Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.417
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202207137/1/R1

Bij besluit van 9 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Texel zijn beslissing om op 8 maart 2021 spoedeisende bestuursdwang toe te passen met betrekking tot de werkzaamheden aan [locatie] in Texel op schrift gesteld. Bij dit besluit heeft het college ook een last onder dwangsom opgelegd strekkend tot het stilgelegd houden van de werkzaamheden. Bij besluit van 6 september 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Texel het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [appellante] is eigenaar van de percelen aan [locatie] in De Koog. Een toezichthouder van het college heeft op 8 maart 2021 geconstateerd dat er kap-, zaag- en snoeiwerkzaamheden werden verricht aan bomen en struiken op de kadastrale percelen T 3620 en 3485 en heeft [appellante] mondeling gelast om deze werkzaamheden stil te leggen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1593
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202207137/1/R1

202207288/1/A2

Bij besluit van 13 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant B] en [appellant B] gezamenlijk een bestuurlijke boete van € 20.500,00 opgelegd. Bij besluit van 27 januari 2021 heeft het college het door [appellant B] en [appellant B] daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift niet tijdig is ingediend en deze termijnoverschrijding niet verschoonbaar is. De rechtbank heeft het door [appellant B] en [appellant B] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. [appellant B] en [appellant B] betogen dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de termijnoverschrijding in bezwaar niet verschoonbaar is. Zij voeren hiertoe aan dat zij wegens bijzondere omstandigheden niet in staat waren om tijdig bezwaar te maken. Die omstandigheden waren dat de zwangerschap van [appellant B] in mei 2020 in een miskraam is geëindigd en [appellant B] tijdens de bezwaartermijn opnieuw zwanger was. Door deze zwangerschap waren [appellant B] en [appellant B] ontregeld. [appellant B] heeft zich ook op enig moment tijdens de bezwaartermijn ziek gemeld van zijn werk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1600
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202207288/1/A2

202207321/1/A2

Bij besluit van 30 september 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tilburg aan [appellant] een boete van € 4.000,- opgelegd wegens het zonder vergunning onttrekken van de woning aan [locatie] in Tilburg aan de woningvoorraad. Op 12 maart 2019 heeft een toezichthouder van de gemeente Tilburg geconstateerd dat er een hennepkwekerij aanwezig was in de woning aan [locatie] in Tilburg. Volgens het college was [appellant] ten tijde van de constatering van de overtreding de huurder van de woning. Bij de energieleverancier, Enexis, was [appellant] bekend als energiecontractant. Voor zover [appellant] niet betrokken is bij de aangetroffen situatie c.q. de woningonttrekking, kan deze in ieder geval aan hem worden toegerekend, aldus het college. [appellant] kan zich met dit oordeel niet verenigen en heeft hoger beroep ingesteld. Niet in geschil is dat er sprake is geweest van een overtreding. Evenmin is in geschil dat [appellant] ten tijde van de overtreding niet in de woning woonde en dat hij niet de exploitant was van de hennepkwekerij. Partijen zijn alleen verdeeld over de vraag of [appellant] als functioneel overtreder kan worden aangemerkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1608
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202207321/1/A2

202207482/1/R3

Bij besluit van 1 november 2022 heeft de raad van de gemeente Krimpenerwaard het bestemmingsplan "Kadijk 4B t/m 4E Bergambacht" vastgesteld. Het plan voorziet in het omzetten van vier bedrijfswoningen naar vier burgerwoningen op de percelen Kadijk 4B t/m E in Bergambacht. [appellant] woont op het perceel [locatie A] in Bergambacht, 500 m ten zuiden van het plangebied. [appellant] betoogt dat de raad bij de vaststelling van het plan niet voldoende rekening heeft gehouden met de belangen van de toekomstige bewoners van de woningen die met het plan mogelijk worden gemaakt. [appellant] voert aan dat het geluidsonderzoek dat ten grondslag ligt aan het plan niet deugt en dat er niet wordt voldaan aan de normen ten aanzien van omgevingsgeluid/lawaai voor burgerwoningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1625
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202207482/1/R3

202300520/1/A2

Bij besluit van 9 februari 2022 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek van [appellant] om een persoonlijke betalingsregeling toegewezen en bepaald dat hij € 40,00 aan teruggevorderde huur- en zorgtoeslag per maand moet betalen. [appellant] heeft in het jaar 2018 te veel huur- en zorgtoeslag ontvangen. Daarom heeft de dienst bij besluiten van 1 mei 2020 de teveel uitbetaalde huur- en zorgtoeslag voor een bedrag van € 1.226,00 en € 1.176,00 van hem teruggevorderd. Ten tijde van de besluitvorming door de dienst stond nog een terugvordering huur- en zorgtoeslag van € 400,00 en € 380,00 open. Het hoger beroep heeft geen betrekking op de hoogte van de bedragen die van [appellant] worden teruggevorderd. Tussen partijen is in geschil of de dienst de terugbetalingscapaciteit op juiste wijze heeft vastgesteld en of de dienst, gelet op de persoonlijke omstandigheden van [appellant], heeft kunnen volstaan met het toekennen van een standaardbetalingsregeling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1622
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202300520/1/A2

202300550/1/A2

Bij besluit van 10 mei 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de voorschotten zorgtoeslag, kindgebonden budget en kinderopvangtoeslag aan [appellante] voor het berekeningsjaar 2020 herzien. [appellante] woont sinds 2017 op een tussenverdieping in hetzelfde pand als haar broer [naam broer van appellante]. [broer van appellante] is eigenaar van het pand. Tot januari 2020 woonde ook de toenmalige partner van [broer van appellante] in het pand en was zij zijn fiscale partner. Toen de partner van [broer van appellante] is verhuisd, heeft de dienst [appellante] en [broer van appellante] aangemerkt als toeslagpartners. [appellante] is daartegen in bezwaar gekomen. De dienst heeft uiteindelijk aannemelijk geacht dat [broer van appellante] de verhuurder is van [appellante] en niet haar toeslagpartner. [appellante] heeft de dienst in de bezwaarschriften van 14 juli 2021 verzocht om een vergoeding van de werkelijke kosten voor het indienen van bezwaar over 2020 en 2021.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1632
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202300550/1/A2

202300551/1/R4

Bij besluit van 1 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ede aan Solarcentury Benelux B.V., thans Statkraft Renewables Benelux B.V. een omgevingsvergunning verleend voor de realisatie van een zonnepark op een perceel aan [locatie 2] te Harskamp, gemeente Ede. Het perceel ligt ongeveer 75 m ten zuiden van de Blaakweg en loopt in zuidelijke richting door tot aan de Werfbeek. Tussen de Blaakweg en het perceel ligt een agrarisch perceel dat voornamelijk wordt gebruikt als paardenweide. [appellant] woont aan [locatie 1] in Harskamp en exploiteert daar twee eenmanszaken, te weten Veehandel de Blaak en Boerderijwinkel de Blaak. Tussen de bedrijfswoning van [appellant] en de paardenweide aan [locatie 2] ligt het adres [locatie 3]. De agrarische gronden achter de woningen aan [locatie 1] en [locatie 3] lopen eveneens door tot aan de Werfbeek en grenzen aan het perceel. De omgevingsvergunning voorziet in de realisatie van een zonnepark met een bruto oppervlakte van 9,8 ha. De zonnepanelen met toebehoren en onderhoudspaden beslaan een oppervlakte van 7,32 ha. De landschappelijke inpassing zal plaatsvinden op de overige 2,48 ha.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1596
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202300551/1/R4

202300592/1/R1

Bij besluit van 24 november 2022 heeft de raad van de gemeente Hollands Kroon het bestemmingsplan "[locatie A]" gewijzigd vastgesteld. [belanghebbende] heeft verzocht om vaststelling van een bestemmingsplan dat voorziet in de bouw van een tweede vrijstaande woning op zijn perceel aan de [locatie A] in Lutjewinkel, ten zuiden van de bestaande stolpboerderij op dat perceel. Het plangebied ligt op de hoek van de kruising met de Lutjewinkelerweg. Het college heeft besloten om medewerking te verlenen aan inwilliging van de aanvraag, het ontwerpbestemmingsplan "[locatie A]" dat ertoe strekt om de bouw van de woning mogelijk te maken ter inzage gelegd en de raad voorgesteld om het ontwerpbestemmingsplan vast te stellen. De raad heeft bij besluit van 16 september 2021 geweigerd het bestemmingsplan vast te stellen en de aanvraag afgewezen, omdat de beoogde ontwikkeling volgens hem een mogelijke belemmering vormde voor de bedrijfsactiviteiten van het naastgelegen bedrijf van [appellant sub 1] op het perceel [locatie B].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1529
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202300592/1/R1
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202300592/1/R1

202300752/1/R3

Bij besluit van 6 december 2022 heeft de raad van de gemeente Maassluis het bestemmingsplan "Wilgenrijk Noord" vastgesteld. Het bestemmingsplan ziet op de gronden in het noorden van woongebied Wilgenrijk in Maassluis. Met dit bestemmingsplan worden 475 nieuwe woningen mogelijk gemaakt. In het hiervoor geldende bestemmingsplan "Dijkpolder" was aan een deel van de gronden in het plangebied al een woonbestemming toegekend en aan het overige deel een agrarische bestemming. Het bestemmingsplan betreft het gebied ten oosten van de noordelijke ontsluitingsweg en het maatschappelijk voorzieningencluster. Voor het bestemmingsplan is een besluit hogere waarden op grond van de Wet geluidhinder genomen. Exploitatievereniging Transportcentrum Westland is een vereniging van eigenaren van bedrijven die zijn gevestigd op het ten noorden van het plangebied gelegen bedrijventerrein Transportcentrum Westland. Transportcentrum Westland kan zich niet met het bestemmingsplan verenigen en heeft daarom beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1629
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202300752/1/R3

202300854/1/A2

Bij besluit van 10 mei 2022 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen [appellant] verplicht om medewerking te verlenen aan een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid. Bij besluit van 2 september 2022 heeft het CBR het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. In deze zaak is tussen partijen in geschil of het CBR terecht aan [appellant] de verplichting heeft opgelegd om onderzoek te laten doen naar zijn rijgeschiktheid. In een mutatierapport van de politie Midden-Nederland van 10 maart 2022 is onder meer het volgende vermeld. De rapporteur reed achter [appellant] op de Hogering in Almere. [appellant] reed in een personenauto. Hij trok erg langzaam op van de verkeerslichten en bleef vervolgens langzaam rijden. Hij slaagde er bovendien niet in zijn auto binnen de voor hem geldende rijbaan te houden en slingerde meermaals een meter over de andere rijstrook. De rapporteur haalde [appellant] in en gaf hem een stopteken. De rapporteur nam de rechterafslag van de rotonde ter hoogte van de Stripheldenweg. [appellant] volgde hem niet en reed een ronde over de rotonde. Hierna nam [appellant] alsnog de bedoelde afslag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:1589
Datum uitspraak
17 april 2024
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202300854/1/A2
vorige pagina1...1.1351.1361.137...12.442volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon