Terugkoppeling aan de wetgever
De Afdeling bestuursrechtspraak spreekt zich in haar uitspraken in individuele zaken soms uit over knelpunten in regelgeving. Ook stuit de Afdeling bestuursrechtspraak in individuele zaken soms op gebreken in de wetgeving of onvoorziene gevolgen van die wetgeving. Als de Afdeling bestuursrechtspraak ervoor kiest om een knelpunt of een gebrek onder de aandacht van de wetgever te brengen, doet zij dat zoveel mogelijk expliciet onder een kopje ‘terugkoppeling aan de wetgever’. Zo wil zij in haar uitspraken bijdragen aan een transparante dialoog tussen de rechtspraak en wetgever.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft in 2025 in de volgende uitspraken een terugkoppeling aan de wetgever opgenomen.
Algemene kamer
Niet tijdig nemen van besluiten op bezwaar in zaken over de Wet hersteloperatie toeslagen
Op 26 maart 2025 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak gedaan in een zaak over de Wet hersteloperatie toeslagen (ECLI:NL:RVS:2025:1301). De Afdeling bestuursrechtspraak heeft in deze uitspraak vastgesteld binnen welke termijn de Dienst Toeslagen een besluit op bezwaar moet nemen na een gegrond beroep tegen het niet tijdig nemen van zo’n besluit op bezwaar en welke dwangsom de Dienst Toeslagen moet betalen als die termijn verstrijkt. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft in haar afweging die heeft geleid tot de door haar vastgestelde termijn onder meer betrokken dat de wetgever de onrealistische wettelijke termijn voor het nemen van een besluit op bezwaar niet heeft aangepast naar aanleiding van de oproep van de Afdeling bestuursrechtspraak van 23 augustus 2023 (ECLI:NL:RVS:2023:3209, onder overweging 28). De Afdeling bestuursrechtspraak heeft de wetgever opgeroepen om te komen tot een oplossing voor de grootschalige en structurele problematiek van uitblijvende besluitvorming.
Optreden tegen digitale oproep die kan leiden tot wanordelijkheden
Op 11 juni 2025 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak gedaan in een zaak over het optreden van de burgemeester van Utrecht om wanordelijkheden te voorkomen naar aanleiding van een digitale oproep (ECLI:NL:RVS:2025:2627). De Afdeling bestuursrechtspraak heeft geoordeeld dat de rechtbank terecht had overwogen dat er geen overtreding is van artikel 2:2, eerste lid, onder g, van de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010, omdat die bepaling niet geldt voor een digitale oproep. Die bepaling gaat over gedrag op een fysieke plaats in de openbare ruimte dat aanleiding geeft tot wanordelijkheden. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft erop gewezen dat als de burgemeester naar aanleiding van een digitale oproep de openbare orde wil beschermen, het aan de wetgever is om een op een digitale oproep toegesneden wettelijk voorschrift vast te stellen als grondslag voor dat optreden.
Omgevingskamer
Vergunningvrij bouwen van bijbehorende bouwwerken onder de Omgevingswet
Op 13 augustus 2025 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak gedaan over een bestemmingsplan waar twee bedrijfswoningen worden bestemd als burgerwoningen (ECLI:NL:RVS:2025:3859). De Afdeling bestuursrechtspraak heeft geoordeeld dat niet is uitgesloten dat het naastgelegen bedrijf door deze bestemming zal worden beperkt in zijn bedrijfsvoering. In de uitspraak staat dat ook onder de Omgevingswet niet uitgesloten is dat het bedrijf zal worden beperkt in zijn bedrijfsvoering door de mogelijkheid van vergunningvrij bouwen van bijbehorende bouwwerken, zoals een mantelzorgwoning. De wetgever heeft weliswaar beoogd die beperking weg te nemen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat het Bkl niet regelt wat de wetgever heeft beoogd te regelen. Als de wetgever die beperking wil opheffen, dan moet zij het Bkl aanpassen door bijvoorbeeld een soortgelijke bepaling op te nemen als staat in artikel 12.8 van het Bkl.
Vreemdelingenkamer
Onderzoek van mobiele telefoons
Op 22 januari 2025 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak gedaan in een zaak over het onderzoeken van mobiele telefoons van vreemdelingen die op dat moment in grensdetentie zaten (ECLI:NL:RVS:2025:132). De Afdeling bestuursrechtspraak heeft geoordeeld dat uit artikel 55, tweede lid, van de Vw 2000 geen wettelijke grondslag volgt voor de bevoegdheid om een mobiele telefoon te onderzoeken zonder toestemming van een vreemdeling. Onder verwijzing naar haar uitspraak van 3 april 2024 (ECLI:NL:RVS:2024:1387) heeft de Afdeling bestuursrechtspraak opgemerkt dat de wetgever zo’n grondslag desgewenst nader moet uitwerken.
Ophouding van betrokkene na strafrechtelijke detentie
Op 4 september 2025 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak gedaan over de grondslag die de minister heeft gebruikt om een betrokkene na strafrechtelijke detentie op te houden (ECLI:NL:RVS:2025:4255). De minister had betrokkene na zijn strafrechtelijke detentie opgehouden voor een verhoor om zijn identiteit en nationaliteit te onderzoeken. De rechtbank heeft volgens de Afdeling bestuursrechtspraak terecht geoordeeld dat de grondslag daarvoor staat in artikel 50, tweede lid, van de Vw 2000. De minister heeft betrokkene onjuist voorgelicht over die grondslag, omdat in het aan betrokkene uitgereikte M122formulier artikel 50, derde lid, en artikel 50a, eerste lid, van de Vw 2000 als grondslag staat. In het proces-verbaal staat wel een juiste grondslag. Daarom heeft de Afdeling bestuursrechtspraak de ophouding van betrokkene rechtmatig geacht. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft de minister wel ter overweging gegeven om paragraaf A5/6.12 van de Vreemdelingencirculaire 2000 en het M122formulier aan te passen, zodat mogelijk is om mee te delen dat de minister een betrokkene op grond van artikel 50, tweede lid, van de Vw 2000 zal ophouden na strafrechtelijke detentie.
