Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 125.932
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202502058/1/A2

Bij besluit van 24 augustus 2023 heeft de burgemeester aan [appellante] een alcoholvergunning en exploitatievergunning verleend. [appellante] exploiteert [café] aan de [locatie 1] in Almelo. Met een besluit van 17 november 2006 heeft het college van burgemeester en wethouders aan haar een alcoholvergunning en exploitatievergunning verleend. Bij brief van 1 mei 2023 heeft de burgemeester aan [appellante] medegedeeld dat uit gegevens blijkt dat zij een terras exploiteert voor haar café, zonder dat zij beschikt over een vergunning voor een terras. De burgemeester heeft [appellante] daarbij in de gelegenheid gesteld om binnen acht weken een exploitatievergunning voor het terras aan te vragen. Op 17 mei 2023 heeft [appellante] een aanvraag ingediend om wijziging van de alcoholvergunning en exploitatievergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4132
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202502058/1/A2

202502477/1/A2

Bij besluit van 12 februari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag aan [appellant] een bestuurlijke boete opgelegd van € 10.000,00 wegens het overtreden van de Huisvestigingsverordening Den Haag 2023. Tijdens een controle op 3 oktober 2023 hebben inspecteurs geconstateerd dat [appellant] een woning aan de [locatie] in gebruik heeft gegeven zonder huisvestingsvergunning. Het college heeft hiervoor bij het besluit van 12 februari 2024 een bestuurlijke boete opgelegd. Dit besluit heeft het college aangetekend aan [appellant] verzonden. Na ontvangst van een aanmaning op 28 mei 2024 heeft [appellant] contact opgenomen met het college en vernam toen dat deze boete was opgelegd. Op 10 juni 2024 heeft [appellant] bezwaar gemaakt, dat het college niet-ontvankelijk heeft verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4120
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202502477/1/A2

202502500/1/R4

Bij besluit van 16 november 2023 heeft het college van burgemeesters en wethouders van Utrecht een verzoek van [appellant] om handhavend op te treden afgewezen.[appellant] is eigenaar van het pand [locatie 1] in Utrecht, dat grenst aan het pand [locatie 2] dat in eigendom is van [partij] en [persoon E]. In de afgelopen jaren is een juridische strijd ontstaan tussen de eigenaren en de gemeente en de eigenaren onderling. De oorsprong van dit conflict ligt voornamelijk in de bouwkundige staat van de panden en het daaruit voorvloeiende handhavend optreden door het college door middel van het opleggen van diverse lasten met betrekking tot de keldermuur tussen [locatie 1] en [locatie 2], en de door [appellant] gesloopte achtergevel van [locatie 1]. Naast deze procedure loopt er een grote hoeveelheid andere, veelal door [appellant] gestarte, procedures tussen de bij deze zaak betrokken partijen. Veel van deze procedures hangen met elkaar samen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4155
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202502500/1/R4

202502669/1/A2

Bij besluit van 20 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn de aanvraag van de stichting tot toekenning van privatiseringswachtgeld aan negen van haar voormalige werknemers niet-ontvankelijk verklaard. Bij besluit van 27 januari 2020 heeft college het door de stichting daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Op 25 mei 2000 heeft de gemeenteraad van Alphen aan den Rijn besloten om de taken van de afdeling sport en recreatie te privatiseren. Vanwege deze privatisering heeft het college de ambtenaren van deze afdeling met ingang van 1 juli 2001 eervol ontslag verleend en zijn zij aansluitend op basis van een arbeidsovereenkomst in dienst getreden bij de stichting. In het kader van deze overgang is het Sociaal Plan Sport en Recreatie Alphen aan den Rijn opgesteld. Op 1 januari 2016 zijn deze medewerkers ontslagen bij de stichting vanwege het door de gemeente stopzetten van de subsidie na een nieuwe openbare aanbesteding. Het college heeft de aanvraag van de stichting om wachtgeld niet-ontvankelijk verklaard omdat de stichting geen belanghebbende is bij de vraag haar of voormalige werknemers aanspraak hebben op privatiseringswachtgeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4126
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202502669/1/A2

202503018/1/A3

Bij besluit van 15 september 2023 heeft de minister het verzoek van [appellante] om het heerlijkheidswapen van Baarsdorp voor te dragen voor bevestiging bij koninklijk besluit afgewezen.Een heerlijkheid bestaat uit een aantal rechten die van kracht zijn binnen een specifiek omschreven gebied. [appellante] is eigenaar van de zakelijke rechten van heerlijkheid Baarsdorp. Zij heeft bij brief van 24 februari 2023 een verzoek bij de minister gedaan om het heerlijkheidswapen van Baarsdorp voor te dragen voor bevestiging bij koninklijk besluit. Zij heeft daarbij verwezen naar punt 1 van Soeverein Besluit van 24 december 1814. De minister heeft het verzoek voor advies voorgelegd aan de Hoge Raad van Adel. De Hoge Raad van Adel heeft een afwijzend advies gegeven, omdat heerlijkheden een privaatrechtelijk karakter hebben en wapenverlening op grond van de ‘Beleidsregels verlenen, bevestigen, en wijzigen van wapens’ van 12 september 2023 niet mogelijk is. De minister heeft het advies overgenomen en stelt zich op het standpunt dat wapenverlening alleen mogelijk is aan provincies, gemeenten en andere publiekrechtelijke lichamen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4158
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202503018/1/A3

202503372/1/A2

Bij besluit van 31 januari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Groningen de aanvraag van [appellant] om tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] is sinds 14 april 2008 respectievelijk 1 september 2008 voor 50% eigenaar van de panden aan de [locatie 1] en [locatie 2] in Groningen. [appellant] heeft op 7 maart 2016 een aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor het vergroten en samenvoegen van de panden om twintig zelfstandige woningen te realiseren en voor het toevoegen van een extra bouwlaag. Het college heeft de aanvraag buiten behandeling gesteld. Bij uitspraak van 7 november 2017 heeft de rechtbank Noord-Nederland het beroep daartegen gegrond verklaard en het college opdracht gegeven de aanvraag alsnog inhoudelijk te beoordelen. Bij besluit van 21 december 2018 heeft het college de omgevingsvergunning alsnog geweigerd. Volgens het college was het bouwplan in strijd met het op 28 juni 2017 in werking getreden bestemmingsplan Herziening Bestemmingsregels Wonen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4114
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202503372/1/A2

202503463/1/A2

Bij brief van 11 juli 2024 heeft het college van bestuur van het ROC Da Vinci College aan [appellant] een schriftelijke waarschuwing gegeven. [appellant] is in augustus 2023 begonnen aan een opleiding Pedagogisch Werk aan het Da Vinci College. Het college heeft [appellant] op 11 april 2024 een schriftelijke waarschuwing gegeven wegens overtredingen van artikel 13 van het Studentenstatuut en artikel 8.2 van de Gedragscode ICT-faciliteiten. Aan de waarschuwing heeft het college ten grondslag gelegd dat het gedrag van [appellant] als grensoverschrijdend wordt ervaren en dat hij op het internet negatieve en onjuiste uitlatingen heeft gedaan over het bestuur, de medewerkers en studenten van het Da Vinci College. [appellant] heeft op 26 augustus 2024 bezwaar gemaakt tegen de schriftelijke waarschuwing van 11 juli 2024. Bij beslissing van 4 september 2024 heeft het college dit bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Aan deze beslissing heeft het college ten grondslag gelegd dat de waarschuwing geen beslissing is waartegen bezwaar openstaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4005
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202503463/1/A2

202503587/1/A2

Bij uitspraak van 11 juni 2025, in zaak nr. ECLI:NL:RVS:2025:2510 heeft de Afdeling het beroep van [verzoeker] tegen de beslissing van het college van bestuur van het ROC Da Vinci College ongegrond verklaard. [verzoeker] heeft de Afdeling verzocht die uitspraak te herzien. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat [verzoeker] zich schuldig maakt aan misbruik van procesrecht en heeft daarom verzocht om hem te veroordelen in de proceskosten. Het college heeft er in dit kader op gewezen dat [verzoeker] meerdere procedures aanhangig heeft gemaakt tegen het Da Vinci college, zowel bij de Afdeling als bij de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4006
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Herziening
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202503587/1/A2

202504303/1/A2

Bij besluit van 26 september 2022 heeft de CSG de aanvraag van [appellante] om een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven afgewezen. [appellante] heeft op 27 januari 2022 een aanvraag ingediend voor een uitkering uit het schadefonds. Zij stelt dat zij slachtoffer is geworden van mensenhandel en (seksuele) uitbuiting. Daar heeft zij op 12 juni 2020 ook aangifte van gedaan. [appellante] heeft verklaard dat zij op 10 juli 2019 vanuit Uganda is vertrokken naar Nairobi. In Nairobi heeft zij contact gekregen met een vrouw genaamd [persoon C]. De moeder van [appellante] heeft [persoon C] betaald om [appellante] naar Saudi-Arabië te brengen, zodat zij daar als werkster kon gaan werken. [appellante] is met [persoon C] en een andere vrouw in een vliegtuig gestapt. Na een tussenstop is zij geland op een locatie waar zij in een restaurant moest wachten. Zij is daar door twee mannen opgehaald. Na een lange autorit is zij naar een woning gebracht. Vanaf 3 oktober 2019 verbleef zij in die woning. In die woning is zij mishandeld en door ongeveer zes mannen seksueel misbruikt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4156
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202504303/1/A2

202504853/1/V6

Bij besluit van 17 februari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van [appellante] om haar en haar zoon het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. [appellante] stelt afkomstig te zijn uit Zuid-Soedan en geboren te zijn op [geboortedatum] 1981. Zij heeft op 1 maart 1997 een asielaanvraag ingediend en zij heeft sinds 15 juni 2007 een verblijfsvergunning in het kader van de Regeling afwikkeling nalatenschap oude Vreemdelingenwet. [appellante] heeft de minister op 17 januari 2022 verzocht om haar het Nederlanderschap te verlenen. De minister heeft het verzoek afgewezen, omdat hij twijfelt aan haar identiteit en nationaliteit. Hij heeft deze twijfel gebaseerd op een rapport taalanalyse van 13 juli 2006 die het Bureau Land en Taal van de Immigratie-en Naturalisatiedienst (nu: Team Onderzoek en Expertise Land en Taal) heeft opgesteld in een eerdere door [appellante] gevoerde asielprocedure. Uit het rapport taalanalyse volgt dat [appellante] eenduidig te herleiden is tot de spraak- en cultuurgemeenschap binnen Oeganda. Ook heeft de minister het ‘Age Assessment Certificate’, dat [appellante] bij de gemeente Schiedam heeft overgelegd, aan zijn twijfel ten grondslag gelegd. Uit de verklaring van onderzoek van Bureau Documenten van 6 januari 2022 volgt dat het document hoogstwaarschijnlijk niet in deze staat is opgemaakt en afgegeven. Verder heeft de minister gewezen op een verklaring van de Soedanese ambassade in Den Haag van 14 maart 2006 waaruit volgt dat de ambassade de Soedanese herkomst en/of nationaliteit van [appellante] niet kon bevestigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4149
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202504853/1/V6

202504926/1/R2

Bij besluit van 22 juli 2024 heeft het college van gedeputeerde staten van Gelderland aan het Waterschap Rijn en IJssel de aangevraagde ontheffing op grond van de Wet natuurbescherming verleend. Het waterschap heeft een projectplan vastgesteld dat als doel heeft het verbeteren van de natuurkwaliteit en klimaatrobuustheid van het natuurgebied ‘Hagenbeek’. De concrete maatregelen bestaan onder meer uit het verondiepen en dempen van watergangen rondom het natuurgebied Hagenbeek. In de te dempen watergangen zijn poelkikkers aangetroffen. Ook kan de aanwezigheid van waterspitsmuizen niet worden uitgesloten. Het waterschap heeft voor beide soorten een Wnb-ontheffing aangevraagd. Het college heeft de ontheffing verleend, in eerste instantie voor de periode tot 30 juni 2025 en vervolgens, met het besluit van 10 juni 2025, tot en met 30 juni 2027.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4152
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202504926/1/R2

202504996/1/A2

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank van 5 augustus 2025, waarbij het door hem gedane verzet tegen de uitspraak van de rechtbank van 9 januari 2025 ongegrond is verklaard. De uitspraak van de rechtbank van 26 november 2024 op het door [appellant] gedane verzet is een uitspraak van de rechtbank als bedoeld in artikel 8:55, zevende lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Hiertegen kan, gelet op artikel 8:104, tweede lid, aanhef en onder c, van de Awb, geen hoger beroep worden ingesteld. Dit is het zogeheten appelverbod. Er kan alleen aan deze bepaling voorbij worden gegaan wanneer er sprake is van zodanige schending van beginselen van goede procesorde, dan wel fundamentele rechtsbeginselen, dat moet worden geoordeeld dat er geen eerlijk proces heeft plaatsgevonden. [appellant] betoogt dat een dergelijke situatie aan de orde is. Hij voert daartoe aan dat de rechtbank fundamentele procedurele voorschriften en waarborgen heeft geschonden. Zo heeft zowel hij als zijn gemachtigde geen uitnodiging ontvangen voor de zitting, heeft hij geen toegang gehad tot het procesdossier en was de rechter ogenschijnlijk partijdig, gelet op zijn nevenfunctie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4007
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202504996/1/A2

202505267/1/R4

Bij besluit van 17 april 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 10 april 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat een gedeelte van de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 199,57, voor rekening van [appellant] komt. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een stuk karton dat op 10 april 2025 is aangetroffen op de stoep ter hoogte van de Herman Costerstraat 363 in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] het stuk karton verkeerd heeft aangeboden omdat daarop een adreslabel zat met daarop zijn naam- en adresgegevens. [appellant] betwist dat hij het stuk karton onjuist heeft aangeboden. Hij stelt dat hij het stuk karton, samen met ander karton en papier, op de avond van 6 april 2025 op de aangewezen plaats en tijd op straat heeft neergezet, zodat het de volgende dag kon worden meegenomen op de papierophaaldag van de gemeente.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4128
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202505267/1/R4

202505502/1/R4

Bij besluit van 18 september 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam zijn beslissing om op 9 september 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Rotterdam 2009 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat de kosten van de toepassing van de bestuursdwang, te weten € 192,00, voor rekening van [appellante] komen. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een kartonnen doos die is aangetroffen in de vulopening van een ondergrondse container ter hoogte van de Clemensstraat 64 in Rotterdam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de kartonnen doos verkeerd heeft aangeboden, omdat haar naam en adres op het adreslabel op de doos staan. [appellante] betwist dat de aangetroffen kartonnen doos leidt tot vervuiling. [appellante] voert daarbij aan dat de aangetroffen kartonnen doos bestaat uit schoon karton, karton door de gemeente doorgaans apart wordt ingezameld en karton ook recyclebaar is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4147
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202505502/1/R4

202505580/1/V6

Bij besluit van 18 december 2023 heeft de minister van Werk en Participatie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een aanvraag van [appellant] om ontheffing van de inburgeringsplicht (de aanvraag) afgewezen. [appellant] is een 37-jarige man uit Libië. Hij is asielstatushouder en is sinds 2017 inburgeringsplichtig. Wegens zijn psychische problematiek heeft [appellant] om ontheffing van zijn inburgeringsplicht gevraagd. Hij lijdt aan een posttraumatische stressstoornis, heeft depressieve klachten, paniekaanvallen en problemen met concentreren, slapen, sociaal contact, informatieverwerking en omgaan met druk. In het besluit van 18 december 2023 heeft de minister de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] volgens het medisch advies van Argonaut van 13 november 2023 in staat is binnen een termijn van vijf jaar het inburgeringsexamen te halen. In de bezwaarfase heeft de medisch adviseur in zijn aanvullend medisch advies van 2 september 2024 opnieuw geconcludeerd dat [appellant] in staat is binnen een termijn van vijf jaar het inburgeringsexamen te halen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4110
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202505580/1/V6

202505788/1/A3

Bij afzonderlijke besluiten van 28 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rucphen twee verzoeken van [appellant] tot openbaarmaking van documenten buiten behandeling gelaten vanwege misbruik van recht. [appellant] heeft op 25 september 2022 en 4 oktober 2022 het college op grond van artikel 4.1, eerste lid, van de Wet open overheid (Woo) verzocht om informatie te verstrekken. De gevraagde informatie ziet op contacten door twee met naam genoemde ambtenaren (medewerker 1 en medewerker 2), beiden werkzaam bij de gemeente met medewerkers van de Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken (SAOZ) en/of met andere ambtenaren van de gemeente over de omleiding Rucphen-Sprundel-St. Willebrord. Bij afzonderlijke besluiten van 20 maart 2024 heeft het college inhoudelijk op de bezwaren beslist. In het besluit over de SAOZ en medewerker 1 heeft het college aangegeven slechts één e-mail in het bezit te hebben die onder de reikwijdte van het verzoek valt en in het besluit over de SAOZ en medewerker 2 heeft het college vastgesteld dat er geen documenten zijn die binnen de reikwijdte vallen. Tijdens de beroepsprocedure werd duidelijk dat het verzoek breder is dan het college in eerste instantie had opgevat. Daarom heeft het college bij besluit van 13 maart 2025 het besluit van 20 maart 2024 gewijzigd, de bezwaren gegrond verklaard en aanvullende documenten openbaar gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4113
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202505788/1/A3

202505816/1/R1

Bij besluit van 30 september 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hoorn locaties aangewezen voor de plaatsing van ondergrondse restafvalcontainers (ORAC’s) en bovengrondse containers voor groente-, fruit- en etensresten ("GFE-cocons"). Het gaat onder meer om de locatie BH43R ter hoogte van Achter de Vest 56 in Hoorn. [appellant] en anderen wonen vlakbij de aangewezen containerlocatie BH43R, die is gesitueerd aan de rand van de binnenstad van Hoorn. Volgens hen is de locatie niet geschikt, onder meer omdat er geen behoefte is aan de afvalcontainers en omdat er meerdere geschiktere alternatieve locaties zijn. Ook vrezen zij voor overlast. [appellant] en anderen stellen zich op het standpunt dat er geen behoefte is aan de afvalcontainers op deze locatie. Volgens [appellant] en anderen zijn er voldoende andere containers aanwezig binnen de loopafstand die de gemeente hanteert. In hun nader stuk hebben [appellant] en anderen hier een eigen analyse over gegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4119
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202505816/1/R1

202505917/1/R2

Bij besluit van 30 september 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heusden het wijzigingsplan "De Oosters, Oudheusden" vastgesteld. Het wijzigingsplan maakt de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk met maximaal 126 woningen mogelijk. Op deze locatie gold eerst op grond van het bestemmingsplan "Oudheusen" de bestemming "Agrarisch". In dat bestemmingsplan is voor deze locatie ook de gebiedsaanduiding "wro-zone - wijzigingsgebied 1" opgenomen. Deze gebiedsaanduiding bepaalt dat het college onder voorwaarden de bestemming mag wijzigen om bijvoorbeeld woningbouw mogelijk te maken. [appellant] exploiteert een agrarisch bedrijf op [locatie] in Elshout. [appellant] kan zich niet vinden in het wijzigingsplan. Hij vreest dat de woningen die mogelijk worden gemaakt, zijn huidige en toekomstige bedrijfsvoering kunnen belemmeren. De Oosters Wonen B.V. is de initiatiefnemer van het wijzigingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4143
Datum uitspraak
15 juli 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202505917/1/R2

BRS.26.002131

Bij besluit van 9 december 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4050
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002131

BRS.26.002485

Bij uitspraak van 12 mei 2026, ECLI:NL:RVS:2026:2657, heeft de Afdeling bestuursrechtspraak het hoger beroep van opposant tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 16 april 2026 in zaak nr. NL25.47539 met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4032
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Verzet
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002485

BRS.26.002651

Bij besluit van 2 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4041
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002651

BRS.26.002699

Bij besluit van 13 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4053
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002699

BRS.26.002758

Bij besluit van 5 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4042
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002758

BRS.26.002859

Bij besluit van 5 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4043
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002859

BRS.26.002901

Bij besluit van 11 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4061
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002901

BRS.26.003022 en BRS.26.003023

Bij besluit van 24 april 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4035
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003022 en BRS.26.003023

BRS.26.003058

Bij uitspraak van 12 juni 2026 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4034
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003058

BRS.26.003077

Bij besluit van 3 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4031
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003077

BRS.26.003196

Bij besluit van 16 april 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4037
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003196

BRS.26.003229

Bij besluit van 16 februari 2026 heeft de ministervan Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4040
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003229

BRS.26.003419

Bij besluit van 30 januari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4077
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003419

202405128/1/R2

Bij besluit van 17 oktober 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Noord-Beveland het verzoek van [appellant A] geweigerd om een bij besluit van 2 juni 2022 verleende omgevingsvergunning voor de bouw van acht gestapelde appartementen op het perceel [locatie], waarvan vier recreatief, te Kamperland, te wijzigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4224
Datum uitspraak
14 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202405128/1/R2

202406290/1/V1

Het betreft een om proceskostenveroordeling in geval van intrekking van het hoger beroep (artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4046
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202406290/1/V1

BRS.26.002439

Bij besluit van 19 november 2024 heeft de minister van asiel en migratie een aanvraag om afgifte van een verblijfsdocument EU/EER als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4020
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002439

BRS.26.002856

Bij besluit van 6 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4033
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002856

BRS.26.002875

Bij besluit van 11 mei 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4008
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002875

BRS.26.002993

Bij besluit van 30 januari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4025
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002993

BRS.26.003118 en BRS.26.003119

Bij besluit van 19 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4015
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003118 en BRS.26.003119

BRS.26.003141

Bij besluit van 31 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4014
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003141

BRS.26.003197

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4019
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003197

BRS.26.003247

Bij besluit van 16 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om betrokkene een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4016
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003247

BRS.26.003279

Bij besluit van 14 januari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4011
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003279

BRS.26.003327

Bij besluit van 10 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4010
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003327

BRS.26.003332

Bij besluit van 11 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4017
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003332

BRS.26.003349

Bij besluit van 10 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4058
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003349

BRS.26.003359

Bij besluit van 5 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4055
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003359

BRS.26.003507

Bij besluit van 7 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4064
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003507

202503459/1/A2

Bij besluit van 12 juli 2024 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven aan [appellante] een tegemoetkoming van € 5.000 uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven toegekend. Bij besluit van 4 november 2023 (lees: 2024) heeft de CSG het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4070
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202503459/1/A2

202504801/1/A2

Bij besluit van 7 augustus 2024 heeft Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven de aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven (Schadefonds) afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4103
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202504801/1/A2

202505793/1/A2

Bij besluit van 23 december 2024 heeft Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven de aanvraag van [appellante] om een tegemoetkoming uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4105
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202505793/1/A2

202505794/1/A2

Bij besluit van 18 december 2024 heeft Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven de aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven (Schadefonds) voor zijn minderjarige zoon afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4101
Datum uitspraak
13 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202505794/1/A2

202402135/3/R2

Bij besluit van 21 december 2023 heeft de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte "Omgevingsplan Laar— Nieuw Laar" gewijzigd vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4004
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202402135/3/R2

202405357/1/V1

Bij besluit van 10 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om betrokkenen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4029
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202405357/1/V1

202501011/1/V3

Bij besluit van 31 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. Deze uitspraak gaat over de vraag of de verplichting die op basis van de removal order op de luchtvaartmaatschappij rust om betrokkene terug te vervoeren naar een plaats buiten Nederland, voldoende is om Turkije op grond van artikel 3, derde lid, tweede streepje, van de Terugkeerrichtlijn aan te merken als land van doorreis en bijgevolg als land van terugkeer in het aanvullend terugkeerbesluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4028
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501011/1/V3

202504768/1/V2

Bij brief van 26 februari 2024 heeft verzoeker de Afdeling bestuursrechtspraak verzocht om herziening van de uitspraak van 26 januari 2023 in zaak nr. 202204586/1/V2, ECLI:NL:RVS:2023:336.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4027
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Herziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504768/1/V2

BRS.26.002601

Bij besluit van 1 mei 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3990
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002601

BRS.26.002984 en BRS.26.003028

Bij besluit van 29 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4002
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002984 en BRS.26.003028

BRS.26.003014

Bij besluit van 30 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3988
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003014

BRS.26.003115

Bij besluit van 22 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en hem opgedragen de Europese Unie binnen vier weken te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3992
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003115

BRS.26.003117

Bij besluit van 22 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en hem opgedragen de Europese Unie binnen vier weken te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3993
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003117

BRS.26.003124

Bij besluit van 10 november 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3994
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003124

BRS.26.003143

Bij besluit van 4 november 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3943
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003143

BRS.26.003201

Bij besluiten van 4 november 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van betrokkenen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4000
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003201

BRS.26.003489

Bij besluit van 28 januari 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4044
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003489

202601902/2/A3

Bij besluit van 17 juni 2024 heeft De Nederlandsche Bank N.V. het verzoek van HRIF om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet open overheid gedeeltelijk toegewezen. DNB heeft de voorzieningenrechter laten weten dat zij wil voorkomen dat zij in navolging van de uitspraak van de rechtbank een nieuw besluit moet nemen. Volgens DNB is het oordeel van de rechtbank onjuist. Daarom is zij in hoger beroep gekomen. Volgens DNB is het niet mogelijk om uitvoering aan de uitspraak te geven, omdat de documenten toezichtvertrouwelijk zijn. Volgens DNB valt toezichtvertrouwelijke informatie niet onder het toepassingsbereik van de Woo, en bestaat er dus geen grondslag om te beoordelen of de documenten voor openbaarmaking in aanmerking komen, en bestaat evenmin een plicht om in het besluit uitgebreid te motiveren waarom documenten toezichtvertrouwelijke informatie omvatten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4036
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202601902/2/A3

202405463/2/R2

[appellant sub 1] en anderen hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Oost­Brabant van 19 juli 2024. Het college en Flex Housing B.V. hebben (voorwaardelijk) incidenteel hoger beroep ingesteld tegen deze uitspraak. Het college van burgemeester en wethouders van Boxtel heeft de vertrouwelijke versie van één gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat alleen de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk. Het betreft het verslag van bevindingen van het Regionale Informatie en Expertise Centrum van 14 december 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4026
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Wet Bibob
  • uitspraakin de zaak202405463/2/R2

202505230/1/A2

Bij besluiten van 10 januari 2023 heeft de Dienst Toeslagen aan [appellante] medegedeeld dat haar zorgtoeslagen over 2015 en 2016 zijn herzien en zijn bepaald op € 0,00. Op 3 september 2024 heeft [appellante] bezwaar gemaakt tegen de besluiten van 10 januari 2023. De Dienst Toeslagen heeft het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard wegens de overschrijding van de bezwaartermijn die liep tot 22 februari 2023. De rechtbank heeft geoordeeld dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4234
Datum uitspraak
10 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202505230/1/A2

202601785/2/R2

Bij besluit van 4 mei 2026 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veldhoven het "TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22e Blaarthemseweg 83" als wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Veldhoven (het wijzigingsbesluit) vastgesteld. Het wijzigingsbesluit ziet op het perceel Blaarthemseweg 83 in Veldhoven, waar zich op dit moment een schoolterrein met een schoolgebouw van één bouwlaag en een naastgelegen parkeerterrein bevindt. Initiatiefnemer C.V. Exploitatie Blaart is eigenaar van het terrein en wil een nieuwe ontwikkeling realiseren. Het gaat dan om de sloop- en nieuwbouw van het schoolgebouw en het toevoegen van maximaal 88 wooneenheden. Het wijzigingsbesluit maakt deze ontwikkeling mogelijk. [verzoekers sub 1], [verzoeker sub 2] en [verzoeker sub 3] en anderen wonen in de directe omgeving van het gebied waarop het wijzigingsbesluit betrekking heeft. Zij zijn het niet eens met de beoogde ontwikkeling en vrezen voor onaanvaardbare gevolgen voor hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4003
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202601785/2/R2

BRS.25.001366

Bij besluit van 25 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat appellant geen verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan in Nederland meer heeft. Ook heeft hij appellant opgedragen om Nederland binnen een maand te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3908
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001366

BRS.25.002633

Verzoeker heeft het hoger beroep ingetrokken en de Afdeling verzocht om de minister van Asiel en Migratie te veroordelen in de bij verzoeker opgekomen proceskosten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3916
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002633

BRS.26.000003

Bij besluit van 3 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3910
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.000003

BRS.26.001297

Bij besluit van 2 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3901
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001297

BRS.26.002592

Bij besluit van 2 mei 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3930
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002592

BRS.26.002735

Bij besluit van 4 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3920
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002735

BRS.26.002841

Bij besluit van 15 april 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3918
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002841

BRS.26.002915

Bij besluit van 22 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3931
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002915

BRS.26.002986

Bij besluit van 1 december 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3986
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002986

BRS.26.003160

Bij besluit van 18 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3915
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003160

BRS.26.003166

Bij besluit van 20 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4024
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003166

BRS.26.003167

Bij besluit van 9 december 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3996
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003167

BRS.26.003191

Bij besluit van 13 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3911
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003191

BRS.26.003338

Bij besluit van 25 juli 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3942
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003338

BRS.26.003396

Bij uitspraak van 2 juni 2026 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3998
Datum uitspraak
9 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003396

202306428/1/V2

Bij besluit van 10 juni 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om betrokkenen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3941
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202306428/1/V2

202505262/1/V1

Bij besluit van 11 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van referent om zijn meerderjarige dochter een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3940
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202505262/1/V1

BRS.25.000775

Bij besluit van 8 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3885
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000775

BRS.25.000827

Bij besluit van 17 april 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3895
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000827

BRS.26.002896 en BRS.26.003401

Bij besluit van 18 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat appellant geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022. De staatssecretaris heeft betrokkene ook opgedragen om de Europese Unie binnen vier weken na 4 september 2023 te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3980
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002896 en BRS.26.003401

BRS.26.002949

Bij besluit van 11 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3880
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002949

BRS.26.002989

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3897
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002989

BRS.26.002990

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3898
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.002990

BRS.26.003098

Bij besluit van 28 mei 2026 heeft de minister van Asielen Migratie de termijn van de aan appellant opgelegde bewaringsmaatregel verlengd met ten hoogste twaalf maanden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3899
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003098

BRS.26.003130

Bij besluit van 25 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3892
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003130

BRS.26.003134

Bij besluit van 6 maart 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3893
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003134

BRS.26.003244

Bij besluit van 27 februari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3891
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003244

BRS.26.003391

Bij besluiten van 9 april 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van verzoekers om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3995
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.003391

202106742/3/R3

Bij tussenuitspraak van 10 september 2025 (de tweede tussenuitspraak) heeft de Afdeling de raad van de gemeente Zwolle opgedragen om binnen 16 weken na verzending van de uitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 4 november 2024 te herstellen. Bij besluit van 24 november 2025 heeft de raad ter uitvoering van de tweede tussenuitspraak het bestemmingsplan "Zwolle, parapluplan bouw- en cultuurhistorie" gewijzigd vastgesteld. De Afdeling heeft in de tweede tussenuitspraak, onder 5.2, geoordeeld dat de raad met het besluit van 4 november 2024 niet aan de opdracht uit de eerste tussenuitspraak van 31 juli 2024 had voldaan. De Afdeling overwoog daartoe dat de raad met de aanpassing van de planregels zijn beoogde doel niet had bereikt, onder meer omdat de sloop van het gebouw daarmee in strijd was. [appellante] betoogt dat uit de aangepaste planregels nog altijd niet duidelijk blijkt of het gebouw gesloopt mag worden. Hoewel uit artikel 30.1, tweede lid, volgt dat de gronden mede bestemd zijn voor het herstel van de historische stedenbouwkundige karakteristiek en het gevelbeeld bij nieuwbouw na sloop, is daarmee volgens haar namelijk nog niet duidelijk geregeld dat het gebouw ook daadwerkelijk gesloopt mag worden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3955
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202106742/3/R3

202200684/3/R4

Bij tussenuitspraak van 19 maart 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1183 heeft de Afdeling de raad van de gemeente Hattem opgedragen om binnen twintig weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 13 december 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Woonzorgzone, Hattem" te herstellen. Bij besluit van 9 juli 2025 heeft de raad ter uitvoering van de tussenuitspraak het bestemmingsplan "Woonzorgzone, Hattem", opnieuw, zij het gewijzigd, vastgesteld (het herstelbesluit). In de tussenuitspraak heeft de Afdeling geoordeeld dat het besluit van 13 december 2021 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Woonzorgzone, Hattem" in strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Awb, artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening en de rechtszekerheid is vastgesteld. Daartoe heeft zij in 9.2 van de tussenuitspraak, kort gezegd, overwogen dat de raad de ruimtelijke gevolgen van de voorziene bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen de bestemming "Maatschappelijk" onvoldoende heeft onderzocht. De stelling van de raad dat de invulling van de voorziene maatschappelijke bestemming met een Integraal Kindcentrum een representatieve invulling van de maximale planologische mogelijkheden betrof, achtte de Afdeling niet aannemelijk gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3976
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202200684/3/R4

202301654/1/R3

Bij besluit van 26 januari 2023 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitengebied - Het Verscholen Dorp" gewijzigd vastgesteld. Het bestemmingsplan betreft een herziening van het bestemmingsplan "Buitengebied 2014" voor zover het gaat om het vakantiepark Het Verscholen Dorp aan de Boslaan 2 in Harderwijk. In het bestemmingsplan "Buitengebied - Het Verscholen Dorp" is artikel 11.1 van de planregels gewijzigd. De functieaanduiding "bedrijfsmatige exploitatie van verblijfsrecreatie" is komen te vervallen. Verder is in dit artikel nu bepaald dat de recreatiewoningen uitsluitend mogen worden opgericht en gebruikt voor eigen recreatief gebruik en dat deze uitsluitend via één gecentraliseerde bedrijfsmatige organisatie in gebruik mogen worden gegeven aan derden ten behoeve van wisselend gebruik. Dit laatste betekent dat, voor zover de eigenaren van de recreatiewoningen deze willen verhuren aan derden, zij dit alleen mogen doen via één centrale organisatie. Deze organisatie is het Bungalowpark.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3973
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202301654/1/R3

202303058/1/A3

Bij besluit van 6 juli 2016 heeft de korpschef van politie het verzoek van [appellant] om openbaarmaking van documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) afgewezen. [appellant] heeft bij brief van 6 oktober 2015 een Wob-verzoek met nummer 0090 ingediend waarin hij openbaarmaking verzoekt van alle documenten die betrekking hebben op FinFisher, Excellence in IT Investigation (of vergelijkbare namen). In het verzoek vermeldt [appellant] onder meer als voorbeelden van documenten onderzoeken, evaluaties, rapportages, overzichten, notulen, beleidsdocumenten, meldingen en mutaties. De korpschef heeft het verzoek van [appellant] afgewezen en de afwijzing in zijn besluit op bezwaar gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3956
Datum uitspraak
8 juli 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202303058/1/A3
vorige pagina1...567...1.260volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon