Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 102.758
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

BRS.25.002414

Bij besluit van 6 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1888
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002414

BRS.26.000415

Bij besluit van 29 december 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1880
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.26.000415

BRS.26.001292

Bij besluit van 12 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1913
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001292

BRS.26.001452

Bij besluit van 23 december 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1884
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.26.001452

202201436/1/V6

Bij besluit van 25 april 2019 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een verzoek van [appellant] om verlenging van de inburgeringstermijn afgewezen. Bij besluit van 23 juni 2021 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een verzoek van [appellant] om terug te komen van het besluit van 25 april 2019 afgewezen. Bij brief van 27 november 2015 heeft de minister [appellant] meegedeeld dat zij inburgeringsplichtig is, haar inburgeringstermijn op 24 september 2015 is gestart en zij voor 18 november 2018 aan deze plicht moet hebben voldaan. De minister heeft de inburgeringstermijn bij brief van 20 mei 2016 ambtshalve verlengd tot 16 december 2018, omdat [appellant] langer dan acht weken in een asielzoekerscentrum heeft verbleven. Op 9 juli 2018 heeft [appellant] de minister een machtiging voor het opvragen van gezondheidsgegevens gestuurd en hem verzocht de inburgeringstermijn te verlengen op medische gronden. De minister heeft dit verzoek afgewezen bij besluit van 25 april 2019. [appellant] heeft geen bezwaar gemaakt tegen dit besluit, waardoor dit in rechte onaantastbaar is. Bij brief van 24 februari 2021 heeft zij de minister verzocht om het besluit van 25 april 2019 te herzien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1921
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202201436/1/V6

202203530/1/V6

Op 12 november 2025 heeft [verzoeker] het hoger beroep ingetrokken en tegelijk het verzoek aan de Afdeling gehandhaafd om de minister van Werk en Participatie te veroordelen tot betaling van een schadevergoeding wegens het overschrijden van de redelijke termijn. De redelijke termijn is overschreden als de duur van de totale procedure te lang is. Voor een procedure als deze die uit een bezwaarprocedure en twee rechterlijke instanties bestaat, is in beginsel een totale lengte van ten hoogste vier jaar redelijk. Hierbij wordt een half jaar gerekend voor de behandeling van het bezwaar, anderhalf jaar voor de behandeling van het beroep en twee jaar voor de behandeling van het hoger beroep.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1940
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202203530/1/V6

202205193/1/A3

Bij besluit van 28 augustus 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een verzoek van [appellant] om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur afgewezen. Na het verzoek eerst te hebben afgewezen met het besluit van 28 augustus 2019, heeft het college met het besluit van 8 februari 2021 alsnog een deel van de gevraagde informatie al dan niet gedeeltelijk openbaar gemaakt en de overige informatie wederom in het geheel geweigerd openbaar te maken. Het college heeft daarbij een beroep gedaan op de uitzonderingen van artikel 10, tweede lid, aanhef en onder b, e en g, en artikel 11 van de Wob. Volgens het college wegen de financiële belangen van het college zwaarder dan het belang van openbaarheid, omdat de gemeentelijke onderhandelingspositie zou kunnen verslechteren door openbaarmaking. Daarnaast weegt volgens het college het belang van bescherming van de persoonlijke levenssfeer van bij de bestuurlijke aangelegenheid betrokken personen zwaarder dan het belang van openbaarmaking, omdat de in de documenten genoemde personen niet uit hoofde van hun functie in de openbaarheid treden. Verder zou openbaarmaking de bij deze zaak betrokken partijen onevenredig kunnen benadelen, omdat concurrenten dan kennis kunnen nemen van de werkwijze van deze partijen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1961
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202205193/1/A3

202205256/1/R2

Bij besluit van 15 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen zijn mondelinge beslissing op 14 mei 2020 om [appellant] te gelasten de plaatsing van een woonwagen op het perceel [perceel] in Sittard (het perceel) te staken en gestaakt te houden, op schrift gesteld en aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd. Als [appellant] de plaatsing van de woonwagen niet staakt, verbeurt hij een dwangsom van € 10.000,- ineens. Op 11 mei 2020 heeft het college [appellant] gewaarschuwd dat hij op het perceel geen woonwagen mag plaatsen, omdat daarvoor een omgevingsvergunning nodig is. Op grond van het bestemmingsplan "Buitengebied Sittard" (het bestemmingsplan) geldt voor het perceel de bestemming "Natuur". Binnen deze bestemming is het plaatsen van een woonwagen niet toegestaan. Op 14 mei 2020 heeft [appellant] het eerste gedeelte van de woonwagen zonder omgevingsvergunning laten plaatsen. Op diezelfde dag heeft het college aan [appellant] mondeling een bouwstop opgelegd. Het tweede gedeelte van de woonwagen heeft [appellant] daarom wel geplaatst, maar niet aan het eerste gedeelte laten verbinden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1951
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202205256/1/R2

202301264/1/R3

Bij besluit van 25 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Terschelling de aanvraag van Gooische Hart om een omgevingsvergunning afgewezen. Gooische Hart is eigenaar van twee percelen met bijbehorende opstallen die zijn gelegen aan de Boddelenweg 5 in Hoorn (Terschelling). De percelen zijn kadastraal bekend gemeente Terschelling, sectie K, 1379 (perceel 1379) en sectie K, 1039 (perceel 1039). De percelen 1379 en 1039 grenzen niet aan elkaar, maar worden gescheiden door een ander perceel. [partij A] en [partij B] wonen in de buurt van de percelen, aan de [locatie] in Hoorn. Op 5 februari 2020 heeft Gooische Hart een aanvraag om een omgevingsvergunning ingediend voor de bouw en het gebruik van een manege met mestplaat en verlichting, opslagruimte, paardenstallen, logiesruimte, kantine en receptie. De aanvraag ziet meer specifiek op de realisatie van een gebouw met 53 appartementen met een receptie en kantine (bedrijfsgebouw 1), een gebouw met 18 paardenboxen en opslagruimte (bedrijfsgebouw 2) en 37 parkeerplaatsen op perceel 1379 en de realisatie van een niet-overdekte paardenbak, een longeercirkel en een mestplaat met toebehoren op perceel 1039.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1923
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301264/1/R3

202301494/1/R2

Bij besluit van 20 maart 2020 heeft Het college van gedeputeerde staten van Groningen het verzoek van Milieudefensie om intrekking op grond van artikel 5.4, tweede lid, van de Wet natuurbescherming (Wnb) van de vergunning van 17 november 2017 die is verleend op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wnb aan [appellant sub 2], afgewezen. Op 20 november 2017 is een vergunning op grond van de Wnb verleend aan [appellant sub 2] gevestigd aan de [locatie] in [appellant sub 2]. De vergunning is verleend op basis van het Programma Aanpak Stikstof (PAS-vergunning) voor het houden van 760 melkkoeien en 490 stuks jongvee en het oprichten en het gebruiken van een nieuwe stal met emissiearm stalsysteem A1.28. Milieudefensie heeft verzocht om gedeeltelijke intrekking op grond van artikel 5.4, tweede lid, van de Wnb, omdat volgens haar het bedrijf stikstofdepositie veroorzaakt op het Natura 2000-gebied "Lieftinghsbroek", terwijl niet uitgesloten is dat sprake is van een (dreigende) verslechtering of significante verstoring van dat gebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1953
Datum uitspraak
8 april 2026
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202301494/1/R2
vorige pagina1...262728...10.276volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon