Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 125.116
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202102128/1/V1

De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Bij besluit van 15 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van de vreemdeling ingewilligd zonder te bepalen dat hij aan de vreemdeling een dwangsom verschuldigd is. Deze uitspraak gaat over de vraag of de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND (Stb. 2020, 242), die op 11 juli 2020 voor een jaar in werking is getreden, in strijd is met het Unierecht voor zover de Tijdelijke wet de mogelijkheid uitsluit om beroep in te stellen tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een asielaanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1810
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102128/1/V1

202102144/1/V1

De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Bij besluit van 21 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van de vreemdeling ingewilligd zonder te bepalen dat hij aan de vreemdeling een dwangsom verschuldigd is. De vreemdeling bestrijdt in hoger beroep de conclusie van de rechtbank dat het beroep niet-ontvankelijk is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1888
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202102144/1/V1

202102247/1/R4

Bij besluit van 21 november 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrech geweigerd aan [appellant] een omgevingsvergunning te verlenen voor het in afwijking van het bestemmingsplan gebruiken van het bestaande pand op het perceel de [locatie] in de Meern als een woning. [appellant] is mede-eigenaar van het pand aan de [locatie]. Dit pand ligt ten opzichte van de Pastoor Boelenslaan achter de woningen met nummers 6 en 8. Ingevolge het ter plaatse geldende bestemmingsplan "De Meern Zuid" rust op het perceel de bestemming "Wonen" met de aanduiding "lb2". Op 14 januari 2016 heeft het college aan [appellant] een omgevingsvergunning verleend om het pand, in afwijking van de geldende woonbestemming, te gebruiken voor lichte bedrijfsactiviteiten, te weten opslag ten behoeve van het schildersbedrijf. Niet in geschil is dat op het perceel weliswaar de bestemming "Wonen" rust, maar dat het pand geen woning is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1921
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202102247/1/R4

202102377/1/R1

Bij besluit van 7 juli 2020 heeft het dagelijks bestuur van het Waterschap Vechtstromen op grond van artikel 5.4 van de Waterwet het projectplan "Droogzetvoorziening stuw Junne" vastgesteld. Het projectplan is vastgesteld omdat het dagelijks bestuur onderzoek wil doen naar de staat van het metselwerk en de houten fundering van de stuw bij Junne. De brug, die bovenop de 100 jaar oude stuw ligt, is de afgelopen jaren gebruikt door zwaar verkeer waardoor scheuren in het metselwerk van de stuw zijn ontstaan. Op grond van dit onderzoek zal worden bepaald of de stuw nog te renoveren is of wellicht vervangen moet worden. Het dagelijks bestuur acht het vanwege het goed kunnen uitvoeren van onderzoek noodzakelijk de stuw grotendeels droog te zetten door middel van een droogzetvoorziening. De droogzetvoorziening betreft een permanente constructie in de bodem van de Vecht, bovenstrooms van de bestaande stuw, waarin schotten worden geplaatst om de Vecht tijdelijk droog te kunnen zetten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1909
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Hoger beroep
  • Waterwet
  • uitspraakin de zaak202102377/1/R1

202102907/1/R4

Bij besluit van 21 februari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht geweigerd [appellant] een omgevingsvergunning te verlenen voor het plaatsen van een bootlift bij de sloot op zijn perceel aan de [locatie] te Breukelen. [appellant] is de eigenaar van het perceel. Op het perceel is een woning aanwezig en ligt ook een sloot, die uitkomt op de Vecht. [appellant] wil aan en op de aan de oever van deze sloot gelegen steiger een bootlift bouwen en heeft daarvoor een aanvraag om omgevingsvergunning gedaan. Het college heeft de aanvraag afgewezen. De rechtbank heeft het besluit van het college van 7 september 2020, waarbij het college het door [appellant] tegen de afwijzing gemaakte bezwaar ongegrond heeft verklaard, vernietigd vanwege een bevoegdheidsgebrek. De rechtbank heeft verder geoordeeld dat de bootlift niet, zoals [appellant] in beroep betoogde, vergunningvrij kan worden gebouwd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1914
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202102907/1/R4

202103015/1/R4

Bij besluit van 22 mei 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant de bij besluit van 13 juli 2007 aan de rechtsvoorganger van [appellante] verleende omgevingsvergunning voor de activiteit "milieu" voor de inrichting gelegen op het perceel [locatie] te [plaats] ingetrokken. Op 13 juli 2007 is aan [bedrijf A] een revisievergunning verleend op grond van de Wet milieubeheer voor de inrichting op het perceel. De vergunning is op 1 oktober 2010 gelijkgesteld met een omgevingsvergunning voor de activiteit milieu als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Op 29 september 2016 heeft [bedrijf B] de aandelen in het kapitaal van [bedrijf A] verworven. Deze aandelen waren tot die tijd in handen van Afvalstoffen Terminal Moerdijk B.V. (hierna: ATM). De statutaire naam van het bedrijf is vervolgens gewijzigd in [appellante] In de onderliggende koopovereenkomst is een non-concurrentiebeding opgenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1892
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Hoger beroep
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak202103015/1/R4

202103219/1/R4

Bij besluit van 26 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van De Bilt besloten een door [appellant A] gedane aanvraag om omgevingsvergunning voor het plaatsen van een kap op een bijgebouw op het perceel [locatie A] in De Bilt niet in behandeling te nemen. [appellant A] heeft op 5 december 2018 een omgevingsvergunning gevraagd voor het plaatsen van een kap op een bijgebouw aan de [locatie A] te De Bilt. Bij per e-mail verzonden brief van 21 december 2018 heeft het college [appellant A] verzocht zijn aanvraag aan te vullen met nadere gegevens. Het college heeft hem daarvoor de tijd gegeven tot uiterlijk 1 februari 2019. Aangezien [appellant A] de nadere gegevens niet binnen die termijn heeft ingediend, heeft het college de aanvraag buiten behandeling gesteld bij besluit van 26 februari 2019. [appellant A] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat de door het college gevraagde nadere gegevens niet noodzakelijk zijn voor een inhoudelijke beoordeling van zijn aanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1919
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202103219/1/R4

202103312/3/A3

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 9 april 2021 in zaak nr. 19/7910 19/8024. Het gaat in die zaak om een inzageverzoek van [appellant] op grond van de Wet inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 (hierna: de Wiv).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1925
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202103312/3/A3

202103485/1/R4

Bij besluit van 6 juni 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hilversum geweigerd aan [appellant] een omgevingsvergunning te verlenen voor het uitbreiden van het bijgebouw op het perceel [locatie] te Hilversum. [appellant] is eigenaar van het perceel. Het college heeft geweigerd aan hem een omgevingsvergunning te verlenen voor het uitbreiden van het bijgebouw op het perceel. De uitbreiding slaat zowel op de punt aan de westzijde van het bijgebouw als op de kap die [appellant] enkele jaren geleden op die uitbreiding heeft geplaatst. Het college heeft de omgevingsvergunning geweigerd omdat de uitbreiding in strijd met het bestemmingsplan "Noordwestelijk Villagebied" (hierna: het bestemmingsplan) is gebouwd. [appellant] is het niet eens met deze weigering. Volgens hem had het college van het bestemmingsplan moeten afwijken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1898
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202103485/1/R4

202103607/1/R1

Bij besluit van 26 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een omgevingsvergunning verleend aan [vergunninghouder] voor het veranderen en vergroten van het gebouw [locatie] tot vier zelfstandige woningen. Ook is op het dak van de derde en vierde verdieping voorzien in een dakterras. Voorzien is onder meer in het veranderen en vergroten van de kelder (souterrain) en de begane grond tot zelfstandige woning, waarbij de begane grond en de kelder naar achteren worden uitgebreid. De kelder is in strijd met artikel 19.2.1 en artikel 19.2.2, aanhef en onder e, van het bestemmingsplan "Museumkwartier en Valeriusbuurt", vastgesteld door de raad op 25 mei 2011, omdat het achterste gedeelte van de kelder buiten het bouwvlak valt en omdat in het bestemmingsplan aan het perceel geen aanduiding "specifieke bouwaanduiding - kelder" is toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:1902
Datum uitspraak
6 juli 2022
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202103607/1/R1
vorige pagina1...2.0512.0522.053...12.512volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon