Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.199
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202401354/1/V2

Bij besluit van 15 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2207
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202401354/1/V2

202600942/2/R4

Bij besluit van 11 oktober 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lopik geweigerd om aan [wederpartij] een omgevingsvergunning te verlenen voor het bouwen van een bedrijfswoning op het perceel [locatie] in Polsbroek. [wederpartij] heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het bouwen van een bedrijfswoning op het perceel. Op grond van het ten tijde van belang ter plaatse geldende bestemmingsplan "Eerste herziening bestemmingsplan Landelijk gebied" was één bedrijfswoning op het perceel toegestaan. In artikel 1.11 van de planregels is een ‘bedrijfswoning’ gedefinieerd als: "een woning in of bij een gebouw of op dan wel bij een terrein voor (het gezin van) een persoon, wiens huisvesting daar, gelet op de bestemming, noodzakelijk is". Het college heeft de gevraagde vergunning geweigerd, omdat de noodzaak voor een bedrijfswoning ontbreekt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2148
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202600942/2/R4

BRS.25.000747

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2169
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000747

BRS.26.000979

Bij besluit van 17 februari 2025, aangevuld bij besluit van 9 januari 2026, heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2166
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.000979

BRS.26.001200

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2168
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001200

BRS.26.001210

Bij besluit van 27 november 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 16 februari 2026 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen daarvan in stand blijven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2149
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001210

BRS.26.001394

Bij besluit van 27 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2151
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001394

BRS.26.001660 en BRS.26.001661

Bij besluit van 4 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2161
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001660 en BRS.26.001661

BRS.26.001752

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2165
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001752

BRS.26.001929

Bij besluit van 17 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie verzoeker in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2203
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001929

202401742/2/A3

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 2 februari 2024 in zaak nr. 22/6459. Die zaak gaat over het verzoek van [appellant] om openbaarmaking van informatie over het aantal aanwezigen in kerkelijke gebouwen in de periode van 14 april 2020 tot 26 oktober 2020. De minister heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van de zienswijzen kennis zal nemen. De zienswijzen bevatten privacygevoelige informatie zoals namen, e-mailadressen en telefoonnummers. Verder staat in de zienswijzen en bijbehorende bijlagen informatie uit de documenten die de minister niet openbaar heeft gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2337
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202401742/2/A3

202504816/1/A2

Bij besluit van 27 april 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht zijn beslissing op schrift gesteld om op dezelfde datum spoedeisende bestuursdwang toe te passen door de auto van [appellante] met kenteken […] weg te slepen en in bewaring te stellen. Het hiertegen door [appellante] gemaakte bezwaar heeft het college bij besluit van 13 juli 2023 ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2351
Datum uitspraak
21 april 2026
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202504816/1/A2

202204773/1/V1

Bij besluit van 19 augustus 2021 heeft het COa de hoogte van de eigen bijdrage van appellant in de kosten van de opvang vastgesteld op € 5.803,33. Bij uitspraak van 13 juli 2022 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen daarvan in stand blijven. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. S. Oukil, advocaat in Utrecht, hoger beroep ingesteld. Het COa en appellant hebben nadere stukken ingediend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2172
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202204773/1/V1

202302945/1/V1

Bij besluit van 12 mei 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om afgifte van een verblijfsdocument EU/EER als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, afgewezen. Bij besluit van 22 september 2022 heeft de staatssecretaris het daartegen door appellant gemaakte bezwaar opnieuw ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 14 april 2023 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2173
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Paspoort
  • uitspraakin de zaak202302945/1/V1

202402148/1/V2

Bij besluit van 8 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 5 april 2024 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. M.P.J.W.M. Govers, advocaat in Tilburg, hoger beroep ingesteld. Appellant heeft nadere stukken ingediend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2171
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202402148/1/V2

202406282/1/V1

Appellanten hebben beroepen ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op aanvragen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2158
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406282/1/V1

202406812/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Bij uitspraak van 14 oktober 2024 heeft de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. A. Khalaf, advocaat in Zwolle, hoger beroep ingesteld. Bij besluit van 29 januari 2026 heeft de minister de aanvraag van appellant ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2175
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406812/1/V1

202504628/1/V2

Bij besluit van 24 april 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 8 augustus 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. A.A. Hardoar, advocaat in Amsterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2176
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504628/1/V2

202504632/1/V2

Bij besluit van 24 april 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 8 augustus 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. A.A. Hardoar, advocaat in Amsterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2174
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504632/1/V2

BRS.24.000429

Bij besluit van 12 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2133
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000429

BRS.25.001623

Bij besluit van 5 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om vervanging of vernieuwing van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2137
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001623

BRS.26.000037

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2131
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.000037

BRS.26.001263

Bij besluit van 16 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2136
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001263

BRS.26.001641

Bij besluit van 29 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2143
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001641

BRS.26.001644 en BRS.26.001645

Bij besluit van 19 augustus 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie de aan appellant verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken, hem opgedragen om de Europese Unie binnen vier weken te verlaten en hem gesignaleerd in het Schengeninformatiesysteem.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2153
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001644 en BRS.26.001645

BRS.26.001839

Bij besluiten van 18 juli 2023 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van verzoekers om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2140
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001839

202206902/2/A3

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 21 oktober 2022 in zaak nr. 21/4136. In die zaak gaat het over het verzoek van [appellant] om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De minister heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van de stukken kennis zal nemen. Het gaat om documenten 1 tot en met 9A in de door de minister ingediende ‘Inventarislijst zienswijzen’. Ten eerste gaat het om ongeschoonde versies van de zienswijzen van derden via e-mail, waarin de persoonsgegevens van de behandelende ambtenaren en de bij de Wob-stukken betrokken ambtenaren en de individuele e-mailadressen van twee Tweede Kamerleden zijn opgenomen. Volgens de minister is dat privacygevoelige informatie die bovendien ook is opgenomen in één of meer documenten waarvan de openbaarmaking het voorwerp van het geschil is. Ten tweede gaat het om de bijlagen van deze zienswijzen. Dat zijn de aan de derden verstrekte versies van de Wob-stukken, waarin de te weigeren passages transparant zijn gekaderd. Met een oordeel over de geheimhouding van deze stukken zou volgens de minister vooruitgelopen worden op het oordeel in de bodemprocedure. Ten derde is in de zienswijze met nummer 4 een passage gelakt, omdat daarin een gesuggereerde motivering van het Wob-besluit van de minister is opgenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2154
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202206902/2/A3

202401622/2/A3

de Autoriteit Persoonsgegevens heeft de vertrouwelijke versies van een aantal gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken. De AP heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van de in het procesverloop onder A t/m F genoemde ongeschoonde stukken kennis zal nemen. De stukken bevatten informatie die de AP heeft opgevraagd in het kader van een door haar ingesteld onderzoek naar de wijze waarop het college op verschillende plaatsen in de binnenstad van Enschede bezoekerstellingen heeft gedaan. Die tellingen vonden plaats in de periode van 25 mei 2018 tot en met 30 april 2020. Volgens de AP bevatten de stukken in de eerste plaats bedrijfs- en fabricagegegevens die vertrouwelijk aan haar zijn vertrekt, waarvan bovendien een deel intellectueel eigendom is van PFM Netherlands B.V. Ook heeft de AP toegelicht dat kennisneming van de ongeschoonde stukken kan leiden tot aantasting van de belangen die zijn gediend met het effectief houden van toezicht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2200
Datum uitspraak
20 april 2026
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202401622/2/A3

BRS.26.000854

Bij besluit van 5 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een inreisverbod tegen appellant uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2124
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.000854

BRS.26.001097

Bij besluit van 20 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant de toegang tot Nederland geweigerd en haar een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2112
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001097

BRS.26.001125 en BRS.26.001127

Bij besluit van 8 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2111
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001125 en BRS.26.001127

BRS.26.001277

Bij besluit van 1 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij geweigerd betrokkene ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2113
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001277

BRS.26.001349

Bij besluit van 4 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2119
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001349

BRS.26.001397

Bij besluit van 12 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2108
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001397

BRS.26.001426

Bij besluit van 11 november 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard en bepaald dat zij de Europese Unie binnen vier weken moet verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2134
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001426

BRS.26.001428

Bij besluit van 11 november 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard en bepaald dat hij de Europese Unie binnen vier weken moet verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2135
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001428

BRS.26.001527 en BRS.26.001528

Bij besluit van 17 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2132
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001527 en BRS.26.001528

BRS.26.001618

Bij besluit van 24 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2144
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001618

BRS.26.001621 en BRS.26.001622

Bij besluit van 4 november 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2114
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001621 en BRS.26.001622

BRS.26.001631

Bij besluit van 24 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en veiligheid een aanvraag om betrokkene een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2117
Datum uitspraak
17 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001631

202500287/1/V1

Bij besluit van 16 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van betrokkenen om hun een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2159
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202500287/1/V1

202600202/2/R4

Bij besluit van 4 juni 2025 heeft de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat aan WPS een last onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van artikel 10.60, tweede lid, van de Wet milieubeheer, in samenhang met artikel 2, onder 35, aanhef en onder 5 a en b, van Verordening (EG) nr. 1013/2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen (de EVOA). In de periode van 5 mei tot en met 20 november 2019 heeft het inmiddels failliete Turner Waste Intermediate B.V. in totaal 2.097.300 kilogram afvalstoffen, bestaande uit aluminiumhydroxide filterkoek, (de afvalstoffen) met vrachtwagentransporten laten overbrengen van de productielocatie van Malvé N.V. in België, naar de op- en overslaglocatie van WPS in Stein. Daar zijn de vrachtwagenladingen met afvalstoffen verzameld en samengevoegd tot één partij afvalstoffen, die in maart 2020 per schip naar Nancyport in Frankrijk is overgebracht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2126
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202600202/2/R4

BRS.26.000796

Bij brief van 25 maart 2026 heeft verzoeker de Afdeling bestuursrechtspraak verzocht om herziening van de uitspraak van 12 januari 2026 in zaak nr. BRS.25.001898, ECLI:NL:RVS:2026:106.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2031
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Herziening
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.000796

BRS.26.001163

Bij besluit van 18 december 2025 heeft het het Centraal Orgaan opvang asielzoekers bepaald dat het de verstrekkingen aan betrokkene krachtens de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 beëindigt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2030
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001163

BRS.26.001413 en BRS.26.001414

Bij besluit van 10 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2032
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001413 en BRS.26.001414

BRS.26.001431

Bij besluit van 9 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2147
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001431

BRS.26.001577

Bij besluit van 3 april 2024, aangevuld bij besluit van 10 oktober 2025, heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2115
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001577

BRS.26.001708 en BRS.26.001709

Bij besluiten van 13 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2146
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001708 en BRS.26.001709

202301951/1/A3

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 13 februari 2023 van de rechtbank Gelderland. Bij die uitspraak heeft de rechtbank het beroep van [appellant] tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk van 27 oktober 2021, waarbij het college het verzoek van [appellant] om zijn gegevens in de basisregistratie personen (brp) te wijzigen heeft afgewezen, ongegrond verklaard. [appellant] heeft gevraagd om wijziging van zijn gegevens in de brp. Het college heeft zich op de zitting nogmaals op het standpunt gesteld dat [appellant] geen procesbelang meer heeft bij het hoger beroep. [appellant] woont niet meer in de gemeente Harderwijk. Volgens het college is het niet alleen niet bevoegd om de gegevens van [appellant] in de brp te wijzigen, maar kan het dat ook niet, omdat de gegevens zich in een andere gemeente bevinden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2238
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202301951/1/A3

202307448/1/A3

[appellant] heeft de burgemeester van Amersfoort verzocht maatregelen te treffen tegen het gedrag van zijn medebewoner. Zijn verzoek ziet op een tijdelijk huisverbod en een gedragsaanwijzing. [appellant] heeft de burgemeester verzocht maatregelen te treffen tegen het gedrag van zijn medebewoner. Zijn verzoek ziet op een tijdelijk huisverbod en een gedragsaanwijzing. De rechtbank heeft geoordeeld dat de burgemeester niet bevoegd was om een gedragsaanwijzing op te leggen. Voor zover [appellant] heeft betoogd dat de burgemeester dat wel was, heeft de rechtbank opgemerkt dat [appellant] eerst gebruik had moeten maken van buurtbemiddeling of een gesprek onder begeleiding van een derde.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2239
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202307448/1/A3

202404137/1/A3

In de uitspraak van 26 juni 2024 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak geoordeeld dat in het mutatierapport van de politie van 30 september 2020 alleen professionele indrukken, meningen of conclusies zijn opgenomen. Het is een weergave van de indrukken en conclusies van de politieambtenaren die zijn afgegaan op een melding van ruzie in de woning. De gegevens in het mutatierapport zijn gebaseerd op hoe de politieambtenaren nadat de melding is gedaan de situatie hebben ervaren en hoe zij hebben gehandeld. De korpschef heeft de gegevens daarom niet hoeven wijzigen. In de uitspraak van 26 juni 2024 heeft de Afdeling geoordeeld dat in het mutatierapport van de politie van 30 september 2020 alleen professionele indrukken, meningen of conclusies zijn opgenomen. Het is een weergave van de indrukken en conclusies van de politieambtenaren die zijn afgegaan op een melding van ruzie in de woning. De gegevens in het mutatierapport zijn gebaseerd op hoe de politieambtenaren nadat de melding is gedaan de situatie hebben ervaren en hoe zij hebben gehandeld. De korpschef heeft de gegevens daarom niet hoeven wijzigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2237
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Herziening
  • Politiegegevens
  • uitspraakin de zaak202404137/1/A3

202600282/2/R2

[appellant] heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 2 december 2025 tot vaststelling van het Natura 2000-beheerplan Nieuwkoopse Plassen & De Haeck 2025-2031. Het Natura 2000-beheerplan Nieuwkoopse Plassen & De Haeck 2025-2031 is een plan als bedoeld in artikel 3.8, derde lid, van de Omgevingswet (Ow). In het beheerplan zijn de instandhoudings- en passende maatregelen beschreven die volgens het college nodig zijn voor het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen in het Natura 2000-gebied. Het beroep van [appellant] is gericht tegen het gehele beheerplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2045
Datum uitspraak
16 april 2026
  • Vereenvoudigde behandeling
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202600282/2/R2

202204023/1/V3

Bij besluit van 5 mei 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2052
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202204023/1/V3

202400965/5/R3

Bij besluit van 14 december 2023 heeft de raad van de gemeente Alphen aan den Rijn het bestemmingsplan "Rijnpark-Hoogewaard West, Koudekerk aan den Rijn" vastgesteld. Deze zaak gaat over het plan om een nieuw bedrijventerrein mogelijk te maken ten zuidoosten van de kern van Koudekerk aan den Rijn. In het oostelijke deel van het plangebied lag in het verleden een cementfabriek, en in het westelijke deel een manege. Ten behoeve van deze ontwikkeling heeft de raad bij besluit van 14 november 2024 het bestemmingsplan vastgesteld. Dat besluit is eerder bij uitspraak van 1 mei 2024, ECLI:NL:RVS:2024:1801, door de voorzieningenrechter van de Afdeling geschorst, omdat het bestemmingsplan er niet aan in de weg stond dat het plangebied volledig kon worden verhard en de realisatie van de beoogde 3100 m² aan waterberging niet in de planregels was geborgd. [appellante sub 2] en anderen betogen dat zij wateroverlast zullen krijgen als gevolg van de omgevingsvergunning van 31 januari 2026.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2125
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202400965/5/R3

202500817/1/V3

Bij besluit van 29 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2050
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202500817/1/V3

202501447/2/R2

Bij besluit van 6 februari 2025 heeft de raad van de gemeente Alphen-Chaam het bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Alphen-Chaam 2023" vastgesteld. Tegen dit besluit heeft [verzoeker] beroep ingesteld. Verder heeft [verzoeker] de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2001
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202501447/2/R2

202501570/1/V2

Bij besluit van 8 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2025
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501570/1/V2

202600433/1/R2 en 202600433/2/R2

Bij besluit van 5 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Altena het handhavingsverzoek van [partijen] niet-ontvankelijk verklaard. De last onder dwangsom gaat over een bouwwerk (de schuilschuur) op het perceel [locatie 1] in Hank. In 1988 heeft het college een vergunning verleend voor de bouw van een schuilschuur met een omvang van 18 m2, maar de schuilschuur is 40,5 m2 groot. Ook zijn er in de schuilschuur onder meer een keukenblok en een bed aanwezig. Op grond van de last dient [verzoekster] de schuilschuur af te breken naar 18 m2 en de woonvoorzieningen (het bed en het keukenblok) te verwijderen. Volgens het college is de schuilschuur te groot en mag er ook niet in verbleven worden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2027
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202600433/1/R2 en 202600433/2/R2

BRS.25.002382

Bij besluit van 23 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2017
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002382

BRS.25.002390

Bij besluit van 9 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1998
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002390

BRS.25.002559

Bij besluit van 11 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1611
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002559

BRS.26.000878

Bij besluit van 26 januari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2011
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.000878

BRS.26.001167

Bij besluit van 25 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij geweigerd verzoeker ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2019
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001167

BRS.26.001275

Bij besluit van 18 juli 2024 heeft het Centraal Orgaan opvang asielzoekers bepaald dat het verzoeker overplaatst naar een opvangvoorziening voor meerderjarigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2004
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001275

BRS.26.001311 en BRS.26.001415

Bij besluit van 6 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2016
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001311 en BRS.26.001415

BRS.26.001371

Bij besluit van 4 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2000
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001371

BRS.26.001387

Bij besluit van 12 januari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2020
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001387

BRS.26.001409

Bij besluiten van 28 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van betrokkenen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2015
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001409

BRS.26.001418 en BRS.26.001435

Bij besluiten van 11 november 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van verzoekers om hen een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1996
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001418 en BRS.26.001435

BRS.26.001493

Bij besluit van 1 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om haar krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2022
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001493

BRS.26.001707

Bij besluit van 19 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2018
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001707

BRS.26.001838

Bij besluit van 3 december 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2110
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001838

202202190/1/A3

Het college van gedeputeerde staten van Utrecht mocht een ontheffing verlenen aan de Faunabeheereenheid Utrecht om gedurende het hele jaar wilde zwijnen in de provincie Utrecht te doden. Het provinciebestuur heeft "aannemelijk gemaakt dat de ontheffing nodig is om ernstige schade te voorkomen, in het belang van de verkeersveiligheid en om ervoor te zorgen dat zieke of gebrekkige dieren niet onnodig lijden." Stichting Animal Rights en Stichting Fauna4Life zijn het niet eens met de ontheffing en kwamen hiertegen eerder in beroep bij de rechtbank Midden-Nederland. De rechtbank gaf hen gelijk. De faunabeheereenheid vroeg de ontheffing aan om het zogeheten nulstandbeleid uit te voeren. Dit beleid wil voorkomen dat in de provincie vrij levende groepen wilde zwijnen zullen komen. Volgens de rechtbank vult het college van gedeputeerde staten de noodzaak voor de ontheffing in door te wijzen op het belang van handhaving van zijn nulstandbeleid. Dat vond de rechtbank onvoldoende. Naar het oordeel van de rechtbank kan het provinciebestuur met de verwijzing naar schadegegevens uit andere provincies niet onderbouwen dat een nulstandbeleid in de provincie Utrecht nodig is om schade, verkeersongevallen en risico’s voor de volksgezondheid te voorkomen. De provincie is het hier niet mee eens en is tegen de uitspraak in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak. En die oordeelt nu in hoger beroep anders dan de rechtbank. Voor het college van gedeputeerde staten is het mogelijk om een concrete dreiging van ernstige schade aannemelijk te maken met verwijzing naar opgetreden schade in situaties die vergelijkbaar zijn. Er kan worden verwezen naar situaties in Gelderland en Limburg, omdat daar aangewezen leefgebieden voor wilde zwijnen zijn, en de situatie in Noord-Brabant, waar ook wilde zwijnen voorkomen. Bovendien wordt de ontheffing op voorhand verleend om ernstige schade te voorkomen, die in dit geval nog niet is opgetreden. Deze ontheffing is juist gericht op het voorkomen dat die ernstige schade in de provincie Utrecht ontstaat. Van het provinciebestuur kan niet worden gevergd dat het eerst het ontstaan van die schade afwacht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2097
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Flora en fauna
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202202190/1/A3

202202911/1/R4

Het college van burgemeester en wethouders van Ermelo heeft terecht dwangsommen opgelegd aan een eendenslachterij. De bezwaren van de eendenslachterij tegen de dwangsommen zijn ongegrond. Uit de uitspraak volgt ook dat het college van B&W gedurende de procedure terecht in totaal € 45.000 aan dwangsommen heeft ingevorderd. Het college van B&W heeft de dwangsommen opgelegd nadat een omwonende om maatregelen tegen de eendenslachterij had gevraagd. Het college heeft de eendenslachterij in 2022 en 2023 opgedragen om aan zes overtredingen een einde te maken. Drie daarvan houden verband met overtredingen van het bestemmingsplan, de drie andere gaan over overtredingen van de milieuvergunning van het bedrijf. Het bedrijf was in hoger beroep gekomen tegen de dwangsommen, maar zijn bezwaren zijn ongegrond verklaard. Dat betekent dat de eendenslachterij aan de door het college geconstateerde overtredingen een einde moet maken. De omwonende was ook in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak. Zij had bezwaren tegen het besluit van het college om de zogenoemde begunstigingstermijn te verlengen. Met dat besluit kreeg het bedrijf langer de tijd om aan de drie overtredingen van het bestemmingsplan een einde te maken. Die overtredingen houden verband met het onterechte gebruik van twee percelen aan de Fokko Kortlanglaan en de verplichting om een houtsingel aan te leggen. De Afdeling bestuursrechtspraak komt in de uitspraak tot de conclusie dat het college van B&W die termijn onterecht met zes maanden heeft verlengd tot eind december 2024. Dat besluit wordt daarom vernietigd. Dat zou echter betekenen dat de eendenslachterij meteen na de uitspraak van 15 april 2026 dwangsommen zou moeten betalen, omdat de oorspronkelijke termijn al ruim verlopen is. Om dat te voorkomen bepaalt de Afdeling bestuursrechtspraak dat het bedrijf nu nog acht weken de tijd krijgt om aan de drie overtredingen van het bestemmingsplan een einde te maken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2081
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202202911/1/R4

202205528/1/R4

Bij besluit van 1 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrechtse Heuvelrug geweigerd om aan Aldi een omgevingsvergunning te verlenen voor het realiseren van een supermarkt aan de Appelgaard in Driebergen-Rijsenburg. Aldi is met een supermarkt gevestigd aan De Traaij 99-103 in Driebergen-Rijsenburg. Zij wil deze supermarkt verplaatsen naar een nieuw te bouwen grotere vestiging aan de Appelgaard. Een supermarkt op deze locatie is in strijd met de hier geldende bestemmingen. Ook is het beoogde supermarktgebouw gedeeltelijk buiten de in de bestemmingsplannen aangegeven bouwvlakken geprojecteerd. Het college heeft geweigerd om aan Aldi omgevingsvergunning te verlenen om de aanwezige bomen op de beoogde locatie te kappen en om een supermarkt in afwijking van de bestemmingsplannen te realiseren. Ten eerste omdat de raad van de gemeente Utrechtse Heuvelrug bij besluit van 25 maart 2021 heeft geweigerd om een verklaring van geen bedenkingen af te geven, die nodig is om de gevraagde omgevingsvergunning voor het afwijken van de bestemmingsplannen te kunnen verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2054
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202205528/1/R4

202205817/1/A3

Bij besluit van 11 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Simpelveld het verzoek van [appellant] om zijn persoonsgegevens in de basrisregistratie persoonsgegevens te wijzigen afgewezen. [appellant] is in de brp opgenomen onder de naam [naam appellant], geboren op [geboortedatum] 1985 te [plaats], China. Dit is gebeurd op basis van een door hem op 18 oktober 2001 in de gemeente Ooststellingwerf onder belofte afgelegde verklaring over zijn persoonsgegevens als bedoeld in artikel 36 van de Wet Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens, thans artikel 2.8, tweede lid, aanhef en onder e, van de Wet basisregistratie personen (Wet brp). Op 30 januari 2020 heeft [appellant] het college verzocht deze persoonsgegevens te wijzigen naar [andere naam], geboren op [geboortedatum] 1978 te [woonplaats], China. Ter onderbouwing van dit verzoek heeft hij een Chinees paspoort overgelegd, afgegeven door de Chinese ambassade te Den Haag op [datum] 2014 op naam van [andere naam], geboren op [geboortedatum] 1978, te [plaats]. Verder heeft [appellant] nog andere documenten overgelegd, zoals een notariële verklaring, een kopie van een verklaring uit het register Permanent verblijf, een kopie van een paspoort uit 1999 en een kopie van een notariële verklaring.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2059
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202205817/1/A3

202206095/1/R2

Bij besluit van 29 september 2022 heeft de raad van de gemeente Drimmelen het bestemmingsplan "Verlengde Elsakker" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de bouw van 88 woningen in het oosten van de kern van Wagenberg mogelijk. Het plangebied wordt omringd door woningen aan de Elsakker, Van Schendelstraat, Wagenstraat, Akkerstraat en door de sportvelden van een voetbalvereniging. De bestaande woningen aan de [locatie 1] en [locatie 2] maken ook deel uit van het plangebied. [appellant sub 6], [appellant sub 4], [appellant sub 5], [appellant sub 2], [appellant sub 3] en [appellanten sub 1] wonen in de directe omgeving van het plangebied. Zij vrezen dat hun woon- en leefklimaat onevenredig wordt aangetast door de woningbouw. Zij betwisten onder andere de behoefte aan de nieuwbouw en betogen dat de nieuwbouw in strijd is met provinciale regelgeving en (gemeentelijk) beleid. Verder ziet het geschil op de buiten het plangebied gelegen Akkerstraat. [appellant sub 2] woont aan de [locatie 3]. De Akkerstraat loopt over zijn gronden naar de Wagenstraat. [appellant sub 2] wil dat dat deel van de Akkerstraat afgesloten kan worden, zodat dat niet meer gebruikt kan worden door de bewoners van zes woningen aan de Akkerstraat. [appellant sub 2] is het niet eens met het bestemmingsplan, omdat daarin niet de mogelijkheid is opgenomen om een ontsluitingsweg via de nieuwe openbare wegen binnen het plangebied te realiseren ten behoeve van die zes woningen. Hierdoor kan hij zijn percelen niet afsluiten en moet hij dat verkeer blijven dulden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2088
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202206095/1/R2

202206897/1/R3

Bij besluit van 29 september 2022 heeft de raad van de gemeente Neder-Betuwe het bestemmingsplan "Willemspolder, fase 1" vastgesteld. Bij besluit van 14 oktober 2022 heeft het college van van gedeputeerde staten van Gelderland aan [partij] ([partij]) een ontgrondingenvergunning verleend voor het ontgronden en herinrichten van een deel van de Willemspolder, fase 1. Bij besluit van 10 oktober 2022 heeft het college van van burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting, bestaand uit de tijdelijke ontgrondings- en herinrichtingsactiviteiten van de Willemspolder, fase 1. Bij besluit van 19 oktober 2022 heeft de minister aan [partij] een watervergunning verleend voor de herinrichting van de Willemspolder, fase 1. [partij] is initiatiefnemer en wil het zand- en kleiwinningsproject Willemspolder, fase 1, uitvoeren. Dit is een onderdeel van het project Midden-Waal, dat bestaat uit de herinrichting van de uiterwaarden aan de noordkant van de Waal, globaal tussen Dodewaard en het Amsterdam-Rijnkanaal. In het project Willemspolder, fase 1 gaat het om het ontgronden en herinrichten van een gebied in de uiterwaarden ten zuiden van IJzendoorn. [partij] wil hier ongeveer 7 miljoen ton oppervlaktedelfstoffen winnen die kunnen worden gebruikt als bouwgrondstoffen. Met het project wordt ook beoogd om de hoogwaterveiligheid te verbeteren en natuur en landschap te ontwikkelen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2061
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Ontgrondingen
  • RO - Gelderland
  • Waterwet
  • uitspraakin de zaak202206897/1/R3

202300535/1/R4

Bij besluit van 24 november 2022 heeft de raad van de gemeente Doetinchem het bestemmingsplan "Hertelerweg 3 - 2022" vastgesteld. Op het perceel Hertelerweg 3 in Gaanderen is een loonwerk- en grondverzetbedrijf gevestigd van Hofstad met bijbehorende loods. Met het plan wordt dit bedrijf positief bestemd. Daarnaast maakt het plan een uitbreiding van het bedrijf mogelijk op het buitenterrein rondom de loods. De uitbreiding gaat volgens de toelichting om manoeuvreerruimte, opslag van onder meer grond in verzamelvakken van maximaal 2 m hoog en een wasruimte voor de machines van het bedrijf. Het grootste deel van het perceel behoudt de bestemming "Agrarisch met waarden". [appellant A] en [appellant B] wonen op het naastgelegen perceel, [locatie], en houden hobbymatig paarden. [appellant A] en [appellant B] ervaren overlast van het bedrijf en vrezen verdere uitbreiding van de bedrijfsvoering. Daarnaast schrikken hun paarden van de activiteiten van het bedrijf. Ook om deze reden hebben zij beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2077
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202300535/1/R4

202301528/1/R3

Bij besluit van 29 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Delft aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het dichtmaken van een opening in het dak en het plaatsen van ramen in de bestaande kozijnen van een bijgebouw in de tuin van zijn woning op het perceel [locatie 1] in Delft. Tot in de jaren '90 van de vorige eeuw stond er een schoolgebouw achter de percelen [locatie 2] en [locatie 1]. In 1998 is een groot deel van het schoolgebouw gesloopt. Van het deel dat is blijven staan, is het dak deels verwijderd. Dat deel van het schoolgebouw is gaan behoren tot het perceel [locatie 1]. Dit overgebleven deel wordt hierna aangeduid als het bijgebouw. Bij besluit van 19 oktober 1999 is bouwvergunning verleend voor het verkleinen en intern verbouwen van het bijgebouw. [partij] is sinds april 2018 eigenaar van het perceel. Hij is halverwege 2019 begonnen met het verbouwen van het bijgebouw. Na een handhavingsverzoek van omwonenden, omdat volgens hen zonder de benodigde omgevingsvergunning werkzaamheden werden verricht, heeft [partij] een omgevingsvergunning aangevraagd. Het college heeft vervolgens bij het in het procesverloop genoemde besluit een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo verleend. Omwonenden zijn het niet eens met de verlening van de vergunning. Zij vrezen voor een aantasting van hun woongenot.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2069
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301528/1/R3

202302453/1/A3

Bij besluit van 26 mei 2021 heeft het college van bestuur van de Universiteit Leiden beslist op een verzoek van [appellante] om openbaarmaking van informatie. De Nederlandse faciliteit voor elektronenmicroscopie (hierna: de NeCEN) is een onderzoeksinstituut dat ressorteert onder de Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen van de Universiteit Leiden. De NeCEN heeft in opdracht en ten behoeve van farmaceutisch bedrijf Janssen tegen betaling onderzoeks-werkzaamheden verricht in het kader van de ontwikkeling van een coronavaccin. De rechtbank heeft overwogen dat het overgrote deel van de geïnventariseerde documenten e-mailberichten betreft waarin wordt gecorrespondeerd over de wijze waarop de overeenkomst wordt uitgevoerd, bijvoorbeeld over wanneer monsters worden aangeleverd en onderzocht. Het college heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat deze berichten niet onder de reikwijdte van het verzoek vallen omdat ze geen informatie bevatten over financiële transacties met vaccinfabrikanten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2093
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202302453/1/A3

202302457/1/A3

Bij besluit van 6 april 2022 heeft het College van Bestuur van de Universiteit Leiden beslist op een verzoek van [appellante] om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur. [appellante] heeft het college verzocht om openbaarmaking van de volgende op de website van de Universiteit Leiden vermelde documenten: ‘publiek-private activiteiten’, ‘projectbeheer’ en ‘facturering’. Het gaat om de versies van de documenten die op 23 september 2021 op de website waren geplaatst. Ook heeft [appellante] het college verzocht om openbaarmaking van alle documenten met betrekking tot de afhandeling van haar bezwaarschrift door het college in een eerdere Wob-procedure. Het gaat daarbij om interne correspondentie van het college, de correspondentie van het college met de commissie, met zijn advocaat, met Janssen Vaccines & Prevention B.V. en met eventuele andere derden. [appellante] betoogt dat de uitzonderingsgrond met betrekking tot de financiële belangen als bedoeld in artikel 10, tweede lid, aanhef en onder b, van de Wob niet van toepassing kan zijn op de bedragen in de tarieflijst en op de Regeling Werken voor Derden

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2094
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202302457/1/A3

202304291/1/A3

Bij besluiten van 15 april 2021 en 12 mei 2021 heeft de minister van Financiën de verzoeken van [appellant A] en [appellante B] op grond van artikel 28 van de Wet politiegegevens (Wpg) om verwijdering van gegevens afgewezen. In het kader van een strafrechtelijk onderzoek naar belastingadviseur [belastingadviseur] heeft de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) verschillende gegevens over hem gevorderd bij clouddienstaanbieder BaseNet Internet Project B.V. (BaseNet), waaronder het klantdossier van [appellant A] en [appellante B]. BaseNet heeft deze gegevens vervolgens uitgeleverd. In de strafrechtelijke procedure hebben [appellant A] en [appellante B] zich op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) beklaagd over de vorderingen aan BaseNet. De strafrechter heeft die vorderingen rechtmatig bevonden, maar wel bepaald dat het klantdossier moest worden vernietigd. Dit omdat er, kort gezegd, geen (strafvorderlijke) noodzaak meer bestond om in de betreffende fase het klantdossier voor de waarheidsvinding in de betrokken onderzoeken te gebruiken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2066
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Politiegegevens
  • uitspraakin de zaak202304291/1/A3

202305277/1/A3

Bij besluit van 21 december 2021 heeft het Raad van Bestuur van het Universitair Medisch Centrum Utrecht een verzoek van [appellant sub 2] om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur gedeeltelijk ingewilligd. [appellant sub 2] heeft het UMCU verzocht om openbaarmaking van "alle documenten die betrekking hebben op afspraken, overeenkomsten, contracten, consultancycontracten, dienstverleningsovereenkomsten, sprekersovereenkomsten, sponsorovereenkomsten en contracten zoals benoemd in de Gedragscode Medische Hulpmiddelen (GMH) die zijn gesloten tussen 1 januari 2019 en heden tussen uw ziekenhuis en/of in uw ziekenhuis werkzame zorgprofessionals enerzijds en (rechts)personen die een medisch hulpmiddel produceren, in de handel brengen, invoeren, in voorraad hebben, wederverkopen, afleveren dan wel aan een hulpmiddel gerelateerde activiteiten verlenen anderzijds." Het UMCU heeft 155 documenten gevonden die vallen onder de reikwijdte van het Wob-verzoek en heeft besloten om deze documenten gedeeltelijk openbaar te maken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2095
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202305277/1/A3

202305278/1/A3

Bij besluit van 30 november 2021 heeft het Raad van Bestuur van het Leids Universitair Medisch Centrum een verzoek van [appellant sub 2] om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur gedeeltelijk ingewilligd. [appellant sub 2] heeft het LUMC verzocht om openbaarmaking van "alle documenten die betrekking hebben op afspraken, overeenkomsten, contracten, consultancycontracten, dienstverleningsovereenkomsten, sprekersovereenkomsten, sponsorovereenkomsten en contracten zoals benoemd in de Gedragscode Medische Hulpmiddelen (GMH) die zijn gesloten tussen 1 januari 2019 en heden tussen uw ziekenhuis en/of in uw ziekenhuis werkzame zorgprofessionals enerzijds en (rechts)personen die een medisch hulpmiddel produceren, in de handel brengen, invoeren, in voorraad hebben, wederverkopen, afleveren dan wel aan een hulpmiddel gerelateerde activiteiten verlenen anderzijds." Het LUMC heeft 20 documenten gevonden die vallen onder de reikwijdte van het Wob-verzoek en heeft besloten om deze documenten gedeeltelijk openbaar te maken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2096
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202305278/1/A3

202306546/1/R4

In het besluit van 22 maart 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland goedkeuring verleend aan het hernieuwde acceptatieprotocol van 9 maart 2021 voor baggerdepot De Slufter. De Slufter is een baggerdepot voor het verwijderen en storten van niet-toepasbare baggerspecie op de Maasvlakte bij Rotterdam. Bij besluit van 22 maart 2021 heeft het college goedkeuring verleend aan het hernieuwde acceptatieprotocol voor baggerdepot De Slufter. Met het acceptatieprotocol wordt de acceptatie van PFAS houdende baggerspecie boven het herverontreinigingsniveau in De Slufter mogelijk gemaakt. BMN is gespecialiseerd in de acceptatie en verwerking van toepasbare baggerspecie, waaronder toepasbare met PFAS houdende baggerspecie, op het adres Tweede Bloksweg 54B-56 in Waddinxveen. BMN heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 22 maart 2021, omdat zij vreest voor inkomstenderving. Het college heeft het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift na afloop van de bezwaartermijn is ontvangen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2068
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak202306546/1/R4

202306592/1/R1

Bij besluit van 7 december 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere het verzoek van [appellant sub 1] om handhavend op te treden tegen de (ver)bouwwerkzaamheden aan de buitenzijde en het dak van de panden op de [locatie 1] en [locatie 2] in Domburg afgewezen. [appellant sub 2] is eigenaar van een voormalige smederij aan de [locatie 2] (de voormalige smederij) in Domburg. [appellant sub 1] is eigenaar van de aangrenzende woning aan de [locatie 1] (het woonhuis). Deze twee panden vormden oorspronkelijk één pand, maar op enig moment zijn deze kadastraal gesplitst in twee panden. [appellant sub 2] heeft in 2019 besloten de voormalige smederij aan de binnenzijde te verbouwen tot twee recreatiewoningen en heeft hiervoor een omgevingsvergunning aangevraagd. Deze is bij besluit op bezwaar van 15 oktober 2020 verleend. Daarna is [appellant sub 2] in 2021 gestart met de (ver)bouwwerkzaamheden. Hierbij heeft hij onder meer het dak aan de buitenzijde laten isoleren, waardoor het dak hoger is komen te liggen. Verder heeft hij onder meer aan de noordwestelijke gevel aan de achterkant van de voormalige smederij een nieuwe dakgoot geplaatst. Deze dakgoot hangt boven het perceel van [appellant sub 1].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2070
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202306592/1/R1

202306777/1/R4

Het bestemmingsplan ‘Nijkerkerveen deelplan 3 2023’ van de gemeente Nijkerk is definitief. Dat betekent dat de gemeente door mag met de plannen voor zo'n 350 nieuwe woningen voor starters, senioren en gezinnen in Nijkerkerveen. Een horecagroothandel, een vleeshandelsbedrijf en enkele inwoners van Nijkerkerveen zijn het niet eens met het bestemmingsplan. Zij voerden in beroep tal van bezwaren aan zoals over geluidsoverlast, verkeersproblemen en wateroverlast. De Afdeling bestuursrechtspraak gaf twee bezwaarmakers gedeeltelijk gelijk. De Afdeling bestuursrechtspraak constateerde twee gebreken in het plan; een daarvan ging over de aantasting van het uitzicht door de geplande geluidsschermen. In de planregels was een groene uitvoering van de geluidsschermen niet verzekerd, terwijl dit volgens de gemeenteraad wel noodzakelijk is voor een goede landschappelijke inpassing. De Afdeling bestuursrechtspraak zag in dit geval de mogelijkheid om 'zelf in de zaak te voorzien', zoals dat heet. Zij heeft aan de regels in het bestemmingsplan toegevoegd dat de geluidsschermen 'groen' moeten worden uitgevoerd. Door zelf in de zaak te voorzien heeft de Afdeling bestuursrechtspraak de geconstateerde gebreken in het bestemmingsplan zelf hersteld. Hiermee is ook het derde deelplan van het grotere woningbouwproject van de gemeente voor zo'n 350 woningen in Nijkerkerveen definitief.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2057
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202306777/1/R4

202307182/2/R3

Bij tussenuitspraak van 9 juli 2025, ECLI:NL:RVS:2025:3095, heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Aa en Hunze opgedragen om binnen 12 weken na verzending van de tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 17 augustus 2022, waarbij een verleende omgevingsvergunning voor het realiseren van een dakopbouw in stand is gelaten, te herstellen. Het college heeft een omgevingsvergunning verleend voor het legaliseren van een dakopbouw op en aan de woning op het adres Kruisakkers 9 in Annen. Bij besluit van 17 augustus 2022 heeft het college die omgevingsvergunning in stand gelaten en daaraan twee adviezen van de Adviescommissie voor omgevingskwaliteit (welstandscommissie) ten grondslag gelegd. De rechtbank heeft het beroep van [appellant A] en [appellant B] tegen dat besluit ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2084
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202307182/2/R3

202307260/1/R2

Bij besluit van 28 september 2023 heeft de raad van de gemeente Land van Cuijk het bestemmingsplan "Torenstraat 41 Sambeek" vastgesteld. Het plan voorziet in een verbouwing en modernisering van het voormalige kloostergebouw van de Dominicanessen van de heilige Catharina van Siena tot twaalf wooneenheden, alsmede ten zuiden van het kloostergebouw in nieuwbouw van een gebouw met zestien appartementen, op het perceel Torenstraat 41 in Sambeek. De woningen zijn alle vooral bedoeld voor senioren. [appellant A] en anderen wonen aan de [locatie 1], [locatie 2] en [locatie 3], aan de overzijde van de planlocatie, en vrezen voor nadelige gevolgen voor hun woon- en leefklimaat door de verbouw en de nieuwbouw. [partij A] en [partij B] zijn de initiatiefnemers van de woningbouwontwikkeling. [appellant A] en anderen betogen dat het bestemmingsplan in strijd met artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is vastgesteld. Er is niet aangetoond dat er een behoefte is aan seniorenwoningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2056
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202307260/1/R2

202401012/1/R4

Bij besluit van 19 december 2023 heeft de raad van de gemeente Amersfoort het bestemmingsplan "Hogeweg 170-176" vastgesteld. Het bestemmingsplan heeft betrekking op de percelen Hogeweg 170, 172, 174 en 176 en een braakliggende bedrijfskavel ten westen van de Hogeweg 170 in Amersfoort. De gemeente Amersfoort heeft de wens om op meerdere plekken gemengde stedelijke milieus te creëren, waar wonen, werken en voorzieningen samengaan. Aan de drie (burger)woningen aan de Hogeweg 170, 174 en 176 wordt de bestemming "Bedrijfswoning" toegekend om daar woon-werklocaties te faciliteren. Daarnaast voorziet het bestemmingsplan in de oprichting van een autowasserij op het braakliggende terrein. Happy Duck B.V. is de beoogde exploitant. Ten behoeve van de autowasserij worden 24 doe-het-zelf autowasplaatsen en 12 doe-het-zelf autostofzuigplaatsen gerealiseerd. [appellant] woont aan de [locatie A], schuin tegenover de voorziene autowasserij. Schuin achter deze woning ligt de woning aan de [locatie B]. [appellant] is eigenaar en verhuurder van deze woning. [appellant] vreest met name voor aantasting van het woongenot vanwege licht- en geluidhinder door de realisatie van de autowasserij.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2091
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202401012/1/R4

202402868/1/A3

Bij besluit van 4 augustus 2022 heeft de burgemeester van Heerlen de woning van [appellant] voor een periode van twaalf maanden gesloten. [appellant] woonde in de woning aan de [locatie 1] in Hoensbroek. Naar aanleiding van een onderzoek in de woning aan de [locatie 2] in Heerlen, waar een hoeveelheid drugs in beslag is genomen, is de politie op 16 juni 2022 de woning van [appellant] binnengetreden. Op de tafel in de woonkamer lagen 46 sealtjes, bedrukt met een Pablo Escobar logo, gevuld met 17,3 gram cocaïne, 89 gripzakjes met 233 gram hennep en een weegschaal met residu, verschillende maten gripzakjes en lege ongebruikte coke-sealtjes. In de slaapkamer lag nog één gripzakje met 2,46 gram MDMA. De politie heeft van de doorzoeking een bestuurlijke rapportage opgesteld. De burgemeester heeft bij het besluit van 4 augustus 2022 de woning van [appellant] voor een periode van twaalf maanden gesloten. De burgemeester heeft de sluiting bij het besluit van 16 januari 2023 gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2067
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • uitspraakin de zaak202402868/1/A3

202403256/1/R2

Bij besluit van 4 april 2024 heeft de raad van de gemeente Maashorst het bestemmingsplan "Sport en Spel Reek 2024" vastgesteld. De raad wil met het bestemmingsplan de realisatie van een multifunctionele sportaccommodatie aan de Monseigneur Suijsstraat 35-37 in Reek juridisch-planologisch mogelijk maken. Op de locatie is nu een voetbalvereniging gevestigd met drie voetbalvelden. Het bestaande sportcomplex wordt ten oosten van de bestaande voetbalvelden uitgebreid met een nieuw gedeelte, waar onder meer vier tennisvelden en twee padelbanen worden gerealiseerd. De twee padelbanen zijn ten zuiden van de vier tennisvelden voorzien. [appellant] woont op het perceel aan de [woonplaats] in Reek, dat aan de noordzijde van het plangebied grenst. Hij is het niet eens met het plan, onder meer omdat hij vreest voor nadelige effecten van met name het geluid van de twee padelbanen op zijn woon- en leefomgeving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2083
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202403256/1/R2

202403757/1/R2

Bij besluit van 22 april 2024 heeft de raad van de gemeente Geldrop-Mierlo het bestemmingsplan "Mierloseweg 40 Geldrop" vastgesteld. Het bestemmingsplan Mierloseweg 40 maakt de bouw van een complex met 40 appartementen en een parkeergarage mogelijk aan de Mierloseweg 40 in Geldrop. Het college heeft de bijbehorende omgevingsvergunning verleend. Deze besluiten zijn gecoördineerd voorbereid en bekendgemaakt met toepassing van artikel 3.30 van de Wro. Het bestaande bedrijfspand zal worden gesloopt. Houta Groep B.V. wil deze ontwikkeling realiseren. [appellante] is eigenaar van het perceel aan [locatie] op zo’n 35 m van het plangebied. Zij verhuurt het perceel en hierop wordt een Gamma-bouwmarkt geëxploiteerd. Aan het perceel is in het bestemmingsplan "Woongebieden Zuid Oost Geldrop" de bestemming "Detailhandelsdoeleinden" toegekend. [appellante] vreest dat door de woningbouwplannen op omliggende gronden haar gebruiksmogelijkheden worden beperkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2082
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202403757/1/R2

202404654/1/R1

Op 9 november 2023 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan Fastned B.V. een vergunning verleend voor het realiseren van een shop/wachtvoorziening als aanvullende voorziening bij haar energielaadpunt op verzorgingsplaats De Brink, langs de rijksweg A50 ter hoogte van km 202,0 HRL in de gemeente Apeldoorn. Fastned heeft op 25 juli 2022, aangevuld op 16 juni 2023, een vergunning op grond van artikel 2, eerste lid, van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken (Wbr) aangevraagd voor het realiseren van een shop/wachtvoorziening met vijf parkeerplaatsen als aanvullende voorziening bij haar energielaadpunt als basisvoorziening op verzorgingsplaats De Brink. De aangevraagde voorziening voorziet volgens de bij de aanvraag behorende tekening onder andere in een tweelaags gebouw met toiletgroepen, een ruimte met zitplaatsen, een ruimte waar eten/drinken wordt aangeboden en een bediende counter met daarachter een koelruimte/opslag. Bij besluit van 9 november 2023 heeft de minister de gevraagde vergunning verleend. Op de verzorgingsplaats De Brink zijn drie basisvoorzieningen aanwezig. EG Retail exploiteert een basisvoorziening voor een benzinestation. La Place Food Vastgoed B.V. exploiteert een basisvoorziening voor een wegrestaurant. Op het parkeerterrein van het wegrestaurant zijn elektrische laadpunten voor twee laadplekken als aanvullende voorziening aanwezig.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2080
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202404654/1/R1

202404807/1/R2

Bij besluit van 10 juni 2024 heeft de raad van de gemeente Geldrop-Mierlo het bestemmingsplan "Bleekvelden 1-26 Geldrop" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt onder meer de bouw van een complex met 51 appartementen en een parkeergarage mogelijk aan De Bleekvelden 24-26 in Geldrop. Het bestaande pand, met daarin een sportschool en dienstwoning, zal daarvoor worden gesloopt. De initiatiefnemer van deze ontwikkeling aan De Bleekvelden 26 is Manche Onroerend Goed. Daarnaast worden de reeds krachtens een omgevingsvergunning gerealiseerde woningen aan De Bleekvelden 1-20 en de maatschappelijke functie aan De Bleekvelden 21 in dit plan als zodanig bestemd. [appellante] is eigenaar van het perceel aan De Bleekvelden 30. Dit perceel grenst aan het plangebied. Zij verhuurt het perceel en hierop wordt een Gamma-bouwmarkt geëxploiteerd. Aan het perceel is in het bestemmingsplan "Woongebieden Zuid Oost Geldrop" de bestemming "Detailhandelsdoeleinden" toegekend. [appellante] vreest dat door de woningbouwplannen op omliggende gronden haar gebruiksmogelijkheden worden beperkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2079
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202404807/1/R2

202404891/1/R2

Bij besluit van 10 juni 2024 heeft de raad van de gemeente Geldrop-Mierlo het bestemmingsplan "Mierloseweg 28-38 Geldrop" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de bouw van een complex met 81 appartementen en een parkeergarage mogelijk aan Mierloseweg 28-38 in Geldrop. De bestaande bebouwing zal daarvoor worden gesloopt. De initiatiefnemer van deze ontwikkeling is Emway B.V. [appellante] is eigenaar van het perceel aan De Bleekvelden 30. Zij verhuurt het perceel en hierop wordt een Gamma-bouwmarkt geëxploiteerd. [appellante] vreest dat door de woningbouwplannen op omliggende gronden haar gebruiksmogelijkheden worden beperkt. De gemeente heeft de ambitie om locatie De Bleekvelden te transformeren naar een woongebied. Daarvoor zijn vier ontwerpbestemmingsplannen ter inzage gelegd, waarvan er drie door de raad zijn vastgesteld. Tegen al deze drie bestemmingsplannen heeft [appellante] beroep ingesteld. Het betreft dit bestemmingsplan "Mierloseweg 28-38" en de bestemmingsplannen "Mierloseweg 40" en "Bleekvelden 1-26". Het vierde ontwerpbestemmingsplan ziet onder meer op het perceel van [appellante]. De raad heeft toegelicht dat op langere termijn de verplaatsing van de Gamma naar bedrijventerrein De Barrier of een andere locatie wordt beoogd. Het perceel van [appellante] zal dan vervolgens ook worden bestemd voor woningbouw.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2078
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202404891/1/R2

202404934/1/R2

Bij besluit van 4 juli 2024 heeft de raad van de gemeente Boekel het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Lage Raam" vastgesteld. De raad wil met het bestemmingsplan de realisatie van het bedrijventerrein Lage Raam juridisch-planologisch mogelijk maken. Met de realisatie van het bedrijventerrein wil de raad voorzien in de behoefte aan bedrijfskavels in de gemeente Boekel. In het plangebied wonen [appellanten sub 1] aan de [locatie 1]. Zij zijn het niet eens met het plan, onder meer omdat in het plan geen rekening wordt gehouden met hun woning. Ook [appellanten sub 2] wonen in het plangebied en exploiteren een melkveebedrijf aan de [locatie 2]. Zij zijn het niet eens met het plan, omdat geen rekening wordt gehouden met hun woning en melkveebedrijf.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2087
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202404934/1/R2

202405005/2/A3

[appellant sub 1] en de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Midden­Nederland van 5 juli 2024 in zaak nr. 23/123. De minister heeft twee documenten overgelegd en de Afdeling verzocht om toepassing van artikel 8:29 van de Awb. De geheimhoudingskamer van de Afdeling heeft kennisgenomen van deze twee documenten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2046
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202405005/2/A3

202405180/1/R4

Bij besluit van 2 juli 2024 heeft de raad van de gemeente Oost Gelre het bestemmingsplan "Flierbeek fase 3 ’t Flierbos Lichtenvoorde" vastgesteld. Het plan heeft betrekking op fase 3 van de in ontwikkeling zijnde woonwijk Flierbeek. Fase 3 betreft het deelgebied ’t Flierbos waar ongeveer 70 woningen zijn voorzien. Ten noordwesten van het plangebied aan de [locatie] ligt het bedrijfsterrein waarop [appellante B] is gevestigd en dat in eigendom is van [appellante A]. Zij vrezen voor een belemmering in de bedrijfsvoering en daardoor een waardedaling van het perceel. [appellante A] en [appellante B] voeren aan dat op een afstand van ongeveer 20 m van hun bedrijfsterrein een ontmoetingsplaats in een voedselbos is voorzien. Dit betreft een geluidgevoelig object. Uit het "Akoestisch onderzoek bedrijf tbv woningbouw fase 3 Flierbeek Lichtenvoorde" van Adviesburo Van der Boom van 19 mei 2021 (akoestisch onderzoek uit 2021) volgt dat ter plaatse moet worden gevreesd voor geluidhinder van hun bedrijfsterrein. Dit betekent volgens [appellante A] en [appellante B] dat op de ontmoetingsplaats geen goed woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd en dat zij zullen worden belemmerd in hun bedrijfsvoering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2055
Datum uitspraak
15 april 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202405180/1/R4
vorige pagina1234...1.242volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon