Hogere verkeersboetes ondanks kritisch advies

Een onderwerp dat eind 2023 de nodige reacties opriep, was de verhoging van de verkeersboetes met 10 procent. Er was veel kritiek, ook de Afdeling advisering kwam in november 2023 met bezwaren. Toch is de verhoging inmiddels ingevoerd.

Hogere verkeersboetes? Daar zijn weggebruikers niet blij mee, maar de Afdeling advisering ook niet. Het ontwerpbesluit van de regering, waarin de hogere boetes werden aangekondigd, werd dan ook door haar in november 2023 voorzien van kritische opmerkingen. Deze bezwaren zouden eerst moeten worden weggenomen voordat de regering de verkeersboetes zou kunnen verhogen.

Het ontwerpbesluit over de jaarlijkse indexering van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften, is een zogeheten algemene maatregel van bestuur (amvb). Dat is een besluit van de regering waarin regels uit een wet verder worden uitgewerkt en dat in principe kan worden vastgesteld zonder medewerking van het parlement. Wel moeten amvb’s eerst voor advies worden voorgelegd aan de Afdeling advisering.

Met dit besluit wilde de regering verkeersboetes in één klap met 10 procent verhogen. Een deel daarvan (5,7 procent) is de jaarlijkse indexering, de rest (4,3 procent) is bedoeld om gaten in de begroting te dekken. Verkeersovertreders kunnen daaraan bijdragen, is de redenering van de regering.

Noodzaak en proportionaliteit

Maar de Afdeling advisering was kritisch. Een verhoging van verkeersboetes die verder gaat dan indexeren, moet goed worden uitgelegd. Maar de regering ging niet in op de noodzaak en proportionaliteit van de tariefsverhoging van verkeersboetes, stelt de Afdeling advisering. De regering spreekt van ‘beleidsmatige verhoging van de boetetarieven’ als een van de ‘belangrijkste onderdelen van het maatregelenpakket voor de Rijksbrede dekkingsopgave’.

Dit vindt de Afdeling advisering ‘niet valide’. De hoogte van verkeersboetes moeten juist in een redelijke verhouding staan tot de aard en de ernst van de overtreding. Boetes moeten strafwaardig gedrag sanctioneren en de verkeersveiligheid vergroten. Het verhogen van de boetes moet met die aspecten te maken hebben, en niet met begrotingstekorten. De regering laat in haar ontwerpbesluit niet zien in hoeverre het voor het voorkomen of bestraffen van verkeersovertredingen noodzakelijk en proportioneel is om de boetes te verhogen. Ook zijn de boetes niet evenredig, stelt de Afdeling advisering: ze zijn eigenlijk al te hoog om die doelen te bereiken.

Disbalans

Er is nog een reden waarom de Afdeling advisering kritisch was over het besluit om de verkeersboetes voor lichte overtredingen te verhogen. Dit leidt immers tot een verdere ‘disbalans’ met boetes in het strafrecht. Verkeersboetes – die administratiefrechtelijk worden afgedaan – zijn harder gestegen dan de boetes die de officier van justitie eist als een verkeersovertreding bij de strafrechter belandt.

Deze nieuwste verhoging komt boven op de 8,6 procent stijging van de boetes die in maart 2023 al was ingevoerd en die gerelateerd was aan de consumentenprijsindex. Het College van procureurs-generaal – de bestuurlijke top van het Openbaar Ministerie – besloot al, mede gezien de uitzonderlijk hoge inflatie, met een lager percentage te indexeren. De strafrechtelijke boetetarieven zijn om die reden per 1 maart 2023 met 3 procent verhoogd. Dat alles heeft ertoe geleid dat zelfs lichte verkeersovertredingen in veel gevallen zwaarder worden bestraft dan de gewone (‘commune’) misdrijven zoals eenvoudige mishandeling.

Maatschappelijk draagvlak

Ook het College van procureurs-generaal stelde de minister eerder al voor om de indexering van verkeersboetes achterwege te laten om een nog grotere scheefgroei tussen administratieve en strafrechtelijke boetes tegen te gaan. Maar de regering besloot anders en lichtte nut en noodzaak niet verder toe.

Maar zo’n toelichting is echt noodzakelijk, vindt de Afdeling advisering, om te voorkomen dat de bestuursrechtelijke en strafrechtelijke sanctiestelsels nog verder uit elkaar gaan lopen. Dat zal negatieve gevolgen hebben voor het maatschappelijk draagvlak en leiden tot meer procedures bij de strafrechter, omdat burgers die zijn bekeurd vinden dat de boete in geen verhouding staat tot de overtreding.

Acht miljoen

Ook het Openbaar Ministerie vond dat de boetes voor veelvoorkomende verkeersovertredingen (te hard rijden, autorijden met de telefoon in de hand, geen voorrang verlenen, door rood rijden, het niet dragen van een autogordel, bumperkleven) te hoog zijn geworden. Jaarlijks worden zo’n acht miljoen van dit soort boetes uitgedeeld, wat de schatkist € 800 miljoen oplevert.

Staatskas

De verhoging van de verkeersboetes werd al in de Voorjaarsnota van 2023 aangekondigd, maar de media duiken er echt op als de Afdeling advisering in november 2023 met haar advies komt. Nu.nl gaat bijvoorbeeld in op het feit dat hogere boetes zullen leiden tot meer procedures bij de rechtbanken. Maar in het artikel wordt ook de minister aangehaald, die de verhoging verdedigt met het argument dat ‘anders moet worden bezuinigd op de politie of het OM’.
Ook de dagbladjournalistiek behandelt dit onderwerp. NRC wijdt er in februari 2024 een lange analyse aan. Trouw gaat in op de disbalans die dreigt te ontstaan: enkelvoudige mishandeling kan rekenen op een boete van maximaal € 400. Maar wie zijn auto ten onrechte neerzet op een invalidenparkeerplaats, krijgt – na de voorgestelde verhoging – voortaan een boete van € 440. De krant verwijst ook naar het rapport Boetestelsels in balans (mei 2023) van het OM (‘verhogingen van verkeersboetes zijn excessief’), een rapport waar de minister om had gevraagd maar in het ontwerpbesluit geen aandacht krijgt.

De minister van Justitie en Veiligheid noemde in september 2023 de hoge boetes ‘niet ideaal’. Inmiddels zijn de nieuwe boetetarieven wel ingevoerd, op 1 maart 2024. Zonder nadere toelichting of onderbouwing waar de Afdeling advisering wel op had aangedrongen.

Advies van 15 november 2023: W16.23.00312.