Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 126.853
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202504260/1/A2(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij besluit van 7 september 2023 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven (CSG) de aanvraag van [wederpartij] om een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven (Schadefonds) afgewezen. [wederpartij] heeft op 30 maart 2023 bij de CSG een aanvraag om een uitkering uit het Schadefonds ingediend. Hij heeft aan de aanvraag ten grondslag gelegd dat hij geboren is uit incestueus seksueel misbruik van zijn (destijds) minderjarige moeder door haar vader. Zijn biologische vader is dus ook zijn grootvader en de biologische vader van zijn moeder. Zowel [wederpartij] als zijn moeder hebben een leven vol psychische problemen hieraan overgehouden. De CSG heeft bij besluit van 7 september 2023, gehandhaafd bij besluit van 7 december 2023, de aanvraag afgewezen, omdat het seksueel misbruik van de moeder van [wederpartij] niet aangemerkt kan worden als een tegen [wederpartij] opzettelijk gepleegd geweldsmisdrijf. De Wet schadefonds geweldsmisdrijven voorziet volgens de CSG niet in recht op financiële compensatie voor een ongeboren kind. Ook kan [wederpartij] niet als waarnemer van het seksueel misbruik van zijn moeder worden aangemerkt, omdat hij niet vanuit eigen waarneming en/of herinnering kan verklaren wat zijn moeder is overkomen.

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Hoger beroep
  • Geld
  • Schadevergoeding
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202504260/1/A2

202504532/1/R1(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij besluit van 31 januari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een omgevingsvergunning aan [bedrijf A] verleend voor onder meer het maken en hebben van een uitweg, het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht en het bouwen van een toegangspoort op het perceel aan de [locatie 1] in Weesp. [appellante] woont aan de [locatie 2] in Weesp. Zij houdt op dat adres ook haar kantoor. [bedrijf A] is eigenaar van het perceel [locatie 1]. Op dat perceel staat een kerkgebouw dat onder meer in gebruik is als horecagelegenheid, brouwerij en yogastudio. Daarvoor heeft het college op 22 februari 2017 een omgevingsvergunning verleend. Ten noorden van het kerkgebouw staan ten tijde hier van belang twee woningen in het zogenoemde Laurentiushof. Aan de westzijde daarvan ligt de Kerklaan met parallel daaraan een historische kerktuinmuur. [bedrijf A] heeft op 24 oktober 2022 een omgevingsvergunning aangevraagd voor onder meer het maken van een opening in de kerktuinmuur en de bouw van een afsluitbare toegangspoort, zodat voertuigen vanaf de Kerklaan toegang hebben tot het perceel en de daarop aanwezige parkeerplaatsen.

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Hoger beroep
  • RO - Noord-Holland
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202504532/1/R1

202504863/1/A3(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij besluit van 16 april 2025 heeft de burgemeester van Oudewater op grond van artikel 13b van de Opiumwet besloten om de woning van [appellant A] en [appellant B] aan de [locatie] in Oudewater voor de duur van drie maanden te sluiten. [appellant A] en [appellant B] zijn eigenaren van het perceel [locatie] in Oudewater. Op het perceel staan verschillende gebouwen, waaronder een hoofdwoning, een seniorenwoning en een kattenpension. [appellant A] en [appellant B] wonen in de seniorenwoning en exploiteren het kattenpension. Hun zoon maakte sinds 2022 met zijn gezin gebruik van de hoofdwoning. In een bestuurlijke rapportage van 7 maart 2025 staat dat de politie op 22 februari 2025 de hoofdwoning heeft doorzocht. Daarbij zijn 112,20 gram amfetamine, 804,10 gram hennep en twee luchtbuksen en wapentoebehoren aangetroffen. De burgemeester heeft daarom bij besluit van 16 april 2025 besloten om op grond van artikel 13b van de Opiumwet de hoofdwoning vanaf 29 april 2025 om 10:00 uur voor de duur van drie maanden te sluiten. De sluiting van de woning heeft tot op heden niet plaatsgevonden, omdat de voorzieningenrechter van de rechtbank en later de voorzieningenrechter van de Afdeling de burgemeester heeft opgedragen niet over te gaan tot sluiting van de woning totdat uitspraak is gedaan op het (hoger) beroep van [appellant A] en [appellant B].

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Hoger beroep
  • Drugs

202505029/1/A2(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij besluit van 16 januari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht aan [appellante], handelend onder de naam [naam bedrijf], een bestuurlijke boete en een last onder dwangsom opgelegd. [appellante] is sinds 2017 eigenaar van zes arken. De arken hebben met toestemming van de gemeente Vijfheerenlanden tot medio juni 2020 in de passantenhaven van Vianen gelegen. [appellante] heeft de arken vervolgens in de Industriehaven in Utrecht afgemeerd. Zij had tot 1 oktober 2020 toestemming om de arken daar af te meren. Ook na deze datum heeft [appellante] de arken in de Industriehaven laten liggen. Het college heeft [appellante] daarop gelast om de arken uit de Industriehaven te verwijderen. De procedure hierover heeft geleid tot de uitspraak van de Afdeling van 28 mei 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2471. Met deze uitspraak staat in rechte vast dat de arken na 1 oktober 2020 niet in de Industriehaven mochten liggen. Op de zitting van de Afdeling heeft [appellante] toegelicht dat de arken inmiddels zijn weggesleept en vernietigd. In geschil is of het college aan [appellante] een bestuurlijke boete en een last onder dwangsom mocht opleggen. Ook is in geschil of het college mocht overgaan tot invordering van de verbeurde dwangsom. Op 9 november 2023 hebben handhavers van het college geconstateerd dat in totaal zes units in de [arken] ([naam ark A] tot en met [naam ark B]) en [naam ark C] zonder registratienummer worden aangeboden voor toeristische verhuur. Op het moment van de controle was unit [naam ark A] verhuurd via Airbnb en werd unit [naam ark C] bewoond door de zoon van [appellante].

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Hoger beroep
  • Boete
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom

202505036/1/R1(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij besluit van 9 november 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Uithoorn aan [appellante] een bouwstop en een last onder dwangsom opgelegd vanwege bouwwerkzaamheden zonder een daarvoor benodigde omgevingsvergunning op het perceel [locatie] in Uithoorn. [appellante] is eigenaar geweest van het perceel [locatie] in Uithoorn. Op dat perceel was vroeger een hotel gevestigd. Eind 2023 is [appellante] zonder omgevingsvergunning begonnen met het realiseren van een aanbouw aan het hoofdgebouw op het perceel. Volgens het college was dit niet toegestaan, omdat daarmee de maximale oppervlakte aan vergunningsvrije bijbehorende bouwwerken op het perceel werd overschreden. Het college heeft daarom een bouwstop en een last onder dwangsom opgelegd. Het college heeft geconstateerd dat [appellante] vervolgens verder is gegaan met de bouwwerkzaamheden en heeft daarom een besluit tot invordering van de dwangsom genomen. [appellante] heeft het perceel inmiddels verkocht en is niet langer eigenaar van het perceel.

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom

202505152/1/A3(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij uitspraak van 10 april 2024, in zaak nr. 202204323/1/A3 (ECLI:NL:RVS:2024:1438) heeft de Afdeling het hoger beroep van [verzoeker] tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 3 juni 2022 in zaak nr. 21/2456 ongegrond verklaard. [verzoeker] heeft de Afdeling verzocht die uitspraak te herzien. [verzoeker] heeft de Nederlandse nationaliteit en woont in [woonplaats], Bulgarije. Zijn Bulgaarse verblijfsvergunning is geldig tot 27 februari 2030. [verzoeker] heeft een aanvraag gedaan om zijn Nederlandse paspoort te vernieuwen. De minister van Buitenlandse Zaken heeft de aanvraag afgewezen omdat [verzoeker] staat vermeld in het Register Paspoortsignaleringen van de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Hij is in het Register opgenomen op verzoek van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) omdat hij een betalingsachterstand van zijn studieschuld zou hebben. [verzoeker] heeft aangevoerd dat dat niet klopt, omdat zijn studieschuld inmiddels verjaard is en de DUO dus geen vordering meer heeft.

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Herziening
  • Hoger beroep
  • Paspoort

202505333/1/A3(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij besluit van 1 oktober 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van [verzoeker] om een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) afgewezen. Op 1 oktober 2024 heeft de staatssecretaris de aanvraag om een VOG afgewezen. In het Justitieel Documentatie Systeem heeft de staatssecretaris aangetroffen dat [verzoeker] in aanraking is gekomen met de politie wegens diefstal in vereniging met braak en gewoonteheling. Op het moment dat de aanvraag werd afgewezen was de zaak nog niet inhoudelijk behandeld. Tegen deze beslissing heeft [verzoeker] bezwaar gemaakt en na de ongegrond verklaring daarvan beroep ingesteld. De rechtbank heeft met de uitspraak van 22 augustus 2025 het beroep van [verzoeker] ongegrond verklaard. De staatssecretaris heeft op 21 november 2025 kennisgenomen van het feit dat het Openbaar Ministerie (OM) de zaak tegen [verzoeker] heeft geseponeerd. Nadat [verzoeker] op 6 oktober 2025 hoger beroep had ingesteld heeft de staatssecretaris alsnog een VOG aan [verzoeker] toegekend. [verzoeker] heeft vervolgens zijn hoger beroep ingetrokken en verzocht om een vergoeding van de door hem gemaakte proceskosten.

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Verklaring omtrent gedrag

202505747/1/A3(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij besluit van 17 mei 2023 heeft de burgemeester van Arnhem geweigerd om Maansteen een terrasvergunning te verlenen. Maansteen heeft sinds 14 december 2021 een exploitatievergunning voor het exploiteren van een inrichting in het pand aan de Korenmarkt 42 in Arnhem. In dit pand, dat is gelegen aan het middenplein, was voorheen een filmhuis gevestigd dat geen terras had. Maansteen was voornemens om terrasruimte in gebruik te nemen, maar de volledige terrasruimte aan het middenplein was op dat moment al vergund aan exploitanten van andere openbare inrichtingen gevestigd aan het middenplein van de Korenmarkt. Om in het kader van de verdeling van schaarse vergunningen ruimte te maken voor Maansteen, startte de burgemeester in november 2021 een traject om samen met de exploitanten op de Korenmarkt te komen tot een nieuwe verdeling van de beschikbare terrasruimte. Dit traject moest leiden tot het nieuwe terrassenbeleid. Omdat het traject niet leidde tot een algeheel gedragen uitkomst, heeft de burgemeester zelf het nieuwe terrassenbeleid vastgesteld. Dit beleid is op 17 oktober 2023 in werking getreden.

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202505747/1/A3

202505758/1/A2(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij besluit van 9 februari 2024 heeft de directeur-generaal van de statistiek een last onder dwangsom opgelegd. [appellant] heeft een eenmansbedrijf met accommodaties voor recreatie op het adres [locatie]. Deze procedure is gaan lopen omdat [appellant] de vragenlijst Inventarisatie Logiesaccommodaties 2024 niet aan het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft teruggestuurd. Hij is daartoe verplicht op grond van artikel 33, derde en vierde lid, van de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek. Het geschil gaat over de vraag of het bezwaar van [appellant] tegen het besluit van 9 februari 2024 (de last onder dwangsom) ontvankelijk is. De termijn voor het indienen van het bezwaarschrift liep tot en met 25 maart 2024. [appellant] heeft op 9 april 2024 bezwaar gemaakt tegen de last onder dwangsom.

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom

202505885/1/V6(uitspraak wordt op woensdag 7 oktober 10:15 uur gepubliceerd)

Bij besluit van 23 augustus 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven het persoonlijk plan inburgering en participatie (het PIP) van [appellant] vastgesteld en bepaald dat zij de B1-leerroute gaat volgen. [appellant] heeft de Filipijnse nationaliteit en is sinds november 2023 inburgeringsplichtig. Het college heeft op 23 augustus 2024 het PIP vastgesteld en bepaald dat [appellant] de B1-leerroute moet volgen. De B1-route heeft als doel dat de inburgeringsplichtige binnen drie jaar de Nederlandse taal beheerst op B1-niveau. Daarnaast heeft het college in het PIP vastgelegd dat [appellant] gedurende 12 uur moet deelnemen aan een participatieverklaringstraject (PVT) bij Vluchtelingenwerk Eindhoven en dat zij de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) moet volgen. Die module bestaat uit theoretische lessen over de Nederlandse arbeidsmarkt. Daarnaast moet [appellant] 40 uur werkervaring op de Nederlandse arbeidsmarkt opdoen. [appellant] moet binnen een termijn van drie jaar aan haar verplichtingen uit het PIP voldoen. Omdat zij stelt niet aanwezig te kunnen zijn bij deze verplichte onderdelen van het PIP, heeft [appellant] tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Volgens [appellant] is haar echtgenoot namelijk volledig afhankelijk van haar, omdat hij door zijn ziekte 24 uur per dag door haar verzorgd moet worden.

Datum uitspraak
7 oktober 2026
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
vorige pagina12345...12.686volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon