Tom van Ernst

Wetgevingsadviseur bij de directie Advisering

"Na de mavo deed ik de opleidingen mbo juridisch medewerker, HBO-rechten en vervolgens rechtsgeleerdheid aan de Radboud Universiteit, richting staats- en bestuursrecht. Tijdens mijn laatste studie liep ik stage bij de Raad van State, na mijn afstuderen heb ik een jaar gewerkt bij de Inspectie van het Onderwijs, maar ben teruggekeerd naar de Raad. Sinds twee jaar ben ik wetgevingsadviseur bij de directie Advisering.

Op de maandagen lees ik me doorgaans in voor het kennisoverleg op dinsdag en het sectieoverleg van de Afdeling advisering op woensdag. Daar nemen we de conceptadviezen door. Die worden doorgaans geschreven door twee adviseurs en twee staatsraden. De Afdeling advisering bestaat uit vier secties. Ik zit in de sectie die zich bezighoudt met adviesaanvragen van de ministeries van BZK, OCW en Algemene Zaken.

Het beoordelingskader moet zijn schaduw vooruitwerpen.

Bij de advisering over wetsvoorstellen maken we gebruik van een beoordelingskader. Dat bestaat uit een beleidsanalyse, een constitutionele en juridische analyse, een uitvoeringsanalyse en een analyse van de gevolgen voor de rechtspraktijk. Daarbinnen hebben we de afgelopen tijd forse stappen gezet. Zo letten we meer op de samenhang tussen beleid, wetgeving en vooral uitvoering. In de politiek is er hernieuwde aandacht voor het toetsen van wetten aan de Grondwet. Rechters mogen dat niet maar de Raad van State doet dat als wetgevingsadviseur van oudsher. Die toets maken we in onze adviezen meer expliciet, meer zichtbaar.

We zijn nu bezig dit nieuwe beoordelingskader ‘aan de man’ te brengen. We geven presentaties en lezingen, bijvoorbeeld bij ministeries, uitvoeringsorganisaties en de Academie voor Wetgeving. De Afdeling advisering wordt wel eens gezien als black box: buitenstaanders vinden het soms moeilijk te voorspellen wat ons wetgevingsadvies zal zijn. Dat wordt met het vernieuwde beoordelingskader duidelijker.

Om kwalitatief goede wetten te schrijven is het belangrijk dat er nauwe samenwerking bestaat tussen uitvoeringsorganisaties die ermee uit de voeten moeten kunnen, beleidsafdelingen die de inhoudelijke basis moeten vormgeven en de wetgevingsafdeling van een departement die dat moet vertalen in een wetsvoorstel. Wij willen beter laten zien hoe we naar een wetsvoorstel kijken, zodat beleidsmakers en wetgevingsjuristen daar al tijdens de ontwerpfase rekening mee kunnen houden. Het beoordelingskader moet als het ware zijn schaduw vooruitwerpen naar wetsvoorstellen die uiteindelijk langs de Afdeling advisering gaan. Daardoor worden het wetgevingsproces en de afwegingen van de wetgever van betere kwaliteit."