Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.749
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202502130/1/A2

Bij besluit van 20 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] heeft op 16 augustus 2022 een urgentieverklaring op grond van sociale omstandigheden aangevraagd. Na zijn scheiding is de echtelijke woning aan zijn ex-echtgenote toegewezen. Aan de aanvraag heeft hij onder meer ten grondslag gelegd dat hij wil dat de twee oudste kinderen, geboren [geboortedatum] 2005 en [geboortedatum] 2010, bij hem kunnen wonen. Volgens [appellant] is het verblijf bij hun moeder zeer problematisch en onhoudbaar. Het college heeft zich in de schriftelijke uiteenzetting op het standpunt gesteld dat [appellant] geen procesbelang meer heeft en dat zijn hoger beroep daarom niet-ontvankelijk moet worden verklaard. [appellant] woont sinds 13 oktober 2025 in een zelfstandige sociale huurwoning aan de [locatie] in Amsterdam en staat op dit adres ingeschreven in de Basisregistratie personen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1803
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202502130/1/A2

202502141/1/A2

Bij besluit van 24 oktober 2023 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de vergoeding voor de door [appellante] verleende rechtsbijstand vastgesteld op € 1.163,54. [appellante] heeft als advocaat rechtsbijstand verleend in een asielzaak op basis van een toevoeging met nummer 1JW5491. Bij besluit van 24 oktober 2023 heeft de raad aan [appellante] een vergoeding toegekend voor de door haar verrichte werkzaamheden in de algemene asielprocedure. De raad heeft aan [appellante] geen toeslag verlengde asielprocedure (VA-toeslag) toegekend. De raad heeft zijn besluit om geen VA-toeslag toe te kennen, gebaseerd op artikel 5a, tweede lid, van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000 (Bvr), zoals dat geldt vanaf 1 september 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1804
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202502141/1/A2

202502232/1/A2

Bij besluiten van 8 september 2022 heeft de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening een aanvraag van [appellante] ([appellante]) om een definitieve investeringsverklaring voor haar investering in 30 woningen in een (zorg)complex in Heemstede afgewezen. [appellante] is een toegelaten instelling, zoals bedoeld in artikel 19 van de Woningwet. In het kader van haar takenpakket heeft zij opdracht gegeven tot realisatie van het project Slottuin. Binnen dit project zijn, onder meer, 30 woningen gerealiseerd die worden verhuurd aan Stichting Zorgbalans (Zorgbalans), die op haar beurt de woningen ter beschikking stelt aan haar cliënten die zijn geïndiceerd op grond van de Wet langdurige zorg (de Wlz). [appellante] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de zorgwoningen niet kunnen worden aangemerkt als voor verhuur bestemde woonruimten. De 30 woningen zijn zelfstandige wooneenheden. [appellante] verhuurt de woningen aan Zorgbalans, in de zin van artikel 7:201 van het BW. Alleen al deze omstandigheid maakt dat de woningen voor verhuur zijn bestemd. De rechtbank heeft over de huurovereenkomst tussen haar en Zorgbalans ten onrechte overwogen dat deze niet ziet op de huur van woningen, maar op de huur van een complex als bedrijfsruimte, aldus [appellante].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1807
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202502232/1/A2

202502931/1/A3

Bij besluit van 23 juli 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van [appellant] om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag (VOG) afgewezen. [appellant] wil als taxichauffeur werken en heeft daarom op 1 mei 2024 een VOG voor een chauffeurskaart aangevraagd. De staatssecretaris heeft de afgifte van de VOG geweigerd en deze weigering in bezwaar gehandhaafd. Daaraan heeft hij ten grondslag gelegd dat [appellant] volgens registratie in het Justitieel Documentatie Systeem (JDS) onherroepelijk is veroordeeld voor onder meer het medeplegen van heling, het overtreden van de Wet wapens en munitie, diefstal in vereniging met braak, het aanwezig hebben van drugs, openlijke geweldpleging, belediging van een ambtenaar in functie en diverse verkeersovertredingen. Volgens de staatssecretaris is daarmee niet voldaan aan het objectieve criterium. Gelet op het plegen van strafbare feiten die bij uitstek niet te verenigen zijn met het doel van de aanvraag, weegt volgens de staatssecretaris het belang van de samenleving bij bescherming zwaarder dan het belang van [appellant] bij het verkrijgen van de VOG.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1806
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Hoger beroep
  • Verklaring omtrent gedrag
  • uitspraakin de zaak202502931/1/A3

202502979/1/A2

Bij besluit van 31 januari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] woont sinds 2011 met zijn echtgenote en twee minderjarige kinderen, in een tweekamerwoning van circa 44 m², gelegen aan het [locatie] te Amsterdam. Sinds 2018/2019 ondervindt het gezin structurele problemen met schimmelvorming in de woning. [appellant] heeft op grond van medische omstandigheden een aanvraag om urgentie ingediend. Het college heeft de aanvraag van [appellant] afgewezen. Op grond van artikel 2.10.5, eerste lid, onder b, c en d van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 (Hvv) weigert het college een urgentieverklaring te verlenen als het urgente huisvestingsprobleem niet aanwezig is, het huisvestingsprobleem kan worden voorkomen of op andere wijze kan worden opgelost door gebruik te maken van een ander voorziening. [appellant] keert zich tegen het oordeel van de rechtbank dat het college terecht de urgentieverklaring heeft geweigerd en mocht afzien van toepassing van de hardheidsclausule.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1845
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202502979/1/A2

202503192/1/A3

Bij besluit van 24 augustus 2023 heeft de burgemeester van Tilburg aan De Baron een alcoholwetvergunning en een exploitatievergunning verleend. De Baron exploiteert een brasserie en restaurant in Udenhout. Daarvoor heeft zij een alcoholwet- en exploitatievergunning aangevraagd, die de burgemeester allebei heeft verleend. Met deze vergunningen heeft de burgemeester De Baron toegestaan dat zij alcohol mag schenken. Ook mag zij een café/restaurant met twee terrassen exploiteren. [partij A] en anderen zijn het er niet mee eens. Volgens hen had de exploitatievergunning niet verleend mogen worden, omdat de woon- en leefsituatie in de omgeving op ontoelaatbare wijze wordt beïnvloed.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1820
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202503192/1/A3

202503642/1/A2

Bij besluit van 28 mei 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven het verkeersbesluit "nul-emissiezone Eindhoven 2025" vastgesteld. Deze uitspraak gaat over het verkeersbesluit van 28 mei 2024 waarbij het college heeft besloten tot het instellen van een nul-emissiezone voor bedrijfs- en vrachtauto’s per 1 januari 2025 binnen de stadsring van Eindhoven. Een nul-emissiezone betekent dat deze voertuigen uitstootvrij moeten zijn om in de zone te rijden. De uitspraak gaat in het bijzonder over de vraag of het bedrijventerrein aan de Hallenweg uitgezonderd zou moeten worden van de ingestelde nul-emissiezone. [appellant] en anderen hebben beroep ingesteld tegen het verkeersbesluit van 28 mei 2024. Zij zijn ondernemers die hun bedrijf uitoefenen binnen het bedrijventerrein aan de Hallenweg, gelegen binnen de stadsring.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1835
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202503642/1/A2
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202503642/1/A2

202504084/1/R3

Bij besluit van 20 mei 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan Provast Groep Ontwikkeling B.V. (Provast) een omgevingsvergunning verleend voor de bouw en voor de activiteit ‘handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening’ ten behoeve van een woon/kantoortoren met commerciële plint aan het Delftseplein naast het centraal station in Rotterdam. De aanvragen van Provast hebben betrekking op de realisatie van een woon/kantoortoren met commerciële plint aan het Delftseplein (het Tree House). De voorziene toren ligt in het gebied Rotterdam Central District, dat op grond van artikel 2.18 van de Chw aangewezen is als ‘lokaal project van nationale betekenis’. De voorziene toren heeft 37 verdiepingen en een totale hoogte van ongeveer 133 meter. De voorziene toren bestaat uit een souterrain met een ondergrondse fietsparkeergarage, een commerciële plint op de begane grond en de 1e verdieping, acht kantoorverdiepingen op de 2e tot en met de 9e verdieping, een ruimte voor techniek en een kantoorruimte op de 10e verdieping en 299 woningen op de 11e tot en met de 37e verdieping. Bewonersvereniging Provenierswijk en anderen betogen dat er geen participatie heeft plaatsgevonden met hen, terwijl het Tree House grote milieueffecten zal hebben.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1836
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202504084/1/R3
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202504084/1/R3

202505740/1/R4

Bij besluit van 3 oktober 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk zijn beslissing om op 23 september 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening gemeente Rijswijk 2021 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 159,05 voor rekening van [appellante] komen. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een afvalzak met daarin een papierstuk, die op 23 september 2025 is aangetroffen naast de ondergrondse afvalcontainers ter hoogte van de Prins Johan Friso Promenade 111 in Rijswijk. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de afvalzak met daarin een papierstuk, verkeerd heeft aangeboden, omdat haar naam en adres op het papierstuk staan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1829
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202505740/1/R4

202505870/1/A2

Bij beslissing van 14 juli 2025 heeft de examencommissie van de opleiding International Business van de Hogeschool van Amsterdam aan [appellante] een negatief bindend studieadvies (hierna: NBSA) gegeven. [appellante] is in het studiejaar 2023/24 begonnen met de opleiding International Business aan de Hogeschool van Amsterdam. De examencommissie geeft aan iedere student aan het einde van diens eerste jaar van inschrijving voor de propedeutische fase van de opleiding advies over de voortzetting van de opleiding. Ingevolge artikel 5.1, derde lid, van de Onderwijs- en Examenregeling van de HvA heeft dit advies een negatief bindend karakter als de student minder dan 50 studiepunten uit de propedeutische fase heeft behaald aan het einde van het eerste jaar. In het studiejaar 2023/24 heeft [appellante] problemen gehad met haar visum. In dat studiejaar, waarin zij de studievoortgangsnorm niet had gehaald, is de verplichting tot het geven van een advies opgeschort.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1817
Datum uitspraak
1 april 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505870/1/A2
vorige pagina1...456...12.375volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon