Een toekomst voor de toekomst
Er gebeurt al het nodige om de belangen van de toekomstige generaties een plek te geven in het hier en nu. Uit bovenstaande blijkt dat er de nodige inspanningen worden geleverd in de verschillende domeinen van de democratische rechtsstaat, op nationaal, Europees en internationaal niveau. Maar het is veelal nog ongelijkmatig, versnipperd en moeilijk te koppelen aan het reguliere overheidsbeleid. Veel initiatieven bevinden zich bovendien nog in een pril stadium en kennen nog een zekere vrijblijvendheid. Om intergenerationele rechtvaardigheid echt substantiële inhoud te geven, is meer nodig: structurele maatregelen die politiek, departementen en samenleving dwingen zich rekenschap te geven van het recht op de toekomst van volgende generaties en van de gevolgen van hun besluiten en beleid voor die toekomst. Overheidsbeleid zal meer en beter op de lange termijn moeten worden afgestemd. Daarbij kan worden geput uit diverse beleidsinitiatieven die al aan de orde kwamen, maar ook uit Europese en buitenlandse voorbeelden.
Institutionele innovaties
Het is een opdracht voor de democratische instituties om instrumenten voor de lange termijn te ontwikkelen en in de reguliere beleids- en besluitvorming te incorporeren. Innovaties zoals ‘ingeburgerde’ burgerberaden, een toekomstambassadeur in relevante beleidssectoren en een ombudsfunctie voor toekomstige generaties dragen bij aan gerichte aandacht voor jongeren en voor de generaties na hen. Toekomstige belangen en omstandigheden zijn niet altijd goed kenbaar; vormen van scenariodenken, waaronder future design, kunnen inzichtelijk maken welke mogelijke rechten en belangen in de toekomst op het spel staan.
Constitutionele borging
Het verdient aanbeveling om een grondige verkenning te verrichten naar de mogelijkheid en wenselijkheid van constitutionele verankering van de belangen van toekomstige generaties en de opdracht om intergenerationele rechtvaardigheid na te streven. Een grondwettelijke opdracht kan als toetssteen voor wet- en regelgeving en voor rechtspraak dienen, maar zal moeten worden afgewogen tegen de van oudsher terughoudende en sobere vormgeving van de Grondwet. Uit de in de Grondwet opgenomen sociale grondrechten kan indirect al een verplichting worden afgeleid tot inspanning voor toekomstige generaties op verschillende terreinen. Regering en parlement zouden zich hiervan meer rekenschap kunnen geven door expliciet in toelichtingen bij wetsvoorstellen deze sociale grondrechten te benoemen. Sociale grondrechten vormen veelal de basis voor de ontwikkeling van de sociale verzorgingsstaat. Wetgeving op het terrein van onder meer pensioenen, curatieve en langdurige zorg, jeugdzorg, en kindvoorzieningen laat zien hoe sociale grondrechten stimuleren tot een rechtvaardige verdeling van baten en lasten over de verschillende (toekomstige) generaties.61
Wetgeving en beleid
Materiële en procedurele normen en randvoorwaarden die in jurisprudentie over een gezonde leefomgeving zijn ontwikkeld, kunnen ook van meerwaarde zijn op andere beleidsterreinen waar een langetermijnaanpak nodig is. Het verdient aanbeveling om aan deze normen en voorwaarden aandacht te besteden in de Handreiking Constitutionele Toetsing.62Daarnaast is het wenselijk om aanhoudende zorg te besteden aan de bekendmaking en toepassing van bestaande instrumenten zoals de Leidraad Toekomstgericht Beleid, de generatiescan en de generatietoets. In de Staat van de Wetgeving kan over het gebruik hiervan worden gerapporteerd. In het kader van de totstandkoming van Europees beleid en regelgeving kunnen regering en parlement meer gebruikmaken van en verwijzen naar het instrument van de strategic foresight. Voor de toekomstgerichtheid van beleid en bestuur kan nog meer worden geput uit ervaring die onder meer in het ruimtelijk domein al is opgedaan met langjarige beleidsprogramma’s.
Bestuur en kennis
Meerjarige akkoorden met maatschappelijke sectoren kunnen structurele lijnen trekken naar de toekomst en verbeteringen realiseren op diverse maatschappelijke terreinen. Het verdient ook aanbeveling om in een tijd waarin politieke stabiliteit niet vanzelfsprekend is brede parlementaire akkoorden na te streven met afspraken voor de langere termijn op centrale thema’s die de sociale, ecologische en economische duurzaamheid van ons land kunnen veiligstellen voor volgende generaties. Inspiratie kan worden geput uit de vooroorlogse wetgevingsenquêtes die over de grenzen van regering en oppositie tot belangrijke wetgeving leidden. Om inzichtelijke en onderbouwde keuzes te maken voor duurzaam beleid dat met de belangen van volgende generaties rekening houdt, zijn sociaaleconomische structuuranalyses nodig, (economische, ecologische en demografische) middellange termijnverkenningen, net als grondig voorbereide toekomstvisies waarin een beeld wordt geschetst van de samenleving over ten minste vijfentwintig jaar, met een doorkijk naar ten minste vijftig jaar vooruit. Voor de ontwikkeling van toekomstgericht beleid mogen regering en parlement zich nog beter laten voeden door onderzoek dat kennisinstellingen en planbureaus doen naar langetermijnopgaven. De Afdeling advisering van de Raad van State kan in dit verband de toekomstgerichtheid meer betrekken bij haar beoordeling van voorgestelde wet- en regelgeving, bij gevraagde en spontane voorlichtingen. De Raad van State kan zijn kennisfunctie ten behoeve van een toekomstbestendige democratische rechtsstaat nader vormgeven, in nauwe samenwerking met de andere Hoge Colleges van Staat.
