Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 126.673
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202402458/1/V6

Bij besluit van 4 juli 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van [appellant] om op enige wijze zijn overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 29 maart 2023 heeft hij de minister gevraagd om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij van 2006 tot 2010 heeft gewerkt als bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Uruzgan, Afghanistan. De minister heeft de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening (Kamerstukken II 2021/22, 27 925, nr. 860; de Kamerbrief). Onder die speciale voorziening vallen twee groepen vreemdelingen. Partijen zijn het erover eens dat [appellant] niet is genomineerd door een ngo in het kader van de speciale voorziening en hij dus niet onder die groep van de speciale voorziening valt. De minister heeft zich in het besluit op het standpunt gesteld dat [appellant] ook niet onder de tweede groep valt, omdat hij niet voorkomt in de database van het ministerie van Defensie met meldingen van Nederlandse veteranen en van hulpverzoeken die uiterlijk 11 oktober 2021 zijn gedaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1733
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202402458/1/V6

202402470/1/V6

Bij besluit van 1 maart 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van [appellant] om op enige wijze zijn overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 23 januari 2023 heeft hij de minister gevraagd om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij van 17 juli 2009 tot 31 november 2010 heeft gewerkt als bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Uruzgan, Afghanistan. De minister heeft de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening (Kamerstukken II 2021/22, 27 925, nr. 860; de Kamerbrief). Onder die speciale voorziening vallen twee groepen vreemdelingen. Partijen zijn het erover eens dat [appellant] niet is genomineerd door een ngo in het kader van de speciale voorziening en hij dus niet onder die groep van de speciale voorziening valt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1731
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202402470/1/V6

202402521/1/R4

Bij besluit van 15 december 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 24 november 2023 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat een gedeelte van de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 199,57, voor rekening van [appellante] komt. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een platgemaakte doos die op 24 november 2023 is aangetroffen naast de ondergrondse restafvalcontainer ter hoogte van de Tasmanstraat 6 in Den Haag. Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag is ervan uitgegaan dat [appellante] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat haar naam en adres op het adreslabel op de doos staan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1703
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202402521/1/R4

202403308/1/V6

Bij besluit van 1 maart 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van [appellant] om op enige wijze zijn overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 27 januari 2023 heeft hij de minister gevraagd om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij van 1 juli 2008 tot en met 31 oktober 2010 heeft gewerkt als bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Uruzgan, Afghanistan. De minister heeft de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening (Kamerstukken II 2021/22, 27 925, nr. 860; hierna: de Kamerbrief). Onder die speciale voorziening vallen twee groepen vreemdelingen. Partijen zijn het erover eens dat [appellant] niet is genomineerd door een ngo in het kader van de speciale voorziening en hij dus niet onder die groep van de speciale voorziening valt. De minister heeft zich in het besluit op het standpunt gesteld dat [appellant] ook niet onder de tweede groep valt, omdat hij niet rechtstreeks in dienst was bij het ministerie van Defensie, maar bij een onderaannemer.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1729
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202403308/1/V6

202403309/1/V6

Bij besluit van 4 juli 2023 (hierna: het besluit) heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van [appellant] om op enige wijze zijn overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 29 maart 2023 heeft hij de minister gevraagd om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij tussen 2006 en 2010 een à twee jaar heeft gewerkt als bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Uruzgan, Afghanistan. De minister heeft de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening (Kamerstukken II 2021/22, 27 925, nr. 860; hierna: de Kamerbrief). Onder die speciale voorziening vallen twee groepen vreemdelingen. Partijen zijn het erover eens dat [appellant] niet is genomineerd door een ngo in het kader van de speciale voorziening en hij dus niet onder die groep van de speciale voorziening valt. De minister heeft zich in het besluit op het standpunt gesteld dat [appellant] ook niet onder de tweede groep valt, omdat hij niet voorkomt in de database van het ministerie van Defensie met meldingen van Nederlandse veteranen en van hulpverzoeken die uiterlijk 11 oktober 2021 zijn gedaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1683
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202403309/1/V6

202404320/1/R1

Bij besluit van 26 april 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Texel de door [appellant] aangevraagde omgevingsvergunning voor het bouwen en gebruiken van een gebouw als woonruimte op het perceel [locatie] in Den Burg geweigerd. [appellant] woont in een stolpwoning (hierna: de woning) op het perceel [locatie] in Den Burg. Naast de stolpwoning stond op het perceel ook een schuur van ongeveer 60 m². Ook is een hal van ongeveer 170 m² aanwezig. [appellant] wil op het perceel een gebouw met een nokhoogte van 5 meter bouwen met een woonkamer- en een slaapkamergedeelte, douche, toilet en een glazen corridor naar de woning. Hij heeft daarom een omgevingsvergunning aangevraagd voor dit bouwplan. Het gebouw heeft een oppervlakte van ongeveer 46 m2. In de aanvraag staat dat het gaat om levensloopbestendig wonen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1710
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202404320/1/R1

202404656/1/R4

Bij besluit van 23 april 2024 heeft de raad van de gemeente Rheden het bestemmingsplan "Landelijk Gebied, locatie langs de spoorlijn tussen Biljoen en [locatie]" vastgesteld. Het plangebied bestaat uit twee locaties. Een hoofdlocatie en een locatie voor natuurcompensatie. De hoofdlocatie wordt gevormd door een bestaande weg die parallel loopt aan, en ten zuiden ligt van, de spoorlijn Arnhem-Zutphen. De weg bevindt zich tussen de straat Biljoen en het Blauwe laantje. De weg vormt de ontsluiting van de boerderij aan de [locatie] in Velp die is gesitueerd op het rijksmonumentale landgoed Biljoen. Het landgoed Biljoen inclusief de boerderij is in eigendom van Stichting Het Geldersch Landschap. De boerderij wordt gepacht door [appellante]. De weg is aangelegd, omdat die boerderij werd ontsloten via een particuliere en onbewaakte spoorovergang die onderdeel uitmaakt van het Blauwe laantje. Omdat de weg niet paste in het vorige bestemmingsplan "Landelijk Gebied", heeft de raad het plan vastgesteld. Met het plan heeft de raad de enkelbestemming "Verkeer" aan de hoofdlocatie toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1718
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202404656/1/R4

202404741/1/A2

Bij besluit van 12 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Weert aan [partij A] en [partij B] een tegemoetkoming in planschade van € 5.450,00, te vermeerderen met wettelijke rente, toegekend. [partij] was ten tijde van belang eigenaar van het perceel met vrijstaande woning aan de [locatie] te Stramproy. Bij besluit van 8 mei 2019, in werking getreden op 20 juni 2019, heeft het college Vimo een omgevingsvergunning verleend (hierna: de omgevingsvergunning) om in afwijking van het bestemmingsplan Altweerterheide, Laar, Stramproy, en Tungelroy tien appartementen te realiseren aan de Julianastraat 26 te Stramproy (hierna: het perceel). Vimo heeft met de gemeente Weert een overeenkomst als bedoeld in artikel 6.4a van de Wet ruimtelijke ordening gesloten. Daarin heeft Vimo zich ertoe verbonden om aan de gemeente het totale bedrag te compenseren van de planschade die voortvloeit uit de verlening van de omgevingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1696
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202404741/1/A2

202404983/1/A2

Bij besluiten van 9 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roermond, voor zover hier van belang, [partij A] en [partij B] een tegemoetkoming in planschade van € 5.600,00 toegekend en [partij C] en [partij D] een tegemoetkoming in planschade van € 1.900,00 toegekend. Bij besluit van 20 oktober 2011 is het bestemmingsplan Buitengebied Asenray vastgesteld. Onder dit bestemmingsplan had het perceel gedeeltelijk een woonbestemming en voor het overige een agrarische bestemming. Binnen de agrarische bestemming was het planologisch mogelijk om een agrarisch bedrijf, zoals een productiegerichte paardenhouderij, te vestigen. Voor het toestaan van een gebruiksgerichte paardenhouderij binnen de agrarische bestemming was een wijzigingsbevoegdheid opgenomen. Omdat het perceel geen bouwvlak had, was het niet toegestaan om te bouwen. Dit betekent dat het voor [appellante] niet mogelijk was om, naast de toen al bestaande paardenbak en wei, een (overdekte) rijhal voor een paardenhouderij te bouwen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1690
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202404983/1/A2

202405519/1/R2

Bij besluit van 2 juli 2024 heeft het college het wijzigingsplan "Genderen: Doeverensestraat" vastgesteld. Aan de zuidwestzijde van Genderen ligt een langgerekt kavel aan de Doeverensestraat dat momenteel in gebruik is voor agrarische doeleinden. Het plangebied ligt in het verlengde en aan de overkant van bestaande woningen aan die straat. Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 1,3 hectare. De initiatiefnemer wenst deze locatie te ontwikkelen voor 11 vrijstaande woningen inclusief de landschappelijke inpassing daarvan. [appellant] en anderen zijn het niet eens met dit plan. Zij vrezen om verschillende redenen dat hun woon-en leefklimaat door dit plan wordt aangetast. In het bijzonder is volgens hen binnen het plangebied voldoende ruimte om de woningen meer naar het westen en verder van de weg af te plaatsen. Hierdoor vormen de woningen een minder grote aantasting van het woon-en leefklimaat van de bestaande bewoners en kunnen de woningen landschappelijk beter worden ingepast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1692
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202405519/1/R2

202406594/1/R4

Bij besluit van 3 april 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tilburg zijn beslissing om op 26 maart 2024 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening gemeente Tilburg 2019 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Bij brief van 5 juni 2024 heeft het college [appellant] gevraagd of hij een verschoonbare reden heeft voor het te laat indienen van het bezwaarschrift en hem gevraagd om uiterlijk 19 juni 2024 contact op te nemen via de contactgegevens in de brief. Bij e-mail van 24 juni 2024 heeft [appellant] in reactie daarop medegedeeld dat hij wel bezwaar heeft ingediend, maar niet op tijd heeft kunnen bellen, omdat hij druk was met werken en het was vergeten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1682
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202406594/1/R4

202406968/1/A2

Bij besluit van 21 december 2023 heeft de CSG aan [appellante] een uitkering van € 2.500,00 (letselcategorie 2) uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven toegekend. [appellante] heeft op 13 juli 2023 een uitkering uit het schadefonds aangevraagd, omdat zij slachtoffer is geweest van stelselmatig huiselijk geweld door haar ex-partner. Volgens de CSG was het aannemelijk dat zij vanaf 2019 tot in 2022 in Tilburg slachtoffer van stelselmatig huiselijk geweld is geweest. Ook was het aannemelijk dat [appellante] daarna nog enkele keren is lastiggevallen en slachtoffer werd van een mishandeling op 22 juni 2023 door haar ex-partner, waardoor zij ernstig letsel opliep. [appellante] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het niet onredelijk is dat de CSG een uitkering uit het schadefonds behorend bij letselcategorie 2 in plaats van letselcategorie 3 heeft toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1723
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202406968/1/A2

202407040/1/A2

Bij beslissing van 28 februari 2024 heeft een examinator van het vak "Principles of Economics and Business 2" van de bacheloropleiding Business Administration van de faculteit Economie en Bedrijfskunde aan [appellant] het eindcijfer 4,5 toegekend. [appellant] is het niet eens met het oordeel van het CBE dat zijn administratief beroep niet-ontvankelijk is. Niet in geschil is dat de termijn voor het instellen van administratief beroep op 10 april 2024 is geëindigd en dat [appellant] op 30 juli 2024 administratief beroep bij het CBE heeft ingesteld. [appellant] voert aan dat een medestudent, ook namens hem, binnen de termijn een klacht aan de examencommissie heeft gestuurd en dat de examencommissie die klacht ten onrechte niet als administratief beroepschrift naar het CBE heeft doorgestuurd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1702
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202407040/1/A2

202500486/1/A2

Bij beslissing van 25 juli 2024 hebben de examinatoren van het vak Rechtsfilosofie van de bacheloropleiding Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Amsterdam het tentamen van [appellant] beoordeeld met een 5,4 die is afgerond naar een 5,0. Bij beslissing van 20 januari 2025 heeft het het college van beroep voor de examens van de Universiteit van Amsterdam het daartegen door [appellant] ingestelde administratief beroep ongegrond verklaard. [appellant] is derdejaars student van de opleiding Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Amsterdam. In studiejaar 2023-2024 heeft [appellant] het vak Rechtsfilosofie gevolgd. Het tentamen voor het vak bestaat uit drie open vragen, die voor 60% meewegen in het eindcijfer, en een casusvraag, die voor 40% meetelt voor het eindcijfer. [appellant] is het niet eens met de beoordeling en stelt dat de beslissing van 25 juli 2024 op onjuiste gronden is genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1689
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202500486/1/A2

202303433/1/V1

Bij besluit van 25 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1658
Datum uitspraak
15 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303433/1/V1

202303902/5/A3, 202400582/6/A3 en 202407350/5/A3

Bij brief, ingekomen op 26 maart 2025, heeft [verzoeker] verzocht om wraking van staatsraad mr. dr. A.J.C. Moor-van Vugt als voorzitter van de Afdeling belast met de behandeling van de zaken nrs. 202303902/4/A3, 202400582/5/A3 en 202407350/4/A3. [verzoeker] heeft kort samengevat aan zijn verzoek om wraking ten grondslag gelegd dat de zitting van 20 maart 2025 ten onrechte ongemotiveerd is verplaatst van 11:00 uur naar 12:00 uur. Ook was volgens [verzoeker] de zittingsduur te kort. Verder is met zijn verzoek om twee getuigen te horen niets gedaan. De staatsraad kapte [verzoeker] tijdens de zitting herhaaldelijk af omdat zijn woordgebruik haar niet aanstond.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1670
Datum uitspraak
15 april 2025
  • Wraking
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202303902/5/A3, 202400582/6/A3 en 202407350/5/A3

202404389/1/V3

Bij besluit van 25 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1659
Datum uitspraak
15 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404389/1/V3

202501220/1/V1 en 202501220/2/V1

Bij besluit van 15 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1660
Datum uitspraak
15 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202501220/1/V1 en 202501220/2/V1

202501528/1/V3

Bij besluit van 26 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 12 maart 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. S.T.V. Le, advocaat in Rotterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1655
Datum uitspraak
15 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501528/1/V3

202501695/1/V3

Bij besluit van 8 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 18 maart 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. B. Snoeij, advocaat in Amsterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1656
Datum uitspraak
15 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501695/1/V3

202501831/1/V1 en 202501831/2/V1

Bij besluit van 22 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1661
Datum uitspraak
15 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501831/1/V1 en 202501831/2/V1

202306293/4/R4

Bij besluit van 21 september 2023 heeft de raad van de gemeente Ede het bestemmingsplan "Lunteren, uitbreiding bedrijventerrein De Stroet" vastgesteld. [verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Dit verzoek heeft de voorzieningenrechter bij uitspraak van 19 juni 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2480, afgewezen. In de in het procesverloop vermelde uitspraak van 19 juni 2024 heeft de voorzieningenrechter het eerdere verzoek van [verzoeker] om schorsing van het besluit tot vaststelling van het plan op grond van een voorlopig rechtmatigheidsoordeel afgewezen. Daarbij heeft de voorzieningenrechter onder meer een voorlopig oordeel gegeven over de beroepsgrond van [verzoeker] over de ladder voor duurzame verstedelijking van artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening. [verzoeker] heeft aan het herhaalde verzoek ten grondslag gelegd dat er recent ernstige fouten in de IBIS-database voor bedrijventerreinen zijn gevonden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1624
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202306293/4/R4

202403914/1/V3

Bij besluit van 30 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1646
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403914/1/V3

202405623/1/V3

Bij besluit van 7 juli 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1647
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202405623/1/V3

202405691/1/V3

Bij besluit van 10 juli 2024 heeft de minister een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij mondelinge tussenuitspraak van 27 augustus 2024 heeft de rechtbank de opheffing van de maatregel van bewaring bevolen met ingang van die dag. Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1648
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202405691/1/V3

202407610/1/V3

Bij besluit van 22 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. Bij uitspraak van 11 december 2024 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard en schadevergoeding toegekend. Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld. Betrokkene, vertegenwoordigd door mr. M.H.K. van Middelkoop, advocaat in Haarlem, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1654
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202407610/1/V3

202407703/1/V1

Bij besluiten van 3 augustus 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen om appellanten een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 29 juni 2022 heeft de staatssecretaris het daartegen door appellanten gemaakte bezwaar opnieuw ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 20 november 2024 heeft de rechtbank het daartegen door appellanten ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1645
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202407703/1/V1

202501098/1/V1

Bij brief van 21 februari 2025 heeft verzoeker de Afdeling verzocht om de uitspraak van 20 februari 2025 te herzien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1651
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Herziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501098/1/V1

202501247/2/V3

Bij besluit van 21 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 24 februari 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1644
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501247/2/V3

202501453/1/V1

Bij besluit van 5 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 14 augustus 2024 heeft de minister het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 11 februari 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1650
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202501453/1/V1

202501461/1/V3 en 202501461/2/V3

Bij brief van 29 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in kennis gesteld van zijn besluit om de overdrachtstermijn met twaalf maanden te verlengen (hierna: het verlengingsbesluit). Bij uitspraak van 6 maart 2025 heeft de rechtbank het door appellant tegen het verlengingsbesluit ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. A.H. Hekman, advocaat in Utrecht, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1653
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202501461/1/V3 en 202501461/2/V3

202501553/2/R1

Bij besluit van 4 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer aan [verzoeker] een last onder dwangsom opgelegd. [verzoeker] is eigenaar van de woning aan de [locatie] in Spaarndam. Op de gronden bij de woning staat een aantal bouwwerken. Naar aanleiding van een verzoek om handhaving van een omwonende heeft een toezichthouder van het college de locatie bezocht en vastgesteld, voor zover hier van belang, dat in het achtererfgebied zes bijbehorende bouwwerken staan met een totale oppervlakte van 305 m2. Volgens het college wordt daarmee de maximaal te bebouwen oppervlakte in het achtererfgebied overschreden. Bij het besluit van 4 juli 2022 heeft het college gelast de overtreding te beëindigen en beëindigd te houden. Bij het besluit op bezwaar van 6 februari 2023 heeft het college die last gehandhaafd en bepaald dat [verzoeker] aan de last kan voldoen door de zonder vergunning gebouwde bouwwerken in het achtererfgebied te verwijderen of in omvang terug te brengen zodat een totale oppervlakte van 250 m2 aan bijbehorende bouwwerken niet wordt overschreden. De dwangsom is daarbij vastgesteld op een bedrag van € 5.000,00 ineens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1626
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202501553/2/R1

202501566/1/V3

Bij besluit van 2 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 17 maart 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. P.R.L.V.M. Kruik, advocaat in Den Haag, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1652
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501566/1/V3

202501870/2/V2

Bij besluit van 27 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 24 maart 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1649
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501870/2/V2

202501948/1/V3 en 202501948/2/V3

Bij besluiten van 13 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van appellanten om hen een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1671
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501948/1/V3 en 202501948/2/V3

202403468/1/A2

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 24 april 2024 van de rechtbank Amsterdam, waarbij de rechtbank het beroep van [appellante] tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam van 12 juni 2023 ongegrond heeft verklaard. Bij dit besluit heeft het college het bezwaar van [appellante] tegen het besluit van 31 januari 2023 tot afwijzing van haar aanvraag om een urgentieverklaring ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1782
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202403468/1/A2

202403566/1/A2

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 29 april 2024 van de rechtbank Gelderland, waarbij de rechtbank het beroep van de stichting tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen van 22 november 2022 ongegrond heeft verklaard. Bij dit besluit heeft het college het bezwaar van de stichting tegen het besluit van 15 juli 2022 tot afwijzing van haar aanvraag om subsidie ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1783
Datum uitspraak
14 april 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202403566/1/A2

202200741/1/V1

Bij besluit van 1 april 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1625
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202200741/1/V1

202303792/1/V1

Bij besluit van 6 juli 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1627
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202303792/1/V1

202401071/1/V2

Bij besluit van 13 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1628
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202401071/1/V2

202403570/1/V2

Bij besluiten van 15 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 3 juni 2024 heeft de rechtbank de daartegen door appellanten ingestelde beroepen gegrond verklaard, die besluiten vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris nieuwe besluiten op de aanvragen neemt met inachtneming van de uitspraak. Tegen deze uitspraak heeft de staatssecretaris hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1642
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403570/1/V2

202500205/2/A3

Bij besluit van 8 augustus 2024 heeft de burgemeester van Nijmegen een aanvraag van Cafetaria Caglar B.V. voor een exploitatievergunning afgewezen. Op 8 augustus 2024 heeft de burgemeester een aanvraag van Cafetaria Caglar B.V. om een exploitatievergunning afgewezen. De vergunning is in de eerste plaats op grond van artikel 2:33, eerste lid, aanhef en onder f, van de Algemene plaatselijke verordening Nijmegen (hierna: de APV) afgewezen, omdat volgens de burgemeester de exploitant van Cafetaria Caglar B.V., [gemachtigde], van slecht levensgedrag is, als bedoeld in artikel 8 van de Alcoholwet. De vergunning is daarnaast op grond van artikel 7, in samenhang gelezen met artikel 3, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet Bibob afgewezen, omdat uit een Bibob-advies van 3 april 2024 volgt dat er een ernstige mate van gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om strafbare feiten te plegen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1620
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202500205/2/A3

202501069/2/R2

Bij besluit van 19 november 2024 heeft de raad van de gemeente Vught het bestemmingsplan "[locatie 1], Helvoirt" vastgesteld. Het plan voorziet voor het perceel [locatie 1] in Helvoirt in de wijziging van de functieaanduiding en de vormverandering van een bestaand bouwvlak voor de bedrijfsbebouwing. Het perceel ligt in het buitengebied van Helvoirt. Op het perceel is machineverhuurbedrijf [partij] gevestigd. Met het plan is beoogd om een passende bestemming voor de huidige bedrijfsvoering te regelen. In het verleden was op het perceel een veehouderij gevestigd. In 2011 is de voormalig veehouderij omgeschakeld naar een agrarisch-technisch hulpbedrijf. [verzoeker] woont aan [locatie 2]. Zijn perceel ligt ten noordoosten van het plangebied. [verzoeker] kan zich niet met het plan verenigen, omdat volgens hem met de nieuwe gebruiksfuncties en bebouwing sprake zal zijn van een bedrijf met een industrieel karakter dat niet thuishoort in het buitengebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1619
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202501069/2/R2

202501340/1/V3

Bij besluit van 15 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1629
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501340/1/V3

202501377/2/R4

Bij besluit van 15 februari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente [verzoekster] onder oplegging van dwangsommen gelast om de overtredingen in de inrichting aan [locatie] in Goor te beëindigen en beëindigd te houden. Lastonderdeel 1 houdt in dat [verzoekster] de emissieconcentratie van pentaan per puntbron blijvend moet (laten) reduceren naar de wettelijke emissiegrenswaarde van maximaal 50 mg/Nm3 en ter controle een emissiemeting moet laten verrichten [verzoekster] produceert expanded polystyrene (piepschuim; hierna: EPS) en recyclet EPS-afval. Tijdens het productieproces komt de gasvormige stof pentaan vrij (stofklasse gO.2). Een deel daarvan wordt via puntbronnen geëmitteerd naar de buitenlucht. Op grond van artikel 2.5, eerste lid, van het Activiteitenbesluit geldt voor deze stofklasse, bij overschrijding van de grensmassastroom van 500 g/uur, een emissiegrenswaarde van 50 mg/Nm3. Het college heeft aan [verzoekster] een last onder dwangsom opgelegd inhoudende dat zij - voor zover van belang - de emissie van pentaan blijvend moet reduceren tot de grenswaarde van 50 mg/Nm3. Na bezwaar en beroep is deze last in stand gebleven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1623
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202501377/2/R4

202501716/2/A2

Bij besluit van 27 maart 2025 heeft het college van bestuur van de Radboud Universiteit aan [verzoekster] met ingang van die dag voor drie maanden een campus- en onderwijsverbod aan de Radboud Universiteit heeft opgelegd. In de uitspraak van 8 april 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1601, heeft de voorzieningenrechter het aan [verzoekster] opgelegde campus- en onderwijsverbod met onmiddellijke ingang geschorst. Daaraan heeft de voorzieningenrechter voorwaarden verbonden. Eén van die voorwaarden is dat een contactpersoon van buiten de faculteit als aanspreekpunt wordt aangesteld. Deze persoon zal ervoor zorgdragen dat de gevolgen van het verbod, zoals het ontbreken van studiemateriaal en het verkrijgen van toegang tot onder meer Brightspace, worden weggenomen. De voorzieningenrechter begrijpt het verzoek van [verzoekster] als een verzoek om wijziging van de voorlopige voorziening. Het CvB heeft volgens haar niet voldaan aan de gestelde voorwaarde.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1637
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202501716/2/A2

BRS.25.000287

Bij besluit van 12 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1562
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000287

BRS.25.000306 en BRS.25.000307

Bij besluit van 28 januari 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1544
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000306 en BRS.25.000307

BRS.25.000336

Bij besluit van 14 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1563
Datum uitspraak
11 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000336

202203603/1/V1

Bij besluit van 26 juli 2019 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat appellant nooit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan heeft gehad en het document, bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, ingenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1600
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202203603/1/V1

202305196/1/V1

Bij besluit van 20 november 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1603
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202305196/1/V1

202307040/1/V3

Bij besluit van 28 juni 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1604
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202307040/1/V3

202307957/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om haar een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1605
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202307957/1/V1

202406289/3/V1

Bij besluit van 19 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1622
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406289/3/V1

202406926/1/V3 en 202406926/2/V3

Appellant heeft tegen het uitblijven van een besluit op zijn aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen beroep ingesteld bij de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1606
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406926/1/V3 en 202406926/2/V3

202500282/1/V3

Bij besluit van 29 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1607
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202500282/1/V3

202500523/1/V2

Bij besluit van 10 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1608
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202500523/1/V2

202500777/1/V3

Bij besluit van 23 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1612
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202500777/1/V3

202501027/1/V3

Bij besluit van 29 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 12 februari 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. J. van Bennekom, advocaat in Amsterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1614
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501027/1/V3

202501574/2/V2

Bij besluit van 11 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 13 maart 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1613
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501574/2/V2

202501635/1/V3 en 202501635/2/V3

Bij besluit van 27 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1615
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501635/1/V3 en 202501635/2/V3

202501646/2/V1

Betrokkenen hebben beroepen ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op aanvragen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1616
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501646/2/V1

202501663/1/V2

Bij besluiten van 11 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 18 maart 2025 heeft de rechtbank de daartegen door appellanten ingestelde beroepen ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak hebben appellanten, vertegenwoordigd door mr. E.P.A. Zwart, advocaat in Haarlem, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1609
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501663/1/V2

202501735/2/V2

Bij besluit van 6 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 26 februari 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep gegrond verklaard en dat besluit vernietigd voor zover de minister verzoeker heeft gesignaleerd in het Schengen Informatiesysteem.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1611
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501735/2/V2

202501751/2/V2

Bij besluit van 2 oktober 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om betrokkenen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 12 juni 2024 heeft de staatssecretaris het daartegen door betrokkenen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 26 februari 2025 heeft de rechtbank het door betrokkenen ingestelde beroep tegen het besluit van 12 juni 2024 gegrond verklaard, dat besluit vernietigd, het besluit van 2 oktober 2020 herroepen, bepaald dat de uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit en de minister opgedragen de gevraagde machtiging tot voorlopig verblijf aan betrokkenen te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1610
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202501751/2/V2

202502033/1/V3 en 202502033/2/V3

Bij besluit van 18 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant de toegang tot Nederland geweigerd. Bij besluit van 19 maart 2025 is aan hem een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. Bij uitspraak van 7 april 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. S. Jankie, advocaat in Hoofddorp, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1643
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202502033/1/V3 en 202502033/2/V3

202502052/2/V3

Bij besluit van 14 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie verzoeker in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 3 april 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1640
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202502052/2/V3

BRS.24.000203

Bij besluit van 11 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid betrokkene in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1537
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000203

BRS.25.000143

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1540
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000143

BRS.25.000321

Bij besluit van 18 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1538
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000321

BRS.25.000344

Bij besluit van 18 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvullend terugkeerbesluit genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1539
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000344

202400049/1/A2

In mei 2022 hebben toezichthouders van de gemeente Dalfsen een sticker op de fiets van [appellant] geplakt waarop stond dat de gestalde fiets zou worden verwijderd. Het college van burgemeester en wethouders van Dalfsen heeft het bezwaar van [appellant] op 17 augustus 2022 gegrond verklaard, maar de last onder bestuursdwang abusievelijk niet ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1639
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202400049/1/A2

202400259/1/A2

Op 23 mei 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen het paspoort van [appellant] vervallen verklaard door een naamswijziging. Op 23 mei 2022 heeft het college het paspoort van [appellant] vervallen verklaard door een naamswijziging. Omdat dit besluit niet aangetekend naar hem is verzonden, was [appellant] niet op de hoogte. Op 1 september 2022 heeft [appellant] het college aansprakelijk gesteld voor de door hem geleden schade, bestaat uit de door hem gemaakte kosten voor een niet-genoten vakantie. Het college heeft op 11 november 2022 het deel van de kosten vergoed dat in direct verband staat tot het niet ontvangen van het besluit van 23 mei 2022. Tegen dit besluit heeft [appellant] bezwaar gemaakt. Omdat het bezwaar een verzoekschrift betreft als bedoeld in de artikelen 8:99 en 8:90 van de Awb, heeft het college het doorgestuurd naar de rechtbank. De rechtbank heeft geoordeeld dat de gestelde schade niet het gevolg is van een onrechtmatig besluit of een voorbereidingshandeling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1638
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Paspoort
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202400259/1/A2

202403163/1/A2

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 4 april 2024 van de rechtbank waarin het beroep van [appellant] tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Den Haag ongegrond is verklaard. Het geschil gaat over de bestuurlijke boete van € 10.000,00 die het college aan [appellant] heeft opgelegd voor het in gebruik geven van woonruimte aan een huishouden dat niet beschikt over een huisvestingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1858
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202403163/1/A2

202405386/1/A2

Het CBR heeft op 14 maart 2024 [appellant] een onderzoek naar de rijgeschiktheid opgelegd, omdat hij volgens de politie onder invloed van drugs een auto heeft bestuurd. [appellant] betwist niet dat hij onder invloed was van drugs, wel dat hij de auto bestuurde op 12 februari 2023.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1746
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202405386/1/A2

202405827/1/A2

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 8 augustus 2024 van de rechtbank waarin het beroep van [appellant] tegen de beslissing van de Dienst Toeslagen ongegrond is verklaard. Het geschil betreft de vaststelling van de huurtoeslag voor 2020 op € 0,00 en de terugvordering van het ontvangen voorschot.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1859
Datum uitspraak
10 april 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202405827/1/A2

202206004/5/R2

Bij besluit van 3 augustus 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal aan Ice Agency B.V. op grond van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van huisvesting voor 300 arbeidsmigranten op het perceel aan de Atoomweg 22 in Roosendaal voor een periode van 10 jaar.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1599
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202206004/5/R2

202305341/2/R4

Bij besluit van 22 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Nijkerk het bestemmingsplan "Bentinck" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de bouw mogelijk van 44 woningen op de inbreidingslocatie Meubel en Tapijthal en achterliggende gronden. Het bestemmingsplan maakt de bouw mogelijk van 44 woningen op de inbreidingslocatie Meubel en Tapijthal en achterliggende gronden. Het plan is in werking getreden en bij besluit van 30 januari 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Nijkerk een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van 9 woningen in het oosten van het plangebied. Dit bouwplan past geheel binnen het bestemmingsplan. ABZ heeft bezwaar gemaakt tegen die vergunning en heeft in deze procedure de voorzieningenrechter verzocht om schorsing van het gedeelte van het bestemmingsplan waar de 9 woningen zijn vergund, om te voorkomen dat het college bij het nemen van een besluit op bezwaar moet toetsen aan dit bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1561
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202305341/2/R4

202307041/1/V1

Bij besluit van 14 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1545
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202307041/1/V1

202404744/1/V2

Bij besluit van 6 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen, geweigerd haar ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen en haar ambtshalve krachtens artikel 64 van de Vw 2000 voorlopig uitstel van vertrek verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1524
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404744/1/V2

202404753/3/V3

Bij besluit van 25 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1546
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202404753/3/V3

202406199/2/R1

Bij besluit van 23 december 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad het verzoek van [verzoeker sub 1] om handhavend op te treden tegen de dakopbouw op de [locatie 1] in Zaandam, afgewezen. [verzoeker sub 2A] en [verzoeker sub 2B] wonen aan de [locatie 1] (hierna: het perceel) in Zaandam. [verzoeker sub 1] woont in de woning ernaast, [locatie 2]. Zij heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen de dakopbouw op het perceel. Een toezichthouder van de gemeente Zaanstad heeft naar aanleiding van het handhavingsverzoek een controle uitgevoerd en geconstateerd dat de dakopbouw 3 cm in afwijking van de verleende vergunning is gebouwd. Het college heeft zich in de besluiten van 23 december 2022 en 4 mei 2023 op het standpunt gesteld dat handhavend optreden onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen belangen. De rechtbank heeft geoordeeld dat handhavend optreden niet onevenredig is. Het college heeft om gevolg te geven aan de uitspraak van de rechtbank alsnog een last onder dwangsom opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1553
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202406199/2/R1

202406985/1/A2, 202500574/1/A2 en 202500574/2/A2

Bij formulier, gedateerd 16 oktober 2023, heeft [verzoeker] een verzoek ingediend om als student te worden ingeschreven voor de masteropleiding Chemical Engineering aan de Technische Universiteit Eindhoven. Op 15 november 2023 heeft [verzoeker] bij de rechtbank Oost-Brabant beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op zijn verzoek. [verzoeker] heeft in 2018 voor het eerst een verzoek ingediend om te worden ingeschreven voor de masteropleiding. Bij besluit van 16 november 2018 heeft de ESA dit verzoek niet in behandeling genomen, omdat [verzoeker] onvoldoende informatie bij zijn aanvraag heeft verstrekt en die informatie ook niet heeft verstrekt na herhaalde verzoeken daarom van de ESA. Bij uitspraak van 6 mei 2019 heeft het college het door [verzoeker] daartegen gerichte administratief beroep ongegrond verklaard. [verzoeker] heeft daartegen geen beroep ingesteld. Sindsdien probeert [verzoeker] steeds opnieuw zich in te schrijven voor de masteropleiding.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1534
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202406985/1/A2, 202500574/1/A2 en 202500574/2/A2

202407489/1/V3

Bij besluit van 23 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1547
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407489/1/V3

202407492/1/V3

Bij besluit van 22 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1549
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407492/1/V3

202407726/1/V3

Bij besluit van 13 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1550
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407726/1/V3

202407729/1/V3

Bij besluit van 14 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1551
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407729/1/V3

202407730/1/V3

Bij besluit van 23 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1552
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407730/1/V3

202407731/1/V3

Bij besluit van 23 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1554
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407731/1/V3

202407734/1/V3

Bij besluit van 23 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1555
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407734/1/V3

202407837/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1556
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407837/1/V1

202500956/1/V2

Bij besluit van 12 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1557
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202500956/1/V2

202501242/1/V3

Bij besluit van 10 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1532
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501242/1/V3

202501306/1/V3

Bij besluit van 10 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 20 februari 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. S. Guman, advocaat in Amsterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1525
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501306/1/V3

202501314/2/V2

Bij besluit van 11 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen en een verzoek van betrokkene om bestuurlijke heroverweging van het besluit van 21 maart 2013, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1558
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501314/2/V2

202501482/1/V2 en 202501482/2/V2

Bij besluiten van 24 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1559
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501482/1/V2 en 202501482/2/V2

202501744/1/V1 en 202501744/2/V1

Bij besluit van 27 juni 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1560
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501744/1/V1 en 202501744/2/V1

202502048/2/V2

Bij besluit van 20 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1621
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202502048/2/V2

202101508/1/R2

Bij besluit van 13 september 2019 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland het verzoek om handhavend optreden van 19 juli 2019 van de stichting tegen verschillende handelingen in strijd met verleende ontheffingen en de Wet natuurbescherming, afgewezen. GEM ontwikkelt een nieuwe woonwijk "Weespersluis" met 2750 woningen en bijbehorende voorzieningen en ontsluitingen in de Bloemendalerpolder. Ten behoeve van de bouw van de woonwijk zijn meerdere ontheffingen op grond van de Wnb verleend. De stichting heeft verzocht om handhavend optreden, omdat GEM in strijd zou handelen met deze ontheffingen en de Wnb. Hieronder volgt een overzicht van de verleende ontheffingen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1573
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202101508/1/R2

202203063/1/R2 en 202203145/1/R2

Bij besluit van 10 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Roosendaal et bestemmingsplan “De Bulkenaar” vastgesteld. Bij besluit van 10 februari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal hogere grenswaarden vastgesteld als bedoeld in artikel 83 van de Wet geluidhinder. Het plan voorziet in de bouw van een nieuw ziekenhuis aan de rand van Roosendaal, de landschappelijke inpassing daarvan en een verbindingsweg parallel aan de A58. Naast het ziekenhuis wordt een landschapspark aangelegd dat als een groen uitloopgebied moet fungeren tussen het bestaande woongebied en het ziekenhuis. Het plangebied wordt aan de noord- en oostzijde begrensd door de Bulkenaarsestraat en aan de zuidzijde door de Huijbergseweg. Bravis is initiatiefnemer. Ten behoeve van het plan is voor een aantal woningen hogere grenswaarden vastgesteld voor wegverkeer. De gronden waarop het ziekenhuis is voorzien, zijn “Maatschappelijk" bestemd. Aan het landschapspark is de bestemming “Groen – Landschapspark” toegekend. Aan de verbindingsweg vanaf de A58 is de bestemming “Verkeer" toegekend. Diverse inwoners van Roosendaal zijn het niet eens met het plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1593
Datum uitspraak
9 april 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202203063/1/R2 en 202203145/1/R2
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202203063/1/R2 en 202203145/1/R2
vorige pagina1...848586...1.267volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon