Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 122.726
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202403911/1/V3 en 202403911/2/V3.

Bij besluit van 4 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2846
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202403911/1/V3 en 202403911/2/V3.

202404056/2/V2

Bij besluiten van 16 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 4 juni 2024 heeft de rechtbank de daartegen door de vreemdelingen ingestelde beroepen ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak hebben de vreemdelingen hoger beroep ingesteld. Ook hebben zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2792
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404056/2/V2

202003468/1/R2 en 202003004/1/R2

Bij besluit van 5 maart 2020 heeft de raad van de gemeente Oss het bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Geitenhouderijen - 2019" vastgesteld. Het "Paraplubestemmingsplan Geitenhouderijen - 2019" betreft een gedeeltelijke herziening van alle bestemmingsplannen geldend in de gemeente Oss waarbinnen een agrarische bedrijfsbestemming is toegestaan. Dit plan houdt een verbod in voor het wijzigen van het gebruik ten behoeve van het houden van geiten, alsmede een verbod voor het houden van meer geiten in bestaande bebouwing dan is toegestaan op grond van een vóór 5 september 2018 gedane melding of verleende vergunning, genoemd in artikel 3.2 van de planregels. Het plan "Buitengebied Oss - 2020" voorziet in een integrale herziening van de bestemmingsplannen voor het buitengebied van de gemeente Oss. Daarnaast wordt voorzien in een actuele passende regeling voor bestaande situaties en worden er diverse ontwikkelingen mogelijk gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2823
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202003468/1/R2 en 202003004/1/R2

202004513/2/R4

Bij tussenuitspraak van 29 maart 2023, ECLI:NL:RVS:2023:1246, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Epe opgedragen om binnen 26 weken na verzending van de tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 28 mei 2020 tot vaststelling van het bestemmingsplan "VMI", te herstellen. VMI is een internationaal bedrijf. Zij ontwikkelt productielijnen voor de autobandenindustrie. Het bedrijf is van oudsher gevestigd aan de Gelriaweg 16 in Epe. VMI is uitgegroeid tot een bedrijf met een oppervlakte van circa 8 hectare en wil haar bedrijfsterrein uitbreiden met circa 6 hectare. Het plan voorziet in de planologische basis daarvoor. De uitbreiding bestaat onder meer uit een verruiming van de bestemming "Bedrijf". De bedoeling is om onder meer extra assemblagehallen, een bedrijfskantoor en een magazijn te bouwen. Ook voorziet het plan in een tweede parkeerterrein voor werknemers van VMI. Verder omvat het plan een nieuwe aansluiting op de provinciale weg N309 en maatregelen in het kader van de ontwikkeling van natuur en de landschappelijke inpassing. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] wonen in de omgeving van VMI en hebben beiden direct zicht op het bedrijf.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2804
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202004513/2/R4

202100828/1/R2

Bij besluit van 2 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rucphen het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen het gebruik van de Verlengde Vosdonkseweg in strijd met de geluidsvoorschriften van het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Kom St. Willebrord, Verlengde Vosdonkseweg" afgewezen. [appellant] woont aan de [locatie] in Sprundel, naast de Verlengde Vosdonkseweg. Hij heeft het college verzocht om handhavend op te treden. Volgens [appellant] wordt de Verlengde Vosdonkseweg gebruikt in strijd met artikel 4.3, aanhef en onder g, van de planregels, omdat geen geluidswerende voorziening is gerealiseerd die de geluidbelasting van de weg op de gevel van zijn woning beperkt tot 48 dB. Het college heeft het verzoek om handhaving afgewezen. De Afdeling heeft in haar uitspraak van 8 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1570, het oorspronkelijke besluit op bezwaar van 26 februari 2019 vernietigd wegens strijd met artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht. In het akoestisch onderzoek, dat aan dat besluit ten grondslag lag, was namelijk van onjuiste uitgangspunten uitgegaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2808
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Geluid
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202100828/1/R2

202104210/1/R2

Bij besluit van 4 oktober 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Landerd aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het huisvesten van vier arbeidsmigranten voor een periode van twee jaar in het pand aan de [locatie] in Schaijk. Deze zaak gaat over een omgevingsvergunning die geldt voor een periode van twee jaar. Die twee jaar zijn nu verstreken. Uit de uitspraak van de rechtbank blijkt dat er inmiddels een omgevingsvergunning is verleend voor de bouw van acht appartementen op het adres en dat deze vergunning onherroepelijk is. Het huisvesten van arbeidsmigranten waar deze procedure over gaat, was bedoeld als overbruggingsperiode.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2801
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202104210/1/R2

202106161/1/R2

Bij besluit van 3 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Best aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd om onder meer de zonder omgevingsvergunning opgerichte woning, berging, overkapping en volière op het perceel aan de [locatie] in Best te verwijderen en verwijderd te houden en overtredingen ten aanzien van de loods te beëindigen en beëindigd te houden. [appellant] is eigenaar van het perceel aan de [locatie] in Best. Op het perceel bevinden zich onder meer een bedrijfswoning, een woning, een berging, een overkapping en een volière. Een gedeelte van het perceel is in het bestemmingsplan "Buitengebied Best 2006" bestemd als "Agrarisch gebied". De gronden waarop de bedrijfswoning is gelegen hebben de bestemming "Woondoeleinden (medebestemming)". Een toezichthouder van de gemeente heeft op 29 september 2019 een controle uitgevoerd op het perceel. De bevindingen van deze controle zijn opgenomen in het controlerapport van 19 november 2019. Uit dit rapport volgt onder meer dat binnen de bestemming "Agrarisch gebied" een tweede woning staat met een oppervlakte van 156 m2 en een bijbehorende overkapping.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2822
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202106161/1/R2

202107873/1/R4

Bij besluit van 18 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Arnhem het verzoek van [appellant A] om, voor zover thans nog van belang, handhavend op te treden tegen de door [partij A] en [partij B] aangebrachte afwerking aan de vrijvallende gevels van de woning van [appellant A] aan de [locatie] te Arnhem, afgewezen. [appellant A] en [partij] hebben ieder in eigen beheer een woning gebouwd aan de Rodenburgstraat in Arnhem. Deze woningen zijn tegen elkaar aan gebouwd en delen een gezamenlijke spouwmuur. Als gevolg van de verschillende ontwerpen van de woningen worden enkele geveldelen van de woning van [appellant A] aan de [locatie] niet bedekt door de zijgevel van de woning van [partij] aan de Rodenburgstraat 10. Die geveldelen missen daardoor een tweede spouwblad en worden vrijvallende gevels genoemd. [appellant A] stelt dat [partij] zonder overleg isolatie en afwerking heeft aangebracht aan de vrijvallende gevels van de woning van [appellant A]. [appellant A] heeft het college vervolgens verzocht hiertegen handhavend op te treden, omdat [appellant A] een nul-op-de-meterwoning wilde bouwen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2827
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202107873/1/R4

202108053/1/R4

Bij besluit van 20 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Berkelland [appellant] onder oplegging van een dwangsom van € 10.000,- ineens gelast om met onmiddellijke ingang de bouwwerkzaamheden op het perceel [locatie] te Haarlo te staken en gestaakt te houden. Op 25 april 2013 heeft het college aan [appellant] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een tuinkamer/hobbyruimte bij zijn woning op het perceel. Op 8 mei 2019 heeft een toezichthouder van de gemeente Berkelland geconstateerd dat er op het perceel wordt gebouwd in afwijking van de verleende omgevingsvergunning. Vervolgens heeft het college de last onder dwangsom opgelegd. Hieraan heeft het college ten grondslag gelegd dat er wordt gebouwd in afwijking van de verleende omgevingsvergunning, omdat de tuinkamer groter wordt uitgevoerd dan vergund, namelijk 6,6 meter bij 11,5 meter, in plaats van de vergunde 6,45 meter bij 6,45 meter.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2825
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202108053/1/R4

202200145/1/A2

Bij besluit van 18 november 2019 heeft het college de gemeentelijke schuldhulpverlening aan [appellant] per 18 november 2019 beëindigd. [appellant] is op 5 augustus 2016 gestart met een gemeentelijk schuldhulpverleningstraject. In november 2019 heeft het college dit traject beëindigd, omdat [appellant] zich volgens het college niet aan de voorwaarden voor het traject heeft gehouden. [appellant] is het hier niet mee eens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2816
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202200145/1/A2

202200269/2/R3

Bij tussenuitspraak van 13 maart 2024 (ECLI:NL:RVS:2024:1032) heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Den Haag opgedragen om binnen 8 weken na de verzending van deze tussenuitspraak het in overweging 10.5 van die uitspraak geconstateerde gebrek te herstellen en de Afdeling en de betrokken partijen de uitkomst mee te delen en een nieuw of gewijzigd besluit zo spoedig mogelijk op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken en mee te delen. In de tussenuitspraak heeft de Afdeling overwogen dat het college in het bestreden besluit van 1 december 2021 niet heeft gemotiveerd waarom de aard van het in geding zijnde bouwplan naar zijn oordeel aanleiding geeft voor een voorschrift op grond waarvan de kleurstelling pas in een later stadium wordt bepaald. De Afdeling heeft overwogen dat het college dat in dit geval wel had moeten doen, omdat uit de adviezen van de welstandscommissie blijkt dat aan de kleurstelling een bepalende betekenis toekomt voor de toetsing aan redelijke eisen van welstand, en de welstandscommissie negatief heeft geadviseerd over de kleurstelling die in de oorspronkelijke aanvraag was opgenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2809
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202200269/2/R3

202200504/1/A3

Bij besluit van 6 december 2019 heeft de burgemeester van Groningen aan [appellante] een bestuurlijke boete opgelegd van € 1360,00 wegens overtreding van de Drank- en Horecawet (hierna: de DHW). [appellante] is een amateurvoetbalvereniging. In de kantine worden alcoholhoudende dranken verkocht. Hiervoor is aan [appellante] een vergunning als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de DHW verleend. In een boeterapport van 19 oktober 2019 staat dat de gemeente twee bezoekers, een jongen en meisje van 17 jaar oud en beiden met een jeugdig gezicht, heeft ingezet als mystery guests. Twee toezichthouders als bedoeld in artikel 41, eerste lid, aanhef en onder b, van de DHW, hebben in de kantine waargenomen dat deze twee bezoekers een bestelling plaatsten bij de bar. Zij hoorden dat de man aan de bar vroeg of zij Amstel Radler 0.0 of 2.0 wilden hebben, waarop werd geantwoord 2.0. Vervolgens werd hen een geopend flesje Amstel Radler overhandigd samen met een glas met kennelijk bier. De bezoekers hebben daarna plaatsgenomen aan een tafel waarop ze hun bier hebben geplaatst. Na enige tijd hebben zij de kantine met het flesje verlaten. De toezichthouders hebben vervolgens de flesjes gecontroleerd en hebben toen geconstateerd dat een alcoholpercentage van 2% op de flesjes stond vermeld. De bezoekers hebben tegenover de toezichthouders verklaard dat aan hen niet is gevraagd naar hun leeftijd en ook niet naar hun identiteitsbewijzen. Verder hebben zij verklaard dat zij de barman niet kennen en dat zij niet eerder in deze kantine zijn geweest.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2817
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202200504/1/A3

202202329/1/R3

Bij besluit van 25 mei 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Losser de aanvraag van het landgoed om een wijzigingsplan vast te stellen afgewezen. Het landgoed wenst op de percelen aan de Bekspringweg en de Denekamperstraat in De Lutte 35 zorgwoningen voor intramurale zorg te realiseren, om daarmee een extra economische drager aan het landgoed toe te voegen. De beoogde ontwikkeling is ter plaatse niet toegestaan, omdat het geldende bestemmingsplan "Buitengebied" aan de gronden de bestemming "Agrarisch - 2" en de dubbelbestemming "Waarde - Landgoed" toekent zonder een mogelijkheid voor zorgwoningen. Daarom heeft het landgoed het college verzocht om gebruik te maken van de wijzigingsbevoegdheid die in het plan is opgenomen en de bestemmingen op de percelen zo te wijzigen dat zij gebruikt kunnen worden voor maatschappelijke voorzieningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2821
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202202329/1/R3

202202627/1/A2

Bij besluit van 27 maart 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellante] een bestuurlijke boete van € 6.000,00 opgelegd, wegens de omzetting van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte zonder de daarvoor benodigde vergunning. [appellante] is eigenaar en verhuurder van een woning aan de [locatie] in Amsterdam. In verband met het project Landelijke Aanpak Adreskwaliteit is de woning onderzocht. Hierbij heeft administratief onderzoek plaatsgevonden en hebben toezichthouders van de gemeente Amsterdam de woning op 29 oktober 2018 bezocht, waarvan een rapport van bevindingen is opgemaakt. [appellante] is eigenaar en verhuurder van een woning aan de [locatie] in Amsterdam (hierna: de woning). In verband met het project Landelijke Aanpak Adreskwaliteit is de woning onderzocht. Hierbij heeft administratief onderzoek plaatsgevonden en hebben toezichthouders van de gemeente Amsterdam de woning op 29 oktober 2018 bezocht, waarvan een rapport van bevindingen is opgemaakt. Op dat moment stonden [persoon A], [persoon B] en [persoon C] op het adres van de woning ingeschreven in de basisregistratie personen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2830
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202202627/1/A2

202202688/1/R4

Bij besluit van 10 maart 2022 heeft de raad van de gemeente Utrecht het bestemmingsplan "Johan Wagenaarkade 1-10 bis, Halve Maan-Zuid" vastgesteld. Het plan voorziet in de ontwikkeling van 54 sociale woningen verdeeld over drie woonblokken aan de Johan Wagenaarkade in de wijk Halve Maan-Zuid in Utrecht. Op de planlocatie stonden twintig duplexwoningen, zogenoemde tijdelijk gesplitste eengezinswoningen. Stichting Woonin is de initiatiefnemer van het plan. [appellant] woont aan de [locatie], op een afstand van, hemelsbreed, ongeveer 200 m van het plangebied. Hij is het vooral niet eens met het afsluiten van de Johan Wagenaarkade wat het gevolg is van het plan, en vreest verder voor nadelige gevolgen voor de kwaliteit van zijn woon- en leefomgeving.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2820
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202202688/1/R4

202204360/1/R3 en 202204361/1/R3

Bij besluiten van 8 juni 2022 heeft de raad het van de gemeente Hengelo bestemmingsplan "Parapluplan ondergrondse 110kV kabelverbinding Hengelo Weideweg - Hengelo Oele" en het bestemmingsplan "Parapluplan ondergrondse 110kV kabelverbinding Almelo Mosterdpot - Hengelo Weideweg" vastgesteld. Volgens paragraaf 1.1 van de plantoelichting van de beide bestemmingsplannen is het nodig om het elektriciteitsnetwerk in Overijssel te versterken en uit te breiden vanwege de groeiende vraag naar elektriciteit. TenneT is de netbeheerder voor het Nederlandse hoogspanningsnet voor elektriciteit. TenneT wil, om aan de vraag naar elektriciteit te kunnen voldoen en overbelasting van het elektriciteitsnetwerk te voorkomen, onder andere hoogspanningsstations vernieuwen, bestaande hoogspanningsverbindingen versterken en nieuwe ondergrondse hoogspanningskabels aanleggen. Het bestaande elektriciteitsnet in Overijssel wordt uitgebreid met drie nieuwe ondergrondse 110 kV kabelverbindingen tussen de bestaande stations Nijverdal-Rijssen, Almelo Mosterdpot-Hengelo Weideweg en Hengelo Weideweg-Hengelo Oele. De stichting beheert het landgoed Twickel en heeft daar gronden in eigendom.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2796
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202204360/1/R3 en 202204361/1/R3

202204468/1/R4

Bij besluit van 2 juni 2022 heeft de raad van de gemeente Oldebroek het bestemmingsplan "Oosterwolde, [locatie 1]" en het beeldkwaliteitsplan vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in het bouwen van acht woningen, bestaande uit zes twee-onder-één-kap woningen, één geschakelde woning en één vrijstaande woning. Het perceel heeft in het voorheen geldende bestemmingsplan "Oosterwolde Dorp 2005" de bestemmingen "Detailhandel" en "Tuin". Het bestemmingsplan "Oosterwolde, [locatie 1]" voorziet in de bestemmingen "Wonen", "Tuin" en "Verkeer". [appellant] betoogt dat de raad hem onvoldoende heeft betrokken bij de voorbereiding van het plan. Er is volgens hem wel met andere omwonenden gesproken over de woningbouwplannen, maar niet met hem.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2810
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202204468/1/R4

202204679/1/A2

Bij onderscheiden besluiten van 17 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag aan [appellant A] een boete opgelegd van € 10.000,- wegens overtreding van de Huisvestingswet en een last onder dwangsom ter hoogte van € 5.000,- ineens als de overtreding niet uiterlijk op 30 april 2021 beëindigd is en beëindigd wordt gehouden. Bij onderscheiden besluiten van 17 november 2020 heeft het college aan [appellant B] een boete opgelegd van € 10.000,- wegens overtreding van de Huisvestingswet en een last onder dwangsom ter hoogte van € 5.000,- ineens als de overtreding niet uiterlijk op 30 april 2021 beëindigd is en beëindigd wordt gehouden. Op 8 september 2020 hebben een inspecteur Handhaving van de afdeling Haagse Pandbrigade (hierna: de inspecteur) en een medewerker van DPZ de woning bezocht. Uit het rapport dat zij van dit bezoek hebben opgemaakt, blijkt dat zij in de woning drie personen hebben aangetroffen, te weten [huurder] en zijn vriendin [persoon A] en [persoon B]. [persoon B] heeft verklaard dat ook haar zus in de woning woont. Deze vier personen staan ook ingeschreven op het adres van de woning in de basisregistratie personen (hierna: de brp).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2815
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202204679/1/A2

202205316/1/R1

Bij besluit van 18 mei 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Middelburg aan Verhuur Veere B.V. omgevingsvergunning verleend voor het verbouwen van een bedrijfsruimte met bijbehorende bedrijfswoning tot zes appartementen op het adres Breestraat 41-43 te Middelburg, alsmede voor afwijking van het bestemmingsplan. [appellant] woont op het adres [locatie] naast het pand waar het bouwplan wordt gerealiseerd en vreest onder meer een inbreuk op zijn privacy als gevolg van het bouwplan. [appellant] betoogt dat de rechtbank heeft miskend dat sprake is van privaatrechtelijke belemmeringen. Volgens [appellant] zal het in het bouwplan voorziene balkon binnen 2 meter van de erfgrens worden gebouwd en bestaat van daaruit zicht op zijn perceel, wat in strijd is met artikel 5:50 van het Burgerlijk Wetboek.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2828
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202205316/1/R1

202205412/1/A2

Bij besluit van 1 mei 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de definitieve berekening van de zorgtoeslag van [appellant] over het jaar 2016 herzien en die zorgtoeslag vastgesteld op € 998,00. Bij besluit van 1 mei 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de definitieve berekening van de huurtoeslag van [appellant] over het jaar 2017 herzien en die huurtoeslag vastgesteld op € 997,00. Bij besluit van 1 mei 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] over het jaar 2018 op € 708,00 vastgesteld en de huurtoeslag van [appellant] over dat jaar op € 2.2460,00. De hoogte van de toeslagen is afhankelijk van het zogenoemde toetsingsinkomen van [appellant]. Bij de vaststelling van dat toetsingsinkomen wordt het verzamelinkomen als vermeld in de aanslag inkomstenbelasting in aanmerking genomen. In het geval van [appellant] heeft een wijziging van het verzamelinkomen geleid tot een wijziging van het bedrag van de toeslagen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2798
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202205412/1/A2

202205483/1/R2

Bij besluit van 22 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tilburg aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor de herontwikkeling en restauratie van de panden aan de [locatie 1] en [locatie 2]. De gemeente Tilburg en een dochteronderneming van [vergunninghouder], [bedrijf], hebben een verkoop- en realisatieovereenkomst gesloten voor de herontwikkeling en restauratie van de panden aan de [locatie 1] en [locatie 2]. De panden zijn gemeentelijke monumenten. Het plan was oorspronkelijk om het woonhuis aan de [locatie 1] te renoveren, om het voormalige klooster aan de [locatie 2] te verbouwen tot 3 zelfstandige appartementen en om een atelierwoning van de refter en de kapel te maken. Dit plan bleek volgens de ontwikkelaar niet haalbaar en daarom wijkt het bouwplan en de aanvraag om een omgevingsvergunning daarvan af. Het woonhuis aan de [locatie 1] wordt nu omgevormd tot 6 zelfstandige appartementen. Het voormalige klooster aan de [locatie 2] wordt omgevormd tot 16 zelfstandige appartementen en de kapel wordt een ruimte met een bijeenkomstfunctie en daghoreca.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2811
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202205483/1/R2

202206217/1/A3

Bij besluit van 1 juli 2019 heeft de burgemeester van Nijmegen geweigerd om aan [appellant] een drank- en horecavergunning te verlenen. [appellant] heeft een drank- en horecavergunning aangevraagd voor de exploitatie van [café] in Nijmegen. De burgemeester heeft de vergunning bij besluit van 1 juli 2019 geweigerd, omdat [appellant] niet voldoet aan de voorwaarde dat een leidinggevende van een horecabedrijf niet in enig opzicht van slecht levensgedrag is. Uit antecedentenonderzoek in het kader van de vergunningaanvraag is namelijk gebleken dat [appellant] in de periode 2014 tot en met 2017 vijf strafrechtelijke antecedenten heeft, waaronder overtreding van de Opiumwet wegens een hennepkwekerij in een pand met woonbestemming waarvan hij mede-eigenaar is en diefstal van elektra ten behoeve van een hennepkwekerij. De burgemeester heeft deze woning bij besluit van 31 januari 2018 voor de duur van een jaar gesloten op grond van de Opiumwet.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2826
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202206217/1/A3

202206814/1/R4

Bij besluit van 3 november 2022 heeft de raad van de gemeente Barneveld het bestemmingsplan "Horselerweg III, partiële herziening Buitengebied 2012" vastgesteld. Het plan heeft betrekking op de percelen [locatie 1], [locatie 2] en [locatie 3] in Kootwijkerbroek. Het voorziet voor de percelen [locatie 1] en [locatie 2] in de omzetting van de bestemmingen "Bedrijf - Landelijk" en "Agrarisch" in "Wonen" met de bouwaanduiding "woongebouw", zodat het gebruik als reguliere woningen en de woningsplitsing die al is gerealiseerd, planologisch worden vastgelegd. Het adres [locatie 2] is recent gewijzigd in [locatie 4]. De Afdeling houdt in deze uitspraak vast aan het adres [locatie 2].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2819
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202206814/1/R4

202206860/1/A2

Bij uitspraak van 9 november 2022 heeft de rechtbank een verzoek van [appellant] om de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid te veroordelen tot schadevergoeding afgewezen. In hoger beroep is in geschil of het verzoek om schadevergoeding terecht is afgewezen. Op 17 juli 2016 heeft [appellant] een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Bij besluit van 23 november 2016 heeft de staatssecretaris de aanvraag afgewezen. Bij uitspraak van 15 december 2016 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 17 januari 2017 heeft de Afdeling het door [appellant] daartegen ingestelde hoger beroep kennelijk ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Aan het verzoek om schadevergoeding is ten grondslag gelegd dat [appellant] als gevolg van het volgens[appellant] onrechtmatige besluit van 23 november 2016 materiële en immateriële schade heeft geleden. [appellant] heeft na dat besluit psychische (depressieve) klachten ontwikkeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2805
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202206860/1/A2

202207293/1/A2

Bij besluit van 10 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant sub 1] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,-. Op 24 en 29 november 2019 hebben toezichthouders van de gemeente Amsterdam de woning bezocht. Uit het rapport van bevindingen dat van deze bezoeken is opgemaakt blijkt dat op het adres van de woning twee personen staan ingeschreven in de Basisregistratie Personen, te weten [persoon] en [partij]. De woning is als Bed&Breakfast (hierna: B&B) aangemeld bij de gemeente. [appellant sub 1] was ten tijde van belang eigenaar van de woning aan de [locatie] in Amsterdam (hierna: de woning). [partij] huurde de woning. Bij het bezoek van 24 november 2019 hebben de toezichthouders twee Griekse toeristen in de woning aangetroffen. Zij hebben verklaard de woning te hebben geboekt via airbnb.nl, voor de periode van 22 november tot en met 26 november 2019. Tevens hebben zij verklaard in de woning ook twee vrouwen te hebben gezien, die in de kamer naast die van hen verbleven. Er is ook een privégedeelte van de host in de woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2807
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202207293/1/A2

202207483/1/A2

Bij besluit van 3 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [wederpartij] een bestuurlijke boete opgelegd van € 20.500,-. Op 24 en 29 november 2019 hebben toezichthouders van de gemeente Amsterdam de woning bezocht. Uit het rapport van bevindingen dat van deze bezoeken is opgemaakt, blijkt dat op het adres van de woning twee personen staan ingeschreven in de Basisregistratie Personen, te weten [persoon B] en [wederpartij]. De woning is als Bed&Breakfast (hierna: B&B) aangemeld bij de gemeente. [persoon A] was ten tijde van belang eigenaar van de woning aan de [locatie] in Amsterdam (hierna: de woning). [wederpartij] huurde de woning. Bij het bezoek van 24 november 2019 hebben de toezichthouders twee Griekse toeristen in de woning aangetroffen. Zij hebben verklaard de woning te hebben geboekt via airbnb.nl, voor de periode van 22 november tot en met 26 november 2019. Tevens hebben zij verklaard in de woning ook twee vrouwen te hebben gezien, die in de kamer naast die van hen verbleven. Er is ook een privégedeelte van de host in de woning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2806
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202207483/1/A2

202300584/1/R3

Bij besluit van 10 november 2022 heeft de raad van de gemeente Leiden het bestemmingsplan van de gemeente Leiden "Leidse Ring Noord Plesmanlaan" vastgesteld. De Leidse Ring Noord (LRN) vormt samen met de A4, A44, N446 en de Rijnlandroute de Leidse Ring. De ringstructuur leidt doorgaand verkeer om het stadscentrum van Leiden en de dorpskern van Leiderdorp. Met het project LRN wordt een betere doorstroming van het autoverkeer op het noordelijke deel van de ring, namelijk de Plesmanlaan, Schipholweg, Willem de Zwijgerlaan en de Oude Spoorbaan, beoogd. Hiervoor zijn aanpassingen aan bestaande wegen nodig. Deze aanpassingen passen niet geheel in de geldende bestemmingsplannen. Voor de benodigde bestemmingsplanaanpassingen is het project LRN opgedeeld in deeltrajecten. Het bestemmingsplan "Leidse Ring Noord Plesmanlaan" dat in deze procedure aan de orde is, maakt de aanpassingen mogelijk bij het deeltraject Plesmanlaan. [appellant] woont aan de Jacob Catslaan op hemelsbreed ongeveer 180 m van het plangebied. Hij vreest dat de wegaanpassingen die het bestemmingsplan mogelijk maakt leiden tot een verslechtering van de luchtkwaliteit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2833
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Natuurbescherming
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202300584/1/R3

202301188/1/A2

Bij besluit van 8 december 2021 heeft de minister voor Langdurige Zorg en Sport aan ME/CVS Stichting Nederland een instellingssubsidie voor het jaar 2022 verleend. Instellingssubsidies voor patiënten- en gehandicaptenorganisaties worden verstrekt op grond van de Kaderregeling OCW, SZW en VWS. De instellingssubsidie is bedoeld voor activiteiten op het gebied van lotgenotencontact, informatievoorziening dan wel (aandoeningsspecifieke) belangenbehartiging. ME Vereniging Nederland is een organisatie voor mensen met myalgische encefalomyelitis. De vereniging houdt zich onder andere bezig met belangenbehartiging, voorlichting en lotgenotencontact. Bij besluit van 30 december 2021 heeft de minister de aanvraag van de vereniging om een instellingssubsidie voor het jaar 2022 afgewezen. De minister heeft hieraan onder andere ten grondslag gelegd dat er al een andere organisatie is, de stichting, die een instellingssubsidie van hem ontvangt en zich richt op dezelfde, een verwante of een vergelijkbare aandoening, aangezien de stichting zich ook richt op mensen met ME.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2831
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Gezondheidszorg
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202301188/1/A2

202301189/1/A2

Bij besluit van 30 december 2021 heeft de minister voor Langdurige Zorg en Sport de aanvraag van de vereniging om een instellingssubsidie voor het jaar 2022 afgewezen. Instellingssubsidies voor patiënten- en gehandicaptenorganisaties worden verstrekt op grond van de Kaderregeling OCW, SZW en VWS. De instellingssubsidie is bedoeld voor activiteiten op het gebied van lotgenotencontact, informatievoorziening dan wel (aandoeningsspecifieke) belangenbehartiging. Het subsidiebeleid ten tijde van belang is uitgewerkt in het Beleidskader inzake subsidiëring van patiënten- en gehandicaptenorganisaties 2019-2022 (hierna: het Beleidskader). Hierin is onder andere bepaald dat subsidies worden verleend aan één pg-organisatie per aandoening. ME Vereniging Nederland is een organisatie voor mensen met myalgische encefalomyelitis. De vereniging houdt zich onder andere bezig met belangenbehartiging, voorlichting en lotgenotencontact. De vereniging is het niet eens met de uitspraak van de rechtbank. De vereniging voert aan dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de stichting zich richt op ME/CVS en niet op ME.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2832
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Gezondheidszorg
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202301189/1/A2

202301242/1/R1

Bij besluit van 14 december 2022 heeft de raad van de gemeente Texel het bestemmingsplan "Oosterend - Cor Bremerstraat/Bijenkorfweg" vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van 28 woningen, waarvan 15 rijwoningen, 10 zogenoemde rug-aan-rugwoningen en drie vrijstaande woningen. Het plangebied grenst ten oosten aan de Bijenkorfweg en ten westen aan de Cor Bremerstraat en kent in de voorziene situatie aan beide zijden een ontsluiting voor gemotoriseerd verkeer. Op dit moment rust op grond van het bestemmingsplan "Buitengebied Texel 2013" een agrarische bestemming op het plangebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2818
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202301242/1/R1

202301989/1/R1

Bij besluit van 14 juli 2021 heeft het dagelijks bestuur van het waterschap Brabantse Delta het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden op het perceel [locatie 1] in Oudemolen afgewezen. [appellante] woont op het perceel aan de [locatie 2] in Oudemolen. Haar perceel grenst aan het perceel aan de [locatie 1]. Beide percelen grenzen aan een perceel van het waterschap waarover een watergang met code OVK06331 loopt. Ter hoogte van het perceel aan de [locatie 1], aan de andere kant van de watergang, ligt de tuin die bij [locatie 1] hoort, op het perceel met kadastrale aanduiding 487. Op 23 april 2021 heeft [appellante] bij het dagelijks bestuur een verzoek ingediend om handhavend op te treden tegen overtredingen van de Keur waterschap Brabantse Delta 2015 (hierna: de Keur) op het perceel. Het dagelijks bestuur heeft het verzoek om handhaving bij besluit van 14 juli 2021 afgewezen omdat geen overtredingen in die beschermingszone zijn geconstateerd. [appellante] heeft tegen dat besluit bezwaar gemaakt. Het dagelijks bestuur heeft bij besluit van 6 januari 2022 het besluit van 14 juli 2021 in stand gelaten. De rechtbank heeft het beroep daartegen ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2802
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Waterschapszaken
  • uitspraakin de zaak202301989/1/R1

202302928/2/A2

Bij tussenuitspraak van 14 februari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:636, heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam opgedragen om binnen twaalf weken na de verzending van de tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 12 mei 2022 te herstellen. De Afdeling heeft in de tussenuitspraak overwogen dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het geen toepassing heeft gegeven aan de hardheidsclausule gelet op de medische situatie van [wederpartij].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2814
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202302928/2/A2

202303292/1/A2

Bij besluit van 18 mei 2022 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen de aanvraag van [appellant] om zijn rijbewijs weer geldig te verklaren afgewezen. Bij besluit van 19 september 2018 heeft het CBR [appellant] een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid opgelegd en de geldigheid van zijn rijbewijs geschorst naar aanleiding van een incident op 31 juli 2018. In het besluit heeft het CBR vermeld dat [appellant] de opleggings- en onderzoekskosten moet betalen. Omdat [appellant] die kosten niet binnen de daarvoor gestelde termijn heeft voldaan, heeft het CBR, bij besluit van 19 december 2018, zijn rijbewijs ongeldig verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2813
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202303292/1/A2

202303526/1/A2

Bij besluit van 30 augustus 2022 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de betaling van voorschotten kinderopvangtoeslag van [appellant] stopgezet met ingang van 7 juni 2021. In deze zaak is in geschil of de aan [appellant] uitgekeerde voorschotten kinderopvangtoeslag terecht met terugwerkende kracht zijn stopgezet vanaf 7 juni 2021. De Dienst Toeslagen heeft nog geen besluit genomen over eventuele terugvordering van die voorschotten. Deze uitspraak gaat dus niet over de eventuele terugvordering. In deze zaak is in geschil of de aan [appellant] uitgekeerde voorschotten kinderopvangtoeslag terecht met terugwerkende kracht zijn stopgezet vanaf 7 juni 2021. De Dienst Toeslagen heeft nog geen besluit genomen over eventuele terugvordering van die voorschotten. [appellant] ontving, vanaf 7 juni 2021, over een gedeelte van 2021 en 2022 voorschotten kinderopvangtoeslag. Zijn vrouw, tevens zijn toeslagpartner, volgde destijds een opleiding Webdesign aan de Nationale Handelsacademie B.V. Volgens de Belastingdienst/Toeslagen is dat geen erkende opleiding en voldoet zij daarom niet aan de voorwaarde voor kinderopvangtoeslag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2797
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202303526/1/A2

202304196/1/A2

Bij besluit van 29 juli 2022 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen het rijbewijs van [appellant] met ingang van 5 augustus 2022 ongeldig verklaard. [appellant] is op 8 juli 2022 in zijn auto aangehouden, waarna bij hem ademonderzoek is gedaan en een alcoholgehalte van 1.095 µg/l is vastgesteld. De politie Noord-Nederland heeft hiervan mededeling gedaan aan het CBR, op grond waarvan het CBR [appellant] op 2 augustus 2021 een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid heeft opgelegd. [appellant] is twee keer onderzocht door keuringsartsen. In de daarvan opgemaakte rapporten van 1 december 2021 en 14 mei 2022 is hij gediagnosticeerd met alcoholmisbruik in ruime zin. Er is volgens de keuringsartsen sprake van een forse onderrapportage van het alcoholgebruik, gelet op een verhoogde tolerantie en het gegeven dat [appellant] al eerder is aangehouden wegens rijden onder invloed. Verder hebben beide keuringsartsen een zogenoemd CDT-onderzoek gedaan. Een CDT-waarde die hoger is dan 2% impliceert met hoge mate van waarschijnlijkheid een recent en overmatig alcoholgebruik. Bij [appellant] is de CDT-waarde bij het eerste onderzoek vastgesteld op 2,4%.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2799
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202304196/1/A2

202304614/1/A2

Bij besluit van 7 juli 2022 heeft de raad van bestuur van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek de aanvraag om subsidie voor het project ‘Towards a transition to Multihelix Smart Health 4U’ (hierna: het project) afgewezen. Bij besluit van 7 juli 2022 heeft NWO de subsidieaanvraag afgewezen. [appellant] heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Bij besluit van 8 november 2022 heeft NWO dit bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. Hieraan heeft NWO ten grondslag gelegd dat [appellant] geen belanghebbende is bij het besluit van 7 juli 2022. Hij heeft als niet-aanvrager van de subsidie namelijk slechts een afgeleid belang.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2812
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202304614/1/A2

202304811/1/R1

Bij besluit van 30 mei 2023 heeft de raad van de gemeente Bergen het bestemmingsplan "Dorpsstraat 36 t/m 42" vastgesteld. Het plan maakt in totaal 17 woningen mogelijk aan de Dorpsstraat en het Mgr. Frederixplein in Afferden. Het plan laat 7 aaneengeschakelde woningen en 10 gestapelde woningen toe in de plaats van een horecabedrijf, twee burgerwoningen en een bedrijfswoning. [appellant] woont nabij het plangebied in de Dorpsstraat. Hij kan zich om verschillende redenen niet met het plan verenigen. [partij] is de initiatiefnemer van het plan. [appellant] betoogt dat de raad ten onrechte het plan niet door een stedenbouwkundige heeft laten onderzoeken. Volgens [appellant] stelt de raad weliswaar dat hij opdracht heeft gegeven voor een stedenbouwkundig onderzoek, maar heeft de raad niet inzichtelijk gemaakt wie wanneer dit onderzoek heeft verricht en op welke wijze dit onderzoek heeft plaatsgevonden. Het plan is volgens [appellant] in zoverre onzorgvuldig voorbereid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2800
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202304811/1/R1

202306258/1/A2

Bij besluit van 19 maart 2021 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties de subsidieaanvraag van [appellant] in het kader van de Subsidieregeling energiebesparing eigen huis afgewezen. [appellant] heeft op 29 november 2020 op grond van de subsidieregeling een aanvraag ingediend om subsidie voor het pand aan de [locatie] in Vlodrop. De minister heeft de aanvraag afgewezen, omdat de aanvraag niet voor energiebesparende maatregelen ten behoeve van bestaande bouw is ingediend, maar ten behoeve van nieuwbouw. Op grond van de subsidieregeling wordt de subsidie, als stimulerend middel, alleen toegekend voor energiebesparende maatregelen aan en in bestaande bouw. Bij nieuwbouw bestaat al de wettelijke plicht om te voldoen aan de isolatie-eisen van het Bouwbesluit 2012. De rechtbank heeft geoordeeld dat de minister terecht heeft besloten om de aanvraag af te wijzen. Alleen wanneer isolerende maatregelen worden toegepast ten behoeve van een bestaande woning, kan op grond van de subsidieregeling subsidie worden toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2803
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202306258/1/A2

202306584/1/R3

Bij besluit van 19 september 2023 heeft de raad van de gemeente Steenwijkerland van de gemeente Steenwijkerland het bestemmingsplan "Steenwijk, [locatie] (woningbouwlocatie)" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de herontwikkeling van het perceel [locatie] te Steenwijk mogelijk. Op het perceel bevindt zich een winkelpand met bovenwoning. Deze bebouwing wordt gesloopt en hier is een woongebouw met 13 appartementen voorzien. [appellant sub 2] en [appellant sub 1] kunnen zich niet verenigen met het plan. [appellant sub 1] is eigenaar van het pand aan de Woldpromenade 9, en [appellant sub 2] van het pand aan de Woldpromenade 3. Hun percelen grenzen aan het plangebied. Zij vrezen voor schade aan hun panden door bouwwerkzaamheden en een afname van privacy, zonlicht en uitzicht als gevolg van het plan. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] betogen dat de bouw van de voorziene appartementen mogelijk schade aan hun panden zal veroorzaken. Het pand dat zal worden gesloopt deelt volgens [appellant sub 1] een buitenmuur met zijn pand. Hij is daarom bang voor verzakking van de muur en de aanwezige dakconstructie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2795
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Overijssel
  • uitspraakin de zaak202306584/1/R3

202400194/1/V1

Bij brief van 23 augustus 2023 heeft de vreemdeling de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid in gebreke gesteld wegens het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag van 17 februari 2023 om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. De Afdeling heeft bij verwijzingsuitspraak van 8 november 2023, ECLI:NL:RVS:2023:4125 het Hof verzocht om in een prejudiciële beslissing uitspraak te doen. De Afdeling heeft daarin vragen gesteld over de uitleg van artikel 31, derde lid, derde volzin en onder b, van de Procedurerichtlijn). Dit was naar aanleiding van het door de staatssecretaris genomen Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire van 21 september 2022. De staatssecretaris heeft met dit besluit de wettelijke beslistermijn van zes maanden voor alle aanvragen om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, oftewel verzoeken om internationale bescherming, verlengd met negen maanden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2829
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Verwijzingsuitspraak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400194/1/V1
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202400194/1/V1

202401378/1/A2

Bij beslissing van 12 oktober 2023 heeft het college van bestuur van de Erasmus Universiteit Rotterdam de inschrijving van [appellant] voor de masteropleiding Pedagogische en Onderwijswetenschappen, specialisatie Orthopedagogiek definitief beëindigd met ingang van de volgende maand dan wel de (her)inschrijving voor deze opleiding of een verwante opleiding aan de Erasmus Universiteit Rotterdam geweigerd (een zogenoemd iudicium abeundi). [appellant] is in 2017 gestart met de premaster Pedagogische Wetenschappen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Na afronding daarvan is hij op 19 september 2019 begonnen aan de masteropleiding Pedagogische en Onderwijswetenschappen, specialisatie Orthopedagogiek, aan diezelfde universiteit. Op 29 maart 2019 heeft tijdens een werkgroep, waarbij [appellant] als notulist optrad, een incident plaatsgevonden. Nadat [appellant] door de werkgroepleiding en medestudenten werd aangesproken op zijn werkhouding is [appellant] met een dreigende houding naar een medestudent gelopen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2824
Datum uitspraak
10 juli 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202401378/1/A2

202306115/1/V2

Bij besluit van 9 juli 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2779
Datum uitspraak
9 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202306115/1/V2

202403424/1/V2 en 202403424/2/V2

Bij besluit van 17 mei 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2780
Datum uitspraak
9 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403424/1/V2 en 202403424/2/V2

202403581/1/V3 en 202403581/2/V3

Bij besluit van 24 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2783
Datum uitspraak
9 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403581/1/V3 en 202403581/2/V3

202401752/2/A2

Tijdens de zitting op 9 juli 2024 heeft [verzoeker] verzocht om wraking van staatsraad mr. C.M. Wissels als lid van de Afdeling bestuursrechtspraak belast met de behandeling van de zaak nr. 202401752/1/A2. [verzoeker] heeft aan zijn verzoek om wraking ten grondslag gelegd dat uit de gang van zaken op zitting blijkt dat de staatsraad hem wantrouwt en de wederpartij zonder meer vertrouwt. Hij wijst er in dit verband op dat de staatsraad ervan uitging dat hij de zitting met zijn telefoon wilde opnemen en dat de wederpartij dat niet zou doen. Volgens [verzoeker] is de staatsraad vooringenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2782
Datum uitspraak
9 juli 2024
  • Wraking
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202401752/2/A2

202205941/1/V3

Op 22 juni 2022 heeft de vreemdeling beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Bij uitspraak van 16 september 2022 heeft de rechtbank dat beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. W.M. Blaauw, advocaat te Haarlem, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2775
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205941/1/V3

202205942/1/V3

Op 22 juni 2022 heeft de vreemdeling beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Bij uitspraak van 16 september 2022 heeft de rechtbank dat beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. W.M. Blaauw, advocaat te Haarlem, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2774
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205942/1/V3

202206802/1/V3

Op 14 juni 2022 heeft de vreemdeling beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Bij uitspraak van 7 november 2022 heeft de rechtbank het beroep gegrond verklaard, het met een besluit gelijk te stellen niet tijdig nemen van een besluit vernietigd en het bestuursorgaan opgedragen binnen zestien weken na de dag van verzending van deze uitspraak een besluit te nemen op de asielaanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2772
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206802/1/V3

202206803/1/V3

Op 14 juni 2022 heeft de vreemdeling beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Bij uitspraak van 7 november 2022 heeft de rechtbank het beroep gegrond verklaard, het met een besluit gelijk te stellen niet tijdig nemen van een besluit vernietigd en het bestuursorgaan opgedragen binnen zestien weken na de dag van verzending van deze uitspraak een besluit te nemen op de asielaanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2771
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202206803/1/V3

202301931/1/V3

Bij besluit van 14 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd. Bij uitspraak van 28 februari 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. J.P. van Mulken, advocaat te Nuth, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2770
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202301931/1/V3

202303883/1/V1

De vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. A. Khalaf, advocaat te Zwolle, heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, van 23 mei 2023 in zaak nr. NL23.9637. De minister van Asiel en Migratie heeft een nader stuk ingediend. De vreemdeling heeft het hoger beroep ingetrokken en de Afdeling verzocht om de minister te veroordelen in de bij hem opgekomen proceskosten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2768
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202303883/1/V1

202304334/1/V1

Bij besluit van 18 november 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 28 februari 2023 heeft de staatssecretaris het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 12 juni 2023 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2767
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202304334/1/V1

202401865/2/R4

Bij besluit van 1 februari 2024 heeft de raad van de gemeente Putten het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Henslare" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de eerste fase van de ontwikkeling van het bedrijventerrein Henslare mogelijk, dat 5,8 ha uitgeefbare grond omvat. Het plan biedt ruimte voor uit te plaatsen bedrijven en nieuwe bedrijven. Het bedrijventerrein is voorzien ten westen van de bebouwde kom van Putten. [verzoeker] en anderen wonen ten westen van het zuidelijke gedeelte van het plangebied aan de Brijstroetweg en de Bijsterenseweg en verzetten zich tegen de komst van het bedrijventerrein. Zij hebben de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen om te voorkomen dat er omgevingsvergunningen kunnen worden verleend voor de bouw van bedrijfsgebouwen nabij hun woningen. Zij vrezen voor onder meer aantasting van hun uitzicht en privacy, geluid- en geurhinder en voor wateroverlast als gevolg van de verharding van het bedrijventerrein.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2760
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202401865/2/R4

202402585/2/R2

Bij besluit van 11 maart 2024 heeft de raad van de gemeente Tilburg het bestemmingsplan "Noordhoek 2010, 1e herziening (Elzenhof 139)" vastgesteld. Het plan maakt een functieverandering van de voormalige Ursulinenkapel en kapeltuin mogelijk, waarbij de woonbestemming wordt omgezet naar de bestemming "Maatschappelijk". Het is de bedoeling dat er samen met de bestaande basisschool "De Elzen" een Integraal Kindcentrum mogelijk wordt gemaakt, waarbij de kapel zal worden gebruikt als buitenschoolse opvangruimte en voor onderwijsondersteunende ruimten, en de bij de kapel behorende afgesloten tuin zal worden gebruikt door de kinderen van de kinderdagopvang in de leeftijdscategorie van nul tot vier jaar. Het plangebied bevindt zich aan de Elzenstraat in de wijk Noordhoek in het centrum van Tilburg en wordt omsloten door de Elzenstraat, de Noordhoekring, de Boomstraat en de Dionysiusstraat. Verzoekers vrezen met name voor verkeersoverlast als gevolg van de uitbreiding van de kinderopvang en voor geluidsoverlast vanuit de kapeltuin.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2757
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202402585/2/R2

202403520/1/V3 en 202403520/2/V3

Bij besluit van 4 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2752
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403520/1/V3 en 202403520/2/V3

202403603/1/V1

Bij besluit van 3 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard. Bij uitspraak van 4 juni 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. E.J.P. Cats, advocaat te Emmen, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2766
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403603/1/V1

202403679/1/V3 en 202403679/2/V3

Bij besluit van 26 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 13 juni 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2765
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403679/1/V3 en 202403679/2/V3

202403743/1/V2 en 202403743/2/V2

Bij besluit van 30 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2751
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403743/1/V2 en 202403743/2/V2

202403849/1/V3 en 202403849/2/V3

Bij besluit van 7 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 17 juni 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. F. Zeven, advocaat te Amsterdam, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2764
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403849/1/V3 en 202403849/2/V3

202404150/2/V2

Bij besluit van 23 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2784
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404150/2/V2

BRS.24.000187

Bij besluit van 29 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2742
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000187

202204537/1/R2

Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van de gemeente Son en Breugel van 19 mei 2022, waarbij het bestemmingsplan "Herziening reststroken groen 2021" is vastgesteld. De raad heeft, bij afweging van de betrokken belangen en met inachtneming van zijn beleidsruimte, het besluit van 19 mei 2022 in overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening mogen achten. Weliswaar is de bij [appellant] in eigendom zijnde strook pas opgenomen in het plan bij de planvaststelling en dus na de ontwerpfase, maar dat betekent niet dat er geen inhoudelijke beoordeling voor de strook heeft plaatsgevonden. De raad heeft toegelicht dat bij de gewijzigde vaststelling op dit punt is aangesloten bij de verkoop van de strook aan [appellant] in 2017, waarbij is afgesproken dat de bestaande bestemming conform het gebruik als tuin niet wordt gewijzigd. Met het bestemmingsplan voor dit perceel is beoogd een fout te herstellen, omdat bij de voorbereiding van het plan gebleken is dat aan de strook deels de bestemming "Verkeer" was toegekend. Door aan dit gedeelte van de strook alsnog de bestemming "Tuin" toe te kennen, is de bestemming in overeenstemming gebracht met het bestaande gebruik, aldus de raad.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2851
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Mondelinge uitspraak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202204537/1/R2

202305695/1/R2

Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van de gemeente Tilburg van 6 juli 2023, waarbij het bestemmingsplan "Groeseind 2017, 3e herziening (Veldhovenring 37-39)" is vastgesteld. De raad heeft het besluit van 6 juli 2023 niet in strijd met een goede ruimtelijke ordening vastgesteld. De raad heeft namelijk voldoende rekening gehouden met de beschermde status van de monumentale zomereik, die moet worden gesnoeid om het plan uit te voeren. [appellant] heeft niet aannemelijk gemaakt dat de voorgenomen beperkte snoei schadelijke gevolgen heeft voor de boom. De raad heeft toegelicht dat het snoeiadvies in de boomeffectanalyse een voortzetting is van het huidige snoeibeheer en dat de snoei juist noodzakelijk is voor het behoud van de boom.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2850
Datum uitspraak
8 juli 2024
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Mondelinge uitspraak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202305695/1/R2

202201891/1/V2

Bij besluiten van 22 juli 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2748
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202201891/1/V2

202303550/1/V1

Bij besluit van 9 augustus 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van de vreemdeling om opheffing van het tegen hem uitgevaardigde inreisverbod afgewezen, maar wel de duur ervan verkort.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2749
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202303550/1/V1

202304659/1/V1

Bij besluit van 10 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2750
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202304659/1/V1

202304893/4/V2

Bij besluit van 27 november 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: mvv) te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2738
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202304893/4/V2

202403617/1/V2

Bij besluit van 1 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2747
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403617/1/V2

202403682/2/V3

Bij besluit van 27 oktober 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen. Bij besluit van 29 juni 2023 heeft de staatssecretaris het daartegen door de vreemdeling gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 31 mei 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2762
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202403682/2/V3

202403755/1/V2

Bij besluit van 17 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2739
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403755/1/V2

202403874/2/V2

Bij besluit van 16 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 11 juni 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdelingen ingestelde beroepen gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris binnen twee weken na bekendmaking van de uitspraak verblijfsvergunningen asiel voor bepaalde tijd moet verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2761
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403874/2/V2

202203385/2/A2

[appellant A] en [appellant B] en het college hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 26 april 2022 in zaak nr. 21/469. Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft een gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2773
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202203385/2/A2

202203387/2/A2

[appellant A] en [appellant B] en het college van burgemeester en wethouders van Den Haag hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 26 april 2022 in zaak nr. 21/572. Het college heeft een gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2776
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202203387/2/A2

202203480/2/A2

Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 26 april 2022 in zaak nr. 21/193. Het college heeft een gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2777
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202203480/2/A2

202300687/2/A2

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 20 december 2022 in zaak nr. 21/2169. Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag. heeft een gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2778
Datum uitspraak
5 juli 2024
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202300687/2/A2

202205554/1/V3

Bij besluit van 12 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken. In hetzelfde besluit heeft de staatssecretaris ambtshalve een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000 aan de vreemdeling verstrekt, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2731
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202205554/1/V3

202301285/1/V1

Bij besluit van 16 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2733
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202301285/1/V1

202400710/2/V3

Bij besluit van 13 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 24 januari 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2763
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400710/2/V3

202401915/2/V1

Bij besluit van 8 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2740
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202401915/2/V1

202402687/1/V3

Bij besluit van 5 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2735
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202402687/1/V3

202403182/1/V2

Bij besluit van 14 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2734
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403182/1/V2

202403382/1/V3

Bij besluit van 13 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2743
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202403382/1/V3

202403414/1/V3 en 202403414/2/V3

Bij besluiten van 22 december 2023 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij ambtshalve geweigerd krachtens artikel 64 van de Vw 2000 te bepalen dat uitzetting van de vreemdelingen achterwege blijft en geweigerd de vreemdelingen ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2732
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403414/1/V3 en 202403414/2/V3

202403586/1/V3 en 202403586/2/V3

Bij besluit van 26 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2744
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403586/1/V3 en 202403586/2/V3

202403754/2/V1

Bij besluit van 5 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingetrokken, een aanvraag van de vreemdeling om verlenging van de geldigheidsduur van die verblijfsvergunning afgewezen, hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en tegen hem een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2736
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403754/2/V1

202403771/1/V3 en 202403771/2/V3

Bij besluit van 26 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2730
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403771/1/V3 en 202403771/2/V3

202403969/1/V3 en 202403969/2/V3

Bij besluit van 19 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2746
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403969/1/V3 en 202403969/2/V3

202403988/2/V1

Bij besluiten van 29 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2728
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403988/2/V1

BRS.24.000118

Bij besluit van 20 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2674
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000118

BRS.24.000185

Bij besluit van 19 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2675
Datum uitspraak
4 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000185

202401861/1/V2

Bij besluit van 5 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2677
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202401861/1/V2

202402683/1/A3 en 202402683/2/A3

Bij besluit van 6 september 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hillegom het verzoek van [verzoeker A] en [verzoeker B] om handhavend op te treden tegen de haag van [appellant] afgewezen. [appellant] woont op het perceel aan de [locatie 1] in Hillegom. De Zuider Leidsevaart ligt buiten de bebouwde kom en voor deze weg geldt een maximum snelheid van 60 km per uur. [verzoekers] wonen op het perceel achter dat van [appellant] op [locatie 2]. Zij maken door middel van een recht van overpad gebruik van de uitweg van [appellant] om op de Zuider Leidsevaart te komen. Deze uitweg ontsluit vier percelen met daarop zeven woningen. De voorkant van het perceel van [appellant] is van de Zuider Leidsevaart afgescheiden door een haag. [verzoekers] hebben last van deze haag omdat deze volgens hun leidt tot een verkeersonveilige situatie. Zij vrezen dat weggebruikers van de Zuider Leidsevaart schrikken van verkeer dat de uitweg verlaat. Daarom hebben zij verzocht om handhavend op te treden. Het college heeft het verzoek om handhaving afgewezen omdat er geen sprake is van een overtreding in de zin van artikel 2:15 van de Algemene plaatselijke verordening Hillegom.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2667
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202402683/1/A3 en 202402683/2/A3

202402916/1/V3

Bij besluit van 9 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2723
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202402916/1/V3

202403380/1/V3

Bij besluit van 13 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2724
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202403380/1/V3

202403542/1/V3

Bij besluit van 17 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2725
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202403542/1/V3

202403664/2/V1

Bij besluit van 9 maart 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2726
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202403664/2/V1

202403939/2/V2

Bij besluit van 9 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en tegen de vreemdeling een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2727
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403939/2/V2

202403941/2/V2

Bij besluit van 9 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en tegen de vreemdeling een inreisverbod uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2729
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403941/2/V2

202404030/2/V2

Bij besluit van 8 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2745
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404030/2/V2

202000535/1/A3

Bij besluit van 14 augustus 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Almere het verzoek van [appellant] om hem in te schrijven in de basisregistratie personen met een briefadres op het adres [locatie] te Almere afgewezen. [appellant] heeft de Irakese nationaliteit. Zijn echtgenote en dochter hebben de Nederlandse nationaliteit. [appellant] wil in de brp ingeschreven staan met een briefadres. Het college heeft zich in het primaire besluit op het standpunt gesteld dat [appellant] geen rechtmatig verblijf in Nederland heeft en daarom niet in de brp kan worden ingeschreven met een briefadres. Dit heeft het college gebaseerd op het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 24 december 2018, waarin de aanvraag van [appellant] tot afgifte van een verblijfsdocument EU/EER is afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2702
Datum uitspraak
3 juli 2024
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202000535/1/A3
vorige pagina1...858687...1.228volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Digitaal procederen
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon