Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 126.046
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202402173/1/R2

Bij besluit van 28 april 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Baarle-Nassau de aan [appellant] mondeling opgelegde bouwstop bevestigd en [appellant] preventief gelast om geen bouwwerkzaamheden voor de bouw van een recreatiewoning op het perceel [locatie] in Baarle-Nassau zonder omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken van het bestemmingsplan "Buitengebied 2008" uit te voeren. Daaraan heeft het een dwangsom van € 20.000,00 ineens verbonden. [appellant] is eigenaar van het perceel [locatie]. Dit perceel ligt op recreatiepark De Kievit in Baarle-Nassau. Volgens het college dreigde [appellant] zonder de benodigde omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken van het bestemmingsplan bouwwerkzaamheden voort te zetten voor de bouw van een recreatiewoning op zijn perceel, is de permanente bewoning in strijd met het bestemmingsplan en is de recreatiewoning zonder de benodigde omgevingsvergunning voor bouwen en afwijken van het bestemmingsplan gebouwd en in stand gelaten. Het college heeft [appellant] daarom, binnen een periode van zes maanden, een bouwstop, een preventieve last onder dwangsom en twee lasten onder dwangsom opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4860
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202402173/1/R2

202403045/1/R2

Bij besluit van 18 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Maashorst geweigerd om aan [appellante] een omgevingsvergunning te verlenen voor het plaatsen van een tijdelijke woonunit voor de duur van twee jaar op het perceel aan de [locatie] in Odiliapeel. [appellante] wil een kleinschalige zorgboerderij met een hondenkennel, een hondenfokkerij en dagbesteding realiseren op het perceel, waar een bedrijfsgebouw en een bedrijfswoning van een voormalige varkenshouderij staan. Om de hondenfokkerij te realiseren wil [appellante] het bedrijfsgebouw en de bedrijfswoning verbouwen. Tijdens de verbouwing wenst [appellante] een tijdelijke woonunit als woonruimte te gebruiken. Het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Partiële herziening buitengebied 2017" laat geen tweede woonfunctie toe op het perceel. Daarom heeft [appellante] een omgevingsvergunning aangevraagd voor het afwijken van het bestemmingsplan en het plaatsen van de tijdelijke woonunit. [appellante] is het niet eens met het besluit van het college van B&W en vindt dat een hondenfokkerij niet in strijd is met de bestemming "Agrarisch" en de functieaanduiding "intensieve veehouderij".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4854
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202403045/1/R2

202405427/1/R2

Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van de gemeente Maashorst van 27 juni 2024, waarbij het bestemmingsplan ‘[locatie] te Zeeland’ is vastgesteld. Wat [appellant] in beroep heeft aangevoerd, geeft geen aanleiding voor het oordeel dat het bestemmingsplan in strijd met het recht is vastgesteld. In deze procedure gaat het over het vastgestelde bestemmingsplan ‘[locatie] te Zeeland’. Dat er voorafgaand hieraan een poging is gedaan om de duivenhokken te legaliseren via een omgevingsvergunningsprocedure en wat daar toen is gebeurd of nagelaten, staat in deze procedure dus niet ter beoordeling. Het bestemmingsplan is voorbereid met toepassing van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure. In overeenstemming met deze procedure is [appellant] in de gelegenheid gesteld om een zienswijze op het ontwerpplan naar voren te brengen. Dat heeft [appellant] ook gedaan. De raad heeft deze zienswijze betrokken bij de vaststelling van het plan en heeft in de nota van zienswijze behorende bij dit plan uiteengezet waarom dit niet tot een ander besluit heeft geleid. Daarmee heeft de raad voor dit plan de juiste procedure gevolgd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4915
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Mondelinge uitspraak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202405427/1/R2

202405769/1/R1

De Afdeling bestuursrechtspraak heeft in een tussenuitspraak van vandaag (19 augustus 2026) de gemeenteraad van Amsterdam opgedragen om binnen een half jaar drie gebreken te herstellen in het bestemmingsplan 'Mercatorpark'. Dat plan maakt ongeveer zeshonderd woningen mogelijk en een integraal kindcentrum, winkels en horeca. Sportfondsen-Amsterdam-West die erfpachter en huurder is van percelen in het gebied, en de exploitant van een KFC-restaurant in ‘Sportplaza Mercator’ waren tegen het plan in beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak. Volgens hen zal door het plan parkeeroverlast ontstaan, omdat de bestaande eigen parkeerplaatsen verdwijnen en er alleen openbare parkeergelegenheid overblijft. Het KFC-restaurant vindt ook dat er te weinig rekening is gehouden met de geluidsoverlast vanwege het restaurant en de laad- en loszone. Naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak mag de gemeenteraad de woningbouwbehoefte weliswaar zwaarder laten wegen dan het behoud van de bestaande parkeerplaatsen, maar de gemeenteraad moet dan wel duidelijk maken dat er voldoende parkeergelegenheid overblijft. De gemeenteraad heeft daarvoor de bestaande parkeerbehoefte berekend, maar daar een kortingspercentage van 40% op toegepast. Die korting heeft de gemeenteraad echter niet onderbouwd met actuele cijfers over de zogeheten verkeersgeneratie. Dat is wel vereist op grond van het eigen gemeentelijke beleid. Bij het vaststellen van het bestemmingsplan had de gemeenteraad ook geen onderzoek gedaan naar de geluidsbelasting van de bestelpaal van het KFC-restaurant en de invloed daarvan op de te bouwen woningen. Kort voor de rechtszitting in juni kwam dat onderzoek er alsnog, maar dat is naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak te laat. De gemeenteraad krijgt nu de opdracht om aan de hand van dat onderzoek te beoordelen of het plan moet worden aangepast. Ten slotte moet de gemeenteraad nader onderzoek doen naar de laad- en loszone bij het KFC-restaurant. Die bestaande laad- en loszone wordt met het bestemmingsplan verkleind. Het is de vraag of KFC daardoor nog verkeersveilig kan laden en lossen. Het gevolg van de tussenuitspraak is dat nog niet duidelijk is of het woningbouwplan mag doorgaan. Daarvoor zal de gemeenteraad het bestemmingsplan eerst nog moeten aanpassen. Daarna zal de Afdeling bestuursrechtspraak beoordelen of de gemeenteraad daarmee de gebreken in dit plan heeft hersteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4870
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202405769/1/R1
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202405769/1/R1

202406042/1/R2

Bij besluit van 18 juli 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Altena de aanvraag van [appellanten] voor een omgevingsvergunning voor een bijgebouw aan de [locatie] afgewezen. [appellanten] hebben in 2017 de recreatiewoning en het perceel aan de [locatie] aangekocht. In 2022 hebben zij de planken van het houten platform en het bijgebouw vervangen. Zij hebben bij het college een legaliserende aanvraag ingediend om een omgevingsvergunning voor dat bijgebouw. Deze aanvraag is door het college afgewezen. De rechtbank heeft in haar uitspraak ten eerste gekeken of het college zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat het bouwplan niet past binnen het geldende bestemmingsplan. [appellanten] betogen dat de rechtbank ten onrechte niet heeft onderkend dat zij bij de aankoop van het perceel navraag hebben gedaan bij de gemeente of zij bekend zijn met eventuele onregelmatigheden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4848
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202406042/1/R2

202406452/3/R3

Bij tussenuitspraak van 21 januari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:370, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Hoeksche Waard opgedragen om binnen 16 weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omgeschreven gebreken in het besluit van 17 september 2024 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Margrietstraat 2-Graaf Van Egmondstraat 46-48 Oud-Beijerland" te herstellen. Over het besluit van 17 september 2024 heeft de Afdeling in de tussenuitspraak onder 9.3 overwogen dat onduidelijk was of de verkeersintensiteit na uitvoering van het plan de maximale capaciteit van de wegen rondom het plangebied niet overschrijdt. De Afdeling heeft daarom geoordeeld dat de raad onvoldoende gemotiveerd heeft dat het plan geen onaanvaardbare verkeersoverlast tot gevolg heeft. Gelet hierop heeft de Afdeling geoordeeld dat de raad het besluit van 17 september 2024 in strijd met artikel 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht heeft genomen. De Afdeling heeft onder 19 van de tussenuitspraak de raad opdracht gegeven dit gebrek te herstellen. Het herstelbesluit 3. De raad heeft verkeerstellingen uitgevoerd op de Margrietstraat, de Croonenburgh en het Pad van Jongejan. In de "Memo verkeersgeneratie bestemmingsplan ‘Margrietstraat 2-Graaf Van Egmondstraat 46-48 Oud-Beijerland’" geeft de raad aan op welke wijze de uitkomst van de verkeerstellingen wordt verwerkt in de plantoelichting. Daarnaast zijn de verkeerstellingen als bijlagen bij de plantoelichting gevoegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4874
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Geluid
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202406452/3/R3
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202406452/3/R3

202406534/1/R3

Bij besluit van 10 september 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Albrandswaard het wijzigingsplan "Dorpsdijk Rhoon" vastgesteld. Het wijzigingsplan maakt de bouw van maximaal 69 woningen in de vorm van gestapelde bouw met appartementen alsmede 120 m2 aan zorg of maatschappelijke functie op de percelen Dorpsdijk 116-130 in Rhoon (Palsgraaflocatie) mogelijk. Het wijzigingsplan is gebaseerd op artikel 35.3 van de regels van het bestemmingsplan "Rhoon Dorp" van 14 juli 2014 (bestemmingsplan). [appellanten sub 1] en [appellant sub 2] en anderen wonen in de directe omgeving van het plangebied en komen tegen het wijzigingsplan op vanwege de gevolgen daarvan voor hun woonsituatie. Kavel Vastgoed III is eigenaar van gronden in het plangebied en ontwikkelaar van de woningbouw. [partij B] is ook eigenaar van gronden in het plangebied. [partij A] woont aan de [locatie], naast de planlocatie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4858
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202406534/1/R3
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202406534/1/R3

202407191/1/R3

Bij besluit van 17 oktober 2024 heeft de raad van de gemeente Rotterdam het bestemmingsplan "Park OverdeSchie" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de herontwikkeling van het terrein van het tennispark OverdeSchie in Rotterdam, naar woningen. Het plan maakt de bouw van maximaal 48 woningen mogelijk. Het voornemen is om 16 appartementen en 32 grondgebonden woningen te realiseren. [appellant] woont op het perceel [locatie], ten noorden van het plangebied. Hij kan zich niet met het plan verenigen. [appellant] betoogt dat het plan niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid, omdat er geen deugdelijke participatie heeft plaatsgevonden. Hij wijst erop dat uit het participatiebeleid van de gemeente Rotterdam "Betrokken Stad" volgt dat een burger vanaf het eerste begin van een idee daarbij moet worden betrokken, terwijl daar geen sprake van is geweest.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4859
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202407191/1/R3
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202407191/1/R3

202501883/1/A3

Bij besluit van 6 oktober 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden het handhavingsverzoek van [appellant] afgewezen. [appellant] woont aan de [locatie 1] in Schelluinen. Zijn woning grenst aan het perceel van de maatschap en de toegangsweg naar dat perceel. De maatschap exploiteert op het perceel [locatie 2] een veehouderij. [appellant] ervaart overlast van jongeren die privéfeesten houden in de ruimte boven de veestal van de maatschap (de bedrijfskantine). Hij woont op een afstand van 45 meter van deze veestal. Op 1 juli 2020 heeft hij bij het college een verzoek om handhaving ingediend, waarbij hij het college mede heeft verzocht om maatwerkvoorschriften aan de maatschap op te leggen. Het college heeft dit verzoek afgewezen, omdat tijdens de controles op vrijdag 7 en zaterdag 15 augustus 2020 geen overtredingen zijn geconstateerd. In het besluit van 31 augustus 2021 heeft het college het bezwaar van [appellant] ongegrond verklaard. De rechtbank heeft dit besluit rechtmatig geacht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4878
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202501883/1/A3

202502818/1/A2

Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam moet een nieuw besluit nemen of een gezin met twee jonge, zieke kinderen voor een urgentieverklaring in aanmerking komt. Met zo'n verklaring komt het gezin sneller in aanmerking voor een (andere) sociale huurwoning. De ouders vroegen de urgentieverklaring aan omdat zij met twee ernstige zieke kinderen in een woning op de derde verdieping wonen. De kinderen moeten regelmatig geopereerd worden. Ze slapen in een stapelbed, maar de oudste zoon kan door zijn aandoening niet zelf in het bovenste bed komen. Ook het appartement zelf is lastig te bereiken, omdat de lift vaak stuk is waardoor de ouders de kinderen moeten tillen. De oudste zoon heeft daarbij autisme en gedragsproblemen. Dit heeft tot psychische klachten geleid bij een van de ouders. Het college van B&W heeft de gevraagde urgentieverklaring afgewezen, omdat de ouders schulden hebben die niet zijn geregeld. Ook vindt het college dat het de hardheidsclausule niet hoeft toe te passen. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het college de hardheidsclausule alleen in zeer uitzonderlijke situaties hoeft toe te passen, gelet op het grote tekort aan sociale huurwoningen in Amsterdam en het belang van een rechtvaardige verdeling van beschikbare woonruimte. In Amsterdam geldt daarbij dat als aanvragers een beroep doen op medische problematiek, uit een verklaring van een medisch specialist moet volgen dat sprake is van een acuut levensbedreigend probleem. De Afdeling bestuursrechtspraak is van oordeel dat het college in dit uitzonderlijke geval aanleiding had moeten zien om de GGD-arts om advies te vragen in het kader van de hardheidsclausule. Zij neemt daarbij in aanmerking dat de huidige woonsituatie een zeer beperkende negatieve invloed heeft op het herstel van de kinderen na hun operaties. De ernstige vorm van autisme van de oudste zoon heeft ook negatieve gevolgen voor de jongste zoon en voor een van de ouders die door de ziekte van de kinderen en de woonsituatie een psychische stoornis heeft ontwikkeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4850
Datum uitspraak
19 augustus 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202502818/1/A2
vorige pagina12345...12.605volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon