Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.063
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202200863/1/A3

Bij besluit van 18 september 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een verzoek van [appellant] om wijziging van zijn geboortedatum in de basisregistratie personen afgewezen. [appellant] heeft zich op 20 februari 1980 met de geboortedatum [geboortedatum] 1960 ingeschreven in de Brp. Een aantal jaren later heeft [appellant] in Turkije zijn geboortedatum laten wijzigen naar [geboortedatum] 1956. In 2014 heeft [appellant] voor het eerst een aanvraag ingediend om zijn aangepaste geboortedatum te laten wijzigen in de Brp, maar zijn aanvraag is bij besluit van 14 maart 2014 afgewezen. Op 30 augustus 2018 heeft [appellant] het college, door middel van een tweede aanvraag, opnieuw verzocht om zijn in de Brp geregistreerde geboortedatum te wijzigen. Volgens hem blijkt uit een vonnis van 5 december 2001 van de rechtbank in Turkije en een uittreksel uit de Turkse burgerlijke stand dat hij op [geboortedatum] 1956 is geboren in plaats van op [geboortedatum] 1960. Bij besluit van 18 september 2018 heeft het college de tweede aanvraag, onder verwijzing naar het eerdere besluit van 14 maart 2014, afgewezen. Het college heeft geconcludeerd dat er geen sprake is van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden. In bezwaar heeft het college dit besluit gehandhaafd. De rechtbank heeft dit rechtmatig geacht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3398
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202200863/1/A3

202200945/1/R1

Bij besluit van 16 december 2021 heeft de raad van de gemeente Edam-Volendam bestemmingsplan "Noordeinde 61" vastgesteld. Aan het Noordeinde 61 in Volendam staat een karakteristieke laat negentiende-eeuwse benedendijkse visserswoning. De woning bestaat uit één bouwlaag met een kelder en een kap. De vrijstaande woning ligt tegen de dijk aan, waarbij alleen de kap boven de kruin van de dijk uitsteekt. Aan de noordzijde van de woning staat een later toegevoegde aanbouw waarop een terras is gerealiseerd. De bestemming als gemeentelijk monument houdt een beperking van de bouwmogelijkheden in en heeft daarom tot een waardevermindering van de onroerende zaak geleid. [partij], eigenaar van het pand, heeft een verzoek om vergoeding van planschade ingediend. Het gemeentebestuur heeft ervoor gekozen om deze planschade in natura te compenseren door de bestemming als beeldbepalend pand te verwijderen. De raad heeft met het oog op de compensatie in natura het in deze procedure bestreden bestemmingsplan vastgesteld. De Stichting Vrienden van Volendams Erfgoed vindt dat de cultuurhistorische waarde van het pand onverminderd aanwezig is en het pand dus onverminderd beschermingswaardig is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3416
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202200945/1/R1

202201027/1/R1

Bij besluit van 23 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Texel een bij besluit van 20 april 2020 aan [appellant A] en [appellant B] opgelegde last onder dwangsom gewijzigd en aangevuld. De aanvulling houdt in dat de doorgang op de begane grond tussen het oude deel van het pand aan de [locatie A] en het nieuwe deel van het pand aan de [locatie B] en [locatie C] moet worden hersteld of in overeenstemming moet worden gebracht met de omgevingsvergunning van 7 december 2017 en daarmee in overeenstemming moet worden gehouden, binnen zes maanden na het besluit, met als dwangsom € 5.000,00 ineens. Het bedrijfsgebouw aan de [locatie A] in Den Burg is eigendom van [appellant A] en [appellant B]. Op 12 juli 2017 hebben zij een omgevingsvergunning aangevraagd voor de bouw van een bedrijfsruimte met woning op de aangrenzende gronden [locatie B] en [locatie C].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3417
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202201027/1/R1

202201239/1/A2

Bij besluit van 15 maart 2021 heeft de RDW een verzoek van [wederpartij] om goedkeuring voor het voeren van kentekenplaten conform model 18.2 op het voertuig met kenteken [..-..-..] afgewezen. Op 31 januari 2021 heeft [wederpartij] de RDW verzocht om goedkeuring voor het voeren van kentekenplaten conform model 18.2 op zijn auto, een Suzuki Cappuccino met kenteken [..-..-..]. Bij het besluit van 15 maart 2021 heeft de RDW dit verzoek afgewezen, omdat de keurmeester van de RDW heeft geconstateerd dat het voertuig van [wederpartij] niet voldoet aan de afwijkende voorschriften als bedoeld in Richtlijn 70/222/EEG. Bij het besluit van 22 juli 2021 heeft de RDW, onder verbetering en aanvulling van de motivering inhoudende dat de Richtlijn niet van toepassing is, het besluit van 15 maart 2021 gehandhaafd. De RDW heeft geconcludeerd dat het voertuig van [wederpartij] is geregistreerd op basis van nationale typegoedkeuring SUZP-1179. In de nationale typegoedkeuring is niets vermeld over kentekenplaat model 18.2 en volgens de RDW heeft [wederpartij] daarom geen recht op die kentekenplaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3389
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202201239/1/A2

202201339/1/R1

Bij besluit van 14 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Texel [partij A] en [partij B] gelast om het gebruik voor bewoning van de in dat besluit genoemde bouwdelen van de woning [locatie 1] in Den Burg binnen 18 weken na verzending van het besluit te staken en gestaakt te houden. [partij A] is eigenaar van het perceel [locatie 1] in Den Burg. Hij heeft een timmerbedrijf op het perceel en woont in de bedrijfswoning. Een deel van bovenverdieping van het complex, met [locatie 2], wordt permanent bewoond door zijn dochter, [partij B]. Zij heeft een bedrijf in dierenverzorging op het perceel. De reden dat aan hen een last onder dwangsom is opgelegd is dat een deel van de bebouwing op het perceel werd gebruikt voor bewoning en daarmee zonder omgevingsvergunning werd afgeweken van het gebruik dat wordt toegelaten in het bestemmingsplan "Buitengebied Texel 2013".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3419
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202201339/1/R1

202201340/1/R1

Bij besluit van 31 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Texel aan [vergunninghouder A] en [vergunninghouder B] een omgevingsvergunning verleend voor de legalisatie van de uitbreiding van de bedrijfswoning op het perceel [locatie 1] in Den Burg. [vergunninghouder A] is eigenaar van het perceel [locatie 2] in Den Burg. Hij heeft een timmerbedrijf op het perceel. Een deel van bovenverdieping van het complex, met huisnummer [locatie 1], wordt permanent bewoond door zijn dochter, [vergunninghouder B]. Zij heeft een bedrijf in dierenverzorging op het perceel. De verleende omgevingsvergunning gaat over de legalisatie van de uitbreiding van haar woning. Deze uitbreiding omvat een deel van de begane grond met huisnummer [locatie 3]. [wederpartij] woont op een aangrenzend perceel aan de [locatie 4]. Volgens hem staat het bestemmingsplan in de weg aan het toevoegen van nieuwe bedrijfswoningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3415
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202201340/1/R1

202201595/1/A2

Bij besluit van 9 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam bestuursdwang toegepast door de auto van [appellant] weg te slepen en in bewaring te stellen en heeft het de kosten daarvan ten bedrage van € 373,00 op [appellant] verhaald. Op 9 juli 2020 heeft het college de elektrische auto van [appellant] met kenteken [..-..-..] weggesleept en in bewaring gesteld. De auto stond op een laadplaats voor elektrische voertuigen op de Johann Siegerstraat in Amsterdam ter hoogte van nummer 22, maar was niet aangesloten op een oplaadpaal. Het college heeft aan het besluit ten grondslag gelegd dat door [appellant] een parkeerovertreding was begaan, nu zijn auto was geparkeerd op een parkeergelegenheid met een ander doel dan de aangegeven wijze en omdat de verwijdering van het voertuig noodzakelijk is in verband met het vrijhouden van aangewezen weggedeelten en wegen. Bij het besluit van 9 juli 2020 heeft het college tevens de kosten voor het wegslepen en in bewaring stellen van de auto verhaald op [appellant]. [appellant] heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3390
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202201595/1/A2

202201770/1/A3

Bij besluit van 12 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellante] voor een exploitatievergunning voor het vervoeren van passagiers met het bedrijfsvaartuig genaamd [naam] afgewezen. Op 8 november 2016 heeft [appellante] een aanvraag gedaan voor een exploitatievergunning voor het vervoeren van passagiers met de [naam vaartuig]. De [naam vaartuig] valt onder het segment Bemand groot. Dit zijn bemande passagiersvaartuigen groter dan 14 x 3,75 m en kleiner dan of gelijk aan 20 x 4,25 m. Bij het besluit van 12 februari 2018 heeft het college de aanvraag afgewezen, omdat op 13 juni 2017 een vergunningstop was ingesteld. Bij besluit van 13 juni 2018 heeft het college het bezwaar van [appellante] tegen de afwijzing ongegrond verklaard en die afwijzing gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3407
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202201770/1/A3

202201799/1/A3

Bij besluit van 26 april 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [eenmanszaak] voor een exploitatievergunning voor het vervoeren van passagiers met het bedrijfsvaartuig genaamd [naam] afgewezen. Op 2 november 2016 heeft [eenmanszaak] een aanvraag gedaan voor een exploitatievergunning voor het vervoeren van passagiers met [naam vaartuig]. [naam vaartuig] valt onder het segment Bemand groot. Dit zijn bemande passagiersvaartuigen groter dan 14 x 3,75 m en kleiner dan of gelijk aan 20 x 4,25 m. Het college heeft aan die aanvraag het rangnummer 160 toegekend. Omdat dit rangnummer hoger was dan het aantal beschikbare vergunningen is de aanvraag afgewezen. Bij besluit van 13 juni 2018 heeft het college het bezwaar van [eenmanszaak] tegen de afwijzing ongegrond verklaard, omdat op 13 juni 2017 een vergunningstop was ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3408
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202201799/1/A3

202201803/1/A3

Bij besluit van 20 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [eenmanszaak] voor een exploitatievergunning voor het vervoeren van passagiers met diverse bedrijfsvaartuigen afgewezen. Op 8 juni 2017 heeft [eenmanszaak] een aanvraag gedaan voor een exploitatievergunning voor het vervoeren van passagiers met de bedrijfsvaartuigen [naam 1], [naam 2], [naam 3], [naam 4] en [naam 5]. Deze vaartuigen vallen onder het segment Bemand groot. Dit zijn bemande passagiersvaartuigen groter dan 14 x 3,75 m en kleiner dan of gelijk aan 20 x 4,25 m. Bij het besluit van 20 maart 2018 heeft het college de aanvraag afgewezen, omdat op 13 juni 2017 een vergunningstop was ingesteld. Bij besluit van 10 juli 2018 heeft het college het bezwaar van [eenmanszaak] tegen de afwijzing ongegrond verklaard en die afwijzing gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3409
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202201803/1/A3

202202001/1/R4

Bij besluit van 4 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad zijn beslissing om op 17 december 2021 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Zaanstad 2010 van de gemeente Zaanstad aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een kartonnen doos die op 17 december 2021 is aangetroffen naast de container aan de Perim in Zaandam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat zijn adres op het adreslabel op de doos staat. [appellant] betwist dat hij de doos naast de afvalcontainer bij de Perim heeft geplaatst. Op de doos is uitsluitend zijn adres vermeld en niet zijn naam. Volgens [appellant] is dat onvoldoende om de doos tot hem te kunnen herleiden. [appellant] betoogt verder dat hij nog steeds post en pakketten krijgt van de vorige bewoners van zijn woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3376
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202202001/1/R4

202202071/1/R4

Bij besluit van 15 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 28 januari 2021 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een doos die op 28 januari 2021 is aangetroffen in Den Haag naast een aangewezen inzamelvoorziening op de Mozartlaan ter hoogte van huisnummer 272. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat op de doos een adresdrager is aangetroffen met daarop haar naam en adresgegevens. [appellante] betoogt dat het besluit van 24 februari 2022 te laat is genomen en dat het besluit om die reden niet geldt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3373
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202202071/1/R4

202202234/1/R4

Bij besluit van 2 februari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam zijn beslissing om op 24 januari 2022 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Rotterdam 2009 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een grijze huisvuilzak die op 24 januari 2022 is aangetroffen buiten de ondergrondse restafvalcontainer ter hoogte van de 1e Balsemienstraat 6 in Rotterdam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de huisvuilzak verkeerd heeft aangeboden, omdat daarin een bon is aangetroffen met haar naam- en adresgegevens erop. [appellante] betwist niet dat de huisvuilzak van haar afkomstig is, maar betoogt dat zij de zak niet verkeerd heeft aangeboden. [appellante] betoogt dat zij juist altijd afval van anderen opruimt. Zij vermoedt dat anderen het afval uit de container hebben gehaald.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3374
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202202234/1/R4

202202385/1/R4

Bij besluit van 28 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 13 januari 2022 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een doos die op 13 januari 2022 is aangetroffen naast een aangewezen inzamelvoorziening op de Middenweg ter hoogte van huisnummer 129. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat op de doos een adresdrager is aangetroffen met daarop haar naam en adresgegevens. [appellante] betoogt dat zij de doos niet naast de container heeft neergezet. [appellante] stelt dat zij de doos in haar voortuin had geplaatst. Zij vermoedt dat anderen de doos uit haar voortuin hebben gehaald en vervolgens verkeerd hebben aangeboden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3372
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202202385/1/R4

202202633/1/R1

Bij besluit van 10 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Haarlemmermeer het bestemmingsplan "Nieuw-Vennep Veldbloemstraat" vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van een appartementencomplex met 43 sociale huurwoningen ter plaatse van een voormalige basisschool. Het plangebied ligt in een bestaande woonwijk tussen de Veldbloemstraat, de Dotterbloemstraat en de Madeliefstraat in Nieuw-Vennep. Het vorige bestemmingsplan "Nieuw-Vennep" kende aan de gronden van het plangebied de bestemming "Maatschappelijk" en de bestemming "Groen" toe. Voorliggend plan kent aan de gronden de bestemming "Wonen - gestapeld", de bestemming "Verkeer" en de bestemming "Groen" toe. [appellant] en anderen wonen in de directe nabijheid van het plangebied. Zij kunnen zich niet met het bestemmingsplan verenigen omdat zij vrezen voor een aantasting van hun woon- en leefklimaat. Het plan wordt ontwikkeld door Ymere.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3405
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202202633/1/R1

202203262/1/R4

Bij besluit van 10 april 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 31 maart 2022 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat een gedeelte van de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 200,00, voor rekening van [appellante] komt. Bij besluit van 25 april 2022 heeft het college het door [appellante] hiertegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Tegen dit besluit heeft [appellante] beroep ingesteld. Bij besluit van 3 oktober 2022 heeft het college het besluit van 25 april 2022 ingetrokken en het besluit van 10 april 2022 herroepen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3375
Datum uitspraak
23 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202203262/1/R4

202104022/1/V2

Bij besluit van 3 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen alsmede geweigerd om haar dochter ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3365
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104022/1/V2

202104972/1/V2

Bij besluit van 25 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een identiteitsbewijs type W2 afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3363
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202104972/1/V2

202105289/1/V2

Bij besluit van 29 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken en een aanvraag om wijziging van de beperking van die verblijfsvergunning afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3344
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202105289/1/V2

202106406/1/V3

Bij besluit van 29 juni 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en geweigerd hem krachtens artikel 64 van de Vw 2000 ambtshalve uitstel van vertrek te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3350
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202106406/1/V3

202201241/1/V2

Bij besluiten van 28 december 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en hen opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten (hierna: de terugkeerbesluiten). Tegen vreemdeling 1 en vreemdeling 2 heeft de staatssecretaris inreisverboden uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3361
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202201241/1/V2

202204934/2/R3

Bij besluit van 18 mei 2022 heeft de raad van de gemeente Noordenveld het bestemmingsplan "Langewijk naast 9" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de bouw van twee vrijstaande woningen mogelijk ten oosten van het perceel Langewijk 9 te Nieuw-Roden. Om de bouw van de woningen mogelijk te maken heeft de raad toepassing gegeven aan de zogenoemde ruimte-voor-ruimte regeling van de gemeente. Het plan ziet ook op de vier percelen aan de Langewijk 9 te Nieuw-Roden, Poolswijk 12 en 13 te Nieuw-Roden en Noordseveldweg 4 te Norg, waarop in ruil voor de bouw van de twee vrijstaande woningen bebouwing zal worden afgebroken. [verzoeker] woont aan [locatie 1] te Zevenhuizen en is daarnaast eigenaar van het perceel [locatie 2] te Nieuw-Roden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3347
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Drenthe
  • uitspraakin de zaak202204934/2/R3

202205809/1/V3

Bij besluit van 2 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3360
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202205809/1/V3

202206169/1/V3

Bij besluit van 13 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3359
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202206169/1/V3

202206273/1/V1

Bij besluit van 9 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3358
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206273/1/V1

202206276/1/V1

Bij besluit van 2 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3357
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206276/1/V1

202206556/1/V1 en 202206556/2/V1

Bij besluit van 3 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3355
Datum uitspraak
22 november 2022
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206556/1/V1 en 202206556/2/V1

202102230/1/V1

Bij besluit van 2 juni 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3343
Datum uitspraak
21 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202102230/1/V1

202105943/1/V1

Bij besluiten van 16 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3348
Datum uitspraak
21 november 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105943/1/V1

202106080/1/V1

Bij besluit van 5 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3349
Datum uitspraak
21 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202106080/1/V1

202107098/1/V2

Bij besluit van 1 oktober 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3335
Datum uitspraak
21 november 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202107098/1/V2

202107260/1/V2

Bij besluit van 6 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3351
Datum uitspraak
21 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202107260/1/V2

202205909/2/R1

Bij besluit van 7 juli 2022 heeft de raad van de gemeente Almere het bestemmingsplan "Oosterwold, 1e partiële herziening" vastgesteld. Het plan herziet een aantal regelingen die zijn opgenomen in het bestemmingsplan "Oosterwold", dat bij besluit van 29 september 2016 is vastgesteld. In dat plan werd uitgegaan van uitnodigingsplanologie. Niet de overheid, maar de initiatiefnemers bepaalden binnen de grenzen die het plan stelt hoe het plangebied eruit komt te zien. Het plan is opgesteld na een evaluatie van de voortgang van het gehele project Oosterwold. De ervaringen met de vergunningverlening voor initiatieven en nieuwe inzichten op grond van beleid en regelgeving zijn aanleiding geweest om het plan uit 2016 op onderdelen te herzien. De herziening bestaat met name uit aanpassingen in de indeling van de kavels. [verzoeker] en anderen wonen allen binnen het plangebied. [verzoeker] en anderen betogen dat het plan het, kort weergegeven, door een uitruilsysteem mogelijk maakt dat projectontwikkelaars grote clusters met woningen kunnen bouwen langs de polderwegen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3342
Datum uitspraak
21 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Flevoland
  • uitspraakin de zaak202205909/2/R1

202206252/2/V2

Bij besluit van 24 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3333
Datum uitspraak
21 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206252/2/V2

202206317/1/V2 en 202206317/2/V2

Bij besluit van 15 juni 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3356
Datum uitspraak
21 november 2022
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206317/1/V2 en 202206317/2/V2

201906282/1/V3

Bij besluit van 2 augustus 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3338
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak201906282/1/V3

202105018/1/V1

Bij besluit van 4 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3339
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202105018/1/V1

202200091/1/V1

Bij besluit van 9 juni 2016 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3287
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202200091/1/V1

202200355/1/V2

Bij besluit van 5 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3284
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202200355/1/V2

202201283/1/V3

Bij besluit van 7 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3334
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202201283/1/V3

202202125/1/V3

Bij besluit van 4 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: mvv) te verlenen afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3534
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202202125/1/V3

202202127/1/V3

Bij besluit van 4 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: mvv) te verlenen afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3330
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202202127/1/V3

202204999/2/R3

Bij besluit van 26 april 2022 heeft Raad van de gemeente Staphorst het bestemmingsplan "Buitengebied, partiële herziening [locatie 1], [locatie 2] en [locatie 3] Staphorst" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de herontwikkeling van de percelen [locatie 1], [locatie 2] en [locatie 3] in Staphorst mogelijk. De bedrijfsgebouwen en het bijbehorende woonhuis aan de [locatie 1] en [locatie 2] worden gesloopt en daarvoor in de plaats maakt het plan zes rijwoningen mogelijk. Aan de [locatie 3] wordt een vrijstaande woning mogelijk gemaakt en is een voorwaardelijke verplichting opgenomen ten behoeve van de landschappelijke inpassing van de woning op dat perceel. In de plantoelichting staat dat de gecombineerde ontwikkeling op grond van het beleid Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving mogelijk wordt gemaakt. De initiatiefnemer van het plan is [partij]. [verzoeker] woont aan de [locatie 4] te Staphorst, naast het perceel [locatie 1] en [locatie 2].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3327
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202204999/2/R3

202206471/1/V1 en 202206471/2/V1

Bij besluit van 4 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3332
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206471/1/V1 en 202206471/2/V1

202206606/2/V2

Bij besluit van 27 januari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3345
Datum uitspraak
18 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206606/2/V2

202107277/1/V1

Bij besluit van 10 december 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3326
Datum uitspraak
17 november 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202107277/1/V1

202203599/4/V3

Bij besluit van 5 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3336
Datum uitspraak
17 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202203599/4/V3

202206094/2/V2

Bij besluit van 11 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken, hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en tegen hem een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3325
Datum uitspraak
17 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202206094/2/V2

202206133/1/V3 en 202206133/2/V3

Bij besluit van 9 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3331
Datum uitspraak
17 november 2022
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206133/1/V3 en 202206133/2/V3

202206445/1/V2

Bij besluit van 27 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3324
Datum uitspraak
17 november 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206445/1/V2

202205871/3/R3

Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 4 november 2022, heeft [verzoeker] verzocht om wraking van staatsraad mr. E.A. Minderhoud (hierna: de staatsraad) als lid van de enkelvoudige kamer belast met de behandeling van de zaken met nrs. 202205871/1/R3 en 202205871/2/R3.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3346
Datum uitspraak
17 november 2022
  • Wraking
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202205871/3/R3

202204944/1/R3 en 202204944/2/R3

Bij besluit van 24 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hellendoorn aan Novec B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van een telecommast op het bosperceel dat grenst aan Veenweg 10 te Nijverdal. Novec B.V. heeft een aanvraag bij het college ingediend voor een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een telecommast. De hoogte van de mast bedraagt ongeveer 40 m. In dit bestemmingsplan rust op het perceel de bestemming "Bos". Het bouwen van een telecommast op het perceel is in strijd met artikel 5.2, onder b, van de planregels, omdat de telecommast hoger is dan 3 m. Op grond van artikel 18, aanhef en onder e, van de planregels kan het college afwijken van het bestemmingsplan voor het bouwen van een antennemast tot een bouwhoogte van 40 m. [verzoeker] woont aan de rand van de Kruidenwijk in de nabije omgeving van de telecommast. Hij vreest voor gezondheidsproblemen door het gebruik van de telecommast en stelt dat er betere alternatieve locaties zijn. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college de omgevingsvergunning heeft kunnen verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3249
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202204944/1/R3 en 202204944/2/R3

202205521/1/V3

Bij besluit van 26 augustus 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3290
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202205521/1/V3

202205526/1/V3

Bij besluit van 26 augustus 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3289
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202205526/1/V3

202206298/1/V1 en 202206298/2/V1

Bij besluit van 29 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3288
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206298/1/V1 en 202206298/2/V1

202206475/1/V3 en 202206475/2/V3

Bij besluit van 27 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3337
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206475/1/V3 en 202206475/2/V3

202206500/2/V2

Bij besluit van 5 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3323
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206500/2/V2

202004565/1/R2

Bij besluit van 16 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Boxtel het bestemmingsplan "Centrum Boxtel" vastgesteld. Het plan is een actualiserend bestemmingsplan voor het centrum van Boxtel. De aanleiding voor het plan is dat er in het plangebied verschillende bestemmingsplannen gelden, die in uiteenlopende jaren zijn vastgesteld. Het doel van deze actualisatie is het vaststellen van een duidelijke, eenduidige en actuele bestemmingsregeling voor dit gebied. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] wonen in het plangebied aan de [locatie 1] en [locatie 2] te Boxtel. Zij kunnen zich niet verenigen met het plan, voor zover aan hun percelen gedeeltelijk de bestemming "Natuur" is toegekend. Die gronden ter plaatse zijn in gebruik als tuin bij hun woningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3298
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202004565/1/R2

202004842/2/R3

Bij tussenuitspraak van 7 juli 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1469, heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State de raad van de gemeente Deventer opgedragen binnen 20 weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van de raad van 1 juli 2020, waarbij het bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Deventer, stad en dorpen deel A" is vastgesteld, te herstellen. De Afdeling heeft in de tussenuitspraak onder 10.1 overwogen dat de planregels ten onrechte geen beperkingen bevatten met betrekking tot het maximum aantal bezoekers voor grote evenementen. Daarnaast heeft de Afdeling onder 11.2 van de tussenuitspraak overwogen dat de raad zich er geen rekenschap van heeft gegeven dat het plan er niet aan in de weg staat dat evenementen, vanwege het ontbreken van een eindtijd ook in de nachtelijke uren kunnen plaatsvinden. In dit kader merkt de Afdeling ook op dat het de raad vrij staat om af te wijken van de afspraken over eindtijden in het convenant, mits hij nader motiveert waarom hiervan wordt afgeweken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3299
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202004842/2/R3

202004860/1/A2

Bij besluit van 31 december 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de kinderopvangtoeslag van [appellante] over 2016 definitief berekend en vastgesteld op nihil. Op 28 december 2015 heeft de Belastingdienst/Toeslagen aan [appellante] een voorschot kinderopvangtoeslag voor 2016 verleend ter hoogte van € 3.994,00. Op 14 april 2017 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot kinderopvangtoeslag tot en met 13 december 2016 opnieuw berekend en vastgesteld op € 3.801,00. Op 12 mei 2017 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot kinderopvangtoeslag tot en met 13 december 2016 wederom opnieuw berekend en vastgesteld op € 3.771,00.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3294
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202004860/1/A2

202100183/1/R4

Bij besluit van 29 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bronckhorst het verzoek van [appellant] tot intrekking van de vergunning of tot wijziging van de voorschriften van de omgevingsvergunning voor varkenshouderij [vennootschap] aan het [locatie] te Hengelo, afgewezen. Bij besluit van 8 april 2015 heeft het college omgevingsvergunning verleend voor het veranderen van de varkenshouderij. Deze vergunning is onherroepelijk en heeft onder meer betrekking op een gecombineerd luchtwassysteem, waarvoor ten tijde van de vergunningverlening een geurverwijderingsrendement van 85% gold. Volgens [appellant] bestond daarmee qua geur al een overbelaste situatie, maar nu is gebleken dat het rendement van 85% niet kan worden gehaald. Hierdoor is volgens hem sprake van een grotere geurbelasting op de omgeving dan waarvan bij vergunningverlening werd uitgegaan. [appellant] verwijst in dit verband naar het rapport "Evaluatie geurverwijdering door luchtwassystemen bij stallen" van Wageningen University & Research van maart 2018. Naar aanleiding van het WUR-rapport heeft de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat de geuremissiefactoren uit de Regeling geurhinder en veehouderij gewijzigd. Deze wijziging is op 20 juli 2018 in werking getreden. De wijziging komt erop neer dat de emissiefactoren voor combiluchtwassers gelijk zijn gesteld aan die van enkelvoudige luchtwassers, omdat dat rendement volgens WUR in ieder geval kan worden gehaald. Voor de combiluchtwasser van de varkenshouderij komt dat neer op een reductie van 45%.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3300
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bouwen
  • Vee e.a. dieren
  • uitspraakin de zaak202100183/1/R4

202101728/1/R4

Bij besluit van 21 januari 2021 heeft de raad van de gemeente Oude IJsselstreek het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Hofskamp-Oost III Varsseveld" vastgesteld. Het plangebied ligt aan de oostzijde van Varsseveld in de gemeente Oude IJsselstreek. De gronden zijn in de bestaande situatie voornamelijk in gebruik voor agrarische doeleinden. Direct ten westen van het plangebied ligt het bestaande bedrijventerrein Hofskamp-Oost II. Het plan voorziet in de uitbreiding van het bedrijventerrein. Het plangebied heeft een bruto oppervlakte van ongeveer 43 ha. De netto uit te geven oppervlakte bedraagt ongeveer 25 ha (bestemming "Bedrijventerrein"). De overige gronden zijn voornamelijk bestemd voor "Groen". [appellant sub 1] woont op het perceel [locatie 1] in Varsseveld, direct ten zuidoosten van het plangebied. [appellant sub 1] heeft beroep ingesteld tegen het plan vanwege de gevolgen van het voorziene bedrijventerrein voor zijn woon- en leefgenot.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3320
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202101728/1/R4

202102350/1/R3

Bij besluit van 22 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht aan Islamitische Stichting Nederland Mevlana Dordrecht een omgevingsvergunning verleend voor het vellen of doen vellen van vier esdoorns en een appelboom op de locatie Vest 118 te Dordrecht, onder het voorschrift van een herplantplicht voor vijf bomen van de soort Aces Platanoides met een plantmaat van 18-20. Op 26 mei 2020 heeft [gemachtigde], namens het bestuur van Islamitische Stichting Nederland Mevlana Dordrecht, een aanvraag ingediend voor onder andere het kappen van een groep esdoorns op het achterterrein van de moskee aan de Spuihaven op het perceel Vest 118, tegen de erfgrens van het buurpand Vest 120. Het geschil ziet op de omgevingsvergunning voor de kap van drie meerstammige esdoorns. [appellant A] en [appellant B] verzetten zich tegen de kap van deze bomen vanwege het beeldbepalende karakter van deze bomen en vanwege de grote natuurlijke- en ecologische waarde die deze bomen vertegenwoordigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3301
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202102350/1/R3

202103074/1/A2

Bij besluit van 2 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Breda de aanvraag van [appellant] voor subsidie op grond van de zogenoemde Makersregeling afgewezen. Op 21 december 2018 heeft [appellant] bij het college een aanvraag ingediend voor een subsidie ter hoogte van € 1000,- voor het samenstellen van een fotoboek van eigen werk in het jaar 2019 in het kader van de zogenoemde Makersregeling. Het college heeft deze aanvraag afgewezen, omdat de aanvraag niet past binnen de voorwaarden van de Makersregeling. Het hiertegen gerichte bezwaar heeft het college bij besluit van 5 september 2019 ongegrond verklaard. Volgens het college is de aanvraag geweigerd op grond van artikel 5:8, tweede lid, onder a, van de Nadere Regels subsidieverstrekking gemeente Breda 2017. Het bundelen van foto’s van reeds bestaand eigen werk stimuleert het culturele makers- en productieklimaat van Breda niet, is geen nieuw project en richt zich niet op talent, experiment, vernieuwing en actualiteit, aldus het college in het besluit. 3. De rechtbank heeft het hiertegen gerichte beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3293
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202103074/1/A2

202103352/1/A3

Bij besluit van 9 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een aanvraag van [appellant] voor een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] heeft een urgentieverklaring aangevraagd op 30 augustus 2019 omdat hij en [appellant A] fysieke en psychische gezondheidsklachten ervaren. Hij stelt dat de woning te klein is en in slechte staat verkeert. Ten tijde van de aanvraag woonden zij met hun enig kind in de woning. Inmiddels is ook hun tweede kind geboren. Volgens het college heeft [appellant] niet ten minste twee keer per week gereageerd op het beschikbare woningaanbod op de website Woonnet Haaglanden. Ook leveren de omvang en de slechte staat van het huis geen urgent huisvestingsprobleem op, aldus het college.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3316
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202103352/1/A3

202104195/1/A2

Bij besluit van 13 maart 2019 heeft het CBR [appellant] laten weten hem niet rijgeschikt te vinden voor het besturen van motorvoertuigen in de rijbewijscategorieën C en CE (vrachtwagen en bus) binnen Nederland. [appellant] heeft in 2016 verzocht om een verlenging van zijn rijbewijs voor het besturen van vrachtwagens. Daarvoor moest hij een ‘Verklaring van geschiktheid’ bij het CBR aanvragen. Dat is een verklaring waarmee een aanvrager kan aantonen dat hij geestelijk en lichamelijk in staat is om een motorvoertuig te besturen. Op éénjarige leeftijd heeft [appellant] een ongeluk gehad en hij heeft daarbij een schedelbasisfractuur opgelopen. Als gevolg hiervan heeft [appellant] een beperkt horizontaal gezichtsveld. Hij heeft de aandoening ‘hemianopsie’. Het CBR vond het daarom in het kader van de aanvraag voor een Verklaring van geschiktheid nodig om [appellant] te laten onderzoeken door een oogarts. Uit een advies van 11 januari 2017 volgt dat deze oogarts [appellant] geschikt heeft bevonden voor het besturen van vrachtwagens. In het kader van deze aanvraag heeft [appellant] ook een geneeskundig verslag van 25 augustus 2016 overgelegd van een andere arts die hem ook al geschikt heeft bevonden. Het CBR heeft de Verklaring van geschiktheid, ondanks het positieve advies van de oogarts geweigerd. De reden voor deze weigering is het beperkte gezichtsveld van [appellant].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3273
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Verwijzingsuitspraak
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202104195/1/A2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202104195/1/A2

202104347/1/A3

Bij besluit van 18 april 2020 heeft de staatssecretaris van Financiën een verzoek van [appellant] om hem op grond van de Wet openbaarheid van bestuur informatie te verschaffen, afgewezen. Bij brief van 20 december 2019 heeft [appellant] bij de Belastingdienst een Wob-verzoek ingediend. Hij verzoekt daarin alle dossiers en informatie die de Belastingdienst vanaf 1 januari 1996 over hem heeft met toepassing van de Wob, De staatssecretaris heeft het Wob-verzoek afgewezen op grond van de geheimhoudingsplicht van artikel 67, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. De staatssecretaris heeft het daartegen gerichte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard op de grond dat alleen een vordering kan worden ingesteld bij de belastingrechter.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3317
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202104347/1/A3

202104574/1/R1

Bij besluit van 24 maart 2016 heeft het college geweigerd om aan Kess Corporation N.V. een omgevingsvergunning te verlenen voor het omzetten van het gebruik van de begane grond van detailhandel naar horeca eten-drinken van het gebouw op het perceel Jan Pieter Heijestraat 84 in Amsterdam. Kess Corporation N.V. heeft op 26 februari 2016 een aanvraag om een omgevingsvergunning ingediend om de winkelfunctie op de begane grond van het gebouw op het perceel om te zetten naar horeca ‘eten-drinken’. Het gebruik van het gebouw voor horeca ‘eten-drinken’ op de begane grond is in strijd met het bestemmingsplan. Het college heeft de omgevingsvergunning geweigerd omdat het college niet bereid is om van het bestemmingsplan af te wijken. Volgens het college heeft het bouwblok al twee locaties met een horecabestemming, namelijk op nr. 82 en op nr. 94 van de Jan Pieter Heijestraat, en is de toevoeging van een horecabestemming op een derde locatie niet passend binnen het beleid zoals neergelegd in de Horecanota stadsdeel West 2011.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3319
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202104574/1/R1

202104843/1/A2

Bij besluit van 29 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ermelo het verzoek van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] is sinds 27 juni 2012 eigenaar van het perceel met daarop gelegen woning aan de [locatie] te Ermelo (hierna: het perceel). Op 29 januari 2018 heeft hij bij het college een verzoek ingediend om een tegemoetkoming in planschade die hij stelt te hebben geleden als gevolg van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan "Kom Ermelo" (hierna: het nieuwe bestemmingsplan). Volgens [appellant] heeft dit nieuwe bestemmingsplan tot gevolg dat zowel de bebouwingsmogelijkheden op het perceel als de gebruiksmogelijkheden van de woning ernstig worden beperkt. Hierdoor lijdt hij € 68.180,- schade, aldus [appellant]. Het college heeft over het op het verzoek te nemen besluit advies gevraagd aan de Stichting Advisering Onroerende Zaken. De SAOZ heeft in een advies van 17 april 2019 een vergelijking gemaakt tussen de maximale planologische mogelijkheden uit het nieuwe bestemmingsplan en die uit het daarvóór geldende bestemmingsplan "Kom Ermelo 1998". De SAOZ heeft uiteengezet dat op het perceel onder het oude bestemmingsplan de bestemming ‘Woondoeleinden 1’ rustte en dat het perceel onder het nieuwe bestemmingsplan de bestemmingen ‘Wonen’ en ‘Tuin’ heeft gekregen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3302
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202104843/1/A2

202104861/1/R2

Bij besluit van 3 juni 2021 heeft de raad van de gemeente Oss het bestemmingsplan "Heilig Kempke Lith - 2021" vastgesteld. Het plan voorziet in de ontwikkeling van twaalf bouwkavels aan de rand aan de zuidoostzijde van Lith. Beoogd is om daar twaalf vrijstaande woningen te realiseren. Het voorheen geldende bestemmingsplan "Heilig Lempke" voorzag ter plaatse in negen bouwkavels. Deze kavels bleken te groot en daarom moeilijk verkoopbaar te zijn. Bij het voorliggende plan is het plangebied herverkaveld tot twaalf kleinere bouwkavels. Het plan bevat een juridisch-planologische regeling voor het toegestane gebruik en de toegestane bebouwing in het plangebied. [appellant] kan zich niet verenigen met het plan. Hij exploiteert een akkerbouwbedrijf. De agrarische percelen van [appellant] grenzen aan de oostzijde van het plangebied. Hij stelt dat de raad de gevolgen van het plan voor zijn bedrijfsvoering onvoldoende heeft onderzocht. [appellant] vreest door het plan te worden belemmerd in zijn agrarische bedrijfsvoering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3303
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202104861/1/R2

202105081/1/R2

Op 21 juni 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven een besluit tot vaststelling van hogere waarden als bedoeld in de Wet geluidhinder genomen voor het nieuwbouwplan "EDGE Eindhoven", binnen de zone van het spoor. Bij besluit van 22 juni 2021 heeft de raad van de gemeente Eindhoven het bestemmingsplan "Lichthoven fase 2" vastgesteld en besloten om geen exploitatieplan vast te stellen. Bij besluit van 23 juni 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven aan Edge Technologies Development 1 B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een woontoren en kantoorgebouw op de percelen aan de Stationsweg. [appellant sub 1] en anderen, [appellant sub 2], [appellant sub 3], [appellant sub 4] en SBE stellen dat de raad één bestemmingsplan had moeten vaststellen voor alle ontwikkelingen in het Stationsgebied van Eindhoven. Door de ontwikkeling van het gebied op te knippen in afzonderlijke bestemmingsplannen is nagelaten om de effecten integraal te bezien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3312
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Bouwen
  • RO - Geluid
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202105081/1/R2

202105189/1/A3

Bij besluit van 30 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen (NH) een verzoek van [appellante] om handhavend op te treden tegen de gedeeltelijke onttrekking van het Alexanderlaantje aan het openbaar verkeer afgewezen. [appellante] is eigenaar van het perceel en het pand [locatie] te Bergen. Het perceel grenst aan de westzijde aan het zogenoemde Alexanderlaantje, dat een verbinding vormt tussen het Plein en de Karel de Grotelaan in Bergen. Het Alexanderlaantje is toegankelijk voor voetgangers en fietsers. [partij] is eigenaar van de grond waarop het Alexanderlaantje is gelegen. [partij] heeft op de keerwand tussen het perceel en het Alexanderlaantje houten palen en bouwstaalmatten die zijn voorzien van rieten matten, aangebracht. Deze fungeren als afscheiding tussen het Alexanderlaantje en het perceel. Als gevolg van de afscheiding kan het perceel niet meer vanaf het Alexanderlaantje worden betreden. [appellante] heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen de afscheiding, omdat daarmee volgens haar het Alexanderlaantje gedeeltelijk aan het openbaar verkeer is onttrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3199
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • Wegenwet
  • uitspraakin de zaak202105189/1/A3

202105192/1/A3

Bij besluit van 19 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen een aanvraag van [appellante] om een omgevingsvergunning voor een uitweg van het perceel [locatie 1] naar het zogenoemde Alexanderlaantje in Bergen afgewezen. [appellante] is eigenaar van het perceel en het pand [locatie 1] te Bergen. Het perceel grenst aan de westzijde aan het zogenoemde Alexanderlaantje, dat een verbinding vormt tussen het Plein en de Karel de Grotelaan in Bergen. Het Alexanderlaantje is toegankelijk voor voetgangers en fietsers en wordt acht tot tien keer per dag gebruikt voor het laden en lossen ten behoeve van de aangrenzende supermarkt. Daarbij rijden vrachtwagens achterwaarts het Alexanderlaantje in. [partij] is eigenaar van het pand waarin de supermarkt is gevestigd en van de grond waarop het Alexanderlaantje is gelegen. Het college heeft de aanvraag afgewezen, omdat deze uitweg de al bestaande onveilige verkeerssituatie op het Alexanderlaantje als gevolg van achteruitrijdend vrachtverkeer zal verslechteren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3200
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202105192/1/A3

202105425/1/V6

Bij besluit van 1 augustus 2019 (hierna: besluit I) heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [appellante] een boete opgelegd van € 150,00 wegens het niet tijdig voldoen aan de inburgeringsplicht als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Wet inburgering en bepaald dat zij de lening voor het volgen van een inburgeringscursus moet terugbetalen. Bij brief van 3 juni 2016 heeft de minister [appellante] meegedeeld dat zij inburgeringsplichtig is en dat haar inburgeringstermijn op 13 maart 2016 is gestart. Bij besluit I met het opschrift "niet op tijd ingeburgerd" heeft de minister [appellante] meegedeeld dat zij tot en met 4 juni 2019 de tijd had om aan deze plicht te voldoen, zij daarin niet is geslaagd en zij daarom een boete krijgt van € 150,00. De minister heeft daarnaast bepaald dat hij de lening die [appellante] bij de Dienst Uitvoering Onderwijs heeft afgesloten niet zal kwijtschelden en zij het geleende geld dus zal moeten terugbetalen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3291
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202105425/1/V6

202105535/1/A2

Bij besluit van 28 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ede een aanvraag van [appellant sub 1] en anderen om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant sub 1] en anderen zijn sinds 1998 eigenaar van de percelen, lokaal bekend als [locatie] in De Klomp. Zij hebben het college verzocht om een tegemoetkoming in planschade omdat volgens hen de waarde van de percelen is gedaald door de inwerkingtreding op 5 september 2013 van het bestemmingsplan "Bezemronde 1, Buitengebied Ede". Met dit plan is de recreatiebestemming komen te vervallen en is zandwinning en verondieping niet langer toegestaan. Het college heeft de aanvraag afgewezen. Aan dit besluit heeft het college een advies van Thorbecke B.V. ten grondslag gelegd. In dit advies adviseert Thorbecke om de aanvraag af te wijzen omdat de percelen hun hoogste waarde ontlenen aan het gebruik als cultuurgrond, welk gebruik zowel op grond van het oude als het nieuwe planologische regime mogelijk is. Volgens Thorbecke is het gezien de inschatting van de kosten en de opbrengsten niet aannemelijk dat de mogelijkheid tot zandwinning een meerwaarde betekent voor de percelen. Er is daarom geen sprake van vermogensschade.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3295
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202105535/1/A2

202106153/2/A2

Bij besluit van 6 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Grave een aanvraag van [appellant sub 2] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant sub 2] is eigenaar van een woning aan de [locatie] in Escharen. Op 30 april 2014 is het bestemmingsplan "Generaal de Bonskazerne Velp" inwerking getreden waarmee op de gronden ten westen van zijn perceel een asielzoekerscentrum mogelijk is gemaakt. Voorheen mochten de gronden voor militaire doeleinden worden gebruikt en was er een kazerne op de gronden gevestigd. Volgens [appellant sub 2] is de waarde van zijn woning als gevolg van deze planologische wijziging gedaald. Hij heeft het college daarom verzocht om een tegemoetkoming in de schade.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3306
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202106153/2/A2

202106948/1/A2

Bij uitspraak van 4 juni 2020 heeft de rechtbank stukken die [appellante] heeft ingebracht in een beroepsprocedure doorgezonden aan de raad voor rechtsbijstand om als bezwaarschrift te behandelen. Tussen 11 februari 2011 en 23 december 2012 heeft [appellante] zestien aanvragen ingediend bij de raad voor bijzondere subsidie voor het verlenen van rechtsbijstand in zaken waarin zij optrad als bewindvoerder in het kader van de Wet schuldsanering natuurlijke personen. [appellante] diende in die periode een (zeventiende) aanvraag in bij de raad voor een arrangement. Op 31 januari 2020 heeft [appellante] zestien beroepen ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op aanvragen die zij in 2011 en 2012 heeft gedaan. Een zeventiende beroep richt zich tegen het niet bij besluit beëindigen van een modelovereenkomst tussen haar en de raad. Op 3 september 2020 heeft [appellante] zeventien ingebrekestellingen gestuurd aan de raad vanwege het niet tijdig beslissen op de stukken die de rechtbank naar de raad had doorgestuurd om als bezwaarschrift te worden behandeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3307
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202106948/1/A2

202107157/1/R1

Bij besluit van 22 september 2021 heeft de raad van de gemeente Eindhoven het bestemmingsplan "II Emmasingelkwadrant-Fellenoord 2013 (Victoriatoren)" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de ontwikkeling van de "Victoriatoren". Het betreft een volgende stap in de ontwikkeling van het zogenoemde Emmasingelkwadrant. De locatie ligt aan de westelijke rand van het centrum van Eindhoven. De "Victoriatoren" bestaat uit een toren en twee lagere gebouwen. De toren is maximaal 91,99 m hoog en bestaat uit 28 verdiepingen. De twee lagere gebouwen zijn vier en zeven bouwlagen hoog. Op de begane grond van de gebouwen komen in de plint commerciële ruimten. In het plangebied worden maximaal 331 woningen gerealiseerd. Met dit plan wordt ook in een verdiepte parkeergarage voorzien. [appellant], wonend in de nabije omgeving aan de [locatie] te Eindhoven, kan zich niet verenigen met dit besluit en heeft hiertegen beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3313
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202107157/1/R1

202107689/1/A3

Bij besluit van 28 augustus 2020 heeft de algemene raad van de Nederlandse Orde van Advocaten raad het verzoek van [appellant] om voor het vak Jaarrekeninglezen in aanmerking te komen voor een vierde toetskans afgewezen. [appellant] is met ingang van 26 augustus 2016 voorwaardelijk ingeschreven op het tableau. In september 2016 is hij begonnen aan de beroepsopleiding voor advocaten. [appellant] voerde gedurende de stage voltijds de praktijk uit als stagiair-ondernemer. De stageperiode zou op 26 augustus 2019 eindigen, maar is uiteindelijk verlengd tot 7 augustus 2020. In het kader van de beroepsopleiding heeft [appellant] op 29 mei 2020 voor de derde maal de toets voor het vak Jaarrekeninglezen afgelegd. Dit was het laatste onderdeel van de beroepsopleiding dat hij nog moest behalen. Deze toets is beoordeeld met een onvoldoende. [appellant] is vervolgens met ingang van 4 november 2020 van het tableau geschrapt. Hij heeft zijn praktijk voortgezet als jurist.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3292
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202107689/1/A3

202107819/1/R1

Bij besluit van 18 december 2019 heeft het algemeen bestuur van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden het besluit "Wijziging peilbesluit Langbroekerwetering voor landgoed Kolland (2019)" vastgesteld. [appellant sub 2] pacht diverse kavels van Landgoed Kolland N.V. waarop hij woont, een melkveebedrijf voert en mais verbouwt. De kavels maken deel uit van landgoed Kolland in het gebied Kolland en Overlangbroek dat is aangewezen als Natura 2000-gebied en daarmee onder het beschermingsregime van de Wet natuurbescherming valt. Ter uitvoering van de instandhoudingsmaatregelen voor het Natura 2000-gebied zijn met de provincie Utrecht afspraken gemaakt over de bestrijding van verdroging van de natuurkavels. Die afspraken houden in dat er maatregelen worden genomen die zorgen voor een hydrologische scheiding tussen de natuurkavels en de agrarische kavels. Hiertoe is in 2016 het projectplan "Aanleg waterstaatswerken landgoed Kolland" vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3297
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202107819/1/R1

202107955/1/A2

Bij besluit van 13 augustus 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek van [verzoeker] om de inkomensstijging van zijn [dochter] buiten beschouwing te laten bij de berekening van zijn huurtoeslag voor 2019 afgewezen. De dienst heeft [verzoeker] bij besluit van 27 december 2018 een voorschot huurtoeslag voor 2019 toegekend van € 3.259,00. De dienst heeft [persoon] daarbij aangemerkt als toeslagpartner van [verzoeker] en de dochter en een ander (minderjarig) kind, [kind], als medebewoners. De dochter is op 5 augustus 2019 verhuisd. De dienst heeft de dochter met ingang van 1 september 2019 niet meer aangemerkt als medebewoner. De dienst heeft bij besluit van 21 september 2019 het voorschot huurtoeslag voor 2019 opnieuw berekend en vastgesteld op € 3.138,00. De dienst is voor het gehele berekeningsjaar uitgegaan van een geschat gezamenlijk toetsingsinkomen van € 27.072,00, bestaande uit de inkomens van [verzoeker] en [persoon].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3308
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202107955/1/A2

202108218/1/A3

Bij besluit van 11 augustus 2020 heeft de burgemeester van Deventer [appellant] gelast om geen inbrekerswerktuigen te vervoeren of bij zich te hebben op een openbare plaats in de gemeente Deventer, onder oplegging van een dwangsom van € 2.500,00 per geconstateerde overtreding met een maximum van € 10.000,00. In een bestuurlijke rapportage is vermeld dat [appellant] op 22 juni 2020 op de openbare weg, waar hij op een snorfiets reed, staande is gehouden door de politie om zijn rij- en kentekenbewijs te controleren. In de buddyseat heeft de politie handschoenen en een klauwhamer aangetroffen. In de jas van [appellant] zijn een life-hammer en pepperspray aangetroffen. [appellant] heeft 142 antecedenten op het gebied van vermogensdelicten, waaronder diefstallen uit woningen en vervoermiddelen. De burgemeester heeft daarom besloten [appellant] een last onder dwangsom op te leggen wegens overtreding van artikel 2:44 van de Algemene plaatselijke verordening van de gemeente Deventer.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3315
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202108218/1/A3

202200019/1/R1

Bij besluit van 11 november 2021 heeft de raad van de gemeente Amsterdam het bestemmingsplan "IJburg 2e fase - Strandeiland" gewijzigd vastgesteld. Het vigerende bestemmingsplan IJburg Tweede Fase voldoet volgens de raad niet langer aan gewijzigde inzichten voor de opzet van Strandeiland. Hierdoor is vaststelling van een nieuw bestemmingsplan nodig. In dit plan is gekozen voor het samentrekken van het oorspronkelijke Strandeiland met Middeneiland onder de nieuwe noemer 'Strandeiland'. Strandeiland maakt deel uit van de wijk IJburg aan de oostzijde van Amsterdam. De kunstmatige eilandengroep ligt aan de zuidwestelijke rand van het IJmeer, die in verbinding staat met het IJmeer-Markermeer. De vereniging Vrienden van het Diemerpark/Hou Diemerpark Groen heeft ten doel het groene karakter van het Diemerpark in Amsterdam, gelegen ten zuidwesten van en buiten het plangebied, in stand te houden en waar mogelijk uit te breiden en kan zich niet vinden in het plan. Zij vreest ervoor dat het plan niet voorziet in voldoende sportvelden, zodat het aantal sportvelden in het Diemerpark ten koste van het groen zal worden uitgebreid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3296
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202200019/1/R1

202200038/1/R1

Bij besluit van 9 november 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Almere het wijzigingsplan "Chw bestemmingsplan Oosterwold" vastgesteld. Oosterwold betreft een gebied dat zowel in de gemeente Almere als in de gemeente Zeewolde ligt. Door de raad van de gemeente Almere is op 29 september 2016 voor het Almeerse deel van Oosterwold het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte "Oosterwold" vastgesteld. In dat bestemmingsplan wordt ruimte geboden aan de realisatie van woningen in landelijke woonmilieus, kantoren, bedrijven, stedelijke voorzieningen, recreatieve voorzieningen, stadslandbouw en groen- en waterstructuren. Er wordt uitgegaan van uitnodigingsplanologie. Niet de gemeente, maar de initiatiefnemers bepalen, binnen de grenzen die het bestemmingsplan stelt, hoe het plangebied eruit komt te zien. [appellant] woont aan de [locatie] in Almere en heeft bezwaar tegen de als bijlage 1 bij de regels van het wijzigingsplan opgenomen beslisboom ‘Water’.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3311
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Flevoland
  • uitspraakin de zaak202200038/1/R1

202200236/1/A2

Bij besluit van 11 juni 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen een aanvraag van [appellant] om huurtoeslag over het jaar 2019 afgewezen. Bij besluit van 27 december 2018 heeft de dienst aan [appellant] een voorschot huurtoeslag voor het jaar 2019 toegekend van € 857,00. Bij besluit van 21 maart 2019 heeft de dienst het voorschot gewijzigd en vastgesteld op € 0,00, omdat de woning van [appellant] niet voldoet aan de voorwaarden voor huurtoeslag. Na telefonisch contact heeft [appellant] opnieuw een aanvraag om huurtoeslag voor het jaar 2019 ingediend. Bij het besluit van 11 juni 2019 heeft de dienst ook deze aanvraag afgewezen. De dienst heeft het door [appellant] daartegen ingestelde bezwaar bij het besluit van 29 oktober 2019 ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3310
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202200236/1/A2

202200417/1/R1

Bij besluit van 25 november 2021 heeft de raad van de gemeente Zaanstad het bestemmingsplan "Reparatieplan 2021" vastgesteld. Het plan voorziet in het herstel van een aantal ommissies in bestaande bestemmingsplannen en beheersverordeningen. Het plangebied omvat in totaal 13 locaties verspreid over het gehele grondgebied van de gemeente Zaanstad, waaronder het perceel [locatie] in Wormerveer. [appellant] is eigenaar van het perceel [locatie]. Volgens hem is aan de woning op dit perceel ten onrechte nog steeds een bedrijfsbestemming met de functieaanduiding "bedrijfswoning" toegekend. Hij wijst erop dat er geen sprake is van een bedrijfswoning, maar van een burgerwoning. Volgens hem is dit gebruik met dit plan voor een tweede keer onder het overgangsrecht gebracht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3305
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202200417/1/R1

202200418/1/R1

Bij besluit van 25 november 2021 heeft de raad van de gemeente Zaanstad het bestemmingsplan “[bedrijf”] vastgesteld. Het Zijkanaal G verbindt het Noordzeekanaal met de rivier de Zaan. Aan de westzijde van dit kanaal loopt de Havenstraat. Ter hoogte van het perceel [locatie 1] ligt het bedrijf van [bedrijf] dat in hoofdzaak brandstoffen, smeermiddelen en scheepsbenodigdheden voor de binnenvaart levert. Niet in geschil is dat het bedrijf daar al zeer geruime tijd gevestigd is en de bedrijfsactiviteiten ter plaatse legaal zijn. Om de brandstoffen en overige artikelen te kunnen ontvangen, op te slaan en af te kunnen leveren aan de schepen beschikt het bedrijf over een bunkerstation. Een bunkerstation is een drijvend tankstation voor de binnenvaart (zowel voor beroeps- als recreatievaart). Belangrijk onderdeel van het bunkerstation is het bunkerschip. Hierin wordt brandstof opgeslagen en gedistribueerd. Schepen leggen hierbij aan. Leurboten zijn bij een bunkerstation behorende vrij varende boten die varende schepen bevoorraden. In het vorige door de raad op 28 mei 2019 vastgestelde bestemmingsplan "Havenstraat - Hemkade" was aan de bedrijfslocatie een voorlopige bestemming toegekend, gericht op een toekomstige verplaatsing van het bunkerstation. De eigenaar van het bunkerstation wil het bedrijf graag duurzaam voortzetten. Besloten is het bunkerstation ter plaatse te behouden. Dit plan voorziet in het toekennen van een permanente bestemming aan de bedrijfslocatie en in een uitbreiding van het bunkerstation. [appellant] woont op het perceel [locatie 2] op een afstand van ongeveer 25 m van het plangebied. Zij vreest onder meer voor geluidsoverlast bij haar woning als gevolg van de uitbreiding van het bunkerstation en de aantasting van het open zicht op het water.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3314
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202200418/1/R1

202200517/3/A3

Bij drie deelbesluiten van 26 juni 2018, 3 december 2018 en 19 maart 2019 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat besloten op een verzoek van AVROTROS op grond van de Wet openbaarheid van bestuur over de veiligheid van het vliegverkeer op Schiphol. Deze verwijzingsuitspraak borduurt voort op de verwijzingsuitspraak van de Afdeling van 29 juni 2022, bij het Hof geregistreerd onder zaak nr. C-451/22. Ook in deze zaak is het de vraag in hoeverre een nieuwsorganisatie op grond van een nationale openbaarmakingsregeling informatie kan ontvangen uit een op de Verordening Voorvallen gebaseerde gegevensbank, en zo ja, in welke vorm. Het verschil met de verwijzingsuitspraak van 29 juni 2022 is dat de minister geaggregeerde informatie geheim wil houden. Deze zaak hangt samen met de verwijzingsuitspraak van 29 juni 2022. In deze zaak heeft de Afdeling het Hof verzocht bij wijze van prejudiciële beslissing uitspraak te doen op een aantal vragen over de zogenoemde lex specialis-werking van de Wet luchtvaart en de Verordening Voorvallen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3318
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Verwijzingsuitspraak
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202200517/3/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202200517/3/A3

202201105/1/A2

Bij besluit van 10 juli 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen definitief vastgesteld dat [wederpartij] voor het jaar 2019 geen aanspraak heeft op huurtoeslag en een bedrag van € 3.618,00 aan al uitbetaalde voorschotten van [wederpartij] teruggevorderd. Bij besluit van 27 december 2018 heeft de dienst aan [wederpartij] een voorschot huurtoeslag voor het jaar 2019 toegekend van € 3.618,00. Het voorschot is gebaseerd op een geschat toetsingsinkomen van € 0,00. Bij besluit van 10 juli 2020 heeft de dienst het recht op huurtoeslag voor het jaar 2019 definitief vastgesteld op € 0,00 en een bedrag van € 3.618,00 aan teveel uitbetaalde voorschotten teruggevorderd. De dienst is hierbij uitgegaan van een toetsingsinkomen van € 23.873,00. Bij besluit van 9 november 2020 heeft de dienst het daartegen gemaakte bezwaar kennelijk ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3309
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202201105/1/A2

202201247/1/R3

Bij besluit van 21 december 2021 heeft de raad van de gemeente Rijswijk het bestemmingsplan "’t Haantje - H1.3c" vastgesteld. Bij afzonderlijke besluiten van 14 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk aan Bouwinvest Residential Fund omgevingsvergunning verleend voor het oprichten van een gebouw (de Parkwachter) onderscheidenlijk twee gebouwen (Healthcare en B-Building) op het perceel kadastraal bekend Rijswijk sectie H nummers 2024, 2025, 2026 en 2028. Het plangebied ligt in het noordwestelijke deel van het woongebied 't Haantje, grenzend aan de Prinses Beatrixlaan en het Wilhelminapark. Het meest noordwestelijk gelegen gebouw, de Parkwachter, heeft op grond van het plan een maximale bouwhoogte van 43 m. Het tweede gebouw, B-Building, gelegen ten oosten van de Parkwachter, heeft een deel met een maximale bouwhoogte van 22 m en een deel met een maximale bouwhoogte van 25 m. De derde woontoren, Healthcare, is ten zuiden van de Parkwachter gesitueerd, en heeft een maximale bouwhoogte van 20 m. Het plan voorziet in maximaal 90 woningen in de gebouwen de Parkwachter en B-Building en 54 zorgwoningen in het gebouw Healthcare. [appellante] en anderen wonen in de omgeving van het plangebied. Zij zijn het niet eens met de vaststelling van het plan en de verlening van de omgevingsvergunningen. Zij vrezen voor een aantasting van hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3321
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202201247/1/R3

202202205/1/R4

Bij besluit van 24 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Maasdriel het bestemmingsplan "Buitengebied herziening 2021 Maarten van Rossumstraat 2a" vastgesteld. Aanleiding voor het plan is de wens van voetbalvereniging HRC'14 om op het terrein van de voetbalvereniging een nieuwe accommodatie te realiseren. De bouw hiervan is in strijd met het geldende bestemmingsplan, omdat de totale bebouwde oppervlakte de maximaal toelaatbare oppervlakte overschrijdt. Dit bestemmingsplan maakt de verplaatsing en vergroting van het huidige clubgebouw en de bouw van een fietsenhok mogelijk, alsmede het nevengebruik van de nieuwe accommodatie voor maatschappelijke voorzieningen (dorpshuis). [appellant A] en [appellant B] wonen aan de [locatie] in Rossum. Zij wonen daarmee direct naast het sportpark en hebben uitzicht op de nieuw te realiseren accommodatie. Zij kunnen zich niet verenigen met het plan, omdat zij vrezen voor overlast door de dorpshuisfunctie die het plan toestaat en ook door de mogelijkheid voor het plaatsen van windturbines.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3304
Datum uitspraak
16 november 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202202205/1/R4

202104608/1/V2

Bij besluit van 16 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3280
Datum uitspraak
15 november 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104608/1/V2

202200413/3/A3

Bij besluit van 18 juni 2021 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport het verzoek van [verzoeker] van 1 oktober 2020 om openbaarmaking van onder meer de Cycle Threshold-waarden op grond van de Wet openbaarheid van bestuur afgewezen. De voorzieningenrechter stelt voorop dat hij blijft bij het oordeel in zijn genoemde uitspraak van 6 september 2022 dat de rechtsvragen die in deze zaak spelen zich niet lenen voor beantwoording in deze procedure en in de bodemprocedure moeten worden beantwoord. Ter zitting heeft de voorzieningenrechter aangegeven dat zal worden bevorderd dat de behandeling van de bodemprocedure ter zitting zal plaatsvinden op 25 januari 2023. Hij zal zich beperken tot beantwoording van de vraag of het verzoek van [verzoeker] aanleiding geeft om de eerder getroffen voorlopige voorziening te wijzigen. [verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht om deze voorziening te wijzigen. Hij stelt zich op het standpunt dat de minister zich niet genoeg heeft ingespannen om ervoor te zorgen dat de CT-waarden beschikbaar blijven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3282
Datum uitspraak
15 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202200413/3/A3

202202823/1/V3

Bij besluit van 15 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3276
Datum uitspraak
15 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202202823/1/V3

202205197/2/R4

Bij besluit van 16 juli 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Papendrecht een door BDRP ingediende aanvraag voor een omgevingsvergunning buiten behandeling gesteld. BDRP drijft een inrichting aan de Noordhoek 35 in Papendrecht. Op grond van het bestemmingsplan rust op het bedrijfsperceel de bestemming "Bedrijventerrein". Op 22 maart 2016 heeft het college een revisievergunning aan BDRP verleend. Op grond van die vergunning is het BDRP toegestaan om binnen de inrichting maximaal 100.000 ton puin per jaar te breken met een dieselaangedreven puinbreekinstallatie. BDRP heeft deze installatie in 2020 vervangen door een elektrische puinbreekinstallatie op grond van een daartoe door het college verleende vergunning. Op 23 maart 2021 heeft BDRP een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend om de inrichting milieuneutraal te veranderen door met dezelfde puinbreekinstallatie de doorzet van puin te vergroten van 100.000 naar 300.000 ton per jaar.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3274
Datum uitspraak
15 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202205197/2/R4

202205924/1/V3

Bij besluit van 9 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3281
Datum uitspraak
15 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202205924/1/V3

202205926/1/V3

Bij besluit van 9 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3279
Datum uitspraak
15 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202205926/1/V3

202205934/1/V3

Bij besluit van 9 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3275
Datum uitspraak
15 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202205934/1/V3

202205935/1/V3

Bij besluit van 9 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3278
Datum uitspraak
15 november 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202205935/1/V3

202206113/2/V3

Bij besluit van 21 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3283
Datum uitspraak
15 november 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202206113/2/V3
vorige pagina1...180181182...1.241volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon