Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.834
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202004355/1/V1

Bij besluit van 7 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2895
Datum uitspraak
7 december 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202004355/1/V1

202005477/2/R1

Bij besluit van onbekende datum, gepubliceerd op 3 september 2020, heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de locatie op de hoek van het Brekelsveld en het Glanerveld, (hierna: de locatie) aangewezen voor de plaatsing van een ondergrondse restafvalcontainer. [verzoekster] woont op het adres [locatie]. De locatie waar de ORAC zal worden geplaatst, ligt in de nabijheid van haar woning. [verzoekster] is het niet eens met de aanwijzing van die locatie voor de plaatsing van een ORAC. Zij voert aan dat dit zal leiden tot geur- en geluidoverlast en gezondheidsklachten vanwege ziektekiemen. Verder vreest zij dat huisvuilzakken naast de container worden gezet als die vol is, en dat die dan niet zullen worden verwijderd door de gemeente. Tot slot heeft zij gewezen op enkele alternatieve locaties in de omgeving waar een ORAC ook zou kunnen worden geplaatst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2885
Datum uitspraak
7 december 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202005477/2/R1

202005465/1/V1 en 202005465/2/V1

Bij besluit van 19 maart 2020 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2882
Datum uitspraak
3 december 2020
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005465/1/V1 en 202005465/2/V1

202005482/1/A2 en 202005482/4/A2

Bij besluit van 24 augustus 2020 heeft het CBR aan [wederpartij] meegedeeld dat hij een onderzoek dient te ondergaan naar zijn drugsgebruik en dat hij in elk geval tot de uitslag van het onderzoek niet mag rijden. [wederpartij] is op 13 juni 2020 als autobestuurder staande gehouden tijdens een controle van de politie-eenheid Zeeland-West-Brabant. Tijdens deze controle hebben twee politieagenten geconstateerd dat [wederpartij] waterige en bloeddoorlopen ogen had, dat zijn pupillen vergroot waren, dat zijn pupilreactie was vertraagd en dat [wederpartij] sloom reageerde. De politieagent heeft een hasjlucht geroken en heeft bij [wederpartij] 2 gram cannabis aangetroffen. De ter plaatse afgenomen speekseltest gaf een indicatie voor de stof cannabis.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2889
Datum uitspraak
3 december 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202005482/1/A2 en 202005482/4/A2

202006103/2/V2

Bij besluit van 1 maart 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2887
Datum uitspraak
3 december 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006103/2/V2

202006413/2/V2

Bij besluit van 30 oktober 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2886
Datum uitspraak
3 december 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006413/2/V2

201905138/4/A2

Tijdens de openbare behandeling ter zitting van 21 oktober 2020 van zaak nr. 201905138/3/A2 hebben [verzoekers] verzocht om wraking van mr. N. Verheij, als lid van de enkelvoudige kamer belast met de behandeling van deze zaak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2884
Datum uitspraak
3 december 2020
  • Wraking
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak201905138/4/A2

202002650/2/A3

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 12 maart 2020 in zaak nr. 19/1659. De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft een aantal gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2842
Datum uitspraak
3 december 2020
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202002650/2/A3

202002708/2/A3

MSD heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van 13 maart 2020 in zaak nr. 19/635. Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen heeft namens de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit twee gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2841
Datum uitspraak
3 december 2020
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202002708/2/A3

202000412/2/R2

Bij besluit van 1 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom het wijzigingsplan "6e Wijzigingsplan Kom Halsteren" vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2826
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202000412/2/R2

202003050/3/V2

Bij besluit van 29 mei 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2844
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202003050/3/V2

202003458/3/A3

Bij besluit van 13 augustus 2019 heeft de burgemeester van Emmen op grond van artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet bevolen tot inbeslagname van Cyra, de hond van [verzoekster]. Bij besluit van 9 april 2019 is Cyra als gevaarlijke hond aangewezen. Naar aanleiding van een nieuw incident op 6 augustus 2019 heeft de burgemeester de hond in beslag genomen. Voor een uitgebreider overzicht van de voorgeschiedenis verwijst de voorzieningenrechter naar zijn uitspraak van 20 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1695. [verzoekster] wenst met haar verzoek te bewerkstelligen dat het de burgemeester wordt verboden om Cyra te herplaatsen voordat uitspraak is gedaan in de hoofdzaak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2827
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003458/3/A3

202005777/2/V3

Bij besluit van 13 mei 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2843
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005777/2/V3

201807864/1/R2

Bij besluit van 5 juli 2018 heeft de raad van de gemeente Landerd het bestemmingsplan "Natuurpoort De Maashorst" vastgesteld. Het plangebied ligt in het buitengebied van de gemeente Landerd, ten zuidwesten van de kern Schaijk en ten zuiden van buurtschap Hooge Heide. Het gebied maakt deel uit van het natuurgebied De Maashorst. Het bestemmingsplan voorziet in het realiseren van de zogenoemde Natuurpoort aan de Palmstraat. De Natuurpoort moet een duidelijk herkenbare en veilige entree naar natuurgebied De Maashorst worden. Het is de bedoeling dat bezoekers hier hun auto parkeren om vervolgens het gebied per fiets of te voet te bezoeken. Het plan voorziet daarnaast in recreatieve voorzieningen, horeca, educatiemogelijkheden, kleinschalige verblijfsrecreatie, parkeervoorzieningen en een uitkijktoren. Ten westen van het plangebied, aan de Palmstraat 8 te Schaijk, bevindt zich het kampeerterrein ‘De Brobbelbies’, waar de NTKC een camping exploiteert.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2865
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201807864/1/R2

201809102/4/R2

Bij tussenuitspraak van 22 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1769, heeft de Afdeling provinciale staten van Noord-Brabant opgedragen om binnen 26 weken na verzending van deze uitspraak de daarin omschreven gebreken in het inpassingsplan "Windenergie A16", zoals gewijzigd op 13 september 2019, te herstellen. De Afdeling heeft in de tussenuitspraak overwogen dat het inpassingsplan "Windenergie A16" gebreken vertoont op negen punten. Dit betreft de beoordeling van geluid omdat (1) voor windturbine E-2 geen rekening is gehouden met het maximaal mogelijke windturbinetype, (2) geen rekening is gehouden met schuifruimte, (3) het plan geen waarborg bevat voor cumulatie van geluid van in het plan voorziene windturbines en (4) cumulatie met de vergunde en niet gerealiseerde windturbines bij de rioolwaterzuiveringsinstallatie Nieuwveer is miskend. Ter uitvoering van de tussenuitspraak hebben provinciale staten bij het besluit van 11 september 2020 het inpassingsplan "Herstelbesluit Windenergie A16" vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2867
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Inpassingsplan
  • uitspraakin de zaak201809102/4/R2

201810129/1/R4

Bij besluit van 7 november 2018 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat krachtens artikel 34 van de Mijnbouwwet ingestemd met het door Vermilion Energy Netherlands B.V. ingediende winningsplan Waalwijk-Noord. Het winningsplan heeft betrekking op het gasvoorkomen Waalwijk-Noord. Het gasvoorkomen is gelegen in de gemeenten Waalwijk, Altena en Heusden, op een diepte van ongeveer 2800 m. Uit dit gasvoorkomen wordt sinds 1991 gas gewonnen. Het winningsplan voorziet in een langere gaswinning dan eerder verwacht, tot uiterlijk 2026. Ook voorziet het winningsplan in mogelijkheden om de gasproductie te verhogen, zoals de toepassing van hydraulische stimulatie (fracking) en het eventueel boren van een nieuwe put in het gasvoorkomen. Hydraulische stimulatie is ook in het verleden toegepast bij de gaswinning uit het gasvoorkomen. De minister heeft met het winningsplan ingestemd, en daarbij onder meer bepaald dat nog 1618 miljoen Nm3 gas uit het gasvoorkomen Waalwijk-Noord mag worden gewonnen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2875
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak201810129/1/R4

201900991/1/R1 en 201900992/1/R1

Bij besluit van 9 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer hogere waarden vastgesteld voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting ten behoeve van de bouw van woningen op de locatie Schuilhoeve in Badhoevedorp. Bij besluit van 15 november 2018 heeft de raad van de gemeente Haarlemmermeer het bestemmingsplan "Badhoevedorp Schuilhoeve" vastgesteld. De raad heeft op 12 juni 2008 het Masterplan Badhoevedorp vastgesteld. Hierin krijgt het wegtracé van de A9 een nieuwe invulling. Een onderdeel van de ontwikkelingen die in het Masterplan worden beschreven is de bouw van maximaal 700 woningen in de wijk Schuilhoeve. Deze ontwikkeling wordt met dit bestemmingsplan mogelijk gemaakt. Het plangebied ligt ten noorden van luchthaven Schiphol in de omgeving van het verkeersknooppunt Badhoevedorp. Het college heeft om de woningen mogelijk te maken hogere waarden vastgesteld voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting van wegverkeerslawaai en industrielawaai.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2872
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak201900991/1/R1 en 201900992/1/R1

201901607/1/R4

Bij besluit van 14 november 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eersel, voor zover hier van belang, [appellant] onder oplegging van een dwangsom gelast de (camping) infrastructuur in de vorm van de aanleg van verharde paden en de aanleg van elektriciteit met lichtpunten op percelen aan de [locatie] in Eersel te verwijderen en verwijderd te houden. [appellant] is eigenaar van het perceel met woning aan de [locatie] in Eersel en heeft op dit perceel een verhard pad en lichtpunten met elektriciteit aangelegd. Het college heeft [appellant] naar gelast het pad en de lichtpunten te verwijderen, omdat die in strijd zijn met de op grond van het bestemmingsplan "Buitengebied 2017" op het perceel rustende bestemming "Agrarisch". [appellant] bestrijdt niet dat het pad en de lichtpunten in strijd zijn met het bestemmingsplan en dat hij door deze aan te leggen in strijd met de Wabo heeft gehandeld. Hij vindt echter dat het college vanwege bijzondere omstandigheden van handhavend optreden moet afzien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2868
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201901607/1/R4

201902546/2/A1

Bij tussenuitspraak van 22 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1741, heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Neerijnen opgedragen om binnen twaalf weken na verzending van de uitspraak het gebrek in het besluit van 8 juni 2018 te herstellen met inachtneming van hetgeen onder 10.2 is overwogen. In de tussenuitspraak heeft de Afdeling overwogen dat het besluit van 8 juni 2018 in strijd met artikel 5.5, vierde lid, van het Besluit omgevingsrecht is genomen, omdat aan de bij dat besluit verleende omgevingsvergunning geen controlevoorschriften, als bedoeld in dat artikellid, zijn verbonden met betrekking tot de gestelde geluidgrenswaarden. De Afdeling heeft het college opgedragen dit gebrek te herstellen door alsnog een controlevoorschrift als hiervoor bedoeld aan de omgevingsvergunning te verbinden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2848
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak201902546/2/A1

201905218/1/A3

Bij besluit van 11 oktober 2018 heeft de burgemeester van Utrecht aan [partij] en [appellante] een last onder bestuursdwang opgelegd op grond van artikel 13b van de Opiumwet strekkende tot sluiting van de woning aan de [locatie] te Utrecht ingaande op 1 november 2018 voor de duur van twaalf maanden. Naar één van de zonen van [appellante], [zoon C], is een strafrechtelijk onderzoek ingesteld op grond van verdenking van overtreding van de Opiumwet. Dit onderzoek naar de dealerlijn "Max" werd ingesteld in 2011 en opnieuw opgepakt in 2017. In het kader van dit onderzoek zijn in 2018 diverse voertuigen en panden doorzocht, waaronder op 5 april 2018 de huurwoning van [appellante]. In de woning zijn vier ponypacks met cocaïne (totaal 1,71 g) aangetroffen. Verder zijn in de woning veertien telefoons aangetroffen, waarop op enkele daarvan drugsgerelateerde SMS-berichten stonden, en ook lagen op diverse plekken in de woning contante geldbedragen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2879
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201905218/1/A3

201905228/1/A2

Bij besluit van 11 mei 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de huurtoeslag van [appellante] over 2016 definitief berekend en vastgesteld op nihil. [appellante] woont aan de [locatie] in Montfoort. De woning is gebouwd op door de stichting GroenWest in erfpacht uitgegeven grond. [appellante] was niet in staat de koopsom hiervan te financieren. Haar dochter en schoonzoon wel en hebben de koop gefinancierd met de afspraak dat zij na de bouw van de woning de economische eigendom zouden krijgen. Dit is op 7 november 2011 ook daadwerkelijk gebeurd. [gemachtigde B] kon geen juridisch eigenaar worden omdat hij niet aan de door de stichting GroenWest gestelde erfpacht voorwaarden (senioren doelgroep) voldeed. [appellante] heeft het juridisch eigendom, huurt de woning van [gemachtigde B] en betaalt daar ook huur voor. [appellante] en de Belastingdienst/Toeslagen verschillen van mening of het juridische eigendom van [appellante] betekent dat zij geen recht heeft op huurtoeslag over 2016 en 2018.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2877
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak201905228/1/A2

201905284/1/R2

Bij het besluit van 16 april 2019 heeft de raad van de gemeente Eersel het bestemmingsplan "Kom Eersel, herziening Markt-Hint" vastgesteld. Het plan voorziet onder meer in een planologische regeling voor de tuin van het perceel aan de Markt 7-9 in Eersel. Hier is het horecabedrijf De Pannekoekenbakker gevestigd. Het plan houdt een planregeling in voor de achter het hoofdgebouw van het horecapand gelegen tuin. [appellanten] wonen aan de [locatie 1] onderscheidenlijk [locatie 2]. Hun tuinen grenzen aan de diepe achtertuin van het horecabedrijf. [appellanten] kunnen zich niet met de planregeling voor de tuin achter het horecapand verenigen. Zij vrezen ten gevolge daarvan voor geluidoverlast van bezoekers van het terras en in de tuin spelende kinderen en voor aantasting van hun privacy. Volgens hen wordt met het plan ten onrechte het in het verleden niet toegestane gebruik van speeltoestellen in de tuin van De Pannekoekenbakker in volle omvang mogelijk gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2847
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201905284/1/R2

201905762/1/R1

Bij besluit van 18 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Stede Broec [appellant] een last onder dwangsom opgelegd inhoudende het glazen bouwwerk die aan de aanbouw is gerealiseerd en het buitenverblijf op het perceel [locatie] te Grootebroek te verwijderen en verwijderd te houden. Op 9 mei 2018 heeft het college een verzoek ontvangen om handhavend op te treden tegen de glazen luifel en het buitenverblijf aan de achterzijde op het perceel. Op 5 juli 2018 is het perceel geïnspecteerd. De bevindingen van die inspectie zijn neergelegd in een rapport van 11 juli 2018. Volgens dit rapport zijn op het perceel een glazen luifel met een oppervlakte van 15 m2 en een buitenhuis met een oppervlakte van 25,5 m2 gerealiseerd binnen een afstand van 1 m vanaf het openbaar toegankelijk gebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2861
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201905762/1/R1

201906189/1/A2

Bij besluit van 19 juli 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lelystad een aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] is sinds 14 mei 2010 eigenaar van een agrarisch bedrijf aan de [locatie] in Lelystad. Het betreft een agrarisch bedrijf met een bedrijfswoning en een bedrijfsloods en 23 hectare aan cultuurgrond. Tegenover het bedrijf, aan de andere kant van de N307, is het voorheen onder de naam Central Veterinary Institute of Wageningen UR (CVI) of Centraal Diergeneeskundig Instituut (CDI) bekende onderzoeksinstituut van Wageningen Bioveterinary Research (hierna: het onderzoeksinstituut) gelegen. [appellant] betoogt dat hij planschade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2856
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201906189/1/A2

201906423/1/R4

Bij besluit van 15 januari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van De Marne een dwangsom van € 10.000,00 ingevorderd bij [appellant]. In april 2013 is aan [appellant] een omgevingsvergunning verleend voor het verbouwen van de woning aan de [locatie] te Zoutkamp. Hierbij is een dakopbouw vergund. De woning is eigendom van de zoon van [appellant], die daar ook woont. In mei 2017 heeft het college aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd wegens het zonder de daarvoor vereiste omgevingsvergunning bouwen van een aanbouw, met daarin een liftopbouw voor een huislift, aan de achterzijde van de dakopbouw op de woning. Het college heeft [appellant] gelast om de aanbouw inclusief de liftopbouw te verwijderen. Tegen deze besluiten zijn geen rechtsmiddelen aangewend zodat zij onherroepelijk zijn geworden. Op 2 oktober 2017 is een controle uitgevoerd bij de woning en geconstateerd dat de aanbouw inclusief de liftopbouw niet was verwijderd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2845
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201906423/1/R4

201906788/1/R3

Bij besluit van 23 maart 2016 heeft het college van burgemeester en wethouders van Midden-Groningen geweigerd aan RetailPlan een omgevingsvergunning te verlenen voor het handelen in strijd met het bestemmingsplan ten behoeve van het gebruik van de bestaande panden op de percelen Hazenleger 1, 3, 5 en 5a te Hoogezand voor reguliere detailhandel. [appellante A] voert het beheer over vastgoed op Winkelpark Hoogezand. [appellante A] en RetailPlan kunnen zich niet met het besluit verenigen. Zij hebben aangevoerd dat de brancheringsregel in artikel 9 van de planregels en de weigering van de omgevingsvergunningen in strijd zijn met artikel 15, derde lid, van de Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt (PB 2006, L 376/36; hierna: de Dienstenrichtlijn).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2864
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak201906788/1/R3

201907570/1/R1

Bij besluit van 22 juni 2016 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een omgevingsvergunning verleend voor het veranderen en vergroten van de derde en vierde verdieping van het pand Legmeerstraat 18 in Amsterdam, met behoud van de bestemming daarvan tot één woning, door het maken van een daklaag met dakterras op de derde verdieping en een dakuitbouw met dakterras op de vierde verdieping, en tevens het verplaatsen van de bestaande bergruimten op de derde verdieping. Bij besluit van 12 september 2017 is het besluit van 22 juni 2016, onder enige aanvullingen, in stand gelaten. Het bouwplan is in strijd met het bestemmingsplan "Hoofddorpplein- en Schinkelbuurt van de gemeente Amsterdam, Stadsdeel Oud-Zuid" (hierna: het bestemmingsplan), omdat een gedeelte van de daklaag op de derde verdieping de maximale bouwhoogte met 52,2 centimeter overschrijdt en het hekwerk van het dakterras op de vierde verdieping de maximale bouwhoogte met ongeveer 1,72 meter overschrijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2881
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak201907570/1/R1

201907738/1/A3

Bij besluit van 14 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam [wederpartij A] en [wederpartij B] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,00 voor het onttrekken van een woning aan de bestemming tot bewoning. Het college heeft naar aanleiding van een ‘melding woonfraude’ in november 2018 een onderzoek ingesteld naar het feitelijk gebruik van de woning aan de [locatie]. Uit administratief onderzoek bleek dat [wederpartij A] en [wederpartij B] eigenaar van de woning waren. [wederpartij A] en [wederpartij B] zijn echtgenoten. Niemand stond als bewoner op het adres geregistreerd in de basisregistratie personen. De woning heeft de bestemming ‘bewoning’. Toezichthouders van de Afdeling Wonen van de gemeente hebben op 16 november 2018 een bezoek gebracht aan de woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2851
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak201907738/1/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201907738/1/A3

201907741/1/A3

Bij besluit van 14 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam [partij] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,00 wegens onttrekking van een woning aan de bestemming tot bewoning. Het college heeft naar aanleiding van een ‘melding woonfraude’ in november 2018 een onderzoek ingesteld naar het feitelijk gebruik van de woning aan de [locatie] te Amsterdam. Uit administratief onderzoek bleek dat [persoon A] en [persoon B] eigenaar van de woning waren. [persoon A] en [persoon B] zijn echtgenoten en [persoon B] is een kennis van [partij]. Niemand stond als bewoner op het adres geregistreerd in de basisregistratie personen. De woning heeft de bestemming ‘bewoning’. Toezichthouders van de Afdeling Wonen van de gemeente hebben op 16 november 2018 een bezoek gebracht aan de woning. Tijdens het huisbezoek hebben de toezichthouders vier toeristen aangetroffen die hebben verklaard twee kamers te huren en de badkamer, keuken en woonkamer te delen met [partij].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2849
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak201907741/1/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201907741/1/A3

201908396/1/R2

Bij besluit van 27 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Valkenburg aan de Geul een verzoek van [appellante] om handhavend op te treden tegen het geplaatste hekwerk op de woonwagenlocatie aan de Langen Akker in Berg en Terblijt afgewezen. [appellante] woont op de woonwagenlocatie Aan de Langen Akker te Berg en Terblijt. Op deze locatie heeft het college een hekwerk geplaatst. Het hekwerk vervangt een bestaand verouderd hekwerk. Vast staat dat het geplaatste hekwerk op een enkel punt ongeveer 1,2 cm hoger is dan het maximum van 2 m dat ingevolge het Besluit omgevingsrecht (Bor) geldt voor vergunningvrije bouwwerken. [appellante] heeft het college gevraagd om handhavend op te treden door het zonder vergunning geplaatste hekwerk te verwijderen. Het college heeft dit geweigerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2870
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201908396/1/R2

201908433/1/R4

Bij besluit van 8 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor onder meer de activiteiten bouwen en handelen in strijd met het bestemmingsplan voor de realisatie van een supermarkt en tien appartementen op percelen aan de 2e Pijnackerstraat en 3e Pijnackerstraat te Rotterdam. Het project ziet hoofdzakelijk op de percelen 2e Pijnackerstraat 13-15 en 3e Pijnackerstraat 6A-6B. De daar aanwezige voormalige schoolgebouwen worden grotendeels gesloopt. De entree van de in het nieuwe gebouw voorziene supermarkt komt op de begane grond van het hoekpand aan de Zwart Janstraat 41A en 2e Pijnackerstraat 17A. De supermarkt heeft een bruto vloeroppervlakte (hierna: bvo) van ongeveer 1.640 m2, waarvan ongeveer 1.100 m2 zal worden ingericht als winkelvloeroppervlakte (hierna: wvo). De appartementen komen boven de supermarkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2874
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak201908433/1/R4

201908555/1/A3

Bij besluit van 4 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam [appellanten sub 2] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,00 wegens het zonder vergunning onttrekken van een woning aan de bestemming tot bewoning. Naar aanleiding van een ‘melding woonfraude' in verband met overlast van toeristen heeft het college een onderzoek ingesteld naar het feitelijk gebruik van de woning aan de [locatie] te Amsterdam. Uit administratief onderzoek bleek dat [appellanten sub 2] eigenaar van de woning zijn. Zij staan met hun kinderen in de basisregistratie personen (hierna: brp) als bewoners van de woning geregistreerd. De woning heeft de bestemming ‘bewoning’. De woning werd op de website www.airbnb.nl aangeboden als 'Villa Amsterdam free parking' voor vijf personen. Naar aanleiding van de melding woonfraude hebben toezichthouders van de Afdeling Wonen van de gemeente op 25 augustus 2018 een bezoek gebracht aan de woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2850
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak201908555/1/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201908555/1/A3

201908762/1/R3

Bij besluit van 20 december 2018 heeft de raad van de gemeente Midden-Groningen het verzoek van [appellante] en Woonplein Hoogezand om het bestemmingsplan "Woongebieden" te herzien door de daarin opgenomen branchebeperking die geldt voor het Winkelpark Hoogezand op te heffen, afgewezen. Woonplein Hoogezand is eigenaar van het Winkelpark Hoogezand. [appellante] voert het beheer over vastgoed op het Winkelpark. Op de gronden van het Winkelpark rust ingevolge het bestemmingsplan "Woongebieden" de bestemming "Detailhandel - Winkelpark". Op grond van artikel 9.1 van de regels van dit plan zijn naast horeca alleen grootschalige detailhandel binnen de thema's wooninrichting en bouwmarkten en tuininrichtingsbedrijven toegestaan. Volgens [appellante] en Woonplein Hoogezand heeft het Winkelpark te maken met structurele en toenemende leegstand.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2863
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Groningen
  • uitspraakin de zaak201908762/1/R3

201909021/1/A3

Bij besluit van 27 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Arnhem een aanvraag van [appellante] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellante] heeft op 31 november 2018 een urgentieverklaring voor woonruimte aangevraagd. Zij stelt dat zij in een woonnoodsituatie verkeert. Per 1 september 2018 woont zij namelijk met haar echtgenoot en twee jonge kinderen bij haar oma in huis. Dit huis is te klein. De woonsituatie is onverantwoord voor haar kinderen. Bovendien hebben [appellante] en haar oma medische klachten. Het college heeft de aanvraag afgewezen omdat geen sprake is van een woonnoodsituatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2866
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak201909021/1/A3

201909331/1/R1

Bij besluit van 10 augustus 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [vergunninghouder A] en [vergunninghouder B] vergunning verleend voor het veranderen van een vloer in een tuinhuis op het perceel [locatie] te Amsterdam. De omgevingsvergunning is verleend voor het bouwen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. De bouwactiviteiten bestaan uit het veranderen van de vloer en de daaronder gelegen ruimte van een tuinhuis in de achtertuin van het perceel [locatie] te Amsterdam. [vergunninghouders] zijn eigenaar van dit perceel. [appellant sub 1] woont op het achtergelegen perceel. Zijn achtertuin grenst aan de achtertuin van [vergunninghouders]. Beide achtertuinen behoren tot een complex van zogeheten keurtuinen. VVAB heeft volgens haar statuten onder meer tot doel de cultuurhistorische bebouwing en stedenbouwkundige structuur van (met name de binnenstad van) Amsterdam te behouden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2862
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak201909331/1/R1

201909411/1/A3

Bij brief van 24 januari 2019 heeft het Bureau Financieel Toezicht (hierna: BFT) een definitieve onderzoeksrapportage toegezonden aan [appellant A] en anderen. Het BFT heeft op grond van de artikelen 30 en 31, tweede lid, van de Gerechtsdeurwaarderswet een onderzoek ingesteld bij Yards Deurwaardersdiensten B.V. Naar aanleiding van dat onderzoek heeft het BFT op 24 oktober 2018 een conceptrapportage vastgesteld en deze naar [appellant A] en anderen toegezonden. Op die conceptrapportage hebben [appellant A] en anderen gereageerd. Het BFT heeft vervolgens op 24 januari 2019 de rapportage vastgesteld. Daarbij heeft het BFT geen reden gezien om van de gebruikelijke gang van zaken bij onderzoeken af te wijken en heeft het de verzoeken niet ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2857
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak201909411/1/A3

202000001/1/R4

Bij besluit van 16 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Barneveld aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning voor het maken van een uitweg verleend. [vergunninghouder] heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het maken van een uitweg van het perceel aan de [locatie 1], voorheen aangeduid als de [locatie 2], te Stroe naar de Dunenkamperweg. Na verlening van de vergunning heeft [vergunninghouder] de eigendom van het perceel overgedragen aan [belanghebbende A] en [belanghebbende B]. Het perceel ligt ten opzichte van de Stroeërweg aan het zuidelijke gedeelte van de Dunenkamperweg. Dat gedeelte van de Dunenkamperweg is doodlopend en in particuliere eigendom. [appellant] woont aan de [locatie 3] en is eigenaar van het gedeelte van de Dunenkamperweg dat op zijn perceel ligt. De ontsluiting van het perceel, via de Dunenkamperweg naar de Stroeërweg, gaat via dat perceel van [appellant].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2858
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202000001/1/R4

202000042/1/R4

Bij besluit van 10 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht aan Sugo International Holding B.V. een omgevingsvergunning eerste fase verleend voor het in afwijking van het bestemmingsplan vestigen van een restaurant op het perceel Vredenburg 21 te Utrecht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2898
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Mondelinge uitspraak
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202000042/1/R4

202000188/1/R4

Bij besluit van 12 november 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Overbetuwe het wijzigingsplan "Buitengebied, [locatie 1], Elst" vastgesteld. [partij] is eigenaar van het perceel [locatie 1] te Elst. Het perceel werd voorheen gebruikt voor fruitteelt, maar dat gebruik is beëindigd. Op het perceel bevinden zich nog een voormalige bedrijfswoning, een loods van ongeveer 910 m2 en een boomgaard. [partij] wil de loods laten afbreken en een tweede woning op het perceel laten bouwen, en heeft met het oog daarop een verzoek gedaan om de bestemming van het perceel te wijzigen van "Agrarisch" naar "Wonen". [appellant] exploiteert een akkerbouwbedrijf, veehouderij en dierenpension op het perceel aan [locatie 2]. Het zuidwestelijke vlak met daarop de voormalige bedrijfswoning grenst aan het perceel van [appellant]. [appellant] komt op tegen het wijzigingsplan, omdat hij vreest dat de bestemmingswijziging van het perceel zal leiden tot belemmering van zijn bedrijfsvoering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2853
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202000188/1/R4

202000276/1/R2

Bij besluit van 21 november 2019 heeft de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel het bestemmingsplan "Watertuin Aadal, Middelrode" vastgesteld. Het plan voorziet in de ontwikkeling van een waterberging annex vijver, een theetuin met speelvoorzieningen en een drietal zogenoemde ruimte-voor-ruimte woningen in Berlicum. Daarvan worden twee woningen gerealiseerd aan de Westakkers en één ten noordoosten van de Milrooijseweg aan de Achterweg naast nummer 17. [appellant A] en [appellant B], die wonen aan de [locatie], kunnen zich niet verenigen met de in het plan mogelijk gemaakte bouw van een van de nieuwe woningen naast hun perceel. Zij vrezen voor aantasting van hun woon- en leefklimaat en hebben daarbij verschillende beroepsgronden aangevoerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2846
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202000276/1/R2

202000412/1/R2

Bij besluit van 1 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom het wijzigingsplan "6e Wijzigingsplan Kom Halsteren" vastgesteld. Het wijzigingsplan voorziet in het verplaatsen van het bouwvlak op het perceel aan de Jankenberg 25 te Halsteren naar de andere zijde van dit perceel, Raemdonck 2c, waardoor het mogelijk wordt de vrijstaande woning op het perceel aan de Jankenberg 25 te slopen en een vervangende woning hiervoor terug te bouwen op hetzelfde perceel. Het plan is vastgesteld op verzoek van [belanghebbende B] en [belanghebbende A]. [appellant] en anderen wonen aan de Raemdonck en kunnen zich niet verenigen met het wijzigingsplan. Zij vrezen voor een aantasting van hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2824
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202000412/1/R2

202000467/1/A3

Bij besluit van 11 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Goirle aan [appellant A] een herplantplicht opgelegd. Op 9 mei 2018 hebben toezichthouders geconstateerd dat een boom onherstelbaar is beschadigd door werkzaamheden op het terrein van [appellanten]. Deze boom is aangemerkt als beschermde waardevolle houtopstand. Het college heeft daarom een herplantplicht opgelegd. Deze houdt in dat [appellanten] op exact dezelfde locatie een zelfde soort boom moeten planten. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college in redelijkheid deze herplantplicht heeft kunnen opleggen. [appellanten] betogen dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het college in redelijkheid als voorwaarde heeft kunnen stellen dat de herplant op dezelfde locatie moet. De waarde van de beschermde houtopstand hangt niet af van de exacte locatie van de boom.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2859
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202000467/1/A3

202000621/1/A3

Bij besluit van 8 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de bijhouding van de persoonslijst van [appellant] in de Basisregistratie Personen met ingang van 3 september 2018 opgeschort. [appellant] stond in de brp ingeschreven op het adres [locatie] in Rotterdam. Op 2 september 2018 heeft het college een melding gekregen van de wijkagent van vermoedelijke woonfraude op dat adres. Het college heeft naar aanleiding van deze melding een adresonderzoek uitgevoerd. Het heeft geconcludeerd dat [appellant] niet op dat adres woonde, vastgesteld dat hij geen aangifte heeft gedaan van een ander woonadres en ook is geen ander woonadres bekend geworden. Daarom heeft het college ingevolge artikel 2.22 van de Wet basisregistratie personen de bijhouding van de persoonslijst van [appellant] in de brp opgeschort. In het besluit op bezwaar heeft het dit besluit gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2855
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202000621/1/A3

202000624/1/R1

Bij besluit van 6 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sluis aan Havenzicht Cadzand B.V. een omgevingsvergunning eerste fase verleend voor het bouwen van een appartementengebouw aan de [locatie 1] in Cadzand. Op 29 juni 2018 heeft [vergunninghoudster] een omgevingsvergunning aangevraagd voor het bouwen van 10 appartementen met bijbehorende ruimte, berging en parkeerruimte op het perceel [locatie 1]. Bij besluit van 13 mei 2019 heeft het college de gevraagde omgevingsvergunning tweede fase verleend. Inmiddels is deze omgevingsvergunning gaan gelden voor Havenzicht Cadzand. [appellant sub 1] en anderen en [appellant sub 2] en anderen zijn eigenaren van diverse panden in de omgeving en kunnen zich niet met de omgevingsvergunningen verenigen, omdat zij vrezen dat het appartementengebouw tot onaanvaardbare inbreuk op hun woon- en leefklimaat zal leiden. [appellant sub 2] en anderen zijn niet tegen de komst van het gebouw, maar verzetten zich tegen de situering daarvan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2873
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202000624/1/R1

202000676/1/R1

Bij besluit van 17 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Alkmaar onder meer de locatie Julianalaan 06_ZL aangewezen als aanbiedlocatie voor het plaatsen van minicontainers ten behoeve van de inzameling van huishoudelijk afval ten behoeve van onder andere de woningen op de percelen [locatie 1] en [locatie 2] te Graft-De Rijp. [appellant A] en [appellant B] wonen aan de Julianalaan op achtereenvolgens de nummers [locatie 1] en [locatie 2]. Het college heeft de locatie met code Julianalaan 06_ZL aangewezen voor de huisnummers Julianalaan 105 tot en met 127. De aanbiedlocatie bevindt zich op parkeerplaatsen. De minicontainers worden gemiddeld één keer per week, op verschillende dagen, door een inzamelvoertuig zijgeladen ingezameld. [appellant A] en [appellant B] kunnen zich niet verenigen met de aangewezen locatie vanwege het verlies aan parkeerplaatsen op de momenten waarop de minicontainers worden ingezameld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2878
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202000676/1/R1

202000711/1/R2

Bij besluit van 10 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergeijk aan [vergunninghoudster] een omgevingsvergunning verleend voor het afwijken van het bestemmingsplan voor het realiseren van een bijgebouw op het perceel [locatie 1] te Riethoven. [vergunninghoudster] woont aan de [locatie 1] te Bergeijk en wil op haar perceel een vrijstaand bijbehorend bouwwerk met inrit realiseren. Dat is op grond van het bestemmingsplan niet toegestaan op dit deel van het perceel. Het college heeft [vergunninghoudster] in juli 2018 onder voorwaarden een omgevingsvergunning verleend voor de activiteit gebruik van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan ten behoeve van een bijgebouw op het perceel. [wederpartij] is eigenaar van het aangrenzende perceel. Hij kan zich niet verenigen met de verlening van de omgevingsvergunning voor het bijgebouw omdat het gebouw nabij zijn perceelsgrens komt te staan en het zijn woon- en leefklimaat nadelig beïnvloedt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2869
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202000711/1/R2

202000733/1/A3

Bij besluit van 15 februari 2018 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het verzoek van de Woonstichting tot goedkeuring in de zin van artikel 21, tweede lid, van de Woningwet afgewezen. Sunbrouck is een coöperatieve vereniging. Door haar wordt in de gemeente Midden-Groningen een zonnepanelenpark aangelegd. Sunbrouck laat haar leden tegen een kapitaalstorting belanghebbende worden van één of meerdere zonnepanelen. De Woonstichting is een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de Woningwet. Zij wil zich verbinden met Sunbrouck en is voornemens om belanghebbende te worden van 20% van het totaal aantal zonnepanelen op het park van Sunbrouck. Zij zal daarvoor een kapitaalstorting doen in Sunbrouck van € 61.440,00 die ziet op de aankoop van 240 zonnepanelen. De Woonstichting wil de opbrengst van deze zonnepanelen aanwenden voor het elektriciteitsgebruik van de algemene ruimtes van een aantal van haar appartementsgebouwen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2854
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202000733/1/A3

202001396/1/A3

Bij besluit van 25 april 2017 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de gemeente Kampen krachtens artikel 27, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet een eis gesteld betreffende de wijze waarop een of meer bepalingen gesteld bij of krachtens de Arbowet moeten worden nageleefd en bepaald dat binnen twee weken aan deze eis moet zijn voldaan. Op 13 januari 2017 heeft een inspecteur van de Inspectie SZW een inspectie uitgevoerd op de bouwlocatie om te controleren of de arbeidsomstandighedenwetgeving werd nageleefd. Deze inspectie is uitgevoerd naar aanleiding van berichten in nieuwsmedia dat werknemers van de vennootschap gezondheidsklachten hebben gekregen door mogelijke blootstelling aan giftige stoffen tijdens de heiwerkzaamheden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2852
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202001396/1/A3

202001645/1/R3

Bij besluit van 30 januari 2020 heeft de raad van de gemeente Midden-Groningen het bestemmingsplan "Kindcentrum Woldwijck 2" vastgesteld. Het plan maakt de bouw mogelijk van een zogenoemd integraal kindcentrum aan de Zuiderkroon in Hoogezand, dat zal bestaan uit een basisschool, gymzalen en peuter- en kinderopvang. Het doel is hier drie bestaande scholen samen te voegen, waarvan de bestaande gebouwen onvoldoende aardbevingsbestendig zijn. [appellant] woont aan de [locatie] in Hoogezand. De zuidgevel van zijn woning is gericht naar de Zuiderkroon, waaraan het kindcentrum zal komen. [appellant] vreest voor overlast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2860
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Groningen
  • uitspraakin de zaak202001645/1/R3

202001756/1/V6

Bij uitspraak van 13 november 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3847, heeft de Afdeling het door [appellante] ingestelde hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 18 juli 2018 in zaak nr. 17/3816 gegrond verklaard, die uitspraak vernietigd voor zover daarbij de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit van de staatssecretaris van 22 september 2017 in stand zijn gelaten, en de uitspraak voor het overige bevestigd. De minister heeft het verzoek van [appellante] om kwijtschelding van de bij de Dienst Uitvoering Onderwijs afgesloten lening van € 8.875,28 afgewezen, omdat zij geen rechtmatig verblijf heeft op basis van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde of onbepaalde tijd en zij niet verblijft bij een houder van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde of onbepaalde tijd, als bedoeld in artikel 4.1a, derde lid, gelezen in samenhang met artikel 4.13, derde lid, van het Besluit inburgering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2880
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202001756/1/V6

202002318/1/V6

Bij besluit van 15 februari 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellante] om haar het Nederlanderschap te verlenen, afgewezen. [appellante], met de Afghaanse nationaliteit, verblijft bij haar minderjarige kinderen met de Nederlandse nationaliteit. [appellante] heeft sinds 16 augustus 2012 een verblijfsdocument met de aantekening 'Familielid van een burger van de Unie', ontleend aan artikel 20 van het VWEU. De staatssecretaris heeft het verzoek afgewezen, omdat [appellante] geen duurzaam verblijfsrecht heeft in de zin van de Verblijfsrichtlijn en er daarom bedenkingen bestaan tegen haar verblijf in Nederland voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 8, eerste lid, aanhef en onder b, van de Rijkswet op het Nederlanderschap (hierna: de RWN). [appellante] betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de staatssecretaris zijn verweerschrift korter dan tien dagen voor de zitting heeft ingediend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2876
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202002318/1/V6

202002533/1/R2

Bij afzonderlijke besluiten van 19 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Simpelveld aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd, inhoudende het met het bestemmingsplan strijdige gebruik van het verblijfsobject aan de [locatie 1] te Bocholtz te beëindigen en beëindigd te houden en de in strijd met de omgevingsvergunning gerealiseerde bouwwerken en/of bouwonderdelen bij/van dit object te verwijderen en verwijderd te houden. [appellant A] is eigenaar en bewoner van het perceel aan de [locatie 2] te Bocholtz. Bij besluit van 9 april 2014 heeft het college een door [appellant B] gevraagde omgevingsvergunning voor splitsing van de woning op het perceel in twee zelfstandige wooneenheden geweigerd. Dit besluit is in rechte onaantastbaar geworden. Aan de geschakelde berging is bij besluit van 21 januari 2019 door het college het huisnummer [locatie 1] toegekend. Dit object wordt bewoond door [appellant B] en zijn echtgenote, de ouders van [appellant A].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2871
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202002533/1/R2

202004427/3/R1

Bij besluit van 23 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Reimerswaal het bestemmingsplan ‘’Klooster van Rilland’’ vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:3153
Datum uitspraak
2 december 2020
  • Vereenvoudigde behandeling
  • RO - Zeeland
  • uitspraakin de zaak202004427/3/R1

202004346/1/V1

Bij besluit van 19 november 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat de vreemdeling geen rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan heeft gehad.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2828
Datum uitspraak
1 december 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202004346/1/V1

202004741/1/V3

Bij besluit van 8 augustus 2020 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2829
Datum uitspraak
1 december 2020
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202004741/1/V3

202005218/1/V1

Bij besluit van 11 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en bepaald dat hij aan de vreemdeling een dwangsom heeft verbeurd van € 1.400,00.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2831
Datum uitspraak
1 december 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202005218/1/V1

202005251/1/V1

Bij besluit van 3 juni 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd en bepaald dat hij aan de vreemdeling geen dwangsom heeft verbeurd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2830
Datum uitspraak
1 december 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202005251/1/V1

202005970/1/V3 en 202005970/2/V3

Bij besluiten van 13 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2832
Datum uitspraak
1 december 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005970/1/V3 en 202005970/2/V3

202006365/2/V2

Bij besluit van 12 december 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2838
Datum uitspraak
1 december 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006365/2/V2

201909051/2/A3

Bij uitspraak van 25 september 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3254, heeft de Afdeling het hoger beroep van [verzoekster] tegen de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van 24 januari 2019 in zaak nr. 18/2511 ongegrond verklaard. [verzoekster] stelt zich in haar verzoek om herziening op het standpunt dat degenen die het besluit van 18 mei 2018 hebben ondertekend, op grond van de destijds geldende regelgeving niet bevoegd waren dit namens de raad te doen, en dat zij hierop is gestuit door het voorstel voor het raadsbesluit van 26 september 2019.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:3152
Datum uitspraak
30 november 2020
  • Herziening
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak201909051/2/A3

202001753/1/V3

Bij besluit van 9 november 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: mvv) te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2823
Datum uitspraak
27 november 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202001753/1/V3

202002734/1/V6

Bij besluit van 19 augustus 2013 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek om [appellant] het Nederlanderschap te verlenen afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2825
Datum uitspraak
26 november 2020
  • Mondelinge uitspraak
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202002734/1/V6

202004723/1/V3

Bij besluit van 10 augustus 2020 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2795
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202004723/1/V3

202004723/2/V3

Bij besluit van 10 augustus 2020 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2794
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202004723/2/V3

202005065/2/R3, 202005082/2/R3 en 202005095/2/R3

Bij besluit van 28 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Katwijk aan Boskalis een omgevingsvergunning verleend voor het tijdelijk verleggen van de huidige N206 (westzijde) voor de RijnlandRoute, bestaande uit: het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan en het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, in gevallen waarin dat bij een bestemmingsplan is bepaald. Het provinciaal inpassingsplan ziet op het tracé van de nieuwe N206. Om deze te kunnen verwezenlijken is het volgens het college van burgemeester en wethouders noodzakelijk om de huidige N206 Ir. G. Tjalmaweg te Valkenburg tijdelijk te verleggen, parallel aan de N206 gedurende de aanlegperiode van de nieuwe N206. Daartoe heeft het college van burgemeester en wethouders omgevingsvergunningen verleend. Bezwaarmakers vrezen voor aantasting van het woon- en leefklimaat, aantasting van beschermde diersoorten, aantasting van de externe veiligheid en stikstofdepositie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2790
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Kapvergunningen
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202005065/2/R3, 202005082/2/R3 en 202005095/2/R3

202005804/2/V2

Bij besluit van 24 februari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2793
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005804/2/V2

201704925/2/V2, 201704935/2/V2, 201704940/2/V2 en 201704941/2/V2

Bij verwijzingsuitspraak van 9 mei 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1503, heeft de Afdeling het Hof van Justitie verzocht bij wege van prejudiciële beslissing uitspraak te doen op de gestelde vraag over de uitleg van de Schengengrenscode (PB 2016, L 77). De Afdeling heeft daarbij de behandeling van de hoger beroepen geschorst tot het Hof uitspraak heeft gedaan en iedere verdere beslissing aangehouden. Op verschillende data in januari, februari en maart 2016 meldden de vreemdelingen zich alleen of in kleinere of grotere groepen bij een grensdoorlaatpost in de haven van Rotterdam. Zij maakten steeds kenbaar als zeelieden te zullen aanmonsteren op een in de haven gelegen zeeschip. Zij vroegen de Zeehavenpolitie Rotterdam, de instantie die in de Rotterdamse haven is belast met het grenstoezicht, om uitreisstempels in hun paspoorten aan te brengen. De ZHP weigerde dit in alle gevallen, omdat niet duidelijk werd gemaakt wanneer het betrokken zeeschip de haven van Rotterdam zou verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2818
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak201704925/2/V2, 201704935/2/V2, 201704940/2/V2 en 201704941/2/V2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201704925/2/V2, 201704935/2/V2, 201704940/2/V2 en 201704941/2/V2

201804258/1/R2 en 201903742/1/R2

Bij besluit van 6 maart 2018 heeft de raad van de gemeente Eersel het bestemmingsplan "Buitengebied 2017" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in een planologisch juridische regeling voor het buitengebied van de gemeente Eersel. In dat bestemmingsplan is het bestemmingsplan "Buitengebied" geheel herzien en zijn de regels van de provinciale Verordening ruimte Noord-Brabant verwerkt. Daarnaast zijn er ongeveer 40 onherroepelijke omgevingsvergunningen, wijzigingsplannen en bestemmingsplannen voor particuliere initiatieven verwerkt. Het bestemmingsplan "Buitengebied 2017" is op 3 juli 2018 deels gewijzigd en opnieuw integraal vastgesteld onder dezelfde naam. In het op 29 januari 2019 vastgestelde plan "Buitengebied 2017, eerste herziening" is nog een extra aantal particuliere initiatieven verwerkt en zijn geconstateerde incorrectheden uit het plan "Buitengebied 2017" hersteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2820
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201804258/1/R2 en 201903742/1/R2

201809188/1/R2

Bij besluit van 28 september 2018 hebben Provinciale staten van Noord-Brabant het inpassingsplan "N629 Oosterhout - Dongen" vastgesteld. Het inpassingsplan voorziet in de ontwikkeling van een nieuwe provinciale weg N629 die de gemeenten Oosterhout en Dongen met elkaar verbindt. De nieuwe N629 zal ook worden aangesloten op de rijksweg A27, maar dat is geen onderdeel van dit inpassingsplan en zal in een andere fase worden gerealiseerd. De nieuwe weg heeft tot doel de verkeersproblemen op de bestaande N629, de Westerlaan en Duiventorenbaan op te lossen en de bereikbaarheid van het bedrijventerrein "Everdenberg-Oost" te verbeteren. [appellant sub 1], [appellant sub 6] en [appellant sub 7] en anderen wonen in de omgeving van de aan te leggen weg en exploiteren daar ook agrarische bedrijven. Zij vrezen dat het inpassingsplan leidt tot een onaanvaardbare aantasting van hun bedrijfsbelangen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2810
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak201809188/1/R2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201809188/1/R2

201809490/1/R3

Bij besluit van 27 september 2018 heeft de raad van de gemeente Teylingen het bestemmingsplan "Recreatiepark Watertuin" vastgesteld. Het plangebied ligt tussen de kernen Leiderdorp en Oude Ade. Aan de oostzijde wordt het plangebied begrensd door de Leidseweg. Het plangebied bevat de gronden van het recreatiepark Watertuin en heeft een totale oppervlakte van ongeveer 6 ha. Volgens paragraaf 1.1 van de plantoelichting dateert het recreatiepark Watertuin van begin jaren '70 uit de vorige eeuw en bestaat het uit 68 recreatiewoningen, een jachthaven en een dienstwoning. Het bestemmingsplan "Recreatiepark Watertuin" voorziet in een actualisering van het juridisch-planologisch kader voor recreatiepark Watertuin. [appellanten] betogen dat ten onrechte niet een woonbestemming aan hun recreatiewoningen is toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2814
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak201809490/1/R3

201900285/1/A2 en 201900287/1/A2

Bij besluit van 18 juli 2017 heeft SWV een aanvraag van de Stichting Openbaar Onderwijs Zwolle en Regio om een toelaatbaarheidsverklaring voor speciaal basisonderwijs voor de zoon van [appellante], [zoon], ingewilligd en die verklaring afgegeven voor de periode 18 juli 2017 tot en met 31 juli 2019. Deze zaken gaan over de vraag of regulier basisonderwijs dan wel speciaal basisonderwijs passend is voor [zoon]. [zoon] heeft een gemiddelde intelligentie, maar loopt met rekenen, lezen en spelling erg achter op de rest van zijn klas. Volgens [appellante] kon de reguliere basisschool OBS de Campherbeek in de onderwijsbehoefte van [zoon] blijven voorzien, zij het met de juiste begeleiding. Volgens SZW en OOZ heeft OBS de Campherbeek alles gedaan wat redelijkerwijs van de school kon worden gevergd, maar bleven zijn leerprestaties te ver achter. Het is volgens hen in het belang van [zoon] dat hij naar een school voor speciaal basisonderwijs gaat, waar hij onderwijs op maat kan krijgen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2822
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak201900285/1/A2 en 201900287/1/A2

201902193/1/R4

Bij besluit van 30 november 2017 heeft het college van gedeputeerde staten van Groningen [appellant], onder aanzegging van bestuursdwang, gelast om de rookontwikkeling veroorzaakt door de brand binnen de inrichting aan de [locatie] te Stadskanaal, te voorkomen, beperken en ongedaan te maken. Binnen de inrichting is op 27 november 2017 brand uitgebroken. Nadat de brandweer de brand onder controle had, heeft het college aan [appellant] een last onder bestuursdwang opgelegd. [appellant] bestrijdt dat de brandweer de brand onder controle had en is het niet eens met de opgelegde last onder bestuursdwang en de begunstigingstermijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2808
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201902193/1/R4

201902194/1/R4

Bij besluit van 12 januari 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Groningen [appellant], onder aanzegging van bestuursdwang, gelast om een partij grof bedrijfsafval afkomstig van een bult die in brand heeft gestaan, binnen twee weken af te voeren uit de inrichting van [appellant] aan de [locatie] te Stadskanaal naar een erkend verwerker. Ook heeft het college [appellant] gelast om geen afvalstoffen meer binnen de inrichting te accepteren zolang onvoldoende is geborgd dat nieuw geaccepteerd afval het aanwezige afvalwater niet verontreinigt en dat nieuw geaccepteerd afval opgeslagen wordt op een vloer die voldoet aan de eisen. Op 27 november 2017 heeft binnen de inrichting van [appellant] een brand gewoed. Daarbij stond een partij binnen de inrichting opgeslagen afval, bestaande uit grof afval en bedrijfsafval, in brand. [appellant] stelt dat niet vaststaat dat sprake is van een causaal verband tussen het ongewoon voorval, te weten de brand, en de nadelige gevolgen voor het milieu.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2802
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201902194/1/R4

201903009/1/R4

Bij besluit van 28 maart 2013 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maasdriel aan [appellante B] een omgevingsvergunning beperkte milieutoets verleend voor het wijzigen van een varkenshouderij naar een geitenhouderij aan de [locatie 1] te Rossum. [appellante B] heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het wijzigen van de varkenshouderij naar een geitenhouderij met 1900 geiten. Het bedrijf van [appellante B] ligt in een buitengebied. In de omgeving van het bedrijf zijn binnen een straal van ongeveer 2 km 13 andere veehouderijen gevestigd. De dichtstbijzijnde veehouderij is gelegen op een afstand van 140 m. In de directe omgeving zijn ook 12 woningen gelegen. [partij] woont op het naastgelegen perceel [locatie 2] te Rossum. [partij] ervaart veel geuroverlast van de verschillende bedrijven in de omgeving en is bang dat die overlast toeneemt door de komst van een geitenhouderij.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2819
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Vee e.a. dieren
  • uitspraakin de zaak201903009/1/R4

201906234/1/R3

Bij besluit van 15 september 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden geweigerd [appellant sub 2] een omgevingsvergunning te verlenen voor het uitbreiden van de recreatiewoning op het perceel [locatie] te Grou in afwijking van het bestemmingsplan. [appellant sub 2] heeft een recreatiewoning op het perceel [locatie] te Grou. De recreatiewoning heeft een oppervlakte van 99 m². [appellant sub 2] heeft een aanvraag ingediend om de recreatiewoning met 33 m² uit te breiden. Hiervan valt 21 m² binnen de bouwmogelijkheden van het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Grou". Voor de overige 12 m² doet [appellant sub 2] een beroep op de binnenplanse afwijkingsregels. Het college heeft geweigerd om een omgevingsvergunning te verlenen voor het uitbreiden van de recreatiewoning in afwijking van het bestemmingsplan. Volgens het college is de verzochte uitbreiding in strijd met een goede ruimtelijke ordening.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2811
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak201906234/1/R3

201906271/1/A3

Bij besluit van 13 maart 2018 heeft de minister voor Rechtsbescherming de aanvraag van [moeder], de moeder van [zoon], om een geslachtsnaamswijziging ingewilligd. [moeder] heeft de minister op grond van het Besluit geslachtsnaamswijziging gevraagd om de geslachtsnaam van [zoon] te wijzigen van ‘[naam appellant]’ in ‘[naam moeder]’. Haar ex-partner [appellant], vader van [zoon], is onherroepelijk veroordeeld wegens een tegen haar begaan misdrijf. De minister heeft de aanvraag van [moeder] op grond van artikel 6 (oud) van het Besluit toegewezen. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de gedragslijn, opgenomen in de bij artikel 6 van het Besluit behorende Bijsluiter psychische hinder niet kennelijk onredelijk of in strijd met de wet is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2815
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak201906271/1/A3

201906771/1/R1

Bij besluit van 29 juli 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland naar aanleiding van een melding van de provincie Zuid-Holland vastgesteld dat de locatie Loswal 88 te Maassluis een geval van ernstige verontreiniging betreft, maar dat spoedige sanering als bedoeld in artikel 37 van de Wet bodembescherming niet noodzakelijk is. De locatie is in 1928 tot 1930 opgespoten met baggerspecie. Binnen de grenzen van de loswal zijn in de periode van 1962 tot 1975 de woonwijken Vogelbuurt en de Burgemeesterswijk gebouwd. Uit bodemonderzoeken die sinds de jaren ‘90 zijn uitgevoerd, blijkt dat door verschillende ophogingen voor en tijdens de bouw een grillig verontreinigingspatroon is ontstaan op de locatie. In de toplaag is sprake van ernstige bodemverontreiniging door voornamelijk arseen en zink. [appellant] woont in de Vogelbuurt en kan zich niet met dit besluit verenigen. Hij is van mening dat sanering van de verontreiniging urgent is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2812
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak201906771/1/R1

201907326/1/R4

Bij besluit van 5 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Nijkerk aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd. [appellant] exploiteert op het perceel [locatie 1] te Nijkerk een bedrijf dat houten tuinmeubelen en haardhout vervaardigt en verkoopt. Op het perceel bevindt zich ook een agrarisch bedrijf. Ingevolge het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Buitengebied Nijkerk 2017" rust op het perceel de bestemming "Agrarisch met waarden - landschappelijke waarden" en de functieaanduiding "specifieke vorm van agrarisch - nevenactiviteit". Op gronden met deze bestemming zijn een houtzagerij en een houthandel niet toegestaan. Het college heeft [appellant] onder oplegging van een dwangsom van € 25.000,00, gelast om alle activiteiten ten behoeve van de houtzagerij te beëindigen en beëindigd te houden of terug te brengen naar een omvang van maximaal 350 m2 voor houtopslag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2798
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201907326/1/R4

201907467/1/A3

Bij besluit van 6 juli 2018 heeft de burgemeester van Breda onder aanzegging van bestuursdwang [partij] gelast het pand op het adres [locatie] te Breda te sluiten voor de duur van twaalf maanden. Op het adres [locatie] te Breda werd sinds 20 augustus 1997 [appellante] (hierna: het café) geëxploiteerd op de begane grond van het pand. [partij] was eigenaar van het pand. [beherend vennoot] is beherend vennoot van [appellante] en woonde boven het café. Op 13 april 2018 heeft de politie gecontroleerd wie er boven het café woonde. Op 20 april en 22 juni 2018 heeft de politie het pand geobserveerd. De politie heeft daarbij in en rond het café en in en rond nabij het café geparkeerde auto’s gedragingen waargenomen waaraan de politie een redelijk vermoeden ontleende dat in drugs werd gehandeld. [appellante] betoogt dat de burgemeester niet bevoegd was om op grond van de Opiumwet sluiting van het café te gelasten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2799
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201907467/1/A3

201908307/1/A3

Bij besluit van 8 december 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag de aanvraag van [appellant] om een vuurwerkverkoopvergunning op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening voor de gemeente Den Haag afgewezen. [appellant] verkoopt sinds 2000 rond de jaarwisseling consumentenvuurwerk vanuit een loods op het adres [locatie] te Den Haag. De laatst aan hem verleende vuurwerkverkoopvergunning dateert van 21 december 2012 en deze was vijf jaar geldig. Bij een controle op 31 augustus 2017 is het college gebleken dat [appellant] zes overtredingen van het Vuurwerkbesluit heeft begaan. Deze overtredingen zijn direct na constatering beëindigd. Om herhaling van de overtredingen te voorkomen heeft het college bij besluit van 7 november 2017 een last onder dwangsom opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2783
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak201908307/1/A3

201908310/1/A3

Bij besluit van 29 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een aanvraag van [appellant] om een vuurwerkverkoopvergunning op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening voor de gemeente Den Haag afgewezen. [appellant] verkoopt sinds 2000 rond de jaarwisseling vuurwerk vanuit een loods op het adres [locatie] te Den Haag. Bij besluit van 8 december 2017 heeft het college een aanvraag van [appellant] om een vuurwerkverkoopvergunning afgewezen. Bij besluit van 26 juli 2018 heeft het college het daartegen door [appellant] gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Volgens [appellant] was duidelijk dat hij in bezwaar gehoord wilde worden. Nu hij niet is gehoord, heeft hij geen nadere toelichting ten overstaan van de bezwarencommissie kunnen geven, waardoor hij in zijn belangen is geschaad.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2803
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak201908310/1/A3

201908436/1/A2

Bij besluit van 5 september 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wormerland een aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] is sinds 16 januari 1976 eigenaar van het perceel kadastraal bekend Jisp H […] en sinds 18 oktober 1991 van het perceel kadastraal bekend Jisp H […], samen plaatselijk bekend [locatie] te Wijdewormer (hierna: perceel [locatie]). Op perceel [locatie] bevinden zich de woning en tuin van [appellant]. [appellant] is sinds 10 oktober 2000 eigenaar van het naast perceel H […] gelegen perceel kadastraal bekend Jisp H […]. Dat perceel is in gebruik als weiland. [appellant] heeft gevraagd om een tegemoetkoming in planschade ten gevolge van het op 31 januari 2011 in werking getreden wijzigingsplan "nieuw agrarisch bouwperceel Jisperdijkje/Jisp".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2817
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201908436/1/A2

201908821/1/R1

Bij besluit van 7 oktober 2019 heeft de raad van de gemeente Den Helder het bestemmingsplan "Verplaatsing Lidl Julianadorp" vastgesteld. De Lidl exploiteert een supermarkt op het perceel Loopuytpark 11 te Julianadorp, gemeente Den Helder. Het voorliggende bestemmingplan voorziet in de verplaatsing van deze supermarkt naar het perceel Schoolweg 20. De omgevingsvergunning is verleend aan de Lidl en ziet, voor zover van belang, op het bouwen van bouwwerken ten behoeve van de supermarkt op dit perceel. De Aldi heeft een vestiging op het perceel Schoolweg 63, dat is gelegen op een afstand van circa 100 m vanaf het plangebied. Zij kan zich niet met het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning verenigen, omdat het maximaal toegestane winkelvloeroppervlak onvoldoende is geborgd in de planregels en de behoefte aan de planologisch toegestane uitbreiding van de supermarkt ten onrechte niet is onderbouwd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2813
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak201908821/1/R1

202000016/1/R1

Bij besluit van 24 oktober 2019 heeft de raad van de gemeente Noord-Beveland het "Bestemmingsplan Windpark Jacobahaven" vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van drie windturbines met een tiphoogte van 150 m in de Jacobahaven op Noord-Beveland. In het plangebied staan momenteel drie windturbines met een tiphoogte van 123 m. De bestaande windturbines zullen worden afgebroken. De vervanging van twee windturbines vindt op dezelfde locaties plaats waar nu ook windturbines staan. De locatie voor de derde windturbine verschuift ongeveer 25 m. De ontwikkeling in de Jacobahaven is gericht op het optimaliseren van de windturbineparken bij de Oosterscheldekering. Deze locatie is in 2006 door de provincie Zeeland aangewezen als concentratielocatie voor windenergie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2821
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202000016/1/R1

202000141/1/R1

Bij besluit van 14 juli 2017 heeft het algemeen bestuur van de bestuurscommissie van stadsdeel Oost aan [appellant] een omgevingsvergunning verleend voor het verhogen van de tuinmuur en het vergroten van het terras aan de achterzijde van de woning op het perceel [locatie 1] in Amsterdam. Bij besluit van 9 januari 2018 heeft het college de door [partij sub 1A], [partij sub 1B], [partij sub 2A], [partij sub 2B] en [belanghebbende A] en [belanghebbende B] daartegen gemaakte bezwaren gedeeltelijk gegrond verklaard, het besluit van 14 juli 2017 gedeeltelijk herroepen, alsnog geweigerd omgevingsvergunning te verlenen voor het verhogen van de tuinmuur en het besluit van 14 juli 2017 voor het overige in stand gelaten. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de verhoging van de tuinmuur en de vergroting van het terras in strijd zijn met het bestemmingsplan. Hij voert daartoe aan dat de rechtbank de tuinmuur en het terras ten onrechte aanmerkt als onderdeel van het hoofdgebouw.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2800
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202000141/1/R1

202000549/1/A3

Bij besluit van 25 februari 2019 heeft de korpschef van politie de aan [bedrijf] te Hilversum verleende toestemming om [appellant] tewerk te stellen als medewerker voor het verrichten van beveiligingswerkzaamheden ingetrokken. De korpschef heeft bij besluit van 16 maart 2017 aan [bedrijf] in Hilversum toestemming verleend als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus om [appellant] als beveiliger in te zetten. In het besluit van 25 februari 2019, dat bij besluit van 18 juni 2019 is gehandhaafd, is deze toestemming ingetrokken, omdat de korpschef van mening is dat [appellant] onvoldoende betrouwbaar zou zijn om voor een beveiligingsorganisatie of recherchebureau werkzaamheden te verrichten. Daaraan heeft de korpschef ten eerste ten grondslag gelegd dat [appellant] op 8 februari 2019 is veroordeeld tot een geldboete van € 150,00 subsidiair 3 dagen hechtenis voor het bespugen van een klant.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2806
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Beveiligingswerkzaamheden
  • uitspraakin de zaak202000549/1/A3

202000584/1/A3

Bij brief van 11 oktober 2018 heeft de burgemeester van Vlaardingen [appellant] een schriftelijke waarschuwing gegeven. [appellant] woont op het adres [locatie] te Vlaardingen. Naar aanleiding van een bestuurlijke rapportage door de politie gebaseerd op een reeks aan meldingen bij de gemeente en de politie van overlast over de woning van [appellant] heeft de burgemeester [appellant] bij brief van 11 oktober 2018 een schriftelijke waarschuwing gegeven vanwege schending van de zorgplicht op grond van artikel 2.94 van de Algemene Plaatselijke Verordening Vlaardingen 2014. In de brief staat vermeld dat de burgemeester [appellant] een last onder dwangsom kan opleggen wanneer de overlast niet wordt beëindigd. Na de waarschuwing zijn er geen klachten meer geweest over de woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2816
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202000584/1/A3

202001394/1/A3

Bij besluit van 20 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam [appellant A] en [appellant B] een bestuurlijke boete opgelegd van € 18.000,- wegens overtreding van artikel 21, aanhef en onder c, van de Huisvestingswet 2014. Op 20 december 2018 hebben toezichthouders van de gemeente Amsterdam een huisbezoek afgelegd in de woning op het adres [locatie] (hierna: het huisbezoek). [appellant A] en [appellant B] waren op dat moment eigenaar van die woning. Van het huisbezoek is een rapport van bevindingen opgemaakt. Daarin staat dat de toezichthouders in de woning [persoon A] hebben aangetroffen en dat hij heeft verklaard dat hij één van de vijf personen is die de woning huren. Hij heeft onder meer verklaard dat de vijf huurders ieder een eigen huurcontract hebben, dat de huurders elkaar niet kenden voordat zij de woning huurden, dat zij allemaal op een ander tijdstip in de woning zijn komen wonen en dat er vijf slaapkamers zijn die allemaal kunnen worden afgesloten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2805
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202001394/1/A3

202001435/1/R4

Bij besluit van 25 mei 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Limburg geweigerd het verzoek van [appellante] in te willigen om de begunstigingstermijn, die is verbonden aan de op 26 oktober 2017 opgelegde last onder dwangsom, te verlengen. [appellante] exploiteert een inrichting voor de op- en overslag en bewerking van afvalstoffen aan de [locatie] te Brunssum. Het college heeft aan haar voor het in werking hebben van die inrichting bij besluit van 21 augustus 2014 een omgevingsvergunning verleend voor de opslag van 272 ton kunststofafval. Bij besluit van 26 oktober 2017, verzonden op 27 oktober 2017, heeft het college [appellante] een last onder dwangsom opgelegd onder meer om binnen acht maanden na de verzenddatum van het besluit ter naleving van die omgevingsvergunning brandveiligheidsvoorzieningen in het pand te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2804
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202001435/1/R4

202001473/1/R1

Bij besluit van 18 december 2019 heeft het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Delfland aan Dura Vermeer Infra Regionale Projecten B.V. een watervergunning verleend voor het verrichten van waterhuishoudkundige werkzaamheden ter plaatse van het perceel Rodenrijseweg 54 in Berkel en Rodenrijs. Het gaat om een watervergunning voor het aanbrengen van een stalen damwand, het afgraven van een grondlichaam, het verbreden van een boezemwatergang (Rodenrijsevaart) en het verwijderen en aanbrengen van een ophaalbrug. [appellanten] wonen aan de [locatie A], tegenover het perceel Rodenrijseweg 54, aan de andere zijde van de Rodenrijsevaart. Zij vrezen voor beschadiging van hun woning en de plaatselijke waterkering als gevolg van de te verrichten werkzaamheden, in het bijzonder het plaatsen van de stalen damwand. Zij hebben geen bezwaren tegen de verwijdering, restauratie en terugplaatsing van de brug.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2809
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Waterschapszaken
  • uitspraakin de zaak202001473/1/R1

202001525/1/R4

In het besluit van 13 januari 2020 heeft de raad van de gemeente Lochem het bestemmingsplan "Berkeloevers Lochem" vastgesteld. Het plan biedt het juridisch-planologisch kader voor de bouw van maximaal 20 woningen op een voormalig bedrijfsterrein aan de [locatie 1] te Lochem en het ten zuiden daarvan gelegen onbebouwde terrein. De gronden zijn eigendom van [belanghebbende]. De Vereniging Badhuisoord behartigt de belangen van onder meer de bewoners van de Graaf Ottoweg. De Vereniging van eigenaars "Stad Lochem" behartigt de gemeenschappelijke belangen van de eigenaren van het appartementencomplex aan de [locatie 2], op korte afstand van het plangebied. [appellant sub 2A] en [appellant sub 2B] wonen aan de [locatie 3] en [appellanten sub 1] wonen aan de [locatie 4], eveneens vlakbij het plangebied. De Vereniging en anderen en [appellanten sub 1] vrezen dat het bestemmingsplan nadelige gevolgen heeft voor het woon- en leefklimaat in de omgeving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2797
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bouwen
  • RO - Gelderland
  • Wegenwet
  • uitspraakin de zaak202001525/1/R4

202001559/1/R4

In het besluit van 13 januari 2020 heeft de raad van de gemeente Lochem het bestemmingsplan "Nieuweweg Lochem" vastgesteld. Het plan biedt het juridisch-planologisch kader voor de bouw van twee vrijstaande woningen op het terrein tussen de [locatie 2] en 3 te Lochem. Het plangebied grenst aan de noordoostzijde aan de Badhuisweg en aan de zuidwestzijde aan de Nieuweweg. In het plangebied bevinden zich nu bomen en een sloot die parallel loopt aan de Nieuweweg. De gronden zijn eigendom van [partij]. De Vereniging Badhuisoord behartigt de belangen van onder meer de bewoners van de Nieuweweg. De Vereniging van eigenaars "Stad Lochem" behartigt de gemeenschappelijke belangen van de eigenaren van het appartementencomplex aan de Nieuweweg 3. [appellant A] en [appellant B] wonen aan de [locatie 1] en [appellant C] en [appellant D] aan de [locatie 2]. De Vereniging en anderen vrezen dat het bestemmingsplan nadelige gevolgen voor hun woon- en leefklimaat heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2796
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202001559/1/R4

202002549/1/R4

Bij besluit van 11 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leusden aan de gemeente Leusden een omgevingsvergunning verleend voor het kappen van zes bomen op het perceel Liniedijk langs het Valleipark in Leusden. Het gaat om de bomen met nummers 1, 5, 6, 13, 17 en 39. De omgevingsvergunning voor het bouwen betreft de laatste fase van het project Valleipark aan de rand van Leusden. In deze fase worden een rij van vijf woningen en een rij van zes woningen gebouwd. De woningen worden gerealiseerd langs de Liniedijk, die als rijksmonument en onderdeel van de Grebbelinie is beschermd. Om de bouw mogelijk te maken is een omgevingsvergunning voor het kappen verleend voor de kap van vijf bomen aan de Liniedijk. De achtertuin van [appellant] grenst aan de Liniedijk. Hij heeft vanuit zijn achtertuin direct zicht op de Liniedijk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2807
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202002549/1/R4

202003543/1/R4

Bij besluit van 30 oktober 2019 heeft het college aan Dutch Durables Energy 3 B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het aanleggen van een zonnepark op het perceel Kampbroek 5 te Hernen. Het perceel heeft een oppervlakte van ongeveer 11 hectare en ligt ten noordoosten van Hernen in het buitengebied van de gemeente Wijchen. Het perceel is driehoekig van vorm en grenst aan de oostzijde aan de A50 over een lengte van ongeveer 380 meter en aan de noordzijde aan de Nieuwe Wetering over een lengte van ongeveer 570 meter. Het perceel loopt vanaf zijn meest zuidelijke punt aan de A50 schuin omhoog in noordwestelijke richting tot aan de Nieuwe Wetering. Het perceel heeft een bouwvlak waarop gebouwen tot ongeveer tien meter hoog staan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2801
Datum uitspraak
25 november 2020
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202003543/1/R4

201909246/1/V3

Bij besluiten van 29 oktober 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2789
Datum uitspraak
24 november 2020
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak201909246/1/V3

202004715/1/V3

Bij besluiten van 29 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten (hierna: het terugkeerbesluit), een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd en hem in vreemdelingenbewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2788
Datum uitspraak
24 november 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202004715/1/V3

202004949/1/V3

Bij besluiten van 29 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten (hierna: het terugkeerbesluit), een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd en hem in vreemdelingenbewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2787
Datum uitspraak
24 november 2020
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202004949/1/V3

202005419/2/R3, 202005420/2/R3 en 202005421/2/R3

Bij besluit van 16 juli 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland geweigerd aan het college van burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard ontheffing te verlenen van de Omgevingsverordening Zuid-Holland. Zoals de rechtbank tot uitgangspunt heeft genomen, is aan de [locatie 1] en [locatie 2] te Stolwijk sinds 2001 melkgeitenbedrijf [verzoekster sub 2] gevestigd. In de loop der jaren heeft [verzoekster sub 2] het aantal geiten en haar bedrijfsbebouwing uitgebreid. In 2016 heeft [verzoekster sub 2] aan het college van burgemeester en wethouders verzocht haar een omgevingsvergunning te verlenen ter legalisatie van de door haar gerealiseerde uitbreidingen en ook van de met het bestemmingsplan strijdige gebruiksactiviteiten. In mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders bij het college van gedeputeerde staten om ontheffing gevraagd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2785
Datum uitspraak
24 november 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202005419/2/R3, 202005420/2/R3 en 202005421/2/R3

202006044/2/V3

Bij besluit van 20 oktober 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2792
Datum uitspraak
24 november 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006044/2/V3

202006212/2/V3

Bij besluit van 21 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2791
Datum uitspraak
24 november 2020
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202006212/2/V3
vorige pagina1...254255256...1.249volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon