Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.756
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202300984/2/V1

Bij besluiten van 29 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:969
Datum uitspraak
9 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300984/2/V1

202301031/1/V1 en 202301031/2/V1

Bij besluit van 2 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:964
Datum uitspraak
9 maart 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301031/1/V1 en 202301031/2/V1

202301216/2/V3

Bij besluit van 11 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:962
Datum uitspraak
9 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301216/2/V3

202301237/2/V1

Bij besluit van 18 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:965
Datum uitspraak
9 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301237/2/V1

202301398/2/V2

Bij besluiten van 5 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:963
Datum uitspraak
9 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301398/2/V2

202301445/2/V1

Bij besluit van 5 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:970
Datum uitspraak
9 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301445/2/V1

202104346/1/V1

Bij besluit van 30 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid geweigerd om ambtshalve krachtens artikel 64 van de Vw 2000 te bepalen dat uitzetting van de vreemdeling achterwege blijft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:905
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202104346/1/V1

202106188/1/V3

Bij besluit van 14 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:909
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106188/1/V3

202106477/1/V2

Bij besluiten van 11 mei 2021 heeft de staatssecretaris aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij ambtshalve geweigerd krachtens artikel 64 van de Vw 2000 te bepalen dat uitzetting van de vreemdelingen achterwege blijft en geweigerd de vreemdelingen ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:911
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202106477/1/V2

202107935/1/V1

Bij besluiten van 10 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij geweigerd de vreemdelingen ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:899
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202107935/1/V1

202201907/1/V2

Bij besluit van 11 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:903
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202201907/1/V2

202203514/1/V1 en 202203514/2/V1

Bij besluit van 15 oktober 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:910
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202203514/1/V1 en 202203514/2/V1

202204055/1/V3

De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:904
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202204055/1/V3

202204959/1/V3

De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:908
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202204959/1/V3

202206283/1/V3

De vreemdelingen hebben beroepen ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op aanvragen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:907
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206283/1/V3

202301038/1/V2 en 202301038/2/V2

Bij besluit van 2 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:906
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301038/1/V2 en 202301038/2/V2

202001783/2/A2

Bij tussenuitspraak van 19 januari 2022 heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente opgedragen om binnen achttien weken na de verzending van de tussenuitspraak met inachtneming van hetgeen daarin is overwogen de gebreken in het besluit van 14 mei 2019 te herstellen door een nieuw besluit te nemen. [appellante] heeft op 9 maart 1995 gekocht en is sinds 19 mei 1995 eigenaar van een perceel bouwterrein van ongeveer 450 m2. Zij heeft nadien een aantal percelen aansluitend aan dat perceel verworven. De percelen van [appellante] zijn de kadastrale percelen gemeente Markelo, sectie M nummers 832, 833, 933 en 1128. Deze percelen worden hierna gezamenlijk aangeduid als perceel [locatie 1]. De woning waarin [appellante] woont staat op het kadastrale perceel 832.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:956
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202001783/2/A2

202004483/1/A3

Bij afzonderlijke besluiten van 13 april 2016 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante A] een bestuurlijke boete opgelegd van € 229.850,- en aan [appellant B] een bestuurlijke boete opgelegd van € 44.050,- wegens overtredingen van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. [appellante A] is een in Den Haag gevestigd uitzendbureau voor de productie-, bouw- en agrarische sector, aannemerij en schoonmaak. Ten tijde van belang waren bij [appellante A] 350-400 uitzendkrachten ingeschreven en was [appellant B] van [appellante A] feitelijk leidinggevende. Naar aanleiding van meldingen via de website van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (thans: Nederlandse Arbeidsinspectie; hierna: de Arbeidsinspectie) in maart 2012 en bevindingen van een arbeidsinspecteur in diezelfde maand, over mogelijke onderbetaling van uitzendkrachten van [appellante A] heeft de Arbeidsinspectie een onderzoek naar het bedrijf uitgevoerd. Het onderzoek was gericht op 30 werknemers van [appellante A] in de onderzoeksperiode van 20 juni 2011 tot en met 17 juni 2012.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:913
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202004483/1/A3

202006122/1/A2

Bij besluit van 1 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de schulddienstverlening aan [appellant] met onmiddellijke ingang beëindigd met een termijn van uitsluiting van drie jaar. [appellant] heeft op 1 september 2015 bij het college schulddienstverlening aangevraagd op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Bij besluit van 1 oktober 2015 heeft het college deze aanvraag gehonoreerd. In dit besluit is [appellant] te kennen gegeven dat hij binnen drie weken na dagtekening van dit besluit duidelijkheid dient te verschaffen over het aanzuiveren van de roodstand op zijn ING-rekening, in de zin dat hij het college ervan op de hoogte moet stellen als hij de roodstand heeft aangezuiverd of, indien het niet lukt de roodstand aan te zuiveren, het rekeningnummer gewijzigd moet worden. Verder heeft het college [appellant] er in dit besluit op gewezen dat het door hem ondertekende document ‘rechten en plichten’ deel uitmaakt van het besluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:915
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202006122/1/A2

202007050/1/R3

Bij besluit van 17 november 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Overijssel besloten de raad van de gemeente Almelo een aanwijzing te geven als bedoeld in artikel 3.8, zesde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, ertoe strekkende dat het bestemmingsplan "Rhijnbeek", zoals vastgesteld door de raad op 20 oktober 2020, niet in stand kan blijven. De aanwijzing betreft het gebied "Rhijnbeek", bestaande uit het geometrisch bepaalde planobject als vervat in het plan-IDN NL.IMR0.9923.ra2020001-va01 met de bijbehorende bestanden. De raad heeft het bestemmingsplan "Rhijnbeek" (hierna: het plan) vastgesteld om binnen het plangebied de bouw van een bouwmarkt en tuincentrum mogelijk te maken. Aan het grootste deel van de gronden is de bestemming "Detailhandel" toegekend. Hornbach is de initiatiefnemer van het plan en heeft voor de bouw een omgevingsvergunning aangevraagd, die gecoördineerd is voorbereid met het plan. In het vastgestelde plan zijn wijzigingen aangebracht ten opzichte van het ontwerpplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:925
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202007050/1/R3

202007090/1/R2

Bij besluit van 5 november 2020 heeft de raad van de gemeente Someren het bestemmingsplan "Goede Vaart" vastgesteld. Het plan maakt de bouw van circa 80 woningen mogelijk ten westen van Someren-Eind. In het plan zijn drie bouwvlakken opgenomen. Voor ieder bouwvlak zijn meerdere woningen voorzien, die aparte buurtjes zullen vormen. Tussen het noordelijke en het middelste buurtje liggen twee percelen, waarvan het perceel met nummer 1418 in eigendom is van [appellant]. Over perceel 1418 loopt een verbindingspad tussen de Sluisstraat - een straat die langs de zuidwestelijke rand van het plangebied loopt - en het Vaartje - een straat die langs de oostelijke rand van het plangebied loopt. Op het verbindingspad is een erfdienstbaarheid gevestigd ten behoeve van de eigenaren van de aangrenzende erven. Het verbindingspad is niet openbaar toegankelijk. [appellant] vreest dat het verbindingspad intensiever gebruikt zal worden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:938
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202007090/1/R2

202100531/1/R3

Bij besluit van 8 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Midden-Drenthe het wijzigingsplan "Buitengebied Midden-Drenthe, [locatie 1] te Garminge" vastgesteld. Het wijzigingsplan voorziet in een wijziging van het bestemmingsplan "De Broeksteeg", vastgesteld door de raad van de gemeente Midden-Drenthe op 28 maart 2013, om een uitbreiding van het op het perceel [locatie 1] in Garminge gevestigde agrarisch bedrijf van [partij] mogelijk te maken. Het bedrijf is een akkerbouwbedrijf dat in hoofdzaak aardappelen teelt, rooit, sorteert en opslaat en bestaat uit enkele gebouwen voor sorteren en opslaan van aardappelen. [appellant] woont op het perceel [locatie 2] in Garminge en kan zich niet verenigen met het wijzigingsplan. Zij vreest onder meer voor geluidsoverlast bij haar woning, als gevolg van de uitbreiding van het agrarisch bedrijf.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:932
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Drenthe
  • uitspraakin de zaak202100531/1/R3

202101159/1/R2

Bij besluit van 3 april 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hulst een omgevingsvergunning verleend aan Hulst aan Zee B.V. voor het bouwen van 85 woningen op het perceel Perkpolderhaven in Walsoorden, als onderdeel van het project Perkpolder. Dat project ziet onder meer op het realiseren van 250 woningen, een jachthaven met 350 aanlegplaatsen en een restaurant. Bij besluit van 30 september 2020 heeft het college het door de Stichting daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:936
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202101159/1/R2

202102459/1/R4

Bij besluit van 29 augustus 2017 heeft het college van gedeputeerde staten van Overijssel een volgens hem verbeurde dwangsom van € 5.000,00 bij [appellant] ingevorderd. Bij besluit van 2 februari 2016 heeft het college van gedeputeerde staten van Overijssel aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd. Het college heeft [appellant] daarbij gelast de acceptatie van niet-vergunde gevaarlijke afvalstoffen te beëindigen en beëindigd te houden. Indien [appellant] zich niet aan deze last zou houden, zou hij een dwangsom van € 5.000,00 per maand verbeuren, met een maximum van € 10.000,00. Op 12 juli 2017 hebben toezichthouders van het college geconstateerd dat vanuit een perscontainerauto een partij afvalstoffen binnen de inrichting van [appellant] werd gestort. In de afvalstoffen waren volgens hen verfblikken, lege ongereinigde vaatjes met verdunners en kitspuiten aanwezig. Door de acceptatie van de afvalstoffen op 12 juli 2017 heeft [appellant] volgens het college de aan hem opgelegde last overtreden. Daarom is naar het oordeel van het college een dwangsom van € 5.000,00 verbeurd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:923
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202102459/1/R4

202102683/1/R4

Bij besluit van 9 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Helmond [appellant] onder aanzegging van bestuursdwang gelast om de woonwagen, erfafscheiding en bijgebouwen aan de [locatie] in Helmond te verwijderen en verwijderd te houden. [appellant] staat sinds 1992 ingeschreven op het adres [locatie] in Helmond. Ter plaatse geldt het bestemmingsplan "Hoogeind-Beemdweg", vastgesteld op 11 maart 2014. Aan de betreffende gronden is daarin gedeeltelijk de bestemming "Wonen" toegekend. [appellant] heeft rond het jaar 2004 zijn huidige woonwagen gebouwd. Daarbij zijn de werkzaamheden in 2004 tijdelijk stilgelegd omdat gebouwd werd zonder vergunning. Vervolgens is een zogenoemd "vooruitakkoord" gegeven. Op 16 juli 2004 is een bouwvergunning aangevraagd, maar deze heeft het college niet verleend. Op 18 juli 2018 heeft een inval plaatsgevonden in de woonwagen van [appellant], waarbij vijf kilo aan henneptoppen is gevonden. Als gevolg daarvan is de woonwagen van 22 augustus 2018 tot 22 november 2018 gesloten geweest.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:916
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202102683/1/R4

202103387/2/R3

Bij tussenuitspraak van 19 oktober 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3030 (hierna: de tussenuitspraak), heeft de Afdeling het college opgedragen binnen 12 weken na verzending van de tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Hardenberg van 13 april 2021, waarbij het wijzigingsplan "Wijziging Buitengebied Hardenberg, [locatie], Hoogenweg" is vastgesteld, te herstellen. De Afdeling heeft in de tussenuitspraak van 19 oktober 2022 onder 5.5 en 5.6 overwogen dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de bedrijfsloods op het perceel [locatie 1] te Hoogenweg geen landschapsontsierend gebouw is gelet op de definitie van het begrip "landschapsontsierende bedrijfsgebouwen" in artikel 1.73 van het bestemmingsplan "Buitengebied Hardenberg", vastgesteld op 12 december 2014. Het college heeft bij zijn motivering ten onrechte betekenis toegekend aan de Beleidsnotitie Erven met kwaliteit en is daardoor van een onjuist juridisch kader uitgegaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:934
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202103387/2/R3

202105241/1/A3

Bij besluit van 8 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van 's-Hertogenbosch het verzoek van [appellant] om zijn persoonsgegevens in de Basisregistratie personen te wijzigen, afgewezen. [appellant] staat sinds 17 april 1998 in de Brp geregistreerd als [appellant], [voornaam A] geboren op [geboortedatum] 1980 te Algiers, Algerije. Deze registratie is gebaseerd op een onder ede afgelegde verklaring als bedoeld in artikel 2.8, tweede lid, aanhef en onder e, van de Wet basisregistratie personen. Op 25 juli 2018 heeft [appellant] een verzoek tot wijziging van zijn persoonsgegevens bij het college ingediend. Hij heeft daarin verzocht om: - de geregistreerde geslachtsnaam en voornamen [appellant], [voornaam] te wijzigen in [andere achternaam], [andere voornaam]; - de geregistreerde geboortedatum en geboorteplaats [geboortedatum] 1980 te Algiers, Algerije, te wijzigen in [geboortedatum] 1974 te Bouzaréah, Algerije; - de opname van de oudergegevens [naam moeder] en [naam vader].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:960
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202105241/1/A3

202105906/3/R4

Bij tussenuitspraak van 17 augustus 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2401, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Vijfheerenlanden opgedragen om binnen 20 weken na de verzending van deze uitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 8 juli 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Ontwikkeling Leerbroek" te herstellen. De Afdeling heeft in overweging 19.3 van de tussenuitspraak geoordeeld dat het plan in strijd is met artikel 2.2.1, vijfde lid, onder b, van de "Verordening ruimte 2014". De Afdeling heeft overwogen dat de omstandigheid dat het plan voorziet in de bouw van een school en woningen op een nu onbebouwd weiland dat in de verordening is aangewezen als weidevogelgebied, een significante aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van dat weidevogelgebied oplevert. Het gebied wordt door de voorziene ontwikkeling in de toekomst permanent ongeschikt als leefgebied voor weidevogels. Dit betekent dat het plan getoetst had moeten worden aan de beleidsregel "Compensatie Natuur, Recreatie en Landschap Zuid-Holland 2013", vastgesteld door gedeputeerde staten van Zuid-Holland bij besluit van 21 mei 2013. Dat is niet gebeurd, aldus de Afdeling in de tussenuitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:930
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202105906/3/R4

202106725/1/A3

Bij besluit van 23 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Vught het verzoek van [appellant] om openbaarmaking van documenten afgewezen. [appellant] had verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur de afzender en inhoud van een interne melding openbaar te maken. Volgens het college is de melding aan te merken als een persoonlijke beleidsopvatting bestemd voor intern beraad en draagt openbaarmaking niet bij aan een goede en democratische bestuursvoering. Het college heeft het verzoek daarom afgewezen en het daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard, waarbij het college heeft overwogen dat het document ook niet geschikt is om in niet tot personen herleidbare vorm te verstrekken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:939
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202106725/1/A3

202107303/1/R4

Bij besluit van 30 september 2021 heeft de raad van de gemeente Doesburg het bestemmingsplan "[locatie], Doesburg" vastgesteld. Op het perceel aan de [locatie] in Doesburg staan een metaalbewerkingsbedrijf en een bedrijfswoning. De eigenaar heeft het voornemen om in plaats van het bedrijf extra woningen op het perceel te plaatsen. Het plan voorziet in de realisatie van twee vrijstaande woningen naast de al bestaande woning. De huidige bedrijfsmogelijkheden verdwijnen. Met het plan wordt aangesloten bij de transformatie die in gang is gezet aan de Koppelweg, waarmee een voormalig bedrijventerrein tot een woonlocatie wordt omgevormd. [appellant] heeft een nieuwbouwwoning gekocht die grenst aan het plangebied. Hij kan zich niet verenigen met het plan. De raad heeft volgens hem onvoldoende rekening gehouden met de parkeercapaciteit, de aantasting van het uitzicht en het groen in de omgeving. Daarnaast voert hij aan dat de besluitvorming niet transparant is verlopen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:948
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202107303/1/R4

202107587/1/R4

Bij besluit van 29 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn, voor zover hier van belang, geweigerd om aan [appellant] en [partij] een omgevingsvergunning te verlenen voor het kappen van drie grove dennen op de percelen [locatie 1] en [locatie 2] in Apeldoorn. [appellant] woont aan de [locatie 1] in Apeldoorn. Samen met [partij], die woont aan de [locatie 2] in Apeldoorn, heeft hij, voor zover nog van belang, een omgevingsvergunning aangevraagd voor het kappen van twee grove dennen. Deze bomen staan in de voortuinen van de voornoemde adressen. [appellant] wil de bomen kappen, omdat de bomen volgens hem niet stabiel zijn en daardoor zorgen voor een gevaarlijke situatie. Dat volgt volgens hem uit het bij de aanvraag om omgevingsvergunning gevoegde rapport van Buiting Advies van december 2018. Het college heeft de aangevraagde vergunning voor de twee bomen geweigerd. Het college heeft zich daarbij gebaseerd op het beoordelingsrapport dat is opgesteld naar aanleiding van een visuele controle van de bomen op 15 juli 2019 door een vertegenwoordiger van de gemeentelijke bomencommissie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:917
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202107587/1/R4

202107612/1/R3

Bij besluit van 14 oktober 2021 heeft de raad van de gemeente Ridderkerk het bestemmingsplan "Pruimendijk [locatie 1]" vastgesteld. Het plan gaat over de herontwikkeling van de gronden tussen Pruimendijk [locatie 2] en [locatie 3] in Ridderkerk, waar voorheen een manege was gevestigd. Volgens de plantoelichting worden de bij de manege behorende gebouwen gesaneerd en hiervoor in de plaats komen acht nieuwe woningen. Het in het plangebied aanwezige pand dat bestaat uit twee woningen en een kantoor, wordt gerenoveerd. [partij] en Lordon B.V. zijn eigenaren van de gronden. Het plangebied ligt aan de zuidzijde van de Pruimendijk tussen Oostendam en Rijsoord. De locatie grenst aan de noordoever van de Waal. [appellant] woont op het perceel Pruimendijk [locatie 2], ten westen van het plangebied. Hij kan zich niet met het plan verenigen en voert hiertegen verschillende gronden aan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:950
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202107612/1/R3

202107693/1/R1

Bij besluit van 7 mei 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam geweigerd aan Smidtje een tijdelijke omgevingsvergunning te verlenen voor het innemen van ligplaatsen met diverse vaartuigen op diverse locaties in de Boerenwetering in Amsterdam. Smidtje exploiteert rondvaartboten en heeft een omgevingsvergunning aangevraagd om voor de duur van twee jaar ligplaatsen te mogen innemen voor tien vaartuigen. Het college heeft dit geweigerd met als grondslag dat de aanvraag niet is voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing en naar het oordeel van het college ook niet goed ruimtelijk te onderbouwen is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:940
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202107693/1/R1

202107754/1/R1

Bij besluit van 4 november 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen (NH) aan Nassau Bergen B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van het slopen van bestaande bebouwing en het realiseren van een nieuw hotel aan het Van der Wijckplein 4 in Bergen. Hotel Nassau is een hotel aan het strand in Bergen aan Zee dat thans beschikt over 42 kamers, een buitenzwembad en circa 25 parkeerplaatsen op het duin. Nassau Bergen B.V. heeft op 16 juli 2020 een aanvraag om omgevingsvergunning ingediend voor het slopen van de bestaande bebouwing en het ontwikkelen van vervangende nieuwbouw. Dit heeft betrekking op het realiseren van een hotel met in totaal 60 hotelkamers en 21 hotelappartementen, een evenementen- c.q. vergaderzaal, een restaurant, een wellnessruimte en een parkeergarage voor 80 parkeerplaatsen en een gelegenheid voor het stallen van fietsen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:919
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bouwen
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202107754/1/R1

202107850/1/R3

Bij besluit van 26 oktober 2021 heeft de raad van de gemeente Zwijndrecht het bestemmingsplan "20 woningen Heer Janstraat Heerjansdam" vastgesteld. Het plan maakt 20 nieuwe woningen mogelijk op gronden tussen de Heer Janstraat, Rozenlaan en Johannes Postlaan in Heerjansdam. In het plangebied stonden voorheen 14 seniorenwoningen die al zijn gesloopt. Op het grootste gedeelte van de gronden in het plangebied ligt een groenstrook. De woningen zijn mogelijk gemaakt op deze gronden. Verder staan in het plangebied een transformatorhuis van Stedin en drie particuliere garageboxen. [appellant] en anderen wonen aan de Johannes Postlaan tegenover het plangebied. Zij vrezen dat het plan zal leiden tot een aantasting van hun woon- en leefklimaat. De gemeente is de eigenaar van de gronden waarop de nieuwe woningen mogelijk zijn gemaakt. Zij wil deze gronden in een aanbesteding verkopen aan een projectontwikkelaar.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:953
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202107850/1/R3

202108144/1/A3

Bij besluit van 12 mei 2020 heeft Stichting Urgentiebepaling Woningzoekenden Rijnmond aan [appellante] een urgentieverklaring verleend. Aan [appellante] is op 12 mei 2020 een urgentieverklaring verleend. Het zoekprofiel betrof een bovenwoning, flatwoning zonder lift of maisonnettewoning van twee kamers met een maximale huurprijs van € 619,01 in Rotterdam, met voorkeur voor subregio Zuidrand. In het besluit op bezwaar is wegens de komst van de Verordening ook woningen met lift toegevoegd aan het zoekprofiel. SUWR heeft de urgentieverklaring op 25 november 2020 ingetrokken, omdat [appellante] niet binnen drie maanden minstens twaalf keer heeft gereageerd op een op de website van Woonnet Rijnmond aangeboden woning die paste bij het zoekprofiel. Dit besluit heeft SUWR in bezwaar gehandhaafd. In deze drie maanden was er in de urgentieregio en met het betreffende zoekprofiel een aanbod van 55 woningen. [appellante] heeft volgens SUWR echter slechts vier keer passend, volgens het urgentieprofiel, gereageerd op woningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:947
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202108144/1/A3

202200413/1/A3

[appellant sub 2] heeft op 1 oktober 2020 een verzoek ingediend bij de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport om openbaarmaking op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob) van documenten die samenhangen met ‘Cycle-threshold’-waarden en het testen op COVID-19. Het Wob-verzoek is gericht aan het RIVM. In het verzoek vraagt [appellant sub 2] om openbaarmaking van i) de Ct-waarden die bij elke SARS-CoV-2 bepaling worden gemeten. Ook vraagt hij om openbaarmaking van ii) de curves waarin alle Ct-metingen worden weergegeven en iii) de Ct-waarden van elke test. Daarnaast heeft hij verzocht om publicatie van iv) de drempelwaarde die wordt gebruikt voor het antwoord op de vraag of een uitslag van een PCR-test positief of negatief is. Ten slotte vraagt hij openbaarmaking van v) de overige klinische beelden van de geteste persoon.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:922
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202200413/1/A3

202200570/1/R1

Bij besluit van 3 november 2021 heeft de raad van de gemeente Gooise Meren het bestemmingsplan "Stedelijk Gebied - Kop Jachthaven Naarden" vastgesteld. Op grond van het bestemmingsplan "Stedelijk Gebied" heeft het plangebied de bestemmingen "Groen" en "Recreatie". Met het besluit is dit bestemmingsplan gedeeltelijk herzien om de bouw van maximaal vier aaneengesloten woningen, of maximaal twee vrijstaande woningen mogelijk te maken op het terrein van de jachthaven in Naarden. De bestemmingen "Groen" en "Recreatie" zijn in dat kader deels gewijzigd in "Wonen", "Tuin" en "Verkeer-Verblijfsgebied". Walta B.V. is eigenaar van het plangebied en wil daar woningen bouwen. Met het besluit is dit bestemmingsplan gedeeltelijk herzien om de bouw van maximaal vier aaneengesloten woningen, of maximaal twee vrijstaande woningen mogelijk te maken op het terrein van de jachthaven in Naarden. De bestemmingen "Groen" en "Recreatie" zijn in dat kader deels gewijzigd in "Wonen", "Tuin" en "Verkeer-Verblijfsgebied". 2. [appellant sub 1] en anderen en [appellant sub 2] wonen in de nabijheid van het plangebied. Zij vrezen dat de komst van de woningen hun woon- en leefklimaat aantast en dat het groene karakter van de wijk verloren gaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:929
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202200570/1/R1

202200706/1/R1

Bij besluit van 10 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Helder geweigerd om een omgevingsvergunning te verlenen voor het oprichten van een pand ten behoeve van een supermarkt aan de Burgemeester Ritmeesterweg 15, 15A en 15B in Den Helder. Het perceel maakt deel uit van een bedrijventerrein waarop twee percelen zijn gevestigd. Lidl wil een winkel vestigen in het pand op het perceel dat in eigendom is van [eigenaar]. Op het andere perceel, aan de Burgemeester Ritmeesterweg 17, is bouwmarkt Praxis gevestigd. Beide panden delen een parkeerterrein en de ontsluiting naar de Burgemeester Ritmeesterweg. De eigenaren van beide percelen hebben over en weer een erfdienstbaarheid gevestigd, erop neerkomend dat bezoekers van het ene perceel gerechtigd zijn om te parkeren op het andere perceel. Op 6 december 2019 heeft Lidl een aanvraag ingediend om een omgevingsvergunning voor de bouw van een supermarkt op een bedrijventerrein.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:937
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202200706/1/R1

202200737/1/R3

Bij besluit van 21 december 2021 heeft de raad van de gemeente Ooststellingwerf het bestemmingsplan "’t Oost [locatie 1] Oosterwolde" vastgesteld. Het plan en de omgevingsvergunning maken de bouw van zes zorgwoningen op het adres ’t Oost [locatie 1] te Oosterwolde mogelijk. [vergunninghouder] is de initiatiefnemer van het plan en (mede)eigenaar van de gronden in het plangebied. Het voorgaande plan kende een woonbestemming toe aan deze gronden. Op het perceel staat momenteel één woning, die moet worden gesloopt om de voorziene ontwikkeling te realiseren. Het voorliggende plan kent de bestemming "Gemengd" toe aan de gronden in het plangebied. [appellant B] en [appellant A] kunnen zich niet met het plan verenigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:935
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak202200737/1/R3

202200830/1/R3

Bij besluit van 17 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Kaag en Braassem aan [appellant] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een bijgebouw op het perceel [locatie] te Rijpwetering. [appellant] woont op het perceel [locatie] te Rijpwetering. Aan het perceel is in het bestemmingsplan "Oude Ade en Rijpwetering", vastgesteld door de raad van de gemeente Kaag en Braassem op 18 december 2017, de bestemming "Wonen - 2" toegekend. [appellant] heeft een timmerbedrijf op zijn adres ingeschreven, waarvoor hij op locatie bij anderen werkzaamheden verricht. Op 23 mei 2019 heeft [appellant] een aanvraag ingediend om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bijgebouw op het perceel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:931
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202200830/1/R3

202200887/1/R1

Bij besluit van 14 december 2021 heeft de raad van de gemeente Schagen het bestemmingsplan "Paraplu-omgevingsplan, 1e tranche" vastgesteld. [appellant A] en [appellant B] wonen permanent in hun bungalows aan het Park de Horn met gebruikmaking van gedoogbeslissingen die zijn verleend door het college van burgemeester en wethouders. [appellant A] woont in de bungalow met nummer [nummer A] en [appellant B] woont in de bungalow met nummer [nummer B]. In de uitspraak van 8 september 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2006, heeft de Afdeling over de permanente bewoning van de bungalows van [appellant A] en [appellant B] geoordeeld - kort gezegd - dat de raad niet had mogen afzien van het opnemen van een persoonsgebonden overgangsregeling als bedoeld in artikel 3.2.3 van het Besluit ruimtelijke ordening.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:951
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202200887/1/R1

202200968/1/R1

Bij besluit van 18 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort locaties aangewezen voor de plaatsing van elf ondergrondse afvalcontainers in de wijken Leusderkwartier, Vermeerkwartier en Zonnehof in Amersfoort. O.a. ter hoogte van [nummer] (locatie 33762). Op 16 maart 2021 heeft het college voor de wijken Leusderkwartier, Vermeerkwartier, De Berg en Zonnehof in Amersfoort door vaststelling van een locatieplan concrete locaties aangewezen voor de plaatsing van ondergrondse afvalcontainers. Met het besluit van 18 januari 2022 heeft het college de locatie van elf ondergrondse afvalcontainers gewijzigd, omdat plaatsing op de oorspronkelijk aangewezen locatie niet mogelijk bleek. De locatie van twee containers die oorspronkelijk waren voorzien ter hoogte van de Arnhemseweg nummer 45, is door de aanwezigheid van een elektriciteitskabel gewijzigd naar de Arnhemseweg ter hoogte van [nummer] (locatie 33762). Op dit adres is een bedrijf gevestigd waar [appellant] mede-eigenaar van is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:941
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202200968/1/R1

202201016/1/R3

Bij besluit van 20 december 2021 heeft de raad van de gemeente Zoetermeer het bestemmingsplan "Hugo de Grootlaan / Aletta Jacobslaan Oosterheem" vastgesteld. Het plan maakt 166 woningen mogelijk op een aantal percelen in de wijk Oosterheem. Op deze percelen ligt nu een groenstrook. De Hugo de Grootlaan en de Aletta Jacobslaan liggen ten zuiden van het plangebied en de Hagesteinstraat en Puttershoekstraat liggen ten noorden van het plangebied. De woningen zullen worden ontsloten via de Hagesteinstraat en Puttershoekstraat. De omgevingsvergunning heeft betrekking op 23 eengezinswoningen en 46 appartementen op twee van deze percelen. Deze percelen liggen tussen de Hugo de Grootlaan en de Hagesteinstraat. Appellanten wonen aan de Hagesteinstraat. Zij hebben op zichzelf geen bezwaren tegen nieuwe woningen in het plangebied, maar zij zijn het niet eens met de ligging van de nieuwe woningen in het plan ten opzichte van hun woningen en de ontsluiting van de nieuwe woningen op de Hagesteinstraat. Appellanten vrezen dat door de ligging van de nieuwe woningen hun woon- en leefklimaat ernstig zal worden aangetast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:954
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202201016/1/R3

202201225/1/R1

Bij besluit van 30 juni 2020 heeft het college de handhavingsverzoeken van [appellante] en anderen over de fruitboomgaard gelegen aan de zuidzijde van Poortvliet, op de hoek van de Lageweg en de Postweg, afgewezen. [partij F] is eigenaar van het perceel, gelegen aan de zuidzijde van Poortvliet, op de hoek van de Lageweg en de Postweg. Dit perceel is kadastraal bekend als gemeente Poortvliet, sectie O, nummer 810. [partij F] exploiteert hierop een fruitboomgaard. [appellante] wonend aan de [locatie 1], [partij B] en [partij A] wonend aan de [locatie 2], [partij C] wonend aan de [locatie 3], [partijen D] (hierna: tezamen en in enkelvoud: [partij D]) wonend aan de [locatie 4], hebben het college verzocht handhavend op te treden tegen de fruitboomgaard op het perceel. Zij hebben in dat verband betoogd dat deze fruitboomgaard voor hen het vrije uitzicht op het achterliggende open landschap belemmert.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:958
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202201225/1/R1

202201270/1/R1

Bij besluit van 3 mei 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan Amsterdam Open Air B.V. (hierna: Amsterdam Open Air) een tijdelijke omgevingsvergunning verleend voor het evenement "Amsterdam Open Air festival 2018" met bijbehorende camping op 2 en 3 juni 2018 in het Gaasperpark te Amsterdam. Amsterdam Open Air is een evenement dat jaarlijks plaatsvindt op de locatie. Het evenement is strijdig met het geldende bestemmingsplan "Gaasperdam" (zie de uitspraak van 1 juli 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2026). Om dit evenement mogelijk te maken heeft het college een omgevingsvergunning verleend. De verleende vergunning is een tijdelijke omgevingsvergunning. Stichting Natuurbescherming ZO heeft tegen de omgevingsvergunning van 3 mei 2018 bezwaar gemaakt. Zij is van mening dat het evenement de natuurwaarden en de bodemgesteldheid van de locatie, die onderdeel uitmaakt van het Natuurnetwerk Nederland (hierna: NNN), ontoelaatbaar aantast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:957
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202201270/1/R1

202201367/1/R1

Bij besluiten van 3 mei 2018 en 8 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan Amsterdam Open Air B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het evenement met bijbehorende camping "Amsterdam Open Air 2018" op 2 en 3 juni 2018 respectievelijk "Amsterdam Open Air 2019" op 1 en 2 juni 2019 in het Gaasperpark te Amsterdam. De evenementen zijn strijdig met het geldende bestemmingsplan "Gaasperdam" (zie de uitspraak van 1 juli 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2026). Om deze evenementen mogelijk te maken heeft het college omgevingsvergunningen verleend. De verleende vergunningen zijn tijdelijke omgevingsvergunningen. [appellante] woont aan het adres [locatie], in de nabijheid van de locatie. Zij kan zich niet verenigen met de besluiten, omdat zij van mening is dat de locatie niet geschikt is voor evenementen van een dergelijke omvang. De festivals veroorzaken volgens haar een onevenredige aantasting van haar woon- en leefklimaat en ontoelaatbare schade aan de flora en fauna en bodem van de locatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:959
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202201367/1/R1

202201406/1/R1

Bij besluit van 18 januari 2022 heeft het dagelijks bestuur van het stadsdeel Amsterdam Zuid besloten om de ondergrondse restafvalcontainer ter hoogte van locatie Woestduinstraat 92 op te heffen. [appellant] woont op circa 41 meter van de opgeheven ORAC. Hij kan zich niet verenigen met het besluit, omdat als gevolg van het opheffen van de eerdere locatie zijn loopafstand naar de dichtbijgelegen ORAC is toegenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:942
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202201406/1/R1

202201508/1/R1

Bij besluit van 6 mei 2021 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat de aanvraag van CBNL B.V. tot erkenning voor werkzaamheden "Ontwerpen, installeren, beheren en onderhouden van het ondergrondse deel van bodemenergiesystemen" afgewezen, omdat CBNL B.V. niet voldoet aan de voorwaarden die daarvoor gelden. CBNL B.V. is het hier niet mee eens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:943
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak202201508/1/R1

202201649/1/A3

Bij besluit van 25 januari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. Hij heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een urgentieverklaring aangevraagd, omdat de woning te klein is. [appellant] woonde ten tijde van de aanvraag met zijn twee dochters van 14 en 15 jaar oud in een eenkamerwoning van 41 m2. Dit huisvestingsprobleem veroorzaakt stress bij [appellant], wat invloed heeft op zijn psychische klachten. De woning heeft geen slaapkamers en daardoor slaapt [appellant] in dezelfde kamer als zijn dochters. Hierdoor slaapt hij regelmatig in de berging of in zijn auto. Het college heeft de urgentieverklaring geweigerd, omdat er geen sprake was van een urgent huisvestingsprobleem. [appellant] had niet aangetoond dat de hoofdverblijfplaats van zijn dochters bij hem was en hij had er bovendien zelf voor gekozen hen naar Amsterdam te halen terwijl hij niet de beschikking had over voldoende woonruimte.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:921
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202201649/1/A3

202201685/1/R1

Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem heeft op 24 juni 2020 bekendgemaakt dat de door [persoon] aangevraagde omgevingsvergunning voor het verbouwen van een schuur tot woning en het gebruik daarvan als woning op het perceel [locatie 1] in Haarlem (hierna: het perceel) van rechtswege is gegeven. Bij besluit van 24 november 2020 heeft het college het door [partij] daartegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard, de van rechtswege gegeven omgevingsvergunning herroepen en alsnog geweigerd de gevraagde omgevingsvergunning te verlenen. Op het perceel staat een gebouw dat wordt gebruikt als wagenschuur en veestal. Het perceel grenst in de noordelijke, oostelijke en zuidelijke richting aan een weide. Die weide maakt deel uit van de "Verenigde Polders", een historisch poldergebied. Aan de westelijke zijde van het perceel ligt de openbare weg, de Zuid Schalkwijkerweg. Aan de overkant van die openbare weg zijn min of meer aaneensluitende (woon)percelen woningen en bedrijven gelegen. Aan de kant van het perceel zijn verspreid langs de weg gebouwen, waaronder woningen, gelegen op percelen met een woonbestemming of andere bestemming.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:944
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202201685/1/R1

202202105/1/R3

Bij besluit van 8 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Hof van Twente het bestemmingsplan "Markelo, herziening Hemmelweg ong." vastgesteld, dat voorziet in een herontwikkeling van volkstuinen aan de Hemmelweg naar twaalf grondgebonden woningen. [appellant] woont op het perceel [locatie], welk perceel direct grenst aan het plangebied. [appellant] kan zich niet verenigen met het plan, in het bijzonder vanwege de mogelijke rijroute naar het bouwterrein.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:945
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202202105/1/R3

202202540/1/V6

Bij besluit van 18 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft het verzoek afgewezen op grond van artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, van de Rijkswet op het Nederlanderschap, omdat ernstige vermoedens bestaan dat [appellant] een gevaar vormt voor de openbare orde. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat er een ernstig vermoeden bestaat dat hij een gevaar vormt voor de openbare orde. Hij voert aan dat de behandeling van de strafzaak nog gepland stond en dat hij daarom nog niet onherroepelijk veroordeeld was. Volgens [appellant] is de conclusie dat sprake is van een serieuze verdenking dat hij een misdrijf heeft gepleegd overhaast en geeft deze blijk van vooringenomenheid, wat in strijd is met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:912
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202202540/1/V6

202202598/1/A2

Bij besluit van 15 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veenendaal een verzoek van [appellant] om schadevergoeding afgewezen. Bij uitspraak van 29 november 2019 heeft dezelfde rechtbank eerder geoordeeld dat de heffingsambtenaar van de gemeente Veenendaal bij beschikking van 28 februari 2018 de waarde van de woning van [appellant] op grond van de Wet waardering onroerende zaken ten onrechte heeft vastgesteld op basis van het aankoopbedrag. [appellant] heeft het college verzocht om vergoeding van de schade die hij heeft geleden in verband met de WOZ-beschikking en het volgens hem daarmee samenhangende onrechtmatige handelen van de overheid door het toelaten van hout stoken. Het college heeft het verzoek om schadevergoeding bij het besluit van 15 april 2021 afgewezen. Tegen dit besluit heeft [appellant] beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:952
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202202598/1/A2

202202792/1/A2

Bij besluit van 18 februari 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Gelderland aan [appellant] een tegemoetkoming in planschade van € 9.500,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 12 maart 2019 tot aan de dag van uitbetaling, toegekend. Het geschil tussen partijen gaat over de hoogte van de door de rechtbank aan [appellant] toegekende tegemoetkoming in planschade. [appellant] is sinds 16 januari 2001 eigenaar van de woning met bijbehorend kantoorpand op de percelen aan de [locatie 1] te Angerlo. Op 12 maart 2019 heeft hij het college verzocht om een tegemoetkoming in de planschade die hij in de vorm van waardevermindering van de onroerende zaak heeft geleden als gevolg van de inwerkingtreding van het provinciale inpassingsplan Windplan Bijvanck. Het inpassingsplan, dat bij besluit van provinciale staten van Gelderland van 24 mei 2017 is vastgesteld, is de planologische grondslag voor het realiseren van een windpark van vier windturbines met een maximale tiphoogte van 185 m op een kortste afstand van 610 m in het ten zuiden en oosten van de onroerende zaak gelegen plangebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:949
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202202792/1/A2

202202808/1/R1

Bij besluit van 12 april 2022 heeft het dagelijks bestuur van het stadsdeel Amsterdam Zuid locaties 46C-12, ter hoogte van Koninginneweg 54, en 46C-13, ter hoogte van Koninginneweg 146 in Amsterdam, aangewezen voor de plaatsing van ondergrondse containers voor restafval en ondergrondse containers voor oud papier en karton. [appellant] woont op het adres [locatie] in Amsterdam. Hij is het niet eens met de aanwijzing van de locaties 46C-12 en 46C-13 voor de plaatsing van ondergrondse containers. Hij wijst op alternatieve locaties bij kruisingen waar de ondergrondse containers volgens hem beter geplaatst kunnen worden. Op beide locaties zijn twee ondergrondse containers voor restafval en een ondergrondse container voor oud papier en karton voorzien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:918
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202202808/1/R1

202203748/1/A2

Bij besluit van 30 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wassenaar de schuldhulpverlening aan [appellant] beëindigd. Bij besluit van 8 januari 2018 heeft het college [appellant] toegelaten tot de schuldhulpverlening. In een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 3 juli 2018 (ECLI:NL:CRVB:2018:2135) is vastgesteld dat de gemeente Leidschendam-Voorburg € 2.520,00 aan dwangsommen aan [appellant] heeft verbeurd wegens het niet tijdig beslissen op twee aanvragen. [appellant] heeft dit bedrag op 3 augustus 2018 op zijn rekening ontvangen. Het college ziet de ontvangen dwangsommen als een inkomen dat moet worden gereserveerd voor het betalen van de schulden. Omdat [appellant] dit niet heeft gedaan, is de schuldhulpverlening bij het besluit van 30 oktober 2019 beëindigd op grond van artikel 6, aanhef en onder b, van de Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Wassenaar 2017.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:955
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202203748/1/A2

202204310/1/R1

Bij besluit van 22 juni 2022 heeft de raad van de gemeente Amsterdam het bestemmingsplan "Cluster 7" vastgesteld. Het plangebied is gelegen in het stadsdeel Amsterdam-Zuidoost en betreft een herontwikkeling van een deel van de Amsterdamse Poort, het zogenaamde Cluster 7. Het biedt ruimte aan onder andere ongeveer 21.000 m2 aan commerciële functies en circa 815 woningen (waarvan 695 nieuw). Lidl exploiteert een supermarkt in de nabijheid van het plangebied aan het Bijlmerplein 94 te Amsterdam en huurt dit pand van CBRE. Lidl stelt dat zij genoodzaakt is om die vestiging te verplaatsen naar het plangebied. Lidl kan zich niet verenigen met het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:924
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202204310/1/R1

202205311/1/A2

Bij besluit van 13 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Barneveld het minnelijke schuldhulpverleningstraject van [appellante] per 13 april 2021 beëindigd. [appellante] heeft op 26 september 2019 een aanvraag gedaan om op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en de Beleidsregels schuldhulpverlening Barneveld toegelaten te worden tot de schuldhulpverlening van de gemeente Barneveld. Bij besluit van 2 oktober 2019 heeft het college [appellante] toegelaten tot de schuldhulpverlening. Het college heeft aan dit besluit diverse verplichtingen verbonden waaraan [appellante] zich moet houden. Bij brief van 6 februari 2020 heeft het college [appellante] (wederom) gewezen op de verplichtingen die zijn verbonden aan de schuldhulpverlening. Eén van die verplichtingen is dat [appellante] maximale inspanning levert om de afloscapaciteit zo hoog mogelijk te laten zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:928
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202205311/1/A2

202205331/1/R1

Bij besluit van 26 april 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hulst een verzoek van de Stichting om handhavend op te treden tegen het transporteren en storten van mogelijk verontreinigde grond in de Westelijke Perkpolder in de gemeente Hulst, afgewezen. Het project Waterzande voorziet in de realisatie van een stranddorp met 200 zogenoemde residenties, een wandelpromenade, een strand en een "beachclub" (hierna: het project). Ten behoeve van het project wordt een ophoging aangebracht tegen de Westerscheldedijk, tussen de Perkstraat en de voormalige veerhaven Perkpolder, met een grondhoeveelheid van ongeveer 1,5 miljoen m3 grond, wat leidt tot ophoging van het maaiveld tot een hoogte tussen de + 10 m en + 12 m NAP. De benodigde grond komt vrij bij werkzaamheden in Kanaaldok B2 in het havengebied van Antwerpen (België) en wordt per schip naar de op te hogen locatie vervoerd. Het project wordt uitgevoerd door Waterzande B.V., Hulst aan Zee B.V. en Perkpolder Beheer B.V., waarbij de gemeente van laatstgenoemde enig aandeelhouder is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:933
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202205331/1/R1

202205535/1/A3

Bij besluit van 6 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een aanvraag van [wederpartij] om een urgentieverklaring afgewezen. [wederpartij] is een alleenstaande moeder van drie kinderen die ten tijde van de aanvraag 14, 11 en 5 jaar oud waren. Zij woont sinds juni 2005 in een vierkamerwoning in Amsterdam. Het huis heeft drie slaapkamers, waardoor de twee jongste kinderen bij elkaar op de kamer slapen. [wederpartij] heeft een urgentieverklaring om medische redenen aangevraagd, omdat haar zoon wegens ADHD een eigen slaapkamer nodig heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:946
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202205535/1/A3

202300031/1/A2

Bij beslissing van 11 maart 2022 heeft de Examencommissie Geneeskunde van de Universiteit van Amsterdam het verzoek van [appellant] om de afspraken rond de afronding van de Leerlijn Professionele Ontwikkeling op inhoud te toetsen afgewezen. [appellant] is student geneeskunde aan de Universiteit van Amsterdam. Onderdeel van het curriculum in het derde jaar van de bachelorstudie is het volgen van de leerlijn Professionele Ontwikkeling (hierna: PO-3). Binnen de leerlijn moeten de studenten een aantal opdrachten maken. Op 13 augustus 2021 is [appellant] te kennen gegeven dat hij niet heeft voldaan aan de Leerlijn PO-3, omdat een aantal opdrachten ontbrak en alle opdrachten die zijn ingeleverd, op één na, op één of meer criteria als ‘onder verwacht niveau’ zijn beoordeeld. Ook is [appellant] te kennen gegeven dat de Commissie Professioneel Gedrag een negatief advies heeft gegeven voor het starten van een remediëringstraject, omdat er bij [appellant] geen sprake was van probleemherkenning rondom het eigen aandeel in het ontstaan van problemen in de Leerlijn PO.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:914
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202300031/1/A2

202300034/1/A2

Bij beslissing van 10 juni 2022 heeft het college van bestuur van de Universiteit Utrecht een verzoek van [appellant] om aanpassing van het instellingscollegegeld gezien buitengewone omstandigheden afgewezen en bepaald dat [appellant] het instellingscollegegeld voor de bachelor Geneeskunde moet betalen, dat voor het studiejaar 2022-2023 € 20.200,00 bedraagt. [appellant] heeft in augustus 2021 zijn bachelordiploma Diergeneeskunde behaald. Vervolgens is hij in april 2022 toegelaten tot de bachelor Geneeskunde. Gelet op artikel 7.45a, eerste lid, tweede en zesde lid, en artikel 7.46, eerste lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, is [appellant] voor de bachelor Geneeskunde instellingscollegegeld verschuldigd. Gelet op artikel 7.46, tweede lid, van de WHW, wordt de hoogte van het instellingscollegegeld door het instellingsbestuur vastgesteld en gelet op het vijfde lid stelt het instellingsbestuur regels vast met betrekking tot de toepassing van dit artikel. Mede op grond van deze bepaling heeft het college het Reglement Inschrijving en Collegegeld 2022-2023 vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:920
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202300034/1/A2

202300045/1/A2

Bij beslissing van 12 augustus 2022 heeft de directeur van de Administratie, Informatievoorziening en Control het verzoek om inschrijving van [appellant] voor de opleiding Master in International Supply Chain Management, afgewezen. De uiterste datum voor aanmelding voor de opleiding met aanvang in de herfst is 31 juli voor European (EEA) aanvragers en non-EU aanvragers met een geldige Nederlandse verblijfsvergunning. Voor non-EEA aanvragers is de uiterste aanmelddatum 1 mei omdat voor die aanvragers nog visum- of verblijfsvergunningaanvragen moeten worden ingediend. [appellant] heeft de Bengalese nationaliteit. Van 28 september 2019 tot 16 oktober 2020 had [appellant] een verblijfsvergunning regulier onder de beperking ‘studie’ bij de Erasmus Universiteit. Bij die universiteit is hij op 18 september 2020 geslaagd voor de Master of Science (MSc) in Urban Management and Development. Van 16 oktober 2020 tot 16 oktober 2021 had hij een verblijfsvergunning regulier onder de beperking ‘het zoeken naar en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst’.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:927
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202300045/1/A2

202300046/1/A2

Bij beslissing van 11 mei 2022 heeft de examencommissie van de bacheloropleiding Bestuurskunde/Overheidsmanagement voltijd het verzoek van [appellant] om een derde kans voor de afstudeeropdracht, afgewezen. [appellant] heeft op 17 april 2022 gevraagd om een extra toetsgelegenheid voor de individuele opdracht project jaar 4. Dit is zijn laatste studieonderdeel. [appellant] heeft aangegeven dat hij door ziekte niet in staat was het tweede inlevermoment van 18 maart 2022 voor de scriptie te halen. De examencommissie heeft zijn verzoek om een derde kans afgewezen omdat [appellant] niet voldoet aan de voorwaarden van Reglement 4. ‘Extra en vervroegde kans (na toestemming examencommissie)’. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat de examencommissie het verzoek van [appellant] redelijkerwijs heeft mogen afwijzen. De examencommissie heeft volgens het college voldoende gemotiveerd dat [appellant] niet voldoet aan de voorwaarden van Reglement 4 voor een extra toetsgelegenheid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:926
Datum uitspraak
8 maart 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202300046/1/A2

202106544/1/V1

Bij besluit van 11 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:887
Datum uitspraak
7 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202106544/1/V1

202300575/1/V3 en 202300575/2/V3

Bij besluit van 28 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:902
Datum uitspraak
7 maart 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300575/1/V3 en 202300575/2/V3

202300985/2/V1

Bij besluit van 2 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:895
Datum uitspraak
7 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300985/2/V1

202301283/2/V3

Bij besluit van 16 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:971
Datum uitspraak
7 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301283/2/V3

202104776/2/R2

Ten aanzien van zaak nr. 202104776/1/R2, die op 9 maart 2023 op zitting zal worden behandeld, heeft mr. B.P.M. van Ravels (hierna: de staatsraad), als voorzitter van de meervoudige kamer belast met de behandeling van deze zaak, op 6 maart 2023 het verzoek gedaan zich te mogen verschonen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:900
Datum uitspraak
7 maart 2023
  • Verschoning
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202104776/2/R2

202108038/1/V3

Bij besluit van 11 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:882
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202108038/1/V3

202200388/1/V3

Bij besluit van 5 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:888
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202200388/1/V3

202300841/1/V3

Bij besluit van 11 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:889
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202300841/1/V3

202300845/1/R3 en 202300845/2/R3

Bij besluit van 11 mei 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tynaarlo een omgevingsvergunning verleend voor de kap van veertien bomen op het perceel, lokaal bekend als het perceel naast [locatie 1] te Donderen. [partij] is in het kader van groot onderhoud op dat perceel van plan om een deel van de bomen te kappen en hiervoor heeft hij op 21 maart 2022 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend. [appellant] woont aan de [locatie 2], direct ten noordoosten van het perceel waarop de aanvraag betrekking heeft. Hij vreest als gevolg van de kap voor een aantasting van zijn woon- en leefklimaat door de aantasting van zijn uitzicht en de vermindering van schaduwval op zijn eigen perceel. Bij besluit van 11 mei 2022 heeft het college omgevingsvergunning verleend voor het kappen van veertien bomen. De vergunning is verleend zonder de oplegging van een herplantplicht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:881
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202300845/1/R3 en 202300845/2/R3

202301067/2/A3

Bij besluit van 9 juli 2020 heeft de minister van Financiën het verzoek van [verzoeker] om hem op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming inzage te verlenen in het gehele fiscale dossier afgewezen. [verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen die ertoe strekt dat de minister wordt veroordeeld tot het betalen van een voorschot van € 12.500,00 om de noodzakelijke kosten voor de opslag van zijn huisraad en tijdelijke huisvesting te kunnen betalen. [verzoeker] heeft in dit verband toegelicht dat hij het jarenlang procederen tegen de minister financieel niet kan volhouden. Hierdoor kan hij de kosten van opslag van zijn huisraad en zijn tijdelijke huisvesting niet meer betalen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:793
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202301067/2/A3

202301076/1/V2 en 202301076/2/V2

Bij besluit van 1 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:890
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301076/1/V2 en 202301076/2/V2

202301281/2/V1

Bij besluit van 6 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:891
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301281/2/V1

202301346/2/V1

Bij besluit van 9 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:892
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301346/2/V1

202301373/2/V1

Bij besluit van 19 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:893
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301373/2/V1

202301388/2/V1

Bij besluit van 10 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:898
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301388/2/V1

202301417/2/V1

Bij besluit van 27 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:901
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301417/2/V1

202101155/1/R2

Bij brief van 26 februari 2020 heeft [appellante] het college van burgemeester en wethouders van Altena verzocht om een omgevingsvergunning voor het bewonen van een recreatiewoning aan de [locatie 1] en 1[locatie 2] te Veen. De aanvraag voor de omgevingsvergunning ziet op het permanent bewonen van de recreatiewoning. Dat is in strijd met het bestemmingsplan, waarin aan de woning een recreatieve bestemming is toegekend. Omdat volgens [appellante] een besluit op de aanvraag uitbleef, heeft zij het college medegedeeld dat de omgevingsvergunning inmiddels van rechtswege is verleend en het college in gebreke gesteld om tijdig de van rechtswege verleende vergunning bekend te maken. Tegen het door het college niet tijdig bekendmaken van een van rechtswege verleende omgevingsvergunning heeft [appellante] beroep ingesteld bij de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:982
Datum uitspraak
6 maart 2023
  • Mondelinge uitspraak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202101155/1/R2

202301387/2/V1

Bij besluit van 3 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:894
Datum uitspraak
4 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301387/2/V1

202104762/1/V1

Bij besluit van 3 februari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:858
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202104762/1/V1

202203130/2/V2

Bij besluit van 22 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:874
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202203130/2/V2

202205400/1/V1 en 202205400/3/V1

Bij besluit van 2 september 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:875
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202205400/1/V1 en 202205400/3/V1

202207076/1/V3

Bij besluit van 4 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:876
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202207076/1/V3

202300791/2/V3

Bij besluit van 7 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:877
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300791/2/V3

202300959/2/V1

Bij besluit van 21 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:878
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300959/2/V1

202301015/1/V3 en 202301015/3/V3

Bij besluit van 23 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:879
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301015/1/V3 en 202301015/3/V3

202301104/1/V3

Bij besluit van 27 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:880
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202301104/1/V3

202301348/2/V1

Bij besluit van 9 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:884
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301348/2/V1

202301349/2/V1

Bij besluit van 4 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:886
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301349/2/V1

202301350/2/V1

Bij besluit van 6 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:885
Datum uitspraak
3 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301350/2/V1

202103612/2/R2

Bij een eerste besluit van 18 september 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Flevoland aan Stichting Faunabeheereenheid Flevoland een ontheffing verleend als bedoeld in artikel 3.17 van de Wet natuurbescherming voor het doden van edelherten. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college de ontheffing mocht verlenen, omdat het college voldoende heeft gemotiveerd waarom de omvang van de populatie van de dieren vanwege de maximale draagkracht van het gebied moet worden beperkt en waarom in ieder geval op dit moment (nog) geen andere bevredigende oplossing bestaat. De rechtbank heeft daarnaast geoordeeld dat uitgegaan moet worden van een vergunningplicht voor het afschot van edelherten in de Oostvaardersplassen en dat het college de vergunning heeft mogen verlenen. In hoger beroep betogen Dierbaar Flevoland en Fauna4life dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de passende beoordeling in strijd is met de Wnb. Zij hebben verzocht om bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat er geen afschot mag plaatsvinden totdat uitspraak wordt gedaan op hun hoger beroep.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:805
Datum uitspraak
2 maart 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202103612/2/R2

202105243/1/V1

Bij brief van 30 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam de vreemdeling meegedeeld dat het de geboden opvang op grond van de Bed-Bad-Brood-Begeleiding-regeling beëindigt per 29 november 2019.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:796
Datum uitspraak
2 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202105243/1/V1

202106402/1/V2

Bij besluit van 15 augustus 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:797
Datum uitspraak
2 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202106402/1/V2

202200493/1/V1

Bij brief van 16 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam de vreemdeling meegedeeld dat het de opvang in de Landelijke Vreemdelingenvoorziening (hierna: de LVV) per 10 augustus 2020 beëindigt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:798
Datum uitspraak
2 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Opvang asielzoekers
  • uitspraakin de zaak202200493/1/V1

202201021/1/V1

Bij besluit van 1 oktober 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:859
Datum uitspraak
2 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202201021/1/V1

202201567/1/V2

Bij besluit van 21 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij ambtshalve geweigerd krachtens artikel 64 van de Vw 2000 te bepalen dat uitzetting van de vreemdeling achterwege blijft en geweigerd de vreemdeling ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:799
Datum uitspraak
2 maart 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202201567/1/V2
vorige pagina1...161162163...1.238volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon