Burgemeester mocht woning na vondst explosieven niet sluiten

Na de vondst van explosieven in een kelderbox sluit de burgemeester van Amsterdam het bijbehorende appartement. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de burgemeester hiertoe niet bevoegd was.

Als de burgemeester van Amsterdam in de zomer van 2019 een rapportage krijgt van de politie, weet zij wel wat te doen. In de kelderbox van een appartement zijn materialen gevonden waarmee een zogenoemde pizzaschuif kan worden gemaakt, een explosief dat wordt gebruikt bij een plofkraak. Ook zijn er bivakmutsen, een breekijzer en grote tassen aangetroffen. Deze waren eigendom van de (meerderjarige) zoon des huizes, die eerder was aangehouden omdat hij betrokken was bij een plofkraak in Aken. Omdat de politie drie jaar eerder ook al zulke materialen in de kelderbox had gevonden, hoefde de burgemeester niet lang te aarzelen: het appartement moest drie maanden dicht. Al die spullen in de kelderbox vormen een ernstige verstoring van de openbare orde en veiligheid van de omwonenden, redeneerde de burgemeester. Vanwege het explosiegevaar werd op de dag van het politieonderzoek een aantal appartementen tijdelijk ontruimd. De politie heeft die dag alle spullen uit de kelderbox meegenomen. De moeder, die dit appartement huurt, vecht de woningsluiting aan bij de rechtbank Amsterdam, maar verliest haar zaak. Vervolgens stelt zij hoger beroep in. De Afdeling bestuursrechtspraak moest beoordelen of de burgemeester de woning mocht sluiten. En het antwoord luidt: nee.

Langdurige overlast

Een burgemeester heeft wel degelijk de bevoegdheid woningen te sluiten. Dit kan op grond van artikel 174a van de Gemeentewet. Woningsluiting is toegestaan als zich door gedragingen in de woning ernstige overlast voordoet rond de woning waardoor de openbare orde wordt verstoord. In eerdere uitspraken heeft de Afdeling bestuursrechtspraak al uitgelegd wanneer de burgemeester dit artikel kan inzetten. Het moet dan in ieder geval gaan om ‘langdurige overlast’ die zich ‘met grote regelmaat’ voordoet en die ‘maatschappelijk onaanvaardbare vormen’ heeft aangenomen. Denk daarbij aan drugsoverlast. Ook moeten de veiligheid en de gezondheid van mensen in de directe omgeving van de woning ernstig worden bedreigd.

Geen wettelijke grondslag

Plofkraken zijn ernstige strafbare feiten die veel maatschappelijke impact hebben. De Afdeling bestuursrechtspraak begrijpt daarom wel dat de burgemeester met de woningsluiting een signaal wilde afgeven: niemand wil explosief materiaal in de kelderbox bij de buren. Maar de burgemeester is wel gebonden aan de Gemeentewet. En hoewel de rechtbank de woningsluiting goedkeurde, ziet de Afdeling bestuursrechtspraak dit anders. Ondanks de handelingen en materialen in de kelderbox was de openbare orde in de omgeving van de woning niet verstoord. Er zijn geen meldingen gedaan over activiteiten of personen in de woning of in en bij de kelderbox. Dat er illegale explosieve materialen lagen is ernstig, maar dat vormt geen langdurige overlast, en bovendien waren die spullen snel verwijderd. Aan dit alles kon de burgemeester geen wettelijke grondslag ontlenen voor de woningsluiting.

Geen noodsituatie

Dat kon ook niet op basis van artikel 175 van de Gemeentewet. Dit artikel geeft de burgemeester de bevoegdheid een woning te sluiten bij een noodsituatie die een zeer ernstige inbreuk maakt op de openbare orde en veiligheid. Maar nu de explosieve materialen niet meer in de kelderbox lagen, kan niet worden gesproken van een noodsituatie. Bovendien zat de zoon op het moment van de sluiting in voorlopige hechtenis en kon hij geen nieuwe explosieven naar de kelderbox brengen. Er was dus geen acuut (levens)gevaar voor de bewoners van de omringende woningen. Opgeteld: er was geen wettelijke basis voor de woningsluiting, de Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt het besluit van de burgemeester, de moeder die de zaak had aangespannen krijgt dus alsnog gelijk.

Wetsvoorstel

Als de Afdeling bestuursrechtspraak deze uitspraak doet op 21 juni 2023, geldt nog de ‘oude’ Gemeentewet. Maar de Eerste Kamer behandelt op dat moment een wetsvoorstel om de bevoegdheden van de burgemeester bij een woningsluiting te verruimen. De Afdeling bestuursrechtspraak wijst daar al op in haar uitspraak, die is voorzien van een bijlage waarin de letterlijke tekst van de twee artikelen uit de Gemeentewet staan, maar kan er niet op vooruitlopen.

Niet lichtzinnig

De uitspraak wordt al dezelfde dag door de media opgepikt. Als eerste publiceert het Algemeen Nederlands Persbureau een bericht, acht minuten later gevolgd door Het Parool (en het AD, met hetzelfde artikel) en even later ook AT5. De helderheid van de uitspraak zal hebben bijgedragen aan die snelle nieuwsberichten. Het ANP gaat in op de overweging van de Afdeling bestuursrechtspraak die wel begrip had voor de behoefte van de burgemeester om op te treden na de vondst van de explosieven, maar benadrukt ook dat de burgemeester in deze situatie niet de juiste bevoegdheden had. Het ANP laat de Amsterdamse burgemeester zelf aan het woord: ‘De uitspraak laat zien dat het wijzigen van de wet van groot belang is. Er waren zwaarwegende redenen om tot sluiting over te gaan, zo’n besluit wordt niet lichtzinnig genomen.’

Tik op de vingers

Het Parool gaat in het artikel meer in op de gevolgen van de woningsluiting voor de moeder van de opgepakte man. Het huurcontract werd op basis van de sluiting door de verhuurder ontbonden. Verder noemt Het Parool de uitspraak ‘een tik op de vingers’ van de burgemeester, maar wijst ook op het signaal dat zij met de woningsluiting wilde afgeven. Die ‘tik op de vingers’ staat ook prominent in de kop boven het artikel dat AT5 op de eigen website plaatste. De nieuwszender vraagt zich af waarom de burgemeester niet eerst een waarschuwing gaf aan de bewoonster van het appartement maar direct overging tot woningsluiting. Dit kwam doordat er eerder al vergelijkbare materialen in de kelderbox waren gevonden.

Twee extra gronden

Inmiddels is de Gemeentewet gewijzigd. De Afdeling advisering van de Raad van State adviseerde er eerder al positief over. Burgemeesters hebben sinds 1 januari 2024 twee extra gronden om woningen te sluiten: op het moment dat de openbare orde rond de woning is verstoord doordat ernstig geweld (of bedreiging daarmee) in de woning of in de onmiddellijke nabijheid wordt gepleegd, of daar ernstige vrees voor bestaat. Ook kan de burgemeester een woning sluiten als daar een wapen wordt aangetroffen en daardoor de openbare orde rond de woning wordt verstoord, of daarvoor ernstige vrees bestaat.

Uitspraak van 21 juni 2023: ECLI:NL:RVS:2023:2402