Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.835
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202303117/2/V2

Bij besluit van 12 oktober 2022 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2169
Datum uitspraak
6 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303117/2/V2

202303119/2/V2

Bij besluit van 12 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2174
Datum uitspraak
6 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303119/2/V2

202107109/1/V2

Bij besluit van 5 augustus 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2152
Datum uitspraak
5 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202107109/1/V2

202301221/1/V1

Bij besluit van 9 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2157
Datum uitspraak
5 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301221/1/V1

202301236/1/V1

Bij besluit van 19 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2158
Datum uitspraak
5 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301236/1/V1

202301721/1/V3

Bij besluit van 21 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2159
Datum uitspraak
5 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202301721/1/V3

202302640/1/V1

Bij besluit van 14 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2161
Datum uitspraak
5 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302640/1/V1

202302864/1/V2

Bij besluit van 3 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2162
Datum uitspraak
5 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302864/1/V2

202303024/2/V3

Bij besluit van 31 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2141
Datum uitspraak
5 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303024/2/V3

202303349/2/V2

Bij besluit van 27 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2163
Datum uitspraak
5 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303349/2/V2

202303360/2/V2

Bij besluit van 27 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2164
Datum uitspraak
5 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303360/2/V2

202301819/2/R3

Bij besluit van 30 januari 2023 heeft de raad van de gemeente Zoetermeer het bestemmingsplan "Eleanor Rooseveltlaan 3-29" vastgesteld. Het plan voorziet in de mogelijkheid om een wooncomplex met ten hoogste 354 appartementen te realiseren aan de Eleanor Rooseveltlaan 3-29 te Zoetermeer. Binnen het plangebied zijn in de huidige situatie enkele kantoorpanden gevestigd, die ten behoeve van de ontwikkeling worden gesloopt. [verzoeker] en anderen wonen in de wijk Rokkeveen, ten oosten van het plangebied. Zij vrezen als gevolg van het plan voor een aantasting van hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2151
Datum uitspraak
4 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202301819/2/R3

202107434/1/V2

Bij besluit van 16 september 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling tot het wijzigen van het doel van haar verblijfsvergunning afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2144
Datum uitspraak
2 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202107434/1/V2

202204406/1/V2

Bij besluit van 26 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2145
Datum uitspraak
2 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202204406/1/V2

202300117/1/V1

Bij besluit van 30 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2146
Datum uitspraak
2 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300117/1/V1

202300625/1/V1

Bij besluit van 21 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2143
Datum uitspraak
2 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300625/1/V1

202300981/2/R3

Bij besluit van 13 december 2022 heeft de raad van de gemeente Krimpenerwaard het bestemmingsplan "Bolderkade, Ouderkerk aan den IJssel" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt drie appartementengebouwen mogelijk op een buitendijks perceel aan de oever van de IJssel aan de IJsseldijk-Noord. De appartementengebouwen zullen op dijkniveau worden gebouwd. Lambrane Ontwikkeling B.V. is de initiatiefnemer van het project. De appartementengebouwen zullen bestaan uit 3, 4 en 5 bouwlagen, waarbij de hoogte van het middelste gebouw maximaal 18 m is. Daarna loopt de hoogte af richting de bestaande bebouwing met een maximale bouwhoogte van 11,5 m en 14 m. [verzoekster] exploiteert een melkveehouderij in de nabijheid van het plangebied. De melkveehouderij is gelegen op polderniveau.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2139
Datum uitspraak
2 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202300981/2/R3

202301888/1/V1 en 202301888/2/V1

Bij besluit van 20 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2142
Datum uitspraak
2 juni 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301888/1/V1 en 202301888/2/V1

202303438/1/V2 en 202303438/2/V2

Bij besluit van 7 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2149
Datum uitspraak
2 juni 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303438/1/V2 en 202303438/2/V2

202303463/2/V1

Bij besluit van 3 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2150
Datum uitspraak
2 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303463/2/V1

202103823/1/V2

Bij besluit van 20 december 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om wijziging van de beperking van een aan hem verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2128
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202103823/1/V2

202108134/1/V2

Bij besluit van 26 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2136
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202108134/1/V2

202202215/1/V2

Bij besluit van 20 december 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en hem opgedragen de Europese Unie binnen vier weken te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2129
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202202215/1/V2

202202478/2/R3

Bij besluit van 24 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Lansingerland het bestemmingsplan "Woningbouw Hoeksekade Noord, deellocatie B, 1e herziening" vastgesteld. Het plan voorziet in de mogelijkheid om dertien grondgebonden woningen te realiseren; vier rijwoningen aan de Hoeksekade, zes halfvrijstaande woningen en drie vrijstaande woningen aan een nieuwe ontsluitingsweg. Eerder is het bestemmingsplan "Woningbouw Hoeksekade Noord, deellocatie B", dat de raad bij besluit van 31 oktober 2019 heeft vastgesteld, dat voorzag in dezelfde ontwikkeling bij uitspraak van de Afdeling van 17 juni 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1408, vernietigd. Met het voorliggende plan is beoogd om de in die uitspraak geconstateerde gebreken te herstellen. [verzoekster] kan zich niet verenigen met het voorliggende bestemmingsplan. Zij vreest dat de in het plan voorziene woningbouw een belemmering oplevert voor haar bedrijfsvoering, gelet op korte afstand tussen de voorziene woningen en haar bedrijf.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2123
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202202478/2/R3

202204027/1/V3

Bij besluit van 24 december 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van de vreemdeling om opheffing van zijn ongewenstverklaring afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2138
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Ongewenstverklaring
  • uitspraakin de zaak202204027/1/V3

202204429/1/V1

De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (hierna: de asielaanvraag) te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2131
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202204429/1/V1

202300709/1/V3

Bij besluit van 6 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2135
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202300709/1/V3

202300710/1/V3

Bij besluit van 6 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2134
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202300710/1/V3

202300843/1/V1

Bij besluit van 13 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2137
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300843/1/V1

202301327/1/V1

Bij besluit van 31 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2132
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301327/1/V1

202302854/1/V2 en 202302854/2/V2

Bij besluit van 20 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2130
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302854/1/V2 en 202302854/2/V2

202303314/2/V2

Bij besluit van 31 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen, hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2140
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303314/2/V2

202303406/2/V2

Bij besluit van 6 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen,

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2124
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303406/2/V2

202300836/3/V1

De vreemdeling heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 10 januari 2023 in zaak nr. NL22.3295.De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft, op verzoek van de Afdeling met toepassing van artikel 8:45 van de Awb, de vertrouwelijke versie van een gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2055
Datum uitspraak
1 juni 2023
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202300836/3/V1

202104320/1/V3

Bij besluiten van 17 januari 2020 en 31 januari 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdelingen verleende verblijfsvergunningen asiel voor bepaalde tijd ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2045
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202104320/1/V3

202201120/1/V2

Bij besluit van 21 december 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2048
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202201120/1/V2

202300984/1/V1

Bij besluiten van 4 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2049
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300984/1/V1

202301377/1/V2

Bij besluit van 14 april 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat de vreemdeling geen verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan in Nederland meer heeft en hem opgedragen Nederland binnen 28 dagen te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2050
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202301377/1/V2

202302526/3/V1

Bij besluit van 10 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2056
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302526/3/V1

202302739/1/V3

Bij besluit van 24 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie binnen vier weken te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2053
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202302739/1/V3

202302971/1/V3

Bij besluit van 25 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2127
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202302971/1/V3

202303161/2/V3

Bij besluit van 8 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2133
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303161/2/V3

202303197/2/V2

Bij besluiten van 6 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2052
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303197/2/V2

202303396/2/V2

Bij besluit van 25 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2125
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303396/2/V2

202003123/1/R4

Bij besluit van 27 november 2018 (met verzenddatum 30 november 2018) heeft het college van burgemeester en wethouders van Someren [appellant], onder oplegging van een dwangsom, gelast om binnen 6 weken de met het bestemmingsplan strijdige activiteiten op het perceel [locatie] te Lierop, bestaande uit het opknappen van personenauto’s, te beëindigen en beëindigd te houden. [appellant] woont op het adres [locatie] te Lierop. Aan dit perceel is een woonbestemming toegekend in het bestemmingsplan "Lierop". Op het perceel staat achter de woning een garage met kap en drie aangebouwde garageboxen. Ook staat er een carport op het perceel. [appellant] heeft tien personenauto’s in zijn bezit, zo volgt uit een controlerapport van 1 oktober 2018 van een toezichthouder, waarop het college zijn besluitvorming mede heeft gebaseerd. De omwonenden hebben op 22 augustus 2018 verzocht om handhaving van het bestemmingsplan. Naar aanleiding van dit verzoek is het college handhavend opgetreden. Bij het besluit van 2 juli 2019 is de last aangepast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2077
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202003123/1/R4

202005215/1/R2

Bij het besluit van 11 juni 2020 heeft de raad van de gemeente Hilvarenbeek het bestemmingsplan "[locatie 1], Esbeek" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de realisatie van een kleinschalige kampeervoorziening met maximaal 25 kampeerplekken op het perceel aan de [locatie 1], alwaar voorheen een agrarisch bedrijf was gevestigd. Het initiatief houdt concreet ook het volgende in. De monumentale langgevelboerderij wordt door de initiatiefnemer in gebruik genomen als bedrijfswoning. De monumentale veldschuur wordt gebruikt als een zogenoemde "slechtweervoorziening" voor de gasten van de kampeervoorziening. De voormalige varkensstal wordt in gebruik genomen als een berging/garage. Verder worden de overige twee gebouwen gesloopt en vervangen door een sanitairgebouw ten behoeve van de gasten. Het plan maakt het voorgaande planologisch mogelijk. [appellante] woont op het nabijgelegen perceel aan [locatie 2]. Zij vreest dat ten gevolge van het plan haar woon- en leefklimaat op onaanvaardbare wijze zal worden aangetast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2090
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202005215/1/R2

202100305/1/R4

Bij besluit van 2 november 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn geweigerd aan [appellant A] een omgevingsvergunning te verlenen voor het wijzigen van de situering van een woning die bestaat uit twee wooneenheden op het perceel [locatie 1]/[locatie 2] te Uddel, gemeente Apeldoorn (hierna: het perceel). Voor de bouw van de woning op het perceel is op 13 april 2016 een omgevingsvergunning verleend. Op 20 oktober 2016 heeft het college een last onder dwangsom aan [appellant A] opgelegd, waarbij het [appellant A] heeft gelast de bouwwerkzaamheden onmiddellijk te staken en gestaakt te houden. De bouw is namelijk volgens het college uitgevoerd in afwijking van de omgevingsvergunning. Volgens het college is de woning, die ten tijde van de bouwstop al voor een groot deel gerealiseerd was, in afwijking van de omgevingsvergunning en in strijd met het bestemmingsplan "Agrarische Enclave" gebouwd. De woning is namelijk niet in het bouwvlak binnen de bestemming "Wonen" gebouwd, maar verderop in het weiland op gronden met de bestemming "Agrarisch" en de nadere gebiedsaanduiding "open landschap".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2106
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202100305/1/R4

202100334/2/R3

Bij tussenuitspraak van 15 juni 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1695, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Hengelo opgedragen om binnen 12 weken na verzending van deze tussenuitspraak met inachtneming van wat in overweging 6.4 en 7 is overwogen het gebrek in het besluit van 2 december 2020 dat strekt tot vaststelling van het bestemmingsplan "Buitengebied, Schoolbeekweg", te herstellen en eventueel een gewijzigd plan vast te stellen. In de tussenuitspraak heeft de Afdeling onder 6.4 overwogen dat in het provinciale rood voor rood-beleid, dat in het gemeentelijke rood voor rood-beleid is geïncorporeerd, verschillende criteria zijn geformuleerd waaraan voldaan moet worden om in aanmerking te komen voor een bouwkavel in het kader van een rood voor rood-project. Eén van deze criteria is dat bij het slopen van een veelvoud van 850 m² bedrijfsgebouwen op een locatie uitsluitend een extra bouwkavel kan worden toegekend, indien dit voor de financiering van de kosten van sloop van die bedrijfsgebouwen noodzakelijk is. De Afdeling heeft geoordeeld dat een dergelijke financiële onderbouwing voor het toekennen van een extra bouwkavel ten onrechte ontbreekt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2101
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202100334/2/R3

202100578/2/A3

Bij besluit van 3 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Enschede een last onder dwangsom opgelegd. Bij besluit van 30 januari 2020 heeft het college het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard en het besluit van 3 april 2019 gehandhaafd in die zin, dat de adressering van de last is gewijzigd van "Weerselose markt t.a.v. de heer [persoon]" in "[appellante]". [appellante] exploiteert op het perceel [locatie] te Weerselo de Weerselose markt en verhuurt onder meer marktkramen aan handelaren. [appellante] stelt gratis reclameobjecten aan handelaren en bezoekers van de Weerselose markt ter beschikking. Het reclamemateriaal ligt bij de ingang van de markt en kan worden meegenomen door bezoekers en standhouders die daarin geïnteresseerd zijn. Het is vooraf niet duidelijk wie reclamemateriaal meeneemt en hoe dit wordt gebruikt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2067
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Uitspraak na conclusie
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202100578/2/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202100578/2/A3

202100639/1/A2

Bij besluit van 2 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht aan [kinderdagverblijf] een schriftelijke aanwijzing gegeven. [kinderdagverblijf] heeft kindercentra voor dagopvang en buitenschoolse opvang geëxploiteerd op vier locaties in Utrecht. [appellant A] was bestuurder en enig aandeelhouder van [kinderdagverblijf] en [appellant B] was belast met de zakelijke leiding van [kinderdagverblijf]. Op 31 mei 2018 en 12 juni 2018 hebben toezichthouders van de Inspectie Kinderopvang van de gemeente Utrecht onderzoeken verricht op alle vier de locaties van [kinderdagverblijf]. De bevindingen van de toezichthouders zijn neergelegd in twaalf inspectierapporten. Per locatie zijn drie inspectierapporten opgesteld, waarvan twee naar aanleiding van een incidenteel onderzoek als bedoeld in artikel 1.62, vierde lid, van de Wet kinderopvang en een naar aanleiding van een nader onderzoek als bedoeld in het vijfde lid van die bepaling. De toezichthouders hebben tijdens de onderzoeken een groot aantal overtredingen geconstateerd en het college geadviseerd om te handhaven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2104
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202100639/1/A2

202101530/1/R3

Bij besluit van 15 december 2020 heeft de raad van de gemeente Schiedam van het bestemmingsplan" 's-Graveland & Spaanse Polder 2020" vastgesteld. Het plan ziet op het bedrijventerrein ’s-Graveland en Spaanse Polder en voorziet in een herziening en actualisatie van het hiervoor geldende bestemmingsplan "Spaanse Polder en ’s-Graveland 2004". Het plan is volgens de plantoelichting hoofdzakelijk consoliderend van aard. Het bestemmingsplan zet verder specifiek in op het bieden van ruimte voor revitalisatie van delen van het bedrijventerrein. Zo beoogt het plan te voorzien in een zone langs de rijksweg A20, die volgens de plantoelichting wordt ingezet als etalage van het gebied met overwegend gebouwen van minimaal vier lagen en een hoogwaardige uitstraling, gericht op het zichtbaar maken van de identiteit en kwaliteiten van dit bedrijventerrein. In deze etalagezone is de mogelijkheid opgenomen om kantoorfuncties uit het gebied te clusteren. Insteek is dat in de etalagezone, op loopafstand van het treinstation Schiedam-Centrum, ruimte wordt geboden aan kantoren gerelateerd aan de bedrijvigheid in het gebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2115
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202101530/1/R3

202101797/1/R2

Bij besluit van 28 januari 2021 heeft de raad van de gemeente Landerd de aanvraag van [appellant] om een bestemmingsplan vast te stellen voor de uitbreiding van zijn rundveehouderij op het perceel [locatie 1] in Schaijk, afgewezen. [appellant] wenst de intensieve rundveehouderij, die hij exploiteert op het perceel [locatie 1], uit te breiden. Het bestemmingsplan zou moeten leiden tot een vergroting en een verandering van de vorm van het bouwvlak. Dan kan een extra vleeskalverenstal worden gebouwd en kunnen verschillende sleufsilo’s kunnen worden verlegd of aangelegd. [appellant] wenst de intensieve rundveehouderij, die hij exploiteert op het perceel [locatie 1], uit te breiden. De Afdeling heeft in haar uitspraak van 8 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1591, een eerder besluit van de raad vernietigd tot weigering van hetzelfde gevraagde bestemmingsplan vast te stellen. De Afdeling heeft de raad toen opgedragen om binnen 26 weken na verzending van de uitspraak een nieuw besluit te nemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2079
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202101797/1/R2

202101862/1/R2

Bij besluit van 28 april 2021 heeft de raad van de gemeente Eindhoven het bestemmingsplan "I Bedrijventerrein De Hurk-Croy 2017 (Hastelweg 159)" vastgesteld. ABZ Diervoeding produceert diervoeding voor pluimvee, varkens, koeien, schapen en geiten. Zij wil de productiecapaciteit verhogen en daarvoor is een vergroting van het productiegebouw nodig. Het plan voorziet daarin. Het plan heeft betrekking op gronden die deel uitmaken van het bedrijventerrein "De Hurk-Croy". Het plan betreft een zogenoemd postzegelplan. ABZ Diervoeding is een bedrijf in milieucategorie 4.1. Het plan maakt, net als het bestemmingsplan "Bedrijventerrein De Hurk-Croy 2017", een bedrijf in maximaal deze milieucategorie mogelijk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2120
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202101862/1/R2

202102394/1/A3

Bij besluit van 1 augustus 2017 heeft het algemeen bestuur van de bestuurscommissie van stadsdeel Zuid een aanvraag van Mokumboot om ligplaatsvergunningen op de locatie Boerenwetering Noord- Oost, ter hoogte van Ruysdaelkade 15-19, in Amsterdam, afgewezen. Mokumboot is een bedrijf dat onbemande boten en boten met een schipper verhuurt op verschillende locaties in Amsterdam. Op 27 oktober 2016 heeft Mokumboot een aanvraag gedaan voor een vergunning om met tien onbemande passagiersvaartuigen ligplaats in te nemen ter hoogte van de Ruysdaelkade 15-19 in Amsterdam. Bij het besluit van 1 augustus 2017 heeft het college deze vergunning geweigerd. Daaraan is ten grondslag gelegd dat Mokumboot geen omgevingsvergunning heeft voor afwijking van het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Water in de Pijp". Mokumboot heeft daarom niet de nodige overige vergunningen en ontheffingen zoals vereist in artikel 2.3.1, derde lid, van de Verordening op het binnenwater 2010 (hierna: de Vob), in samenhang gelezen met artikel 2.4.1, vierde lid, van de Vob. Op 31 december 2017 is de Vob gewijzigd, waardoor artikel 2.3.1, derde lid, is verplaatst naar artikel 2.3.1, vierde lid, van de Vob.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2087
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202102394/1/A3

202102468/1/A3

Bij besluit van 16 januari 2018 heeft het algemeen bestuur van de bestuurscommissie van stadsdeel Zuid een aanvraag van ElektroHaven om ligplaatsvergunningen voor twee bemande passagiersvaartuigen op de locatie Amsteldijk 37-42 te Amsterdam, afgewezen. ElektroHaven heeft op 26 augustus 2013 een adviesaanvraag omgevingsvergunning ingediend voor ligplaatsen voor twee bemande passagiersvaartuigen van twintig meter lang en 4,25 meter breed op de locatie Amsteldijk 37-42 te Amsterdam. Op 20 november 2017 heeft ElektroHaven een gesprek gehad met het college over deze aanvraag. Het college heeft ElektroHaven op 1 december 2017 per e-mail gevraagd of de aanvraag is ingediend voor een ligplaatsvergunning of een omgevingsvergunning. Op 5 december 2017 heeft ElektroHaven per e-mail bericht dat het gaat om een aanvraag voor een ligplaatsvergunning. Het college heeft deze aanvraag afgewezen omdat ElektroHaven geen omgevingsvergunning heeft voor het in strijd met het bestemmingsplan "Water in de Pijp" innemen van een ligplaats.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2089
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202102468/1/A3

202102650/1/R2

Bij besluit van 25 september 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maastricht aan Gripp B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van een dubbelzijdige digitale reclamezuil langs de Terblijterweg in Maastricht. Op 25 september 2019 heeft het college aan Gripp B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van een dubbelzijdige digitale reclamezuil op de kruising van de Terblijterweg en de Ambyerstraat-Zuid ter vervanging van de voorheen aanwezige reclamezuil. De dubbelzijdige digitale reclamezuil is 5 m hoog en 2,2 m breed. Het scherm is 3 m hoog en 2 m breed en steekt ongeveer 1,8 m boven het maaiveld uit. Dit scherm heeft een variabele lichtsterkte. Door middel van een lichtsensor past de lichtsterkte zich aan aan de lichtintensiteit van de omgeving. Volgens het college is de lichtsterkte van het scherm zo ingesteld dat de maximale grenswaarden in de richtlijnen van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingkunde (hierna: de NSVV) niet worden overschreden. [appellant A] en [appellante B] wonen aan de [locatie] op een afstand van ongeveer 50 m tot de plek van de reclamezuil.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2058
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202102650/1/R2

202102690/1/A3

Bij besluit van 26 oktober 2018 heeft de burgemeester van Amsterdam een dwangsom ten bedrage van € 2.500,00 van Marco Polo ingevorderd. Marco Polo is een horecabedrijf met terras gevestigd aan het Damrak 31 te Amsterdam. Op 8 augustus 2017 heeft de burgemeester een bestuurlijke waarschuwing aan Marco Polo gegeven, omdat tijdens een controle werd geconstateerd dat op het terras een los menubord was geplaatst. Dit is volgens de burgemeester in strijd met de exploitatievergunning. Nadat op 24 augustus 2017 wederom werd geconstateerd dat er een los menubord op het terras was geplaatst, heeft de burgemeester op 11 oktober 2017 een last onder dwangsom opgelegd aan Marco Polo. De last houdt voor zover relevant in dat als binnen een jaar nogmaals wordt geconstateerd dat Marco Polo het terras exploiteert op een wijze die in strijd is met de exploitatievergunning, aan haar een dwangsom zal worden opgelegd van € 2.500,00. Dit besluit is in rechte onaantastbaar.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2069
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202102690/1/A3

202102768/1/A3, 202102675/1/A3 en 202102770/1/A3

Bij besluit van 23 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een aantal wijken aangewezen als gebieden waar het verboden is woonruimten in gebruik te geven voor vakantieverhuur als bedoeld in de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020. Bij besluit van 23 juni 2020 heeft het college met ingang van 1 juli 2020 de wijken Burgwallen Oude Zijde, Burgwallen Nieuwe Zijde en Grachtengordel-Zuid aangewezen als gebieden waar het verboden is woonruimten in gebruik te geven voor vakantieverhuur als bedoeld in de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020. Dit besluit is tot stand gekomen met toepassing van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure. In de toelichting bij het besluit staat dat het doel van de maatregel is om de leefbaarheid in de directe woonomgeving en de woningen zelf, achter de voordeur, te verbeteren in wijken waar de druk van het toerisme op de woonfunctie en leefbaarheid te hoog is opgelopen. Toeristische verhuur is de afgelopen jaren sterk toegenomen in Amsterdam.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2076
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202102768/1/A3, 202102675/1/A3 en 202102770/1/A3

202103031/1/A2

Bij besluit van 5 april 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] voor het jaar 2014 definitief vastgesteld op € 721,00. [appellant] heeft voor het jaar 2014 voorschotten zorg- en huurtoeslag ontvangen. Bij het besluit van 5 april 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] voor het jaar 2014 definitief vastgesteld op € 721,00. Bij het besluit van 5 juli 2019 heeft de dienst het door [appellant] daartegen gemaakt bezwaar gegrond verklaard en de zorgtoeslag van [appellant] over 2014 definitief vastgesteld op € 865,00. Bij besluit van 5 augustus 2016, gehandhaafd bij besluit van 3 december 2016, heeft de dienst de huurtoeslag van [appellant] over 2014 definitief vastgesteld op nihil.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2062
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202103031/1/A2

202103901/1/A3

Bij besluit van 30 april 2019 heeft de Autoriteit Persoonsgegevens [appellant]s klacht op grond van artikel 77 van de Algemene verordening gegevensbescherming, afgewezen. [appellant] heeft een klacht ingediend bij de AP over de afhandeling van zijn verzoek om inzage in zijn persoonsgegevens door de ABN AMRO. Deze klacht is afgewezen, omdat niet was gebleken van een (evidente) schending van de AVG. De AP heeft vervolgens het bezwaar van [appellant] tegen dit besluit ongegrond verklaard, omdat niet aannemelijk was geworden dat ABN AMRO de volgens [appellant] ontbrekende stukken nog verwerkte. De rechtbank heeft, voor zover hier van belang, geoordeeld dat [appellant] geen belang had bij een uitspraak op het beroep omdat ter zitting was gebleken dat ook de laatste drie stukken die hij stelde nog te missen, in zijn bezit waren. Daarom is het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2074
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202103901/1/A3

202104099/1/A3

Bij besluit van 23 september 2019 heeft de minister voor Rechtsbescherming een verzoek van [appellante] om de geslachtsnaam van haar minderjarige dochter te wijzigen van "[naam]" naar "[naam appellante]", afgewezen. [appellante] (moeder) en [vader] hebben samen een dochter, [naam dochter]. [dochter] is geboren op [geboortedatum] 2011 en was ten tijde van het besluit op bezwaar dus nog geen twaalf jaar oud. De minister heeft het verzoek van [appellante] om de geslachtsnaam van [dochter] te wijzigen van "[naam]" naar "[naam appellante]" afgewezen op grond van artikel 3, vierde lid, aanhef en onder d, onder 2, van het Besluit geslachtsnaamswijziging. [appellante] kan zich hier niet in vinden. De minister heeft haar bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank heeft dit besluit in stand gelaten. [appellante] voert aan dat de rechtbank heeft nagelaten haar voorafgaand aan de zitting het verweerschrift van de minister toe te zenden. Uiteindelijk heeft zij het verweerschrift pas na de zitting ontvangen waardoor zij daar niet op heeft kunnen reageren. De uitspraak van de rechtbank zou daarom vernietigd moeten worden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2075
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202104099/1/A3

202104200/2/R2

Bij tussenuitspraak van 23 november 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3395, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Land van Cuijk opgedragen binnen 16 weken na verzending van de tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 22 april 2021, waarbij het bestemmingsplan "Den Dries, Ledeacker" is vastgesteld, te herstellen. De raad is ook opgedragen om de Afdeling en de andere partijen de uitkomst schriftelijk mede te delen en een eventueel gewijzigd besluit op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken en mede te delen. De Afdeling heeft onder 9.4 van de tussenuitspraak overwogen dat de raad in het besluit van 22 april 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Den Dries, Ledeacker" niet inzichtelijk heeft gemaakt welke afweging hij heeft gemaakt over de verkeersveiligheid bij het pleintje en de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het toestaan van erfafscheidingen bij het pleintje met een maximale hoogte van 2 meter in verband met het overzicht voor verkeer dat vanuit Den Dries het pleintje nadert. Het bestreden besluit is daarom op dit punt niet met de daarbij vereiste zorgvuldigheid voorbereid en in strijd met artikel 3:2 van de Awb vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2099
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202104200/2/R2

202104226/1/R2

Bij besluit van 22 juni 2021 heeft de raad van de gemeente Eindhoven het bestemmingsplan "II Bedrijventerrein De Hurk-Croy (reparatie)" vastgesteld. Het plan kent, voor zover hier van belang, de bestemmingen "Groen" en "Water" toe aan gronden ter plaatse van de Waldeck Pyrmontstraat in Eindhoven. Op die locatie zijn al gedurende langere tijd woonboten afgemeerd in het Eindhovens Afwateringskanaal, dat dwars door het bedrijventerrein "De Hurk-Croy" loopt. Het afmeren van woonboten op deze locatie is in strijd met de bestemming "Water" en het door de bewoners van de woonboten gebruiken van de oever als tuin is in strijd met de bestemming "Groen". Door de inwerkingtreding van de Wet verduidelijking voorschriften woonboten is het gebruik van deze ligplaatsen voor woonboten per 1 januari 2018 legaal geworden. Het gaat sindsdien om vergund gebruik. Met dit plan wordt het vergunde gebruik onder het algemeen overgangsrecht gebracht. [appellant sub 2] en anderen, [appellant sub 3] en [appellant sub 1] wonen in de woonboten die in dit plan onder het algemeen overgangsrecht zijn gebracht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2119
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202104226/1/R2

202104342/1/R3

Bij besluit van 11 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oegstgeest aan [partij A] een omgevingsvergunning verleend voor het in afwijking van het ter plaatse geldende bestemmingsplan bouwen van een overkapping op het perceel Hofbrouckerlaan 50 te Oegstgeest. [partij A] heeft op 8 februari 2020 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het in afwijking van het bestemmingsplan bouwen van een overkapping en berging op het perceel. De overkapping en berging staan al op het perceel. Het perceel is inmiddels verkocht aan [partij C]. [appellant] woont aan de [locatie] te Oegstgeest. Het perceel van [appellant] grenst aan het perceel. Tussen partijen is niet in geschil dat de overkapping in strijd is met de ingevolge het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Oranje Nassau" op het perceel rustende enkelbestemming "Wonen". Het college heeft, met gebruikmaking van zijn bevoegdheid als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a en c, onder 2˚, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht een omgevingsvergunning voor de overkapping verleend bij besluit van 11 mei 2020.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2073
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202104342/1/R3

202105297/1/R3

Bij besluit van 23 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tynaarlo [appellant] geen toestemming verleend voor de verplaatsing van de uitweg aan de [locatie] te Eelderwolde. [appellant] heeft in 2018 met de gemeente Tynaarlo een overeenkomst gesloten voor de aankoop van het perceel. Vervolgens heeft [appellant] op 23 augustus 2018 een aanvraag ingediend voor een omgevingsvergunning voor de bouw van een woning en het maken van een uitweg op het perceel. In de aanvraag is de uitweg gesitueerd aan de westzijde van de woning, gelegen aan een insteekpad. De gevraagde omgevingsvergunning is bij besluit van 18 oktober 2018 aan [appellant] verleend. Bij meldingsformulier van 5 maart 2020 heeft [appellant] toestemming gevraagd voor het verplaatsen van de uitweg naar de noordzijde van het perceel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2092
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202105297/1/R3

202105339/1/R1

Bij besluit van 25 mei 2021 heeft het college het wijzigingsplan "[locatie 1], Liessel" (hierna: het plan) vastgesteld. [partij A] en [partij B] zijn eigenaren van het perceel aan de [locatie 1]. Zij exploiteerden hierop een varkensbedrijf. Vanaf 2013 hebben zij deelgenomen aan de zogenoemde stoppersregeling. Sinds 1 januari 2020 zijn ze gestopt met het houden van varkens en gestart met het exploiteren van een paardenhouderij. Hiervoor is een van de varkensstallen omgebouwd tot paardenstal en zijn er een rijbak en stapmolen gerealiseerd. Ook is er een dealership in paardenspullen gestart. Het plan voorziet in een actueel planologisch-juridisch kader voor het exploiteren van de paardenhouderij. De enkelbestemming "Agrarisch" met functieaanduiding "intensieve veehouderij" op het bouwvlak is daarvoor gewijzigd in de enkelbestemming "Agrarisch" met functieaanduiding "paardenhouderij".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2100
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202105339/1/R1

202105383/1/A3

Bij besluit van 15 april 2016 heeft de minister voor Rechtsbescherming op twee verzoeken van [appellant] twee documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt en van een aantal documenten openbaarmaking geweigerd. Verder heeft de minister van een aantal documenten vastgesteld dat die buiten de reikwijdte van het verzoek vallen omdat die al openbaar zijn. Voor het overige heeft de minister het verzoek afgewezen omdat de documenten niet bestaan en/of niet zijn aangemaakt. De vader van [appellant] heeft op 16 december 2015 van het Centraal Justitieel Incassobureau een beschikking ontvangen waarbij wegens een verkeersovertreding een administratieve sanctie is opgelegd. Het betreft een snelheidsovertreding van (gecorrigeerd) 4 km per uur en een geldbedrag van € 30,00. [appellant] heeft het CJIB bij brief van 8 januari 2016 op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: de Wob) - kort samengevat - verzocht om openbaarmaking van documenten daarover. Hij heeft in zijn verzoek veertien categorieën documenten genoemd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2061
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202105383/1/A3

202105386/1/A3

Bij besluit van 31 mei 2017 heeft de minister voor Rechtsbescherming openbaarmaking van documenten geweigerd. [appellant] heeft de minister bij brief van 16 december 2016 verzocht om op grond van de Wet openbaarheid van bestuur documenten openbaar te maken. Het gaat om alle beschikbare modellen/versies van documenten die op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften worden opgesteld en/of verzonden aan betrokkenen en die verondersteld worden ondertekend te zijn door, dan wel afkomstig zijn van de landelijke (executie)officier in de zin van de Wahv. Hij doelt daarmee - niet uitsluitend - op documenten over de toepassing van dwangmiddelen en voorlopige maatregelen. [appellant] heeft de minister bij brief van 16 december 2016 verzocht om op grond van de Wet openbaarheid van bestuur documenten openbaar te maken. Het gaat om alle beschikbare modellen/versies van documenten die op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften worden opgesteld en/of verzonden aan betrokkenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2060
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202105386/1/A3

202105485/1/R1

Bij besluit van 13 juli 2021 heeft de raad van de gemeente Leudal het bestemmingsplan "Woningbouwontwikkeling Pinxtenstraat te Haler" vastgesteld. Het bestemmingsplan "Woningbouwontwikkeling Pinxtenstraat te Haler" maakt woningbouwontwikkeling mogelijk op een deel van de gronden van een voormalige schoollocatie aan de Pinxtenstraat in Haler. Het plangebied bestaat uit houtopstanden, verhardingen op de plek van de oude schoolspeelplaats en aan de westzijde van het plangebied staat een transformatorhuisje. Aan de noordzijde van het plangebied ligt de Sint-Isidoruskerk met begraafplaats , aan de oostzijde liggen de achtertuinen van woningen aan de Speltstraat, aan de zuidzijde ligt de voormalige school waarin een sportschool en een kinderdagverblijf zijn gevestigd, en aan de westzijde van het plangebied ligt de Pinxtenstraat. Met dit plan wordt de realisatie mogelijk van vijf grondgebonden woningen. Daarnaast biedt het plan de mogelijkheid om een ontsluitingsweg ten behoeve van de woningen te realiseren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2064
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202105485/1/R1

202105552/1/R4 en 202105556/1/R4 en 202105559/1/R4

Bij besluit van 11 juni 2020 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat Com-Bat Airsoft B.V. onder oplegging van een dwangsom gelast te stoppen met het aanbieden van P1 artikelen zijnde rookgranaten of andere producten die als effect hebben het genereren en verspreiden van rook. Com-Bat Airsoft B.V. is gespecialiseerd verkoper van producten voor de airsoftsport. Zij verkocht via haar website onder meer de pyrotechnische producten "Enola Gaye Wire Pull Smoke Grenade" en "Enola Gaye EG18". Gelet op de EU conformiteitsverklaring bij deze producten zijn deze rook genererende producten door de fabrikant ingedeeld in categorie P1 als bedoeld in de Richtlijn 2013/29/EU van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013. De aanbieders betogen dat artikel 1.2.2, vierde lid, van het Vwb niet is overtreden. Voor het verkopen van de producten is geen vuurwerkcategorisering nodig, omdat sprake is van producten met een P1-categorisering, zo stellen zij.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2105
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202105552/1/R4 en 202105556/1/R4 en 202105559/1/R4

202106120/2/A3

Bij besluit van 27 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,00 op grond van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2016. [appellant] is eigenaar van de woning op het adres [locatie] in Amsterdam. Hij woont sinds 2012 in [land] en heeft een professioneel verhuurbedrijf ingeschakeld om de woning voor hem te verhuren. Hij was in de veronderstelling dat de woning sinds 2013 voor permanente bewoning verhuurd werd. Op 31 januari 2019 hebben toezichthouders de woning bezocht. Uit het daarvan opgemaakte rapport van bevindingen volgt dat in de woning een Russische vrouw is aangetroffen. Zij verklaarde dat zij de dag daarvoor gearriveerd was. Haar vriend zou een dag later komen. Zij wilden het centrum van Amsterdam zien om daarna door te reizen naar Parijs. Ze wist niet hoe de boeking was gegaan, dat had haar vriend geregeld. In de basisregistratie personen stond al sinds 14 juli 2014 niemand ingeschreven op het adres.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2071
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Uitspraak na conclusie
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202106120/2/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202106120/2/A3

202106181/1/R2

Bij besluit van 21 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Reusel-De Mierden de maatschap een last onder dwangsom opgelegd om herhaling van een overschrijding van het vergunde aantal vleesvarkens in de inrichting op het perceel [locatie] te Reusel te voorkomen. De maatschap exploiteert op het perceel een varkens- en melkrundveehouderij. De last onder dwangsom is opgelegd om herhaling van een overschrijding van het vergunde aantal vleesvarkens op 11 mei 2020 in de inrichting op het perceel te voorkomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2109
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106181/1/R2

202106326/1/V6

[verzoeker] heeft het hoger beroep ingetrokken en de Afdeling verzocht om de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid te veroordelen in de bij hem opgekomen proceskosten. Bij brief van 16 maart 2023 heeft de staatssecretaris desgevraagd aan de Afdeling laten weten dat hij het besluit op bezwaar van 13 augustus 2020 heeft ingetrokken en het bezwaar van [verzoeker] tegen het besluit van 4 juni 2020 gegrond heeft verklaard bij besluit van 2 maart 2023. Daarbij heeft de staatssecretaris besloten dat [verzoeker] zal worden voorgedragen voor de Nederlandse nationaliteit aan de Koning. In reactie daarop heeft [verzoeker] laten weten dat hij het hoger beroep intrekt en heeft hij de Afdeling verzocht de staatssecretaris te veroordelen in de proceskosten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2116
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202106326/1/V6

202106849/1/A3

Bij besluit van 24 december 2019 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante] een boete van € 18.900,00 opgelegd wegens overtreding van artikel 7.20, eerste lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit. [appellante] is een bouwbedrijf en werkte in 2018 aan de bouw van een bedrijfspand op de bouwlocatie aan de [locatie] in [plaats]. Op 2 mei 2018 heeft op de bouwlocatie een ongeval plaatsgevonden. Tijdens het hijsen van een betonnen trap van 2265 kg is die trap gevallen. Hierdoor heeft [persoon], een zelfstandig ondernemer die werkzaam was voor [appellante] (hierna: het slachtoffer), zwaar letsel opgelopen. Het slachtoffer heeft meerdere botbreuken en een longkneuzing aan het ongeval overgehouden. Op de dag van het ongeval is hij opgenomen in het ziekenhuis. Hij is geopereerd en heeft twaalf dagen in het ziekenhuis verbleven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2097
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202106849/1/A3

202107013/1/R3

Bij besluit van 18 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tubbergen het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden inzake activiteiten op het perceel dat kadastraal bekend staat als gemeente Tubbergen, sectie I, nummer 6843 afgewezen. [appellant] woont aan de [locatie 1] te Harbrinkhoek. Naast zijn woning ligt een agrarisch perceel waar volgens [appellant] een toegangsweg is aangelegd ten behoeve van het bedrijfsterrein aan de [locatie 2] (hierna: het bedrijfsperceel van [partij]). [appellant] stelt zich op het standpunt dat de aanleg en het gebruik van deze weg in strijd zijn met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Tubbergen Buitengebied 2016". Hij heeft daarom bij brief van 30 juli 2019 bij het college een verzoek om handhaving ingediend tegen de aanleg en het gebruik van de toegangsweg.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2091
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202107013/1/R3

202200443/1/A2

Bij besluit van 21 november 2015 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot huurtoeslag over 2015 herzien en vastgesteld op € 2.005,00. Deze zaak gaat over de terugvordering van voorschotten die door de Belastingdienst/Toeslagen aan [appellant] zijn toegekend. In hoger beroep gaat het nog om voorschotten zorgtoeslag over de jaren 2014 en 2016 en de huurtoeslag 2014 en 2015. De discussie tussen partijen gaat over de vraag of de Belastingdienst/Toeslagen de voorschotten daadwerkelijk aan [appellant] heeft uitbetaald. [appellant] stelt dat hij de voorschotten niet heeft ontvangen en dat de bankrekening waarop de bedragen volgens de Belastingdienst/Toeslagen zijn overgemaakt al sinds medio 2015 is opgeheven omdat hij toen naar Duitsland is vertrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2110
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202200443/1/A2

202200579/1/R1

Bij besluit van 12 februari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van een ondergrondse container. Bij besluit van 12 februari 2020 heeft het college een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van een ondergrondse container. Het college heeft bij besluit van 6 oktober 2020 het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard en de verleende omgevingsvergunning herroepen. Daarbij heeft het college het verzoek van [appellante] om vergoeding van de kosten die zij in verband met de behandeling van het bezwaar heeft moeten maken afgewezen, omdat volgens het college haar [gemachtigde] niet voldoet aan de eisen voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2108
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202200579/1/R1

202200642/1/A2

Bij besluit van 25 juni 2020 heeft de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen aan [appellant] een schadevergoeding van € 1.090,36 toegekend. [appellant] is sinds 1983 eigenaar van een woning uit 1978 aan de [locatie] te Grijpskerk. In 1996 is een serre gebouwd aan de woning. Op 30 oktober 2019 heeft [appellant] schade aan de serre als gevolg van mijnbouwactiviteiten gemeld bij de Tijdelijke Commissie. Volgens [appellant] verzakt de laatste jaren de vloer van de serre elk jaar 1 of 2 mm. [appellant] is sinds 1983 eigenaar van een woning uit 1978 aan de [locatie] te Grijpskerk. In 1996 is een serre gebouwd aan de woning. Bij besluit van 25 juni 2020 heeft het Instituut aan [appellant] een schadevergoeding van € 1.090,36 toegekend voor schades 3, 4, 5 en 8. Het geschil in hoger beroep gaat over de uitleg en de weerlegging van het bewijsvermoeden voor schades 1, 2, 6 en 7 en dus over de vraag of deze schades het gevolg zijn van aardbevingen. Bij deze zakkingschades gaat het om vervormingen van de aansluitnaad en naadvorming bij de aftimmering van de aansluiting van de serre met de bestaande gevel en hoogteverschil in de tegelvloer bij de aansluiting van de serre en de woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2063
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202200642/1/A2

202200644/1/A2

Bij besluit van 12 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Groningen aan [appellant] een tegemoetkoming in planschade van € 115.150,00 toegekend. [appellant] is eigenaar van een perceel met een oppervlakte van 7.000 m² ten zuiden van zijn woning aan de [locatie] te Groningen. [appellant] heeft het college op 12 december 2016 verzocht om een tegemoetkoming in planschade die hij heeft geleden als gevolg van het op 4 oktober 2013 in werking getreden bestemmingsplan "Bedrijventerrein Koningsweg". In dit plan rust op het perceel de bestemming "Groen". Voor het perceel gold voorheen het op 9 augustus 1948 door de raad van de gemeente Groningen vastgestelde plan "Aanvulling van het plan van uitbreiding omvattende een terrein a/h Van Starkenborghkanaal ten zuiden van de Driewegsluis". In het oude bestemmingsplan had het perceel de bestemming "Bestaand industrieterrein, tevens bestemd voor industrie".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2102
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202200644/1/A2

202200671/1/R4

Bij besluit van 13 december 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Limburg zijn beslissing om op 4 december 2019 zeer spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens overtredingen binnen de inrichting aan de Kranenpool 22 te Brunssum, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college aan tpD Recycling meegedeeld dat de kosten van de toepassing van de bestuursdwang onder meer op haar zullen worden verhaald. Op 2 december 2019 hebben toezichthouders van de RUD Zuid-Limburg namens het college een bezoek gebracht aan de inrichting van Bontrup Exploitatie B.V., gelegen aan de Kranenpool 22 in Brunssum. tpD Recycling huurt een deel van deze inrichting met eigen toegangspoort. Tijdens de controle werd volgens het besluit van 13 december 2019 geconstateerd dat er geuremitterende kunststoffen met euralcode 19 12 04 waren aangevoerd naar de inrichting. Het ging om ongeveer 80 ton balen ongereinigd materiaal dat een biologische of organische fractie bevatte (voornamelijk bedorven voedselresten), waardoor de afvalstoffen als geuremitterend en bodembelastend zijn aangemerkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2068
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202200671/1/R4

202200983/1R3

Bij besluit van 2 december 2021 heeft de raad van de gemeente Aalsmeer het bestemmingsplan "Uiterweg-Plasoevers 2021" vastgesteld. Het bestemmingsplan heeft betrekking op het gebied van de Uiterweg en de Westeinderplassen in Aalsmeer. Tot het gebied behoren ook de eilanden aan de Westeinderdijksloot, die de scheiding vormen tussen de Grote en de Kleine Poel, en de plasoevers langs de Kudelstaartseweg en de Herenweg in Kudelstaart. Het plan is een actualisering en herziening van de bestaande bestemmingsplannen binnen de plangrens. Het is overwegend conserverend van aard. [appellant sub 1] is eigenaar van de percelen [locatie 1] en [locatie 2] te Kudelstaart, gemeente Aalsmeer. Hij woont daar en exploiteert daar jachthaven De Vlet. [appellant sub 1] kan zich niet met het bestemmingsplan verenigen. Hij stelt dat hij wordt benadeeld door wijziging van de planologische mogelijkheden van zijn perceel [locatie 1]A.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2080
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202200983/1R3

202201564/1/R3

Bij besluit van 21 december 2021 heeft de raad van de gemeente Alblasserdam het bestemmingsplan "Kloos" vastgesteld. Het plan voorziet in een planologisch-juridische regeling om de transformatie van een voormalig bedrijventerrein naar een woongebied met maximaal 275 woningen mogelijk te maken. Het plan maakt in het gebied naast woningen ook ondergeschikte horeca, maatschappelijke voorzieningen en een (kleine) sportvoorziening mogelijk. Het plan voorziet in een planologisch-juridische regeling om de transformatie van een voormalig bedrijventerrein naar een woongebied met maximaal 275 woningen mogelijk te maken. Het plan maakt in het gebied naast woningen ook ondergeschikte horeca, maatschappelijke voorzieningen en een (kleine) sportvoorziening mogelijk. [appellant A] en [appellant C] wonen in het plangebied. Zij kunnen zich niet verenigen met het plan en hebben daarom beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2084
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202201564/1/R3

202201683/1/A3

Bij besluit van 28 mei 2021 heeft de minister voor Rechtsbescherming de aanvraag van [appellante] om een Verklaring Omtrent Gedrag afgewezen. [appellante] heeft een VOG aangevraagd voor de functie van "verzorgende individuele gezondheidszorg". De minister heeft de aanvraag afgewezen in verband met - kort gezegd - een in het Justitieel Documentatiesysteem geregistreerde zaak wegens gewoontewitwassen, gepleegd in de periode van 1 januari 2019 tot en met 2 juni 2020. Hiervoor heeft [appellante] in preventieve hechtenis gezeten van 10 juli 2020 tot en met 1 september 2020. De minister is van oordeel dat dit strafbare feit, indien herhaald, een belemmering vormt voor de behoorlijke uitoefening van de functie. Daarnaast concludeert de minister dat het belang van de samenleving bij bescherming tegen de vastgestelde risico’s, zwaarder dient te wegen dan het belang dat [appellante] heeft bij de afgifte van de VOG.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2111
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Verklaring omtrent gedrag
  • uitspraakin de zaak202201683/1/A3

202202213/1/R1

Bij besluit van 29 oktober 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen (NH) een bedrag van € 10.000,00 aan een verbeurde dwangsom bij [appellante] ingevorderd. [appellante] is eigenaar van het perceel aan de [locatie] te Schoorl. Aan deze gronden zijn ingevolge het geldende bestemmingsplan "2e herziening Schoorl Kernen en Buurtschappen" (hierna: het bestemmingsplan) de bestemmingen "Agrarisch", "Wonen - 1" en "Tuin" toegekend. [appellante] had zonder omgevingsvergunning een schuur geplaatst op de grond met de bestemming "Agrarisch". Dit was volgens het college in strijd met artikel 3 van de planregels, omdat de schuur niet werd gebruikt ten behoeve van een agrarisch bedrijf. [appellante] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat de dwangsom niet van rechtswege is verbeurd, omdat de gronden met de bestemming "Wonen - 1" geen onderdeel uitmaken van de last onder dwangsom.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2114
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202202213/1/R1

202202281/1/R1

Bij besluit van 1 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlem [appellant] onder aanzegging van bestuursdwang, gelast om uiterlijk 13 december 2020 een caravan van een groenstrook van het Salieveld te Haarlem te verwijderen en verwijderd te houden. [appellant] is eigenaar van een caravan, die hij ten tijde van het besluit van 1 december 2020 op de locatie had geplaatst en waarin hij samen met [persoon] woonde. Op de locatie rust op grond van het geldende bestemmingsplan Europawijk de bestemming "Groen". Volgens het college is het plaatsen en bewonen van de caravan op de locatie in strijd met artikel 7.1 van het geldende bestemmingsplan Europawijk. Het college heeft [appellant], als eigenaar van de caravan, aangemerkt als overtreder en hem gelast de caravan van de locatie te verwijderen en verwijderd te houden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2113
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202202281/1/R1

202202360/1/V6

Bij besluit van 26 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het verzoek van [appellante] om haar het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. Op 5 juli 2019 heeft [appellante] de staatssecretaris verzocht om haar het Nederlanderschap te verlenen (hierna: het verzoek). Bij het verzoek heeft zij een Guinees paspoort overgelegd met nummer […], afgegeven op 18 februari 2016 en geldig tot en met 18 februari 2021 (hierna: het paspoort). Daarnaast heeft zij een Guinese rechterlijke uitspraak overgelegd met nummer 1806/JP/P/2016, afgegeven op 15 februari 2016 en gelegaliseerd op 8 april 2016. Ook heeft zij een bijbehorend uittreksel van de Guinese burgerlijke stand van haar geboorteakte overgelegd met nummer 425/CUP/2016, afgegeven op 15 februari 2016 en ook gelegaliseerd op 8 april 2016.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2065
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202202360/1/V6

202202422/1/A3

Bij brief van 22 oktober 2020 heeft de Staatssecretaris van Defensie een verzoek van [appellant] om inzage van de medische gegevens van zijn overleden broer afgewezen. [appellant] heeft op 13 augustus 2020 een verzoek om inzage van de medische gegevens van zijn overleden broer bij de staatssecretaris ingediend. Zijn broer heeft PTSS opgelopen nadat hij tijdens zijn militaire dienst ernstige pesterijen en mishandelingen heeft ondergaan. Zijn broer heeft volgens [appellant] naar aanleiding hiervan zestien jaar later zelfmoord gepleegd. Hij wil inzage in de medische gegevens van zijn broer om de daders en medeplichtigen van de pesterijen en mishandelingen vervolgd te krijgen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2072
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202202422/1/A3

202202506/1/R1

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam geweigerd aan [appellant] een omgevingsvergunning te verlenen voor het gebruik van de ruimte op de eerste bouwlaag aan de [locatie] als woning. [appellant] is eigenaar van de ruimte op de eerste bouwlaag aan de [locatie] te Amsterdam. Deze ruimte heeft op basis van het geldende bestemmingsplan "Westerpark Zuid" de bestemming "Wonen - 1" met de functieaanduiding: "specifieke vorm van gemengd - 1". Op grond van deze functieaanduiding is de ruimte uitsluitend bestemd voor consumentverzorgende dienstverlening, kantoren, bedrijven of maatschappelijke voorzieningen en is gebruik van de ruimte als woning niet toegestaan. Op 10 mei 2020 heeft [appellant] een aanvraag gedaan voor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht teneinde de ruimte te gebruiken als woning. Het college heeft geweigerd aan [appellant] de aangevraagde omgevingsvergunning te verlenen, omdat het gemeentelijke beleid er juist op is gericht om kleinschalige bedrijfsruimtes te behouden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2098
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202202506/1/R1

202202818/1/R3

Op 19 januari 2021 heeft [appellant] beroep ingesteld wegens het niet tijdig beslissen op zijn brief van 24 oktober 2017, met als titel "Melding vergunningvrij bouwen [locatie] te Jirnsum". [appellant] heeft op 26 september 2017 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het uitbreiden van de werktuigberging, het uitbreiden van de veestalling en het bouwen van een hooiopslag op het perceel [locatie] te Jirnsum. Bij besluit van 3 januari 2018 heeft het college de aangevraagde omgevingsvergunning geweigerd. Bij uitspraak van 22 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1114, heeft de Afdeling het hoger beroep van [appellant] tegen de uitspraak van de rechtbank van 5 juni 2019 ongegrond verklaard, waarmee de weigering van de gevraagde omgevingsvergunning in rechte is komen vast te staan. Na het indienen van die aanvraag om een omgevingsvergunning heeft [appellant] de brief van 24 oktober 2017, met als koptekst "Melding vergunningsvrij bouwen [locatie] Jirnsum", aan het college gestuurd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2078
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Vee e.a. dieren
  • uitspraakin de zaak202202818/1/R3

202202861/1/A3

Bij besluit van 11 maart 2020 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan [appellante] een bestuurlijke boete opgelegd van € 4.625,-, wegens drie overtredingen van bepalingen, gesteld bij en krachtens de Binnenvaartwet. Op 30 augustus 2018 heeft de zoon van [appellante] een rondvaart in Amsterdam uitgevoerd met het [schip], dat eigendom is van [appellante]. Een toezichthouder van Waternet heeft na deze rondvaart een controle uitgevoerd die gericht was op illegale rondvaarten in Amsterdam. In het door de toezichthouder op 5 oktober 2018 opgemaakte boeterapport staat vermeld dat met haar schip bedrijfsmatig vervoer werd verricht met meer dan twaalf personen, terwijl niet aan alle wettelijke vereisten was voldaan. Het schip was tijdens de controle namelijk niet voorzien van een certificaat van onderzoek (hierna: cvo) en er ontbrak een schipper en een matroos. De minister heeft wegens deze drie overtredingen aan [appellante] een bestuurlijke boete van € 4.625,- opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2070
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202202861/1/A3

202202961/1/A2

Bij uitspraak van 8 december 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2745, heeft de Afdeling bestuursrechtspraak het hoger beroep van [verzoeker] tegen de mondelinge uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 15 december 2020 in zaak nr. 20/1292 ongegrond verklaard. [verzoeker] verzoekt de Afdeling allereerst een brief van het Letterenfonds van 30 november 2021, waarin een klacht van hem buiten behandeling is gesteld, aan te merken als besluit en mee te nemen bij de beoordeling van zijn verzoek. Volgens [verzoeker] is zijn klacht ten onrechte buiten behandeling gesteld. [verzoeker] wijst er verder op dat de literaire kwaliteit van zijn essay uit 1986 onjuist is beoordeeld, omdat die beoordeling is gebaseerd op een summiere kaartenbakrecensie van het Nederlands Bibliotheek en Lectuur Centrum en die recensie afkomstig is van iemand die hem niet goedgezind is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2096
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Herziening
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202202961/1/A2

202203349/1/R1

Bij besluit van 9 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlem locaties aangewezen voor de plaatsing van ondergrondse afvalcontainers in de wijken Oude Stad-binnenstad en Bakenes in Haarlem. Op 9 maart 2021 heeft het college voor de wijken Oude Stad-binnenstad en Bakenes in Haarlem locaties aangewezen voor de plaatsing van ondergrondse afvalcontainers, waaronder de locatie BA007 en BA012b ter hoogte van Jansstraat 46. De twee ondergrondse afvalcontainers voor restafval die op locatie BA012a staan, zouden worden verplaatst naar locatie BA012b. Locatie BA007 en BA012b bevinden zich naast twee bestaande ondergrondse afvalcontainers, zodat in totaal sprake zou zijn van zeven ondergrondse afvalcontainers in een rijopstelling. [appellant] woont op het adres [locatie] in Haarlem, direct tegenover de locatie BA007 en BA012b. Hij heeft bezwaar gemaakt tegen het aanwijzingsbesluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2103
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202203349/1/R1

202203431/1/A2

Bij besluit van 24 januari 2022 heeft de minister voor Langdurige Zorg en Sport aan Kloek Zorg B.V. een last onder dwangsom opgelegd wegens het niet tijdig voldoen aan zijn verantwoordingsplicht op grond van de Wet toelating zorginstellingen Kloek Zorg B.V. heeft een toelating als bedoeld in de Wet toelating zorginstellingen. Naast Kloek Zorg B.V. heeft ook Kloek B.V. een Wtzi-toelating. Gelet op de artikelen 15 en 16 van de Wtzi en artikel 9, eerste lid, van de Regeling verslaggeving Wtzi moet degene die een Wtzi-toelating heeft jaarlijks een verantwoording vóór 1 juni aan het CIBG, de uitvoeringsorganisatie van het ministerie van VWS, verstrekken. Voor het jaar 2020 is de termijn waarbinnen verantwoording moest worden verstrekt vanwege de coronapandemie verlengd tot 1 oktober 2021.Bij brief van 2 november 2021 heeft de minister aan Kloek Zorg B.V. bericht dat het CIBG de jaarverantwoording niet had ontvangen en dat hij voornemens was om een last onder dwangsom op te leggen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2112
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Gezondheidszorg
  • uitspraakin de zaak202203431/1/A2

202203864/1/A2

Bij brief van 25 februari 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen [appellant] meegedeeld dat hij de terugvordering van € 221,00 nog niet heeft betaald. De Belastingdienst/Toeslagen heeft [appellant] bij besluit van 28 december 2017 € 344,00 voorschot zorgtoeslag toegekend voor het jaar 2018. Bij besluit van 14 februari 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] over het jaar 2018 definitief berekend op € 128,00. Omdat dit betekent dat [appellant] teveel voorschot heeft ontvangen, heeft de Belastingdienst/Toeslagen bij datzelfde besluit een bedrag van € 216,00 en € 5,00 rente teruggevorderd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2095
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202203864/1/A2

202204071/1/V6

Bij besluit van 17 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het Nederlanderschap van [appellant] ingetrokken. [appellant] is op [geboortedatum] 1988 geboren in Rotterdam en heeft bij geboorte van rechtswege de Marokkaanse nationaliteit verkregen. Op 4 juni 1997 is [appellant] met zijn ouders genaturaliseerd tot Nederlander. De staatssecretaris heeft zijn Nederlanderschap krachtens artikel 14, tweede lid, aanhef en onder b, van de Rijkswet op het Nederlanderschap ingetrokken, omdat hij bij vonnis van 2 augustus 2018 door de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam onherroepelijk is veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf jaar wegens het medeplegen van deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van terroristische misdrijven. Dit is een terroristisch misdrijf als bedoeld in artikel 83 van het Wetboek van Strafrecht. De rechtbank heeft bewezen verklaard dat [appellant] zich in de periode van 1 november 2015 tot en met 1 februari 2018 in Syrië schuldig heeft gemaakt aan het lidmaatschap van een terroristische organisatie die destijds Jabhat-al-Nusra heette.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2093
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202204071/1/V6

202204072/1/V6

Bij besluit van 17 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het Nederlanderschap van [appellant] ingetrokken. [appellant] is op [geboortedatum] 1989 geboren in Rotterdam en heeft bij geboorte van rechtswege de Marokkaanse nationaliteit verkregen. Op 23 november 1999 is [appellant] met zijn moeder genaturaliseerd tot Nederlander. De staatssecretaris heeft zijn Nederlanderschap krachtens artikel 14, tweede lid, aanhef en onder b, van de Rijkswet op het Nederlanderschap ingetrokken, omdat hij bij vonnis van 2 augustus 2018 door de meervoudige kamer voor strafzaken van de rechtbank Rotterdam onherroepelijk is veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf jaar wegens het medeplegen van deelnemen aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van terroristische misdrijven. Dit is een terroristisch misdrijf als bedoeld in artikel 83 van het Wetboek van Strafrecht. De rechtbank heeft bewezen verklaard dat [appellant] zich in de periode van 1 november 2015 tot en met 1 februari 2018 in Syrië schuldig heeft gemaakt aan het lidmaatschap van een terroristische organisatie die destijds Jabhat-al-Nusra heette.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2094
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202204072/1/V6

202204111/1/V6

Bij besluit van 2 februari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van [verzoeker] om hem en zijn kinderen het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. [verzoeker] heeft de Syrische nationaliteit. De staatssecretaris heeft het verzoek afgewezen, omdat er een ernstig vermoeden bestaat dat [verzoeker] een gevaar vormt voor de openbare orde. [verzoeker] heeft de Syrische nationaliteit. De staatssecretaris heeft het verzoek afgewezen, omdat er een ernstig vermoeden bestaat dat [verzoeker] een gevaar vormt voor de openbare orde. De reden hiervoor is dat tegen [verzoeker] een strafbeschikking is uitgevaardigd wegens het handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie waarbij aan [verzoeker] een geldboete is opgelegd van € 550,00. [verzoeker] heeft verzet ingesteld tegen de strafbeschikking waardoor de strafbeschikking ten tijde van het besluit van 10 juni 2021 nog niet onherroepelijk was en er een strafzaak tegen [verzoeker] openstond.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2059
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202204111/1/V6

202204985/1/R1

Bij besluit van 7 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een restaurant op het adres [locatie]. Het college heeft bij besluit van 7 december 2020 een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een restaurant in afwijking van het ter plaatse geldende bestemmingsplan en het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht. Het door [wederpartij] tegen dit besluit op 18 januari 2021 gemaakte bezwaar heeft het college bij besluit van 27 oktober 2021 niet-ontvankelijk verklaard. Hieraan heeft het college ten grondslag gelegd dat [wederpartij] geen procesbelang meer had, omdat de vergunning bij besluit van 5 maart 2021 al was ingetrokken op verzoek van de vergunninghouder. Tevens is in dit besluit het verzoek om vergoeding van de kosten afgewezen, omdat volgens het college geen sprake was van herroeping als bedoeld in artikel 7:15, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2107
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202204985/1/R1

202205179/1/R2

Bij besluit van 11 juli 2022 heeft de raad van de gemeente Geldrop-Mierlo het bestemmingsplan "Mierloseweg 40 Geldrop" gewijzigd vastgesteld. Het plan maakt het mogelijk aan de Mierloseweg 40 in Geldrop een nieuw woongebouw met 40 appartementen, een maximum bouwhoogte van 14,7 meter en een parkeerkelder te realiseren (hierna ook: de ontwikkeling). De initiatiefnemer heeft het voornemen het bestaande, leegstaande, bedrijfsverzamelgebouw daarvoor te slopen. [appellant sub 1] woont ten oosten van het plangebied, aan de Ter [locatie 1] in Geldrop. Zij vreest voor parkeer- en verkeeroverlast ten gevolge van het plan, schaduwwerking op de zonnepanelen van haar woning en geluidsoverlast door de buitenunits van de beoogde warmtepompen. [appellant sub 2] woont direct ten westen van het plangebied, aan de [locatie 2]. Hij kan zich niet met het plan verenigen omdat het plan volgens hem leidt tot aantasting van zijn privacy, parkeerproblemen en waardedaling van zijn woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2081
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202205179/1/R2

202206933/1/R4

Bij besluit van 25 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Schiedam zijn beslissing om spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Schiedam 2013 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 150,00, voor rekening van [appellante] komen. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een doos die op 23 juli 2022 is aangetroffen in Schiedam naast de ondergrondse afvalcontainer op de Van Swindenstraat ter hoogte van huisnummer 35. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat haar adresgegevens op de doos zijn aangetroffen. [appellante] betwist niet dat de doos van haar afkomstig is, maar stelt dat zij deze niet verkeerd heeft aangeboden. [appellante] heeft toegelicht dat zij haar vloer heeft laten betegelen. Nadat de tegels waren bezorgd is het restmateriaal, waaronder de doos, op een pallet voor haar deur achtergelaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2023:2057
Datum uitspraak
31 mei 2023
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202206933/1/R4
vorige pagina1...150151152...1.239volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon