Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.727
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202102565/2/V1

Bij besluit van 14 februari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1036
Datum uitspraak
18 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202102565/2/V1

202102294/2/V2

Bij besluiten van 12 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om aan hen een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1033
Datum uitspraak
17 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102294/2/V2

201902739/1/V2

Bij besluit van 26 oktober 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1030
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak201902739/1/V2

202000236/2/R2

Bij besluit van 15 januari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland aan Oud-Bommenede Vastgoed B.V. een omgevingsvergunning eerste fase verleend voor de activiteiten "gebruiken in strijd met het bestemmingsplan" en "het verrichten van een activiteit die van invloed kan zijn op de fysieke leefomgeving" voor het realiseren van 17 zorg-recreatiewoningen, een gezondheidscentrum met 3 behandelkamers, een zorgchalet op de minicamping, het in gebruik nemen van de bedrijfswoning ten behoeve van de huisvesting of overnachtingsmogelijkheid voor zorgverleners en het gebruiken van een bestaand gebouw (Jachthuis) voor ontvangst, ontmoeting, zorg-gerelateerde workshops/ cursussen op het perceel Kijkuitsedijk 3 te Zonnemaire. [verzoeker] woont aan de [locatie]. De 17 zorgvilla’s zijn ten oosten van zijn woning voorzien op een afstand van ongeveer 50 meter vanaf zijn woning. Hij verzet zich tegen deze ontwikkeling omdat hij gehecht is aan de ruimte en het uitzicht rondom zijn woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:986
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202000236/2/R2

202100243/1/V2

Bij besluit van 16 september 2019, nader aangevuld op 28 januari 2020, heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1031
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202100243/1/V2

202100472/1/V1

Bij besluit van 19 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de ongewenstverklaring opgeheven en een inreisverbod tegen de vreemdeling uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1080
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202100472/1/V1

202101363/2/R3

Bij besluit van 16 december 2020 heeft de raad van de gemeente Den Haag het bestemmingsplan "Kop Assumburgweg" vastgesteld. Het plan voorziet in 540 woningen en ongeveer 4.500 m² bruto vloeroppervlakte aan bedrijvigheid en ruimte voor onderwijsfuncties en zorg. Het plangebied ligt in Moerwijk-Oost in het stadsdeel Escamp, direct naast station Moerwijk. Nu staan in het plangebied een gebouw dat voorheen als brandweerkazerne werd gebruikt en een aangrenzend woonblok. [verzoeker] woont op [locatie]. Zijn woning ligt op een afstand van ongeveer 200 m van het plangebied. Hij vreest voor parkeerproblematiek op het Willem Dreespark.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:987
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202101363/2/R3

202101574/2/R4

Bij besluit van 4 februari 2021 heeft de raad van de gemeente Oldebroek het bestemmingsplan "Oldebroek, brandweerkazerne" gewijzigd vastgesteld. Het plangebied heeft een oppervlakte van ongeveer 2.340 m² en is gesitueerd aan de Zuiderzeestraatweg aan de oostzijde van Oldebroek. In de huidige situatie is geen bebouwing in het plangebied aanwezig. Een strook aan de westzijde van het plangebied is verhard ten behoeve van het aangrenzende bedrijf aan de Zuiderzeestraatweg 213. Het bestemmingsplan voorziet in de realisatie van een brandweerkazerne die dient ter vervanging van de oude brandweerkazerne aan de Spronkweg 12 in Oldebroek. [verzoeker sub 1] en [verzoeker sub 2] en anderen betogen dat de keuze van de raad om een brandweerkazerne in het plangebied toe te staan in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:989
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202101574/2/R4

202102093/1/R1 en 202102093/2/R1

Bij besluit van 10 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hollands Kroon het verzoek van [appellant] om de bij besluit van 3 april 2018 opgelegde bouwstop op te heffen, afgewezen. [appellant] is eigenaar van een schuur op het adres [locatie] te Nieuwe Niedorp. Begin 2018 is hij, na een storm, begonnen met werkzaamheden om de schuur te herstellen. Bij besluit van 3 april 2018, gehandhaafd bij besluit op bezwaar van 4 juli 2018, heeft het college een bouwstop en een last onder dwangsom opgelegd, omdat zonder omgevingsvergunning werd gebouwd. [appellant] en [gemachtigde B] hebben beroep tegen het besluit van 4 juli 2018 ingesteld. De rechtbank heeft dat beroep bij uitspraak van 28 augustus 2018, nrs. HAA 18/3078 en HAA 18/3079, ongegrond verklaard. In de uitspraak is overwogen dat voor de door [appellant] uitgevoerde bouwactiviteiten een omgevingsvergunning vereist is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:981
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202102093/1/R1 en 202102093/2/R1

202102350/2/R3

Bij besluit van 22 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht aan Islamitische Stichting Nederland Mevlana Dordrecht een omgevingsvergunning verleend voor het vellen of doen vellen van vier esdoorns en een appelboom op de locatie Vest 118 te Dordrecht, onder het voorschrift van een herplantplicht voor vijf bomen van de soort Acer platanoides met een plantmaat van 18-20. [verzoekers] stellen dat met de kritiek van [deskundige] is aangetoond dat het advies van Stadsbeheer niet aan het bestreden besluit ten grondslag kon worden gelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:988
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202102350/2/R3

202103008/2/V1

Bij besluit van 18 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1032
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202103008/2/V1

201802120/2/R2

Bij tussenuitspraak van 29 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1158, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Baarn opgedragen om binnen 26 weken na de verzending van deze uitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 20 december 2017 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Landelijk gebied, Landgoed Pijnenburg" te herstellen. In de tussenuitspraak onder 18.3 heeft de Afdeling op de beroepen van SMZ en SNL geoordeeld dat aan het plan geen toereikende motivering ten grondslag was gelegd voor het standpunt van de raad dat optimalisatie van het beheer van het weiland in het deelgebied Overbosch door verbetering van het foerageergebied van de das zal bijdragen aan het vergroten van het natuuroppervlak en daarom als plus mocht worden betrokken bij de saldering als bedoeld in artikel 2.4, derde lid, van de Provinciale Ruimtelijke Verordening Utrecht en de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie, met betrekking tot het Natuur Netwerk Nederland..

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1011
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak201802120/2/R2

201807235/1/V2

Bij besluit van 30 juli 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. De vreemdeling is geboren op [dag-maand] 1988 en heeft de Iraanse nationaliteit. Zij heeft aan haar asielaanvraag ten grondslag gelegd dat zij in Iran wegens haar bekering tot het christendom problemen heeft gekregen. De inlichtingendienst heeft een inval in haar woning gedaan en na onderzoek belastend materiaal gevonden en meegenomen. Als gevolg hiervan heeft de vreemdeling samen met haar echtgenoot Iran verlaten. De staatssecretaris heeft de door de vreemdeling gestelde bekering tot het christendom en de daaruit voortvloeiende problemen ongeloofwaardig geacht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:978
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak201807235/1/V2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201807235/1/V2

201810191/2/R2

Bij tussenuitspraak van 15 januari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:72, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Eemnes opgedragen binnen 26 weken na verzending van de tussenuitspraak het daar omschreven gebrek in het besluit van de raad van de gemeente Eemnes van 29 oktober 2018 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Goyergracht Noord (percelen K60-61) Eemnes" te herstellen. De Afdeling heeft in de tussenuitspraak onder 4.2 overwogen dat de raad, voor zover hij de uitbreiding van een manege tot een bebouwd oppervlak van 350 m2 mogelijk wenst te maken, een voorwaardelijke verplichting in de planregels had moeten opnemen, inhoudende dat de gronden in het plangebied alleen mogen worden bebouwd indien en voor zover de aanleg en instandhouding van maatregelen die noodzakelijk worden geacht voor de landschappelijke inpassing van de met het plan mogelijk gemaakte bebouwing in het plan zijn verzekerd. Dat was ten onrechte niet gebeurd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1019
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak201810191/2/R2

201902663/1/A2

Bij besluit van 17 juli 2017 heeft het dagelijks bestuur van het Waterschap Hunze en Aa's een verzoek van [appellant sub 1] om schadevergoeding afgewezen. [appellant sub 1] is eigenaar van de woning op het perceel [locatie] te Slochteren. De woning is direct ten oosten van de Woltersumer Ae gelegen. Het algemeen bestuur van het waterschap Hunze en Aa’s heeft het Masterplan Kaden (hierna: het masterplan) vastgesteld ten behoeve van de versterking en verhoging van kaden en oevers langs onder meer de Woltersumer Ae. In het masterplan was voorzien in het verhogen en verbreden van de ten oosten van de woning gelegen kade. [appellant sub 1] heeft het dagelijks bestuur verzocht om, in plaats daarvan, een houten waterkering rondom het perceel aan te leggen, zodat de woning binnendijks zou komen te liggen. Het masterplan is daarop aangepast en de waterkering is in de periode tussen december 2012 en maart 2013 aangelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:997
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201902663/1/A2

201902732/1/V2

Bij besluit van 26 oktober 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. De vreemdeling is geboren op [dag-maand] 1981 en heeft de Iraanse nationaliteit. Hij heeft aan zijn asielaanvraag ten grondslag gelegd dat hij in Iran door zijn bekering tot het christendom problemen heeft gekregen. Eind november 2015 heeft de politie een inval in zijn woning en werkplaats gedaan. Daarbij heeft de politie in de werkplaats een bijbel en in zijn woning onder andere een beeld van Jezus en een bijbel gevonden. Als gevolg hiervan heeft de vreemdeling samen met zijn echtgenote Iran verlaten. De staatssecretaris heeft de gestelde bekering tot het christendom en de daaruit voortvloeiende incidenten ongeloofwaardig geacht. De rechtbank is hem hierin gevolgd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:977
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak201902732/1/V2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak201902732/1/V2

201903001/1/R3

Bij besluit van 5 maart 2019 heeft de raad van de gemeente Krimpenerwaard het bestemmingsplan "Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard" gewijzigd vastgesteld. Het plan heeft als doel de ontwikkeling van natuur en een duurzaam watersysteem in de Krimpenerwaard. Het plan voorziet, onder meer, in de aanleg van natuur op gronden die nu nog in gebruik zijn voor agrarische doeleinden. De te ontwikkelen natuur zal onderdeel worden van het Natuurnetwerk Nederland. Deze ontwikkeling vloeit voort uit de Gebiedsovereenkomst Veenweiden Krimpenerwaard 2014-2021, die in 2014 is gesloten tussen de provincie Zuid-Holland, het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard en de voormalige gemeenten Bergambacht, Ouderkerk, Nederlek, Schoonhoven en Vlist (tegenwoordig gezamenlijk: gemeente Krimpenerwaard). Om de natuurontwikkeling van in totaal ongeveer 2.250 ha planologisch mogelijk te maken, zijn de benodigde bestemmingsplannen voor een aantal deelgebieden van het NNN al vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1012
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak201903001/1/R3

201905108/1/A2

Bij besluit van 27 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heeze-Leende aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 11.800 toegekend. [partij] is sinds 26 februari 1987 eigenaar van het perceel [locatie] te Leende. Hij heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade ten gevolge van het op 6 maart 2014 in werking getreden bestemmingsplan "Buitengebied Heeze-Leende 2014". Dat bestemmingsplan maakt op een perceel tegenover het perceel van [partij], aan de overzijde van de straat Boschhoven, de bouw van twee nieuwe woningen mogelijk. Voorheen was daar ingevolge het op 2 februari 2009 vastgestelde bestemmingsplan "Buitengebied Heeze-Leende" geen woningbouw toegestaan. Volgens [partij] leidt de planologische verandering tot waardedaling van zijn perceel, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1010
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201905108/1/A2

201905114/1/A2

Bij besluit van 28 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heeze-Leende aan [derde belanghebbende] een tegemoetkoming in planschade toegekend van € 10.300,00. [derde belanghebbende] is sinds mei 1987 eigenaar van het perceel [locatie 1] te Leende. Hij heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade ten gevolge van het op 6 maart 2014 in werking getreden bestemmingsplan "Buitengebied Heeze-Leende 2014" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Dat bestemmingsplan maakt op een perceel (hierna: het bouwperceel) tegenover het perceel van [derde belanghebbende], aan de overzijde van de straat Boschhoven, de bouw van twee nieuwe woningen mogelijk. Voorheen was daar ingevolge het op 2 februari 2009 vastgestelde bestemming "Buitengebied Heeze-Leende" (hierna ook: het oude bestemmingsplan) geen woningbouw toegestaan. Volgens [derde belanghebbende] leidt de planologische verandering tot waardedaling van zijn perceel, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1003
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201905114/1/A2

201905115/1/A2

Bij besluit van 28 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heeze-Leende aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 11.500 toegekend. [partij] is sinds mei 1987 eigenaar van het perceel [locatie] te Leende. Hij heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade ten gevolge van het op 6 maart 2014 in werking getreden bestemmingsplan "Buitengebied Heeze-Leende 2014" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Dat bestemmingsplan maakt op een perceel (hierna: het bouwperceel) tegenover het perceel van [partij], aan de overzijde van de straat Boschhoven, de bouw van twee nieuwe woningen mogelijk. Voorheen was daar ingevolge het op 2 februari 2009 vastgestelde bestemmingsplan "Buitengebied Heeze-Leende" (hierna ook: het oude bestemmingsplan) geen woningbouw toegestaan. Volgens [partij] leidt de planologische verandering tot waardedaling van zijn perceel, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1006
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201905115/1/A2

201906109/1/A2

Bij besluit van 10 oktober 2017 heeft de minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media de door de stichting, in verband met samenvoeging van scholen ontvangen bijzondere bekostiging voor basisschool CBS De Tryetine, gewijzigd vastgesteld en een bedrag van € 313.928,47 teruggevorderd van de stichting. Bij brief van 2 april 2015 heeft de stichting aan de minister laten weten dat basisschool CBS J.C.P. Salverdaskoalle met ingang van 1 augustus 2015 zal worden opgeheven onder gelijktijdige samenvoeging met De Tryetine. Aan de stichting is in verband met de samenvoeging bijzondere bekostiging voor de schooljaren 2015-2016, 2016-2017 en 2017-2018 verstrekt voor het onderwijs aan basisschool De Tryetine. Volgens de minister is de aanspraak van de stichting op de bekostiging wegens samenvoeging van de scholen vervallen, omdat op 1 augustus 2015 geen enkele leerling van de op te heffen school Salverdaskoalle naar de beoogde fusieschool De Tryetine is overgegaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1023
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak201906109/1/A2

201906190/10/R4

Bij besluit van 26 juni 2019 heeft de raad van de gemeente Maasdriel het bestemmingsplan "Buitengebied herziening 2016" vastgesteld. [appellant] woont op het adres [locatie]. Hij heeft gesteld al vanaf omstreeks 1998 daar te wonen. Daar bevindt zich een voormalige boerderij. [appellant] woont in het voorste deel van de boerderij. In die voormalige boerderij wonen in het achterste deel zijn zus en zwager, te weten op het adres [locatie]a. Op het adres [locatie]b is een uitvaartcentrum aanwezig, dat wordt geëxploiteerd door de [zwager] van [appellant]. Het plan voorziet voor de gronden van [appellant] in de bestemming "Maatschappelijk". Op grond van de planregels is hier een bedrijfswoning en geen burgerwoning toegestaan. [appellant] gebruikt de bebouwing echter wel als burgerwoning en hij wenst dat het plan dit toestaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1013
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak201906190/10/R4

201906190/8/R4

Bij besluit van 26 juni 2019 heeft de raad van de gemeente Maasdriel het bestemmingsplan "Buitengebied herziening 2016" vastgesteld. Het bij besluit van 26 juni 2019 vastgestelde bestemmingsplan heeft betrekking op nagenoeg het gehele buitengebied van de gemeente. [appellant] kan zich niet verenigen met het plandeel met de bestemming "Recreatie" en "specifieke vorm van recreatie - verblijfsrecreatie 1", ter plaatse van Maasbandijk 1A te Kerkdriel, waar wordt voorzien in een camping met maximaal 175 zomerhuisjes. De raad heeft ter zitting toegelicht dat [appellant] een chalet op deze camping in gebruik heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1014
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak201906190/8/R4

201906190/9/R4

Bij besluit van 26 juni 2019 heeft de raad van de gemeente Maasdriel het bestemmingsplan "Buitengebied herziening 2016" vastgesteld. Het bij besluit van 26 juni 2019 vastgestelde bestemmingsplan heeft betrekking op nagenoeg het gehele buitengebied van de gemeente. VDDH Vastgoed is eigenaar van het perceel Maasbandijk 1e in Kerkdriel, kadastraal bekend gemeente Maasdriel, sectie S, nummers 553 en 555. Op deze gronden wordt een watersportcentrum met jachthaven en bijbehorende voorzieningen geëxploiteerd. Op het perceel is ook een bedrijfswoning aanwezig. [appellante sub 2] is eigenaar van het perceel [locatie] in Kerkdriel, kadastraal bekend gemeente Maasdriel, sectie S, nummers […]. Op deze gronden is een horecagebouw aanwezig, met café, feestzaal, cafetaria en een bedrijfswoning. Daarnaast staat er op het perceel een aantal chalets en zijn er verder standplaatsen voor tenten, caravans of campers.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1017
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak201906190/9/R4

201906397/1/A3

Bij besluit van 6 juli 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Gorinchem een verzoek van KVA en [directeur KVA] om handhavend op te treden tegen ASN afgewezen. KVA, gevestigd aan de Spijksedijk 8 in Gorinchem, en [directeur KVA], die ten tijde van het handhavingsverzoek op het adres [locatie] in Gorinchem woonde en werkte, hebben het college verzocht handhavend op te treden tegen ASN, gevestigd aan de Spijksedijk 10 in Gorinchem. Volgens hen parkeert het autoschadebedrijf ASN in strijd met het bestemmingsplan ‘Binnenstad en omgeving’ en artikel 5:2, eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Gorinchem 2014, (beschadigde) voertuigen op de openbare weg. Het college heeft aan de in bezwaar gehandhaafde afwijzing van het handhavingsverzoek ten grondslag gelegd dat parkeren op de openbare weg door ASN niet in strijd is met het bestemmingsplan en dat het college voornemens is aan ASN ontheffing te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:992
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201906397/1/A3

201906459/1/R4

Bij besluit van 8 maart 2019 heeft het college de kosten voor toepassing van bestuursdwang gesteld op € 28.942,81 en deze kosten bij [appellant] in rekening gebracht. [appellant] is eigenaar van het perceel [locatie] in Voorst waar in 2017 een hennepplantage is aangetroffen. Op 10 januari 2018 heeft de politie aan de gemeente gemeld dat op het perceel een drugslaboratorium was ontdekt en dat het laboratorium werd ontruimd. Toen is geconstateerd dat het afval uit het productieproces in de mestkelders en het riool is geloosd. Op 11 januari 2018 is door controleurs van de Omgevingsdienst Veluwe IJssel geconstateerd dat de vloeren van de drie productieruimten inclusief de mestgoten zijn besmet. Het gaat hier om ongeveer 60 m² aan vloeroppervlak. Een van de twee mestkelders in de grote schuur is gebruikt om het afval op te slaan en van daaruit in het riool en de sloot te pompen. De andere mestkelder staat vol water. De mestgoot van de productieruimte komt uit op de eerste mestkelder.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:996
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak201906459/1/R4

201907327/1/A2

Bij besluit van 27 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lochem [appellant] een tegemoetkoming in planschade van € 6.200,00 toegekend. In geschil is de taxatie van de door [appellant] geleden planschade. [appellant] is eigenaar van de vrijstaande recreatiewoning met bijbehorende gronden op het perceel aan de [locatie A] te Gorssel. Bij aanvraagformulier van 14 augustus 2017 heeft hij het college verzocht om een tegemoetkoming in planschade, bestaande uit een waardevermindering van de woning, die hij heeft geleden als gevolg van het bij raadsbesluit van 7 december 2010 vastgestelde bestemmingsplan Buitengebied 2010. In het nieuwe bestemmingsplan is een ten zuiden van de woning gelegen gebied aangewezen voor de uitoefening van een grondgebonden agrarisch bedrijf, met daarbij behorende agrarische bedrijfsgronden, en voor een zorgtuin.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:994
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201907327/1/A2

201908115/1/A2

Bij besluit van 4 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. Bij brief van 19 oktober 2019 heeft [appellant], in zijn hoedanigheid van eigenaar van twee woonschepen die ligplaats hebben genomen aan de [locatie A] en [locatie B] te Amsterdam (hierna: de woonschepen), het college verzocht om tegemoetkoming in planschade die hij stelt te hebben geleden ten gevolge van de inwerkingtreding van drie planologische besluiten ten behoeve van het realiseren van hoogbouw en een brug op een nabij de ligplaatsen gelegen terrein. Volgens [appellant] heeft dit geleid tot waardevermindering van de woonschepen en de naastgelegen tuin en opstallen aan de oever. Aan de afwijzing van de aanvraag heeft het college ten grondslag gelegd dat de woonschepen niet duurzaam met de bodem of de oever zijn verenigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:990
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201908115/1/A2

201908401/1/R1

Bij besluit van 7 november 2017 heeft de raad van de gemeente Zutphen de coördinatieregeling als bedoeld in artikel 3.30 van de Wet ruimtelijke ordening van toepassing verklaard op de voorbereiding en bekendmaking van het bestemmingsplan "Fort de Pol, Eefde West en Windpark IJsselwind", twee omgevingsvergunningen voor de activiteiten bouwen, uitvoeren van een werk, oprichten van een inrichting en een uitweg maken, twee watervergunningen en een ontheffing als bedoeld in de Wet natuurbescherming. Onderdeel van het bestemmingsplan is het Windpark IJsselwind, een initiatief van IJsselwind B.V. en het Waterschap Rijn en IJssel om in dit plangebied gezamenlijk drie windturbines te realiseren. Windturbinelocaties 1 en 2 zijn gelegen ten Noorden van het Twentekanaal in het buitengebied van Zutphen en windturbinelocatie 3 is gelegen op het laagste plateau van Fort de Pol. Daarnaast voorziet het plan onder meer in een reeds onherroepelijk vergund zonnepark.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1025
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak201908401/1/R1

201908786/1/R3

Bij besluit van 17 oktober 2019 heeft de raad van de gemeente Vlaardingen het bestemmingsplan "Windpark Oeverwind" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de bouw van twee windturbines met een tiphoogte van maximaal 141 m. De windturbines hebben een beoogd gezamenlijk vermogen van maximaal 7 MW. Initiatiefnemers van het plan zijn VEC en De Windvogel. Midden Delfland B.V. verzet zich tegen het plan. Zij exploiteerde het restaurant "’t Oeverbos" op de locatie kadastraal bekend gemeente Vlaardingen, sectie N, nummer 55 (perceel Maassluissedijk 201-203). Op de gronden van dit perceel rust op grond van het geldende bestemmingsplan "Buitengebied West" de bestemming "Horeca" met de functieaanduiding "bedrijfswoning". Midden Delfland B.V. vreest dat de bouw van de twee windturbines leidt tot een aantasting van het Oeverbos en tot negatieve gevolgen voor haar bedrijfsbelang.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1024
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak201908786/1/R3

201908963/1/R3

[appellant] en anderen hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het college van burgemeester en wethouders van Leiderdorp op hun verzoek tot het vaststellen van een wijzigingsplan voor het perceel [locatie] te Leiderdorp. [appellant] en anderen wonen aan de [locatie] te Leiderdorp. Zij wensen dat het college medewerking verleent aan een wijzigingsplan voor dat perceel, zodat daarop twee extra woningen kunnen worden gerealiseerd. Volgens [appellant] en anderen werkt het college daar ten onrechte niet aan mee. Verder is het college volgens [appellant] en anderen een dwangsom verschuldigd wegens het niet tijdig beslissen op hun verzoek. [appellant] en anderen betogen dat het college de aanvraag van 31 juli 2018 ten onrechte niet heeft aangemerkt als aanvraag om vaststelling van een wijzigingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1004
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak201908963/1/R3

202000413/1/R2

Bij besluit van 10 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom het "Uitwerkingsplan Nieuwe Vesting, deelplan Paravicini" gewijzigd vastgesteld. Het plan maakt in het plangebied "Paravicini" in Bergen op Zoom de ontwikkeling van twee woongebouwen met parkeerplaatsen planologisch mogelijk. In één gebouw met een maximale bouwhoogte van 12 meter zijn 22 zorgwoningen voorzien. In het andere gebouw met een maximale bouwhoogte van 14 meter zijn 28 levensloopbestendige appartementen, waar zorg kan worden ingekocht, voorzien. Tegenover het plangebied ligt het appartementencomplex "Smitsvest" (hierna: Smitsvest). [appellant] huurt een appartement op de eerste verdieping van dat complex. Gebouw B is het dichtste bij Smitsvest voorzien, op een afstand van ongeveer 50 meter.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:998
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202000413/1/R2

202000595/1/R3

Bij besluit van 17 december 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Gelderland de aan K3Delta B.V. bij besluit van 20 september 2013 verleende vergunning voor het ontgronden van de percelen kadastraal bekend gemeente Lienden, sectie O, nrs. 260, 262, 263, 264, 269, 270, 271, 273, 274, 281, 282, 283, 683, 684, 778, 781, 783, 784, 834, 835, 836, 837,1068,1070,1071,1262, 1400 en Echteld sectie I, nrs. 29, 345 en 513 verlengd tot 3 december 2025 en daarnaast vergunning verleend tot 3 december 2025 voor het ontgronden van de percelen, kadastraal bekend als gemeente Lienden, sectie O, nummers 1517,1518,1527,1529,1530,1537, 1538. In 1997 is K3Delta gestart met de ontwikkeling van Lingemeer 1. Dit meer is gelegen direct ten oosten van de weg genaamd Zijveling. Ten westen van die weg lagen landbouwgronden. K3Delta wil komen tot een CO2-neutrale bedrijfsvoering. Zij wil voor de benodigde energie van de elektrische sorteerinstallatie een drijvend zonnepanelenpark inpassen in de gebiedsontwikkeling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1005
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Ontgrondingen
  • uitspraakin de zaak202000595/1/R3

202000700/1/R1

Bij besluit van 9 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân geweigerd aan [appellante] een omgevingsvergunning te verlenen voor het aanbrengen van een zonwering op het perceel [locatie] te Makkum en het gebruiken van een deel van het perceel als terras. [appellante] is eigenaar van een bedrijfspand op het perceel op het bedrijventerrein ‘Tussen de Zijlroeden’. Op 21 januari 2016 heeft [appellante] een van rechtswege verleende vergunning verkregen voor het plaatsen van 10 inpandige recreatieve chalets en het uitbreiden van de horeca in een deel van het bedrijfspand in strijd met het bestemmingsplan "Makkum-Zuidoost", zoals vastgesteld op 4 oktober 2013. De recreatieve chalets zijn sindsdien als zodanig in gebruik. Op 4 juni 2018 heeft [appellante] een omgevingsvergunning aangevraagd voor het plaatsen van een zonwering en voor het gebruiken van een deel van de buitenruimte van het bedrijfspand als terras bij de recreatieve chalets.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:995
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202000700/1/R1

202000758/1/R2

Bij besluit van 26 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oosterhout het verzoek van [appellant sub 2] om handhavend op te treden tegen een aarden wal, geweigerd. [appellant sub 2] pacht grond van [verpachter] op bungalowpark Bergvliet aan de Salesdreef te Oosterhout. [appellant sub 2] bouwt daar een recreatiewoning. Het perceel is gelegen in een bos en grenst aan een weiland van de [naam familie]. [verpachter] heeft een aarden wal laten aanleggen op de grens tussen de percelen van [familie] en het door [appellant sub 2] gepachte perceel. [appellant sub 2] heeft het college verzocht om handhavend tegen de aangelegde aarden wal op te treden, omdat hij stelt dat de wal zijn vrije uitzicht en zonlicht op zijn gronden wegneemt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1016
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202000758/1/R2

202001060/1/R1

Bij besluit van 28 mei 2018 heeft het college van dijkgraaf en heemraden van het Waterschap Hollandse Delta aan het Waterschap Hollandse Delta een wegenvergunning verleend voor het aanleggen van parkeerplaatsen en het verbreden van de weg nabij de Bommelskoussedijk 3-7 te Klaaswaal. Het Waterschap heeft een wegenvergunning aangevraagd en gekregen voor het aanleggen van parkeerplaatsen en het verbreden van de weg nabij de Bommelskoussedijk 3-7, met als doel om de huidige situatie te verbeteren omdat nu voornamelijk in de berm wordt geparkeerd. Gekozen is om de uitsparingen naast de weg van betere bestrating te voorzien zodat deze meer geschikt zijn om als parkeerplaats te gebruiken. Daarnaast worden op een gedeelte van het dijktalud de parkeerplaatsen verder van de huidige rijloper aangebracht waardoor de bestaande passeermogelijkheid wordt verbeterd. [appellant] heeft een agrarisch bedrijf dat is gevestigd aan de Schenkeldijk te Klaaswaal.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1008
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Waterschapszaken
  • uitspraakin de zaak202001060/1/R1

202001165/1/R1

Bij besluit van 17 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hoeksche Waard aan het Waterschap Hollandse Delta (hierna: het Waterschap) een omgevingsvergunning verleend voor de aanleg van parkeerplaatsen op een deel van de Bommelskoussedijk ter hoogte van de nummers 1-10 in Klaaswaal. De gevraagde omgevingsvergunning heeft betrekking op het verharden van een deel van de Bommelskoussedijk ter hoogte van de nummers 1-10 in Klaaswaal met als doel om parkeerplaatsen te realiseren. Het aanleggen van parkeerplaatsen is in strijd is met de ter plaatse geldende agrarische bestemming. Het college heeft daarom een omgevingsvergunning verleend voor het afwijken daarvan. [appellant] heeft een agrarisch bedrijf aan de Schenkeldijk te Klaaswaal. Hij maakt met zware landbouwvoertuigen gebruik van de wegen ter plaatse, waaronder ook de Bommelskoussedijk om zijn in de omgeving gelegen landerijen te bereiken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:968
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202001165/1/R1

202001270/1/R4

Bij besluit van 18 december 2019 heeft de raad en het college van burgemeester en wethouders van Woerden het bestemmingsplan "De Pionier" vastgesteld. Het plan en de daarbij horende omgevingsvergunning voorzien in de bouw van een appartementencomplex met 24 appartementen op het perceel. Op het perceel rusten de bestemmingen "Verkeer" en "Wonen". De beoogde doelgroep van de appartementen bestaat uit senioren. Een aantal omwonenden is het niet eens met de komst van het appartementencomplex en heeft daarom beroep ingesteld tegen het plan en de omgevingsvergunning. De omwonenden stellen onder meer dat het appartementencomplex niet past in de omgeving en ernstige gevolgen zal hebben voor hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1009
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202001270/1/R4

202001365/1/R3

Bij besluit van datum 11 december 2019 heeft de raad van de gemeente Gouda het bestemmingsplan "Turfmarkt 60 Gouda" vastgesteld. Op het perceel Turfmarkt 60 stond sinds de jaren 30 van de vorige eeuw een kerk, die tot 2006 in gebruik was. De kerk is in 2017 gekocht door [Holding]. In 2018 is de kerk deels gesloopt. Volgens de raad had door de sloop van de kerk de regeling voor het in stand houden van het kerkgebouw met bijbehorende goot- en bouwhoogte, die in het bestemmingsplan "Binnenstad West" was opgenomen, geen nut meer. De raad heeft daarom het bestemmingsplan "Turfmarkt 60 Gouda" vastgesteld. [appellanten sub 2] wonen op het perceel [locatie A]. [appellanten sub 4] wonen op het perceel [locatie C]. [appellanten sub 3] wonen op het perceel [locatie D]. Zij, en de Vereniging, zijn het niet eens met de vaststelling van het plan, omdat zij vrezen voor aantasting van privacy en woongenot.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1022
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202001365/1/R3

202002662/1/A3

Bij besluit van 23 augustus 2018 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand een verzoek van [wederpartij] om vernietiging van de vonnissen die zij bij haar aanvragen om verlening van toevoegingen heeft overgelegd, afgewezen. Op 30 oktober 2017 heeft de toenmalige advocaat van [wederpartij] drie aanvragen om verlening van toevoegingen bij het bestuur ingediend, omdat [wederpartij] in hoger beroep wilde gaan tegen drie vonnissen van de kantonrechter van 18 augustus 2017. Bij deze aanvragen heeft de advocaat de drie vonnissen overgelegd. Op 31 mei 2018 heeft [wederpartij] aan het bestuur verzocht in verband met haar privacy deze drie vonnissen te verwijderen uit zijn systeem. Het bestuur heeft dat verzoek afgewezen. Deze vonnissen vormen volgens het bestuur een noodzakelijk onderdeel van het hele dossier, zowel bij de beoordeling van de aanvraag om rechtsbijstandssubsidie, als bij de vergoeding van de verrichte werkzaamheden door de rechtsbijstandsverlener.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1028
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202002662/1/A3

202002882/1/A3

Bij besluit van 8 mei 2018 heeft de Stichting Bloembollenkeuringsdienst een verzoek van [appellant] op grond van de Wet openbaarheid van bestuur afgewezen. In deze zaak gaat het om het verzoek dat [appellant] op grond van de Wob heeft gedaan. De Afdeling moet beoordelen of de rechtbank terecht tot het oordeel is gekomen dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit van 29 augustus 2018 in stand konden blijven. Het grootste gedeelte van wat [appellant] heeft aangevoerd gaat over fraude die hij op het spoor zou zijn gekomen in de bloembollensector en dat de BKD in strijd zou handelen met de Zaaizaad- en Plantgoedwet waardoor de fraude in stand blijft. Meer specifiek gaat het over een bloembollenkraam met tulpenrassen die volgens [appellant] frauduleus zijn verhandeld of verdwenen. Hierdoor vielen deze rassen volgens [appellant] ten onrechte niet meer onder de failliete boedel van het betrokken bedrijf en is veel schade geleden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1002
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202002882/1/A3

202003142/1/A3

Bij besluit van 13 maart 2019 heeft de Dienst Uitvoering Onderwijs een verzoek van [appellante] om correctie van haar gegevens op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming, afgewezen. [appellante] volgde voortgezet onderwijs aan het Vossius Gymnasium in Amsterdam. Het Vossius, waarvan OSZG het bevoegd gezag is, heeft [appellante] op 19 februari 2018 met terugwerkende kracht per 3 september 2017 uitgeschreven. De Inspectie van het Onderwijs heeft een onderzoek uitgevoerd naar de rechtmatigheid van deze uitschrijving. De bevindingen van dat onderzoek zijn neergelegd in het rapport van 15 november 2018. De onderwijsinspectie constateert in dit rapport dat het Vossius onrechtmatig heeft gehandeld bij het uitschrijven van de betreffende leerling. De leerling had niet mogen worden uitgeschreven zonder daaraan voorafgaand de wettelijk voorgeschreven procedure om te verwijderen te volgen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1020
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak202003142/1/A3

202003195/1/A3

Bij brief van 17 januari 2018 heeft [appellante] het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden verzocht om handhavend op te treden tegen het houden van kampvuuravonden op camping Slingeland aan de Slingelandseweg 19 in Giessenburg. Deze zaak komt er in de kern op neer dat [appellante] er bezwaar tegen heeft dat de Hervormde gemeente op Camping Slingeland kampvuuravonden organiseert. [appellante] woont naast de camping en stelt dat zij overlast van deze kampvuuravonden ervaart. Om te voorkomen dat deze kampvuuravonden plaatsvinden, heeft zij bezwaar gemaakt tegen verschillende besluiten van de burgemeester en het college die dit mogelijk maken. Ook heeft zij het college verzocht handhavend op te treden tegen deze kampvuuravonden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:991
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003195/1/A3

202003631/1/A3

Bij besluit van 11 januari 2019 heeft de Inspecteur-Generaal van het Onderwijs (hierna: de inspecteur) het inspectierapport van 15 november 2018 openbaar gemaakt en de verzoeken van [appellante] en haar moeder om rectificatie van het rapport en handhavend op te treden tegen Onderwijsstichting Zelfstandige Gymnasia afgewezen. [appellante] volgde voortgezet onderwijs aan het Vossius Gymnasium in Amsterdam. Het Vossius, waarvan OSZG het bevoegd gezag is, heeft [appellante] op 19 februari 2018 met terugwerkende kracht per 3 september 2017 uitgeschreven. De Inspectie van het Onderwijs heeft een onderzoek uitgevoerd naar de rechtmatigheid van deze uitschrijving. De bevindingen van dat onderzoek zijn neergelegd in het rapport van 15 november 2018. [appellante] en haar moeder hebben verzocht om rectificatie en openbaarmaking van dat rapport na rectificatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1018
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak202003631/1/A3

202003858/1/R1

Bij besluit van 25 mei 2020 heeft de raad van de gemeente Noordoostpolder het bestemmingsplan "Landelijk gebied, Klutenpad 6 te Creil" gewijzigd vastgesteld. In het verleden was aan de Klutenpad 6 te Creil een agrarisch bedrijf gevestigd dat zelf aardappelen en uien verbouwde en deze sorteerde en verpakte. Daarnaast sorteerde en verpakte het bedrijf aardappelen en uien die afkomstig waren van andere agrarische bedrijven uit de buurt. Door omstandigheden is het zelf produceren van agrarische producten gestopt en zijn de bedrijfsactiviteiten beperkt tot het sorteren en verpakken voor derden. Door het vervallen van de eigen productie vielen die bedrijfsactiviteiten niet meer binnen de agrarische bestemming. [appellante] woont op het naastgelegen perceel [locatie A]. Dat ligt ten oosten van het plangebied. Zij vreest dat de mogelijkheden die plan biedt, zullen leiden tot onevenredige aantasting van haar woon- en leefklimaat, onder andere door geluidsbelasting.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1021
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Flevoland
  • uitspraakin de zaak202003858/1/R1

202003888/1/A2

Bij besluit van 7 augustus 2019 heeft de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen het verzoek van [verzoeker] om herziening van het besluit tot oplegging van een Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer en het besluit tot ongeldigverklaring van zijn rijbewijs afgewezen. Op 2 mei 2016 heeft de korpschef aan het CBR een mededeling gedaan als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 van het vermoeden dat [verzoeker] niet langer beschikt over de rijvaardigheid of de lichamelijke of geestelijke geschiktheid vereist voor het besturen van de categorieën van motorrijtuigen waarvoor zijn rijbewijs is afgegeven. Volgens het bij die mededeling gevoegde mutatierapport van de politie, eenheid Amsterdam, van 29 april 2016 heeft [verzoeker] op die dag gereden over een tramhalte waar mensen aanwezig waren, is hij vanaf de tramhalte over een voetgangersoversteekplaats gereden, heeft hij een aankomende tram afgesneden en heeft hij door een rood verkeerslicht gereden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1015
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202003888/1/A2

202003984/2/V2

De vreemdeling stelt in zijn beroepschrift dat de staatssecretaris ten onrechte nog niet op zijn asielaanvraag van 5 juli 2018 heeft beslist. Daartoe wijst de vreemdeling op de schriftelijke ingebrekestelling die hij op 10 december 2019 bij de staatssecretaris heeft ingediend. Op 7 januari 2020 heeft de vreemdeling, onder verwijzing naar de ingebrekestelling van 10 december 2019, beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag. De rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, heeft dit beroep gegrond verklaard bij uitspraak van 2 februari 2020 in zaak nr. NL20.453 en bepaald dat de staatssecretaris op straffe van een dwangsom uiterlijk op 27 maart 2020 een besluit moet nemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1027
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202003984/2/V2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202003984/2/V2

202004188/1/V6

Bij besluiten van 16 november 2016 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [appellante sub 1], [appellante sub 2], [appellante sub 3] en [appellante sub 4] elk een boete opgelegd van € 48.000,00 wegens overtredingen van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen. De arbeidsinspecteurs van de Inspectie SZW hebben op 6 februari 2014 een controle uitgevoerd bij een onderneming in Schiedam waar de Botlekbrug in aanbouw was. De opdrachtgever voor de brug is Rijkswaterstaat, die de opdracht aan [appellante sub 1] heeft gegeven. [appellante sub 1] heeft de opdracht uitbesteed aan [appellante sub 2], die de opdracht heeft uitbesteed aan [appellante sub 3]. [appellante sub 3] heeft de opdracht uitbesteed aan [appellante sub 4], die op haar beurt de opdracht heeft uitbesteed aan [partij]. De arbeidsinspecteurs hebben waargenomen dat 24 personen werkzaamheden hebben verricht, bestaande uit onder meer lassen, slijpen, bewerken van ijzer en monteren van brugdelen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1000
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202004188/1/V6

202004217/1/R1

Bij besluit van 15 januari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen (NH) geweigerd [appellant] een omgevingsvergunning te verlenen voor het plaatsen van een balustrade op het perceel [locatie] in Egmond aan Zee. De door [appellant] ingediende aanvraag betreft het plaatsen van een balustrade dienend als valbeveiliging op het dak aan de achterzijde van het op het perceel aanwezige gebouw, waarin een autobedrijf gevestigd is. Het college heeft geweigerd om daarvoor een omgevingsvergunning te verlenen. De door [appellant] gewenste balustrade is in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Egmond aan Zee Centrum en Boulevard". In het in bezwaar gehandhaafde besluit van 15 januari 2018 heeft het college zich op het standpunt gesteld dat het niet bereid is om voor het bouwplan een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: de Wabo) te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1001
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202004217/1/R1

202004249/1/V6

Bij besluit van 16 november 2016 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [appellante] een boete opgelegd van € 48.000,00 wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen. De arbeidsinspecteurs van de Inspectie SZW hebben op 6 februari 2014 een controle uitgevoerd bij een onderneming in Schiedam waar de Botlekbrug in aanbouw was. De opdrachtgever voor de brug is Rijkswaterstaat, die de opdracht aan [bedrijf A] heeft gegeven. [bedrijf A] heeft de opdracht uitbesteed aan [bedrijf B], die de opdracht heeft uitbesteed aan [bedrijf C]. [bedrijf C] heeft de opdracht uitbesteed aan [bedrijf D], die op haar beurt de opdracht heeft uitbesteed aan [appellante]. De arbeidsinspecteurs hebben waargenomen dat 24 personen werkzaamheden hebben verricht, bestaande uit onder meer lassen, slijpen, bewerken van ijzer en monteren van brugdelen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:999
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202004249/1/V6

202004387/1/R3

Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam heeft ten behoeve van het toen nog vast te stellen bestemmingsplan "De Nieuwe Wielewaal" hogere geluidgrenswaarden vastgesteld voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting vanwege verkeerslawaai van de Groene Kruisweg en industrielawaai van het industrieterrein Waal- en Eemhaven. Dit besluit is ongedateerd. Bij besluit van 28 mei 2020 heeft de raad van de gemeente Rotterdam het bestemmingsplan "De Nieuwe Wielewaal" vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1026
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Geluid
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202004387/1/R3

202004540/1/R1

Bij besluit van 5 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Middelburg het verzoek van [appellanten sub 1] om handhavend op te treden tegen gebruik van een terrein voor een jaarlijks kinderkamp en een op dat terrein aanwezig toiletgebouw, afgewezen. De Stichting is eigenaar van het scoutingterrein "het Poldertje" aan de Verlengde weg naar Veere. Het scoutingterrein ligt gedeeltelijk binnen de gemeente Middelburg en gedeeltelijk in de gemeente Veere. Aan de gronden in de gemeente Middelburg is in het bestemmingsplan "Buitengebied" de bestemming "Recreatie- Verblijfsrecreatie" met de aanduiding "specifieke vorm van recreatie - 1" toegekend. Het deel van het terrein dat in de gemeente Veere ligt, heeft op grond van het plan "3e herziening Buitengebied Veere", zoals dat gewijzigd is vastgesteld bij besluit van 6 juni 2019, de bestemming "Agrarisch met waarden - Landschaps- en Natuurwaarden" en aanduidingen "specifieke vorm van recreatie - scouting 1" en "kampeerterrein".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1007
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004540/1/R1

202100913/1/A2

Bij besluit van 28 juni 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht Car Service een tegemoetkoming in planschade van € 62.268,00 toegekend en Oto Com een tegemoetkoming in planschade van € 16.887,34. Het geschil tussen partijen gaat over de hoogte van de toegekende tegemoetkomingen in planschade. Oto Com is sinds 13 maart 1992 eigenaar van de gronden met motorbrandstoffenverkooppunt (tankstation) met bijbehorende shop aan de Rijksstraatweg 141-143 te Loenen aan de Vecht. Zij is sinds 20 november 1997 ook eigenaar van de gronden met het pompeiland bij het tankstation. Car Service is exploitant van het tankstation met bijbehorende shop.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:993
Datum uitspraak
12 mei 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202100913/1/A2

202101624/1/R2 en 202101624/2/R2

Bij besluit van 5 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Peel en Maas aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een woning aan de [locatie 1] in Panningen. Het college heeft aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een vrijstaande woning aan de [locatie 1] in Panningen. Het perceel is momenteel nog onderdeel van een openbaar park. [appellant] woont aan de [locatie 2], tegenover het perceel. Volgens hem moet het perceel tot het openbare park blijven behoren. Uit een door hem overgelegde lijst van medestanders blijkt dat ook een groot aantal andere omwonenden zich verzet tegen de bouw van een woning in het park.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:979
Datum uitspraak
11 mei 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202101624/1/R2 en 202101624/2/R2

202102343/2/R3

Het geding gaat over een aan Pluimveebedrijf het Waddenei Aalsum verleende omgevingsvergunning voor het plaatsen van een omheining op het perceel van het pluimveebedrijf aan de Mockamawei 18 te Aalsum. Uit de dossierstukken blijkt dat het pluimveebedrijf de bedrijfsvoering wenst te wijzigen en een deel van de gronden wenst te gebruiken voor de vrije uitloop van kippen. Ten behoeve hiervan heeft het pluimveebedrijf een aanvraag ingediend voor een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een omheining, welke omgevingsvergunning bij besluit van 9 juli 2019 is verleend. De rechtbank heeft het besluit op bezwaar vernietigd en zelf in de zaak voorzien door het primaire besluit te herroepen en de aanvraag af te wijzen. De rechtbank heeft daartoe overwogen dat bij de beoogde vrije uitloop van 30.000 kippen het er voor moet worden gehouden dat sprake zal zijn van zodanig intensief gebruik van de gronden, dat niet meer gesproken kan worden van een grondgebonden agrarische bedrijfsvoering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1034
Datum uitspraak
11 mei 2021
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202102343/2/R3

202102516/2/R3

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van de rechtbank van 26 maart 2021. Het geding gaat over een aan de gemeente Groningen bij besluit van 12 juli 2019 verleende omgevingsvergunning voor het realiseren van de nieuwe Kattenbrug, aanpassen/herinrichten van de kade en het wijzigingen van de groenstructuur ter plaatse van het Kattendiep/Schuitendiep te Groningen. De rechtbank heeft het tegen dit besluit gerichte beroep van [verzoeker] gegrond verklaard, het besluit van 12 juli 2019 vernietigd en vervolgens bepaald dat de rechtsgevolgen in stand blijven. De rechtbank heeft het besluit vernietigd, omdat niet was gemotiveerd waarom de bouw van de nieuwe Kattenbrug in overeenstemming was met het bestemmingsplan "Openbaar vaarwater" uit 2010. De rechtbank heeft de bouw van de brug vervolgens zelf getoetst aan dit bestemmingsplan en geconcludeerd dat zich geen strijd voordoet met de planregels. De rechtbank heeft daarom de rechtsgevolgen in stand gelaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1035
Datum uitspraak
11 mei 2021
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202102516/2/R3

202102598/2/V2

Bij besluit van 1 november 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:982
Datum uitspraak
11 mei 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102598/2/V2

202102664/2/V2

Bij besluit van 28 april 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1029
Datum uitspraak
11 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102664/2/V2

202005577/1/V3

Bij besluit van 8 augustus 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1081
Datum uitspraak
10 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202005577/1/V3

202101613/1/V2

Bij besluit van 5 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:1253
Datum uitspraak
7 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202101613/1/V2

202102387/2/V2

Bij besluit van 4 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:980
Datum uitspraak
7 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102387/2/V2

202102749/2/V1

Bij besluit van 25 juni 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij ambtshalve geweigerd krachtens artikel 64 van de Vw 2000 te bepalen dat uitzetting van de vreemdeling achterwege blijft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:976
Datum uitspraak
7 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102749/2/V1

202006788/1/V3

Bij besluit van 26 oktober 2020 heeft de staatssecretaris de vreemdeling de toegang tot Nederland geweigerd en haar een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. De vreemdeling komt uit Colombia. Om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, gelden sinds maart 2020 tijdelijke reisrestricties voor personen die uit derde landen naar Nederland willen reizen. De vreemdeling is bij aankomst op Schiphol op 26 oktober 2020 als gevaar voor de volksgezondheid beschouwd en haar is de toegang tot Nederland geweigerd. Omdat er op korte termijn geen terugvlucht naar Colombia beschikbaar was, is aan haar in afwachting van vertrek ook een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. De vreemdeling zou op 29 oktober 2020 terugkeren naar Colombia, maar haar vlucht werd geannuleerd, omdat zij op 28 oktober 2020 tien dagen in quarantaine moest vanwege een met corona besmette kamergenoot in detentie. Na de quarantaineperiode kreeg de vreemdeling opnieuw een kamergenoot die positief getest bleek te zijn op het coronavirus.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:967
Datum uitspraak
7 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202006788/1/V3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202006788/1/V3

202100367/1/V1

Bij besluit van 22 juli 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:973
Datum uitspraak
6 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202100367/1/V1

202102400/2/V2

Bij besluit van 3 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:975
Datum uitspraak
6 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102400/2/V2

202102553/2/V2

Bij besluit van 5 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:970
Datum uitspraak
6 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102553/2/V2

202102557/2/V2

Bij besluit van 5 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:971
Datum uitspraak
6 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102557/2/V2

202005805/1/V2

De vreemdeling heeft tegen het uitblijven van een besluit op zijn aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen beroep ingesteld bij de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:947
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005805/1/V2

202005816/1/V2

De vreemdelingen hebben tegen het uitblijven van een besluit op hun aanvragen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen beroepen ingesteld bij de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:948
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005816/1/V2

202005821/1/V2

De vreemdeling heeft tegen het uitblijven van een besluit op haar aanvraag om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen beroep ingesteld bij de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:949
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005821/1/V2

202006341/1/R2 en 202006341/2/R2

Bij besluit van 24 september 2020 heeft de raad van de gemeente Landerd het bestemmingsplan "Repellaan ongenummerd te Schaijk" vastgesteld. Het plan voorziet in een appartementencomplex met 24 woningen aan de Repellaan op de voormalige locatie van een supermarkt in de kern Schaijk. Het plangebied wordt in het zuiden begrensd door de Repellaan en aan de overige kanten door woningen aan de Burgemeester Hoefnagelstraat, de Zwingelhof en De Biezen. [appellant] woont aan de [locatie], ten westen van het voormalige terrein van de supermarkt, waar het appartementencomplex is gepland.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:883
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202006341/1/R2 en 202006341/2/R2

202100797/1/R1 en 202100797/2/R1

Bij besluit van 24 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hoorn [appellant] gelast de bewoning van het bijgebouw op het perceel [locatie] in Blokker, kadastraal bekend sectie […] nummer […], binnen 12 maanden te staken en gestaakt te houden, op straffe van een dwangsom van € 10.000,00 ineens. [appellant] is eigenaar van de gronden aan de [locatie] in Blokker. Op deze gronden staat een aantal gebouwen, waaronder het woonhuis van [appellant] en een gebouw, op het gebruik waarvan de last betrekking heeft (hierna: het gebouw). Volgens [appellant] is dit gebouw in 1982 gebouwd en vervolgens van 1983 tot 1991 bewoond door hem en zijn echtgenote. Van 1991 tot 2000 heeft de moeder van [appellant] in het gebouw gewoond. Vanaf 2012 woont de dochter van [appellant] in het gebouw, inmiddels met twee kinderen. In februari 2019 heeft het college aan [appellant] medegedeeld dat op 9 januari 2019 is geconstateerd dat in het bijgebouw wordt gewoond en dat dit in strijd is met het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:945
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202100797/1/R1 en 202100797/2/R1

202102220/2/V2

Bij besluit van 9 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:950
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102220/2/V2

202102521/2/V2

Bij besluit van 19 mei 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:974
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102521/2/V2

202102863/2/V1

Bij besluit van 22 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:972
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102863/2/V1

202102874/2/V2

Bij besluit van 18 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:969
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102874/2/V2

201806052/3/R1

Bij tussenuitspraak van 4 september 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3025, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Roerdalen opgedragen om binnen 26 weken na de verzending daarvan het gebrek in het besluit van 7 juni 2018 tot vaststelling van het bestemmingsplan "De Donck Posterholt" te herstellen. Deze tussenuitspraak is aangehecht. De tussenuitspraak is gedaan naar aanleiding van het beroep van GRS. De Afdeling heeft daarin overwogen dat de raad niet toereikend heeft gemotiveerd dat de aan de percelen van GRS toegekende agrarische bestemming ruimtelijk aanvaardbaar is. De gronden zijn in een ver verleden weliswaar gebruikt voor agrarische doeleinden, maar van een agrarisch gebruik is al zeer geruime tijd geen sprake meer, de gronden zijn gedurende lange tijd bebouwd geweest met bedrijfsgebouwen, zijn verhard en voor niet-agrarische bedrijfsdoeleinden aangewend, terwijl ze thans braak liggen. Uit de besluitvorming van de raad blijkt niet dat deze omstandigheden daarin zijn betrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:955
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak201806052/3/R1

201906616/2/A3

Burgerrechtenvereniging Vrijbit heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 23 juli 2019 in zaak nr. 16/3326. De AP heeft een aantal gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken. Ter motivering van haar verzoek voert de AP aan dat een groot aantal stukken geheel en een aantal gedeeltelijk bestaat uit vertrouwelijke en bedrijfsvertrouwelijke informatie over de wijze waarop de zorgverzekeraars persoonsgegevens verwerken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:946
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak201906616/2/A3

201906751/1/R4

Bij besluit van 24 augustus 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Berg en Dal op verzoek van [appellante sub 2] de gestelde maatwerkvoorschriften voor de activiteiten van de door [appellante sub 2] gedreven supermarkt aan de [locatie 1] te Beek-Ubbergen gewijzigd. [appellante sub 2] exploiteert een supermarkt aan de [locatie 1] te Beek-Ubbergen. Niet in geschil is dat de supermarkt een inrichting is die valt onder de werking van het Activiteitenbesluit Milieubeheer (hierna: het Activiteitenbesluit). De supermarkt heeft aan de oostzijde een laad- en lossluis. Omdat twee vrachtwagens dagelijks tussen 6:00 en 7:00 uur de supermarkt bevoorraden, worden de op grond van het Activiteitenbesluit geldende grenswaarden voor het maximaal geluidsniveau (piekgeluiden) in de nachtperiode ter plaatse van de woningen Bongerdstraat 2-4, 6 en 8 en Esdoornstraat 37 overschreden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:959
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak201906751/1/R4

201908073/1/R3

Bij besluit van 23 september 2019 heeft de raad van de gemeente Tubbergen het bestemmingsplan "Tubbergen, De Esch" vastgesteld. De bestreden besluiten van 23 september 2019 en 20 april 2020 maken de bouw van 51 woningen mogelijk in een gebied dat ligt tussen de Almeloseweg, de Tubbergeresweg (N343) en de Maatweg in het westen van de gemeente Tubbergen. Het plangebied van deze besluiten bestaat nu deels uit bedrijfsbebouwing van een voormalig tuincentrum en deels uit weilanden. Naar aanleiding van de uitspraak van de voorzieningenrechter van 30 januari 2020 heeft de raad het bestemmingsplan "Tubbergen, De Esch" bij besluit van 20 april 2020 gewijzigd vastgesteld. [appellant sub 1] en anderen, [appellant sub 2], [appellant sub 3] en [appellant sub 4] wonen aan de Maatweg, De Klumper en de Almeloseweg en kunnen zich als omwonenden van het plangebied om verschillende redenen niet verenigen met de besluiten van 23 september 2019 en 20 april 2020.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:939
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak201908073/1/R3

201908129/1/A2

Bij twee onderscheiden besluiten van 16 mei 2017 heeft het dagelijks bestuur van de bestuurscommissie van stadsdeel Zuid van de gemeente Amsterdam de verzoeken van [appellant sub 2] en [appellant sub 3] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant sub 2] en [appellant sub 3] zijn de respectievelijke eigenaren van de panden op de adressen [locatie 1] en [locatie 2] te Amsterdam. Deze panden zijn gelegen naast het Conservatoriumhotel, dat op het adres Van Baerlestraat 27 gevestigd is. Op 20 juli 2015 hebben [appellant sub 2] en [appellant sub 3] verzocht om tegemoetkoming in door hen geleden planschade als gevolg van het planologisch mogelijk maken van een terras op het binnenterrein van het Conservatoriumhotel. Dat binnenterrein bevindt zich aan de achterzijde van hun panden. De verzoeken zijn afgewezen, omdat het planologisch nadeel het normaal maatschappelijk risico van [appellant sub 2] en [appellant sub 3] niet overstijgt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:954
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak201908129/1/A2

201908312/1/A2

Bij besluit van 4 december 2018 heeft de directie van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (hierna: het CBR). het verzoek van [appellant] om herziening van het besluit van 7 juli 2017, waarbij hem een Educatieve maatregel alcohol en verkeer is opgelegd, afgewezen. De Politie Eenheid Zeeland-West-Brabant heeft aan het CBR een mededeling gedaan als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Deze mededeling houdt in dat het vermoeden bestaat dat [appellant] niet langer beschikt over de rijvaardigheid dan wel geschiktheid om een motorrijtuig van de categorieën AM, B en T te besturen. Dat zijn de categorieën waarvoor het rijbewijs van [appellant] is afgegeven. Aan deze mededeling ligt ten grondslag dat [appellant] volgens een op ambtseed en ambtsbelofte opgemaakt proces-verbaal van 18 juni 2017 op diezelfde datum een voertuig zou hebben bestuurd terwijl hij teveel alcohol had gedronken. Hij moest meewerken aan een ademonderzoek.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:963
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak201908312/1/A2

201908348/1/R4

Bij besluit van 16 september 2015 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leiden aan DELA Uitvaartverzorging B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het verbouwen en uitbreiden van het crematoriumcomplex aan de Laan te Rhijnhof 10 te Leiden. Op het perceel is al tientallen jaren een uitvaartfaciliteit aanwezig. DELA exploiteert de uitvaartfaciliteit. De percelen rondom het perceel zijn in gebruik als begraafplaats. De begraafplaats is ongeveer 12 ha groot. DELA heeft op 30 april 2015 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het verbouwen en uitbreiden van de uitvaartfaciliteit op het perceel. Het bouwplan voorziet in een uitbreiding en een inpandige wijziging van het bestaande gebouw. Het gaat om de bouw van ontvangstruimten, opbaarkamers en een rouwcentrum. Er komt een tweede aula, een tweede condoleanceruimte en een grotere keuken ten behoeve van de horecavoorziening.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:952
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak201908348/1/R4

201908860/1/R1

Bij besluit van 24 september 2019 heeft de raad van de gemeente Enkhuizen het bestemmingsplan "Partiële herziening bestemmingsplan Gommerwijk West-West" vastgesteld. De partiële herziening heeft betrekking op het bestemmingsplan "Gommerwijk West-West" dat de raad op 19 februari 2008 heeft vastgesteld. Laatstgenoemd plan voorziet in een uitwerkingsplicht van de bestemming "Wonen - uit te werken" waarmee wordt voorzien in maximaal 700 woningen op onder meer de gronden van [appellant] en anderen aan de westkant van de bestaande woonwijk Gommerwijk-West. Op grond van artikel 6.2, van de planvoorschriften van dat plan werkt de raad de bestemming uit. Met de partiële herziening heeft de raad één van de uitwerkingsregels gewijzigd. Dit betreft artikel 6.2.1, onder b, van de planvoorschriften. Volgens de plantoelichting beoogt de raad hiermee te bereiken dat het maximum aantal woningen van 700 waarop de uitwerkingsplicht betrekking heeft, niet langer tot de zogenoemde harde plancapaciteit wordt gerekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:964
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak201908860/1/R1

202000620/1/R1

Bij besluit van 6 juni 2016 heeft het college van burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard geweigerd een omgevingsvergunning aan [appellante] te verlenen voor de realisatie van een loopbrug/steiger tegenover [locatie] in Krimpen aan de Lek. [appellante] wil al lang in de Bakkerskil tegenover [locatie] in Krimpen aan den Lek een aanlegsteiger met loopbrug realiseren naar de ligplaats voor haar boten. Het college van de voormalige gemeente Nederlek heeft eerder twee keer geweigerd om daarvoor een vergunning te verlenen. [appellante] heeft daarover geprocedeerd tot aan de Afdeling. De Afdeling was beide keren van oordeel dat het hoger beroep van [appellante] ongegrond was. Zie daarvoor de uitspraken van 3 februari 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BL1823 en 12 augustus 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2591.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:960
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202000620/1/R1

202002868/1/R4

Bij besluit van 19 maart 2020 heeft de raad van de gemeente Soest het bestemmingsplan "Houtsnip" vastgesteld. Het plan voorziet in de realisatie van vijf vrijstaande grondgebonden woningen op een perceel nabij de weg Houtsnip, in de kern van Soest. Het plangebied ligt binnen het bestaande bestemmingsplan ‘Klaarwater, Smitsveen en Bosstraat’. Dat bestemmingsplan bevat een wijzigingsbevoegdheid, op grond waarvan het college van burgemeester en wethouders van Soest bij besluit van 9 mei 2017 het wijzigingsplan ‘Houtsnip’ had vastgesteld om de vijf woningen op dit perceel mogelijk te maken. Bij uitspraak van 2 mei 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1446, heeft de Afdeling dit besluit echter vernietigd, omdat het wijzigingsplan niet voldeed aan de voorwaarden van de wijzigingsbevoegdheid. Om de woningen alsnog mogelijk te maken heeft de raad daarom zelf het onderhavige bestemmingsplan vastgesteld. [appellant] is eigenaar van een perceel grenzend aan het plangebied en kan zich niet met het plan verenigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:951
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202002868/1/R4

202003081/1/R3

Bij besluit van 28 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hoogeveen aan Powerfield een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een zonnepark op de locatie Gijsselterweg 6a1 te Fluitenberg. Powerfield heeft een omgevingsvergunning aangevraagd om tijdelijk een zonnepark met ongeveer 87.000 zonnepanelen en enkele transformator stations te realiseren. Het is de bedoeling dat met een zonnepark van deze omvang stroom kan worden opgewekt voor naar schatting 6.666 huishoudens. De gronden waarop deze zonnepanelen zullen worden geplaatst, hebben een gezamenlijke oppervlakte van ongeveer 20 hectare. Het hele projectgebied, waarbij ook de gronden worden meegeteld die worden gebruikt voor de landschappelijke inpassing, heeft een oppervlakte van ongeveer 28 hectare. Rondom het projectgebied wordt een haag gepland met een hoogte van maximaal 2 m. Het bouwplan is in strijd met het bestemmingsplan "Buitengebied Hoogeveen 2017".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:953
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202003081/1/R3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202003081/1/R3

202003491/1/A2

Bij besluit van 3 april 2019 heeft de algemeen directeur (lees: de directie) van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen het verzoek van [appellant] om herziening van het besluit van 14 november 2017, waarbij hij is verplicht mee te werken aan een onderzoek naar zijn alcoholgebruik, afgewezen. Bij besluit van 14 november 2017 heeft het CBR [appellant] verplicht mee te werken aan een onderzoek naar zijn alcoholgebruik. Daaraan heeft het CBR een mededeling als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 van de Politie Eenheid Rotterdam van 3 november 2017 ten grondslag gelegd. Uit de bijgevoegde processen-verbaal blijkt dat de politie op 31 oktober 2017 [appellant] als bestuurder van een auto heeft aangehouden wegens het rijden onder invloed van alcohol. Daaruit blijkt ook dat [appellant] heeft verklaard dat hij niet de bestuurder van de auto was. Hij heeft echter geen bezwaar gemaakt tegen het besluit van 14 november 2017.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:962
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202003491/1/A2

202003991/1/A2

Bij besluit van 18 maart 2019 heeft de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen het verzoek om herziening van het in bezwaar gehandhaafde besluit van 12 september 2018, waarbij [appellant] is verplicht mee te werken aan een onderzoek naar zijn alcoholgebruik, afgewezen. Bij besluit van 12 september 2018 heeft het CBR [appellant] verplicht mee te werken aan een onderzoek naar zijn alcoholgebruik. Daaraan heeft het CBR een op ambtseed en ambtsbelofte opgemaakte proces-verbaal van de Politie Eenheid Rotterdam van 1 juli 2018 ten grondslag gelegd. Daaruit blijkt dat [appellant] op die datum als bestuurder van een auto is aangehouden voor het rijden onder invloed van alcohol. [appellant] heeft daartegen bezwaar gemaakt. Dat bezwaar heeft het CBR bij besluit van 27 november 2018 niet-ontvankelijk verklaard, omdat het buiten de bezwaartermijn was ingediend en [appellant] niet had gereageerd op het verzoek van het CBR om aan te geven wat de reden daarvoor was.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:961
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202003991/1/A2

202004017/1/R3

Bij besluit van 25 mei 2020 heeft de raad van de gemeente Tubbergen het bestemmingsplan "(veeg) bestemmingsplan kernen gemeente Tubbergen" vastgesteld. Het bestreden besluit van 25 mei 2020 van de raad van de gemeente Tubbergen tot vaststelling van het (veeg) bestemmingsplan "Kernen gemeente Tubbergen" (hierna: het veegplan) heeft betrekking op de kernen van de gemeente Tubbergen en heeft verschillende doelen. In het veegplan worden aanwezige omissies in de bestaande bestemmingsplannen gerepareerd, worden vergunde ontwikkelingen meegenomen, wordt voorzien in aanpassingen en verruimingen van de planregels afkomstig uit het traject "deregulering planregels" en in een regeling om ongewenste ontwikkelingen omtrent huisvesting van arbeidsmigranten in woningen te voorkomen. Tegen het veegplan hebben [appellant sub 1] en anderen en [appellant sub 2] beroep ingesteld. [appellant sub 1] en anderen en [appellant sub 2] hebben bezwaren tegen de vaststelling van het veegplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:966
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202004017/1/R3

202004214/1/R1

Bij besluit van 9 juli 2018 heeft het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Rijnland de aanvraag van [appellante] om handhavend op te treden tegen de gemeente Hillegom afgewezen. [appellante] woont aan de [locatie] in de Weerlanerpolder in Hillegom nabij de Weerlanervaart. Zij heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen de gemeente Hillegom wegens werkzaamheden aan de dijk ter hoogte van haar woning aan de overzijde van de Weerlanervaart. Het college heeft dat verzoek afgewezen. In het in bezwaar gehandhaafde besluit van 9 juli 2018 heeft het zich op het standpunt gesteld dat de (herstel)werkzaamheden aan de dijk door de gemeente correct zijn uitgevoerd. Voorafgaand aan deze werkzaamheden heeft het college geconstateerd dat het betreffende stuk van de dijk was ingetrapt en waarschijnlijk in het verleden deels was afgegraven om een paardenbak vlak te krijgen. Ook was er geen grasmat meer aanwezig om de dijk te beschermen tegen uitspoeling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:965
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202004214/1/R1

202004223/1/A3

Bij besluit van 19 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad de aanvraag van [appellante] om een verklaring voor woningurgentie afgewezen. Op 27 december 2018 heeft [appellante] een aanvraag gedaan om een verklaring voor woningurgentie. Bij de aanvraag heeft [appellante] vermeld dat zij in de provincie Groningen woont en haar zoon beschermd woont in Wormerveer, gemeente Zaanstad, en zij met de urgentieaanvraag dichter bij haar zoon wil wonen omdat hij haar zorg niet kan missen. Bij het besluit van 19 februari 2019 heeft het college zich op het standpunt gesteld dat een van de algemene weigeringsgronden voor het verkrijgen van een woningurgentie, te weten artikel 2.5.5, eerste lid, onder i, van de Huisvestingsverordening Zaanstad 2018, van toepassing is. [appellante] heeft in de periode direct voorafgaand aan het indienen van de aanvraag niet tenminste twee jaar onafgebroken gewoond in de gemeente waar de urgentieverklaring is aangevraagd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:958
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202004223/1/A3

202006101/1/R4

Bij besluit van 24 september 2020 heeft de raad van de gemeente Doesburg het bestemmingsplan "Halve Maanweg" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de realisatie van een appartementencomplex met onder andere 24 sociale huurappartementen ter plaatse van het voormalige kantoorgebouw van de Stichting. [appellant sub 1] en anderen en [appellant sub 2] en anderen zijn het niet eens met het plan. [appellant sub 1] en anderen wonen aan de Juliana van Stolberglaan te Doesburg. [appellant sub 2] en anderen wonen aan de F.D. Rooseveltsingel te Doesburg.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:956
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202006101/1/R4

202006320/1/A3

Bij besluit van 20 maart 2019 heeft de minister van Buitenlandse Zaken medegedeeld de aanvraag van [appellante] voor een Nederlands paspoort voor haar minderjarige zoon [zoon] niet in behandeling te nemen. [appellante] beroept zich op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel. Daartoe voert zij aan dat haar oudste zoon wel in het bezit is gesteld van een Nederlands paspoort.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:957
Datum uitspraak
4 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Paspoort
  • uitspraakin de zaak202006320/1/A3

201900845/4/R2

Bij besluit van 19 november 2018 heeft het dagelijks bestuur van Waterschap Aa en Maas het projectplan "Projectplan Waterwet Leegveld" vastgesteld. Bij besluit van 22 november 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant goedkeuring verleend aan dat besluit. Bij besluit van 7 december 2018 hebben provinciale staten het inpassingsplan "PAS Leegveld, Deurne" vastgesteld. Het doel van het inpassingsplan en het projectplan is om de achteruitgang van het restant aan hoogveen als gevolg van verdroging en stikstofdepositie te stoppen en het hoogveen te herstellen. Het projectplan voorziet in het treffen van hydrologische maatregelen. [verzoekster] en anderen hebben een recreatiebedrijf en paardenhouderij aan de [locatie] in Liessel. Zij stellen dat het waterschap de stuwpeilen in het plangebied na de tussenuitspraak met tientallen cm heeft opgezet.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:941
Datum uitspraak
3 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • Waterwet
  • uitspraakin de zaak201900845/4/R2

202101059/1/V3

Bij besluit van 16 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:944
Datum uitspraak
3 mei 2021
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202101059/1/V3

202101238/2/R1

Bij besluit van 3 december 2020 heeft de raad van de gemeente Aalsmeer van de gemeente Aalsmeer het bestemmingsplan "Fort Kudelstaart" vastgesteld. Het bestemmingsplan heeft betrekking op herontwikkeling van het forteiland Kudelstaart en de directe omgeving daarvan. Onderdeel van de herontwikkeling is uitbreiding van de jachthaven en toevoeging van horecafuncties, zoals een hotel met conferentiezalen, een restaurant en café met terras. Het plan maakt verder onder meer de bouw van een ondergrondse parkeergarage mogelijk. Het plangebied maakt onderdeel uit van de Stelling van Amsterdam. De Stelling van Amsterdam is door de UNESCO op de lijst van werelderfgoederen geplaatst. De stichting en anderen willen met hun verzoek bereiken dat onomkeerbare gevolgen voor het erfgoed worden voorkomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:933
Datum uitspraak
3 mei 2021
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202101238/2/R1

202102117/1/A3 en 202102117/2/A3

Bij besluit van 8 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellante] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellante], een alleenstaande vrouw van 70 jaar, heeft gevraagd om een urgentieverklaring omdat zij vanwege medische beperkingen niet meer in staat is om zonder compensatie te wonen in haar huidige woning. Het college heeft de aanvraag afgewezen op grond van artikel 2.6.5, eerste lid, onder c, van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020 (hierna: de Huisvestingsverordening). Daaraan heeft het college ten grondslag gelegd dat [appellante], gezien de inschrijfduur van 21 jaar bij WoningNet en haar leeftijd, in staat wordt geacht binnen redelijke termijn haar woonprobleem op te lossen. Voorts heeft zij een WMO-indicatie die voorrang geeft bij het vinden van een woning met passende toegankelijkheid. Een urgentieverklaring is hierdoor niet nodig en niet mogelijk, aldus het college.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:940
Datum uitspraak
3 mei 2021
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202102117/1/A3 en 202102117/2/A3

202001407/1/V1

Bij besluit van 11 september 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling ongewenst verklaard. De vreemdeling is geboren op [geboortedatum] te [plaats] en heeft bij zijn geboorte de Nederlandse en de Marokkaanse nationaliteit verkregen. Niet gebleken is dat hij sedertdien de Marokkaanse nationaliteit heeft verloren. De staatssecretaris heeft bij besluit van 11 september 2017 het Nederlanderschap van de vreemdeling krachtens artikel 14, vierde lid, van de RWN ingetrokken, omdat hij zich heeft aangesloten bij een organisatie die deelneemt aan een internationaal gewapend conflict en hij een bedreiging vormt voor de Nederlandse nationale veiligheid. Daarover gaat de uitspraak van vandaag, die is gepubliceerd onder nummer ECLI:NL:RVS:2021:926. De staatssecretaris heeft de vreemdeling verder ongewenst verklaard krachtens artikel 67, eerste lid, aanhef en onder c, van de Vw 2000, omdat hij een gevaar voor vormt voor de nationale veiligheid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:928
Datum uitspraak
30 april 2021
  • Hoger beroep
  • Ongewenstverklaring
  • uitspraakin de zaak202001407/1/V1

202001410/1/V6

Bij besluit van 11 september 2017 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het Nederlanderschap van [appellant] ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2021:926
Datum uitspraak
30 april 2021
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202001410/1/V6
vorige pagina1...240241242...1.248volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon