Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 122.762
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202400946/2/V3

Bij besluit van 1 november 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:774
Datum uitspraak
23 februari 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400946/2/V3

202401007/2/V3

Bij besluit van 22 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:772
Datum uitspraak
23 februari 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202401007/2/V3

202201820/1/V2

Bij besluit van 30 november 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat de vreemdeling wordt overgedragen aan Duitsland.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:739
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202201820/1/V2

202203095/1/V1

Bij besluit van 7 april 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:740
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202203095/1/V1

202203276/1/V1

Bij besluit van 5 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om wijziging van de beperking van een aan haar verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, afgewezen en geweigerd haar ambtshalve krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek te verlenen. Bij besluit van 1 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:741
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202203276/1/V1

202203942/1/V3

Bij besluit van 5 september 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 18 november 2021 heeft de staatssecretaris het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:742
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202203942/1/V3

202204243/1/V1

Bij besluit van 29 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:744
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202204243/1/V1

202207276/1/V1

Bij besluit van 19 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij besluiten van 3 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:746
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202207276/1/V1

202302110/3/V1

De vreemdeling heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 30 maart 2023 in zaak nr. NL22.12058. De minister van Justitie en Veiligheid heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van de stukken kennis zal nemen. Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de weigering dan wel beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het hoger beroep relevante informatie en het belang dat de bestuursrechter beschikt over alle informatie die nodig is om de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze af te doen. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:707
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202302110/3/V1

202305820/1/V2

Bij besluit van 3 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:747
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202305820/1/V2

202305821/1/V2

Bij besluit van 12 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:749
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202305821/1/V2

202306370/1/V2

Bij besluit van 21 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:752
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202306370/1/V2

202306457/1/V3

Bij besluit van 26 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:756
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202306457/1/V3

202306484/1/V2

Bij besluit van 12 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:757
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202306484/1/V2

202307976/1/V3

Bij besluit van 8 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:759
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202307976/1/V3

202400143/1/V3

Bij besluit van 14 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:760
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202400143/1/V3

202400303/1/V2

Bij besluit van 31 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG (hierna: de Richtlijn Tijdelijke Bescherming) en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:761
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202400303/1/V2

202400671/1/V3

Bij besluit van 7 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:711
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202400671/1/V3

202400746/1/V2

Bij besluit van 24 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:762
Datum uitspraak
22 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400746/1/V2

202302948/1/V3

Bij besluit van 21 april 2023 heeft de staatssecretaris de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:700
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202302948/1/V3

202305827/1/V2

Bij besluit van 10 november 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen. Bij besluit van 15 maart 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:750
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202305827/1/V2

202306819/1/V3

Bij besluiten van 13 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:701
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202306819/1/V3

202307773/1/V2

Bij besluit van 10 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG (hierna: de Richtlijn Tijdelijke Bescherming) en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022 (hierna: het Uitvoeringsbesluit).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:702
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202307773/1/V2

202307983/1/V3

Bij besluit van 7 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:704
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202307983/1/V3

202307985/1/V3

Bij besluit van 6 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:705
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202307985/1/V3

202307987/1/V3

Bij besluit van 6 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:706
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202307987/1/V3

202307988/1/V3

Bij besluit van 7 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:708
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202307988/1/V3

202307989/1/V3

Bij besluit van 7 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:710
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202307989/1/V3

202400029/2/A3

Bij besluiten van 24 november 2021 heeft de burgemeester van Heerenveen de aanvragen van de B.V.’s voor twee exploitatievergunningen afgewezen. De burgemeester heeft de aanvragen afgewezen op grond van artikel 3, zesde lid, van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, omdat [gemachtigde A] op de Bibob-vragenformulieren zijn betrokkenheid bij zes andere B.V’s en een eenmanszaak zou hebben verzwegen. Volgens de burgemeester is er daardoor het vermoeden dat een strafbaar feit, namelijk valsheid in geschrifte, is gepleegd ter verkrijging van de vergunningen. [gemachtigde A] is enig aandeelhouder/bestuurder van de besloten vennootschap die enig aandeelhouder/bestuurder is van de B.V.’s. Hij heeft namens de B.V.’s twee aanvraagformulieren ingediend voor exploitatievergunningen voor prostitutiebedrijven op de adressen Munnikstraat 3 en Munnikstraat 6 te Heerenveen. De burgemeester heeft de aanvragen afgewezen, omdat [gemachtigde A] op de Bibob-vragenformulieren zijn betrokkenheid bij zes andere B.V’s en een eenmanszaak zou hebben verzwegen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:703
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202400029/2/A3

202400584/1/V3 en 202400584/2/V3

Bij besluit van 8 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:709
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400584/1/V3 en 202400584/2/V3

202400813/1/V1

Bij besluit van 17 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:712
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400813/1/V1

202400849/1/V2 en 202400849/2/V2

Bij besluit van 8 november 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:713
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400849/1/V2 en 202400849/2/V2

202401016/1/V3

Bij besluit van 1 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:753
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202401016/1/V3

202401016/2/V3

Bij besluit van 1 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:755
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202401016/2/V3

202103053/1/R4

Bij besluit van 10 mei 2019 heeft het college [appellant] onder oplegging van een dwangsom gelast om voor 1 oktober 2019 een carport en een schuur op het perceel [locatie 1] in Zeist aan te passen aan de regels voor vergunningvrij bouwen, of te verwijderen en verwijderd te houden. [appellant] is de eigenaar van het perceel. Op het perceel staat zijn woning, die in 2017 is uitgebouwd met een daarvoor verleende omgevingsvergunning. Er staan ook een carport en een schuur, die zonder omgevingsvergunning zijn gebouwd. [partij] woont aan [locatie 2] in Zeist. Zijn achtertuin staat haaks op de achtertuin van [appellant]. [partij] heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen [appellant], omdat diens schuur volgens [partij] te hoog is. Het college heeft naar aanleiding van het verzoek van [partij] een controle uitgevoerd op het perceel op 11 juli 2018. Daarbij heeft het college onder meer vastgesteld dat op het perceel een grotere oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken aanwezig is dan daar volgens het college mag staan. Het college heeft hierop het besluit van 10 mei 2019 genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:729
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202103053/1/R4

202106386/1/R3

Bij besluit van 25 maart 2020 heeft het college aan [appellant] lasten onder dwangsom opgelegd. Op 18 december 2019 hebben [partij A] en [partij B]het college verzocht handhavend op te treden tegen enkele overtredingen op het perceel van [appellant] aan [locatie1]. Zij wonen daarnaast en hebben gesteld forse overlast te ervaren van de op het perceel uitgevoerde activiteiten en de daarop aanwezige bouwwerken. Vervolgens heeft het college op 22 januari 2020 op het perceel een controle uitgevoerd en overtredingen geconstateerd. Op 9 maart 2020 heeft het college een voornemen om lasten onder dwangsom op te leggen naar [appellant] verstuurd. [appellant] heeft daartegen een zienswijze ingediend. Op 18 december 2019 hebben [partij A] en [partij B] het college verzocht handhavend op te treden tegen enkele overtredingen op het perceel van [appellant] aan [locatie 1]. Zij wonen daarnaast en hebben gesteld forse overlast te ervaren van de op het perceel uitgevoerde activiteiten en de daarop aanwezige bouwwerken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:735
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106386/1/R3

202106389/1/R3

Bij besluit van 29 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Olst-Wijhe aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd. Op 24 maart 2020 hebben [belanghebbenden] het college verzocht handhavend op te treden tegen een aantal overtredingen op het perceel van [appellant] aan de [locatie A] te Wesepe, kadastraal bekend gemeente Olst-Wijhe, sectie […], nummer […]. Zij hebben gesteld forse overlast te ervaren van de op het perceel uitgevoerde activiteiten en de vele daarop aanwezige bouwwerken. Vervolgens heeft het college op 15 mei 2020 een controle uitgevoerd en overtredingen geconstateerd. Op 19 mei 2020 heeft het college een voornemen om een last onder dwangsom op te leggen naar [appellant] verstuurd. Op 3 juni 2020 heeft [appellant] daartegen een zienswijze ingediend. In het hoger beroepschrift betoogt [appellant] dat het hoger beroep alleen ziet op de onderdelen 1 en 2 van de last, de overkapping (fietsenstalling) gebruikt voor het opbergen van fietsen afgedekt met (oude) golfplaten en het bouwwerk dat wordt gebruikt voor opslag - opgebouwd uit groene damwanden, voorzien van buitendeur en kozijnen en afgedekt met golfplaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:732
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106389/1/R3

202106753/1/R3

Bij besluit van 8 mei 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Enschede besloten tot invordering over te gaan van een volgens het college door [appellant] verbeurde dwangsom van € 30.000,00. Op 5 februari 2018 heeft het college op het perceel een controle uitgevoerd. Daarbij is geconstateerd dat er in de scheidingswanden tussen de drie woonruimtes aan de straatkant en de drie woonruimtes aan de achterzijde een doorbraak is gemaakt en een deur is geplaatst. Deze kan niet op slot. De keukenblokken in de keukens van de drie achterste woonruimtes waren gedemonteerd en verplaatst naar een andere ruimte. De af- en toevoeren voor water, gas en elektra, betegeling en bovenkasten waren nog wel in de ruimte waar de keukenblokken hadden gezeten aanwezig. [appellant] wordt in de last onder dwangsom opgedragen om uiterlijk 31 januari 2018 deze overtreding op het perceel [locatie] te Enschede ongedaan te maken. Dat kan door de zes zelfstandige wooneenheden terug te brengen naar drie zelfstandige wooneenheden met per woning één voordeur aan de straatkant en met maximaal één keuken en één bad- of doucheruimte per woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:734
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106753/1/R3

202200808/1/A3

Bij besluit van 24 april 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam het door [appellant] ingediende verzoek als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet openbaarheid van bestuur buiten behandeling gesteld. [appellant] ontving een bijstandsuitkering vanaf 6 november 2006. Het college heeft het recht op bijstand bij besluiten van 12 maart 2009 over de periode van 6 november 2006 tot en met 31 december 2008 en over de periode van 1 januari 2009 tot en met 28 februari 2009 ingetrokken en een bedrag aan bijstand over deze perioden van [appellant] teruggevorderd. In het kader van de terugvordering van het bedrag aan bijstand, heeft het college de invordering van de schuld overgedragen aan de deurwaarder met het verzoek om over te gaan tot beslaglegging op een aantal panden van [appellant]. In een brief van 20 januari 2017 heeft [appellant] het college onder verwijzing naar de Wob verzocht om verstrekking van alle informatie, stukken en afschriften van documenten, e-mails en faxen met betrekking tot de beslagleggingen door het college in 2009 op enkele woningen in Rotterdam.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:721
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202200808/1/A3

202203452/1/R3

Bij besluit van 19 april 2022 heeft de raad het bestemmingsplan "Geluidsschermen N3/Middenzone" vastgesteld. Het plan voorziet in de mogelijkheid om geluidsschermen te realiseren die voldoende hoog zijn om de beoogde nieuwbouwwijk "Gezondheidspark" te kunnen realiseren. Zonder de realisatie van de beoogde geluidsschermen is de geluidbelasting van de rijksweg N3 zodanig hoog dat bouw van de beoogde nieuwbouw niet mogelijk is. [appellant] woont op [locatie]. Hij is het niet eens met de vaststelling van het bestemmingsplan. Volgens hem is er in de bestaande situatie bij zijn woning al sprake van geluidsoverlast en zal dit met de realisatie van het plan alleen maar toenemen, omdat de geluidsschermen geluidsreflectie zullen veroorzaken. [appellant] betoogt dat de raad het plan niet had mogen vaststellen, omdat het zal leiden tot een toename van geluidsoverlast bij zijn woning. Volgens hem zullen de geluidsschermen het geluid van de N3 richting zijn woning reflecteren, aangezien de schermen eenzijdig aan de overkant van de N3 worden geplaatst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:726
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202203452/1/R3

202203465/1/A3

Bij brief van 10 december 2021 heeft [appellant] beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn verzoek om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur. Bij besluit van 15 december 2021 heeft het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Rijnland het Wob-verzoek afgewezen. [appellant] heeft het college in een brief van 1 juni 2021 verzocht om openbaarmaking van de niet-openbare informatie uit de jaren 2017 tot en met 2021 over de gevolgen van de realisatie van een Multifunctionele Accommodatie aan de Spoorlaan in Zwammerdam voor de waterafvoer en de watercompensatie. Bij e-mail van 8 juli 2021 heeft het college gereageerd op het Wob-verzoek van [appellant]. Bij e-mail van 2 augustus 2021 heeft [appellant] het college in de gelegenheid gesteld om uiterlijk 31 augustus 2021 alsnog een zorgvuldig besluit te nemen. [appellant] heeft het college bij brief van 8 november 2021 in gebreke gesteld. In een brief van 10 december 2021 heeft [appellant] beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn verzoek van 1 juni 2021. Bij besluit van 15 december 2021 heeft het college het Wob-verzoek afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:736
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202203465/1/A3

202203474/1/R3

Bij besluit van 13 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leiden aan Fairtree een omgevingsvergunning verleend voor de transformatie van een voormalig schoolgebouw tevens Rijksmonument aan de Garenmarkt 1A te Leiden in een woongebouw met 61 appartementen. Het college heeft voor de transformatie een omgevingsvergunning verleend voor de activiteiten "bouwen", "handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening" en "het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een rijksmonument". Op het perceel bevindt zich een schoolgebouw. Dit gebouw wil Fairtree transformeren tot een appartementencomplex. [partij] is het niet eens met de verleende omgevingsvergunning voor de transformatie van het schoolgebouw. Zij woont naast dat gebouw in het appartementencomplex ‘t Kruytschip en vreest voor een aantasting van haar woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:717
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202203474/1/R3

202203934/1/A2

Bij besluit van 22 mei 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de voorschotten zorg- en huurtoeslag van [appellant] voor de maanden januari en februari 2020 vastgesteld op € 208,00 onderscheidenlijk € 692,00 en deze toeslagen voor de rest van het jaar 2020 beëindigd. Bij besluit van 27 december 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen [appellant] voor het gehele jaar 2020 voorschotten zorg- en huurtoeslag toegekend. De huurtoeslag zag op het adres [locatie] (hierna: het toeslagadres). Na een melding dat het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade [appellant] op 18 februari 2020 heeft uitgeschreven uit de basisregistratie personen, heeft de dienst de voorschotten aangepast en de toeslagen beëindigd. Volgens het besluit van 22 mei 2020 heeft [appellant] alleen voor de periode 1 januari 2020 tot en met 29 februari 2020 recht op zorg- en huurtoeslag. Bij het besluit van 4 augustus 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen [appellant] alsnog zorgtoeslag voor het gehele jaar 2020 toegekend, omdat hij dat jaar een zorgverzekering had en uitschrijving uit de brp geen reden is om zorgtoeslag te beëindigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:720
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202203934/1/A2

202204146/1/A2

Bij besluiten van 10 april 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zwijndrecht aanvragen van [appellante sub1] en anderen om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellante sub 1] en anderen zijn elk eigenaar van een woning aan de Sportlaan te Heerjansdam. Bij aanvraagformulieren van 12 december 2016 hebben zij het college verzocht om tegemoetkoming in de planschade die zij stellen te hebben geleden door de bij raadsbesluit van 13 december 2011 vastgestelde wijziging van het bij raadsbesluit van 28 juni 2011 vastgestelde bestemmingsplan Voorzieningencluster - Educatief Plein en door het bij raadsbesluit van 8 april 2014 vastgestelde bestemmingsplan Heerjansdam Gors. Deze planologische maatregelen zijn genomen ten behoeve van het realiseren van onder meer een school en een woonzorgcentrum in een gebied aan de Sportlaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:737
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202204146/1/A2

202204154/1/R1

Bij besluit van 23 juni 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant sub 1] een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een uitbouw en een dakterras aan de achterzijde van de woning op het adres [locatie A] in Amsterdam. [belanghebbende] en [appellant sub 1] wonen beiden in een dijkwoning. Beide woningen liggen met de voorzijde aan de straat en hebben aan de achterzijde lager gelegen tuinen. De woning van [appellant sub 1] heeft een souterrain dat aan de voorzijde grotendeels onder de grond ligt en aan de achterzijde uitkijkt op de lager gelegen tuin. Aan [appellant sub 1] is een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een uitbouw en een dakterras aan de achterzijde van zijn woning op het adres [locatie A] In Amsterdam. [belanghebbende] woont in de naastgelegen woning op het adres [locatie B] in Amsterdam. [belanghebbende] vindt dat het college onvoldoende rekening heeft gehouden met haar belangen. De hoogte van de uitbouw heeft tot gevolg dat de bezonning in haar woning aanzienlijk wordt verminderd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:728
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202204154/1/R1

202204386/1/A2

Bij besluit van 19 juni 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant een aanvraag van Stichting Lustwarande om subsidie op grond van de Subsidieregeling hedendaagse cultuur Noord-Brabant afgewezen. Stichting Lustwarande organiseert exposities van hedendaagse sculpturen in het park De Oude Warande in Tilburg. Op 28 januari 2020 heeft Stichting Lustwarande een aanvraag ingediend voor subsidie op grond van de Subsidieregeling voor een bedrag van € 470.000,00. Het college heeft de door Stichting Lustwarande ingediende aanvraag ter advisering voorgelegd aan de Adviescommissie BrabantStad Cultuur. Deze heeft een positief advies uitgebracht, waarbij zij aan de aanvraag van Stichting Lustwarande 263 punten heeft toegekend. Omdat het beschikbare budget ontoereikend is om alle aanvragen waarover positief advies is uitgebracht te kunnen honoreren, heeft de Adviescommissie BrabantStad Cultuur de aanvragen op basis van het aantal punten dat aan elke aanvraag is toegekend in een rangorde gezet en geadviseerd de aanvraag van Stichting Lustwarande te honoreren voor zover de beschikbare middelen dat toelaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:727
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202204386/1/A2

202204668/1/A3

Bij besluit van 23 december 2020 heeft de burgemeester van Rucphen [appellante] gelast de woning aan de [locatie] in Sprundel gedurende drie maanden gesloten te houden. [appellante] was huurder en bewoner van de woning. Naar aanleiding van meldingen van omwonenden heeft de politie op 5 november 2020 de woning aan de [locatie] doorzocht. Daarbij zijn in de slaapkamer onder het dekbed, in de woonkamer in een Albert Heijn-tas, in de woonkamer in de buurt van een openstaande kluis en in een auto verdovende middelen aangetroffen. Naar aanleiding van deze feiten en omstandigheden heeft de burgemeester, op grond van artikel 13b, van de Opiumwet, [appellante] gelast de woning voor drie maanden te sluiten. Dit is in overeenstemming met het "Damoclesbeleid gemeente Rucphen". Volgens het Damoclesbeleid wordt bij een sluiting in beginsel uitgegaan van een periode van drie maanden. Bij het sluiten van een woning wordt uitdrukkelijk overwogen of kan worden volstaan met een waarschuwing.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:715
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • uitspraakin de zaak202204668/1/A3

202205275/1/A2

Bij besluit van 3 april 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de huurtoeslag van [appellant] over het jaar 2018 herzien en vastgesteld op nihil. De teveel ontvangen voorschotten heeft de Belastingdienst/Toeslagen teruggevorderd van [appellant]. Dit naar aanleiding van een melding van de basisregistratie inkomen (hierna: BRI) waaruit een gezamenlijk toetsingsinkomen van [appellant] en zijn partner van € 30.871,00 is gebleken. Hierdoor moest [appellant] een bedrag van € 2.972,00 aan teveel ontvangen voorschotten huurtoeslag terugbetalen. Op 9 februari 2022 heeft de BRI bij de Belastingdienst/Toeslagen een melding gemaakt van het verzamelinkomen van [appellant] over 2018 van € -3.398,00. Door deze melding heeft de Belastingdienst/Toeslagen op 8 maart 2022 een herziene definitieve berekening huurtoeslag over het jaar 2018 gemaakt en de huurtoeslag van [appellant] vastgesteld op € 2.812,00. De te weinig ontvangen voorschotten van € 3.115,00 (inclusief wettelijke rente) heeft de Belastingdienst/Toeslagen aan [appellant] teruggestort of verrekend. Een terugvordering is hierdoor achterwege gebleven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:725
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202205275/1/A2

202205734/1/R1

Bij besluit van 4 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen [appellante] onder oplegging van een dwangsom van € 75.000,00 ineens gelast het gebruik van de dienstwoning aan de [locatie] te Bergen als burgerwoning binnen 26 weken na verzenddatum van dit besluit te staken en gestaakt te houden. [appellante] is sinds 15 december 2011 eigenares van de bovenwoning op het perceel en woont daar ook. De bovenwoning is gesitueerd in een pand van vier verdiepingen en beslaat de bovenste drie verdiepingen van dat pand. Op de begane grond onder de woning op het perceel, met het adres Breelaan 21, bevindt zich het restaurant "De Story Bistrobar" dat wordt geëxploiteerd door Parkhotel. Naast het perceel, op de hoek Breelaan en Stationsstraat, ligt het hotel "Parkhotel". Parkhotel heeft het college op 8 september 2020 verzocht om handhavend op te treden tegen het met het bestemmingsplan "Bergen centrum" (hierna: het bestemmingsplan) strijdige gebruik van de bovenwoning door [appellante].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:643
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202205734/1/R1

202206000/1/R1

Bij besluit van 19 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen geweigerd aan [appellante] een omgevingsvergunning te verlenen voor het gebruik van de bovenwoning aan de [locatie] in Bergen (NH) als burgerwoning. [appellante] is sinds 15 december 2011 eigenares van de bovenwoning op het perceel en woont daar ook. De bovenwoning is gesitueerd in een pand van vier verdiepingen en beslaat de bovenste drie verdiepingen van dat pand. Op de begane grond onder de bovenwoning op het perceel, met het adres Breelaan 21, bevindt zich het restaurant "De Story Bistrobar" dat wordt geëxploiteerd door Parkhotel. Naast het perceel, op de hoek Breelaan en Stationsstraat, ligt het hotel "Parkhotel". [appellante] heeft ter legalisatie van het gebruik van de bovenwoning als burgerwoning een aanvraag om omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan ingediend. Het college heeft op 19 februari 2021 de gevraagde omgevingsvergunning geweigerd en die weigering bij besluit op bezwaar van 1 oktober 2021 in stand gelaten. Vervolgens heeft ook de rechtbank dat besluit in stand gelaten. [appellante] is het daar niet mee eens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:642
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202206000/1/R1

202206875/1/R3

Bij besluit van 1 november 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Emmen het wijzigingsplan "Nieuw-Weerdinge, [locatie 1]" vastgesteld. Het wijzigingsplan voorziet in de toevoeging van de aanduiding "wro-zone - kleinschalig kamperen" aan het perceel achter [locatie 1] te Nieuw-Weerdinge. Daarnaast blijft op het perceel de bestemming "Agrarisch met waarden - Kleinschalige Veenontginningen" rusten. Het wijzigingsplan is op verzoek van de eigenaren van het perceel, [partij A] en [partij B], vastgesteld met toepassing van artikel 75.7.3 van de regels van het bestemmingsplan "Buitengebied Emmen". Zij wensen op het deel van het perceel waaraan de aanduiding is toegekend een minicamping voor 20 standplaatsen te realiseren. [appellante] is eigenaar en bewoner van het perceel [locatie 2] te Nieuw-Weerdinge. Haar perceel grenst direct aan het perceel waarop het wijzigingsplan ziet en de voorziene minicamping is aan de achterzijde van haar perceel geprojecteerd. Zij vreest dat de realisatie van een minicamping haar woon- en leefklimaat zal aantasten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:733
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Drenthe
  • uitspraakin de zaak202206875/1/R3

202207249/1/A2

Bij besluit van 22 april 2022 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de aanvraag van [appellant] om een toevoeging voor rechtsbijstand afgewezen. Naar aanleiding van een arbitraal vonnis van 15 juni 2021 is een executiegeschil gerezen tussen [appellant] en een voormalig medevennoot met wie [appellant] een vennootschap onder firma had. [appellant] heeft daarom een toevoeging aangevraagd voor een procedure bij de civiele rechter. In die procedure betwist hij het recht van zijn voormalig medevennoot om het arbitraal vonnis te executeren. De raad heeft de aanvraag afgewezen op grond van artikel 12, tweede lid, aanhef en onder e, van de Wet op de rechtsbijstand. Volgens de raad gaat het om een rechtsbelang dat is ontstaan in het kader van de uitoefening van een zelfstandig bedrijf en valt [appellant] niet onder de uitzondering genoemd in sub 2° omdat hij niet betrokken was als verweerder in eerste aanleg.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:724
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202207249/1/A2

202300765/1/A2

Bij besluit van 22 januari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een bestuurlijke boete aan [appellante] opgelegd van € 12.000,00 voor het zonder vergunning omzetten of omgezet houden van een zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimten. Naar aanleiding van het project Landelijke Aanpak Adreskwaliteit is het feitelijk gebruik van de woning onderzocht. In het kader van dit onderzoek hebben toezichthouders van de gemeente Amsterdam de woning op 3 februari 2020 bezocht. De toezichthouders hebben vier personen in de woning aangetroffen, die onder andere hebben verklaard dat zij allen in de woning wonen en dat zij een huurovereenkomst hebben met [partij]. Het college heeft op basis van het onderzoek geconcludeerd dat sprake is van omzetting van een zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimten, zonder dat daarvoor de benodigde vergunning is verleend. Het college heeft toegelicht dat ten tijde van het huisbezoek op 3 februari 2020 er nog geen omzettingsvergunning was aangevraagd of verleend en dat daarom op dat moment sprake was van een overtreding.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:730
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202300765/1/A2

202301624/1/R3

Bij besluit van 15 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Groningen aan [wederpartij A] omgevingsvergunning verleend voor het oprichten van een woongebouw, bestaande uit 26 appartementen aan de Van Heemskerckstraat in Groningen. Het college heeft de gevraagde omgevingsvergunning aanvankelijk verleend op 15 januari 2019, maar bij het besluit op bezwaar van 27 februari 2020 alsnog geweigerd. Volgens het college hadden sommige appartementen, in strijd met het bestemmingsplan "Kostverloren, Zeeheldenbuurt en Badstratenbuurt", een oppervlakte van minder dan 50 m2. Hiertegen heeft [wederpartij] beroep ingesteld. Deze beroepsprocedure is beëindigd nadat [wederpartij] dit beroep heeft ingetrokken op de zitting van de rechtbank van 19 oktober 2021, nadat is besproken dat [wederpartij] gewijzigde bouwtekeningen zou kunnen aanleveren, waarop het college een nieuw besluit zou kunnen nemen. [wederpartij] heeft vervolgens gewijzigde bouwtekeningen aangeleverd. Volgens [wederpartij] moest het college daarna een nieuw besluit op de bezwaren nemen, en heeft het nagelaten dat tijdig te doen. Daartegen is hij bij de rechtbank opgekomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:723
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301624/1/R3

202301648/1/A2

Bij besluit van 10 augustus 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant een aanvraag van de maatschap om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. De maatschap was van 26 november 1986 tot 1 juli 2019 eigenaar van het perceel [locatie A] te Elsendorp (hierna: het perceel). Zij was daar exploitant van een varkenshouderij. Op grond van het bestemmingsplan Gemert-Bakel Buitengebied 2010 van 27 mei 2010 was het toegestaan op 80 procent van de oppervlakte van het perceel bedrijfsbebouwing op te richten. Deze bouwmogelijkheid was feitelijk niet volledig benut. De maatschap heeft bij brief van 5 maart 2018, aangevuld bij brief van 16 april 2018, verzocht om tegemoetkoming in de planschade die zij in de vorm van waardevermindering van onroerende zaken heeft geleden door de inwerkingtreding van de regels van de Verordening ruimte 2014 van 14 maart 2014, de wijzigingen van deze verordening, de nadere regels bij deze verordening en de wijzigingen van deze nadere regels. Ter toelichting hiervan heeft zij aangevoerd dat deze (nadere) regels tot een beperking van de gebruiksmogelijkheden en bebouwingsmogelijkheden van het perceel hebben geleid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:719
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202301648/1/A2

202301800/1/A2

Bij besluit van 15 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag de aanvraag van [appellante] om een éénmalig woningaanbod afgewezen. Bij besluit van 11 juni 2021 heeft het college aan [appellante] een urgentieverklaring verleend voor drie maanden op sociaal/medische gronden. De urgentieverklaring had een zoekprofiel voor een benedenwoning of een flat met lift, met twee slaapkamers. [appellante] stelt dat zij binnen deze periode geen passende woning heeft kunnen vinden, met als gevolg dat de urgentieverklaring is verlopen. [appellante] heeft daarom een éénmalig woningaanbod aangevraagd bij het college. [appellante] heeft volgens het college onder meer een passende woning aan de [locatie 1] te Den Haag geweigerd en niet gereageerd op twee passende woningen aan de [locatie 2] en [locatie 3]. Verder heeft het college opgemerkt dat [appellante] hulp kan zoeken bij het vinden van een passende woning door contact op te nemen met een woningcorporatie. Het college heeft geen aanleiding gezien de hardheidsclausule toe te passen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:718
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202301800/1/A2

202302954/1/A2

Bij besluit van 25 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een boete aan [bedrijf] opgelegd van € 6.000,00 voor het zonder vergunning omzetten of omgezet houden van een zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimten. In verband met het project Landelijke Aanpak Adreskwaliteit, is onderzoek verricht naar de woning. Toezichthouders van de gemeente Amsterdam hebben de woning op 6 augustus 2019 en op 28 oktober 2019 bezocht. Tijdens het huisbezoek op 28 oktober 2019 troffen de toezichthouders een man aan in de woning, [partij A]. Hij heeft verklaard dat er vier personen in de woning wonen. Volgens [partij A] zijn hij en [partij B] hoofdhuurder en zijn er, in overeenstemming met het huurcontract tussen hen en [bedrijf], twee onderhuurders. Verder heeft [partij A] verklaard dat de eigenaar van de woning ervan op de hoogte is dat deze door vier personen wordt bewoond. Het college heeft op basis van de bevindingen van het onderzoek geconcludeerd dat de woning van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimten is omgezet of omgezet gehouden, doordat deze aan meer dan het aantal toegestane personen, vier huishoudens, in gebruik is gegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:731
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202302954/1/A2

202303816/1/A2

Bij besluit van 25 januari 2022 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellant] een onderzoek opgelegd naar zijn drugsgebruik. [appellant] is als bestuurder van een auto op 12 januari 2022 door de politie staande gehouden omdat zijn rijgedrag opviel. De politie heeft [appellant] gevraagd mee te werken aan een speekseltest. Dit heeft hij geweigerd. Hierop is [appellant] meegenomen naar het politiebureau, waar van hem een bloedonderzoek is gevorderd door de hulpofficier van justitie. Ook aan dit onderzoek weigerde hij mee te werken. De politie heeft van de staandehouding verslag gedaan in een proces-verbaal. Op 14 januari 2022 heeft de officier van justitie aan het CBR een mededeling gedaan, die inhoudt dat het vermoeden bestaat dat [appellant] niet langer beschikt over de vereiste rijvaardigheid dan wel over de lichamelijke of geestelijke geschiktheid voor het besturen van een auto. Naar aanleiding van deze mededeling heeft het CBR aan [appellant] een onderzoek naar zijn drugsgebruik opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:722
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202303816/1/A2

202305382/1/A2

Op 21 maart 2022 is de auto van [appellante] verwijderd van het parkeerterrein aan de Broekweg in Vlaardingen, omdat die locatie was aangewezen als evenemententerrein voor een kermis. Bij besluit van 31 maart 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Vlaardingen deze toepassing van bestuursdwang op schrift gesteld. Bij het besluit van 31 maart 2022 heeft het college een bedrag van € 175,00 op [appellante] verhaald voor het wegslepen van haar auto. Bij besluit van 7 juni 2022 heeft het college haar medegedeeld dat per abuis een bedrag van € 175,00 in rekening is gebracht, en dat het juiste bedrag € 145,00 is. Bij het besluit van 24 oktober 2022 heeft het college het bezwaar ongegrond verklaard en zich, in navolging van het advies van de Commissie bezwaarschriften, op het standpunt gesteld dat in het besluit van 31 maart 2022 inderdaad een verkeerd bedrag aan [appellante] is opgelegd, maar dat die fout al is hersteld door het besluit van 7 juni 2022. In geschil is of [appellante] wegens die fout recht heeft op een vergoeding van de proceskosten in bezwaar, bestaande uit verleende rechtsbijstand.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:716
Datum uitspraak
21 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202305382/1/A2

202300618/1/V3

Bij besluit van 23 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:696
Datum uitspraak
20 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300618/1/V3

202301421/1/V1

Bij besluit van 17 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 21 juni 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:697
Datum uitspraak
20 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202301421/1/V1

202305735/2/R1

Bij besluit van 11 juli 2023 heeft de raad van de gemeente Schagen het bestemmingsplan "Hotel Corfwater" gewijzigd vastgesteld. Het plangebied ligt ten noorden van de kern van Petten in het duingebied Het Korfwater. In het plangebied bevindt zich nu bebouwing van het voormalig hotel "Huis ter Duin". Het plan voorziet in de herontwikkeling van het plangebied door een transformatie naar een kwalitatief hoogwaardig hotelcomplex. De bestaande niet-monumentale aanbouwen van het huidige hotelgebouw worden gesloopt. Ook de beheerderswoning met bijgebouw en de bunkers worden gesloopt. Het monumentale deel van het hotelgebouw wordt gerenoveerd. Ten noorden van het huidige hotelgebouw worden vijf nieuwe hotelgebouwen mogelijk gemaakt. Deze beoogde hotelgebouwen zullen samen met het gerenoveerde Huis ter Duin ruimte bieden aan 240 hotelkamers. Ondergeschikt aan de hotelfunctie is er ruimte voor horeca, "wellness", vergaderfaciliteiten en meerdaagse congresactiviteiten. HZL en KNNV hebben de voorzieningenrechter verzocht het plan en de omgevingsvergunning te schorsen totdat de Afdeling uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:698
Datum uitspraak
20 februari 2024
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202305735/2/R1

202400040/2/A3

Bij besluiten van 17 juni 2021, 18 november 2021, 18 mei 2022, 23 november 2022 en 27 december 2022 heeft het college beslist op verzoeken van [verzoeker] om informatie openbaar te maken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur. [verzoeker] heeft bij het college diverse verzoeken ingediend om op grond van de Wob informatie openbaar te maken. De verzoeken gaan onder andere over de Tuin van Jonker in Haarlem, integriteit binnen de gemeente en de besluitvorming over de door [verzoeker] ingediende Wob-verzoeken. Het college heeft met het besluit van 17 juni 2021 het verzoek van [verzoeker] afgewezen omdat het college niet over meer documenten beschikt dan al zijn verstrekt bij eerdere Wob-verzoeken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:714
Datum uitspraak
20 februari 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202400040/2/A3

202102215/1/R2

Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van de gemeente Loon op Zand van 11 februari 2021, waarbij het bestemmingsplan "Weteringstraat 15B te Loon op Zand" is vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt het mogelijk om een vrijstaande woning te bouwen op het perceel Weteringstraat 15b in Loon op Zand. Stichting het Uilennest is gevestigd in het bedrijfspand ten noorden van het plangebied, aan de Weteringstraat 17a. De Stichting betoogt dat het bestemmingsplan de verkeersveiligheid in de Weteringstraat aantast vanwege een toename van het aantal verkeersbewegingen als gevolg van het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:766
Datum uitspraak
20 februari 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Mondelinge uitspraak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202102215/1/R2

202106964/1/R2

Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van de gemeente Eindhoven van 22 september 2021, waarbij het bestemmingsplan "Strijp- Gestel- en Stratum binnen de Ring en Bloemenbuurt Zuid 2020" is vastgesteld. Het bestemmingsplan kent onder meer aan de gronden van het perceel [locatie 1] en het perceel [locatie 2] de bestemming "Wonen" toe.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:800
Datum uitspraak
20 februari 2024
  • Mondelinge uitspraak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202106964/1/R2

202201409/1/R2

Bij besluit van 25 juni 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Deurne een omgevingsvergunning verleend voor het verbouwen van een veldschuur op het perceel kadastraal bekend gemeente Deurne, sectie R, nummer 190, in Liessel. [appellante] woont tegenover de veldschuur en is het niet eens met de omgevingsvergunning. Zij betoogt dat een onevenredige aantasting plaatsvindt van het landelijk karakter en dat de binnen de bestemming "Agrarisch" opgenomen waarden worden aangetast, wat in strijd is met artikel 8.1 van de planregels. Dit heeft de rechtbank niet onderkend. Ook betoogt [appellante] dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat door de wijziging van de aanvraag met betrekking tot de schuurdeuren het college het gebrek met betrekking tot artikel 2.55 van het Bouwbesluit 2012 heeft hersteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1813
Datum uitspraak
20 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202201409/1/R2

202204458/1/R2

Bij uitspraak van 16 juni 2022 heeft de rechtbank het door [appellant] gedane verzet tegen de uitspraak van de rechtbank van 25 maart 2022 ongegrond verklaard. In de uitspraak van 25 maart 2022 oordeelde de rechtbank dat [appellant] geen vergunning van rechtswege heeft verkregen voor het verbouwen van een bestaand kantoor tot een bedrijfswoning. [appellant] betoogt dat in deze zaak het appelverbod moet worden doorbroken, omdat de uitspraak van de rechtbank van 16 juni 2022 is gedaan in strijd met fundamentele rechtsbeginselen. Hiertoe voert [appellant] aan dat hij ten onrechte niet is gehoord, terwijl hij daarom wel heeft verzocht. Daarnaast voert hij aan dat de uitspraak ten onrechte niet in het openbaar is gedaan. Ten slotte verzoekt [appellant] de Afdeling prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie over de verenigbaarheid van nationaal recht met Unierecht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:765
Datum uitspraak
20 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202204458/1/R2

202205115/1/R2

Bij besluit van 5 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maastricht aan Maastricht Sport een omgevingsvergunning verleend voor de legalisering van een al bestaande sportkooi op het parkeerterrein naast het perceel Bovenstraat 2 in Borgharen. Het college betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het bouwen van de sportkooi in strijd is met het bestemmingsplan. Volgens het college staan de bouwregels van het bestemmingsplan de bouw van de sportkooi toe, en valt het gebruik van de sportkooi onder het overgangsrecht van het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:892
Datum uitspraak
20 februari 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Mondelinge uitspraak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202205115/1/R2

202206625/1/V1

Bij besluit van 11 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:669
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206625/1/V1

202301601/1/V2

Bij besluit van 8 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van de vreemdeling om opheffing van het tegen hem uitgevaardigde inreisverbod afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:654
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202301601/1/V2

202301650/1/V2

Bij besluit van 2 september 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:676
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202301650/1/V2

202301696/1/V2

Bij besluit van 31 mei 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van de vreemdeling om opheffing van het tegen hem uitgevaardigde inreisverbod afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:656
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202301696/1/V2

202302199/1/V2

Bij besluit van 15 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:670
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202302199/1/V2

202305926/1/V3

Bij besluit van 2 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:671
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202305926/1/V3

202305951/1/V3

Bij besluit van 2 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:672
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202305951/1/V3

202306130/1/V3

Bij besluit van 2 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:673
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202306130/1/V3

202306219/1/V2

Bij besluit van 3 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:674
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202306219/1/V2

202306224/1/V3

Bij besluit van 2 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:675
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202306224/1/V3

202306282/1/V3

Bij besluit van 15 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:680
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202306282/1/V3

202306336/1/V3

Bij besluit van 10 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:681
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202306336/1/V3

202306369/2/R3

Bij besluit van 31 mei 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wierden geweigerd aan Solarpark een omgevingsvergunning te verlenen voor het realiseren van een zonnepark met natuurontwikkeling aan de Enterveenweg in Enter. Solarpark heeft op 9 april 2022 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het realiseren van een zonnepark. De vergunning is gevraagd voor de activiteiten "bouwen", "uitvoeren van een werk" en "handelen in strijd met de regels ruimtelijke ordening". Omdat de aanleg van het zonnepark niet past binnen de agrarische bestemming van het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Enter Rijssen", heeft het college een verklaring van geen bedenkingen gevraagd aan de gemeenteraad van Wierden. In de uitspraak van de rechtbank heeft de rechtbank overwogen dat de door Solarpark gevraagde omgevingsvergunning ten onrechte is geweigerd op de grond dat de raad geen vvgb heeft afgegeven. Volgens de rechtbank was een vvgb namelijk niet vereist. De rechtbank heeft het college opgedragen een nieuw besluit op de aanvraag van Solarpark te nemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:665
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202306369/2/R3

202306442/1/V3

Bij besluit van 1 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:682
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202306442/1/V3

202306461/1/V3

Bij besluit van 20 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:683
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202306461/1/V3

202306738/1/V3

Bij besluit van 12 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:684
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202306738/1/V3

202307423/1/V3

Bij besluit van 14 november 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:686
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202307423/1/V3

202307740/1/V2

Bij besluiten van 16 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:688
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202307740/1/V2

202307876/1/V3

Bij besluit van 4 november 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgehouden voor verhoor.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:689
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202307876/1/V3

202400091/1/V2

Bij besluit van 17 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:690
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202400091/1/V2

202400232/1/V2

Bij besluit van 17 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:677
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202400232/1/V2

202400232/2/V2

Bij besluit van 17 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:678
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202400232/2/V2

202400317/1/V2

Bij besluit van 25 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:691
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202400317/1/V2

202400321/1/V2

Bij besluit van 24 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat de vreemdeling geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022. .

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:692
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202400321/1/V2

202400343/1/V3 en 202400343/2/V3

Bij besluiten van 10 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:679
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400343/1/V3 en 202400343/2/V3

202400355/1/V3

Bij besluit van 27 november 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:693
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202400355/1/V3

202400615/1/V2 en 202400615/2/V2

Bij besluit van 4 augustus 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:687
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400615/1/V2 en 202400615/2/V2

202400618/1/V3

Bij besluit van 10 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:694
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202400618/1/V3

202400628/1/V3

Bij besluit van 10 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:695
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202400628/1/V3

202400868/1/V2

Bij besluit van 8 november 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:685
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400868/1/V2

BRS.24.000003

Bij besluit van 24 november 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:652
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000003

202307194/4/R1

Bij brief, ingekomen op 16 februari 2024, heeft [verzoeker] opnieuw verzocht om wraking van staatsraad mr. H.J.M. Besselink als voorzieningenrechter van de Afdeling belast met de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak nr. 202307194/2/R1. Bij beslissing van 26 januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:297, heeft de Afdeling het door [verzoeker] bij brief ingediende verzoek om wraking van de staatsraad in deze zaak afgewezen. Onder 4.1 van die beslissing staat dat de planning van een zitting een procesbeslissing is en het instrument van wraking niet is bedoeld om als rechtsmiddel daartegen aan te wenden. Het nu aan de orde zijnde verzoek om wraking berust in essentie op dezelfde gronden als het eerdere. Opnieuw heeft [verzoeker] aan zijn verzoek om wraking ten grondslag gelegd dat de staatsraad bij de behandeling van deze zaak, door hem voor een zitting uit te nodigen, ten onrechte geen rekening heeft gehouden met zijn aangevoerde persoonlijke (medische) omstandigheden, waardoor hij zich mondeling onvoldoende kan verweren op een zitting en dat daarom zijn zaak volledig schriftelijk moet worden behandeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:699
Datum uitspraak
19 februari 2024
  • Wraking
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202307194/4/R1
vorige pagina1...105106107...1.228volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon