tegen het besluit van 23 juli 2020.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2446
Datum uitspraak
8 oktober 2020
  • Mondelinge uitspraak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003010/4/R4

202004339/3/A3

De burgemeester van Nissewaard heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam van 22 juli 2020 in zaak nr. 20/1036 20/478. Hij heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling tevens verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Het gaat in deze zaak om de weigering van de burgemeester om aan [wederpartij A] en [wederpartij B] een exploitatievergunning te verlenen voor een commerciële horecaonderneming gevestigd aan de [locatie] in Spijkenisse.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2395
Datum uitspraak
8 oktober 2020
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202004339/3/A3

202002399/1/V1

Bij besluit van 3 december 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2835
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202002399/1/V1

202002768/2/R1

Bij besluit van 13 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sluis aan Beach Resort Nieuwvliet B.V. een omgevingsvergunning voor het bouwen van een strandbrug en het treffen van natuurmaatregelen verleend. Het besluit maakt de bouw van een strandbrug mogelijk. De strandbrug zal het Beach Resort Nieuwvliet-Bad verbinden met het Noordzeestrand aan de andere zijde van de zeewering. De strandbrug wordt gerealiseerd in combinatie met natuurmaatregelen. Die maatregelen zien op het vergroten van de geul, het verruimen van de zandrug voor kustbroedvogels en het ontgraven van het geulenstelsel. De rechtbank heeft het beroep van [verzoekster] niet-ontvankelijk verklaard, omdat zij geen eigen en persoonlijk belang heeft waarmee zij zich onderscheidt van veel andere bewoners van vakantiehuizen op meer dan 350 meter afstand van de strandbrug. [verzoekster] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat zij wel een rechtstreeks betrokken belang bij de omgevingsvergunning heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2342
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202002768/2/R1

202003832/1/V1

De vreemdeling heeft tegen het uitblijven van een besluit op zijn aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel te verlenen beroep ingesteld bij de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2357
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202003832/1/V1

202004554/2/R1

Bij besluit van 7 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Enkhuizen de aanvraag van 6 december 2018 van De Elsenburg om een omgevingsvergunning beperkte milieutoets voor het oprichten van een geitenhouderij aan de Elsenburg 21E te Enkhuizen buiten behandeling gesteld. In het geschil in hoger beroep staat de vraag centraal of de rechtbank terecht heeft overwogen dat het college er bij de beoordeling van de aanvraag van had moeten uitgaan dat De Elsenburg over een zodanig oppervlak aan gronden zal kunnen beschikken dat sprake zal zijn van een grondgebonden agrarisch bedrijf in de zin van het bestemmingsplan. Het verzoek strekt ertoe dat bij wijze van voorlopige voorziening wordt bepaald dat het college in afwachting van de uitspraak op het ingestelde hoger beroep geen uitvoering hoeft te geven aan de opdracht in de aangevallen uitspraak om binnen zes weken na de uitspraak een nieuw besluit op bezwaar te nemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2343
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202004554/2/R1

202004624/2/R1

Bij besluit van 2 juli 2020 heeft de raad van de gemeente Zaanstad het bestemmingsplan "Houthavenkade" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de bouw van maximaal 710 woningen mogelijk op locatie Houthavenkade in Zaandam. Deze woningbouw is voorzien op 150 meter van de hoofdvestiging van Exter. In de bestaande situatie staat de aangesloten woonbebouwing op 300 meter van deze hoofdvestiging. Exter produceert smaakstoffen en smaakmakers voor de voedingsmiddelenindustrie, waarbij met name geur een belangrijk milieuaspect is van haar inrichting. Zij voert aan dat de raad onvoldoende rekening heeft gehouden met haar belangen bij de vaststelling van het bestemmingsplan. Volgens Exter staat de voorziene woningbouw aan een voorgenomen wijziging van haar productiemethoden en uitbreiding van haar productievolumes in de weg, terwijl die in de bestaande situatie wel zonder meer aan haar kunnen worden vergund.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2344
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202004624/2/R1

201803268/3/R2

Bij uitspraak, onderscheidenlijk tussenuitspraak van 13 november 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3857, (hierna: de tussenuitspraak) heeft de Afdeling de raad van de gemeente Drimmelen opgedragen om binnen 20 weken na de verzending van deze uitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 1 februari 2018 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Buitengebied, Veegplan 1" te herstellen. In het beroep van [appellanten sub 1] heeft de Afdeling in 14.4 van de tussenuitspraak geoordeeld dat het besluit van 1 februari 2018 niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid. De Afdeling heeft daartoe over de als ondergeschikte nevenactiviteit op het perceel [locatie 1] toegestane minicamping overwogen dat, anders dan de raad wil, in de planregels niet is geregeld dat de bij recht toegestane ondersteunende horeca binnen de bestaande gebouwen ter plaatse van de aanduiding "bouwvlak" moet plaatsvinden en er ook geen nieuwe gebouwen voor ondersteunende horeca binnen en buiten het bouwvlak mogen worden opgericht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2364
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201803268/3/R2

201805705/1/A1

Bij besluit van 30 mei 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant vastgesteld dat op de locatie [locatie 1] te Vught een geval van ernstige bodemverontreiniging in de grond en het grondwater aanwezig is, waarvan spoedige sanering noodzakelijk is vanwege de risico’s voor mens, plant en dier, alsook verspreidingsrisico’s. Het college heeft daarom bepaald dat binnen vier jaar moet worden begonnen met de sanering en dat binnen drie jaar een saneringsplan ter goedkeuring moet worden voorgelegd. Op de percelen en perceelgedeelten binnen de interventiewaardencontour heeft het college gebruiksbeperkingen van toepassing verklaard. Ook heeft het college tijdelijke beveiligingsmaatregelen van toepassing verklaard op de [locatie 1] te Vught. Volgens het bestreden besluit was op het perceel [locatie 1] te Vught van ongeveer 1950 tot 1970 wasserij Ideaal gevestigd waar werd gewerkt met trichlooretheen en tetrachlooretheen (PER).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2389
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak201805705/1/A1

201807314/3/R3

Bij tussenuitspraak van 29 januari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:299 heeft de Afdeling de raad van de gemeente Goeree-Overflakkee opgedragen binnen 20 weken na de verzending van deze tussenuitspraak de daar omschreven gebreken in het besluit van de raad van de gemeente Goeree-Overflakkee van 12 juli 2018 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Hazersweg 25, Ouddorp" te herstellen. De Afdeling heeft in de tussenuitspraak overwogen dat de voorziene woningen aan de Havenweg volgens de plantoelichting worden gerealiseerd in een lintstructuur. In de zienswijzennota is vermeld dat bij lintbebouwing de achterzijde ervan direct contact met het landschap heeft, terwijl de woningen aan de Havenweg aan de achterzijde ervan grenzen aan de appartementen en aan de grondgebonden woningen. De Afdeling heeft daarom geoordeeld dat de raad niet deugdelijk heeft gemotiveerd waarom met de toevoeging van de woningen aan de Havenweg geen afbreuk wordt gedaan aan de lintstructuur als karakteristiek van het gebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2370
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak201807314/3/R3

201809237/2/R3

Bij tussenuitspraak van 8 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1004, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Oldenzaal opgedragen om binnen 16 weken na verzending van de tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van de raad van de gemeente Oldenzaal van 24 september 2018 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Prins Bernhardstraat 2" te herstellen. In de tussenuitspraak heeft de Afdeling onder 9.2. overwogen dat de raad voor het bepalen van de parkeerbehoefte heeft aangesloten bij de parkeernormen in de CROW-publicatie nr. 317 "kencijfers parkeren en verkeersgeneratie". Verder staat in die rechtsoverweging dat de raad is uitgegaan van de hoofdcategorie "gezondheidszorg en (sociale) voorzieningen" en de functie "verpleeg- en verzorgingshuis", waarvoor een norm geldt van 0,5 tot 0,7 parkeerplaatsen per wooneenheid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2369
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak201809237/2/R3

201809634/2/R3

Bij tussenuitspraak van 8 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1029 (hierna: de tussenuitspraak), heeft de Afdeling de raad van de gemeente Den Haag opgedragen om binnen 26 weken na verzending van de tussenuitspraak het daar omschreven gebrek in het besluit van de raad van de gemeente Den Haag van 20 september 2018 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Bezuidenhout, 1e herziening" te herstellen. In de tussenuitspraak is onder 7.2 overwogen dat de raad ter zitting te kennen heeft gegeven dat hij heeft beoogd vast te leggen dat alle ruimtelijke ontwikkelingen binnen de bestemmingen "Wonen - 1", "Wonen - 2" en "Kantoor" waarvoor een omgevingsvergunning voor de activiteit bouw is vereist, moeten worden getoetst aan de aangepaste nota parkeernormen 2016, tenzij sprake is van de uitbreiding van een bestaande woning zoals omschreven in de aangepaste nota parkeernormen 2016. In dat geval hoeft niet aan de nota parkeernormen te worden getoetst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2367
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak201809634/2/R3

201902223/1/R2

Bij besluit van 31 januari 2019 heeft de raad van de gemeente Bernheze het bestemmingsplan "Bergakkers 3, Vorstenbosch" vastgesteld. [appellante] betoogt dat de raad ten onrechte geen nader onderzoek heeft verricht naar de risico’s die de realisatie van de nieuwbouwwijk in de omgeving van haar geitenhouderij met zich brengt voor de gezondheid van de toekomstige bewoners van de voorziene woningen. Daarbij heeft [appellante] specifiek gewezen op de onderzoeken "Veehouderij en gezondheid omwonenden II" en "Veehouderij en gezondheid omwonenden III" van het RIVM uit 2017 respectievelijk 2018 en op het onderzoek "Gezondheidsrisico’s rond veehouderijen: vervolgadvies" van de Gezondheidsraad van 14 februari 2018, waaruit blijkt dat omwonenden binnen een straal van 2 km van een geitenhouderij verhoogd risico hebben op longontsteking.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2391
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201902223/1/R2

201903080/1/R3

Bij besluit van 25 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zwolle aan Woningstichting Openbaar Belang omgevingsvergunning verleend voor het renoveren van 60 appartementen op het perceel Assendorperdijk 180 t/m 298 (even) te Zwolle. De Woningstichting is eigenaar van het appartementencomplex op het perceel. Het complex, met een bouwhoogte van 13,5 m, bestaat uit drie verdiepingen met een schuin dak. De in deze procedure aan de orde zijnde omgevingsvergunning is verleend voor de renovatie van het appartementencomplex. Deze renovatie bestaat uit het plegen van groot onderhoud, het verwijderen van asbest en het aanbrengen van energetische verbeteringen. Deze verbeteringen bestaan uit werkzaamheden aan het dak, het buitenspouwblad, de balkons, de dakgoten en de kozijnen. [appellant] huurt in het appartementencomplex sinds 1 mei 1993 een hoekappartement op de derde etage en een deel van de zolderverdieping. Hij is het niet eens met de vergunningverlening.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2375
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak201903080/1/R3

201903186/1/A2

Bij besluit van 28 juni 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht Car Service een tegemoetkoming in planschade van € 62.268,00 toegekend en Oto Com een tegemoetkoming in planschade van € 16.887,34. Het geschil tussen partijen gaat over de hoogte van de toegekende tegemoetkomingen in planschade.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2382
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201903186/1/A2

201903599/1/R2

Bij besluit van 17 maart 2016 is aan Windpark Den Tol Exploitatie B.V. voor dertien diersoorten ontheffing verleend van het verbod om die dieren te doden en te verwonden. Windpark Den Tol wil een windmolenpark bouwen ten oosten van het dorp Netterden en ten noorden van het Natura 2000-gebied "Unterer Niederrhein" in Duitsland. Van dit Natura 2000-gebied is Hetter-Millingerbrug een deelgebied (ook wel "De Hetter" genoemd). Dit gebied ligt direct ten zuiden van het windpark. Bij besluit van 11 oktober 2018 op de bezwaren van NABU, TegenWind en Windpark Den Tol heeft de minister aan Windpark Den Tol voor 99 diersoorten een ontheffing verleend van het verbod om die dieren te doden en te verwonden. Dit besluit is door de rechtbank op 9 april 2019 vernietigd. Bij besluit van 18 juni 2019 heeft de minister naar aanleiding van de vernietiging door de rechtbank een nieuw besluit genomen waarin de minister, kort gezegd, heeft beoogd de motivering van de ontheffing te verbeteren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2384
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak201903599/1/R2

201904166/2/A3

Bij tussenuitspraak van 20 mei 2020 (ECLI:NL:RVS:2020:1246) heeft de Afdeling het college opgedragen binnen vier weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken te herstellen. In de tussenuitspraak heeft de Afdeling overwogen dat het college alsnog moet beoordelen of het de gevraagde vergunning, mede in het licht van de uitspraak van de Afdeling van 27 februari 2019, met terugwerkende kracht tot 12 augustus 2016 had moeten verlenen of, indien het college van oordeel is dat daartoe geen aanleiding bestaat, dat oordeel voldoende draagkrachtig motiveren. Het college is niet bereid om [appellant] met terugwerkende kracht de gevraagde vergunning te verlenen. Het college vindt dat het mede door de door [appellant] gegeven informatie mocht uitgaan van het feit dat zijn schip geen volwaardig rondvaartschip was en dat hij daarom niet in aanmerking kwam voor een vergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2390
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak201904166/2/A3

201904263/1/R2, 201904264/1/R2, 201904265/1/R2, 201905680/1/R2 en 202000556/1/R2

[appellant A] en anderen hebben het college van burgemeester en wethouders van Tholen bij brieven van 9 mei 2018 en 14 mei 2018 verzocht om handhavend op te treden tegen het gebruik van een vrijstaande woning gelegen aan de [locatie] te Poortvliet voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Bij besluiten van 18 september 2018 heeft het college de handhavingsverzoeken afgewezen. [appellant A] en anderen wonen in de directe nabijheid van de woning, gelegen aan de [locatie] te Poortvliet. Deze woning wordt door de eigenaar, [belanghebbende], verhuurd aan Green Talent, een uitzendorganisatie gericht op Poolse werknemers. Green Talent heeft de woning onderverhuurd aan arbeidsmigranten. [appellant A] en anderen hebben het college verzocht om handhavend op te treden, omdat zij geluids- en parkeeroverlast ondervinden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2383
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201904263/1/R2, 201904264/1/R2, 201904265/1/R2, 201905680/1/R2 en 202000556/1/R2

201904372/1/R3

Bij besluit van 23 april 2019 heeft de raad van de gemeente Ooststellingwerf het bestemmingsplan "Oosterwolde - Dertien Aprilstraat" vastgesteld. Het plangebied bevindt zich in de kern Oosterwolde en wordt begrensd door de Dertien Aprilstraat aan de noordzijde en de Snellingerdijk aan de westzijde. Met dit plan wordt het mogelijk om de bestaande Lidl supermarkt te verplaatsen naar de locatie aan de Dertien Aprilstraat te Oosterwolde. Op grond van artikel 3, lid 3.4, aanhef en onder c en d, van de planregels bedraagt het maximaal toegestane oppervlak van de supermarkt 2.235 m² bedrijfsvloeroppervlak en het maximaal toegestane oppervlak van de detailhandel niet zijnde een supermarkt 235 m² bvo. Het plan maakt verder de realisatie van 44 zorgappartementen en 11 woonappartementen mogelijk. Adelaar Vastgoed III B.V. en anderen hebben beroep ingesteld. Zij betogen onder meer dat het plan in strijd met de ladder voor duurzame verstedelijking is vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2376
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak201904372/1/R3

201904799/1/R3

Bij besluit van 28 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Aa en Hunze geweigerd om aan Zorg Anders een omgevingsvergunning te verlenen voor het gebruik van de woning op het perceel Borckerveld 16 te Annen als woonlocatie voor een woongroep van maximaal vijf kinderen. Zorg Anders is een zorgonderneming die kleinschalige zorg aanbiedt aan kinderen die om uiteenlopende redenen niet meer bij hun ouders kunnen wonen. Op het perceel Borckerveld 16 te Annen staat een vrijstaande woning met zes slaapkamers. Zorg Anders huurt deze woning sinds 1 maart 2017. Zij heeft de woning op 11 maart 2017 in gebruik genomen. In de woning worden maximaal vijf kinderen tussen zes en dertien jaar gehuisvest. De kinderen worden overdag begeleid door twee, soms drie begeleiders en 's nachts door één begeleider. De begeleiders wonen hier niet. Zorg Anders kan zich met deze afwijzing niet verenigen. Volgens haar past het gebruik in het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2385
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak201904799/1/R3

201906076/1/A2

Bij besluit van 10 augustus 2017 heeft het CBR [appellant] ongeschikt verklaard voor het besturen van motorrijtuigen van de rijbewijscategorie B. Bij besluit van 13 juni 2016 heeft het CBR het rijbewijs van [appellant] vanaf 20 juni 2016 ongeldig verklaard, omdat [appellant] wegens misbruik van drugs ongeschikt is voor het besturen van een of meer categorieën motorrijtuigen. Dit besluit is door de uitspraak van de Afdeling van 22 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:456, in rechte onaantastbaar geworden. Bij het besluit van 10 augustus 2017 heeft het CBR geweigerd aan [appellant] een verklaring van geschiktheid af te geven. Aan dit besluit ligt ten grondslag dat de keurend psychiater bij [appellant] de diagnose cannabismisbruik heeft gesteld. [appellant] gebruikt medicinale cannabis, het middel Bedrocan, ter behandeling van de aandoeningen ADHD en PDD-NOS.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2379
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak201906076/1/A2

201906165/1/A3

Bij besluit van 29 oktober 2018 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een verzoek van RTL Nieuws om openbaarmaking op grond van de Wet openbaarheid van bestuur gedeeltelijk toegewezen. RTL Nieuws heeft bij brief van 8 september 2016 een Wob-verzoek ingediend bij de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit. Met dat verzoek, zoals nader gespecificeerd, heeft RTL Nieuws verzocht om informatie over het toezicht van de NVWA op bedrijven op het gebied van dierenwelzijn vanaf 1 januari 2015. Daartoe heeft RTL Nieuws meer specifiek per bedrijf en per locatie verzocht om inspectierapporten, waaronder boeterapporten, en de daarbij opgenomen kwalificaties zoals ‘verscherpt toezicht’ en ‘notoire overtreder’.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2361
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak201906165/1/A3

201906551/1/R1

Bij besluit van 9 april 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Aalsmeer een last onder dwangsom opgelegd aan Wille Vastgoed om een botenhuis ter hoogte van en parallel aan de woonark bekend als Uiterweg 377 ws4 te Aalsmeer te verwijderen en verwijderd te houden. Op 14 februari 2018 is door een toezichthouder van de gemeente geconstateerd dat het botenhuis niet was verwijderd. Nu ter plaatse van dit perceel zonder omgevingsvergunning en in strijd met het geldende bestemmingsplan door Wille Vastgoed een botenhuis is gerealiseerd en in stand wordt gehouden, heeft het college Wille Vastgoed gelast om het botenhuis te verwijderen. Op 15 februari 2019 heeft een toezichthouder van de gemeente geconstateerd dat de overtreding nog steeds niet ongedaan was gemaakt, hetgeen voor het college aanleiding is geweest tot het nemen van een invorderingsbesluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2377
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201906551/1/R1

201906672/1/R1

Bij brief van 6 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Montfoort het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden tegen het gebruik van rubbergranulaat van vermalen vrachtwagenbanden als infill voor kunstgrasvelden op sportpark Hofland in Montfoort, afgewezen. [appellante] heeft het college op 30 september 2018 verzocht om handhavend op te treden wegens het gebruik van rubbergranulaat van vermalen vrachtwagenbanden als infill voor drie nieuwe kunstgrasvelden op sportpark Hofland aan de Bovenkerkweg 76-82 in Montfoort. Dit is volgens haar in strijd met artikel 13 van de Wet bodembescherming. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat er geen vermoeden is van een verontreiniging of aantasting van de bodem ter plaatse, zodat artikel 13 van de Wbb niet wordt overtreden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2365
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak201906672/1/R1

201907228/1/A2

Bij besluit van 24 november 2017 heeft het CBR [appellant] niet rijgeschikt verklaard voor de rijbewijscategorieën C, CE, D, DE. [appellant] heeft een aanvraag ingediend voor een verklaring van geschiktheid voor het besturen van motorrijtuigen van de categorieën B, BE, C, CE, D en DE. Het CBR heeft een verklaring van geschiktheid met voorwaarden voor rijbewijzen van de categorieën B en BE afgegeven aan [appellant]. Bij afzonderlijk besluit van 24 november 2017 heeft het CBR geweigerd aan [appellant] een verklaring van geschiktheid af te geven voor rijbewijzen van de categorieën C, CE, D en DE. Aan deze weigering heeft het CBR ten grondslag gelegd dat bij [appellant] sprake is van een met de rijgeschiktheid interfererende functiestoornis, omdat sprake is van functieverlies van de benen ten gevolge van een partiële dwarslaesie waardoor hij een motorvoertuig alleen met handbediening kan besturen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2388
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak201907228/1/A2

201907582/1/A3

Bij besluit van 1 april 2015 heeft de burgemeester van Haarlem een aanvraag van [appellant] om hem ten behoeve van een snackbar aan de [locatie] te Haarlem ontheffing van de sluitingstijden te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 10 januari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:31, heeft de Afdeling het hoger beroep van [appellant] tegen de uitspraak van de rechtbank van 11 april 2016 gegrond verklaard, die uitspraak vernietigd en het besluit van 19 augustus 2015 op het bezwaar van [appellant] tegen het besluit van 1 april 2015 vernietigd. Vervolgens heeft de Afdeling bij uitspraak van 31 juli 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2621, het beroep van [appellant] gegrond verklaard, het besluit van de burgemeester van 10 juli 2018 vernietigd en de burgemeester opgedragen om binnen vier weken na de verzending van de uitspraak met inachtneming van hetgeen daarin is overwogen een nieuw besluit op bezwaar te nemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2372
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak201907582/1/A3

201907627/1/A2

Bij besluit van 23 april 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Harlingen de boerderij aan de [locatie] in Wijnaldum aangewezen als gemeentelijk monument. De boerderij aan de [locatie] in Wijnaldum is een ‘kop-hals-rompboerderij’ (hierna: de boerderij), gebouwd in 1876. [appellant] drijft daar een agrarisch bedrijf dat zich toelegt op de teelt van onder meer aardappels, overige wortel- en knolgewassen, granen en de opslag in koelhuizen. [appellant] heeft twee maten, [vader], eigenaar van de boerderij, en [zoon], die daar woont. Het college heeft het voornemen om de boerderij als gemeentelijk monument aan te wijzen aan [appellant] kenbaar gemaakt. [appellant] heeft een zienswijze ingediend. Het college heeft de boerderij aangewezen als gemeentelijk monument, onder verwijzing naar de lijst met panden en objecten waarover de monumentencommissie een positief advies heeft uitgebracht, de 16 punten die op het scoreformulier aan de boerderij zijn toegekend en de redengevende omschrijving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2387
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Monumenten
  • uitspraakin de zaak201907627/1/A2

201907783/1/A3

Bij besluit van 29 oktober 2018 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een verzoek van RTL Nieuws om openbaarmaking op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: de Wob) gedeeltelijk toegewezen. RTL Nieuws heeft bij brief van 8 september 2016 een Wob-verzoek ingediend bij de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit. Met dat verzoek, zoals nadere gespecificeerd, heeft RTL Nieuws verzocht om informatie over het toezicht van de NVWA op bedrijven op het gebied van dierenwelzijn vanaf 1 januari 2015. Daartoe heeft RTL Nieuws meer specifiek per bedrijf en per locatie verzocht om inspectierapporten, waaronder boeterapporten, en de daarbij opgenomen kwalificaties zoals ‘verscherpt toezicht’ en ‘notoire overtreder’.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2360
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak201907783/1/A3

201908496/1/R1

Bij besluit van 26 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heemstede het verzoek van [appellant] om preventief handhavend op te treden tegen het voorgenomen gebruik van het perceel Camplaan 40 te Heemstede (hierna: het perceel) als kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang, afgewezen. [appellant] woont op het perceel [locatie] dat grenst aan het perceel. Hij heeft het college verzocht handhavend op te treden tegen het voornemen van DKW om in het pand op het perceel een kinderdagverblijf en een bso te vestigen. Dit voornemen is volgens hem in strijd met het bestemmingsplan "Centrum en omgeving". Het college heeft het verzoek om preventief handhavend op te treden afgewezen, omdat een kinderdagverblijf en een bso op de begane grond van het pand op het perceel en het gebruik van de buitenruimte voor dat kinderdagverblijf en bso niet in strijd zijn met de voor het perceel geldende bestemming "Gemengd 8".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2373
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201908496/1/R1

201908508/1/R4

Bij besluit van 13 maart 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Voorst aan KS NL15 B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een zonnepark op het perceel Oude Zutphenseweg 3T te Klarenbeek. Vergunninghoudster heeft op 2 november 2018 een aanvraag om een omgevingsvergunning ingediend voor het realiseren van een zonnepark aan weerszijden van de Oude Zutphenseweg. De in dat verband te plaatsen zonnepanelen hebben een hoogte van 0,8 m tot 2,3 m. Rondom het terrein worden beplanting en een hekwerk met een hoogte van 2 m aangebracht. Op het terrein worden enkele omvormerstations gerealiseerd. Er wordt ook een uitweg aangelegd naar deze omvormerstations. [appellant] woont op het perceel [locatie] te Klarenbeek. Het voorziene zonnepark grenst gedeeltelijk aan zijn perceel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2378
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak201908508/1/R4

201908675/1/A3

Bij besluit van 18 juni 2018 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat besloten op het verzoek van [appellant] om openbaarmaking van documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur. De minister heeft besloten een deel van de gevraagde documenten openbaar te maken en een deel niet. [appellant] is redacteur bij NRC. Hij heeft verzocht om openbaarmaking van de documenten die zien op de betrokkenheid van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat bij de poging het hoofdkantoor van Unilever naar Nederland te halen. De minister heeft 207 documenten aangetroffen en een deel van die documenten openbaar gemaakt. De procedure bij de rechtbank zag op de openbaarmaking van de documenten op de lijst van de minister genummerd 143. Onder dat nummer viel een interne nota met belnotitie over de aanbieding van een bidbook aan Unilever, het bidbook en de bijbehorende coverletter. Aan de weigering van deze documenten of delen daarvan heeft de minister verschillende weigeringsgronden ten grondslag gelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2368
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak201908675/1/A3

201908727/1/R4

Bij besluit van 31 augustus 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hilversum aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het verbouwen van de panden op de percelen [locatie 1], [locatie 2] en [locatie 3] te Hilversum. De verleende omgevingsvergunning is een vergunning voor het bouwen van een bouwwerk en het gebruik van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. De panden waar het bouwplan op ziet, zijn onder meer als winkel- en kantoorruimte in gebruik en worden grotendeels verbouwd tot woningen/appartementen. Het bouwplan voorziet ook in een dakopbouw op het pand Gijsbrecht van Amstelstraat/Hortensiastraat. De begane grond van dat pand blijft in gebruik voor detailhandel. [appellante] woont op het nabijgelegen perceel [locatie 4]. Zij vreest voor aantasting van haar privacy vanwege zicht op haar woning en erf en vermindering van zonlicht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2380
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak201908727/1/R4

201908829/1/A3

Bij besluit van 30 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ede met terugwerkende kracht per 2 november 2018 de persoonslijst van [appellant] opgeschort, omdat zijn verblijfplaats onbekend was. [appellant] heeft tegen dat besluit bezwaar gemaakt. Het college heeft vervolgens geconcludeerd dat het onderzoek naar de verblijfplaats van [appellant] niet volledig was geweest en heeft in het besluit van 15 januari 2019 zijn besluit van 30 november 2018 daarom ingetrokken. In het besluit van 15 januari 2019, dat is gericht aan de gemachtigde van [appellant], is verder opgenomen: "Daarnaast zullen wij het onderzoeksdossier opnieuw openen en zullen wij uw cliënt benaderen voor meer informatie over zijn verblijfadres." [appellant] heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 15 januari 2019 voor zover daarin is opgenomen dat het onderzoeksdossier opnieuw zal worden geopend en dat hij zal worden benaderd voor meer informatie over zijn verblijfadres.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2366
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak201908829/1/A3

201909132/1/R4

Bij uitspraak van 28 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2915, heeft de Afdeling het door [appellant] tegen de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van 20 maart 2018 in zaken nrs. 17/1889 en 17/1897 ingestelde hoger beroep gegrond verklaard, die uitspraak gedeeltelijk vernietigd en het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Bernheze van 23 mei 2017 vernietigd, voor zover het college bij dat besluit heeft beslist op de bezwaren van [appellant]. Het college heeft bij besluit van 21 december 2016 aan Traject Heesch B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een kantoor met vier appartementen op het perceel ’t Dorp 13 te Heesch. [appellant] woont in de omgeving van het perceel. Hij wil niet dat de omgevingsvergunning wordt verleend, onder meer omdat hij parkeerhinder vreest.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2381
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak201909132/1/R4

201909281/1/V6

Bij besluit van 11 januari 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het Nederlanderschap van [appellante] ingetrokken. [appellante] heeft de Surinaamse nationaliteit. De staatssecretaris heeft aan de intrekking van het Nederlanderschap ten grondslag gelegd dat [appellante] bij het afleggen van de optieverklaring niet heeft vermeld dat er een procedure liep om haar verblijfsvergunning in te trekken. Hierdoor heeft zij volgens de staatssecretaris tijdens de optieprocedure een relevant feit verzwegen waarvan zij wist, althans redelijkerwijs kon vermoeden, dat dat van belang was voor de beoordeling van het optieverzoek. Indien ten tijde van het afleggen van de optieverklaring bij de burgemeester bekend zou zijn geweest dat er een voornemen bestond om haar verblijfsvergunning in te trekken, had de burgemeester de optieverklaring niet bevestigd. Immers zouden er dan volgens de staatssecretaris bedenkingen tegen haar toelating voor onbepaalde tijd in Nederland bestaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2392
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak201909281/1/V6

202000100/1/A3

Bij besluit van 26 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven het verzoek van [appellante] om wijziging van haar persoonsgegevens in de basisregistratie personen afgewezen. [appellante] staat in de brp ingeschreven als [naam], geboren op [geboortedatum] te [plaats]. Zij heeft het college verzocht om deze geboortedatum te wijzigen in [geboortedatum]. Volgens haar blijkt uit de geboorteakte die zij uit Irak ontvangen heeft, dat dit de juiste datum is. Dat volgt naar haar mening ook uit de andere door haar overgelegde documenten. Hieruit kan worden afgeleid dat de in de brp opgenomen geboortedatum van haar onjuist is. Het college is het niet eens met [appellante] en heeft het verzoek afgewezen. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college de afwijzing van het verzoek kon handhaven in bezwaar. De vraag die voorligt, is of [appellante] met de documenten die zij heeft overgelegd, heeft aangetoond dat haar geboortedatum [geboortedatum] moet zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2386
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202000100/1/A3

202000393/1/R4

Bij besluit van 12 april 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Baarle-Nassau het verzoek van [appellante] van 5 maart 2018 om handhavend op te treden tegen de Albert Heijn aan de Kerkstraat 8 te Baarle-Nassau wegens strijd met de wettelijke geluidsvoorschriften, afgewezen. [appellante] exploiteert een damesmodewinkel "[appellante]" aan de [locatie 1] te Baarle-Nassau. Hij is tevens eigenaar van het perceel. Achter de winkel, op het perceel Kerkstraat 8, bevindt zich een filiaal van de supermarkt Albert Heijn. Tussen de panden aan de [locatie 1] en de [locatie 2] loopt een weg naar een parkeerterrein. De weg dient tevens als bevoorradingsroute voor de Albert Heijn. [appellante] heeft meerdere malen bij het college gemeld dat de Albert Heijn de wettelijke voorschriften ten aanzien van geluidhinder niet in acht neemt en heeft meermalen verzocht om handhaving. Het college heeft die verzoeken afgewezen omdat er geen sprake is van een overtreding. [appellante] is het daar niet mee eens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2363
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202000393/1/R4

202000422/1/A3

Bij besluit van 24 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellante] voor een urgentieverklaring afgewezen. [appellante] heeft geen eigen woning en heeft sinds haar komst naar Nederland in 2005 bij kennissen van de kerk gewoond. Zij staat ingeschreven als woningzoekende, maar tot dusver is het haar niet gelukt om een woning in Amsterdam te vinden. Omdat deze situatie haar veel stress geeft en zij fysieke problemen heeft, heeft [appellante] een urgentieverklaring voor een woning aangevraagd. Dan zou zij meer tijd kunnen doorbrengen met haar twee volwassen zoons, die ook geen eigen woningen hebben, en met haar minderjarige kleinkind een band kunnen opbouwen. Het college heeft dat verzoek afgewezen. Het college heeft zich daarbij gebaseerd op het advies van de GGD en het aanvullende advies en toepassing gegeven aan zijn vaste beleid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2371
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202000422/1/A3

202001730/1/A2

Bij besluit van 14 mei 2018 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de door de stichting ontvangen subsidie over de periode van 1 juli 2011 tot en met 31 december 2015 vastgesteld en het teveel ontvangen bedrag teruggevorderd. De stichting heeft op Bonaire een opvangvoorziening voor kwetsbare jonge meisjes en tienermoeders. Op 1 juli 2011 heeft zij een aanvraag ingediend bij de minister om haar een projectsubsidie te verlenen voor het project ‘Kas pa Hoben Ku Futuro’ voor de periode van 1 juli 2011 tot en met 31 december 2013. Bij besluit van 13 juli 2012 heeft de minister een projectsubsidie verleend van $ 863.110,00 voor die periode. Bij e-mail van 5 januari 2018 heeft de stichting een aanvraag voor de subsidievaststelling ingediend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2374
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202001730/1/A2

202001749/1/R4

Bij besluit van 19 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wijdemeren de mondeling op 16 oktober 2018 opgelegde bouwstop, wegens het bouwen zonder omgevingsvergunning van een erfafscheiding en een schuur op het perceel [locatie] te Loosdrecht, schriftelijk bevestigd. Bij dit besluit heeft het college [appellanten] gelast de stilgelegde werkzaamheden te staken en gestaakt te houden, onder oplegging van een dwangsom van € 20.000,00 ineens. De vraag die centraal staat in dit geschil is of voor de schuur en de erfafscheiding een omgevingsvergunning nodig is. De

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2362
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202001749/1/R4

202002258/1/A3

Bij besluit van 13 maart 2018 heeft de burgemeester van Breda een aanvraag van [appellante] om verlening van een Drank- en Horecawetvergunning afgewezen. [appellante] heeft bij de burgemeester een aanvraag ingediend om verlening van een DHW-vergunning ten behoeve van het cafégedeelte van Breda Hostel aan het [locatie 1] te Breda. Ook heeft zij een aanvraag ingediend om verlening van een vergunning voor de exploitatie van Breda Hostel. De aanvraag voor de DHW-vergunning heeft de burgemeester afgewezen omdat [appellante] in de aanvraag als enige leidinggevende is vermeld en zij al een exploitatievergunning heeft voor een hostel op de [locatie 2]. In die vergunning is zij ook als enige leidinggevende vermeld. Bij openstelling van dat hostel moet zij daar ingevolge de Algemene plaatselijke verordening Breda 2014 verplicht aanwezig zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2358
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202002258/1/A3

202002337/1/A3

Bij besluit van 23 april 2019 heeft het dagelijks bestuur van het Samenwerkingsorgaan Holland Rijnland een aanvraag van [appellant] om verlening van een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] heeft het dagelijks bestuur verzocht hem op medische en psychosociale gronden een urgentieverklaring te verlenen. Hij heeft een autisme spectrum stoornis. Daarbij is hij gevoelig voor geluidsoverprikkeling en heeft hij een zware darmoperatie gehad. Daarom heeft hij een prikkelarme woonruimte nodig. In zijn huidige woning ervaart hij overlast van zijn buren, aldus [appellant]. Het dagelijks bestuur heeft de aanvraag afgewezen omdat [appellant] in staat wordt geacht zelf via Huren in Holland Rijnland op basis van zijn inschrijftijd sinds maart 2011, binnen zes maanden een andere woning te vinden. Daarbij heeft het dagelijks bestuur verwezen naar artikel 20, eerste lid, aanhef en onder c, van de Huisvestingsverordening Holland Rijnland 2015.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2359
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202002337/1/A3

202003368/2/A3

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 26 mei 2020 in zaak nr. 19/7914.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2339
Datum uitspraak
7 oktober 2020
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202003368/2/A3

201604348/1/V1

Bij besluit van 11 september 2015 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2351
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201604348/1/V1

201604988/1/V1

Bij besluit van 21 september 2015 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2350
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201604988/1/V1

201701428/1/V1

Bij besluit van 16 september 2016 (hierna: het terugkeerbesluit) heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2352
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201701428/1/V1

201701463/1/V1

Bij besluit van 30 augustus 2016 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en tegen haar een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2355
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201701463/1/V1

201706068/1/V1

Bij besluit van 19 oktober 2016 heeft de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie de vreemdeling opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2353
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201706068/1/V1

201801141/1/V1

Bij besluit van 6 december 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2349
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201801141/1/V1

201801412/1/V1

Bij besluit van 8 augustus 2017, zoals gewijzigd bij besluit van 16 januari 2018, heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en tegen hem een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2354
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201801412/1/V1

201909345/1/V3

Bij besluit van 7 november 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2356
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak201909345/1/V3

202000037/1/V1

Bij besluiten van 7 september 2018 en 9 oktober 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: mvv) te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2345
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202000037/1/V1

202003804/2/V2

Bij besluit van 27 februari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2346
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202003804/2/V2

202005052/2/V2

Bij besluit van 20 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2348
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005052/2/V2

202005225/2/V2

Bij besluit van 16 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2347
Datum uitspraak
6 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005225/2/V2

202003840/2/R1

Bij besluit van 2 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen het wijzigingsplan "Wijzigingsplan Amstelveen Zuid-West - Alsemlaan-Jasmijnlaan" vastgesteld. Het plan voorziet in 113 zorgwoningen op een terrein langs de Jasmijnlaan. Ten noorden van het perceel zijn een gezondheidscentrum en een verpleeghuis gevestigd. [verzoekster sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] en anderen wonen allen aan de Marjoleinlaan en de Jasmijnlaan, die ten oosten en ten zuiden van het plangebied liggen. [verzoekster sub 1] en anderen en [verzoeker sub 2] en anderen betogen onder meer dat het plan onaanvaardbare parkeerhinder met zich zal brengen. Volgens hen is niet duidelijk in het plan omschreven wat zorgwoningen zijn en is het mogelijk dat ook gewone woningen worden gebouwd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2337
Datum uitspraak
5 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202003840/2/R1

202004049/2/R1

Bij besluit van 20 mei 2020 heeft de raad van de gemeente Gooise Meren het bestemmingsplan "Het Anker 2 Muiden" vastgesteld. Het plan voorziet in 47 nieuwe woningen ter plaatse van het voormalige gemeentehuis van Muiden. Daartoe is voorzien in een hoefijzervorming bouwblok met in het midden ruimte voor een parkeerterrein. Op de gronden bedoeld voor het parkeerterrein staat nu grotendeels het gemeentehuis. Het plan voorziet in een maximale toegestane bouwhoogte van 10 m. Aan de noordoostzijde en de zuidoostzijde zijn op enkele plaatsen de maximale bouwhoogtes beperkt tot 4 m en 7 m. [verzoeker sub 1] en [verzoeker sub 2A] en [verzoeker sub 2B] wonen aan De Lange Gangh. Die weg ligt ten oosten van het plangebied. Tussen de achtertuinen van hun woningen en het plangebied ligt een smalle weg.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2336
Datum uitspraak
5 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202004049/2/R1

202004549/1/V2

Bij besluit van 8 februari 2019 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van de vreemdeling om hem een visum voor kort verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2341
Datum uitspraak
5 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202004549/1/V2

201900182/2/R3

[appellant] heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Ommen van 13 november 2018 tot vaststelling van het wijzigingsplan "Buitengebied, wijziging De Haar 6, Witharen".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2338
Datum uitspraak
5 oktober 2020
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak201900182/2/R3

201906110/1/V3

Bij besluit van 13 december 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om krachtens artikel 64 van de Vw 2000 te bepalen dat haar uitzetting achterwege blijft, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2334
Datum uitspraak
2 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201906110/1/V3

202002017/1/V2

Bij besluit van 13 februari 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: mvv) te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2335
Datum uitspraak
2 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202002017/1/V2

202004984/2/V2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2340
Datum uitspraak
2 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202004984/2/V2

202002262/1/V1

Bij besluit van 20 juli 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: mvv) te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2332
Datum uitspraak
1 oktober 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202002262/1/V1

202003933/2/R1 en 202003933/1/R1

Bij besluit van 8 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort de kruising tussen de Bisschopsweg en de Kalkoenstraat te Amersfoort, containerlocatie 33737, aangewezen voor de plaatsing van een ondergrondse restafvalcontainer. De aangewezen locatie bevindt zich op het trottoir aan de noordwestzijde van de kruising tussen de Bisschopsweg en de Kalkoenstraat ter hoogte van de woning aan de Bisschopsweg 190. [appellanten] wonen aan de [locatie A en locatie B] en kunnen zich niet verenigen met aanwijzing van die locatie. Volgens hen is de aangewezen locatie ongeschikt als locatie voor een ORAC en zijn er alternatieve locaties die wel geschikt zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2329
Datum uitspraak
1 oktober 2020
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202003933/2/R1 en 202003933/1/R1

201702152/1/V1

Bij besluit van 16 september 2016 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2328
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201702152/1/V1

202000716/1/V1

Bij besluit van 23 november 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2327
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202000716/1/V1

202001621/1/V3

Bij besluit van 22 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2296
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202001621/1/V3

202002936/1/V1

Bij besluit van 13 februari 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2837
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202002936/1/V1

202004722/2/R3

Bij besluit van 15 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Katwijk aan Boskalis Nederland B.V. een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht verleend ten behoeve van de bouw van een nieuwe Torenvlietbrug ter hoogte van de ir. G. Tjalmaweg (N206) te Valkenburg (ZH). [verzoekster] voert aan dat de omgevingsvergunning in strijd met de Wet natuurbescherming is vastgesteld. Volgens [verzoekster] is de projectlocatie gelegen binnen een deel van de Oude Rijn waar ook een aanvliegroute voor vleermuizen ligt en heeft het college volgens haar niet inzichtelijk gemaakt welke middelen worden ingezet om te voorkomen dat die aanvliegroute wordt verstoord. Tevens ligt de projectlocatie volgens [verzoekster] in de beïnvloedingszone van een tweetal Natura 2000-gebieden en maken de bouwactiviteiten een inbreuk op de zorgplicht die geldt voor deze gebieden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2330
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202004722/2/R3

202005296/2/V2

Bij besluit van 26 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2331
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005296/2/V2

201606653/2/R2

Bij uitspraak, onderscheidenlijk tussenuitspraak van 13 november 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3836, heeft de Afdeling provinciale staten van Noord-Brabant opgedragen om binnen 26 weken na de verzending van deze uitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 15 juli 2016 tot vaststelling van het inpassingsplan "Logistiek Park Moerdijk" te herstellen.De Afdeling heeft over het beroep van SBBM en VMM in 11.1 van de tussenuitspraak geoordeeld dat het inpassingsplan is vastgesteld in strijd met artikel 19j, derde lid, van de Natuurbeschermingswet 1998, omdat bij de vaststelling van het inpassingsplan niet kon worden verwezen naar de passende beoordeling die ten grondslag lag aan het Programma Aanpak Stikstof. Verder heeft de Afdeling overwogen dat de nieuwe passende beoordeling die provinciale staten in 2017 na de vaststelling van het inpassingsplan hebben laten opstellen geen aanleiding geeft tot het in stand laten van de rechtsgevolgen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2318
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201606653/2/R2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201606653/2/R2

201804396/1/A2

Bij besluit van 1 juni 2015 heeft het college van burgemeester en wethouders van de toenmalige gemeente Vlagtwedde (thans: Westerwolde) de uitgaven en inkomsten van het openbaar basisonderwijs over de periode 2006 tot met 2010 vastgesteld en de hoogte van het overschrijdingsbedrag over die periode op nihil vastgesteld. Het geschil heeft betrekking op de zogenoemde overschrijdingsregeling, die is opgenomen in de artikelen 142 tot en met 147 van de Wpo. De regeling houdt in dat een gemeente die meer uitgaven doet voor personeel en de materiële instandhouding van openbare basisscholen dan aan rijksbijdragen is ontvangen, een naar rato gelijke overschrijdingsuitkering moet doen aan bijzondere scholen om bevoordeling van de eerstgenoemde scholen te voorkomen. Daartoe wordt het verschil tussen de uitgaven van de openbare basisscholen voor personeel en materiële instandhouding en de ontvangsten uit de Rijkskas voor deze scholen bepaald.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2319
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak201804396/1/A2

201900579/1/R2

Bij besluit van 15 december 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Meierijstad geweigerd aan [appellante sub 2] een omgevingsvergunning te verlenen voor de oprichting van een vleesvarkensbedrijf aan de Lieshoutseweg in Sint-Oedenrode. Op 19 mei 2016 heeft [appellante sub 2] bij het college van b en w een aanvraag ingediend voor een omgevingsvergunning op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de oprichting van een varkenshouderij met vier stallen van elk 4.870 m2 voor de huisvesting van in totaal 17.680 varkens, een loods, overige voorzieningen en het aanleggen van een uitrit ten behoeve van de varkenshouderij op een perceel van 3 ha aan de Lieshoutseweg in Sint-Oedenrode. De aanvraag omvat de activiteiten planologisch strijdig gebruik, bouwen, een uitweg (inrit), gebiedsbescherming ingevolge de Natuurbeschermingswet en milieu.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2317
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Vee e.a. dieren
  • uitspraakin de zaak201900579/1/R2

201901180/1/A2

Bij besluit van 13 april 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot kinderopvangtoeslag van [appellante] over de periode van 1 januari 2017 tot en met 8 oktober 2017 herzien en vastgesteld op een bedrag van € 4.739,00. De Afdeling heeft in de tussen partijen gewezen uitspraak van 17 april 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1204, geoordeeld dat de Belastingdienst/Toeslagen terecht het voorschot kinderopvangtoeslag van [appellante] over 2017 bij besluit van 22 mei 2017, gehandhaafd bij het besluit van 8 juli 2017, heeft vastgesteld op een bedrag van € 6.832,00. De uren die [appellante] heeft besteed aan een postmaster opleiding zijn volgens de Afdeling terecht niet meegerekend. De Belastingdienst/Toeslagen heeft het voorschot kinderopvangtoeslag van [appellante] over 2017 hierna verder verlaagd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2324
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak201901180/1/A2

201901880/1/R4

Bij besluit van 30 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maasdriel aan [appellante sub 2] een omgevingsvergunning verleend voor het uitbreiden en veranderen van de veehouderij op het perceel [locatie 1] te Velddriel. [appellante sub 2] exploiteert de veehouderij. Volgens de vergunning op grond van de Wet milieubeheer van 8 augustus 2003 mogen op de veehouderij 72 melk- en kalfkoeien ouder dan 2 jaar, 83 stuks vrouwelijk jongvee tot 2 jaar en 25.000 legkippen en (groot-)ouderdieren worden gehouden. [appellante sub 2] heeft in het kader van wijziging van de veehouderij omgevingsvergunning aangevraagd voor het houden van 1.200 vleeskalveren en 12.940 ouderdieren en de bouw van twee vleeskalverenstallen. Bij het besluit van 30 maart 2018, gehandhaafd bij het besluit op bezwaar, heeft het college de gevraagde omgevingsvergunning verleend. Volgens het college is het bouwplan in strijd met het bestemmingsplan omdat de maximale goothoogte wordt overschreden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2320
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Vee e.a. dieren
  • uitspraakin de zaak201901880/1/R4

201902925/1/A3

Bij besluit van 18 april 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bladel het verzoek van [verzoeker] en [appellante] om verwijdering van hun persoonsgegevens afgewezen. In 2013 is in het kader van de integrale aanpak van malafide hondenhandel door de Politie Landelijke Eenheid Expertisecentrum Dierenwelzijn een zogenoemd pre-weegdocument opgesteld. In dat document zijn gegevens van hondenhandelaren opgenomen waarbij voldoende indicatoren aanwezig zijn geacht om een nader onderzoek te rechtvaardigen. De in het pre-weegdocument voorkomende hondenhandelaren zijn opgenomen in het algemeen draaiboek ‘Canitas project’ dat is opgesteld ten behoeve van een landelijke handhavingsactiedag, en dat in paragraaf 1.4 een schema met gegevens van hondenhandelaren bevat. De gegevens van [verzoeker] en [appellante] zijn in dit schema opgenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2316
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak201902925/1/A3

201904167/1/A3

Bij besluit van 10 maart 2017 heeft het College ter beoordeling van geneesmiddelen het verzoek van een derde-partij om openbaarmaking van documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur gedeeltelijk toegewezen. Een derde-partij heeft het college verzocht om openbaarmaking van het registratiedossier dat is gebruikt bij het nemen van het besluit tot registratie van het geneesmiddel Amfexa. Het college heeft besloten het registratiedossier openbaar te maken, nadat meerdere passages onleesbaar zijn gemaakt op grond van artikel 10, eerste lid, aanhef en onder c, artikel 10, tweede lid, aanhef en onder a, g en e, en artikel 11, eerste lid, van de Wob. In bezwaar heeft het college dat besluit, met aanvulling van de daaraan ten grondslag gelegde motivering, gehandhaafd. Medice heeft het registratiedossier geformeerd. Zij is houdster van de handelsvergunning van het geneesmiddel Amfexa. Medice verzet zich tegen de openbaarmaking van haar aanvraag voor de handelsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2302
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak201904167/1/A3

201904240/1/A3

Bij besluit van 19 mei 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellante] een boete opgelegd van € 13.500,- wegens het zonder vergunning onttrekken van de woning op het adres [locatie] te Amsterdam aan de bestemming tot bewoning. Op 9 november 2016, 8 en 20 december 2016 en 5 en 18 januari 2017 heeft de gemeente Amsterdam meldingen via het meldpunt Zoeklicht ontvangen over woonfraude in de woning aan de [locatie] te Amsterdam. Naar aanleiding van deze meldingen is het college een administratief onderzoek en een buitendienstonderzoek gestart. Uit het administratief onderzoek bleek dat het pand de bestemming wonen heeft en een zeskamerwoning is, verdeeld over vier bouwlagen. Volgens de basisregistratie personen stonden geen personen op het adres [locatie] ingeschreven. Toezichthouders van de Afdeling Wonen van de gemeente hebben op 2 februari 2017 onaangekondigd de woning bezocht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2311
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak201904240/1/A3

201904830/1/R4

Bij besluit van 29 juni 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bernheze aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning eerste fase verleend voor de varkenshouderij op het perceel [locatie] in Nistelrode. Het hoger beroep van [appellant] richt zich tegen de tussenuitspraak en de einduitspraak van de rechtbank over de aan [vergunninghouder] verleende omgevingsvergunning eerste fase. Die vergunning is verleend voor: - het veranderen, of het veranderen van de werking, en het in werking hebben van een inrichting, als bedoeld in artikelen 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, onder 2° en 3°, en artikel 2.6 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, - het verrichten van een activiteit die van invloed kan zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder i, van de Wabo, in combinatie met artikel 2.2aa, onder a, van het Besluit omgevingsrecht, voor de varkenshouderij op het perceel [locatie] in Nistelrode.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2301
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Vee e.a. dieren
  • uitspraakin de zaak201904830/1/R4

201904859/1/V6

Bij besluit van 2 juli 2018 heeft de staatssecretaris [appellant] een boete opgelegd van € 3.000,00 wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen. Het door een arbeidsinspecteur van de Inspectie SZW op ambtsbelofte opgemaakte boeterapport van 17 mei 2018 houdt in dat op basis van het door ambtenaren van de Nationale Politie opgemaakte proces-verbaal van bevindingen van 21 februari 2018, dat als bijlage bij het boeterapport is gevoegd, is vastgesteld dat de vreemdeling, van Sierra Leoonse nationaliteit, in de woning aan de [locatie] op 20 februari 2018 puin aan het scheppen was en in een kruiwagen deed. Gezien de gehele situatie was het volgens de verbalisanten duidelijk dat de woning werd verbouwd en er sloopwerkzaamheden gaande waren. [appellant] is de eigenaar van deze woning. Het UWV Werkbedrijf heeft voor de werkzaamheden geen tewerkstellingsvergunning verleend en de vreemdeling beschikte niet over een gecombineerde vergunning voor werkzaamheden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2323
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak201904859/1/V6

201905154/1/A3

Bij brief van 11 juni 2010 heeft [appellante] een ontheffing gevraagd voor het exploiteren van een kleinschalig kampeerterrein. Bij brief van 16 juli 2018 heeft [appellante] het college van burgemeester en wethouders van Veere een ingebrekestelling gestuurd. [appellante] woont op de [locatie] in Veere. Zij heeft daar een agrarisch bedrijf en een kleinschalig kampeerterrein. [appellante] wil graag het kampeerterrein met 25 kampeerplaatsen exploiteren. In deze procedure is de vraag of het college alsnog opnieuw moet beslissen op de aanvraag van 11 juni 2010.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2305
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak201905154/1/A3

201905347/1/A3

Bij besluit van 7 mei 2018 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit het verzoek van [verzoeker] en [appellante] om verwijdering van hun persoonsgegevens afgewezen. In 2013 is in het kader van de integrale aanpak van malafide hondenhandel door de Politie Landelijke Eenheid Expertisecentrum Dierenwelzijn een zogenoemd pre-weegdocument opgesteld. In dat document zijn gegevens van hondenhandelaren opgenomen waarbij voldoende indicatoren aanwezig zijn om een nader onderzoek te rechtvaardigen. De in het pre-weegdocument voorkomende hondenhandelaren zijn opgenomen in het algemeen draaiboek ‘Canitas project’ (hierna: het draaiboek) dat is opgesteld ten behoeve van een landelijke handhavingsactiedag, en dat in paragraaf 1.4 een schema met gegevens van hondenhandelaren bevat. De gegevens van [verzoeker] en [appellante] zijn in dit schema opgenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2315
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak201905347/1/A3

201906390/1/R4

Bij besluit van 11 juni 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Zeeland geweigerd aan [appellant] een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bestemmingsplan en het milieuneutraal veranderen van de inrichting op het perceel [locatie] te [plaats]. [appellant] drijft een varkenshouderij op het perceel. Op 19 december 2016 heeft zij een aanvraag ingediend voor een omgevingsvergunning voor het milieuneutraal veranderen van de inrichting. De aanvraag heeft betrekking op het realiseren van plateaus in een afdeling voor gespeende biggen en vleesvarkens (stal 1a en 2a). In de aanvraag is toegelicht dat de wijzigingen niet leiden tot een andere inrichting of een andere werking daarvan en dat er geen wijzigingen in dieraantallen zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2303
Datum uitspraak
30 september 2020
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak201906390/1/R4
vorige pagina1...248249250...1.238volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon