Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 126.893
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202504680/1/A2

Bij besluit van 13 oktober 2022 heeft de burgemeester aan Insight een exploitatievergunning verleend voor het verrichten van horeca-activiteiten op de eerste etage van het hoofdgebouw van Chi Chi en daaraan een aantal voorschriften verbonden. De burgemeester heeft geweigerd om een exploitatievergunning te verlenen voor het verrichten van horeca-activiteiten op de begane grond.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5667
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202504680/1/A2

202504880/1/V6

Bij besluit van 18 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen (het verzoek) afgewezen. De minister heeft het verzoek afgewezen, omdat ernstige vermoedens bestaan dat [appellant] een gevaar vormt voor de openbare orde (artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, van de Rijkswet op het Nederlanderschap; RWN). De reden hiervoor is dat de officier van justitie op 7 februari 2023 een strafbeschikking tegen [appellant] heeft uitgevaardigd wegens illegaal wapenbezit, waarbij hij [appellant] een boete van € 1.009,00 heeft opgelegd. Tijdens een controle van zijn handbagage op luchthaven Schiphol heeft de beveiliging namelijk een mes en pepperspray aangetroffen. [appellant] heeft toegelicht dat hij deze wapens bij zich droeg, omdat hij en zijn gezin op dat moment ernstig werden bedreigd. Het gezin werd hiervoor ook bijgestaan door het Team Bewaken en Beveiligen van de politie. Volgens de minister zijn dit geen bijzondere omstandigheden die maken dat hij [appellant] het Nederlanderschap had moeten verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5645
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202504880/1/V6

202504979/1/A2

Bij besluit van 24 augustus 2023 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat de aanvraag van [appellant] om subsidie voor de kosten van energiebesparende of energieopwekkende maatregelen afgewezen. [appellant] heeft op 6 juni 2023 een aanvraag gedaan om subsidie op grond van de Regeling waardevermeerdering woningen gaswinning Groningenveld. In de Regeling is opgenomen dat de minister maximaal € 4.000,00 subsidie verleent voor onder meer verduurzamingsmaatregelen van eigenaren van woningen die fysieke schade hebben als gevolg van gaswinning. Bij besluit van 24 augustus 2023, gehandhaafd bij besluit van 19 maart 2024, heeft de minister de aanvraag afgewezen. Op grond van artikel 3, tweede lid, van de Regeling komen de kosten voor subsidie in aanmerking indien deze zijn gemaakt ter voldoening aan een contractuele verplichting die is aangegaan vóór de indiening van de aanvraag, maar na de datum waarop een schaderapport of een concept daarvan is uitgebracht door een schade-expert in opdracht van het IMG. Een schade-expert heeft op 18 februari 2021 de woning van [appellant] opgenomen en daarvan vervolgens rapport uitgebracht. De facturen van 8 september 2018 en 17 november 2018 zijn van vóór het schaderapport. Dat betekent dat de kosten niet subsidiabel zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5670
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202504979/1/A2

202505108/1/A2

Bij besluit van 10 december 2024 heeft de burgemeester van Rijswijk een aanvraag van [appellant] om verlenging van de exploitatievergunning voor [eetcafé], gevestigd op het adres [locatie] te Rijswijk (het perceel), afgewezen. De burgemeester heeft de aanvraag om verlenging van deze vergunning op grond van artikel 2:28, tweede lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening Rijswijk 2024 (APV) afgewezen, omdat de exploitatie volgens hem in strijd is met het Omgevingsplan gemeente Rijswijk (het omgevingsplan). De burgemeester heeft daarbij in aanmerking genomen dat vanaf 2020 meerdere overtredingen in de onderneming van [appellant] zijn geconstateerd. Bij verschillende controles in 2020 en 2023 is vastgesteld dat geen sprake is van een eetcafé, maar van een shisha-lounge (waterpijpcafé). [appellant] heeft ondanks het aanzeggen van handhaving zijn bedrijfsvoering niet in overeenstemming gebracht met de voor een eetcafé verleende exploitatievergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5668
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202505108/1/A2

202505203/1/A2

Bij besluit van 7 oktober 2021 heeft de Dienst Toeslagen aan [appellante] aanvullende compensatie toegekend ten bedrage van € 37.546,00 in het kader van de hersteloperatie toeslagen. De Dienst Toeslagen heeft op basis van een zogenoemde integrale beoordeling vastgesteld dat [appellante] schade heeft geleden doordat ten aanzien van haar sprake was van institutionele vooringenomenheid bij de uitvoering van de kinderopvangtoeslag voor de jaren 2008, 2009 en 2011 tot en met 2013, waarbij zij in totaal € 44.142,00 aan (voorschotten) kinderopvangtoeslag moest terugbetalen of niet heeft ontvangen. Dit heeft er uiteindelijk in geresulteerd dat zij middels verrekening met toeslagen een bedrag van € 11.725,00 heeft terugbetaald. Bij verschillende besluiten heeft de Dienst Toeslagen in totaal een bedrag van € 53.695,00 aan (forfaitaire) compensatie toegekend voor die schade, op grond van artikel 2.1, eerste lid, van de Wet hersteloperatie toeslagen (de Wht).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5636
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202505203/1/A2

202505204/1/A2

Bij besluit van 9 februari 2024 heeft de Dienst Wegverkeer (RDW) een aanvraag van [appellant] om omwisseling van zijn Poolse rijbewijs voor een Nederlands rijbewijs ingewilligd. Op het Nederlandse rijbewijs is een geldigheidsduur van 10 jaar na de afgiftedatum vermeld. Op 6 februari 2024 heeft [appellant] een aanvraag gedaan om omwisseling van zijn Poolse rijbewijs voor een Nederlands rijbewijs. De RDW heeft deze aanvraag ingewilligd. In het Nederlandse rijbewijs heeft de RDW zowel in rubriek 4b (administratieve geldigheidsduur) als in rubriek 11 (geldigheidsduur per categorie voertuig) de datum 8 februari 2034 ingevuld. Tussen partijen is in geschil of het opnemen van een geldigheidsduur in rubriek 11 voor categorie B in overeenstemming is met het Unierecht, in het bijzonder Richtlijn 2006/126/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 betreffende het rijbewijs (PB 2006, L 403; de Rijbewijsrichtlijn).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5658
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202505204/1/A2

202506120/1/R1

Bij besluit van 5 juni 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere [appellanten] (hierna: [appellant A]) gelast om het gebruik in strijd met het bestemmingsplan van zijn woning aan de [locatie], gemeente Veere, te beëindigen en beëindigd te houden onder oplegging van een dwangsom. Hij kan dit doen door het recreatief verhuren van de woning te staken en gestaakt te houden. Een toezichthouder van de gemeente heeft in 2023 en 2024 controles uitgevoerd aan de woning aan de [locatie]. In de daarvan opgemaakte rapporten van bevindingen staat dat de woning werd gebruikt voor recreatieve verhuur. Geconstateerd is dat verschillende mensen in de woning verbleven en dat die mensen de woning kortdurend recreatief gebruikten. De woning werd te huur aangeboden via websites en er werd een huurprijs voor gevraagd. De woning is voorzien van een sleutelkastje. [appellant A] heeft de juistheid van de inhoud van de rapporten niet betwist. Daarom staat vast dat de woning werd gebruikt voor recreatieve verhuur. Het college heeft zich bij het besluit van 5 juni 2024 op het standpunt gesteld dat de recreatieve verhuur geen wonen is en daarom niet in overeenstemming is met artikel 19.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de regels van het bestemmingsplan [naam].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5664
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202506120/1/R1

202600139/1/A2

Bij beslissing van 14 augustus 2025 heeft de BSA-commissie een verzoek van [appellant] om uitstel van het bindend studieadvies afgewezen en aan hem een negatief bindend studieadvies (NBSA) gegeven. [appellant] volgde in het cursusjaar 2024/2025 de bacheloropleiding Economie en Bedrijfseconomie. Hij heeft administratief beroep ingesteld tegen de beslissing van de BSA-commissie van 14 augustus 2025 en heeft de voorzitter van het het college van beroep voor de examens van de Universiteit van Amsterdam (CBE) verzocht een voorlopige voorziening te treffen, inhoudende dat hij, ondanks die beslissing, aan het onderwijs kan blijven deelnemen. De BSA-commissie heeft op 9 september 2025 te kennen gegeven [appellant] dit toe te staan. [appellant] heeft vervolgens desgevraagd het verzoek om een voorlopige voorziening ingetrokken en het CBE verzocht de examencommissie te veroordelen in de proceskosten van het verzoek.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5634
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202600139/1/A2

202601123/1/A2

Bij uitspraak van 27 februari 2026 heeft rechtbank Zeeland­-West-­Brabant het verzoek van de raad om een onteigeningsbeschikking te bekrachtigen voor zover deze ziet op het perceel kadastraal bekend gemeente Vlissingen, [perceel] (verder: [perceel]), toegewezen. De Staat, de provincie Zeeland, het waterschap Scheldestromen en de gemeente Vlissingen zijn in het 'Bestuursakkoord Compensatiepakket Marinierskazerne' een maatregelenpakket overeengekomen, om de provincie, de gemeente en het waterschap te compenseren voor het niet verplaatsen van de marinierskazerne van Doorn naar Vlissingen. Onderdeel van dit pakket is de realisatie van een Justitieel Complex Vlissingen (JCV), bestaande uit een hoogbeveiligde zittingslocatie (rechtbank), een penitentiaire inrichting voor zwaardere doelgroepen met een extra beveiligde inrichting (gevangenis) en een overnachtingslocatie voor rechters en advocaten. Om de landbouwontsluitingsweg te realiseren moet één perceel worden verworven. Dit is het [perceel], in eigendom van [appellant]. Het perceel is 5.839 m2 groot en wordt gebruikt voor volkstuinen. Van dit perceel is een gedeelte ter grootte van 566 m2 vereist voor de aanleg van de landbouwontsluitingsweg. Dat is het deel waarop de onteigeningsbeschikking betrekking heeft. Dit deel van het perceel wordt nu nog gebruikt als toegangsweg tot de volkstuinen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5646
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Hoger beroep
  • Onteigening
  • RO - Zeeland
  • uitspraakin de zaak202601123/1/A2

202601516/1/R4

Bij besluit van 7 februari 2026 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 2 februari 2026 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met artikel 9 lid 1 Afvalstoffenverordening 2010 en de daarop gebaseerde uitvoeringsregeling van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 199,57 voor rekening van [appellant] komen. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een kartonnen doos, die op 2 februari 2026 is aangetroffen naast de ondergrondse afvalcontainer ter hoogte van de Roggekamp 399 in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de kartonnen doos verkeerd heeft aangeboden, omdat er op de doos een adreslabel staat met daarop zijn adresgegevens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5641
Datum uitspraak
23 september 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202601516/1/R4
vorige pagina1...262728...12.690volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon