Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.375
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202300003/1/A2

Bij besluit van 15 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lisse twee parkeerplaatsen op de Lijsterlaan in Lisse aangewezen voor het opladen van elektrische voertuigen. Bij besluit van 8 juni 2021 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard en het besluit van 15 december 2020 gedeeltelijk herroepen door slechts één parkeerplaats op de Lijsterlaan in Lisse aan te wijzen voor het opladen van elektrische voertuigen. Dit geschil gaat over de voorbereiding en over de evenredigheid en motivering van het besluit van het college om in de Lijsterlaan, nabij de kruising met de [locatie 1], een oplaadplek aan te wijzen. [appellant] woont in de hoekwoning op de [locatie 2] bij de kruising met de Lijsterlaan. Het college heeft een aanvraag ontvangen van een bewoner van de woning aan de [locatie 3] om een oplaadplek aan te wijzen. Volgens het gemeentelijk beleid was de uniforme openbare voorbereidingsprocedure, als bedoeld in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, van toepassing op de voorbereiding van het besluit van 15 december 2020. Die procedure is niet gevolgd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1945
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202300003/1/A2

202300506/1/R1

Bij besluit van 26 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Castricum aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een woning op het perceel [locatie 1] te Limmen. [vergunninghouder] heeft op 12 februari 2020 een aanvraag om een omgevingsvergunning ingediend voor het bouwen van een woning op het perceel. Ter plaatse geldt het bestemmingsplan "Buitengebied Castricum". Het perceel heeft de bestemmingen "Wonen" en "Waarde - Archeologie 2" met de aanduidingen "schuilstallen" en "weidevogelleefgebied". Het bouwplan is in strijd met het bestemmingsplan. Het perceel heeft namelijk geen bouwvlak en hoofdgebouwen mogen alleen binnen een bouwvlak worden gebouwd. [appellant] en anderen wonen op korte afstand van het perceel en kunnen zich om verschillende redenen niet verenigen met dit besluit. De rechtbank heeft het beroep tegen het besluit ongegrond verklaard. [vergunninghouder] heeft op 22 december 2023 het college gevraagd om de op 26 april 2021 verleende vergunning te wijzigen in het kader van verduurzaming.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1964
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202300506/1/R1

202300579/3/A2

Het wettelijk kader is opgenomen in de bijlage, die deel uitmaakt van deze uitspraak. Bij de intrekking van het hoger beroep, heeft Optare Rei verzocht om proceskostenveroordeling en schadevergoeding. Bij deze uitspraak beslist de Afdeling op het verzoek om proceskostenveroordeling en bij andere uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2024:1847, beslist zij op het verzoek om schadevergoeding.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1846
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Vereenvoudigde behandeling
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202300579/3/A2

202300579/4/A2

Bij besluit van 4 oktober 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [verzoekster] twee bestuurlijke boetes opgelegd van in totaal € 41.000,00. Bij de intrekking van het hoger beroep, heeft [verzoekster] verzocht om schadevergoeding en proceskostenveroordeling. Bij deze uitspraak beslist de Afdeling op het verzoek om schadevergoeding en bij andere uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2024:1846, beslist zij op het verzoek om proceskostenveroordeling. [verzoekster] heeft verzocht om terugbetaling van het betaalde deel van de boetes met wettelijke rente. [verzoekster] heeft daarnaast verzocht om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1847
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202300579/4/A2

202300891/1/R2

Bij besluit van 15 november 2022 heeft de raad van de gemeente Reusel-De Mierden het bestemmingsplan "Buitengebied, Neterselsedijk ong. Lage Mierde" vastgesteld. Tegen dit besluit heeft [appellanten] beroep ingesteld. De raad heeft een verweerschrift ingediend. [partij A] en [partij B] (hierna gezamenlijk en in enkelvoud: [partij]) hebben een schriftelijke uiteenzetting gegeven. Het bestemmingsplan maakt het mogelijk om twee Ruimte-voor-Ruimtewoningen te bouwen aan de Neterselsedijk in Lage Mierde. [partij] is de initiatiefnemer van het plan. Hij is eigenaar van een agrarisch bedrijf en eigenaar van de grond waarop de woningen moeten komen. De raad werkt mee aan dit plan als gevolg van zijn medewerking in het kader van de provinciale Programma Aanpak Stikstof (PAS). [partij] heeft namelijk eerder een deel van zijn grond verkocht aan de provincie om dat om te vormen tot natuur (Natuur Netwerk Brabant). Volgens de raad zijn deze Ruimte-voor-Ruimte woningen nodig voor een toekomstbestendige bedrijfsvoering voor [partij]. 3. [appellanten] woont aan de [locatie] in Lage Mierde, ten oosten van het plangebied. Hij kan zich niet verenigen met het plan, omdat hij vreest dat het plan zal leiden tot een belemmering van zijn uitzicht en van de waardevolle doorkijken vanaf de Neterselsedijk naar het ten noorden ervan gelegen natuurgebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1947
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202300891/1/R2

202300964/1/A2

Bij twee afzonderlijke besluiten van 10 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant A] en [appellant B] ieder een bestuurlijke boete opgelegd van € 6.000,00, wegens de omzetting van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte zonder de daarvoor benodigde vergunning. Bij twee afzonderlijke besluiten van 7 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de door [appellant A] en [appellant B] daartegen gemaakte bezwaren ongegrond verklaard. Het wettelijk kader is opgenomen in de bijlage, die deel uitmaakt van deze uitspraak.[appellant A] en [appellant B] zijn gezamenlijk eigenaren van de woning aan [locatie 1]-[locatie 2] in Amsterdam Na een melding van woningfraude is onderzoek verricht naar het gebruik van de woning. Op 30 oktober 2019 hebben toezichthouders de woning bezocht, waarvan een rapport van bevindingen is opgemaakt (hierna: het rapport). In het rapport staat dat de toezichthouders bij het huisbezoek twee personen in de woning hebben aangetroffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1971
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202300964/1/A2

202301330/1/R1

Bij brief van 3 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Beverwijk bekend gemaakt dat van rechtswege een omgevingsvergunning is verleend aan [appellante] voor de wijziging van een bedrijfspand naar zeven appartementen op het perceel [locatie A] in Beverwijk. Bij besluit van 28 september 2021 heeft het college het door [persoon] daartegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard. Het college heeft de van rechtswege verleende vergunning herroepen en de aanvraag om de omgevingsvergunning geweigerd. [appellante] is eigenaar van het gebouw op de [locatie A] te Beverwijk (hierna: het perceel). Het perceel heeft een ingang aan de Alkmaarseweg en ligt voor het overige grotendeels achter de naastgelegen woningen. Het perceel is omringd door tuinen en woningen gelegen aan de Alkmaarseweg en de Grote Houtweg. [appellante] heeft een omgevingsvergunning aangevraagd om in afwijking van het bestemmingsplan zeven appartementen te realiseren in het bedrijfspand. Het college heeft in bezwaar alsnog geweigerd om de omgevingsvergunning te verlenen. De rechtbank heeft het daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. [appellante] kan zich daarmee niet verenigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1976
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301330/1/R1

202302379/1/R1, 202206937/1/R1 en 202302380/1/R1

Bij besluit van 5 juli 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Montfoort bewoners geïnformeerd over de verplaatsing van de verzamelcontainers ter hoogte van de Waterpoort/Boslaan in Montfoort naar de locatie ter hoogte van de parkeerplaats aan de Verlengde Hoogstraat en heeft het daarbij die locatie aangewezen voor de verzamelvoorziening van huishoudelijk restafval. Op 5 juli 2021 heeft het college bewoners geïnformeerd over de verplaatsing van de verzamelcontainers ter hoogte van de Waterpoort/Boslaan in Montfoort naar de locatie ter hoogte van de parkeerplaats aan de Verlengde Hoogstraat en heeft het daarbij laatstgenoemde locatie aangewezen voor de verzamelvoorziening van huishoudelijk restafval. Volgens dit besluit vormt het plaatsen van afval op de huidige locatie een probleem, omdat er afval naast de verzamelcontainers wordt gezet en dit afval verwaait in de Hollandsche IJssel. In de brief van 20 juli 2021 heeft het college aan de bewoners laten weten dat de verplaatsing zal worden uitgesteld. Op 16 december 2021 heeft het college de bewoners gemeld dat de verzamelcontainers niet worden verplaatst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1962
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202302379/1/R1, 202206937/1/R1 en 202302380/1/R1

202304195/1/R3

Bij besluit van 10 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Brielle aan [appellante] een last onder bestuursdwang opgelegd. De last houdt in dat het college werkzaamheden laat verrichten om zes van de geconstateerde overtredingen van de verleende omgevingsvergunning en het Bouwbesluit 2012 aan de woning op het perceel [locatie] te beëindigen. Bij besluit van 26 april 2017 is aan EPS Bouw NL B.V. een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van zes geschakelde woningen aan de Burgemeester H. van Sleenstraat in Brielle. Bij inspectiebezoeken door de gemeente tijdens de bouwfase bleek dat de constructie van de woningen strijdig was met het Bouwbesluit en de verleende omgevingsvergunning: er werden 36 overtredingen vastgesteld. EPS Bouw is eind 2019 failliet gegaan. De boedel bood, volgens het college, geen verhaal. Ondertussen vonden er, parallel aan de procedure tegen EPS Bouw, gesprekken plaats tussen de gemeente en de eigenaren van de woningen (onder wie [appellante]). Met de andere eigenaren heeft de gemeente overeenstemming bereikt over het ongedaan maken van de overtredingen en het afbouwen van de woningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1961
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202304195/1/R3

202305729/1/A2

Bij beslissing van 26 april 2023 heeft het college vastgesteld dat aan [appellant] een dwangsom ter hoogte van € 427,00 is verschuldigd vanwege het niet tijdig beslissen op zijn bezwaar tegen de beslissing van 21 november 2022. Bij beslissing van 18 juli 2023 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard en de hoogte van de verbeurde dwangsommen nader vastgesteld op € 450,00. [appellant] heeft aangevoerd dat het college ten onrechte niet op zijn ingebrekestelling van 11 mei 2023 heeft beslist en het college hem daarom een hogere dwangsom is verschuldigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1985
Datum uitspraak
8 mei 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Mondelinge uitspraak
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202305729/1/A2
vorige pagina1...1.1001.1011.102...12.438volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon