Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 116.999
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202504921/1/R4

Bij besluit van 8 mei 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 28 april 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat een gedeelte van de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 199,57, voor rekening van [appellante] komt. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een grote kartonnen doos die op 28 april 2025 is aangetroffen naast een ondergrondse papiercontainer ter hoogte van de [locatie] in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat haar naam en adres op het adreslabel van de doos staan. [appellante] betwist niet dat de doos van haar afkomstig is, maar stelt dat zij de doos wel juist heeft aangeboden en in de ondergrondse papiercontainer heeft gedaan. Zij vermoedt dat de doos er vervolgens uit is gehaald door derden en naast de ondergrondse papiercontainer is beland.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1717
Datum uitspraak
25 maart 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202504921/1/R4

202505024/1/R4

Bij besluit van 23 mei 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 13 mei 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat een gedeelte van de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 199,57, voor rekening van [appellant] komt. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een kartonnen doos die op 13 mei 2025 is aangetroffen naast een ondergrondse restafvalcontainer (ORAC) ter hoogte van de [locatie 1] in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat zijn naam en adres op het adreslabel van de doos staan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1715
Datum uitspraak
25 maart 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202505024/1/R4

202505032/1/A2

Bij uitspraak van 16 september 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4381, heeft de Afdeling met toepassing van artikel 8:88 van de Awb, gelezen in samenhang met artikel 8:91 van deze wet het onderzoek heropend ter voorbereiding van een nadere uitspraak over een verzoek van [verzoeker] om schadevergoeding. [verzoeker] heeft de Eritrese nationaliteit. Bij de indiening van zijn asielaanvraag, op 5 november 2022, heeft hij gesteld dat hij is geboren op [geboortedatum A] 2007. De minister van Asiel en Migratie heeft naar aanleiding van een treffer in Eurodac de registratie van de geboortedatum van [verzoeker] op 29 november 2022 gewijzigd in [geboortedatum B] 1998. Volgens de minister was [verzoeker] daarom meerderjarig op het moment van zijn asielaanvraag. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers heeft hem vervolgens op 13 maart 2023 overgeplaatst van de minderjarigenopvang naar de meerderjarigenopvang. [verzoeker] heeft vervolgens op 24 mei 2023 verzocht om terugplaatsing naar een opvangvoorziening voor minderjarigen. Het COa heeft dit verzoek afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1697
Datum uitspraak
25 maart 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202505032/1/A2

202505188/1/A2

Bij uitspraak van 3 september 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4240, heeft de Afdeling het hoger beroep van [verzoeker] tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 28 mei 2024 in zaak nr. 23/2079 ongegrond verklaard. [verzoeker] heeft de minister van Financiën gevraagd om schulden over te nemen op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (de Wht). De minister heeft geweigerd om een aantal van die schulden over te nemen, waaronder een schuld aan de gemeente Den Haag die voorkomt uit de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (de Tozo-schuld), een schuld aan ING Bank N.V. Incasso (de ING-schuld) en vier privéschulden. De minister heeft daarbij toegelicht dat de Tozo-schuld een publieke en geen private schuld is, waardoor hij niet bevoegd is deze op grond van artikel 4.1 van de Wht over te nemen. Verder heeft de minister zich op het standpunt gesteld dat de ING-schuld niet opeisbaar was voor 1 juni 2021 en dat de privéschulden niet zijn vastgelegd in notariële akten, waardoor deze schulden niet voldoen aan de eisen die voor het overnemen zijn gesteld in respectievelijk artikel 4.1, tweede lid, aanhef en onder b, en artikel 4.1, derde lid, aanhef en onder b, van de Wht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1694
Datum uitspraak
25 maart 2026
  • Herziening
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202505188/1/A2

202505569/1/R4

Bij besluit van 21 augustus 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad zijn beslissing om op 19 augustus 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 210,00, voor rekening van [appellante] komen. [appellante] stelt vanwege verhuizing vanuit Voorburg naar Zaandam niet tijdig voldoende informatie te hebben ontvangen over hoe het afvalinzamelsysteem functioneert in Zaandam en hoe de afvalpas moet worden gebruikt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1711
Datum uitspraak
25 maart 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202505569/1/R4

202505786/1/R4

Bij besluit van 27 juli 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 18 juli 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat een gedeelte van de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 199,57, voor rekening van [appellant] komt. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een stuk karton dat op 18 juli 2025 is aangetroffen naast een ondergrondse restafvalcontainer (ORAC) ter hoogte van de [locatie] in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] het stuk karton verkeerd heeft aangeboden, omdat zijn naam en adres op het adreslabel op het stuk karton staan. [appellant] betwist niet dat het stuk karton van hem afkomstig is, maar hij stelt dat niet hij, maar zijn minderjarige zoon het stuk karton naast de ORAC heeft gezet.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1714
Datum uitspraak
25 maart 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202505786/1/R4

202600017/1/A2

Bij beslissing van 15 november 2024 heeft de studentendecaan, namens het College van Bestuur (CvB) van de Universiteit van Amsterdam, de aanvraag van [appellant] om een bestuursbeurs afgewezen. [appellant] is in het studiejaar 2024-2025 gestart met de masteropleiding Information Studies aan de UvA. Hij heeft een bestuursbeurs aangevraagd vanwege zijn functie als algemeen lid van de Facultaire Studentenraad Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatie. De studentendecaan heeft de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet als voltijdstudent, maar als deeltijdstudent voor de masteropleiding ingeschreven staat en daarmee niet voldoet aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor financiële ondersteuning. Het CvB heeft, onder verwijzing van het advies van de Geschillenadviescommissie Studentenbezwaren van 29 augustus 2025, het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1680
Datum uitspraak
25 maart 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202600017/1/A2

202600157/1/A2

Bij beslissing van 25 augustus 2025 heeft de directeur van het departement Farmaceutische Wetenschappen, faculteit Bètawetenschappen, een definitief negatief bindend studieadvies (NBSA) aan [appellante] gegeven. [appellante] is in september 2024 gestart met de bacheloropleiding Farmacie. Zij heeft in het studiejaar 2024-2025 7,5 studiepunten (EC’s) behaald. Daarmee heeft zij niet voldaan aan de norm voor het bindend studieadvies (BSA) voor het eerste jaar van 45 EC’s. In het voorlopig studieadvies van 17 januari 2025 heeft de directeur [appellante] uitgenodigd om contact op te nemen met één van de studieadviseurs en daarbij opgemerkt dat als er bijzondere omstandigheden zijn die de studievoortgang negatief beïnvloeden, zoals langdurige ziekte, het belangrijk is om die zo snel mogelijk bij de studieadviseur te melden, zodat daar bij het BSA rekening mee kan worden gehouden. [appellante] heeft op 29 april 2025 en eind juli 2025 contact opgenomen met de studieadviseur over haar persoonlijke omstandigheden en op 20 augustus 2025 heeft zij daarover een toelichting gegeven bij de BSA-commissie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1678
Datum uitspraak
25 maart 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202600157/1/A2

202600451/1/R3 en 202600451/2/R3

Bij besluit van 21 juni 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hendrik-Ido-Ambacht aan Stichting Rhiant (Rhiant) een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een gebouw voor zorgappartementen (de zorgappartementen) op de Gerard Alewijnsstraat 19A-1 t/m 19A-11, 19B-1 t/m 19B-12 en 19C-1 t/m 19C-10 in Hendrik-Ido-Ambacht. De omgevingsvergunning maakt de bouw van een gebouw met zorgappartementen mogelijk. Op het terrein waar het gebouw is voorzien stond in het verleden een school. De school is ongeveer 10 jaar geleden gesloopt. Sindsdien is het terrein onbebouwd. Het vergunde gebouw wijkt op een aantal punten af van de bouwmogelijkheden van het bestemmingsplan "Centrum". Er wordt namelijk voor een deel gebouwd buiten het bouwvlak. Met de omgevingsvergunning worden deze afwijkingen van het bestemmingsplan vergund. [verzoeker] woont op de [locatie 1] in Hendrik-Ido-Ambacht. Het perceel van deze woning ligt op minder dan 10 m van het terrein waarop het gebouw mogelijk wordt gemaakt. [verzoeker] is daarnaast eigenaar van de garage op de [locatie 2]. Deze ligt op ongeveer 7 m van de parkeerplaatsen die bij het gebouw voor de zorgappartementen zijn voorzien. Zij kan zich niet vinden in de verleende omgevingsvergunning omdat zij onder meer vreest voor aantasting van haar woon- en leefklimaat. Daarnaast kan zij zich niet vinden in de manier waarop het college is omgegaan met een brief die door een buurtcomité aan het college is verzonden in reactie op de verleende omgevingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1652
Datum uitspraak
24 maart 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202600451/1/R3 en 202600451/2/R3

BRS.26.000834

Bij besluit van 22 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld, hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1629
Datum uitspraak
24 maart 2026
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.26.000834
vorige pagina1...757677...11.700volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon