Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.742
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202402140/1/A3

Bij besluit van 25 mei 2023 heeft de staatssecretaris van Financiën beslist op een verzoek van [appellant A] en [appellant B] op grond van de Wet open overheid en geen informatie openbaar gemaakt of aan [appellant A] en [appellant B] verstrekt. In een brief aan de Belastingdienst van 26 februari 2021 hebben [appellanten] verzocht: "Met verwijzing naar de Wob vragen wij om inzage in de volgende stukken: - Alle stukken welke dateren vanaf 1 januari 2010 tot heden die verband hebben met de natuurlijke personen [appellant A] en [appellant B], beide woonachtig aan de [woonplaats]. - Alle stukken welke dateren vanaf 1 januari 2010 tot heden die verband hebben met het bedrijf Cartierhoeve, gevestigd aan de Ganzestraat 33 en 48a te Hapert. - In het bijzonder, maar niet uitsluitend, vragen wij om inzage in alle stukken die verband hebben met de benoeming van voornoemde personen en bedrijf tot RIEC casus/handhavingsknelpunt, alsmede alle stukken die verband hebben met het overleg dat heeft plaatsgevonden over de benoeming tot RIEC casus/handhavingsknelpunt, alsmede alle stukken die verband hebben met het onderzoek dat heeft plaatsgevonden naar voornoemde personen en bedrijf."

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4984
Datum uitspraak
4 december 2024
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202402140/1/A3

202402248/1/R4

Bij besluit van 20 december 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht zijn beslissing om op 19 december 2023 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Utrecht 2010 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een platgemaakte doos die op 19 december 2023 is aangetroffen naast een ondergrondse papiercontainer aan het Ina Boudier Bakkerhof, tegenover de Notebomenlaan 338, in Utrecht. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat zijn naam en adres op het adreslabel op de doos staan. [appellant] betwist niet dat de doos van hem afkomstig is, maar stelt dat hij niet degene is geweest die hem naast de papiercontainer heeft achtergelaten. Hij stelt dat hij in de vroege ochtend van 15 december op vakantie naar het buitenland is gegaan voor twee weken en dat hij de doos daarvoor in de papiercontainer heeft gedaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4980
Datum uitspraak
4 december 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202402248/1/R4

202403116/1/R1

Bij besluit van 25 maart 2024 heeft de raad van de gemeente Noordoostpolder het bestemmingsplan "Emmeloord, Oude Espelerweg" vastgesteld. Het plangebied ligt ten noorden van het centrum van Emmeloord en is in gebruik als agrarische grond. Het plan voorziet in een transformatie naar 215 woningen in een mix van grondgebonden woningen en appartementen. [appellant] woont aan [locatie] te Emmeloord. Dat ligt direct ten westen van het plangebied aan de overzijde van de Espelerlaan. [appellant] richt zich tegen het plan omdat hij vreest voor een aantasting van zijn woon- en leefklimaat. [appellant] betoogt dat de raad ten onrechte ervan uitgaat dat het plangebied binnen bestaand stedelijk gebied ligt, als bedoeld in de ladder duurzame verstedelijking. Uit vaste jurisprudentie volgt echter dat de gronden, waarop voorheen een agrarische bestemming rustte, geen onderdeel vormen van het BSG, aldus [appellant].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:5012
Datum uitspraak
4 december 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Flevoland
  • uitspraakin de zaak202403116/1/R1

202404622/1/A2

Bij e-mail van 2 november 2022 heeft de Dienst Wegverkeer aan [appellante] informatie verstrekt over de wijze waarop een gekentekend voertuig kan worden gewijzigd naar een niet-kentekenplichtig voertuig en aan haar medegedeeld dat een voertuig dat van oorsprong een bromfiets is niet kan worden gewijzigd naar een gehandicaptenvoertuig. [appellante] is rolstoelafhankelijk. Zij had een met handgas- en rembediening aangepast voertuig van het merk Birò, dat in 2019 door de RDW is goedgekeurd als gehandicaptenvoertuig en waarvan de RDW de tenaamstelling vervallen had verklaard. Omdat dit voertuig niet groot genoeg was om haar rolstoel in op te bergen, wilde [appellante] een groter voertuig van het merk Birò kopen en die eveneens laten aanpassen. Zij heeft de RDW op 19 september 2022 in een e-mail laten weten dat zij dit voertuig ook graag wil laten goedkeuren als gehandicaptenvoertuig en hem gevraagd hoe zij dit moet aanpakken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4981
Datum uitspraak
4 december 2024
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202404622/1/A2

202306838/1/V2

Bij besluit van 28 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4932
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202306838/1/V2

202402212/1/V1

Bij besluit van 24 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4951
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202402212/1/V1

202404048/2/R3

Het beroep van [verzoeker] richt zich tegen het besluit van 12 juli 2024, waarbij de raad van de gemeente Voorne aan Zee zijn weigering om een bestemmingsplan voor het perceel [locatie] in Rockanje vast te stellen heeft gehandhaafd. Ook heeft [verzoeker] verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:5046
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202404048/2/R3

202404155/1/V3

Bij besluit van 11 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4934
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404155/1/V3

202406638/1/V3

Bij besluit van 15 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4954
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202406638/1/V3

202406810/1/V2 en 202406810/2/V2

Bij besluit van 16 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4953
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406810/1/V2 en 202406810/2/V2

202407037/2/V1

Bij besluit van 17 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4963
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407037/2/V1

202407063/1/V2 en 202407063/2/V2

Bij besluit van 29 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4952
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407063/1/V2 en 202407063/2/V2

202403467/1/R4

Op 10 december 2022 is aan [partij] een omgevingsvergunning van rechtswege verleend voor het plaatsen van een windturbine met een ashoogte van 30 m op het perceel [locatie] in Ede. Voor het perceel geldt het bestemmingsplan "Agrarisch Buitengebied Ede 2012" (hierna: het bestemmingsplan), zoals later herzien door het paraplubestemmingsplan "Parapluplan Buitengebied Ede 2020". Het perceel heeft de bestemming "Agrarisch". De regels van het parapluplan gelden ter aanvulling op of aanpassing van de regels van het bestemmingsplan. De omgevingsvergunning voor de windturbine is verleend met gebruikmaking van de binnenplanse afwijkingsbevoegdheid van artikel 3.2.3 van het parapluplan. Voorwaarde a van dat artikel bepaalt dat de bouwhoogte van een windturbine niet meer mag bedragen dan 30 meter.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4971
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202403467/1/R4

202404048/1/R3

Het beroep van [appellant] richt zich tegen het besluit van 12 juli 2024, waarbij de raad zijn weigering om een bestemmingsplan voor het perceel [locatie 1] in Rockanje vast te stellen heeft gehandhaafd. [appellant] woont aan de [locatie 2] in Rockanje en heeft een varkenshouderij. Hij is het er niet mee eens dat aan de [locatie 1] in Rockanje, dat betreft het perceel sectie B nummer 1776, een woning is gebouwd, omdat dit op korte afstand van zijn bedrijf is. Hij stelt daardoor in zijn bedrijfsvoering te worden belemmerd. Hij wijst er in dit verband op dat inmiddels ook het perceel sectie B nummer 1886, dat dichter bij zijn bedrijf ligt, door de eigenaar van perceel sectie B nummer 1776 is verworven en ook voor wonen wordt gebruikt. Hij heeft daarom aan de raad gevraagd om de woonbestemming voor het perceel [locatie 1] te wijzigen in een agrarische bestemming.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:5018
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Mondelinge uitspraak
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202404048/1/R3

202404251/3/A2, 202404255/2/A2, 202405023/3/A2 en 02402624/4/A2

Tijdens de zitting op 12 november 2024 heeft [verzoeker] verzocht om wraking van staatsraden mr. E.J. Daalder, mr. J.M. Willems en mr. M.C. Stoové als leden van de meervoudige kamer belast met de behandeling van de zaken nrs. 202404251/1/A2, 202404255/1/A2, 202405023/1/A2 en 202402624/1/A2.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4956
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Wraking
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202404251/3/A2, 202404255/2/A2, 202405023/3/A2 en 02402624/4/A2

202406918/3/A2

Ten aanzien van zaak nr. 202406918/1/A2, die op 9 december 2024 op zitting zal worden behandeld, heeft staatsraad mr. G.T.J.M. Jurgens, die als lid van de enkelvoudige kamer belast is met de behandeling van deze zaak, op 2 december 2024 het verzoek gedaan zich te mogen verschonen. De staatsraad heeft te kennen gegeven dat zij bij de voorbereiding van de zaak heeft geconstateerd dat het beroep gaat over een beslissing van de Universiteit Utrecht. De staatsraad is als honorair hoogleraar bestuursrecht verbonden aan deze universiteit. Om iedere schijn van vooringenomenheid bij de behandeling van het beroep te voorkomen, heeft zij verzocht om verschoning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4955
Datum uitspraak
3 december 2024
  • Verschoning
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202406918/3/A2

202304287/1/V3

Bij besluit van 20 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4930
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202304287/1/V3

202403455/1/V1

Bij besluit van 5 oktober 2023 heeft het COa de vreemdeling overgeplaatst naar de Handhavings- en Toezichtlocatie in Hoogeveen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4935
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202403455/1/V1

202403458/1/V1

Bij besluit van 28 september 2023 heeft het Centraal Orgaan opvang asielzoekers de vreemdeling overgeplaatst naar de Handhavings- en Toezichtlocatie in Hoogeveen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4937
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202403458/1/V1

202403461/1/V1

Bij besluit van 12 oktober 2023 heeft het Centraal Orgaan opvang asielzoekers de vreemdeling overgeplaatst naar de Handhavings- en Toezichtlocatie in Hoogeveen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4938
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202403461/1/V1

202404274/3/V3

Bij besluit van 26 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4939
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404274/3/V3

202404481/1/V3

Bij besluit van 22 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4941
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404481/1/V3

202404492/1/V3

Bij besluit van 29 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4942
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404492/1/V3

202405925/1/V2

Bij besluit van 22 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4943
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202405925/1/V2

202406439/1/V1

Bij besluit van 9 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4945
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406439/1/V1

202406642/1/V3 en 202406642/2/V3

Bij besluit van 22 mei 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4946
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406642/1/V3 en 202406642/2/V3

202406738/1/V2

Bij besluit van 15 augustus 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4944
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406738/1/V2

202407176/3/V3

Bij besluit van 11 december 2023 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4964
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407176/3/V3

BRS.24.000307

Bij besluit van 9 juli 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 6 augustus 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. D. Schaap, advocaat in Rotterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4891
Datum uitspraak
2 december 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000307

202107983/1/V3

Bij besluit van 12 oktober 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat de vreemdeling wordt overgedragen aan Duitsland.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4919
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202107983/1/V3

202207241/1/V1

Bij besluit van 11 oktober 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4918
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202207241/1/V1

202302578/1/V2

Bij besluit van 15 maart 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij ambtshalve geweigerd krachtens artikel 64 van de Vw 2000 te bepalen dat uitzetting van de vreemdeling achterwege blijft en geweigerd de vreemdeling ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4902
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202302578/1/V2

202304274/2/R2

Bij besluit van 1 december 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant het verzoek van de milieuvereniging om handhavend op te treden tegen [partij] afgewezen. In deze procedure gaat het om een verzoek om handhavend op te treden tegen [partij], omdat hij volgens de milieuvereniging de vergunningplicht in de Wet natuurbescherming overtreedt. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college ten onrechte geen overtreding heeft geconstateerd, omdat voor de herstart van de veehouderij een natuurvergunning is vereist, waarover [partij] niet beschikt. De rechtbank heeft daarbij overwogen dat [partij] de aan haar rechtsvoorganger verleende oude Hinderwetvergunning niet kan gebruiken als referentiesituatie. De rechtbank heeft daarom het besluit 19 juli 2022 vernietigd en het college opgedragen om binnen drie maanden een nieuw besluit te nemen met in achtneming van haar uitspraak. Het college is het niet eens met het oordeel van de rechtbank en heeft daarom hoger beroep ingesteld. Het college heeft de voorzieningenrechter gevraagd om de voorlopige voorziening te treffen dat het geen nieuw besluit hoeft te nemen, totdat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4907
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202304274/2/R2

202402282/1/V2

Bij besluit van 30 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4903
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202402282/1/V2

202404146/1/V2

Bij besluit van 21 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4915
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202404146/1/V2

202405276/1/V3

Bij besluit van 7 juni 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4914
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202405276/1/V3

202405821/1/R3 en 202405821/2/R3

Bij besluit van 28 november 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Lansingerland aan [verzoeker sub 1] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een woning nabij Hoeksekade, sectie B nummer 6254 in Bergschenhoek. [partij] heeft een orchideeën-potplantenbedrijf op het perceel [locatie] in Bergschenhoek, direct naast de bouwlocatie van de woning. Zij stelt dat er geen sprake is van een goede ruimtelijke ordening als er een woning op een afstand van minder dan 10 m van haar bedrijf gebouwd wordt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4920
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202405821/1/R3 en 202405821/2/R3

202406036/3/A3

Bij besluit van 21 december 2023 heeft de minister besloten het verzoek van [verzoeker] op grond van de Wet open overheid niet in behandeling te nemen. Met het verzoek wil [verzoeker] bereiken dat de door de rechtbank opgelegde dwangsom van € 1,- per dag dat de minister de termijn van zes weken overschrijdt, met een maximum van € 100,-, wordt verhoogd. Naar aanleiding van dit verzoek heeft de voorzieningenrechter [verzoeker] verzocht mede te delen wat het spoedeisend belang, als bedoeld in artikel 8:81, eerste lid, van de Awb bij het verzoek is. [verzoeker] heeft in zijn reactie van 7 oktober 2024 medegedeeld dat het spoedeisend belang is uitgelegd in het verzoek om voorlopige voorziening.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:5333
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202406036/3/A3

202406037/3/A3

Bij besluit van 19 december 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken besloten het verzoek van [verzoeker] op grond van de Wet open overheid niet in behandeling te nemen. Met het verzoek wil [verzoeker] bereiken dat de door de rechtbank opgelegde dwangsom van € 1,- per dag dat de minister de termijn van zes weken overschrijdt, met een maximum van € 100,-, wordt verhoogd. Naar aanleiding van dit verzoek heeft de voorzieningenrechter [verzoeker] verzocht mede te delen wat het spoedeisend belang, als bedoeld in artikel 8:81, eerste lid, van de Awb bij het verzoek is. [verzoeker] heeft in zijn reactie van 7 oktober 2024 medegedeeld dat het spoedeisend belang is uitgelegd in het verzoek om voorlopige voorziening.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:5334
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202406037/3/A3

202406218/1/R3 en 202406218/2/R3

Bij besluit van 6 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Gorinchem aan Compagnon Investments B.V. een omgevingsvergunning verleend voor het verbouwen van een bestaand pand tot veertien woningen op de percelen Nieuwe Walsteeg 5, 7, 7a, 7b en 7c, Arkelstraat 85, 85a en 85b en Haarstraat 69, 69a, 71, 71 a, 73 en 73a in Gorinchem. Compagnon heeft op 14 april 2022 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het verbouwen van een pand met daarin een voormalige woonwinkel tot veertien woningen op het perceel. [verzoekster] woont op het perceel [locatie]. Zij vreest voor meer parkeeroverlast als gevolg van het plan. De rechtbank heeft in haar uitspraak van 26 augustus 2024 overwogen dat het college in zijn besluiten van 6 oktober 2022 en 9 mei 2023 ten onrechte de parkeerbehoefte niet heeft onderzocht. De rechtbank heeft daarom geoordeeld dat het besluit op bezwaar een gebrek bevat. Dit gebrek heeft het college volgens de rechtbank hersteld met het besluit van 21 december 2023. [verzoekster] kan zich niet verenigen met de overwegingen en het oordeel van de rechtbank over de berekening van de parkeerbehoefte als gevolg van het plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4916
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202406218/1/R3 en 202406218/2/R3

202406470/2/V2

Bij besluit van 19 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4917
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406470/2/V2

202406645/1/V2 en 202406645/2/V2

Bij besluit van 9 juli 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4933
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406645/1/V2 en 202406645/2/V2

202407095/2/V2

Bij besluit van 14 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4931
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407095/2/V2

202407111/1/V1 en 202407111/2/V1

Bij besluit van 1 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4929
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407111/1/V1 en 202407111/2/V1

202407176/2/V3

Bij besluit van 11 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4926
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407176/2/V3

202407183/1/V3 en 202407183/2/V3

Bij besluit van 20 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4925
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407183/1/V3 en 202407183/2/V3

BRS.24.000303

Bij besluit van 15 juli 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie de vreemdeling in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 2 augustus 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4892
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000303

BRS.24.000404

Bij besluit van 18 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4893
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000404

202406488/1/A2

De examencommissie heeft namens het bestuur van de faculteit der Rechtsgeleerdheid [appellant] een bindend negatief studieadvies (hierna: BNSA) gegeven. De examencommissie heeft daaraan een afwijzing verbonden als bedoeld in artikel 7.8b, derde lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. Bij beslissing van 2 oktober 2024 heeft het college van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden het door [appellant] daartegen ingestelde administratief beroep ongegrond verklaard. Het beroep richt zich tegen deze beslissing.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:5139
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202406488/1/A2

202406563/1/A2

Bij beslissing van 4 juli 2024 heeft de examencommissie van de opleiding Bedrijfskunde [appellante] een bindend negatief studieadvies gegeven. Bij beslissing van 15 oktober 2024 heeft het college van beroep voor de examens van De Haagse Hogeschool het door [appellante] daartegen ingestelde administratief beroep ongegrond verklaard. Het beroep richt zich tegen deze beslissing. [appellante] is in het studiejaar 2020-2021 gestart met de studie Bedrijfskunde aan De Haagse Hogeschool. Voor de propedeutische fase geldt een BSA-norm van 50 punten. [appellante] heeft na het eerste studiejaar 16 punten behaald, na het tweede studiejaar 35 punten en na het derde studiejaar 43 punten. Aan het einde van het studiejaar 2021-2022 hebben alle studenten uitstel van het BSA gekregen wegens de coronapandemie. De examencommissie heeft [appellante] aan het eind van de studiejaren 2021-2022 en 2022-2023 uitstel van het BSA verleend wegens persoonlijke omstandigheden. Aan het laatste uitstel is de voorwaarde verbonden dat [appellante] de propedeuse in het studiejaar 2023-2024 moet behalen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:5152
Datum uitspraak
29 november 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Mondelinge uitspraak
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202406563/1/A2

202205076/1/V3

Bij besluit van 21 juni 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4837
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205076/1/V3

202205079/1/V3

Bij besluit van 21 juni 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4897
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205079/1/V3

202404812/2/R4

Bij besluit van 27 juni 2024 heeft de raad van de gemeente Doetinchem het bestemmingsplan "Plus supermarkt Wehl - 2023" vastgesteld. Bij besluit van 9 juli 2024 heeft het college de omgevingsvergunning voor de bouw van een nieuwe supermarkt in het plangebied verleend. Het plan en omgevingsvergunning maken de bouw van een supermarkt mogelijk in Wehl, op de hoek van de Koningin Wilhelminastraat en de Julianastraat. Het betreft hier de verplaatsing van een bestaande supermarkt, die nu nog in de Stationsstraat in Wehl is gevestigd. Daarbij zullen onder andere een aantal woningen in het plangebied worden gesloopt. [verzoeker] en anderen wonen in de nabije omgeving van het plangebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4848
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202404812/2/R4

202406398/2/A3

Bij besluit van 16 mei 2024 heeft de burgemeester van Berg en Dal de aanvraag van MFE B.V. voor een vergunning op grond van de Alcoholwet geweigerd. MFE B.V. exploiteert het horecabedrijf ‘Bistro Le Steak’ aan de Zevenheuvelenweg 81 in Berg en Dal. MFE B.V. heeft een aanvraag voor een vergunning op grond van de Alcoholwet ingediend. In het besluit van 16 mei 2024 heeft de burgemeester de aangevraagde vergunning geweigerd, omdat de [leidinggevende] in enig opzicht van slecht levensgedrag is zoals bedoeld in artikel 27, eerste lid, onder a, van de Alcoholwet in samenhang met artikel 8, eerste lid, onder b, van de Alcoholwet. Daarbij is MFE B.V. gelast het horecabedrijf uiterlijk 29 mei 2024 om 24:00 uur te sluiten en gesloten te houden. MFE B.V. heeft de voorzieningenrechter in haar verzoek verzocht de sluiting van het horecabedrijf te schorsen totdat op het hoger beroep is beslist. Ter motivering van haar verzoek heeft zij betoogd dat zij door de sluiting het horecabedrijf niet kan exploiteren waardoor problemen zijn ontstaan voor personeel, leveranciers, verhuurder en voor de privé situatie van enig bestuurder van MFE B.V., [leidinggevende].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4906
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Wet Bibob
  • uitspraakin de zaak202406398/2/A3

202406629/2/V1

Bij besluit van 16 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4898
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406629/2/V1

202406667/1/V2

Bij besluit van 13 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van de vreemdeling om opheffing van het tegen hem uitgevaardigde inreisverbod, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4899
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202406667/1/V2

202406895/1/V3

Bij besluit van 15 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4901
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202406895/1/V3

202407135/2/V2

Bij besluit van 28 augustus 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4928
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407135/2/V2

202407160/2/V2

Bij besluit van 17 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4927
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407160/2/V2

BRS.24.000188

Bij besluit van 30 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4845
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000188

BRS.24.000236

Bij besluit van 16 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4846
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000236

BRS.24.000267

Bij besluit van 25 juni 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4843
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000267

BRS.24.000322

Bij besluiten van 13 juli 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie de vreemdelingen vrijheidsontnemende maatregelen opgelegd

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4844
Datum uitspraak
28 november 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000322

202304324/1/V3

Bij besluit van 14 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4849
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202304324/1/V3

202304647/1/V1

Bij besluit van 22 april 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling ongewenst verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4850
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202304647/1/V1

202304675/1/V3

Bij besluit van 15 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4851
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202304675/1/V3

202404405/1/V3

Bij besluit van 5 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4852
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404405/1/V3

202404486/1/V3

Bij besluit van 28 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4853
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404486/1/V3

202405808/1/V3

Bij besluit van 5 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4854
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202405808/1/V3

202406416/1/V3 en 202406416/2/V3

Bij besluit van 27 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid geweigerd om de vreemdeling ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen op grond van het buitenschuldbeleid voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen en hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4855
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202406416/1/V3 en 202406416/2/V3

202406513/1/A3 en 202406513/2/A3

Bij besluit van 6 april 2023 heeft de korpschef van politie toestemming als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus om [wederpartij] beveiligingswerkzaamheden te laten verrichten, onthouden. [wederpartij] is in 2022 begonnen met de opleiding MBO 2 Beveiliger. Het stageonderdeel van deze opleiding zou hij doen bij het ROC in Arnhem. Om [wederpartij] in het kader van de stage beveiligingswerkzaamheden te laten verrichten, heeft het ROC ingevolge artikel 7, tweede lid, van de Wpbr, toestemming van de korpschef nodig. Hierom heeft het ROC op 27 maart 2023 de korpschef verzocht om deze toestemming. In het besluit van 6 april 2023 heeft de korpschef de toestemming als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de Wpbr, onthouden, omdat [wederpartij] volgens de korpschef niet beschikt over de voor het te verrichten beveiligerswerk vereiste betrouwbaarheid die nodig is voor het te verrichten beveiligerswerk. Bij zijn beoordeling heeft de korpschef paragraaf 3.3 van de Beleidsregels particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureau 2019 toegepast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4841
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Beveiligingswerkzaamheden
  • uitspraakin de zaak202406513/1/A3 en 202406513/2/A3

202406949/1/V3 en 202406949/2/V3

Bij besluit van 16 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4913
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406949/1/V3 en 202406949/2/V3

202407030/1/V3

Bij besluit van 16 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4904
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407030/1/V3

202107481/1/R4

Bij besluit van 24 juni 2020 heeft het college aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het wijzigen van het aantal melkkoeien in de stal op het perceel [locatie 1] te Mastenbroek. [partij] exploiteert aan de [locatie 1] in Mastenbroek een melkrundvee- en melkgeitenhouderij (hierna ook: de inrichting). Volgens het bestemmingsplan "Buitengebied 2014" zijn de gronden (voor zover van belang) bestemd voor grondgebonden agrarische bedrijfsvoering. Op 26 november 2018 heeft [partij] een melding als bedoeld in het Activiteitenbesluit milieubeheer gedaan voor het houden van 170 melk- en kalfkoeien, 9 stuks vrouwelijk jongvee en 584 melkgeiten. Op 30 januari 2019 heeft het college aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een geitenstal en een zogenoemde omgevingsvergunning beperkte milieutoets verleend voor het houden van 584 geiten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4861
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202107481/1/R4

202200516/1/R4

Bij besluit van 25 november 2021 heeft de raad van de gemeente Utrecht het bestemmingsplan "Beurskwartier 1" vastgesteld. De raad wil met het bestemmingsplan de locatie Beurskwartier 1 veranderen in een hoogstedelijk woongebied met maximaal 3.384 woningen in hoge dichtheden, verschillende stedelijke functies en twee parken. Daarnaast heeft de raad op de locatie De Foreest het bouwen van een gebouw met 60 woningen mogelijk gemaakt. Het betreft een bestemmingsplan met een zogeheten verbrede reikwijdte. Het plangebied bestaat uit de locatie Beurskwartier 1 met in hoofdzaak de bestemming "Woongebied" die ligt tussen het Jaarbeursplein, de bebouwing aan de Graadt van Roggenweg (zuidzijde), de hallen van het Jaarbeurscomplex, de oostzijde van de Croeselaan en de Van Zijstweg, en, voor het Ondaatje, de locatie De Foreest met de bestemming "Wonen" die ligt aan de spoorzijde van de Croeselaan, naast de kantoorlocatie van Rabobank en de Jan van Foreeststraat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4871
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202200516/1/R4
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202200516/1/R4

202201596/1/R3

Bij besluit van 25 januari 2022 heeft de raad van de gemeente Zwijndrecht het bestemmingsplan "8e herziening bestemmingsplan Buitengebied, locatie Lindeweg 12" vastgesteld. [appellant] en anderen moeten voor het door hen ingediende beroep griffierecht betalen. [appellant] en anderen zijn bij brief van 12 april 2022 hierop gewezen. Nadat is gebleken dat [appellant] en anderen het griffierecht niet hebben voldaan, is [appellant] en anderen bij aangetekend verzonden brief van 13 december 2022 meegedeeld dat het te betalen griffierecht binnen vier weken na de dag van verzending van de brief, dat wil zeggen uiterlijk 10 januari 2023, moet zijn betaald. Ook is vermeld dat, als het te betalen griffierecht niet op de vermelde datum is ontvangen, [appellant] en anderen ervan moeten uitgaan dat alleen al om die reden niet-ontvankelijkverklaring zal volgen en dat de zaak dan niet inhoudelijk wordt behandeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4877
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202201596/1/R3

202201667/1/R1

Bij besluit van 17 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Laren de aanvraag van [appellant] om een omgevingsvergunning voor de vervanging van dakpannen en geveldelen van gebouwen op het perceel [locatie] in Laren buiten behandeling gesteld. appellant] woont op het perceel [locatie] in Laren. [medewerker] van Bouwkundig advies heeft namens [appellant] op 16 juli 2018 een aanvraag gedaan om een omgevingsvergunning voor de vervanging van dakpannen en geveldelen van de op het perceel aanwezige paardenstallen, de overdekte rijbak en het dienstverblijf. Bij brief van 21 augustus 2018 heeft het college [partij] verzocht om binnen acht weken aanvullende gegevens bij het college in te leveren voor de beoordeling van de aanvraag. Het college heeft vervolgens bij besluit van 17 oktober 2018 de aanvraag buiten behandeling gesteld. [appellant] heeft bij brief van 30 oktober 2020 verzocht om bekendmaking van een van rechtswege gegeven omgevingsvergunning, omdat het college volgens hem niet tijdig heeft beslist op de aanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4879
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202201667/1/R1

202203122/1/R2

Bij besluit van 24 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Valkenswaard het bestemmingsplan "Molenstraat 200-202" gewijzigd vastgesteld. [partij] heeft een rijtuigenmuseum aan de Molenstraat 200-202 in Valkenswaard. Zij wil graag de horecafunctie bij dit museum uitbreiden. In het bestemmingsplan wordt daarom mogelijk gemaakt om in het gebouw waarin de bedrijfswoning en een horecagedeelte is opgenomen, een klein restaurant toe te voegen. In het naastgelegen museumgebouw wordt het mogelijk gemaakt om feesten en partijen te houden. Daarnaast maakt het plan een bed & breakfast mogelijk en kan een paardenstal worden gebouwd voor tijdelijke huisvestiging van maximaal vier paarden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4859
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202203122/1/R2

202204811/1/R3

Bij besluit van 1 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Westerveld aan FietsZe race & mtb club een omgevingsvergunning verleend voor de aanleg van een mountainbike-route door het bouwen van paadjes (singletracks) en gebruik makend van de bestaande paden rond Vledder en Wilhelminaoord. [appellant sub 2A] woont in Vledderveen op een afstand van ongeveer 400 meter van het Vledderveld. Op 4 november 2021 heeft [appellant sub 2A] in een brief aan de gemeente laten weten dat zij er achter is gekomen dat er is begonnen met de aanleg van een mountainbikeroute door het natuurgebied Vledderveld en dat zij zich daardoor overvallen voelt. Op 22 november 2021 is door [appellant sub 2A] en de Stichting bezwaar gemaakt. Bij besluit van 14 april 2022 heeft het college met inachtneming van het advies van de commissie het bezwaarschrift niet-ontvankelijk verklaard omdat dit volgens het college te laat was ingediend en dit niet verschoonbaar was. [appellant sub 2A] kon zich niet vinden in deze beslissing en heeft beroep bij de rechtbank ingesteld tezamen met een verzoek tot voorlopige voorziening bij de voorzieningenrechter.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4876
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202204811/1/R3

202206509/1/R1

Bij besluit van 22 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Renkum aan [belanghebbende] een omgevingsvergunning verleend voor een erfafscheiding op het perceel aan de [locatie 1] in Oosterbeek. De omgevingsvergunning die het college aan [belanghebbende] heeft verleend, maakt een erfafscheiding die hoger is dan het ter plaatse geldende bestemmingsplan toestaat, mogelijk. Het college heeft zich in het besluit op bezwaar op het standpunt gesteld dat de erfafscheiding passend is binnen een goede ruimtelijke ordening. Het college heeft in dat kader van belang geacht dat de erfafscheiding nauwelijks zichtbaar is door de aanwezige begroeiing. De rechtbank heeft naar aanleiding van het beroep van [appellante], die aan de [locatie 2] woont, het besluit op bezwaar vernietigd voor zover het college heeft nagelaten een voorschrift aan de omgevingsvergunning te verbinden met betrekking tot de beplanting van de erfafscheiding. De rechtbank heeft zelf voorziend bepaald dat aan de omgevingsvergunning het voorschrift wordt verbonden dat de erfafscheiding begroeid moet zijn en blijven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4878
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202206509/1/R1

202300184/1/A3

Bij brief van 6 februari 2019 heeft [appellant] de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid verzocht om openbaarmaking van documenten. [appellant] heeft de minister op 6 februari 2019 verzocht om openbaarmaking van minuten over besluiten van de minister tot verlening van een verblijfsvergunning regulier voor een bepaalde tijd met gebruikmaking van zijn zogenoemde discretionaire bevoegdheid. Het verzoek is gedaan met het oog op een in te dienen verzoek aan de minister om een verblijfsvergunning met gebruikmaking van die bevoegdheid. Bij brief van 14 juni 2019 heeft [appellant] de minister in gebreke gesteld voor het niet tijdig nemen van een beslissing op dit verzoek. Op 2 juni 2020 heeft [appellant] beroep bij de rechtbank ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing. De rechtbank heeft overwogen dat het verzoek van [appellant] niet is bedoeld als verzoek om openbaarmaking op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob), maar om het feitelijk verstrekken van informatie. Het verzoek is volgens de rechtbank ook anderszins niet gericht op het nemen van een besluit, maar op feitelijk handelen en is daarom geen aanvraag in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de Awb.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4875
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202300184/1/A3

202301714/1/R3

Bij besluit van 3 april 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [belanghebbende] een omgevingsvergunning verleend voor de activiteiten bouwen en slopen in beschermd stads- en dorpsgezicht voor het wijzigen van de zijgevel op het perceel aan de [locatie A] te Rotterdam. [appellanten] wonen net als [belanghebbende] aan de [laan] en kunnen zich niet verenigen met het besluit van het college om de omgevingsvergunning voor het bouwen en slopen in beschermd stads- en dorpsgezicht aan [belanghebbende] te verlenen. Volgens hen zijn de vergunde activiteiten in strijd met de Welstandsnota Rotterdam. Het college heeft het positieve advies van de welstandscommissie overgenomen en de omgevingsvergunning verleend. [appellanten] zijn van mening dat het advies van de welstandscommissie onzorgvuldig tot stand is gekomen. Daarom vinden zij dat het college het welstandsadvies niet had mogen overnemen. Zij hebben een tegenadvies op laten stellen door een deskundige.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4882
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301714/1/R3

202301854/1/R3

Bij besluit van 3 maart 2020 heeft het college aan de Protestantse Gemeente Lekkerkerk een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van een aanbouw aan de Grote- of Johanneskerk aan het Kerkplein 4 te Lekkerkerk. [appellant sub 2A] en [appellant sub 2B] en [partij] wonen bij het Kerkplein. Bij besluit van 3 januari 2018 heeft het college aan Protestantse Gemeente Lekkerkerk een omgevingsvergunning verleend voor een aanbouw aan de oostkant van de kerk. [appellant sub 2A] en [appellant sub 2B] hebben toen tegen dat besluit beroep ingesteld, omdat zij onder andere vreesden voor een verhoging van de parkeerdruk die niet op andere plaatsen gecompenseerd kon worden. Bij uitspraak van 14 augustus 2018 heeft de rechtbank Den Haag het beroep gegrond verklaard en het besluit van 19 december 2017 (lees: 3 januari 2018) vernietigd. Naar het oordeel van de rechtbank waren er concrete aanknopingspunten om te twijfelen aan de juistheid van het parkeerdrukonderzoek van Rho adviseurs. Omdat het college de conclusies van dit onderzoek zonder meer had overgenomen, had het in strijd gehandeld met het zorgvuldigheidsbeginsel en het vereiste van een deugdelijke motivering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4886
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301854/1/R3

202301943/1/R4

Bij besluit van 5 april 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht geweigerd aan [wederpartij] een omgevingsvergunning te verlenen voor het oprichten van een stal met een inpandige paardenbak aan de [locatie] in Loenen aan de Vecht. [wederpartij] exploiteert aan de [locatie] een kleinschalig agrarisch bedrijf waar onder meer schapen, koeien en paarden worden gehouden. Met de schapen en paarden wordt gefokt en de jonge paarden worden getraind in het eigen bedrijf. De stal waar deze procedure over gaat, is al in 2012 gerealiseerd. Op 19 juni 2012 en op 26 maart 2013 heeft het college hiervoor een omgevingsvergunning verleend, maar beide vergunningen zijn later echter weer ingetrokken. Nadat [wederpartij] daarna tweemaal een aanvraag om een legaliserende vergunning heeft gedaan en weer heeft ingetrokken, heeft hij op 13 januari 2017 de aanvraag gedaan die ten grondslag ligt aan het besluit van 5 april 2022, waar deze procedure over gaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4870
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301943/1/R4

202301958/1/R3

Bij besluit van 27 juli 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Coevorden een last onder dwangsom opgelegd aan [wederpartij A] en [wederpartij B] vanwege onder meer het zonder omgevingsvergunning bewonen van een bijgebouw. [wederpartij A] en [wederpartij B] woonden in een boerderij op het perceel [locatie] te Coevorden. [wederpartij A] en [wederpartij B] hebben dit perceel gesplitst, de daarop aanwezige bedrijfswoning verkocht en zijn in de voormalige schuur op het perceel [locatie] gaan wonen. Aan dit perceel is inmiddels huisnummer […] toegekend. [wederpartij A] en [wederpartij B] hebben op 1 februari 2021 een aanvraag gedaan voor een omgevingsvergunning voor het gebruik van de voormalige schuur als woning. Vervolgens heeft een omwonende een verzoek om handhavend op te treden aan het college gestuurd. Op 18 maart 2021 heeft het college onder meer geconstateerd dat een agrarisch bijgebouw op het perceel [locatie] in strijd met artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo zonder de daarvoor vereiste omgevingsvergunning wordt gebruikt voor bewoning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4858
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202301958/1/R3

202302240/1/R1

Bij besluit van 1 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de door [appellant A] en [appellant B] aangevraagde omgevingsvergunning voor het bouwen van een opbouw en het realiseren van een terras op het dak van de woning aan de [locatie] in Amsterdam geweigerd [appellant A] en [appellant B] wonen op het perceel aan de [locatie] in Amsterdam (hierna: het perceel). Zij willen op het dak van hun woning, die op de tweede en derde verdieping ligt, een opbouw plaatsen van 42 m² om hun woonruimte te vergroten. Ook willen zij een dakterras realiseren. Ter plaatse gold ten tijde van de besluiten het bestemmingsplan "Museumkwartier Valeriusbuurt". Op het perceel rust op grond van het bestemmingsplan de bestemming "Gemengd - 2", die onder meer wonen toestaat. Op grond van de verbeelding in samenhang met artikel 6.2.2, onder a, van de planregels geldt voor het perceel een maximumbouwhoogte van 14,5 meter. Met de opbouw op het dak wordt de maximale bouwhoogte met 1,6 meter overschreden. Op grond van artikel 25 van de planregels kan van de toegestane maximumbouwhoogte worden afgeweken ten behoeve van een extra bouwlaag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4881
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202302240/1/R1

202302961/1/R3

Bij besluit van 15 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Olst-Wijhe aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van een windmolen op het perceel [locatie 1] te Welsum. [vergunninghouder] exploiteert een agrarisch bedrijf op het perceel aan [locatie 1] te Welsum en heeft op 11 februari 2021 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het realiseren van een windmolen van het type EAZ met een ashoogte van 15 m, een tiphoogte van 21,6 m en een vermogen van 15 kW op haar perceel. appellant A] en anderen wonen op percelen aan [locatie 2], [locatie 3] en [locatie 4] in de nabije omgeving van de projectlocatie. Zij zijn het niet eens met de verleende omgevingsvergunning. Zij vrezen dat hun woon- en leefklimaat zal worden aangetast als gevolg van de windmolen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4874
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202302961/1/R3

202304278/1/R3

Bij brief van 21 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Westland aan [bedrijf] een volgens het college van rechtswege gegeven omgevingsvergunning voor de bouw van een kas in afwijking van het bestemmingsplan op het perceel [locatie] in De Lier bekendgemaakt. [bedrijf] heeft een omgevingsvergunning aangevraagd om een kas te bouwen op het perceel. De bouw van de kas is in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan. Volgens het college is de aangevraagde omgevingsvergunning van rechtswege gegeven. De rechtbank is het daar mee eens. Glastuinbouw Nederland kan zich hiermee niet verenigen. Volgens Glastuinbouw Nederland is de omgevingsvergunning niet met de juiste procedure voorbereid, waardoor er geen vergunning van rechtswege is gegeven. De vergunning had volgens Glastuinbouw Nederland niet met de reguliere, maar met de uitgebreide voorbereidingsprocedure moeten worden voorbereid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4880
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202304278/1/R3

202305016/1/A2

Bij besluit van 21 oktober 2021 heeft de Dienst Toeslagen het aan [appellant] toegekende voorschot kindgebonden budget voor het jaar 2021 herzien en vastgesteld op € 2.346,00 en € 1.563,00 aan teveel betaald voorschot teruggevorderd. Bij besluit van 28 december 2020 heeft de Dienst Toeslagen het voorschot kindgebonden budget van [appellant] voor het jaar 2021 op € 4.693,00 berekend. Op 3 september 2021 heeft de Dienst Toeslagen een melding van de Sociale Verzekeringsbank ontvangen, waaruit blijkt dat [appellant], met ingang van 13 juni 2021, geen kinderbijslag meer ontvangt. Naar aanleiding hiervan heeft de Dienst Toeslagen bij het in het Procesverloop van deze uitspraak vermelde besluit van 21 oktober 2021 bepaald dat het voorschot kindgebonden budget van € 391,00 per maand aan [appellant] alleen wordt toegekend voor de periode van 1 januari tot en met 30 juni 2021. De rechtbank heeft overwogen dat de Dienst Toeslagen is gehouden om zich bij het vaststellen van het recht op kindgebonden budget te baseren op de gegevens van de SVB.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4884
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202305016/1/A2

202305298/1/R3

Bij besluit van 22 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Voorne aan Zee het bestemmingsplan "Oude Goote" vastgesteld. Het plan maakt de bouw van een woonwijk met maximaal 800 woningen mogelijk. Het plangebied bevindt zich tussen de vaart Het Spui aan de westzijde, de Voorweg aan de zuidzijde, de Veckdijk aan de oostzijde en de Hossenbosdijk aan de noordzijde. BPD ontwikkeling B.V. en anderen zijn de initiatiefnemers van het plan. Zij willen onder meer vrijstaande woningen, twee-onder-één-kap woningen, rijwoningen en gestapelde woningen bouwen. Ook zal er een ecologische hoofdstructuur, onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland, langs de zuid- en oostzijde door het plangebied lopen. [appellant] woont in de omgeving van het plangebied. De achtertuin van de woning grenst aan de Hossenbosdijk. [appellant] vreest voor aantasting van het woon- en leefklimaat, door een toename van verkeer op de Hossenbosdijk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4873
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202305298/1/R3

202305332/1/A2

Bij besluit van 7 augustus 2021 heeft de Dienst Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] over het jaar 2020 definitief vastgesteld op € 1.665,00, en € 689,00 aan teveel uitbetaalde voorschotten teruggevorderd. In 2020 heeft [appellant] twee pensioenen van in totaal € 7.405,00 afgekocht. Op 16 juni 2021 heeft de Dienst Toeslagen een melding vanuit de Basisregistratie Inkomen ontvangen, waaruit blijkt dat het toetsingsinkomen van [appellant] en zijn toeslagpartner over 2020 voor hen samen is vastgesteld op € 26.834,00. Hierbij is de afkoopsom betrokken. Vervolgens heeft de Dienst Toeslagen bij het besluit van 7 augustus 2021 de zorgtoeslag over 2020 opnieuw definitief berekend en herzien. In geschil is of de Dienst Toeslagen [appellant] had moeten informeren dat de afkoopsom van het klein pensioen meetelt bij de berekening van de zorgtoeslag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4888
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202305332/1/A2

202305637/1/R3

Bij besluit van 4 juli 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lansingerland het uitwerkings- en wijzigingsplan "Westpolder/Bolwerk 2012, deelplan 4 West" vastgesteld. Bij besluit van 4 juli 2023 heeft het college het uitwerkings- en wijzigingsplan "Westpolder/Bolwerk 2012, deelplan 4 West" (hierna: het uitwerkingsplan) vastgesteld. Het plan is een uitwerking van het geldende bestemmingsplan "Westpolder/Bolwerk 2012" (hierna: het bestemmingsplan). Met het uitwerkingsplan wordt de realisatie van maximaal 355 nieuwe woningen in de ‘Gouden Buurten’ mogelijk gemaakt. [appellant A] en [appellant B] wonen op korte afstand van het plangebied en kunnen zich niet verenigen met het uitwerkingsplan. Volgens hen voorziet het plan in te hoge gebouwen, een te hoge bebouwingsdichtheid en past de uitstraling niet bij de rest van de ‘Gouden Buurten’. Zij hebben daarom beroep ingesteld tegen het besluit van het college.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4872
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202305637/1/R3

202305680/1/A2

Bij besluit van 11 maart 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag aan [appellant] een bestuurlijke boete van € 5.000,00 opgelegd. Het college heeft op 23 december 2021 het voornemen kenbaar gemaakt om aan [appellant] een bestuurlijke boete van € 5.000,00 op te leggen wegens overtreding van de Huisvestingswet. [gemachtigde] heeft bij brief van 2 januari 2022 namens [appellant] een zienswijze op het voornemen gegeven. Bij de zienswijze was een ondertekende en op 2 januari 2022 gedateerde machtiging gevoegd. Bij het besluit van 11 maart 2022 heeft het college aan [appellant] een bestuurlijke boete van € 5.000,00 opgelegd. [gemachtigde] heeft daartegen, gesteld handelend namens [appellant], bezwaar gemaakt. Het college heeft [gemachtigde] verzocht een ondertekende machtiging te overleggen waaruit blijkt dat hij tot het indienen van het bezwaar gemachtigd is en hem daartoe tot 2 juni 2022 de gelegenheid gegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4885
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202305680/1/A2

202306004/1/R3

Bij besluit van 27 januari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag de aanvraag van [appellant] om een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een dakopbouw afgewezen. [appellant] wil, onder andere door het realiseren van een dakopbouw op de derde verdieping, zijn woning aan de [locatie] in Den Haag vergroten. Hij heeft daarom een omgevingsvergunning aangevraagd voor de activiteit ‘bouwen’. Het college heeft de aangevraagde omgevingsvergunning geweigerd, omdat het bouwplan volgens het college in strijd is met de regels van het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Vruchten- en Heesterbuurt". Volgens [appellant] heeft het college toezeggingen gedaan, waarmee het college bij hem het gerechtvaardigd vertrouwen heeft gewekt op grond waarvan [appellant] volgens hem mocht verwachten dat de omgevingsvergunning verleend zou worden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4869
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202306004/1/R3

202306040/1/R1

Bij besluit van 26 april 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere het door [appellant A] en [appellant B] ingediende verzoek om handhaving ten aanzien van het recreatief verhuren van de molen aan de [locatie] in Veere afgewezen. [appellant A] en [appellant B] zijn eigenaar van [molen] aan de [locatie] in Veere. Het ter plaatse geldend bestemmingsplan is "Stad Veere" (hierna: het bestemmingsplan). Aan het perceel is de enkelbestemming "Maatschappelijk" en de functieaanduiding "specifieke vorm van maatschappelijk - molen" toegekend. De molen is niet meer in bedrijf en wordt door [appellant A] en [appellant B] gebruikt als vakantiewoning. [appellant A] en [appellant B] zijn voornemens de molen commercieel te gaan verhuren voor recreatief verblijf om met de opbrengst de molen in stand te houden. Het college is, anders dan [appellant A] en [appellant B], van mening dat dit gebruik op grond van het bestemmingsplan niet is toegestaan. [appellant A] en [appellant B] hebben het college, om een voor bezwaar en beroep vatbare beslissing te verkrijgen, verzocht een handhavingsbesluit te nemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4868
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202306040/1/R1

202306774/1/V6

Bij besluit van 6 december 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen, afgewezen. [appellant] heeft de Syrische nationaliteit en is in het bezit van een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd. Hij heeft samen met zijn partner en twee stiefkinderen een verzoek om naturalisatie ingediend. De staatssecretaris heeft het verzoek, voor zover het ziet op zijn partner en stiefkinderen, ingewilligd. De staatssecretaris heeft het verzoek, voor zover het op [appellant] zelf ziet, afgewezen, omdat er een ernstig vermoeden bestaat dat hij een gevaar vormt voor de openbare orde. De reden hiervoor is dat [appellant] bij vonnis van 2 oktober 2019 door de politierechter is veroordeeld voor mishandeling van zijn partner en stiefzoon tot een taakstraf van 120 uren, subsidiair 60 dagen hechtenis, waarvan 80 uren voorwaardelijk, subsidiair 40 dagen hechtenis, met een proeftijd van twee jaren. [appellant] heeft het onvoorwaardelijke deel van de taakstraf voltooid op 17 augustus 2020.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4887
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202306774/1/V6

202306933/1/R3

Bij besluit van 12 oktober 2023 heeft de raad van de gemeente Alphen aan den Rijn het bestemmingsplan [locatie 1], Alphen aan den Rijn en [locatie 2], Aarlanderveen" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de mogelijkheid om woningen te realiseren op twee percelen in het buitengebied van Alphen aan den Rijn. De raad heeft het bestemmingsplan vastgesteld naar aanleiding van de aanvraag van [partij A]. [appellante] is de zus van [partij A]. Zij kan zich niet verenigen met het bestemmingsplan. Volgens haar is het plangebied niet geschikt voor woningbouw. Ze stelt dat de raad onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de geurhinder en verontreiniging van de bodem en de sloten, die volgens haar is ontstaan doordat er jarenlang nertsenmest is uitgereden op het perceel. Daarnaast stelt ze dat de woningen in verband met de vorm van het perceel onlogisch ingepast zijn en dat hier ten onrechte geen onderzoek naar is gedaan. Ten slotte stelt ze dat de woningen zich op een te grote afstand van andere woningen bevinden, waardoor er rondom de woningen geen winkels en andere voorzieningen gevestigd zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4866
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202306933/1/R3

202307184/1/A2

Bij besluit van 12 januari 2023 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellante] een onderzoek opgelegd naar haar rijgeschiktheid. De Eenheid Rotterdam, District Rotterdam-Zuid, Basisteam Charlois heeft op 24 november 2022 aan het CBR een mededeling gedaan als bedoeld in artikel 130, eerste lid van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994). Deze mededeling houdt in dat het vermoeden bestaat dat [appellante] niet langer beschikt over de rijvaardigheid dan wel geschiktheid om een motorrijtuig van de categorieën B en T te besturen. Dat zijn de categorieën waarvoor het rijbewijs van [appellante] is afgegeven. Aan deze mededeling ligt een mutatierapport (de mutatie) van dezelfde datum ten grondslag. In de mutatie is vermeld dat verbalisant waarnam dat op 23 november 2022 een bestelbus dubbel geparkeerd stond aan de Krabbedijkstraat in Rotterdam. Nadat [appellante], die bleek op te treden als bestuurster van deze bestelbus, na meer dan 10 minuten ter plaatse kwam werd haar door de verbalisant een mini-proces-verbaal aangezegd. [appellante] vond het te lang duren en begon naar verbalisant te schreeuwen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4862
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202307184/1/A2

202400291/1/R1

Bij besluit van 12 oktober 2023 heeft de raad van de gemeente Amsterdam het bestemmingsplan Kostverlorenstraat Weesp vastgesteld. Op 1 januari 2024 zijn de Omgevingswet en de Invoeringswet Omgevingswet in werking getreden. Op grond van artikel 4.6, derde lid, van de Invoeringswet Omgevingswet blijft op een beroep tegen een besluit tot vaststelling van een bestemmingsplan waarvan het ontwerp vóór het tijdstip van inwerkingtreding van de Omgevingswet ter inzage is gelegd het recht zoals dat gold onmiddellijk vóór dat tijdstip van toepassing tot het bestemmingsplan onherroepelijk is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4860
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202400291/1/R1

202400541/1/R4

Bij besluit van 21 december 2023 heeft de raad van de gemeente Brummen het bestemmingsplan ‘Buitengebied Brummen, landschaps- en natuurversterking Pongeweg 4a Hall’ vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in het toekennen van de bestemming "Bos" aan gronden die in het voorheen geldende bestemmingsplan de bestemming "Agrarisch met waarden-Landschapswaarden A" hadden. Binnen deze agrarische bestemming waren nieuwe landschapselementen niet toegestaan. Het bestemmingsplan Iaat de door [partij A] en [partij B] beoogde landschapselementen wel toe. De voor "Bos" aangewezen gronden zijn onder meer bestemd voor de houtproductie en het behoud, herstel en ontwikkeling van de landschappelijke en natuurlijke waarden van het bos. De gronden hebben de medebestemming "Waarde - Archeologie laag". Deze gronden zijn mede bestemd voor de instandhouding en bescherming van archeologische waarden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4867
Datum uitspraak
27 november 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202400541/1/R4
vorige pagina1...757677...1.238volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon