Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 126.580
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202105913/1/A3

Bij besluit van 19 november 2020 heeft de burgemeester van Tilburg op grond van artikel 13b van de Opiumwet onder aanzegging van bestuursdwang gelast de woning aan de [locatie] te Tilburg te sluiten voor drie maanden. [appellant] is de enige bewoner van de woning aan de [locatie] te Tilburg. Hij heeft ADD en een IQ van 67. In verband hiermee heeft hij een indicatie op grond van de Wet langdurige zorg. [appellant] krijgt begeleiding van Het Houvast, een organisatie voor ondersteuning aan mensen met een lichte verstandelijke beperking. Het Houvast is de huurder van de woning en stelt deze beschikbaar aan [appellant] om daar zelfstandig te kunnen wonen. Op 22 augustus 2020 heeft de politie de woning doorzocht op grond van de Wet wapens en munitie. De aanleiding voor deze doorzoeking was een schietincident in de omgeving van de woning. Tijdens de doorzoeking zijn 53 XTC-pillen, 8,38 gram MDMA, sealbags en een weegschaal aangetroffen. Deze spullen bevonden zich in een papieren zak die op een tafel lag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2240
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • uitspraakin de zaak202105913/1/A3

202105933/1/A3

Bij besluit van 1 augustus 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maassluis voor de hond Gappa een aanlijn- en muilkorfgebod opgelegd. [appellant] en zijn partner zijn eigenaar van de hond Gappa, een American Stafford terriër. Op 5 juni 2019 heeft een incident plaatsgevonden waarbij de partner, Gappa, de pitbull Phoebe en de eigenaar daarvan, [eigenaar], betrokken zijn geraakt. De politie heeft op 1 juli 2019 een bestuurlijke rapportage opgemaakt over het incident en de burgemeester in overweging gegeven een muilkorf- en aanlijngebod op te leggen voor Gappa. In de bestuurlijke rapportage staat dat [eigenaar] aangifte heeft gedaan van het incident. In geschil is of de burgemeester bevoegd was om voor de hond Gappa een aanlijn- en muilkorfgebod op te leggen en van deze bevoegdheid gebruik heeft mogen maken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2261
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202105933/1/A3

202105963/1/V6

Bij besluit van 26 februari 2019 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [appellante] een boete opgelegd van € 1.250,00. Bij brief van 4 januari 2016 heeft de minister [appellante] meegedeeld dat zij inburgeringsplichtig is. Haar inburgeringstermijn is gestart op 21 december 2015 en zij had tot 20 december 2018 de tijd om in te burgeren. Omdat [appellante] niet voor die datum aan de inburgeringsplicht heeft voldaan, heeft de minister haar een boete opgelegd van € 1.250,00. Zij heeft op 28 januari 2020 alsnog aan de inburgeringsplicht voldaan. [appellante] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat zij de inburgeringstermijn verwijtbaar heeft overschreden. Zij voert aan dat zij vanwege haar gezondheidstoestand en persoonlijke omstandigheden pas in 2018 kon beginnen met het volgen van inburgeringscursussen. Bovendien heeft de minister haar niet gewaarschuwd dat een boete zou worden opgelegd indien zij de inburgeringstermijn zou overschrijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2266
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202105963/1/V6

202106025/1/V6

Bij besluit van 23 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. De staatssecretaris heeft het verzoek van 18 april 2018 afgewezen op grond van artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, van de Rijkswet op het Nederlanderschap, omdat ernstige vermoedens bestaan dat [appellant] een gevaar vormt voor de openbare orde. De staatssecretaris geeft daarvoor als reden dat tegen [appellant] een strafzaak openstaat wegens huiselijk geweld tegen zijn ex-partner en kinderen. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de aangevoerde omstandigheden geen zeer bijzondere omstandigheden vormen die tot de conclusie leiden dat hij geen gevaar vormt voor de openbare orde. Hij voert aan dat hij al op 15 februari 2015 door de politierechter is veroordeeld tot een taakstraf van 120 uren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2267
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202106025/1/V6

202106102/1/A2

Bij besluit van 2 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Son en Breugel een aanvraag van [appellant] om vergoeding van planschade afgewezen. De rechtbank heeft overwogen dat uit de door het college overgelegde stukken blijkt dat de verzending van het besluit op bezwaar op 6 januari 2021 heeft plaatsgevonden. Dat betekent dat de termijn voor het instellen van beroep op 17 februari 2021 is geëindigd. Vast staat dat [appellant] op 18 februari 2021 beroep heeft ingesteld. Het beroepschrift is dus niet tijdig ingediend. De gevolgen hiervan komen voor rekening van [appellant]. Het had op de weg van [appellant] of zijn gemachtigde gelegen om met het college contact op te nemen over de verzenddatum van het besluit op bezwaar als deze niet goed leesbaar was. Door dat niet te doen en uit te gaan van 8 januari 2021 als verzenddatum, heeft [appellant] het risico genomen dat het beroep te laat was, aldus de rechtbank. [appellant] is het niet eens met het oordeel van de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2225
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202106102/1/A2

202106388/1/A3

Bij brief van 21 december 2020 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aan [appellant] meegedeeld dat de Staat der Nederlanden haar rechten die voortvloeien uit de kwalitatieve verplichtingen, heeft overgedragen aan de provincie Overijssel. Deze overdracht heeft plaatsgevonden bij akte van cessie van 11 december 2020. Bij besluit van 12 maart 2021 heeft de minister het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Bij uitspraak van 24 augustus 2021 heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard om kennis te nemen van het door [appellant] daartegen ingestelde beroep. In dit geding staat slechts ter beoordeling of de rechtbank zich ten onrechte onbevoegd heeft verklaard van het beroep kennis te nemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2250
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202106388/1/A3

202106806/1/A3

Bij besluit van 29 oktober 2020 heeft de burgemeester van Deventer de aanvraag van [appellant] voor een ontheffing van de sluitingstijden voor het poolcafé aan de [locatie], afgewezen. De burgemeester heeft bij besluit van 6 februari 2018 aan [appellant] een exploitatievergunning verleend voor een poolcafé aan de [locatie] te Deventer. Op grond van artikel 2:29, eerste lid, van de Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Deventer houdende regels omtrent openbare orde en veiligheid (hierna: de APV) werd in dit besluit de sluitingstijd van 01:00 uur tot 07:00 uur aangehouden. Tegen dit besluit hebben omwonenden bezwaar gemaakt omdat zij veel overlast ervaren. De burgemeester heeft bij besluit van 9 december 2019 het voornoemde besluit gewijzigd door de sluitingstijd aan te passen naar 23:00 uur tot 07:00 uur voor maandag tot en met vrijdag. Op zaterdag en zondag wordt de sluitingstijd van 01:00 uur tot 07:00 uur aangehouden. Tegen dit besluit heeft [appellant] bezwaar gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2237
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202106806/1/A3

202106809/1/A3

Bij besluit van 9 december 2019 heeft de burgemeester van Deventer de exploitatievergunning van [appellant] voor zijn poolcafé gewijzigd door aanpassing van de sluitingstijden. De burgemeester heeft bij besluit van 6 februari 2018 aan [appellant] een exploitatievergunning verleend voor een poolcafé aan de [locatie] te Deventer. Op grond van artikel 2:29, eerste lid, van de Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Deventer houdende regels omtrent openbare orde en veiligheid (hierna: de APV) werd in dit besluit de sluitingstijd van 01:00 uur tot 07:00 uur aangehouden. Tegen dit besluit hebben omwonenden bezwaar gemaakt omdat zij veel overlast ervaren. De burgemeester heeft bij besluit van 9 december 2019 het voornoemde besluit gewijzigd door de sluitingstijd aan te passen naar 23:00 uur tot 07:00 uur voor maandag tot en met vrijdag. Op zaterdag en zondag wordt de sluitingstijd van 01:00 uur tot 07:00 uur aangehouden. Tegen dit besluit heeft [appellant] bezwaar gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2236
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202106809/1/A3

202107244/1/A2

Bij besluit van 10 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Medemblik een aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] heeft het college bij brief van 14 augustus 2019, bij de gemeente binnengekomen op 19 augustus 2019, verzocht om een tegemoetkoming in planschade. In die brief heeft hij gesteld dat, voor zover hier van belang, hij als gevolg van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan Dorpskernen IV (hierna: het nieuwe bestemmingsplan) planschade in de vorm van waardevermindering van het perceel aan de [locatie] heeft geleden. Het nieuwe bestemmingsplan is vastgesteld op 4 juli 2013, in werking getreden op 11 oktober 2013 (hierna: de peildatum) en onherroepelijk geworden op 20 augustus 2014. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat de aanvraag om tegemoetkoming in planschade kennelijk ongegrond is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2265
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202107244/1/A2

202107494/1/R4

Bij besluit van 21 september 2021 heeft de raad van de gemeente Amersfoort het bestemmingsplan "Chw bestemmingsplan Kop van de Hoef en Lichtpenweg 6" vastgesteld. Het voornemen bestaat om aan de Hoefseweg 3-11 ongeveer 600 woningen en 3.500 m2-4.000 m2 kantoren te bouwen. Deze gronden maken deel uit van het kantorengebied de Hoef-West (Hoefkwartier). Voor dit gebied heeft de gemeenteraad in 2019 het Ontwikkelkader De Hoef-West vastgesteld, waarin de kaders zijn vastgelegd voor de transformatie van dit gebied naar een gemengde stadswijk met ruimte voor wonen, werken, leren en recreëren. Binnen het woonprogramma is sprake van een gevarieerd aanbod met ruimte voor sociale huurwoningen, woningen voor middenhuur en koopwoningen. [appellant] woont op het perceel [locatie] op een afstand van 70-90 meter van het plangebied en vreest nadelige gevolgen te ondervinden voor zijn woon- en leefklimaat. Tussen het plangebied en de woning van [appellant] ligt een spoorlijn en daarnaast is een geluidswal aangelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:2248
Datum uitspraak
3 augustus 2022
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202107494/1/R4
vorige pagina1...2.1652.1662.167...12.658volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon