Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 127.010
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202404363/2/V2

Bij besluit van 10 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3043
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404363/2/V2

202404368/2/V3

Bij besluit van 17 juni 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 11 juli 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3032
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404368/2/V3

BRS.24.000243

Bij besluit van 30 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2973
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000243

202100260/1/R4

Bij besluit van 6 juli 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant aan [appellante] een omgevingsvergunning verleend voor het veranderen van een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht op het perceel [locatie] in Maashees. De vergunning is verleend tot 1 januari 2023. [appellante] exploiteert op het perceel een graanhandel die zich bezig houdt met de op- en overslag van grondstoffen voor veevoeders. [appellante] beschikt over een kade aan de Maas waar schepen van leveranciers en afnemers kunnen worden aangemeerd. Het terrein van de inrichting ligt binnen een planologisch aangewezen geluidzone. In deze geluidzone liggen geen andere bedrijven. Buiten de zone mag de geluidbelasting van het bedrijf niet meer bedragen dan 50 dB(A). [partij] en anderen zijn woonachtig in de directe nabijheid van het perceel aan onderscheidenlijk de Monseigneur Geurtsstraat, de Raaijveldweg en de Kalverstraat. Zij stellen geluidoverlast te ondervinden van het in werking zijn van de inrichting.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3000
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak202100260/1/R4

202100288/4/A2

Bij besluit van 16 februari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Meierijstad een aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] is sinds 26 juni 1997 eigenaar van de woning aan de [locatie 1] te Veghel. Aan de eigenaar van het naast de woning gelegen perceel aan de [locatie 2] is een omgevingsvergunning verleend ten behoeve van het in afwijking van het bestemmingsplan gebruiken van één van de op het perceel aanwezige bedrijfsgebouwen voor de huisvesting van maximaal 24 arbeidsmigranten. Dit besluit is op 19 november 2016 in werking getreden. Bij brief van 24 maart 2017, bij de gemeente Meijerstad binnengekomen op 28 maart 2017, heeft [appellant] het college verzocht om een tegemoetkoming in planschade. Aan de aanvraag heeft hij ten grondslag gelegd dat de inwerkingtreding van de omgevingsvergunning heeft geleid tot waardevermindering van de woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3022
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202100288/4/A2

202104553/1/R2

Bij besluit van 21 april 2021 heeft de raad van de gemeente Rucphen het bestemmingsplan "Kom Zegge" vastgesteld. Het plangebied betreft de bebouwde kom van de kern Zegge. Het plan is een actualisatie van het vorige bestemmingsplan. [appellant] woont aan de [locatie] in Zegge en is eigenaar van het perceel kadastraal bekend gemeente Rucphen, sectie N, nummer 572 (hierna: het perceel). Het plan voorziet voor dit perceel in een woonbestemming zonder bouwvlakken. [appellant] is het niet eens met het plan, omdat het de door hem gewenste twee woningen niet mogelijk maakt. [appellant] betoogt dat in het plan ten onrechte geen bouwvlakken zijn toegekend aan zijn perceel. [appellant] voert hierover aan dat de raad onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de raad de bouw van de twee woningen niet ruimtelijk aanvaardbaar vindt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3015
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202104553/1/R2

202105170/1/R4

Op 28 juni 2019 is van rechtswege aan [appellant sub 2] een omgevingsvergunning verleend voor het in strijd met het bestemmingsplan permanent bewonen van de beheerderswoning op het perceel aan de [locatie A] in Nijmegen. Op 2 juli 2019 heeft het college deze vergunning gepubliceerd. [appellant sub 2] is eigenaar van het perceel. Op dit perceel staat een multifunctionele recreatieve voorziening, bestaande uit een gastenaccommodatie met bijbehorende ruimte voor trainingen en workshops, een camperplaats, twee standplaatsen voor tenten en een niet-permanent bewoonde beheerderswoning. [appellant sub 2] heeft een omgevingsvergunning voor gebruik in strijd met het bestemmingsplan als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wabo aangevraagd, omdat hij permanent in de beheerderswoning wil wonen. Omdat het college niet op tijd op de aanvraag heeft beslist, is de omgevingsvergunning van rechtswege verleend. Dit betekent dat de vergunning automatisch is verleend zonder dat het college hierover een besluit heeft genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2987
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202105170/1/R4

202105931/1/A3

Bij besluit van 18 februari 2020 heeft de minister van Buitenlandse Zaken de door [appellante] ingediende aanvraag om een Nederlands paspoort niet in behandeling genomen. [appellante] is op [geboortedatum] 1999 geboren in [plaats], Egypte. Zij heeft een Nederlands paspoort aangevraagd. De minister heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen, omdat niet kan worden geconcludeerd dat zij bij haar geboorte het Nederlanderschap heeft verkregen. De vader - naar Egyptisch recht - van [appellante] had bij haar geboorte de Nederlandse nationaliteit. Hij was toen echter niet alleen gehuwd met de moeder van [appellante], maar ook met een andere vrouw. Een bigaam huwelijk wordt in Nederland niet erkend, omdat een bigaam huwelijk in strijd is met de Nederlandse openbare orde. Het hoger beroep gaat over de vraag of [appellante] de Nederlandse nationaliteit heeft verkregen. De rechtbank heeft geoordeeld dat niet kan worden gezegd dat [appellante] op het moment van haar geboorte een vader met de Nederlandse nationaliteit had.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2988
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Paspoort
  • uitspraakin de zaak202105931/1/A3

202106251/1/R2

Bij besluit van 5 juni 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oisterwijk een verbeurde dwangsom ingevorderd ter hoogte van € 5.000,00. [appellant] is eigenaar van het perceel aan de [locatie] in Heukelom. Op dit perceel bevindt zich onder meer een woonboerderij, waarin hij een verzameling van attributen en curiosa heeft samengebracht om aan derden tentoon te stellen. [appellant] verzorgt rondleidingen in zijn als museum ingerichte huis tegen een vergoeding van € 15,00 per persoon. Bij besluit van 23 februari 2012 heeft het college aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd, omdat hij zijn woning in strijd met het bestemmingsplan heeft gebruikt of laten gebruiken voor horecadoeleinden. Op 24 maart 2019 is een controle uitgevoerd waarbij de toezichthouder heeft geconstateerd dat in het kader van de lustrumviering van Bridgeclub W.A.C. mensen in het pand aanwezig waren en dat eten en drinken werd geserveerd. Bridgeclub W.A.C. heeft € 750,00 betaald aan [appellant] voor het houden van de bijeenkomst in het pand.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3016
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106251/1/R2

202106253/1/R2

Bij besluit van 18 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oisterwijk een verbeurde dwangsom ingevorderd ter hoogte van € 5.000,00. [appellant] is eigenaar van het perceel aan de [locatie] in Heukelom. Op dit perceel bevindt zich onder meer een woonboerderij, waarin hij een verzameling van attributen en curiosa heeft samengebracht om aan derden tentoon te stellen. [appellant] verzorgt rondleidingen in zijn als museum ingerichte huis tegen een vergoeding van € 15,00 per persoon. Bij besluit van 23 februari 2012 heeft het college aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd, omdat hij zijn woning in strijd met het bestemmingsplan heeft gebruikt of laten gebruiken voor horecadoeleinden. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college de last niet onrechtmatig heeft opgelegd. In dit geval is de last onder dwangsom mede opgelegd om herhaling van de overtreding in de toekomst te voorkomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3017
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106253/1/R2

202106712/1/R4

Op 27 november 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oirschot de werkzaamheden bestaande uit het vellen en verwijderen van houtopstanden stilgelegd op percelen aan de [locatie A] in Middelbeers. Bij besluit van 29 november 2019 heeft het college zijn beslissing om op 27 november 2019 spoedeisende bestuursdwang toe te passen op schrift gesteld. Bij dat besluit is [appellant] onder oplegging van een dwangsom gelast om de werkzaamheden te staken. [appellant] was eigenaar van de percelen kadastraal bekend als E 2242, E 2470 en E 2571, gelegen aan de [locatie A] in Middelbeers. [appellant] heeft kapwerkzaamheden verricht op zijn percelen. De Werkgroep heeft deze activiteiten opgemerkt en het college verzocht handhavend op te treden. Dat heeft geleid tot de last onder dwangsom.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2881
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106712/1/R4

202106733/1/R4

Bij besluiten van 15 maart 2019 en 22 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oirschot aan [appellant] omgevingsvergunningen verleend voor het plaatsen van hekwerken op percelen aan de [locatie A] in Oost-, West-, en Middelbeers. [appellant] was eigenaar van de percelen kadastraal bekend als E 2242, E 2470 en E 2571, gelegen aan de [locatie A] in Middelbeers. Direct naast perceel E 2242 ligt het Natura 2000-gebied Kempenland West. De hekwerken hebben een hoogte van 2 m en een lengte van in totaal 869 m. De Werkgroep heeft bezwaar gemaakt tegen de vergunningen. Bij besluit van 16 oktober 2019 heeft het college de bezwaren van De Werkgroep gegrond verklaard, en de besluiten van 15 maart 2019 en 22 mei 2019 herroepen. Bij uitspraak van 14 september 2021 heeft de rechtbank het beroep van [appellant] ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2999
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202106733/1/R4

202106760/1/R4

Bij besluit van 7 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oirschot een door [appellant] gevraagde omgevingsvergunning voor het verleggen van een inrit/toegangsweg, het plaatsen van oriëntatieverlichting en het realiseren van een project nabij een Natura 2000 gebied op het perceel [locatie A] in Oost-, West-, en Middelbeers geweigerd. [appellant] was eigenaar van de percelen kadastraal bekend als E 2242, E 2470 en E 2571, gelegen aan de [locatie A] in Middelbeers. Direct naast perceel E 2242 ligt het Natura 2000-gebied Kempenland West. Op 11 februari 2019 heeft [appellant] een omgevingsvergunning aangevraagd voor het aanleggen van een inrit. Bij besluit van 7 mei 2020 heeft het college geweigerd de aangevraagde omgevingsvergunning te verlenen. Bij besluit van 3 maart 2021 heeft het college de omgevingsvergunning alsnog verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2998
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106760/1/R4

202106770/1/R4

Bij besluit, verzonden op 23 mei 2019, heeft het college van burgemeester en wethouders van Oirschot het verzoek om handhaving van De Werkgroep tegen het veranderen van de inrit en het kappen van bomen op percelen aan de [locatie A] in Middelbeers afgewezen. [appellant] was eigenaar van de percelen kadastraal bekend als E 2242, E 2470 en E 2571, gelegen aan de [locatie A] in Middelbeers. Direct naast perceel E 2242 ligt het Natura 2000-gebied Kempenland West. [appellant] heeft werken uitgevoerd op zijn gronden, waaronder de aanleg van een inrit en de kap van bomen. Hij had daarvoor geen vergunning. Het college heeft daar handhavend tegen opgetreden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2997
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106770/1/R4

202201541/1/A3

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Meierijstad de weg de [belanghebbende] aan de openbare weg onttrokken. De weg de [belanghebbende] is een erftoegangsweg in Veghel, die leidt naar de kavel van [appellante]. [appellante] woont in de voormalige bedrijfswoning en haar zoon en dochter exploiteren naast deze kavel een bedrijf dat vrachtwagens en opleggers repareert en onderhoudt. Op hun perceel staan bedrijfsloodsen en er is een groot buitenterrein waarop aan- en afrijdende vrachtwagens en opleggers kunnen parkeren en worden gerangeerd. De gemeente Meierijstad ontwikkelt ter plaatse Foodpark Veghel. Ook de kavel van [appellante] ligt in dit ontwikkelingsgebied. Het college wil de [belanghebbende] voor een groot deel onttrekken aan de openbaarheid. Dit heeft tot gevolg dat de kavel van [appellante] slechter bereikbaar is. [appellante] wil een directe aansluiting op de nabijgelegen Corridor zodat haar kavel goed en veilig bereikbaar blijft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3008
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Wegenwet
  • uitspraakin de zaak202201541/1/A3

202202526/1/R4

Bij besluit van 11 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe op grond van artikel 110a van de Wet geluidhinder hogere waarden vastgesteld ten behoeve van het bestemmingsplan "Randweg Opheusden". Bij besluit van 24 februari 2022 heeft de raad het bestemmingsplan "Randweg Opheusden" vastgesteld. Het plan voorziet in een randweg tussen Kesteren en de zuidwestelijke zijde van Opheusden. De randweg sluit aan op de Tielsestraat in Kesteren en op de kruising van de Pijenkampse Veldweg, Pottenveld en de Bomenlaan in Opheusden. De randweg loopt grotendeels parallel aan de bestaande spoorlijn die ten zuiden van Kesteren en Opheusden ligt. Het doel van de randweg is onder meer om de verkeersveiligheid in en rondom de kern van Opheusden te verbeteren. Binnen die bestemming mocht de randweg niet worden gerealiseerd. Daarom is het plan vastgesteld. Vabo is een projectontwikkelaar en is eigenaar van gronden die in en rondom het plangebied liggen. Op een deel van de gronden is de randweg voorzien. Vabo is het niet eens met hoe de randweg is vormgegeven in het voorliggende plan. Daarom heeft zij beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2990
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • RO - Geluid
  • uitspraakin de zaak202202526/1/R4

202202589/1/R2

Bij besluit van 24 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Valkenswaard het bestemmingsplan "Barentszstraat 3" gewijzigd vastgesteld. Het plan maakt het mogelijk om twaalf woningen te realiseren op het perceel aan de Barentszstraat 3 in Valkenswaard. Deze woningen zijn bedoeld als sociale huurwoningen. De gronden in het plangebied zijn in de jaren ’60 onteigend van de familie van [appellante] in het kader van het algemeen belang, namelijk voor de realisatie van een school. De gerealiseerde school is vervolgens opgehouden met bestaan. Daarna is het gebouw in gebruik genomen door een voedselbank en in 2019 gesloopt. De woningen die met dit plan mogelijk worden gemaakt zijn inmiddels gerealiseerd.[appellante] woont op het perceel aan de [locatie A] in Valkenswaard en is eigenaresse van een bloemenwinkel op het perceel aan de [locatie B] in Valkenswaard. Zij kan zich niet verenigen met het plan, omdat zij onder meer vreest dat zij beperkt wordt in haar bedrijfsactiviteiten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3009
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202202589/1/R2

202202744/1/A3

Bij besluit van 22 maart 2022 heeft de burgemeester van Amsterdam de sluiting van het bedrijfspand van [appellant] aan de [locatie] in Amsterdam onder aanvulling van de motivering in stand gelaten en het bezwaar van [appellant] opnieuw ongegrond verklaard. [appellant] was eigenaar en enig aandeelhouder van [bedrijf] dat gevestigd was in het in eigendom van [appellant] zijnde bedrijfspand aan de [locatie] in Amsterdam. Op 14 augustus 2018 is vanaf de openbare weg met een op een AK47 gelijkend automatisch vuurwapen enige tientallen keren op het bedrijfspand geschoten. Op dezelfde dag heeft de politie bij onderzoek aan de achterzijde van het bedrijfspand, eveneens aan de openbare weg, een op scherp staande handgranaat aangetroffen. De burgemeester heeft naar aanleiding hiervan het bedrijfspand bij besluit van 15 augustus 2018 vanaf 14 augustus 2018 voor onbepaalde tijd gesloten op grond van artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet. Bij besluit van 20 december 2018 heeft de burgemeester het daartegen door [appellant] gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2993
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202202744/1/A3

202202893/1/A2

Bij afzonderlijke besluiten van 21 augustus 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sint-Michielsgestel aan [appellant sub 1] een tegemoetkoming in planschade van € 28.000,00 en aan [appellant sub 3] een tegemoetkoming in planschade van € 19.200,00 toegekend. Bij afzonderlijke besluiten van 2 februari 2021 heeft het college de bezwaren van [appellant sub 1] en Beekveld B.V. tegen het besluit over de tegemoetkoming aan [appellant sub 1] ongegrond verklaard. Bij besluit van 9 februari 2021 heeft het college het bezwaar van Beekveld B.V. tegen het besluit over de tegemoetkoming aan [appellant sub 3] ongegrond verklaard. [appellant sub 1] heeft op 3 augustus 1992 het perceel met woning [locatie 1] te Berlicum gekocht en op 21 april 2010 een daaraan grenzend perceel (hierna gezamenlijk ook: het perceel van [appellant sub 1]). [appellant sub 3] is sinds 18 februari 1986 eigenaar van het perceel met woning [locatie 2] te Berlicum (hierna ook: het perceel van [appellant sub 3]), dat hij kort daarvoor via een mondelinge overeenkomst heeft gekocht. Zij hebben verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 8 januari 2018 in werking getreden

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2983
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202202893/1/A2

202203495/1/R3

Bij besluit van 29 november 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg geweigerd een omgevingsvergunning te verlenen voor het verbreden van de in-/uitrit voor de woning van [appellant] naar 5 m. De wijk De Rietvink in Leidschendam is in 2016 heringericht. [appellant] woont in deze wijk. Tijdens de herinrichting in 2016 is de in-/uitrit voor de woning van [appellant] versmald naar 3,15 m. Daardoor is het volgens [appellant] niet langer mogelijk twee auto’s naast elkaar op zijn oprit te parkeren. [appellant] wil daarom de in-/ en uitrit naar 5 m verbreden. Hij heeft daarvoor een omgevingsvergunning aangevraagd. Voor het veranderen van een uitweg, is op grond van artikel 2.2, eerste lid, onder e, van de Wabo, in samenhang gelezen met artikel 2.12, eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening Leidschendam-Voorburg een omgevingsvergunning nodig. Het college heeft geweigerd de omgevingsvergunning te verlenen, omdat een verbreding van de in-/uitrit naar 5 m ten koste gaat van een openbare parkeerplaats.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3019
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202203495/1/R3

202204116/1/A2

Bij besluit van 11 februari 2020, zoals aangevuld op 4 maart 2020, heeft het college van bestuur van stichting BOOR [appellant] met ingang van 11 februari 2020 voor drie dagen geschorst. [appellant] zat in het schooljaar 2019/2020 in grade 8 op de Rotterdam International Secondary School. Deze school maakt deel uit van de Wolfert van Borselen scholengroep. Deze scholengroep valt onder het bevoegd gezag van stichting BOOR. Bij het besluit van 11 februari 2020 heeft het college [appellant] per direct voor drie dagen geschorst, omdat hij zich schuldig heeft gemaakt aan digitaal pestgedrag, onder meer in een WhatsAppgroep met leerlingen uit zijn klas. Bij het besluit van 16 juni 2021 heeft het college de schorsing, onder verwijzing naar het advies van de bezwaaradviescommissie toelating, schorsing en verwijdering openbaar onderwijs Rotterdam, gehandhaafd. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het college redelijkerwijs heeft kunnen besluiten om tot schorsing over te gaan. Hij voert daartoe aan dat de opgelegde schorsing niet zorgvuldig is voorbereid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2986
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak202204116/1/A2

202204683/1/A3

Bij besluit van 21 december 2020 heeft de burgemeester van burgemeester en wethouders van Wormerland aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd. Een toezichthouder van de gemeente Wormerland heeft op 17 november 2020 geconstateerd dat [appellant] de horecagelegenheid [naam cafetaria], gevestigd aan de [locatie] te Wormer, exploiteerde zonder onder meer de daarvoor benodigde exploitatievergunning. De burgemeester heeft vervolgens bij besluit van 21 december 2020 een last onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van artikel 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening Wormerland 2020 en artikel 3, eerste lid, van de Drank- en Horecawet. De burgemeester heeft [appellant] gelast de exploitatie van de cafetaria te staken en gestaakt te houden, zolang [appellant] niet beschikt over de benodigde vergunning(en). [appellant] heeft zich op het standpunt gesteld dat de burgemeester niet bevoegd was de last op te leggen omdat hij vanwege hetzelfde feit ook al bestuursdwang had toegepast. Indien de burgemeester wel bevoegd zou zijn, had hij moeten afzien van handhaving, omdat sprake was van concreet zicht op legalisatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3013
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202204683/1/A3

202204765/1/R1

Bij besluit van 8 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer de stichting onder oplegging van een dwangsom gelast het gebruik van het kantoor op het perceel [locatie] te Zwanenburg als woning uiterlijk op 1 augustus 2020 te beëindigen en beëindigd te houden. De stichting is eigenaar van het perceel en zij verhuurt het pand aan [bedrijf], een bedrijf dat is gespecialiseerd in het reinigen van gebouwen en industriële reiniging. Blijkens het ongedateerde "Rapportageformulier inspectie" is bij een controle op 25 juni 2018 door een medewerker van de gemeente geconstateerd dat de "kantoorruimte op de eerste etage zo is ingericht dat deze ruimte te gebruiken is om te slapen/wonen." Het college heeft de stichting gelast de overtreding van artikel 2.1, eerste lid, onder a en c, van de Wabo op het adres [locatie] in Zwanenburg te beëindigen en beëindigd te houden. In het besluit van 8 januari 2020 is vermeld dat de overtreding beëindigd en beëindigd gehouden kan worden door: "- alle slaapvoorzieningen, zoals bedden, matrassen en slaapbanken te verwijderen en verwijderd te houden; - de keuken, de badkamer of het toilet te verwijderen en verwijderd te houden."

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3014
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202204765/1/R1

202205675/1/A3 en 202205681/1/A3

Bij besluit van 18 januari 2021 heeft de korpschef van politie de door hem aan [appellante sub 2] verleende toestemming om [appellant sub 1] beveiligingswerkzaamheden te laten verrichten, ingetrokken. De korpschef heeft bij besluit van 4 maart 2020 aan [appellante sub 2] toestemming verleend om [appellant sub 1] werkzaamheden te laten verrichten als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus. Bij het besluit van 2 augustus 2021 en het besluit van 3 augustus 2021 heeft de korpschef de intrekking gehandhaafd. De korpschef heeft aan de intrekking meerdere gebeurtenissen ten grondslag gelegd. De wijkagent heeft met [appellant sub 1] op 23 september 2019 een stopgesprek gevoerd naar aanleiding van meldingen over vernieling, mishandeling en stalking. Op 10 april 2020 is aangifte van stalking gedaan door de ex-echtgenote van [appellant sub 1] en op 4 augustus 2020 is [appellant sub 1] verhoord over belaging en bedreiging. In het verhoor zijn de diverse incidenten besproken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2996
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Beveiligingswerkzaamheden
  • uitspraakin de zaak202205675/1/A3 en 202205681/1/A3

202206626/1/R1

Bij besluit van 21 september 2022 (hierna: het bestreden besluit) heeft het college van burgemeester en wethouders van Leiden de locatie aan de Boerhaavelaan te Leiden ter hoogte van nummer 27 aangewezen voor het plaatsen van twee ondergrondse restafvalcontainers. Bij de keuze van een locatie voor een ORAC moet het college een afweging maken van alle belangen die betrokken zijn bij de vaststelling van het locatieplan. Daarbij heeft het college beleidsruimte. De Afdeling beoordeelt, aan de hand van de beroepsgronden, of de nadelige gevolgen van de aanwijzing van de locatie niet onevenredig zijn in verhouding tot de met de aanwijzing te dienen doelen. Daarbij beoordeelt zij of het college de locatie geschikt heeft mogen achten voor de plaatsing van de ORAC. In deze procedure gaat het om de aanwijzing van een locatie voor ORAC’s. [appellant] stelt dat de ORAC’s het zogenoemde bypass rioolsysteem, dat in 2016 is aangelegd om wateroverlast bij zijn woning te voorkomen, zou kunnen beschadigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2992
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202206626/1/R1

202207052/1/A3

Bij besluit van 8 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maasdriel het verzoek om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur van [appellant] afgewezen. [appellant] heeft op 10 juli 2020 een Wob-verzoek ingediend bij het college, waarin zij verzoekt om openbaarmaking van alle integriteitstoetsen uitgevoerd door Berenschot Groep B.V. (hierna: Berenschot) over toenmalig wethouder [wethouder]. [appellant] wil inzage in alle passages die gaan over het belang van [wethouder] bij en lopende procedures gericht op het verkrijgen van een bouwmogelijkheid voor een woning op het perceel naast [locatie] te Rossum. Het verzoek ziet verder op wat [wethouder] tijdens het onderzoek aan Berenschot heeft gemeld, wat Berenschot heeft geadviseerd aan [wethouder] en wat Berenschot heeft gerapporteerd aan de burgemeester. Het college heeft openbaarmaking van de integriteitstoets bij het besluit van 8 september 2020 integraal geweigerd op grond van artikel 10, tweede lid, aanhef en onder e, van de Wob. Bij het besluit van 23 februari 2021 heeft het college ook artikel 11, eerste lid, van de Wob aan de weigering ten grondslag gelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2995
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202207052/1/A3

202207327/1/A2

Bij besluiten van 19 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bronckhorst de aanvragen van [appellant] en anderen om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. Bij besluit van 14 januari 2021 heeft het college het door [appellant] en anderen daartegen gemaakte bezwaar deels niet-ontvankelijk verklaard en het voor het overige ongegrond. [appellant] en anderen zijn eigenaren van (bedrijfs)woningen aan de Schooltinkweg in Zelhem. Zij hebben het college bij aanvragen van 16 september 2019 afzonderlijk verzocht om tegemoetkoming in planschade die zij stellen te hebben geleden door een vijftal planologische maatregelen die de exploitatie van een intensieve geitenhouderij op het perceel aan de [locatie] (hierna: het perceel) mogelijk hebben gemaakt. Het gaat achtereenvolgens om het op 30 juni 2011 vastgestelde bestemmingsplan Buitengebied Zelhem 2011, de verleende omgevingsvergunningen van 26 september 2012 en 3 januari 2013, het op 27 februari 2014 vastgestelde bestemmingsplan Correctieve herziening 1 Buitengebied Zelhem 2011 en het op 17 mei 2017 vastgestelde bestemmingsplan Landelijk gebied Bronckhorst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3002
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202207327/1/A2

202207328/1/R1

Bij besluit van 1 november 2022 heeft de raad van de gemeente Schagen het bestemmingsplan "Helmweg 10 te Groote Keeten" gewijzigd vastgesteld. Het plangebied ligt aan de Helmweg 10 aan de noordzijde van Groote Keeten in Schagen en had op basis van het vorige bestemmingsplan een agrarische bestemming. Het plan voorziet in de ontwikkeling van een hotel met maximaal 60 kamers. Nesprojecten is de initiatiefnemer van de ontwikkeling. Bij uitspraak van 27 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2151, heeft de Afdeling het door de raad op 29 juni 2021 vastgestelde bestemmingsplan "Helmweg 10 te Groote Keeten" vernietigd. Het voorliggende plan dient ter reparatie van het vernietigde besluit van 29 juni 2021. Vereniging het Zijper Landschap betoogt dat ten onrechte niet opnieuw de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht is doorlopen. En de vereniging betoogt dat de gemeenteraad onvoldoende heeft onderbouwd dat de ontwikkeling van het hotel niet binnen bestaand stedelijk gebied kan worden gerealiseerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2994
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202207328/1/R1

202207341/1/R1

Bij besluit van 24 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer de stichting gelast de niet aan een bedrijf gerelateerde bewoning van de bedrijfswoning op het perceel [locatie A] te Zwanenburg te beëindigen en beëindigd te houden, onder oplegging van een dwangsom. Het geschil spitst zich toe op het volgens het college in strijd met het bestemmingsplan gebruiken van de bedrijfswoning als burgerwoning door personen die geen relatie hebben tot het bedrijf. De stichting betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat het college na de constatering op 1 oktober 2020 dat de bewoning was gewijzigd opnieuw om een zienswijze had moeten vragen. De stichting wijst erop dat de bewoning tussen 2017, toen er een familie met baby woonde, en 2020, toen [persoon 1] in de woning woonde, is gewijzigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3018
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202207341/1/R1

202207372/1/R4

Bij besluit van 26 november 2021 heeft het college aan A.V.I. een last onder dwangsom opgelegd wegens het zonder omgevingsvergunning voor de activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht opslaan van meer dan 1.250 ton bewerkt en onbewerkt schroot binnen haar inrichting aan de Rietveldenkade 1 in ’s-Hertogenbosch. A.V.I. exploiteert sinds de jaren ’70 van de vorige eeuw een schrootverwerkingsbedrijf op het perceel. Bij uitspraak van 21 november 2022 heeft de rechtbank overwogen dat A.V.I. in strijd heeft gehandeld met artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo door in strijd met de omgevingsvergunning meer schroot op het perceel op te slaan dan 1.250 ton. A.V.I. betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat zij heeft gehandeld in strijd met de Wabo. Volgens A.V.I. is de opslagcapaciteit voor bewerkt en onbewerkt schroot in de omgevingsvergunning niet beperkt tot 1.250 ton.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3021
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202207372/1/R4

202300357/1/A2

Bij besluit van 28 september 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ooststellingwerf een aanvraag van [appellante] om tegemoetkoming in planschade ingewilligd, de tegemoetkoming op een bedrag van € 4.325,00 vastgesteld, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 12 januari 2021 tot de dag van betaling, en bepaald dat het door [appellante] voor de behandeling van de aanvraag betaalde drempelbedrag van € 300,00 wordt teruggestort

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3023
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202300357/1/A2

202300464/1/R1

Bij besluit van 20 december 2022 heeft de raad van de gemeente Schagen het bestemmingsplan "Recreatiepark Corfwater" vastgesteld. Het plan voorziet aan de noordkant van de kern van Petten in de transformatie van een bestaande camping in een publiek toegankelijk gebied met maximaal 150 recreatiewoningen, een horecagelegenheid en een zogenoemd experience center. Het Nieuwe Strand Petten is initiatiefnemer van het project. [appellant] woont in de onmiddellijke nabijheid van het plangebied en meent dat een dergelijke grote ontwikkeling niet passend is op deze locatie. [appellant] betoogt dat het vakantiepark midden in een woonwijk wordt gesitueerd, en hij vreest dat daardoor het karakter van die woonwijk volledig zal worden ondergesneeuwd. Hij meent dat dit ook niet in overeenstemming met de toepasselijke structuurvisie is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2991
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202300464/1/R1

202300496/1/R3

Bij besluit van 6 december 2022 heeft de raad van de gemeente Wierden het bestemmingsplan "Buitengebied 2009, herziening [locatie A]" vastgesteld. [belanghebbende] is eigenaar van het perceel aan de [locatie A] te Hoge Hexel. Hij wil daar een windturbine plaatsen. Het vorige bestemmingsplan "Buitengebied 2009" stond het realiseren van een windturbine op het perceel van [belanghebbende] niet toe. Daarom heeft [belanghebbende] de raad verzocht het bestemmingsplan te wijzigen. Het nu voorliggend plan maakt het mogelijk een windturbine met een tiphoogte van 38 m op het perceel van [belanghebbende] te realiseren. [appellant A] en [appellant B] kunnen zich niet verenigen met het mogelijk maken van de windturbine en hebben daarom afzonderlijk van elkaar beroep ingesteld tegen het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3004
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202300496/1/R3

202303283/1/R3

Bij besluit van 13 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd. De last houdt in dat [appellant] binnen 12 maanden na de datum van verzending van dit besluit het gebruik van het "noodonderkomen", ofwel de tot woning verbouwde boogkas, moet beëindigen en aansluitend beëindigd moet houden en deze moet slopen dan wel weer terug moet brengen in de oorspronkelijke staat, zijnde een boogkas (kweekkas) zonder woonvoorzieningen, gemaakt van doorzichtig materiaal. [appellant] is eigenaar van een stuk grond gelegen naast het adres [locatie], Hazerswoude-Dorp. Daar staat een door [appellant] tot woning verbouwde romneyloods. [appellant] is daar gaan wonen en heeft vervolgens bij de gemeente aangifte gedaan van inschrijving met een briefadres. Naar aanleiding van deze aangifte is [appellant] uitgenodigd voor een gesprek op het gemeentehuis. Daar heeft [appellant] toegelicht dat hij op het perceel woont. [appellant] betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat het college in strijd met het evenredigheidsbeginsel handelt. De rechtbank heeft onvoldoende oog gehad voor de menselijke maat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2879
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202303283/1/R3

202304028/1/A2

Bij besluit van 22 maart 2022 heeft de Stichting Urgentiebepaling Woningzoekenden Rijnmond de aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] heeft op 7 februari 2022 een urgentieverklaring aangevraagd. In zijn aanvraag stelt hij dat zijn huidige woning van 40 m2 met één slaapkamer te klein is voor zijn gezin. [appellant] woonde eerst alleen in de woning, maar door gezinshereniging in 2019 woont hij er sindsdien met zijn echtgenote en hun vier minderjarige kinderen van inmiddels 16, 15, 10 en 4 jaar. Hij geeft aan dat de schoolgaande kinderen geen ruimte hebben om hun schoolwerk te maken, de gezinsleden geen privacy hebben, de kinderen geen kind kunnen zijn en er veel spanningen zijn. Het gezin ervaart hierdoor ook slaaptekort en dit zorgt voor lichamelijke en psychische klachten. Hierbij stelt [appellant] dat zijn zoon een allergische reactie heeft die wordt verergerd door de benauwde situatie in de woning. Ook stelt hij dat zijn oudste dochter wordt gepest op school vanwege de woonsituatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3012
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202304028/1/A2

202304312/1/R4

Bij besluit van 8 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Utrecht het bestemmingsplan "Pijlsweerd, Tuinwijk, Vogelenbuurt, Griftpark" vastgesteld. De raad heeft het bestemmingsplan vastgesteld voor de wijken Pijlsweerd, Tuinwijk, Vogelenbuurt, Staatsliedenbuurt en het Griftpark en omgeving. Hiermee is beoogd om een nieuwe regeling te laten gelden gericht op het beheren van de leefomgeving in het plangebied en om een aantal in dat gebied geldende bestemmingsplannen en beheersverordeningen beleidsneutraal om te zetten. Enkele kleine veranderingen zijn niet uitgesloten, maar die hebben geen bijzondere gevolgen voor bestaande gebruiks- en bouwrechten, zo staat in de publicatie in het Gemeenteblad. Hiermee wil de raad een stap zetten in de voorbereiding op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De belangrijkste functie in het plangebied is wonen. [appellant sub 1] betoogt dat uit de publicaties van de terinzagelegging van het ontwerpplan en het vastgestelde plan onvoldoende duidelijk blijkt op welk gebied het bestemmingsplan betrekking heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2989
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202304312/1/R4

202304826/1/R1

Bij besluit van 28 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Heerlen het bestemmingsplan "Cityplan Heerlen reparatieplan Looierstraat perceel L 420" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in een appartementencomplex aan de Looierstraat op het perceel kadastraal bekend als L 420. Comox MBC en andere is initiatiefnemer en wenst ruimere bouwmogelijkheden dan waarin het plan voorziet. AvS Belo is eigenaar van het naastgelegen pand aan de Looierstraat 15 en richt zich in beroep tegen de komst van het appartementencomplex. Zij wenst dat aan de betrokken gronden een groenbestemming wordt toegekend. De zaak is een vervolg op de uitspraak van de Afdeling van 22 februari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:717. Comox MBC en andere zijn eigenaar van het perceel aan de Looierstraat Dit perceel ligt braak. Zij willen op dit perceel een appartementencomplex ontwikkelen. Comox MBC en andere betogen dat het plan in een te klein aantal appartementen voorziet. Dat komt door de beperkingen in de bouwhoogte, de omvang van het bouwvlak en de situering van de balkons.AvS Belo betoogt dat nauwelijks behoefte bestaat aan nieuwe woningen, vanwege de oplopende vergrijzing.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3020
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202304826/1/R1

202305716/1/A2

Bij besluit van 10 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen verschillende verkeersmaatregelen medegedeeld om de Eeuwigelaan in Bergen te reconstrueren. Deze maatregelen komen er in hoofdzaak op neer dat het bestaande aan de zuidzijde gelegen voetpad en aan de noordzijde gelegen fietspad met tweerichtingsverkeer worden opgeheven en worden vervangen door fietspaden met éénrichtingsverkeer aan beide zijden van de Eeuwigelaan. In de uitspraak van 26 april 2023 heeft de Afdeling overwogen dat het college bij het nieuwe besluit nader moet motiveren waarom het verkeersbesluit de veiligheid van de fietsers dient. Daarbij moet het college ingaan op de vraag hoe die veiligheid zich verhoudt tot de verwachting dat de fietsers sneller zullen rijden op fietspaden met eenrichtingsverkeer en de aanwezigheid van uitritten aan beide zijden van de Eeuwigelaan. Verder moet het college bij het nieuwe besluit niet alleen de belangen van de fietsers en voetgangers, maar ook de belangen van de bewoners van de Eeuwigelaan betrekken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2984
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202305716/1/A2

202306351/1/R4

Bij brief van 8 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oirschot het door [appellant] ingediende "Bosbeheerplan 2020-2032" goedgekeurd. [appellant] was eigenaar van de percelen kadastraal bekend als E 2242, E 2470 en E 2571, gelegen aan de [locatie A] in Middelbeers. Direct naast perceel E 2242 ligt het Natura 2000-gebied Kempenland West. [appellant] heeft kapwerkzaamheden uitgevoerd op zijn percelen. Na uitvoering van de kapwerkzaamheden heeft Borgman Beheer Advies V.O.F. voor [appellant] een bosbeheerplan opgesteld. Het college heeft het bosbeheerplan op 8 maart 2021 goedgekeurd. De Werkgroep heeft daartegen bezwaar gemaakt. Het college heeft dat bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat de goedkeuring van het bosbeheerplan volgens het college geen besluit is. De rechtbank heeft het beroep van De Werkgroep daartegen ongegrond verklaard. De Werkgroep betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de goedkeuring van het bosbeheerplan door het college geen besluit is in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3001
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202306351/1/R4

202307133/1/R2 en 202307221/1/R2

Bij besluit van 13 juni 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Drimmelen op grond van artikel 110a van de Wet geluidhinder hogere grenswaarden vastgesteld voor het bestemmingsplan "Zuideindsestraat 47 te Made". Bij besluit van 28 september 2023 heeft de raad van de gemeente Drimmelen het plan vastgesteld. Het plan voorziet bij de Zuideindsestraat en Klaassenstraat in Made in de bouw van 43 zorgwooneenheden (hierna ook: het appartementencomplex). Het plan maakt aan de noord- en oostzijde van het appartementencomplex 3 bouwlagen met een maximale bouwhoogte van 11 meter mogelijk en aan de zuid- en westzijde 2 bouwlagen met een maximale bouwhoogte van 7 meter mogelijk. In het zuidelijke deel van het plangebied is een parkeerterrein voorzien met 38 parkeerplaatsen. Het terrein wordt ontsloten via de Klaassenstraat, die direct ten oosten van het plangebied ligt. Het plan is vastgesteld omdat het plangebied onder het voorafgaande bestemmingsplan "Kern Made" een woonbestemming heeft en geen zorgwooneenheden toestaat. Op het terrein staat een leegstaande boerderij. De intentie is om de boerderij te slopen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2985
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Geluid
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202307133/1/R2 en 202307221/1/R2

202307169/1/V6

Bij besluit van 27 maart 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken de aanvraag van [appellant] om op enige wijze zijn overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 31 december 2022 en 8 en 27 februari 2023 heeft hij de minister gevraagd om hem en zijn gezin vanuit Afghanistan naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij van 2009 tot en met 2012 heeft gewerkt als bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Uruzgan, Afghanistan. De minister heeft de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening. De minister heeft hiervoor als reden gegeven dat [appellant] niet voorkomt in de database van het ministerie van Defensie die een bundeling bevat van de meldingen van Nederlandse veteranen en van hulpverzoeken die uiterlijk 11 oktober 2021 zijn gedaan. De minister heeft niet beoordeeld of [appellant] daadwerkelijk als bewaker van ASG heeft gewerkt voor de Nederlandse krijgsmacht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3006
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202307169/1/V6

202307477/1/A2

Bij besluit van 30 mei 2023 heeft de Nationaal Coördinator Groningen namens de staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat vastgesteld dat de woning van [appellant] aan de [locatie] in Wagenborgen voldoet aan de veiligheidsnorm en niet hoeft te worden versterkt. Het daartegen gemaakte bezwaar is bij besluit van 16 oktober 2023 ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3007
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Andere zaken - Overige
  • uitspraakin de zaak202307477/1/A2

202401232/1/R2

Bij besluit van 17 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oosterhout een omgevingsvergunning verleend voor het kappen van 21 bomen nabij de Bredaseweg 125 te Oosterhout. Op 6 september 2022 heeft de gemeente Oosterhout een omgevingsvergunning aangevraagd voor het vellen van bomen in een houtopstand, gelegen direct naast het perceel Bredaseweg 125 in Oosterhout. De bomen staan op gemeentegrond, ten zuiden en oosten van het perceel. Op het perceel bevindt zich een particuliere woning met een rieten dak, die als gemeentelijk monument is aangewezen. Bij het besluit op bezwaar heeft het college het bezwaar van Milieuvereniging Oosterhout niet-ontvankelijk verklaard, vanwege het ontbreken van procesbelang. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat bij besluit van 4 juli 2023 de gemeentelijke Algemene Plaatselijke Verordening zodanig is gewijzigd dat het verbod om zonder omgevingsvergunning houtopstanden te vellen alleen nog maar geldt voor bomen die op de lijst van monumentale bomen in Oosterhout staan vermeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3003
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Kappen
  • uitspraakin de zaak202401232/1/R2

202401762/1/A2

[appellant] heeft op 11 juli 2023 het tentamen behorend bij de cursus Premaster AI: logica (IB3602) (hierna: het tentamen) thuis online afgelegd. Tijdens dit tentamen had hij niet-transparant drinkgerei, een headset, smart device(s) en diverse papieren op zijn bureau liggen, terwijl dit niet was toegestaan. [appellant] is om een reactie gevraagd. Hij heeft verklaard dat er inderdaad diverse dingen op zijn bureau lagen, maar dat dit te wijten was aan zijn slordigheid en naïviteit in het opvolgen van de voorschriften. Omdat er sprake was van meerdere onregelmatigheden heeft de commissie besloten het tentamen ongeldig te verklaren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3005
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202401762/1/A2

202402252/1/A2

Bij beslissing van 9 november 2023 heeft de examencommissie het verzoek van [appellant] om hem vrijstellingen te verlenen voor de vakken Nederlands, rekenen en Engels, afgewezen. Bij uitspraak van 15 december 2023 heeft de commissie van beroep voor de examens van Firda het daartegen ingestelde administratief beroep gegrond verklaard, de beslissing van 9 november 2023 vernietigd en de examencommissie opgedragen een nieuwe beslissing op het verzoek te nemen. [appellant] is in studiejaar 2023-2024 gestart met de opleiding AV-specialist BOL aan Firda, een mbo-studie op niveau 4. De opleiding kent verschillende diploma-eisen, waaronder het met succes afronden van de vakken rekenen niveau 4, generieke onderdelen Engels, en Nederlands 3F. [appellant] heeft voor deze vakken op 6 november 2023 om een vrijstelling verzocht. Ter onderbouwing heeft hij een diploma en een cijferlijst overgelegd van de hogereburgerschool B, daterend van 18 juni 1973. Het administratief beroep van 9 april 2024 en het beroep van 25 maart 2024 zien allebei op de vraag of wet- en regelgeving zich verzet tegen het verlenen van de door [appellant] gevraagde vrijstellingen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3010
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202402252/1/A2

202402368/1/A2

Bij beslissing van 21 september 2023 heeft de examencommissie van de opleiding Theologie Levensbeschouwing van Fontys Hogeschool het verzoek van [appellante] om uitstel van de afstudeerdatum afgewezen en bepaald dat zij per 1 november 2023 wordt geplaatst in cohort 2020 met bijbehorend studiepakket. Bij beslissing van 8 maart 2024 heeft het college van beroep voor de examens van Fontys Hogeschool het daartegen ingestelde administratief beroep ongegrond verklaard. [appellante] heeft in de periode 2004 tot en met 2008 de opleiding Godsdienst-Pastoraal Werk in Amsterdam gevolgd. Omdat die opleiding werd opgeheven, is zij eind 2012 overgestapt naar de opleiding aan Fontys Hogeschool die zij nu volgt. Na onderbrekingen heeft zij in studiejaar 2016-2017 haar opleiding weer opgepakt. De studieonderdelen scriptie, stage en supervisie stonden toen nog open. In studiejaar 2017-2018 is zij begonnen met de scriptie en in studiejaar 2021-2022 is zij gestart met haar eerste stage en de supervisie. Tot op heden heeft [appellante] deze onderdelen nog niet afgerond.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3011
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202402368/1/A2

202402383/1/R4

Bij besluit van 4 maart 2024 heeft de raad van de gemeente Heerde het bestemmingsplan "Werverweg ong. Heerde" vastgesteld. Het plan voorziet in de realisatie van 23 woningen op een onbebouwd perceel aan de Werverweg in Wapenveld. [appellant A] en [appellante B] wonen samen aan de Werverweg in Wapenveld op korte afstand van het plangebied. Zij kunnen zich met het plan niet verenigen. [appellant A] en [appellante B] betogen dat hun vrije uitzicht op weilanden en bosgebied door de met het plan mogelijk gemaakte bebouwing zal verdwijnen. [appellant A] en [appellante B] betogen dat de voorziene woningen en het bijbehorende verkeer zullen leiden tot minder rust in de omgeving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2879
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202402383/1/R4

202403544/1/A2

Het beroep richt zich tegen de beslissing van de Raad van Bestuur van het ROC van Amsterdam van 30 mei 2024, waarbij de beëindiging van de inschrijving van [appellant] van 3 april 2024 in stand is gelaten. De Afdeling ziet zich gesteld voor de vraag of de Wet educatie en beroepsonderwijs een wettelijke grondslag kent voor het beëindigen van de inschrijving van [appellant] als hier aan de orde. Op zitting heeft de Afdeling aan de raad gevraagd wat volgens hem de wettelijke grondslag is. Deze wettelijke grondslag heeft hij niet kunnen noemen. De Afdeling heeft die wettelijke grondslag zelf ook niet gevonden. Dit betekent dat de beëindiging van de inschrijving alleen al hierom niet in stand kan blijven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4950
Datum uitspraak
24 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Mondelinge uitspraak
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202403544/1/A2

202306057/1/V1

De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Bij uitspraak van 28 augustus 2023 heeft de rechtbank dat beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. S. Kalu-Mollema, advocaat te Zwolle, hoger beroep ingesteld. Bij besluit van 22 november 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van de vreemdeling ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2975
Datum uitspraak
23 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202306057/1/V1

202403959/1/V2 en 202403959/2/V2

Bij besluit van 20 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 21 juni 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. C.T.W. van Dijk, advocaat te Utrecht, hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2974
Datum uitspraak
23 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403959/1/V2 en 202403959/2/V2

202404127/1/V2 en 202404127/2/V2

Bij besluit van 1 mei 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunningen asiel voor bepaalde en onbepaalde tijd ingetrokken en geweigerd hem ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen. Ook heeft hij de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:3541
Datum uitspraak
23 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404127/1/V2 en 202404127/2/V2

202303705/1/V1

Bij besluit van 18 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2966
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202303705/1/V1

202401069/2/R1

Bij besluit van 12 december 2023 heeft de raad van de gemeente Hoorn het bestemmingsplan "Stationsgebied" vastgesteld. Het bestemmingsplan ziet op de ontwikkeling van het gebied rondom het treinstation van Hoorn. Het plan voorziet in onder meer de realisatie van woningen, de verplaatsing van een bestaand busstation, een nieuwe oversteek over het spoor, een parkeergarage, fietsenstallingen en diverse stedelijke voorzieningen. De gemeente is zelf initiatiefnemer van het plan. De VvE en de Stichting vrezen dat het plan leidt tot aantasting van het woon- en leefklimaat van omwonenden. Zij hebben de verzoeken om een voorlopige voorziening ingediend omdat zij verwachten dat op korte termijn een aanvraag voor een omgevingsvergunning zal worden ingediend. De Stichting wijst er in dit verband ook op dat voorafgaand aan het verlenen van een omgevingsvergunning een intensief bodemsaneringstraject moet plaatsvinden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2944
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202401069/2/R1

202403348/1/V3

Bij besluit van 29 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2977
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403348/1/V3

202403515/1/V2

Bij besluit van 15 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 30 mei 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2962
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403515/1/V2

202404006/1/V3 en 202404006/2/V3

Bij besluit van 30 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2967
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404006/1/V3 en 202404006/2/V3

202404083/1/V3 en 202404083/2/V3

Bij besluit van 30 mei 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2968
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404083/1/V3 en 202404083/2/V3

202404112/1/V3 en 202404112/2/V3

Bij besluiten van 3 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2970
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404112/1/V3 en 202404112/2/V3

202404142/2/V3

Bij besluit van 30 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 27 juni 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2958
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404142/2/V3

202404361/1/V3 en 202404361/2/V3

Bij besluiten van 28 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2972
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404361/1/V3 en 202404361/2/V3

BRS.24.000245

Bij besluit van 5 juni 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2956
Datum uitspraak
22 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000245

202107679/1/V3

Bij besluit van 9 september 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 1 december 2021 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en de staatssecretaris opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2959
Datum uitspraak
19 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202107679/1/V3

202403964/2/V2

Bij besluit van 25 mei 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 3 juli 2023 heeft de staatssecretaris het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2961
Datum uitspraak
19 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202403964/2/V2

202403967/2/V2

Bij besluit van 20 augustus 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 25 augustus 2023 heeft de staatssecretaris het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2960
Datum uitspraak
19 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202403967/2/V2

BRS.24.000229

Bij besluit van 23 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2942
Datum uitspraak
19 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000229

202107970/1/V2

Bij besluit van 1 mei 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 3 november 2020 heeft de staatssecretaris het door de vreemdeling daartegen gemaakte bezwaar opnieuw ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 23 november 2021 heeft de rechtbank het door de vreemdeling daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris een nieuw besluit op bezwaar neemt met inachtneming van de uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2954
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202107970/1/V2

202400310/1/V2.

Bij besluit van 20 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 15 december 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2953
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400310/1/V2.

202400874/2/R2.

Bij besluit van 19 december 2023 heeft de raad van de gemeente Eindhoven het bestemmingsplan "XI Strijp binnen de ring 2007 (Cederlaan 2)" gewijzigd vastgesteld. Het plan maakt de bouw van maximaal 242 woningen mogelijk ("het Drukkerijkwartier"), met een grote verscheidenheid aan woningtypen. Het plan is opgesteld ten behoeve van de ontwikkeling van het voormalige terrein van Philips Packaging aan de Cederlaan 2 in Eindhoven naar woningen. Het plangebied ligt ten westen (en binnen de schil) van het centrum van Eindhoven in de wijk ‘Schoot’ en grenst in het zuiden aan de Cederlaan. [verzoeker] woont aan de [locatie] in Eindhoven. Zijn perceel ligt direct ten noorden van het plangebied. Hij is het niet eens met het plan, omdat hij vreest voor aantasting van zijn woon- en leefklimaat vanwege de bouw van 242 woningen, waaronder een appartementengebouw van maximaal 45 m hoog.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2943
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202400874/2/R2.

202403113/1/V3

Bij besluit van 2 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 10 mei 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2951
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403113/1/V3

202403361/1/V3

Bij besluit van 23 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2952
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403361/1/V3

202403478/2/V3

Bij besluit van 18 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 29 mei 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2950
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403478/2/V3

202403658/2/V2

Bij besluit van 5 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2949
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403658/2/V2

202403910/1/V2 en 202403910/2/V2

Bij besluit van 9 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en ambtshalve geweigerd om haar krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2947
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403910/1/V2 en 202403910/2/V2

202403927/2/V3

Bij besluit van 24 mei 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 18 juni 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en de minister opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2948
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403927/2/V3

202404101/1/V3 en 202404101/2/V3

Bij besluiten van 15 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvragen van de vreemdelingen om hen een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2946
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404101/1/V3 en 202404101/2/V3

202404265/2/V2

Bij besluit van 2 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2971
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404265/2/V2

202404379/1/V2 en 202404379/2/V2

Bij besluit van 19 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 10 juli 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. I. Wudka, advocaat te Maastricht, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2957
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404379/1/V2 en 202404379/2/V2

202304216/1/R2 en 202304216/2/R2

Bij besluit van 23 mei 2023 heeft de raad van de gemeente Altena het bestemmingsplan "Langestraat, Wijk en Aalburg" vastgesteld. Ovplan maakt maximaal 90 woningen mogelijk in het gebied Polstraat-Maasdijk-Langestraat in de kern Wijk en Aalburg. [verzoeker A] en [verzoeker B] wonen tegenover het plangebied aan de Langestraat nummers 22 en 38. Zij zijn het niet eens met het plan, omdat zij vrezen voor een (verkeers)onveilige situatie en voor (water)overlast. [verzoeker A] en [verzoeker B] betogen dat door het plan verkeersonveilige situaties zullen ontstaan. Zij voeren aan dat het plangebied uitsluitend zal worden ontsloten via de Langestraat en dat de Langestraat een smalle straat is die het extra verkeer ten gevolge van het plan niet veilig kan verwerken. Volgens hen gaat het extra verkeer zorgen voor onveilige situaties voor voetgangers, fietsers en auto’s. Volgens [verzoeker A] en [verzoeker B] bestaat de kruising van de Langestraat met de Kortestraat/Polstraat uit een ‘chicane-achtige’ bocht, waarbij het verkeer nu geholpen wordt met verkeersspiegels waardoor ongelukken worden voorkomen. Extra verkeer zorgt voor logistieke problemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2884
Datum uitspraak
18 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202304216/1/R2 en 202304216/2/R2

202201773/3/R2

Bij besluit van 13 oktober 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eersel het handhavingsverzoek van [verzoeker] tegen hondensportactiviteiten van Politiehondenvereniging De Verdediger en bouwwerken op het perceel aan de Dalemsedijk ongenummerd in Duizel afgewezen. Bij besluit van 14 juli 2021 heeft het college het door [verzoeker] gemaakte bezwaar ongegrond verklaard en de afwijzing in stand gelaten. Bij uitspraak van 8 februari 2022 heeft de rechtbank het beroep van [verzoeker] gegrond verklaard en het besluit van 14 juli 2021 vernietigd. Tegen deze uitspraak hebben PHV De Verdediger en [verzoeker] hoger beroep ingesteld. Bij besluit van 25 april 2022 heeft het college het besluit van 13 oktober 2020 herroepen en aan PHV De Verdediger alsnog een last onder dwangsom opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2852
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202201773/3/R2

202207198/1/V3

Bij brief van 20 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling meegedeeld dat hij de termijn voor de overdracht aan Polen heeft verlengd tot achttien maanden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2935
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202207198/1/V3

202207345/1/V3

Bij besluit van 28 september 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2936
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202207345/1/V3

202302014/3/R2

Bij besluit van 31 januari 2023 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitengebied 2013 (incl. Lint Oosteind), herziening 34 ([locatie A])" gewijzigd vastgesteld. Tegen dit besluit heeft de vereniging beroep ingesteld. Verder heeft de vereniging de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Bij uitspraak van 4 augustus 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2986, heeft de voorzieningenrechter bij wijze van voorlopige voorziening het besluit van 31 januari 2023 geschorst. Bij besluit van 20 december 2023 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitengebied 2013 (incl. Lint Oosteind), herziening 34 ([locatie A])" opnieuw en gewijzigd vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2865
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202302014/3/R2

202303563/2/V3

Bij besluit van 4 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en geen verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd verleend

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2945
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202303563/2/V3

202402649/1/V2

Bij besluit van 13 juni 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2937
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202402649/1/V2

202403177/3/R2

Bij besluit van 1 mei 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Breda geweigerd handhavend op te treden tegen het gebruik van een bosperceel als mountainbikeparcours. [wederpartij] is eigenaar van een bosperceel. Over zijn perceel loopt een deel van een mountainbikeparcours. Dit parcours heeft een lengte van ongeveer 35 kilometer en loopt over het grondgebied van de gemeenten Breda en Oosterhout. Voor een klein deel loopt het parcours over het perceel van [wederpartij] in Teteringen, gemeente Breda. Op 14 februari 2023 heeft [wederpartij] aan het college verzocht om handhavend op te treden tegen het gebruik van zijn bosperceel en dat van omliggende bospercelen als mountainbikeparcours. Hij heeft zich op het standpunt gesteld dat het parcours in strijd is met het geldende bestemmingsplan, op grond waarvan de percelen de bestemming "Natuur" hebben en alleen extensief recreatief medegebruik is toegestaan. Het college heeft dit verzoek afgewezen, omdat volgens het college mountainbiken als extensief recreatief medegebruik moet worden aangemerkt. Dit is toegestaan op grond van het geldende bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2882
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202403177/3/R2

202404107/1/V3

Bij besluit van 10 juni 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2938
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404107/1/V3

202404162/1/V2 en 202404162/2/V2

Bij besluiten van 2 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2939
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404162/1/V2 en 202404162/2/V2

202404208/2/V3

Bij besluit van 4 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2940
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404208/2/V3

202404241/1/V2 en 202404241/2/V2

Bij besluit van 14 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2941
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404241/1/V2 en 202404241/2/V2

202001910/1/A2

Bij besluit van 16 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen geweigerd aan [appellant] een vergunning te verlenen voor het omzetten van de zelfstandige woonruimte aan de [locatie] in Nijmegen in maximaal vier onzelfstandige wooneenheden, te bewonen door maximaal vier personen. [appellant] is eigenaar van de woning. Het college heeft de aanvraag geweigerd, omdat het verlenen van de vergunning volgens het college zou kunnen leiden tot een onaanvaardbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van het pand. De rechtbank heeft het beroep van [appellant] gericht tegen het besluit van 27 augustus 2019 onder verwijzing naar de uitspraak van de rechtbank van 24 januari 2020 (ECLI:NL:RBGEL:2020:398) gegrond verklaard. In die uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld dat artikel 12 van de Huisvestingsverordening Nijmegen 2019 onverbindend is wegens strijd met artikel 2 van de Huisvestingswet 2014, omdat de noodzaak voor het vergunningenstelsel gebrekkig is onderbouwd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2888
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202001910/1/A2

202101842/1/R2

Bij besluit van 17 december 2020 heeft de raad van de gemeente Oss het bestemmingsplan "Crematorium Docfalaan Oss - 2020" vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van een crematorium aan de rand van het stedelijk gebied van Oss aan de Docfalaan 2 in Oss. Met het plan worden bij het al bestaande mortuarium een crematorium en een aula mogelijk gemaakt, waardoor er één compleet uitvaartcentrum ontstaat. De burgerwoning op het perceel Docfalaan 12 ten zuiden van het mortuarium wordt bestemd als bedrijfswoning bij het uitvaartcentrum. Het plangebied ligt in de oksel van de Julianasingel en de Docfalaan in een bosrijke omgeving aan de rand van de stad en aan de overzijde van de gemeentelijke begraafplaats. [appellant] en anderen wonen in Oss aan de Heidelaan, de Eikendreef, de Berkenlaan, de Docfalaan, de Lindenstraat, de Kastanjelaan, de Iepenstraat en de Vierwindenlaan. Zij kunnen zich niet verenigen met het plan en de omgevingsvergunning. Zij vrezen voor nadelige effecten van het voorziene crematorium op hun woon- en leefomgeving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2885
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202101842/1/R2

202102423/1/R2

Op 2 februari 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Fryslân naar aanleiding van de uitspraak van de Afdeling van 2 september 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2091, een gewijzigd besluit genomen. Bij besluit van 16 februari 2021 heeft het college het gewijzigde besluit van 2 februari 2021 ingetrokken en een nieuw besluit op bezwaar genomen, waarin staat dat het besluit van 6 juli 2016 in stand blijft. Daarmee is in dit nieuwe besluit een verzoek om handhaving van de verbodsbepalingen zoals genoemd in artikel 11 van de Flora- en Fauna-wet afgewezen. Met het oog op het weer bevaarbaar maken van het Polderhoofdkanaal (PHK) heeft de staatssecretaris bij besluit van 5 april 2013 aan de gemeente Opsterland een ontheffing verleend van de verbodsbepalingen in artikel 11 van Flora- en faunawet over het beschadigen, vernielen of verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen van de waterspitsmuis, grote modderkruiper en gestreepte waterroofkever. Ook is de ontheffing verleend voor het verstoren van nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen van de kleine modderkruiper en groene glazenmaker.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2912
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Flora en fauna
  • uitspraakin de zaak202102423/1/R2

202104076/1/R2

Bij besluit van 9 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sint-Michielsgestel aan [initiatiefneemster] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een parapluhooiberg op het perceel [locatie] te Berlicum. Op 12 juni 2019 heeft [initiatiefneemster] een aanvraag ingediend voor de bouw van een parapluhooiberg op haar perceel. Bij besluit van 9 december 2019 heeft het college met toepassing van artikel 2.10 van de Wabo de vergunning verleend als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo. Bij uitspraak van 28 april 2021 heeft de rechtbank het besluit van 9 december 2019 vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen van dit besluit in stand kunnen blijven. De Vereniging is het oneens met het in stand blijven van de rechtsgevolgen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2928
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202104076/1/R2

202104084/1/R2

Bij besluit van 9 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sint-Michielsgestel aan [initiatiefnemer] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een parapluhooiberg op het perceel [locatie] te Berlicum. Op 12 juni 2019 heeft [initiatiefnemer] een aanvraag ingediend voor de bouw van een parapluhooiberg op het perceel. Bij besluit van 9 december 2019 heeft het college met toepassing van artikel 2.10 van de Wabo de vergunning verleend als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo. Bij uitspraak van 28 april 2021 heeft de rechtbank het besluit van 9 december 2019 vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen van dit besluit in stand kunnen blijven. De Vereniging is het oneens met het in stand blijven van de rechtsgevolgen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2929
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202104084/1/R2

202104085/1/R2

Bij besluit van 9 juli 2019 heeft het college aan [initiatiefnemer] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een parapluhooiberg op het perceel [locatie] te Berlicum. Op 12 juni 2019 heeft [initiatiefnemer] een aanvraag ingediend voor de bouw van een parapluhooiberg op het perceel. Bij besluit van 9 december 2019 heeft het college met toepassing van artikel 2.10 van de Wabo de vergunning verleend als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo. Bij uitspraak van 28 april 2021 heeft de rechtbank het besluit van 9 december 2019 vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen van dit besluit in stand kunnen blijven. De Vereniging is het oneens met het in stand blijven van de rechtsgevolgen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2930
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202104085/1/R2

202104086/1/R2

Bij besluit van 9 juli 2019 heeft het college aan [initiatiefnemer] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een parapluhooiberg op het perceel [locatie] te Berlicum. Op 12 juni 2019 heeft [initiatiefnemer] een aanvraag ingediend voor de bouw van een parapluhooiberg op het perceel. Bij besluit van 9 december 2019 heeft het college met toepassing van artikel 2.10 van de Wabo de vergunning verleend als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo. Bij uitspraak van 28 april 2021 heeft de rechtbank het besluit van 9 december 2019 vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen van dit besluit in stand kunnen blijven. De Vereniging is het oneens met het in stand blijven van de rechtsgevolgen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2931
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202104086/1/R2

202104087/1/R2

Bij besluit van 2 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sint-Michielsgestel aan [initiatiefnemer] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een parapluhooiberg op het perceel [locatie] te Berlicum. Op 12 juni 2019 heeft [initiatiefnemer] een aanvraag ingediend voor de bouw van een parapluhooiberg op het perceel. Bij besluit van 9 december 2019 heeft het college met toepassing van artikel 2.10 van de Wabo de vergunning verleend als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo. Bij uitspraak van 28 april 2021 heeft de rechtbank het besluit van 9 december 2019 vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen van dit besluit in stand kunnen blijven. De Vereniging is het oneens met het in stand blijven van de rechtsgevolgen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2932
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202104087/1/R2

202104381/1/A3

Bij besluit van 21 juni 2019 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties geweigerd om een verklaring van geen bezwaar te verstrekken en heeft hij de eerder verkregen verklaring van geen bezwaar ingetrokken. [appellant] werkt sinds 1 januari 1991 in verschillende functies bij de politie en heeft interesse in de functie Operationeel Specialist C bij de Nationale Politie. Dat is een vertrouwensfunctie waarbij iemand toegang krijgt tot informatie over onder andere zware criminaliteit. Voor die functie is een verklaring van geen bezwaar nodig. In januari 2019 is [appellant] daarom door zijn werkgever aangemeld bij de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst voor een veiligheidsonderzoek. De minister geeft een vgb af als uit het veiligheidsonderzoek van de AIVD geen bezwaren naar voren komen. De minister heeft geweigerd om een vgb te verstrekken en heeft een eerder door hem verleende vgb ingetrokken. De reden daarvoor is dat [appellant] de politiesystemen sinds 2014 ten minste veertig keer voor persoonlijke doeleinden heeft geraadpleegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2902
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202104381/1/A3

202201194/1/R2

Bij besluit van 9 december 2021 heeft de raad van de gemeente Roosendaal het bestemmingsplan "Groot Mariadal" vastgesteld. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] wonen aan de [locatie A], respectievelijk [locatie B]. Vlakbij hun woningen ligt een parkeerplaats. Het bestemmingsplan maakt op die locatie, die ligt in het deelgebied "Oase", de bouw van maximaal 12 woningen mogelijk. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] vrezen dat hierdoor hun woon- en leefomgeving zal worden aangetast. [appellant sub 1] betoogt dat als de raad de maaiveldhoogte in het deelgebied "Oase" wil gaan verhogen tot 2,50 m boven Normaal Amsterdams Peil, dit bij zijn woning tot wateroverlast zal kunnen leiden. Volgens [appellant sub 1] betreft dit een verhoging van op zijn minst 30, maar mogelijk zelfs 70 cm ten opzichte van de bestaande feitelijke situatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2926
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202201194/1/R2

202201472/1/A3

Bij brief van 19 januari 2021 heeft de Algemene Raad van de Nederlandse orde van advocaten aan [appellant] medegedeeld dat hij op grond van artikel 32, tweede lid, van de Advocatenwet voor 2021 een financiële bijdrage is verschuldigd van € 329,00 en dat hij die binnen zes weken moet betalen. De NOvA heeft het hiertegen door [appellant] gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift niet binnen de hiervoor gestelde termijn is ontvangen. In beroep heeft [appellant] aangevoerd dat de NOvA zijn bezwaarschrift ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard, omdat de NOvA de brief waarbij de financiële bijdrage is opgelegd niet rechtsgeldig aan hem heeft bekendgemaakt. De rechtbank heeft geoordeeld dat het besluit van 19 januari 2021 rechtsgeldig aan [appellant] is bekendgemaakt. [appellant] heeft (impliciet) kenbaar gemaakt dat hij langs elektronische weg bereikbaar is. De rechtbank heeft verder geoordeeld dat het bezwaarschrift van 5 juli 2021, dat is gericht tegen het besluit van 19 januari 2021, niet tijdig is ingediend. Naar het oordeel van de rechtbank heeft [appellant] geen geldige reden gegeven die zou moeten leiden tot het oordeel dat de termijnoverschrijding verschoonbaar is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2886
Datum uitspraak
17 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202201472/1/A3
vorige pagina1...126127128...1.271volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon