Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.063
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202107366/1/R1

Bij besluit van 6 oktober 2021 heeft de raad van de gemeente Hilversum het bestemmingsplan "Godelindeweg 15" vastgesteld. Op het perceel Godelindeweg 15 in het beschermd stadsgezicht "Noordwestelijk Villagebied" in Hilversum staat een kantoorpand dat nog slechts gedeeltelijk in gebruik is. Het voornemen van Schogt's Exploitatiemaatschappij B.V. is dit kantoorpand te slopen en drie woningen op het perceel te realiseren. Het bestemmingsplan maakt deze ontwikkeling mogelijk en voorziet in het realiseren van twee geschakelde villa’s met drie bouwlagen en één vrijstaande villa met twee bouwlagen. [appellant sub 1] woont op 50 m afstand van de beoogde bebouwing. [appellant sub 2A] woont op 160 m afstand van de beoogde bebouwing. [appellant sub 2A] heeft het beroep mede namens [appellant sub 2B] ingediend, die op 40 m van de beoogde bebouwing woont. Allen kunnen zij zich met het bestemmingsplan niet verenigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3092
Datum uitspraak
26 oktober 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202107366/1/R1

202107367/1/R1

Bij besluit van 17 augustus 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hilversum ten behoeve van de vaststelling van het bestemmingsplan "Godelindeweg 15" voor de toekomstige woningen in het plangebied voor de geluidsbelasting een hogere waarde als bedoeld in artikel 83 van de Wet geluidhinder vastgesteld. Op het perceel Godelindeweg 15 in Hilversum staat een kantoorpand dat nog slechts gedeeltelijk in gebruik is. Het voornemen van Schogt's Exploitatiemaatschappij B.V. is om dit kantoorpand te slopen en drie woningen op het perceel te realiseren. Het bestemmingsplan "Godelindeweg 15" maakt deze ontwikkeling mogelijk en voorziet in het realiseren van twee geschakelde villa’s met drie bouwlagen en één vrijstaande villa met twee bouwlagen. [appellanten] wonen in de omgeving van de locatie waarvoor hogere waarden zijn vastgesteld, maar het besluit heeft geen betrekking op hun woningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3091
Datum uitspraak
26 oktober 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Geluid
  • uitspraakin de zaak202107367/1/R1

202107692/1/R1

Bij besluit van 24 augustus 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Stede Broec het wijzigingsplan "Grootebroek - Slimweg 42" vastgesteld. Aan de Slimweg 42 in Grootebroek is het teeltbedrijf van Gourmet B.V. gevestigd. Het bedrijf is naast eigen teelt gespecialiseerd in het verwerken, verpakken en distribueren van sjalotten, uien en knoflook. Gourmet B.V. wil haar bedrijfsruimten uitbreiden in de vorm van een uitbreiding van hallen 3 en 4. De geplande uitbreiding bestaat uit het realiseren van nieuwe koelcellen voor de opslag van producten, het realiseren van extra productieruimte voor de bulkafdeling en de uitbreiding van het aantal zogenoemde ‘laad docks’. Gourmet B.V. is de initiatiefnemer van het plan en [bedrijf A] is eigenaar van de gronden in het plangebied. [appellante] heeft een kassencomplex in eigendom aan de [locatie 1], dat zich ten westen van het plangebied van het wijzigingsplan bevindt. Zij kan zich niet met het wijzigingsplan verenigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3083
Datum uitspraak
26 oktober 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202107692/1/R1

202107785/1/R1

Bij besluit, bekendgemaakt op 2 november 2021, heeft het dagelijks bestuur van Avri de locatie met het nummer WB027IC, nabij de Spijkse Kweldijk 53, aangewezen voor de plaatsing van een ondergrondse container voor incontinentiemateriaal en luiers.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3075
Datum uitspraak
26 oktober 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202107785/1/R1

202107896/1/R1

Bij besluit van 21 oktober 2021 heeft de raad van de gemeente Noord-Beveland het bestemmingsplan "Wissenkerke, [locatie 1]" vastgesteld. Het plan voorziet in de uitbreiding van een kleinschalig recreatiepark met 11 recreatiewoningen en een gebouw voor daarbij behorende centrale voorzieningen, zoals een receptie en een ontspanningsruimte, op het perceel [locatie 1] te Wissenkerke. Het plangebied is gelegen aan de noordoost zijde van Wissenkerke op de hoek van de Dorpsdijk en de Keihoogteweg en heeft een oppervlakte van ongeveer 12.250 m2. [appellant] woont op het perceel [locatie 2].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3087
Datum uitspraak
26 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zeeland
  • uitspraakin de zaak202107896/1/R1

202201934/1/A3

Bij brief van 1 december 2020 heeft de korpschef van politie een verzoek van [appellante] om een afschrift van een politiedossier afgewezen. Bij brief van 3 september 2020 heeft [appellante] de korpschef verzocht om een politiedossier te mogen ontvangen. In haar brief heeft zij uiteengezet dat zij sinds enige tijd problemen heeft met haar buurman en met haar verhuurder Woonpunt. In dat verband heeft zij zich verschillende keren tot de politie gewend onder anderen wegens mishandeling, vernieling en bedreiging. Zij zou graag het dossier waarin deze gegevens zijn opgenomen, willen ontvangen zodat zij bij een mogelijke rechtsgang inzichtelijk kan maken welke acties zij heeft ondernomen. Volgens de korpschef blijkt uit de politiesystemen niet dat [appellante] aangifte van strafbare feiten heeft gedaan bij de politie, zodat artikel 18 van de Wet politiegegevens geen grondslag biedt voor het verstrekken van de gegevens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3079
Datum uitspraak
26 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202201934/1/A3

202202531/1/R4

Bij besluit van 22 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leusden het handhavingsverzoek van [appellant] afgewezen. Op 25 januari 2021 heeft [appellant] het college verzocht handhavend op te treden tegen het openen van een nieuwe camping op het perceel B 765 en de daarmee samenhangende voorbereidingsactiviteiten. Het college heeft het verzoek bij besluit van 22 februari 2021 afgewezen, omdat de voor het perceel geldende bestemming een camping toestaat en geen activiteiten plaatsvinden die in strijd zijn met overige wet- en regelgeving. Het college heeft het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar bij besluit van 25 mei 2021 deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond verklaard. De rechtbank heeft in de uitspraak van 9 maart 2022 het beroep van [appellant] ongegrond verklaard. [appellant] kan zich niet in deze uitspraak vinden en heeft daarom hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3081
Datum uitspraak
26 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202202531/1/R4

202106685/1/V2

Bij besluit van 17 september 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3064
Datum uitspraak
25 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106685/1/V2

202200961/1/V2

Bij besluit van 10 december 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3063
Datum uitspraak
25 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202200961/1/V2

202200975/1/V2

Bij besluiten van 10 december 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en tegen hen een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3062
Datum uitspraak
25 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202200975/1/V2

202202547/1/V2

Bij besluit van 23 november 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3061
Datum uitspraak
25 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202202547/1/V2

202100639/2/A2

[appellanten] hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Midden­-Nederland van 15 december 2020 in zaak nr. 19/1835. Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht heeft de vertrouwelijke versies van een aantal gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3070
Datum uitspraak
25 oktober 2022
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202100639/2/A2

202101459/1/R2

Bij uitspraak van 13 september 2018 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak het door MOB ingestelde hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank van 9 februari 2018 ongegrond verklaard. Bij brief van 3 maart 2021 heeft MOB om herziening van deze uitspraak gevraagd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3179
Datum uitspraak
25 oktober 2022
  • Herziening
  • Mondelinge uitspraak
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202101459/1/R2

202201773/2/R2

Bij besluit van 13 oktober 2020 heeft het college het verzoek van [wederpartij] e.a. tot handhaving met betrekking tot het gebruik van het perceel aan de Dalemsedijk te Duizel als hondensportterrein, afgewezen. Bij besluit van 25 april 2022, verzonden op 17 mei 2022, met kenmerk EER-2020-1312, heeft het college De Verdediger gelast overtredingen met betrekking tot het gebruik in ruime zin van het perceel aan de Dalmsedijk te Duizel te beëindigen en beëindigd te houden, onder oplegging van een dwangsom, en welk besluit door het college ook wordt beschouwd als een nieuwe beslissing op het door [wederpartij] en anderen gemaakte bezwaar en waarbij dat bezwaar alsnog gegrond is verklaard. Het verzoek van De Verdediger heeft de strekking om te voorkomen dat dwangsommen worden verbeurd voordat de Afdeling uitspraak heeft gedaan in de bodemprocedure.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3047
Datum uitspraak
24 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202201773/2/R2

202202648/1/V3

Bij besluit van 21 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3059
Datum uitspraak
24 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202202648/1/V3

202202943/1/V3

Bij besluit van 15 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen haar uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3058
Datum uitspraak
24 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202202943/1/V3

202205902/1/V3

Bij besluit van 16 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3049
Datum uitspraak
24 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202205902/1/V3

202206042/2/V2

Bij besluit van 13 april 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3060
Datum uitspraak
24 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206042/2/V2

202102844/1/V2

Bij besluit van 16 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3056
Datum uitspraak
21 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102844/1/V2

202104251/1/V1

Bij besluit van 23 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3055
Datum uitspraak
21 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202104251/1/V1

202105282/1/V3

Bij besluit van 17 juli 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3054
Datum uitspraak
21 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202105282/1/V3

202105678/1/V2

Bij besluit van 28 november 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3053
Datum uitspraak
21 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202105678/1/V2

202107133/1/V2

Bij besluit van 7 oktober 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3052
Datum uitspraak
21 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202107133/1/V2

202200625/1/V2

Bij besluit van 30 november 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3051
Datum uitspraak
21 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202200625/1/V2

202204838/1/V1

Bij besluit van 29 juni 2022 heeft het Centraal Orgaan opvang asielzoekers de vreemdeling overgeplaatst naar de Handhavings- en Toezichtlocatie te Hoogeveen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3050
Datum uitspraak
21 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202204838/1/V1

202105698/2/A3

[appellant] en de vennootschap hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 28 juli 2021 in zaak nr. 21/3175 en 21/3176. De burgemeester van Nijmegen heeft een gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3048
Datum uitspraak
21 oktober 2022
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202105698/2/A3

202005228/1/V3

Bij besluit van 10 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en hem opgedragen Nederland binnen vier weken te verlaten (dit laatste hierna: het terugkeerbesluit).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2993
Datum uitspraak
20 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202005228/1/V3

202100436/1/V2

Bij besluit van 16 juni 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3045
Datum uitspraak
20 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202100436/1/V2

202106141/1/V1

Bij besluiten van 9 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2995
Datum uitspraak
20 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202106141/1/V1

202107439/1/V2

Bij besluit van 21 maart 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3044
Datum uitspraak
20 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202107439/1/V2

202205588/1/V3

Bij besluit van 16 mei 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3043
Datum uitspraak
20 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205588/1/V3

202205594/1/V3

Bij besluit van 25 augustus 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3042
Datum uitspraak
20 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205594/1/V3

202205617/3/V3

Bij besluit van 12 augustus 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3041
Datum uitspraak
20 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205617/3/V3

202205839/1/V1

Bij besluit van 6 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3040
Datum uitspraak
20 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205839/1/V1

202205928/2/V2

Bij besluit van 16 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3038
Datum uitspraak
20 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205928/2/V2

202104923/1/V2

Bij besluit van 17 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2994
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104923/1/V2

202106645/1/V2

Bij besluit van 7 september 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2996
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202106645/1/V2

202203203/1/V2

Bij besluit van 14 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2997
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202203203/1/V2

202203250/2/R2

Het verzoek richt zich tegen de uitspraak van 10 mei 2022 van de rechtbank Limburg in zaak nummer 21/726. Bij deze uitspraak heeft de rechtbank het beroep van [verzoeker] tegen het besluit van 22 februari 2021, waarbij een bij besluit van 8 september 2020 aan de VVE verleende omgevingsvergunning voor de activiteit kappen is gehandhaafd, ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2989
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Mondelinge uitspraak
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202203250/2/R2

202205900/2/V2

Bij besluit van 11 november 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3039
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205900/2/V2

202205987/2/V3

Bij besluit van 6 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3037
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205987/2/V3

202205998/2/V3

Bij besluit van 9 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3036
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205998/2/V3

202001005/1/R1

Bij besluit van 16 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere de op 19 juli 2017 ingediende aanvraag voor de bouw en het gebruik van een kantoorunit voor de duur van maximaal 10 jaar op het perceel de [locatie] te Veere buiten behandeling gesteld. [appellant] en agraforce 2 zijn eigenaresse respectievelijk gebruikster van de locatie. De locatie wordt gebruikt voor diverse doeleinden, waaronder de exploitatie van de minicamping De Heksenketel. Op 19 juli 2017 heeft Contek Serooskerke B.V. namens [appellant] en agraforce 2 een aanvraag om tijdelijke omgevingsvergunning ingediend met betrekking tot de locatie. Het gaat in dit geval om het legaliseren van een bestaand gebouw ten behoeve van een kantoorruimte en een receptie voor de minicamping. Bij brief van 4 augustus 2017 heeft het college gesteld dat de aanvraag niet compleet is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3022
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202001005/1/R1

202001006/1/R1

Bij besluit van 16 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere de op 19 juli 2017 ingediende aanvraag voor de bouw en het gebruik van vier tijdelijke stalcontainers met een capaciteit van 11 stallen voor de duur van maximaal 10 jaar op het perceel de [locatie] te Veere buiten behandeling gesteld. [appellant] en agraforce 3 zijn eigenaresse respectievelijk gebruikster van de locatie. De locatie wordt gebruikt voor diverse doeleinden, waaronder de exploitatie van de minicamping De Heksenketel. Op 19 juli 2017 heeft Contek Serooskerke B.V. namens [appellant] en agraforce 3 onder meer een aanvraag om tijdelijke omgevingsvergunning ingediend voor het realiseren van vier tijdelijke stalcontainers met een capaciteit van 11 stallen met betrekking tot de locatie. Bij brief van 4 augustus 2017 heeft het college gesteld dat de aanvraag niet compleet is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3019
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202001006/1/R1

202001382/1/R1

Bij besluit van 16 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere de op 19 juli 2017 ingediende aanvraag voor het vergroten of vervangen van vier recreatiewoningen en van de Domburgse zomerwoning op het perceel de [locatie] te Veere buiten behandeling gesteld. [appellant] en agraforce 1 zijn eigenaresse respectievelijk gebruikster van de locatie. De locatie wordt gebruikt voor diverse doeleinden, waaronder de exploitatie van de minicamping De Heksenketel. Op 19 juli 2017 heeft Contek Serooskerke B.V. namens [appellant] en agraforce 1 onder meer een aanvraag om omgevingsvergunning ingediend voor het vergroten of vervangen van vier op de locatie aanwezige recreatiewoningen en van de Domburgse zomerwoning. Bij brief van 4 augustus 2017 heeft het college gesteld dat de aanvraag niet compleet is. Het college heeft de beslistermijn opgeschort en heeft een termijn van zes weken gesteld voor het aanvullen van de aanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3017
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202001382/1/R1

202001421/1/A2

Bij besluit van 16 september 2019 heeft de minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs; hierna: de minister aan SIO een aanwijzing op grond van de Wet op het voortgezet onderwijs gegeven. SIO is het bevoegd gezag van het Cornelius Haga Lyceum, een islamitische school voor voortgezet onderwijs in Amsterdam voor vmbo-gt (mavo), havo en vwo. De school is in het schooljaar 2017/2018 gestart met ruim 40 leerlingen in leerjaar 1 en had in het schooljaar 2018/2019, het jaar waarin de besluitvorming plaatsvond, ruim 170 leerlingen in de leerjaren 1 en 2. Ten tijde van de aanwijzing werd het dagelijks bestuur gevoerd door [directeur-bestuurder], die tevens schoolleider was. Hij werd bijgestaan door een beleidsmedewerker, zijn broer [broer]. Het algemeen bestuur van SIO werd ten tijde van de aanwijzing gevormd door [voorzitter] en [secretaris-penningmeester]. Het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur vormden samen het bestuur van SIO.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3014
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak202001421/1/A2

202001437/1/R1

Bij besluit van 16 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere de op 19 juli 2017 ingediende aanvraag voor het legaliseren van een huifbedopstapstation op het perceel de [locatie] te Veere buiten behandeling gesteld. [appellant] en andere zijn eigenaresse dan wel gebruiksters van de locatie. De locatie wordt gebruikt voor diverse doeleinden, waaronder de exploitatie van de minicamping De Heksenketel. Op 19 juli 2017 heeft Contek Serooskerke B.V. namens [appellant] en andere een aanvraag om omgevingsvergunning ingediend met betrekking tot de locatie. Het gaat in dit geval om het legaliseren van een bestaand huifbedopstapstation. Bij brief van 4 augustus 2017 heeft het college gesteld dat de aanvraag niet compleet is. Het college heeft de beslistermijn opgeschort en heeft een termijn van zes weken gesteld voor het aanvullen van de aanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3016
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202001437/1/R1

202001439/1/R1

Bij besluit van 16 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere de op 19 juli 2017 ingediende aanvraag voor de bouw van een sanitairgebouw ten behoeve van het kleinschalige kampeerterrein op het perceel de [locatie] te Veere buiten behandeling gesteld. [appellant] en andere zijn eigenaresse dan wel gebruiksters van de locatie. De locatie wordt gebruikt voor diverse doeleinden, waaronder de exploitatie van de minicamping De Heksenketel. Op 19 juli 2017 heeft Contek Serooskerke B.V. namens [appellant] en andere een aanvraag om omgevingsvergunning ingediend voor de bouw van een sanitairgebouw ten behoeve van de minicamping. Bij brief van 4 augustus 2017 heeft het college gesteld dat de aanvraag niet compleet is. Het college heeft de beslistermijn opgeschort en heeft een termijn van zes weken gesteld voor het aanvullen van de aanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3015
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202001439/1/R1

202003858/3/R1

Bij tussenuitspraak van 12 mei 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1021, heeft de Afdeling de raad opgedragen om binnen 26 weken na de verzending daarvan met inachtneming van wat in die uitspraak is overwogen de gebreken in het besluit van 25 mei 2020 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Landelijk gebied, Klutenpad 6 te Creil" te herstellen. In de tussenuitspraak heeft de Afdeling onder 6.1 overwogen dat het plan gedeeltelijk niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid en niet deugdelijk is gemotiveerd doordat een geluidonderzoek met een toetspunt op de erfgrens met het perceel van [appellante] ontbreekt. Daarnaast heeft de Afdeling onder 7.1 geoordeeld dat de raad ten onrechte niet heeft getoetst aan de maximale planologische mogelijkheden maar aan de productie van het betrokken bedrijf op het moment van het besluit. Ook op dit punt is het plan volgens de tussenuitspraak niet deugdelijk gemotiveerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2999
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Flevoland
  • uitspraakin de zaak202003858/3/R1

202006126/1/R1

Bij besluit van 27 november 2019 heeft het college afwijzend beslist op het verzoek van de Stichting InStrepitus om handhavend op te treden tegen het gebruik van rubbergranulaat als "infill-materiaal" voor het kunstgrasveld 3 op sportpark D’n Haaikant aan de Jac. van Vollenhovenstraat 304 te Tilburg, in gebruik bij voetbalvereniging ZIGO. Op de locatie is een sportcomplex gevestigd met diverse voetbalvelden. De gemeente Tilburg en het gemeentelijk Sportbedrijf Tilburg zijn eigenaar respectievelijk exploitant van dit sportcomplex. Voetbalvereniging ZIGO is gebruiker/huurder. In augustus en september 2018 werd kunstgrasveld 3, met gebruikmaking van rubbergranulaat als "infill-materiaal", op de locatie aangelegd door de gemeente. De stichting heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen het gebruik van rubbergranulaat. De stichting heeft aan haar verzoek ten grondslag gelegd dat rubbergranulaat een bodemverontreinigende stof is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2944
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202006126/1/R1
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202006126/1/R1

202006535/1/A3

Bij besluit van 11 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,00 op grond van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2016. [appellant] is eigenaar van en woont in de woning op het adres [locatie] in Amsterdam. De woning bestaat uit vijf woonlagen. Op 20 november 2017 en op 15 maart 2018 hebben toezichthouders de woning bezocht. Uit de rapporten van bevindingen van die bezoeken volgt dat een deel van de eerste woonlaag en de derde woonlaag wordt gebruikt voor toeristische verhuur. Deze delen bevatten geen keuken en geen afsluitbare deur. Het andere deel van de eerste woonlaag en de tweede woonlaag worden alleen door [appellant] gebruikt. De tweede woonlaag is afgesloten en wordt alleen gebruikt door [appellant]. Deze woonlaag heeft een badkamer, slaapkamer, keuken en een woon/eetkamer. De vierde en vijfde woonlaag worden permanent verhuurd. Direct na de voordeur is het trappenhuis.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3011
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Boete
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202006535/1/A3

202006607/1/A2

Bij besluit van 17 april 2020 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat een verzoek van [appellant] om schadevergoeding afgewezen. [appellant] is eigenaar van de woning aan de [locatie] te Enschede (hierna: de woning). Bij aanvraagformulier van 31 maart 2020, ontvangen door de minister op 14 april 2020, heeft hij een verzoek ingediend om vergoeding van schade die hij heeft geleden als gevolg van het Tracébesluit N18 Varsseveld - Enschede van 20 augustus 2013. In het Tracébesluit is voor het tracégedeelte van de N18 tussen Haaksbergen en Enschede voorzien in een aansluiting op de A35 in de nabijheid van de woning. Volgens [appellant] heeft dit geleid tot waardevermindering van de woning die voor vergoeding in aanmerking komt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3009
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202006607/1/A2

202100537/1/A2

Bij besluit van 28 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hilversum een aanvraag van de stichting voor een programmasubsidie cultuur voor activiteiten in het jaar 2019 afgewezen. De stichting organiseerde tot 2015 jaarlijks het filmfestival SCENECS in Amersfoort. In 2016 is de locatie van het filmfestival op uitnodiging van de gemeente Hilversum verplaatst naar die gemeente. Voor de jaren 2016, 2017 en 2018 is een cultuursubsidie aan de stichting verleend. In het besluit tot subsidieverlening van 26 februari 2018, dat ziet op het jaar 2018, is aan de stichting meegedeeld dat de gemeente Hilversum op korte termijn in gesprek gaat met de stichting over het ontwikkelperspectief van het filmfestival en een audit wil laten uitvoeren. In het voorjaar van 2018 is de audit uitgevoerd en een rapport uitgebracht. In het rapport van 27 augustus 2018 is kritiek geuit op de wijze waarop het filmfestival is georganiseerd en op de professionaliteit van het festival.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3006
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202100537/1/A2

202100668/1/A2

Bij besluit van 28 augustus 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Drenthe [appellante] een tegemoetkoming van € 930,00 toegekend in de door een wolf aangerichte schade aan haar schapenhouderij. [appellante] is exploitant van een schapenhouderij met ongeveer 2.500 schapen en lammeren. Op 25 maart 2018 heeft [appellante] wolvenschade geconstateerd. Zij heeft daarvan op dezelfde dag melding gedaan aan het college. Het geschil tussen partijen gaat over de hoogte van de tegemoetkoming in de schade. Niet in geschil is dat vier drachtige ooien op 25 maart 2018 zijn gedood door een wolf. Bij besluit van 28 augustus 2018, gelezen in samenhang met een taxatierapport van 26 april 2018, heeft het college [appellante] hiervoor een tegemoetkoming toegekend. [appellante] heeft zich in bezwaar op het standpunt gesteld dat het college ten onrechte niet tevens een tegemoetkoming heeft toegekend voor de vervolgschade.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3024
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202100668/1/A2

202100769/1/R4

Bij besluit van 15 december 2020 heeft de raad van de gemeente Beuningen het bestemmingsplan "Locatie Asdonck" gewijzigd vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van drie appartementencomplexen met 64 levensloopbestendige woningen en een (half-)verdiepte parkeergarage voor de bewoners, onder deze drie complexen. Daarnaast wordt er voorzien in een evenemententerrein, parkeren en openbaar groen. Het plangebied ligt aan de noordzijde van het centrum van Beuningen, ten noorden van het kernwinkelgebied en grenst aan de Van Heemstraweg en de Kloosterstraat. [appellante sub 1], [appellant sub 2] en [appellant sub 3A] en [appellant sub 3B] kunnen zich niet verenigen met het plan en hebben beroep ingesteld. Zij zijn allen in het bezit van gronden die deel uitmaken van het plangebied en/of gronden die direct grenzen aan het plangebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3023
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202100769/1/R4

202102354/1/A3

Bij besluit van 2 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bodegraven-Reeuwijk op verzoek van [appellant] diverse documenten al dan niet gedeeltelijk openbaar gemaakt. Op verzoek van het college heeft [appellant] zijn verzoek gepreciseerd. Naar aanleiding van een gesprek op 3 juli 2019 over de inhoud en reikwijdte van zijn verzoek heeft er nog een briefwisseling tussen [appellant] en het college plaatsgevonden waarin het verzoek van [appellant] verder is gepreciseerd. Het college heeft diverse documenten aangetroffen die onder de reikwijdte van het verzoek vallen en deze documenten, met inachtneming van artikel 10, tweede lid, aanhef en onder e en g, van de Wob, al dan niet gedeeltelijk openbaar gemaakt. Het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar heeft het college gedeeltelijk ongegrond verklaard. Het college heeft het besluit van 2 april 2019 onder aanvulling van de motivering echter gehandhaafd en het verzoek om een proceskostenveroordeling afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3027
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202102354/1/A3

202102608/1/A3

Bij besluit van 17 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bodegraven-Reeuwijk op verzoek van [appellant] een aantal documenten geheel en een aantal documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. Kort samengevat gaat het om informatie over de voorbereiding en afwikkeling van de beroepsprocedure die heeft geleid tot de uitspraak van de rechtbank van 8 december 2017, waaronder informatie over besluitvorming naar aanleiding van die uitspraak en nadien ingediende beroepschriften. Het college heeft diverse documenten aangetroffen die onder de reikwijdte van het verzoek vallen en deze documenten, met inachtneming van de artikelen 10 en 11 van de Wob, al dan niet gedeeltelijk, openbaar gemaakt. Dit besluit heeft het college in bezwaar gehandhaafd. De rechtbank heeft geoordeeld dat dat besluit op goede gronden berust en daarom in stand kan blijven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3029
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202102608/1/A3

202103007/1/A2

Bij besluit van 10 december 2019 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven een aanvraag van [appellant] om een uitkering uit het schadefonds geweldsmisdrijven afgewezen. [appellant] heeft op 29 juni 2019 een aanvraag ingediend voor een uitkering uit het schadefonds geweldsmisdrijven. [appellant] heeft in zijn aanvraag vermeld dat hij op 21 januari 2018 zwaar is mishandeld, ten gevolge waarvan hij ernstig lichamelijk en geestelijk letsel heeft opgelopen. Bij het besluit van 10 december 2019 heeft de CSG de aanvraag van [appellant] afgewezen. Daaraan heeft de CSG ten grondslag gelegd dat door [appellant] onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat hij op 21 januari 2018 het slachtoffer is geworden van een opzettelijk gepleegd geweldsmisdrijf als bedoeld in artikel 3, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wet schadefonds geweldsmisdrijven. Op dit standpunt is de CSG teruggekomen in het besluit op bezwaar van 24 april 2020.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3026
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202103007/1/A2

202103149/1/A2

Bij besluit van 6 augustus 2020 heeft de Examencommissie van de Beroepsopleiding Advocaten de door [appellant] afgelegde toets Jaarrekeninglezen als onvoldoende beoordeeld. De examencommissie heeft in het besluit van 15 september 2020 voor haar standpunt dat het bezwaar tegen het besluit van 6 augustus 2020 niet-ontvankelijk is, gewezen op de uitspraak van de Afdeling van 24 oktober 2018, ECLI:NL:RVS:2018:3428, onder 5 en 6. De rechtbank heeft geoordeeld dat de examencommissie het door [appellant] gemaakte bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard en heeft daarvoor gewezen op de uitspraken van de Afdeling van 1 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1138, en 24 oktober 2018. De rechtbank heeft in dat kader vastgesteld dat in het Examenreglement geen administratief beroep is opengesteld. Dat betekent volgens de rechtbank dat het besluit van 6 augustus 2020 een besluit is als bedoeld in artikel 8:4, derde lid, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3025
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak202103149/1/A2

202103231/1/R3

Bij besluit van 30 maart 2021 heeft de raad van de gemeente Barendrecht het bestemmingsplan "Parq Waal" vastgesteld. Het plan maakt het mogelijk om de voormalige bedrijfslocatie van GTI Mechanical Rotterdam B.V. te transformeren naar een woongebied aan de Waal. In totaal worden volgens artikel 7.2.1, aanhef en onder b, van de planregels in het plangebied maximaal 17 nieuwe wooneenheden mogelijk gemaakt. De woning aan de [locatie A] is met het plan wegbestemd. De locatie wordt, naast woongebieden met tuin, ingericht als openbaar wandelgebied. [appellant sub 1] en anderen en [appellant sub 2] wonen naast het plangebied. Zij kunnen zich niet verenigen met het plan. Zij vrezen met name dat de inrichting van de groenstrook naast de watergang als openbaar toegankelijk gebied en de aanleg van een brug tussen het plangebied en het "eiland" achter hun woningen zal leiden tot een aantasting van hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3033
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202103231/1/R3

202103312/1/A3

Bij vier afzonderlijke besluiten van 24 januari 2019 heeft de minister van Defensie verzoeken van [appellant] om gegevens, op grond van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017, deels toegewezen en voor een ander deel afgewezen. Bij afzonderlijke besluiten van 8 april 2019 heeft de minister van Defensie nog drie verzoeken om informatie gedeeltelijk toegewezen en voor een ander deel afgewezen. De minister heeft de verzoeken aangemerkt als verzoeken op grond van artikel 80 van de Wiv 2017. Voor zover de verzoeken zien op gegevens die voor de MIVD nog actueel zijn, heeft de minister die afgewezen. De minister heeft daarbij overwogen dat de MIVD zich niet kan uitlaten over de vraag of er gegevens zijn aangetroffen die zien op het actuele kennisniveau van de dienst. Wat betreft eventueel aanwezige niet-actuele gegevens heeft de minister voor een deel van de verzoeken documenten aangetroffen. Bij de besluiten van 24 januari 2019 en 8 april 2019 heeft hij die gedeeltelijk verstrekt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3028
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202103312/1/A3

202103387/1/R3

Bij besluit van 13 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hardenberg het wijzigingsplan "Wijziging bestemmingsplan Buitengebied Hardenberg, [locatie 1], Hoogenweg" vastgesteld. Het besluit voorziet in een wijziging van het bestemmingsplan "Buitengebied Hardenberg", vastgesteld op 12 december 2014 (hierna: het moederplan), naar aanleiding van een verzoek van [partij A] en [partij B], die een extra woning op het perceel [locatie 1] te Hoogenweg (hierna: het perceel) wensen te realiseren. In het kader van de Rood voor Rood-regeling wordt op het perceel een stal met een oppervlakte van 834 m² gesloopt, waarvoor in de plaats een woning met aanpandig bijgebouw wordt gerealiseerd. De omvang van de te slopen bebouwing is niet voldoende om aan de sloopnorm van 850 m2 voor de realisatie van een compensatiewoning te kunnen voldoen. Om aan de sloopnorm te kunnen voldoen is een tweede locatie betrokken bij het plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3030
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202103387/1/R3

202105360/1/R1

Bij besluit van 21 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tilburg afwijzend beslist op het verzoek van de Stichting InStrepitus om handhavend op te treden tegen het gebruik van rubbergranulaat als "infill-materiaal" op kunstgrasvelden van voetbalvereniging Sarto, de velden 2, 3 en 6, aan de Gilzerbaan 251a te Tilburg. Op de locatie is een sportcomplex gevestigd met diverse voetbalvelden. De gemeente Tilburg en het gemeentelijk Sportbedrijf Tilburg zijn eigenaar respectievelijk exploitant van dit sportcomplex. Op de locatie bevinden zich meerdere voetbalvelden uitgevoerd met kunstgrasveld en daarbij is gebruik gemaakt van rubbergranulaat als "infill-materiaal". De drie verzoeken van de stichting van 8 juli 2020 om handhaving hebben betrekking op het gebruik van rubbergranulaat als vulling op kunstgrasvelden. Volgens de stichting wordt met dit gebruik artikel 13 van de Wet bodembescherming overtreden,

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3012
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202105360/1/R1
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202105360/1/R1

202105361/1/R1

Bij besluit van 21 december 2020 heeft het college afwijzend beslist op het verzoek van de Stichting InStrepitus om handhavend op te treden tegen het gebruik van rubbergranulaat als "infill-materiaal" op het kunstgrasveld voor een zogenoemd Johan Cruijff Court op de locatie Vredeman de Vriesstraat - Kuiperstraat te Tilburg. Op de hoek van de Vredeman de Vriesstraat en de Kuiperstraat te Tilburg is in 2009 een kunstgrasveld voor een zogenoemd Johan Cruijff Court aangelegd. Daarbij is gebruikgemaakt van rubbergranulaat als "infill-materiaal". De gemeente Tilburg en de afdeling Ruimtelijke Uitvoering van de gemeente Tilburg zijn eigenaar respectievelijk exploitant van dit veld. Het verzoek van de stichting van 8 juli 2020 om handhaving heeft betrekking op het gebruik van rubbergranulaat als vulling op kunstgrasvelden. Volgens de stichting wordt met dit gebruik artikel 13 van de Wet bodembescherming overtreden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3013
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bodembescherming
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202105361/1/R1
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202105361/1/R1

202105898/1/A3

Bij besluit van 14 januari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant] drie bestuurlijke boetes opgelegd van in totaal € 61.500,00 op grond van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2016. [appellant] is eigenaar van de woningen op het adres [locatie 1], [locatie 2] en [locatie 3]. Op 16 april 2018 hebben toezichthouders deze woningen bezocht. Uit het rapport van bevindingen van dat bezoek blijkt dat in alle drie de woningen toeristen zijn aangetroffen die de woning via airbnb.com hadden gehuurd. Er waren geen aanwijzingen van permanente bewoning door een hoofdbewoner. Volgens het college zijn de woningen, doordat deze voor toeristenverhuur gebruikt werden, onttrokken aan de woonruimtevoorraad. Dit is in strijd met artikel 21, eerste lid, onder a, van de Huisvestingswet 2014. Op grond van artikel 4.2.2 van de Hvv heeft het college voor het onttrekken van de drie woningen aan [appellant] drie keer een boete opgelegd van € 20.500,00.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3008
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Boete
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202105898/1/A3

202106022/1/A2

Bij besluit van 31 januari 2018 heeft het dagelijks bestuur van het Waterschap De Dommel het verzoek van [appellante] om nadeelcompensatie afgewezen. [appellante] exploiteert een agrarisch bedrijf aan de [locatie] in Bergeijk. Haar bedrijf omvat ook een aantal andere percelen. In 2016 waren die percelen voor een deel in gebruik als grasland en deels werden er snijmais en bieten op verbouwd. Zware regenval op 1 en 2 juni 2016 heeft tot wateroverlast geleid waardoor een aantal watergangen (de KS41, KS42 en KS45) buiten hun oevers zijn getreden en zeven percelen van [appellante] zijn overstroomd. Het water heeft ongeveer een maand op haar percelen gestaan waardoor ernstige schade aan de gewassen is ontstaan. Volgens [appellante] bedraagt de schade € 100.869,27.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3018
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Geld
  • Waterschapszaken
  • uitspraakin de zaak202106022/1/A2

202106043/1/A2

Bij besluit van 11 juni 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer een aanvraag van [wederpartij] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [wederpartij] is sinds 23 mei 2002 eigenaar van de woning aan de [locatie] te Badhoevedorp (hierna: de woning). Bij brief van 19 september 2018 heeft hij bij het college een aanvraag ingediend om tegemoetkoming in planschade die hij in de vorm van waardevermindering van de woning heeft geleden door de inwerkingtreding van het bij raadsbesluit van 4 juli 2013 vastgestelde bestemmingsplan Badhoevedorp Lijnden-Oost. Ter toelichting van de aanvraag heeft hij aangevoerd dat dit bestemmingsplan het mogelijk heeft gemaakt om op het perceel aan de Meidoornweg 2 te Badhoevedorp (hierna: het plangebied), waar voorheen alleen een kantoor was toegestaan, een hotel te realiseren en dat hij hierdoor in een nadeliger planologische situatie is terechtgekomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3007
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202106043/1/A2

202106081/1/R4

Bij besluit van 15 juli 2021 heeft de raad van de gemeente Utrecht het bestemmingsplan "Merwedekanaalzone, deelgebied 6 Zeehaenkade e.o." vastgesteld. Voor deelgebied 6 van de Merwedekanaalzone is een actualiserend bestemmingsplan vastgesteld. Dit bestemmingsplan legt de huidige gebruikssituaties vast en beperkt daarmee de planologische ruimte voor enkele bedrijven. Ook voorkomt het bestemmingsplan dat de bestaande parkeergelegenheid in deelgebied 6 aangeboden kan gaan worden aan partijen van buiten het gebied, met name autobezitters uit deelgebied 5. De raad beoogt met het plan te voldoen aan de Omgevingswet. Tiaviant exploiteert als erfpachter op als "Kantoor" aangewezen gronden aan de Europalaan 100-500 808 parkeerplaatsen en ziet zich geconfronteerd met de beperking dat de parkeerplaatsen alleen mogen worden gebruikt, verhuurd of ter beschikking gesteld aan binnen deelgebied 6 van de Merwedekanaalzone gehuisveste functies en/of partijen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3021
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202106081/1/R4

202106380/1/R4

Op 26 januari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lochem het verzoek van [appellant A] en [appellant B] om het bestemmingsplan "[locatie 1] Epse" te wijzigen afgewezen. De raad van de gemeente Lochem heeft op 7 april 2020 het bestemmingsplan "[locatie 1] Epse" vastgesteld en daarbij het bouwwerk op dit perceel bestemd als "Recreatie - Recreatiewoning". Dit bestemmingsplan is een correctie op het bestemmingsplan "Buitengebied 2010" waarin het perceel als "Bos" was bestemd. Tegen het bestemmingsplan "[locatie 1] Epse" is geen beroep ingesteld. [appellant A] en [appellant B] hebben als bewoners van het perceel [locatie 2] de raad bij brief van 29 juli 2020 verzocht de bestemming terug te wijzigen in "Bos". Het college heeft het verzoek op 3 november 2020 afgewezen waartegen [appellant A] en [appellant B] bij brief van 7 december 2020 aan het college bezwaar hebben gemaakt met daarbij een herhaald verzoek om de bestemming terug te wijzigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3004
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202106380/1/R4

202106410/1/R1

Verzoek om herziening (artikel 8:119 van de Algemene wet bestuursrecht van de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) van 12 november 2014, ECLI:NL:RVS:2014:4074. [verzoeker] heeft de Afdeling verzocht om herziening van de uitspraak waarin onder meer het beroep tegen het rijksinpassingsplan "Hertogin Hedwigepolder" en de daarmee samenhangende uitvoeringsbesluiten ongegrond is verklaard. Die besluiten staan door die uitspraak in rechte vast. Het RIP, vastgesteld door de minister van Infrastructuur en Milieu als rechtsvoorganger van de minister voor Natuur en Stikstof, en de staatssecretaris van Economische Zaken, en de uitvoeringsbesluiten, vastgesteld door onder meer het college van gedeputeerde staten van Zeeland (hierna: de minister en anderen), voorzien in de realisatie van 295 hectare "estuariene natuur" in de Hertogin Hedwigepolder. [verzoeker] is voormalig eigenaar van de Hedwigepolder.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3003
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Herziening
  • Inpassingsplan
  • uitspraakin de zaak202106410/1/R1
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202106410/1/R1

202107016/1/A3

Bij besluiten van 4 maart 2019 en 15 mei 2019 heeft de korpschef van politie drie verzoeken van [appellant] om verwijdering van politiegegevens als bedoeld in artikel 28 van de Wet politiegegevens (hierna: Wpg) afgewezen. [appellant] heeft bij de korpschef een aantal verzoeken ingediend om verwijdering van politiegegevens uit mutatierapporten. Om te beginnen heeft hij op 3 maart 2019 verzocht om verwijdering van mutatierapporten met de kenmerken PL 1300-2015128884 en PL 1300-2015177670. In het eerste mutatierapport is vastgelegd dat de persoonsgegevens van [appellant] zijn verstrekt aan de Albert Heijn. Het tweede mutatierapport bevat verklaringen van derden en eigen waarnemingen van de verbalisant. Bij brief van 17 maart 2019 heeft [appellant] verzocht om verwijdering van mutatierapport met kenmerk PL 1300-2015080495 dat is opgesteld naar aanleiding van een aanhouding in verband met overtreding van artikel 72 van de Wet personenvervoer 2000.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3002
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202107016/1/A3

202107165/1/R1

Bij besluit van 26 april 2018 heeft het dagelijks bestuur van het Waterschap De Dommel aan de gemeente Geldrop-Mierlo een watervergunning verleend voor het afvoeren van hemelwater afkomstig van een toename van ongeveer 78.400 m² verhard oppervlak in de Hooidonksche Beek ter plaatse van het perceel, kadastraal bekend als gemeente Geldrop-Mierlo (MLO01), sectie L, nummer 1579. Het dagelijks bestuur heeft toegelicht dat het woongebied Luchen in Mierlo in verschillende fases wordt ontwikkeld. Het college van burgemeester en wethouders van Geldrop-Mierlo heeft op 23 augustus 2011 voor deelgebied fase 2 het uitwerkingsplan "Luchen fase 2" vastgesteld. Inmiddels geldt ter plaatse het bestemmingsplan "Groot Luchen". [appellant sub 1A] woont op het perceel [locatie A] te Mierlo en [appellant sub 1B] woont op het perceel [locatie B]. Deze percelen grenzen beide aan de Hooidonksche Beek. [appellant sub 2] woont op het perceel Medevoort 29 te Helmond en is eigenaar van gronden die ook grenzen aan de Hooidonksche Beek.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3020
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Waterschapszaken
  • uitspraakin de zaak202107165/1/R1

202107395/1/R1

Bij besluit van 21 februari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam geweigerd een omgevingsvergunning te verlenen voor het maken van een gesloten dakkapel, het plaatsen van dubbel (monumentaal) glas in de voor- en achtergevel, het wijzigen van een bestaand raam naar openslaande deuren en het plaatsen van een balkon over de gehele breedte op de tweede verdieping aan de achterzijde en het wijzigen van een bestaand raam naar openslaande deuren en het plaatsen van een zogenoemd Frans balkon op de derde verdieping aan de achterzijde van de woning aan de [locatie 1]. [appellant] woont in de bovenwoning aan de [locatie 1]. Het pand is aangewezen als gemeentelijk monument (orde 1) en maakt ook deel uit van een ensemble van verschillende panden. Op 15 september 2019 heeft [appellant] een aanvraag om een omgevingsvergunning ingediend voor het maken van een gesloten dakkapel, het plaatsen van dubbel (monumentaal) glas in de voor- en achtergevel, het wijzigen van een bestaand raam.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3032
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202107395/1/R1

202107462/1/R1

Bij besluit van 23 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam Nauticadam B.V., Nautic Jachthavens B.V., Nautic Holding B.V. en [partij] onder oplegging van een dwangsom van € 25.000,00 gelast vóór 5 augustus 2020 de steiger die is geplaatst achter het Hilton Hotel aan de Apollolaan 138 in Amsterdam geheel te verwijderen en verwijderd te houden. AHH is erfpachter van het perceel aan de Apollolaan waarop het Amsterdam Hilton Hotel ligt. HIN huurt van AHH het op het perceel gelegen hotelgebouw met bijbehorende tuin, de insteekhaven en een strook water direct naast de kade. Tussen HIN en Nautic Jachthavens B.V. is in februari 2009 een overeenkomst gesloten waarmee HIN aan Nautic Jachthavens B.V. de aan de hoteltuin grenzende insteekhaven heeft verhuurd. Op diezelfde datum is tussen HIN en Nautic Jachthavens B.V. een overeenkomst gesloten waarmee de aanwezigheid en het gebruik door Nautic Jachthavens B.V. van de steiger als ligplaats voor boten door HIN werd gedoogd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3010
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202107462/1/R1

202107505/1/R1

Bij besluit van 5 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sluis het wijzigingsplan "Sint Pietersdijk 10 Sint Kruis" vastgesteld. Het transportbedrijf B-MB d.o.o. is gevestigd op het adres Sint Pietersdijk 10 te Sint Kruis. De bedrijfsactiviteiten ter plaatse bestaan uit het stallen van hooguit tien vrachtwagens zonder koelinstallaties en het uitvoeren van reparaties en onderhoud aan deze vrachtwagens. Tot 1 maart 2019 was op het perceel een metaalbewerking- en staalgritbedrijf gevestigd. In het bestemmingsplan "Tweede herziening Buitengebied Sluis", vastgesteld door de raad van de gemeente Sluis op 28 mei 2015, was aan het perceel de bestemming "Bedrijf" toegekend met onder meer de functieaanduiding "specifieke vorm van bedrijf - metaalbewerking- en straalgritbedrijf".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3005
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zeeland
  • uitspraakin de zaak202107505/1/R1

202108203/1/A3

Bij besluit van 8 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Venray ambtshalve in de basisregistratie personen (hierna: brp) opgenomen dat [appellant] met ingang van 10 februari 2020 niet meer in Venray, maar in Marokko woont. In het kader van het project ‘Partner in het buitenland’ heeft de Sociale Verzekeringsbank onderzoek gedaan naar de feitelijke woonsituatie van [appellant]. Op basis van een huisbezoek en een gesprek met [appellant] is de SVB tot de conclusie gekomen dat [appellant] in Marokko woont sinds hij de pensioengerechtigde leeftijd op 3 oktober 2014 heeft bereikt. De SVB heeft daarom bij het college gemeld gerede twijfel te hebben over de juistheid van de woonplaats van [appellant] zoals vermeld in de brp. Naar aanleiding van de melding van de SVB heeft het college [appellant] op 9 december 2019 een brief gestuurd waarin hij in de gelegenheid is gesteld om binnen vijf werkdagen alsnog aangifte te doen van de wijziging van zijn adres.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3001
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202108203/1/A3

202200148/1/A2

Bij besluit van 23 april 2020 heeft de RDW naar aanleiding van een verzoek van [wederpartij] de tenaamstelling van het voertuig met kenteken [..-..-..] met ingang van die datum vervallen verklaard. [wederpartij] is vennoot van de [vennootschap onder firma] en werkzaam als taxichauffeur. Hij heeft op 21 april 2020 verzocht om de tenaamstelling van het voertuig, een taxi, met terugwerkende kracht vervallen te verklaren. Op 3 juli 2017 heeft [wederpartij] het voertuig bij een autobedrijf in Duitsland ingeruild voor een touringcar met kenteken [..-…-.]. Op 15 augustus 2017 heeft hij de touringcar laten keuren bij het RDW-keuringsstation Schiedam. De rechtbank heeft geoordeeld dat [wederpartij] aannemelijk heeft gemaakt dat hij op 15 augustus 2017 de papieren en kentekenplaten van het voertuig bij het keuringsstation heeft ingeleverd en dat de RDW zich onder die omstandigheid niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat zich hier geen uitzonderlijk geval voordoet.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3034
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202200148/1/A2

202200161/1/R1

Bij besluit van 21 december 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Midden-Delfland onder meer de locatie ter hoogte van [locatie] (locatie DX-8) in Den Hoorn aangewezen als clusterplaats voor minicontainers voor huishoudelijk afval. [appellant] woont aan [locatie] en kan zich niet verenigen met de aanwijzing van deze locatie voor zijn woning. Bij de keuze van een locatie voor een clusterplaats voor minicontainers moet het college een afweging maken van alle belangen die betrokken zijn bij de vaststelling van het locatieplan. Daarbij heeft het college beleidsruimte. De Afdeling beoordeelt, aan de hand van de beroepsgronden, of de nadelige gevolgen van de aanwijzing van de locatie niet onevenredig zijn in verhouding tot de met de aanwijzing te dienen doelen. Daarbij beoordeelt zij of het college de locatie geschikt heeft mogen achten voor de clustering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3035
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202200161/1/R1

202200347/1/R1

Bij besluit van 22 december 2021 heeft het dagelijks bestuur van de Regio Gooi en Vechtstreek de locatie aangeduid met de locatiecode WE5.2, aangewezen als afvalvoorziening voor de inzameling van huishoudelijke afval- en grondstoffen. Het algemeen bestuur van de Regio Gooi en Vechtstreek heeft op 7 april 2016 ingestemd met het aanpassen van de structuur van inzameling van afvalstoffen. Een onderdeel van die aanpassing is om bij laagbouw met beperkte ruimte, hoogbouw en in centrumgebieden afval- en grondstofstromen gescheiden in te zamelen met behulp van verzamelcontainers. In het bestreden besluit heeft het dagelijks bestuur de locatie WE5.2 tegenover Nieuwstraat 39 nabij de kruising met Het Grote Plein in Weesp aangewezen voor de plaatsing van vier containers voor de inzameling van huishoudelijke afval- en grondstoffen. Dit zijn drie ondergrondse afvalcontainers, waarvan twee voor restafval en één voor papier, en een bovengrondse container.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2998
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202200347/1/R1

202200609/1/A3

Bij besluit van 14 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tilburg ambtshalve in de basisregistratie Personen het gegeven van vertrek van [appellant] uit Nederland opgenomen. [appellant] stond in de brp ingeschreven op het adres [locatie] in Tilburg. Naar aanleiding van de inschrijving van een nieuw gezin bestaande uit vijf personen op dit adres is het college een onderzoek gestart naar de verblijfplaats van [appellant]. Op 2 april 2020 is de woning bezocht door twee toezichthouders. Zij hebben vastgesteld dat de woning vier slaapkamers heeft. Twee slaapkamers waren in gebruik als slaapkamer voor de ouders en grootouders, één kamer werd nog verbouwd tot slaapkamer voor het kind en één kamer was een rommelkamer. Van de verschillende kamers zijn foto’s gemaakt. Verder heeft de huurster tijdens het huisbezoek verklaard dat [appellant] niet in de woning woont.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3000
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202200609/1/A3

202200893/1/R2

Bij besluit van 14 december 2021 heeft de raad van de gemeente Helmond het bestemmingsplan "Molenbunders II" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de bouw van 12 vrijstaande woningen en een appartementencomplex met maximaal 24 appartementen en een ondergrondse parkeerkelder. Ook maakt het plan de aanleg van een nieuwe ontsluitingsweg en de aanleg van groenvoorzieningen rond de woningen en het appartementencomplex mogelijk. Het plangebied ligt ten noorden van de Europaweg in Helmond. De nieuwe woningen zijn gepland ten oosten van de Goorloop. Dit is een waterloop die onderdeel uitmaakt van de provinciale ecologische verbindingszone. [appellant] en anderen wonen in de omgeving van het plangebied. Zij kunnen zich niet met het plan verenigen. Zij vrezen voor een aantasting van hun woon- en leefklimaat. Volgens appellanten zijn de bij het plan betrokken belangen niet op een juiste manier afgewogen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3031
Datum uitspraak
19 oktober 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202200893/1/R2

202100675/1/V1

Bij besluit van 9 oktober 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd ingetrokken en de vreemdeling ongewenst verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2984
Datum uitspraak
18 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202100675/1/V1

202101796/1/V2

Bij besluit van 3 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2991
Datum uitspraak
18 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202101796/1/V2

202104291/1/V3

Bij besluit van 10 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2983
Datum uitspraak
18 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202104291/1/V3

202204461/2/R3

Bij besluit van 22 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Noordwijk het bestemmingsplan "Bronsgeest 2021" vastgesteld. Het plangebied is gelegen ten oosten van de woonwijk Noordwijk-Binnen en is een agrarisch gebied. Het plan bevat onder meer een nog uit te werken woonbestemming ten behoeve van de bouw van woningen op de zuidwestelijke zijde van het plangebied. Het plan voorziet daar met de bestemming "Woongebied - Uit te werken" in de bouw van maximaal 350 (zorg)woningen. De stichting en de werkgroep kunnen zich niet verenigen met de bestemming "Woongebied - Uit te werken". Zij hebben verzocht om schorsing van dit plandeel om te voorkomen dat kan worden aangevangen met voorbereidende werkzaamheden, waaronder het bouwrijp maken van de gronden, en het bouwen van de woningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2987
Datum uitspraak
18 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202204461/2/R3

202204542/2/R3

Bij besluit van 17 mei 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Barendrecht het wijzigingsplan "Natuurgoed Ziedewij" vastgesteld. Het wijzigingsplan ziet op de realisatie van Natuurgoed Ziedewij. Aan de gronden van het plangebied is grotendeels de bestemming "Recreatie - Natuur" toegekend. Op deze gronden zijn onder meer extensieve dagrecreatie, verblijfsrecreatie voor ten hoogste 50 personen, een werkhof, een recreatiehof en een parkeerterrein toegestaan op grond van artikel 3.1, aanhef en onder b, c, d, e en f van de planregels. [verzoeker] en anderen wonen aan [7 locaties] te Barendrecht. Zij verwachten dat de beoogde ontwikkeling van het plangebied grote negatieve gevolgen zal hebben voor hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2986
Datum uitspraak
18 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202204542/2/R3

202205212/2/R3

Bij besluit van 11 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag aan BRECOD Den Haag Maanplein II B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een woontoren op het perceel aan het Maanplein 110 te Den Haag en het uitbreiden van de parkeergarage aan het Maanplein 128 t/m 133. Op 28 juli 2020 heeft BRECOD een omgevingsvergunning aangevraagd voor het realiseren van een woontoren met hierin 183 woningen, 300 m² detailhandel, 299 m² maatschappelijke dienstverlening en een parkeergarage op het perceel aan het Maanplein 110 te Den Haag. De aanvraag ziet ook op het uitbreiden van de parkeergarage aan het Maanplein 128 t/m 133. Het verzoek richt zich op de vergunning voor de activiteiten op het perceel Maanplein 110. Het college heeft een omgevingsvergunning verleend voor de activiteiten "bouwen" en "handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening". [verzoeker] woont aan de [locatie] te Voorburg.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2992
Datum uitspraak
18 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202205212/2/R3

202205891/1/V3 en 202205891/2/V3

Bij besluit van 6 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2990
Datum uitspraak
18 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205891/1/V3 en 202205891/2/V3

202006256/1/V2

Bij besluit van 17 april 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2974
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202006256/1/V2

202102220/1/V2

Bij besluit van 9 november 2020, aangevuld op 22 december 2020, heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2975
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102220/1/V2

202104995/1/V2

Bij besluit van 1 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard en een verzoek van de vreemdeling om heroverweging van het eerdere besluit van 8 maart 2018, waarbij de staatssecretaris geweigerd heeft hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2976
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104995/1/V2

202105587/1/V2

Bij besluit van 7 september 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2977
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202105587/1/V2

202106492/1/V2

Bij besluit van 2 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd ingetrokken, hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en tegen hem een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2978
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202106492/1/V2

202202894/1/V3

Bij besluit van 28 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2979
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202202894/1/V3

202203014/3/R1

Bij besluit van 5 mei 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen (NH) aan Bot Bouw Initiatief B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van het slopen van bestaande bebouwing en het realiseren van nieuwbouw met 20 woningen, detailhandel met horeca en een ondergrondse parkeergarage met 46 parkeerplekken op het Plein (sectie C2309) in Bergen. [verzoeker] verzet zich tegen de voorziene ontwikkeling die met de verleende omgevingsvergunningen mogelijk wordt gemaakt. [verzoeker A] en [verzoeker B] zijn gezamenlijk eigenaar van de panden op de naast het projectgebied gelegen percelen [locatie A] en [locatie B]. Hun zoon, [verzoeker C], is exploitant van het restaurant [naam restaurant] dat is gevestigd aan de [locatie A]. [verzoeker] verzoekt om schorsing van de twee verleende afwijkingsvergunningen totdat de Afdeling uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2973
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202203014/3/R1

202203758/1/V2

Bij besluit van 10 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2968
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202203758/1/V2

202205409/2/V3

Bij besluit van 1 augustus 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2965
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205409/2/V3

202205552/1/V2 en 202205552/2/V2

Bij besluit van 4 maart 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2980
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205552/1/V2 en 202205552/2/V2

202205666/1/V3

Bij besluit van 1 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2963
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202205666/1/V3

202205816/1/V3

Bij besluit van 9 juni 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2981
Datum uitspraak
17 oktober 2022
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202205816/1/V3
vorige pagina1...183184185...1.241volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon