Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.296
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202500060/1/A2

Bij besluit van 9 februari 2023 heeft de minister de aanvraag van [appellante] om een private schuld over te nemen afgewezen. Bij besluit van 17 juli 2023 heeft de minister het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [appellante] is een gedupeerde van de toeslagenaffaire. Zij heeft bij de minister een aanvraag voor overname van haar private schuld bij ABN AMRO ingediend. Daarbij gaat het om een rekening-courantkrediet ter hoogte van € 44.708,00 voor haar eenmanszaak. Op 18 januari 2023 heeft de minister [appellante] laten weten dat Sociale Banken Nederland die deze regeling uitvoert, de schuld zal afbetalen, maar dat sommige schulden niet of voor een deel worden afbetaald. Vervolgens heeft de minister op 9 februari 2023 aan [appellante] laten weten dat door een administratieve fout een onjuist besluit aan haar is verzonden. Hij heeft daarom een nieuwe beschikking genomen. Daarin heeft hij de aanvraag van [appellante] afgewezen, omdat de schuld niet opeisbaar was wegens betalingsachterstanden. Dit besluit heeft de minister in bezwaar gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6318
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202500060/1/A2

202500221/1/R1

Bij besluit van 17 september 2024 heeft het college onder meer locatie N-GG02 ter hoogte van Achterbinnenhaven 109 aangewezen voor twee bovengrondse containers voor de inzameling van restafval en plastic, metalen en drinkpakken. [appellant] woont op de [locatie] en vreest dat de aangewezen locatie zijn woongenot zal aantasten. Hij heeft daarom beroep ingesteld. [appellant] betoogt dat het college ten onrechte niet het systeem met rolcontainers handhaaft. Hij vreest dat de verzameling door middel van bovengrondse containers zal leiden tot meer overlast door stank, geluid, zwerfafval en ongedierte.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6317
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202500221/1/R1

202500229/1/R2

Bij besluit van 17 oktober 2024 heeft de raad van de gemeente Alphen-Chaam het bestemmingsplan "Korte Bedde, Alphen" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de bouw van 24 woningen mogelijk op gronden tussen de Baarleseweg en de Korte Bedde in Alphen. Onderdeel van het bestemmingsplan is een verkeersbestemming die de Korte Bedde met de Baarleseweg verbindt. Voorheen hadden de gronden in het plangebied de bestemmingen "Bedrijf" en "Tuin-2". De bedrijfsactiviteiten worden beëindigd en de bedrijfsbebouwing zal worden gesloopt om de woningbouw mogelijk te maken. Appellanten wonen allen aan de Korte Bedde in Alphen. Zij verzetten zich met name tegen de verkeersbestemming die de mogelijkheid biedt om de nu nog doodlopende weg Korte Bedde aan te sluiten op de Baarleseweg.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6328
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202500229/1/R2

202500362/1/R1

Bij besluit van 16 juli 2024 heeft het college de locatie Zoutneringstraat naast [locatie] in Arnemuiden (hierna: de aangewezen locatie) aangewezen voor de inzameling van glas en plastic- en metalen verpakkingen en drankenkartons. Het college wil op de aangewezen locatie twee ondergrondse afvalcontainers plaatsen voor de inzameling van glas en PMD. [appellanten] woont aan de [locatie]. De oorspronkelijk aangewezen locatie lag direct naast de zijgevel van zijn woning. Naar aanleiding van het bezwaar van [appellanten] heeft het college de locatie gewijzigd. De aangewezen locatie ligt nu recht tegenover de elektriciteitskast aan de Zoutneringstraat, naast het perceel van [appellanten] op een afstand van ongeveer 20 m van zijn woning. [appellanten] is het niet eens met het plaatsen van afvalcontainers op de aangewezen locatie, omdat hij vreest voor een aantasting van zijn woongenot.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6377
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202500362/1/R1

202500599/1/V6

Bij besluit van 5 december 2022 heeft de staatssecretaris een verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen (hierna: het verzoek) afgewezen. [appellant] stelt afkomstig te zijn uit Soedan en op dertienjarige leeftijd te zijn verhuisd naar Eritrea. Vanuit Eritrea is hij naar Nederland gevlucht. Hij heeft een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd. Niet in geschil is dat [appellant] bij de indiening van het verzoek een Eritrese identiteitskaart, maar niet een gelegaliseerde geboorteakte heeft overgelegd. De staatssecretaris heeft het verzoek afgewezen, omdat de identiteit van [appellant] niet met zekerheid is vast te stellen. [appellant] had volgens de staatssecretaris een gelegaliseerde geboorteakte uit Soedan moeten overleggen, maar heeft dat niet gedaan. Hij heeft bovendien volgens de staatssecretaris niet aangetoond dat hij in bewijsnood verkeert. [appellant] betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de staatssecretaris ten onrechte van hem verlangt dat hij een geboorteakte overlegt en dat de staatssecretaris zich daarbij ten onrechte onverkort beroept op paragraaf 3.5.2 van het beleid voor artikel 7 van de RWN zoals hiervoor onder 2 weergegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6315
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202500599/1/V6

202500924/1/R1

Bij ongedateerd besluit, bekendgemaakt op 8 januari 2025, heeft het college van burgemeester en wethouders van Almere onder meer de locatie op de [locatie] ter hoogte van huisnummer […] aangewezen als opstelplaats voor huiscontainers. Bij het bestreden besluit heeft het college meerdere opstelplaatsen voor containers aangewezen in de wijk Nobelhorst, waaronder een opstelplaats ter hoogte van de [locatie] op de parkeerplaats. [appellant] woont op dit adres en is het om verschillende redenen niet eens met het besluit. [appellant] betoogt dat het college hem ten onrechte geen mogelijkheid heeft geboden om zijn zienswijze in te dienen over de opstellocatie. De bestreden locatie is gewijzigd vastgesteld ten opzichte van het ontwerpbesluit van 23 september 2024. Het college heeft ten onrechte geen gelegenheid geboden om op de nieuwe definitieve locatie te reageren, aldus [appellant].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6316
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202500924/1/R1

202501479/1/A2

Bij besluit van 13 september 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag [appellant] onder oplegging van een dwangsom van maximaal € 5.000,00 gelast om vóór 6 oktober 2023 de onvergunde onzelfstandige bewoning van het pand aan de [locatie] door meer dan twee bewoners te beëindigen en beëindigd te houden. Naar aanleiding van een melding heeft de Haagse pandbrigade de woning geïnspecteerd. Na de inspectie van 17 mei 2023 heeft de rapporterende inspecteur een op ambtseed opgemaakt inspectierapport woningonttrekking opgesteld, waarin het volgende staat. De inspecteur trof drie personen aan in de woning die verklaarden met vier personen op het adres te wonen. De vierde bewoner was op vakantie tijdens de inspectie. De inspecteur trof vier slaapkamers aan in de woning. In de Basis Registratie Personen stonden ten tijde van de inspectie vier personen gelijktijdig ingeschreven op het adres. In het rapport is daarom vastgesteld dat sprake is van het omzetten van een zelfstandige in een onzelfstandige woonruimte aan vier of meer personen zonder de benodigde vergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6314
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202501479/1/A2

202503298/1/A2 en 202504458/1/A2

Bij brief van 17 januari 2025 heeft de examinator van het vak ‘Pedagogische Praktijk 4’ aan [appellante] medegedeeld dat zij niet heeft voldaan aan het vak en bekrachtigd dat haar stage voortijdig is beëindigd en als niet voldaan wordt beschouwd.De examinator heeft op 10 juni 2025 de aantekening ‘Niet Voldaan’ van [appellante] van het vak ‘Pedagogische Praktijk 4’ (opnieuw) geregistreerd in het registratiesysteem van de Hogeschool. [appellante] heeft, als onderdeel van het vak ‘Pedagogische Praktijk 4’ van de opleiding Ecologische Pedagogiek, stage gelopen bij de Stichting voor Kennis en sociale Cohesie. De stageperiode was van 15 juni 2024 tot 1 februari 2025 met een omvang van 24 uur per week. [appellante] is feitelijk gestart met de stage in september 2024. [appellante] kreeg op 7 januari 2025 van haar begeleider bij SKC een positieve adviesbeoordeling van de stage. De begeleider bij SKC heeft de adviesbeoordeling herzien op 17 januari 2025, waarin zij de beoordeling heeft gewijzigd in ‘Niet Voldaan’. Daarnaast heeft de SKC de stage voortijdig beëindigd per 14 januari 2025.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6340
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202503298/1/A2 en 202504458/1/A2

202503366/2/R1

Bij besluit van 20 maart 2025 heeft het college de locatie Orkaden tegenover nrs. 34 t/m 48 in Amersfoort (hierna: de aangewezen locatie) aangewezen voor het plaatsen van ondergrondse afvalcontainers voor de inzameling van plastic- en metalen verpakkingen en drankenkartons (PMD) en voor oud papier en karton (OPK). Het college wil op de aangewezen locatie twee afvalcontainers plaatsen voor de inzameling van PMD en OPK. [appellant] woont aan de [locatie]. De aangewezen locatie ligt op een afstand van ongeveer 20 m van haar woning, aan de overzijde van het voetpad dat langs haar woning loopt, schuin achter haar perceel. [appellant] is het niet eens met het plaatsen van de afvalcontainers op de aangewezen locatie, omdat zij vreest dat de kwaliteit van de omgeving hierdoor wordt aangetast en de afvalcontainers geluidhinder zullen veroorzaken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6376
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202503366/2/R1

202503384/1/A2

Bij uitspraak van 19 februari 2025, in zaak nr. 202406070/3/A2, heeft de Afdeling het verzet van [verzoeker] tegen de uitspraak van de Afdeling van 24 oktober 2024, in zaak nr. 202406070/2/A2, ongegrond verklaard. [verzoeker] heeft de Afdeling verzocht die uitspraak te herzien. In de uitspraak waarvan [verzoeker] herziening verzoekt is zijn verzet ongegrond verklaard tegen de uitspraak van de Afdeling van 24 oktober 2024. In deze laatste uitspraak heeft de Afdeling zich onbevoegd verklaard om kennis te nemen van het hoger beroep dat [verzoeker] bij haar had ingesteld tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 17 juli 2024.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6325
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Herziening
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202503384/1/A2

202503574/1/A2

Bij besluit van 6 februari 2025 heeft het CBR [appellant] een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid opgelegd en zijn rijbewijs geschorst. Bij besluit van 15 april 2025 heeft het CBR het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Op 29 januari 2025 heeft het CBR een mededeling ontvangen als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wvw 1994. In de mededeling staat dat het vermoeden bestaat dat [appellant] op 16 januari 2025 onder invloed van drugs een motorrijtuig heeft bestuurd. Naar aanleiding van de mededeling heeft het CBR bij besluit van 6 februari 2025 aan [appellant] een onderzoek naar de rijgeschiktheid, meer in het bijzonder naar zijn drugsgebruik, opgelegd en zijn rijbewijs geschorst op grond van artikel 131, eerste lid en onder b, van de Wegenverkeerswet 1994, gelezen in samenhang met de artikelen 18, aanhef en onder c, en 23, eerste lid en onder f en g, van de Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid 2011 en de daarbij behorende Bijlage I, onder B, onderdeel III, onder ‘Andere drogerende stoffen of een combinatie van drogerende stoffen’. Op 16 januari 2025 heeft de officier van justitie de beslissing genomen om [appellant] een strafbeschikking op te gaan leggen voor het weigeren van een bloedproef.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6354
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202503574/1/A2

202504159/1/R4

Bij besluit van 5 maart 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden zijn beslissing om op 27 februari 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening van de gemeente Leeuwarden aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Bij besluit van 17 juli 2025 heeft het college het door [appellante] hiertegen gemaakte bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. [appellante] betoogt dat het college haar bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard. Zij voert aan dat zij haar bezwaarschrift weliswaar na het eindigen van de bezwaartermijn heeft ingediend, maar dat deze overschrijding van de bezwaartermijn verschoonbaar is op grond van artikel 6:11 van de Awb. Zij stelt dat zij van 14 maart 2025 tot en met 13 mei 2025 in Italië verbleef voor een geplande medische controle. Daardoor heeft zij pas op 14 mei 2025 van het besluit van het college kennisgenomen en had zij niet eerder een bezwaarschrift kunnen indienen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6350
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202504159/1/R4

202504969/1/A2

Op 15 juli 2025 heeft [verzoeker] zijn hoger beroep met zaaknummer 202402031/A2 ingetrokken, nadat hij met het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een schikking had bereikt. Bij die intrekking heeft hij de Afdeling verzocht om schadevergoeding toe te kennen, wegens overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. De redelijke termijn is overschreden als de duur van de totale procedure te lang is. Voor een procedure als deze die uit een bezwaarprocedure en twee rechterlijke instanties bestaat, is in beginsel een totale lengte van ten hoogste vier jaar redelijk. Hierbij wordt een half jaar gerekend voor de behandeling van het bezwaar, anderhalf jaar voor de behandeling van het beroep en twee jaar voor de behandeling van het hoger beroep. De termijn begint op het moment van ontvangst van het bezwaarschrift door het bestuursorgaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6348
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202504969/1/A2

202505275/1/A2

Bij beslissing van 14 augustus 2025 heeft de examencommissie, namens het bestuur van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden, [appellante] een bindend negatief studieadvies gegeven voor de bacheloropleiding Notarieel Recht. [appellante] is in het studiejaar 2024-2025 gestart met de opleiding Notarieel Recht. Zij is in januari 2025 zwanger geworden en 19 oktober 2025 was de uitgerekende datum van de bevalling. [appellante] heeft na een gesprek met de studentendecaan in juli 2025 op 17 juli 2025 een hinderverklaring gekregen van de teamleider studentendecanen, afdeling Studenten- en Onderwijs Zaken, waarin staat dat zij van 15 januari 2025 tot en met 15 april 2025 door persoonlijke omstandigheden is gehinderd bij het verrichten van studieprestaties. [appellante] heeft vóór januari 2025 geen studiepunten behaald. In de periode waarop de hinderverklaring ziet heeft zij 20 studiepunten behaald en in mei en begin juni 2025 nog 15 studiepunten. In totaal heeft zij dus 35 studiepunten behaald, waarmee zij niet heeft voldaan aan de vereiste norm van 45 studiepunten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6196
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505275/1/A2

202505346/1/A2

Bij beslissing van 28 november 2023 heeft de dienst Education and Student Affairs van de Technische Universiteit Eindhoven het verzoek van [appellant] tot inschrijving voor de masteropleiding Chemical Engineering aan de Technische Universiteit Eindhoven, afgewezen. Bij beslissing van 8 september 2025 heeft het college van beroep voor de examens van de Technische Universiteit Eindhoven het daartegen door [appellant] ingestelde administratief beroep ongegrond verklaard. [appellant] wil de masteropleiding volgen en volgens hem voldoet hij aan de eisen om toegelaten te worden. Hij heeft verschillende eerdere aanvragen daartoe gedaan, die niet in behandeling zijn genomen omdat [appellant] op grond van de verstrekte gegevens volgens de ESA niet aan de inschrijvingsvoorwaarden voldoet en daarover geen nieuwe feiten en omstandigheden meldt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6215
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505346/1/A2

202505346/2/A2

[verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen hangende het beroep tegen de beslissing van het college van beroep voor de examens van de Technische Universiteit Eindhoven van 8 september 2025.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6229
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505346/2/A2

202505371/1/A2

Bij beslissing van 30 juni 2025 heeft het College van Bestuur van STC Mbo [appellant] van de instelling verwijderd. [appellant] volgt sinds het studiejaar 2022-2023 de vierjarige opleiding Manager Havenlogistiek niveau 4 BOL aan het STC Mbo. In het derde en vierde jaar van de opleiding vindt de beroepspraktijkvorming. Studenten volgen dan stages, waarvoor een portfolio-opdracht moet worden gemaakt. [appellant] is op 26 augustus 2024 begonnen aan de BPV. Hij heeft bij twee bedrijven stage gelopen. Beide stages zijn voortijdig beëindigd. Het CvB stelt dat [appellant] bij beide stages is weggestuurd omdat hij, zonder zich af te melden, niet kwam opdagen en de afspraken niet nakwam. Naar aanleiding van een gesprek op 12 november 2024 is aan [appellant] een waarschuwing gegeven. Volgens de onderwijsmanager heeft [appellant] frauduleus gehandeld door een portfolio-opdracht in te leveren die hij niet zelf heeft gemaakt. Ook heeft hij onvoldoende inspanning geleverd om de opleiding binnen de gestelde termijn met succes af te ronden. [appellant] is verder in dat gesprek medegedeeld dat hij de opleidingsactiviteiten moet volgen volgens het geldende rooster.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6327
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505371/1/A2

202505471/1/A2

Bij beslissing van 17 maart 2025 heeft de selectiecommissie SUMMA van de faculteit Geneeskunde aan [appellante] meegedeeld dat zij niet wordt toegelaten tot de tweede selectieronde voor de Selective Utrecht Medical Master (SUMMA). [appellante] heeft deelgenomen aan de selectieprocedure. SUMMA is een vierjarige masteropleiding die opleidt tot arts en klinisch onderzoeker en kent een selectieve toelatingsprocedure. De eerste ronde bestaat uit een kennistoets en een beoordeling van de studievoortgang. De selectiecommissie heeft aan [appellante] meegedeeld dat haar resultaat van de eerste selectieronde onvoldoende is om haar uit te nodigen voor de tweede selectieronde. Voor [appellante] is het onduidelijk waarom zij de kennistoets niet goed genoeg heeft gemaakt. Zij had zich goed voorbereid en had dit resultaat niet verwacht. Zij heeft daarom verzocht om inzage in de door haar gemaakte kennistoets. De selectiecommissie heeft dit geweigerd, omdat aan [appellante], wanneer zij gebruik zou willen maken van de mogelijkheid om voor een tweede keer aan de selectie deel te nemen, op geen enkele wijze een voordeel mag worden gegeven ten opzichte van de andere kandidaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6375
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505471/1/A2

202505490/1/A2

Bij beslissing van 4 juni 2025 heeft de Commissie Bijzondere Toelating Geneeskunde van de Radboud Universiteit het verzoek van [appellant] tot toelating tot de pre-master Geneeskunde afgewezen. [appellant] heeft na het afronden van de bacheloropleiding Biomedische Wetenschappen aan de Universiteit Maastricht zich aangemeld voor de pre-master Geneeskunde aan de Radboud Universiteit. Bij e-mail van 28 januari 2025 heeft de Admissions Office van de faculteit der Medische Wetenschappen aan [appellant] meegedeeld dat hij is toegelaten tot de plaatsingsprocedure. Vervolgens is het dossier van [appellant] beoordeeld door de toelatingscommissie. De toelatingscommissie heeft besloten om het verzoek van [appellant] tot toelating tot de pre-master Geneeskunde af te wijzen, omdat slechts 25 studenten tot de pre-master kunnen worden toegelaten en er zich veel andere studenten hebben aangemeld van wie de (voor)opleiding beter aansluit op de masteropleiding Geneeskunde aan de Radboud Universiteit dan de door [appellant] gevolgde (voor)opleiding.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6344
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505490/1/A2

202505507/1/A2

Bij beslissing van 25 juni 2025 heeft de examencommissie Ondernemerschap en Retail Management van Avans Hogeschool het onderzoeksrapport van [appellant] ongeldig verklaard wegens fraude. Bij beslissing van 22 september 2025 heeft het College van Beroep voor de Examens van Avans Hogeschool het daartegen ingestelde administratief beroep ongegrond verklaard. Tegen deze beslissing heeft [appellant] beroep ingesteld. [appellant] volgt de opleiding Ondernemerschap en Retailmanagement aan de Avans Hogeschool in ‘s-Hertogenbosch. In het kader van zijn afstudeerscriptie heeft hij een onderzoeksrapport opgesteld. De scriptiebegeleider heeft geconstateerd dat in het onderzoeksrapport een respondent is opgenomen die niet blijkt te bestaan. De scriptiebeoordelaar heeft daarom op 16 juni 2025 melding van een vermoeden van fraude bij de examencommissie gedaan. Voorafgaand aan het hoorgesprek bij de examencommissie heeft de scriptiebegeleider via Teams contact opgenomen met [appellant]. [appellant] heeft aangegeven dat hij zich bewust is van zijn handelen en het ongelofelijk stom van zichzelf vindt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6341
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505507/1/A2

202505554/1/A2

Bij beslissing van 17 juli 2025 heeft de directeur van het domein Gezondheid, Sport en Welzijn (hierna: de directeur) [appellant] een negatief bindend studieadvies gegeven. [appellant] volgt vanaf het studiejaar 2022/2023 de opleiding Mondzorgkunde van de Hogeschool Inholland. [appellant] heeft stemmingsstoornissen waardoor hij last heeft van concentratieproblemen. In zowel het studiejaar 2022/2023 als 2023/2024 is het bindend studieadvies op grond van deze persoonlijke omstandigheden uitgesteld. Bij het laatste uitstel is hem te kennen gegeven dat hij uiterlijk op 31 juli 2025 het gehele propedeutische programma van 60 studiepunten behaald moet hebben. Met het behalen van 49 studiepunten heeft [appellant] niet voldaan aan de uitgestelde norm. De directeur heeft voor het nemen van de beslissing van 17 juli 2025 advies gevraagd aan de studentendecaan over de persoonlijke omstandigheden van [appellant] in relatie tot het niet behalen van de uitgestelde BSA-norm.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6347
Datum uitspraak
24 december 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505554/1/A2

202504375/2/R2

Bij besluit van 30 mei 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veldhoven [verzoeker] gelast de kamergewijze verhuur op het bedrijfsperceel van [verzoeker] aan [locatie] te Veldhoven te beëindigen en beëindigd te houden. [verzoeker] heeft hoger beroep ingesteld tegen deze uitspraak en de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6410
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202504375/2/R2

BRS.25.000026

Bij besluit van 27 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6247
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000026

BRS.25.000691

Bij besluit van 23 februari 2025 heeft de minister een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 2 juni 2025 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de minister betrokkene opnieuw hoort, in de Comorese taal, en een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6243
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000691

BRS.25.000910

Bij besluiten van 28 april 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van betrokkenen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6244
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000910

BRS.25.001648

Bij uitspraak van 11 september 2025 heeft de Afdeling het hoger beroep van opposant tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 18 juli 2025 in zaak nr. NL24.50414 met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6257
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Verzet
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001648

BRS.25.002088

Bij besluit van 14 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6249
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002088

BRS.25.002246

Bij besluit van 18 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6289
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002246

BRS.25.002277

Bij besluit van 4 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6248
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002277

BRS.25.002325

Bij besluit van 15 december 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om betrokkenen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6292
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002325

BRS.25.002343

Bij besluit van 6 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6290
Datum uitspraak
23 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002343

202405217/1/V1

Bij besluit van 3 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6268
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202405217/1/V1

202407191/4/R3

Bij besluit van 17 oktober 2024 heeft de raad van de gemeente Rotterdam het bestemmingsplan "Park OverdeSchie" vastgesteld. Het plangebied betreft het terrein van het huidige tennispark OverdeSchie. Met het plan wordt beoogd een ontwikkeling naar woningen mogelijk te maken. Het plan staat maximaal 48 woningen toe. Het voornemen is om zestien appartementen en 32 woningen te realiseren. [appellant] woont op de [locatie] in Rotterdam. Haar woning ligt tegenover het plangebied op een afstand van ongeveer 41 m. De afstand tussen haar woning en het beoogde appartementencomplex is ongeveer 90 m. [appellant] vreest voor aantasting van haar woon- en leefklimaat als gevolg van de realisatie van de woningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6260
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202407191/4/R3

202501379/1/V3

De minister heeft appellant op 7 februari 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Vw 2000. Vervolgens heeft de minister bij besluit van 15 februari 2025 de vierde asielaanvraag van appellant niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder d, van de Vw 2000. De minister heeft in dit asielbesluit vermeld dat zij de maatregel van bewaring met drie maanden verlengt op grond van artikel 59b, derde lid, van de Vw 2000. Bij aanvullend besluit van 17 februari 2025 heeft de minister het asielbesluit gecorrigeerd. De minister heeft daarin toegelicht dat zij in het asielbesluit onjuist heeft opgenomen dat de maatregel met drie maanden wordt verlengd. Volgens de minister wordt de maatregel namelijk niet verlengd. De minister heeft één dag daarna, op 18 februari 2025, de maatregel van 7 februari 2025 opgeheven en een nieuwe maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw 2000.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6279
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501379/1/V3

202504353/1/V3

Bij besluit van 4 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6278
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504353/1/V3

202504373/1/V2

Bij besluit van 6 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 23 juli 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. W. Spijkstra, advocaat in Leeuwarden, hoger beroep ingesteld. De minister heeft een nader stuk ingediend, waarop appellant heeft gereageerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6237
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504373/1/V2

202504481/1/V3. Datum uitspraak:

Bij besluit van 8 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6277
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504481/1/V3. Datum uitspraak:

202504527/1/V3

Het betrft een verzoek om herziening (artikel 8:119 van de Algemene wet bestuursrecht; hierna: de Awb) van de uitspraak van de Afdeling van 23 juli 2025, in zaak nr. 202503120/1/V3, ECLI:NL:RVS:2025:3367.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6270
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Herziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202504527/1/V3

202504528/1/V3.

Het betreft een verzoek om herziening (artikel 8:119 van de Algemene wet bestuursrecht; hierna: de Awb) van de uitspraak van de Afdeling van 23 juli 2025, in zaak nr. 202503122/1/V3, ECLI:NL:RVS:2025:3360.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6266
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Herziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202504528/1/V3.

202504529/1/V3

Het betrfeft een verzoek om om herziening (artikel 8:119 van de Algemene wet bestuursrecht; hierna van de uitspraak van de Afdeling van 23 juli 2025, in zaak nr. 202503124/1/V3, ECLI:NL:RVS:2025:3368.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6265
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Herziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202504529/1/V3

202504530/1/V3

Het betreft een verzoek om herziening (artikel 8:119 van de Algemene wet bestuursrecht; hierna: de Awb) van de uitspraak van de Afdeling van 23 juli 2025, in zaak nr. 202503126/1/V3, ECLI:NL:RVS:2025:3369.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6262
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Herziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202504530/1/V3

202504937/1/V3

Bij besluit van 18 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6261
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504937/1/V3

202505095/1/R3 en 202505095/2/R3

Sonac heeft een aanvraag gedaan om gefaseerd een omgevingsvergunning te verlenen voor het oprichten van een groengasinstallatie, een Denox-installatie en voor het stoken van de stookketels op vet in plaats van aardgas. Het college van gedeputeerde staten van Fryslân heeft daarop de gemeenteraad van Tytsjerksteradiel gevraagd om een besluit te nemen over een verklaring van geen bedenkingen, op basis van artikel 2.27 van de Wabo. De raad heeft vervolgens een ontwerpverklaring van geen bedenkingen geweigerd. Daarop heeft Sonac de aanvraag gewijzigd. [persoon A] en anderen vrezen dat de aangevraagde activiteiten zullen leiden tot meer overlast. Zij willen dat het college op de aanvragen beslist om zekerheid te krijgen over of de aangevraagde activiteiten mogen worden uitgevoerd. Dit tegen de achtergrond van de geweigerde ontwerpverklaring van geen bedenkingen. Nu het college nog steeds niet op de aanvragen heeft beslist en de termijn voor het nemen van een besluit op de aanvraag ruim is verstreken, hebben zij bij de rechtbank beroep ingesteld wegens het niet-tijdig beslissen door het college.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6258
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202505095/1/R3 en 202505095/2/R3

20504524/1/V3

Het betreft een verzoek om herziening (artikel 8:119 van de Algemene wet bestuursrecht; hierna: de Awb) van de uitspraak van de Afdeling van 23 juli 2025 in zaak nr. 202503108/1/V3, ECLI:NL:RVS:2025:3375.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6273
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Herziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak20504524/1/V3

BRS.25.002142

Bij besluit van 10 juni 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 20 november 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6221
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002142

BRS.25.002202 en BRS.25.002206

Bij besluit van 17 juli 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 26 november 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. J.A. Pieters, advocaat in Utrecht, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6220
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002202 en BRS.25.002206

BRS.25.002308 en BRS.25.002311

Bij e-mail van 27 juli 2023 heeft het Centraal Orgaan opvang asielzoekers bevestigd dat het een verzoek van betrokkene om eenmalige ontheffing van de op hem rustende meldplicht, mondeling heeft afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6250
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002308 en BRS.25.002311

BRS.25.002318

Bij besluit van 15 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om betrokkene een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6254
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002318

BRS.25.002410

Bij besluit van 4 oktober 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard, haar opgedragen om Nederland onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen haar uitgevaardigd. Bij uitspraak van 4 december 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd, voor zover de minister een vertrektermijn heeft onthouden en een inreisverbod heeft uitgevaardigd en zelf in de zaak voorzien door een vertrektermijn op te leggen van vier weken. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6214
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002410

BRS.25.002507

Bij besluit van 12 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6283
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002507

BRS.25.002587

Bij besluit van 29 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6294
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002587

202502319/1/A2

Openbare zitting gehouden op 22 december 2025 om 11:30 uur.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6310
Datum uitspraak
22 december 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202502319/1/A2

202303533/1/V2

Bij besluit van 6 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 30 mei 2023 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. T. Bruinsma, advocaat in Lemmer, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6209
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202303533/1/V2

202400791/1/V2

Bij besluiten van 25 augustus 2023 en 31 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat betrokkenen genieten op grond van Richtlijn 2001/55/EG (hierna: de Richtlijn tijdelijke bescherming) en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022. Bij uitspraak van 4 januari 2024 heeft de rechtbank de daartegen door betrokkenen ingestelde beroepen gegrond verklaard, die besluiten vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris nieuwe besluiten neemt met inachtneming van de uitspraak. Tegen deze uitspraak heeft de staatssecretaris hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6236
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202400791/1/V2

202407358/1/V2

Bij besluit van 6 augustus 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 2 december 2024 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de minister een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak. Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6235
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407358/1/V2

202407511/1/V3

Bij besluit van 20 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. Bij uitspraak van 12 december 2024 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, de opheffing van de vrijheidsontnemende maatregel met ingang van die dag bevolen en schadevergoeding toegekend. Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld. Betrokkene, vertegenwoordigd door mr. M.M. Volwerk, advocaat in Leiden, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6234
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407511/1/V3

202505670/1/A3 en 202505670/2/A3

Bij besluit van 19 juni 2025 heeft de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie de aanvraag van [verzoeker] om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag afgewezen. [verzoeker] heeft zich, nadat hij zijn transportonderneming heeft gestaakt, gespecialiseerd in chauffeursdiensten. Hij wil als taxichauffeur aan de slag en heeft daarom een VOG aangevraagd. Hij is een lening aangegaan en heeft een taxibus aangeschaft. De staatssecretaris heeft de VOG op grond van artikel 35, eerste lid, van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens geweigerd. De staatssecretaris heeft over [verzoeker] binnen de terugkijktermijn van vijf jaar registraties in het Justitieel Documentatie Systeem aangetroffen. Het gaat om snelheidsovertredingen en bumperkleven. Buiten de terugkijktermijn zijn nog strafbare feiten van 2018 t/m 2020 voor een geweldsdelict en verkeersdelicten aangetroffen. In de omstandigheden van het geval heeft de staatssecretaris geen aanleiding gezien om de gevaagde VOG alsnog te verlenen. De vraag in deze zaak is of de staatssecretaris op grond van het subjectieve criterium als bedoeld in de Beleidsregels VOG-NP-RP 2025 aan [verzoeker] een VOG had moeten verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6269
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Verklaring omtrent gedrag
  • uitspraakin de zaak202505670/1/A3 en 202505670/2/A3

202505816/2/R1

Bij besluit van 30 september 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hoorn onder meer de locatie BH43R ter hoogte van Achter de Vest 56 in Hoorn aangewezen voor de plaatsing van ondergrondse restafval containers en bovengrondse "GFE-cocons". De aangewezen locatie ligt recht respectievelijk schuin tegenover de onderscheidene woningen van [verzoeker] en anderen. Het college heeft aangegeven dat het van plan is om de afvalcontainers in week 5 van 2026 feitelijk te plaatsen. [verzoeker] en anderen kunnen zich niet met de aangewezen locatie verenigen. Zij hebben daarom beroep ingesteld en de voorzieningenrechter verzocht om het plaatsingsplan in afwachting van een uitspraak in de bodemzaak voor locatie BH43R te schorsen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6228
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202505816/2/R1

BRS.25.001509

Bij besluit van 23 september 2025 heeft de minister appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 6 oktober 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. A. Khalaf, advocaat in Zwolle, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6198
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001509

BRS.25.001811 en BRS.25.001825

Bij besluit van 20 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om afgifte van een document als bedoeld artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen. Bij besluit van 13 november 2024 heeft de minister het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 10 oktober 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6115
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001811 en BRS.25.001825

BRS.25.001994 en BRS.25.001995

Bij besluit van 11 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6201
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001994 en BRS.25.001995

BRS.25.002094

Bij besluit van 27 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6203
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002094

BRS.25.002176

Bij besluit van 29 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6205
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002176

BRS.25.002337 en BRS.25.002340

Bij besluit van 15 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6199
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002337 en BRS.25.002340

BRS.25.002401

Bij besluit van 2 juli 2024 heeft de minister vsn Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6151
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002401

BRS.25.002469 en BRS.25.002470

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6219
Datum uitspraak
19 december 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002469 en BRS.25.002470

202405156/1/V3

Op 8 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een eerder genomen terugkeerbesluit aangevuld. Bij mondelinge uitspraak van 17 juli 2024 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. M. Görsültürk, advocaat in Oss, hoger beroep ingesteld. De minister heeft een nader stuk ingediend, waarop de gemachtigde van appellant op verzoek van de Afdeling heeft gereageerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6206
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202405156/1/V3

202407428/1/V3

Bij besluit van 14 november 2024 heeft de minister een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 5 december 2024 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de minister een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak. Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld. Betrokkene, vertegenwoordigd door mr. H. Hassan, advocaat in Almere, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6208
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407428/1/V3

202500731/1/V3

Bij besluit van 14 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid betrokkene opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten (hierna: terugkeerbesluit) en een inreisverbod tegen haar uitgevaardigd. Bij datzelfde besluit is vermeld dat zij inzake terugkeer en met het oog op weigering van toegang en verblijf in het Schengeninformatiesysteem (hierna: SIS) gesignaleerd wordt. Bij uitspraak van 8 januari 2025 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard en dat besluit vernietigd. Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld. Betrokkene, vertegenwoordigd door mr. M.O. Wattilete, advocaat in Arnhem, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6114
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202500731/1/V3

202501643/5/R4

[verzoeker] heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het bouwen van een loods op het perceel. Hij heeft kenbaar gemaakt dat hij de loods uitsluitend gaat gebruiken voor zijn grondgebonden agrarisch bedrijf. Dat gebruik is toegestaan op grond van het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Buitengebied Lochem 2010". Naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter heeft het college van burgemeester en wethouders van Lochem zich onder verwijzing naar een rapport van 9 december 2025, waarin de bevindingen zijn weergegeven van een onderzoek dat op 4 december 2025 op het perceel heeft plaatsgevonden, terecht op het standpunt gesteld dat redelijkerwijs niet valt aan te nemen dat de loods uitsluitend of ook zal worden gebruikt voor andere doeleinden dan de op het perceel geldende bestemming toestaat. Het college heeft toegezegd dat ingeval [verzoeker] de loods in de toekomst toch gaat gebruiken voor andere doeleinden dan het bestemmingsplan toelaat, hiertegen handhavend zal worden opgetreden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6309
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202501643/5/R4

202505315/1/V3

Bij besluit van 29 januari 2025 heeft de minister appellant opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd. Bij uitspraak van 11 september 2025, gerectificeerd op 23 september 2025, heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. Š. Petković, advocaat te Amsterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6207
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202505315/1/V3

202505643/2/A3

Het geding gaat over een ontheffing van het college van gedeputeerde staten van Fryslân van 2 december 2022 op grond van artikel 3.8, vijfde lid, van de Wet natuurbescherming. De ontheffing staat de Faunabeheereenheid toe om maximaal 429 steenmarters per jaar, in de periode van 1 december tot en met 30 juni, opzettelijk te vangen en te doden. De ontheffing geldt tot en met 30 juni 2026. Het college heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak verzocht de door de rechtbank getroffen voorlopige voorziening op te heffen of een andere voorziening te treffen die het gebruik maken van de ontheffing toestaat. Ook verzoekt het college om schorsing van de uitspraak, zodat het hangende de bodemprocedure geen nieuw besluit op bezwaar hoeft te nemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6213
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202505643/2/A3

202505739/1/R1 en 202505739/2/R1

Bij besluit van 18 maart 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Diemen aan de gemeente Diemen een omgevingsvergunning verleend voor de omgevingsplanactiviteit kappen van twee bomen in een buurtmoestuin tussen de Prinses Margrietstraat en de Prinses Marijkestraat in Diemen. De omgevingsvergunning bevat het voorschrift van een herplantplicht van twee fruitbomen twee jaar na het rooien. In buurtmoestuin "De Prinses op de erwt", die ligt tussen de Prinses Margrietstraat en Prinses Marijkestraat, staan twee fijnsparren. De gemeentelijke verordening is de Bomenverordening Diemen 2010, zoals die geldt vanaf 1 januari 2024. [verzoeker] is als lid en beheerder betrokken bij de buurtmoestuin. Zij vindt dat er geen noodzaak is voor het kappen van de bomen. Volgens [verzoeker] hebben de bomen een belangrijke ecologische waarde.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6210
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202505739/1/R1 en 202505739/2/R1

BRS.25.001131

Bij besluit van 20 april 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 8 november 2024 heeft de minister het daartegen door appellant gemaakte bezwaar opnieuw ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 25 juli 2025, gerectificeerd bij uitspraak van 4 september 2025, heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. R.C. van den Berg, advocaat in Tilburg, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6094
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001131

BRS.25.001699 en BRS.25.001702

Bij besluit van 22 januari 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 20 oktober 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd, voor zover de minister een terugkeerbesluit heeft genomen en inreisverbod heeft uitgevaardigd, en bepaald dat het besluit voor het overige in stand blijft. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. E. Ceylan, advocaat in Utrecht, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6099
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001699 en BRS.25.001702

BRS.25.001843

Bij besluit van 13 oktober 2025 heeft de minister de termijn van de aan appellant opgelegde bewaringsmaatregel verlengd met ten hoogste twaalf maanden. Bij uitspraak van 30 oktober 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. D. van Elp, advocaat in Utrecht, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6089
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001843

BRS.25.001865 en BRS.25.001866

Bij besluit van 26 augustus 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 31 oktober 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. J.M. Suurmeijer, advocaat in Stadskanaal, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6090
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001865 en BRS.25.001866

BRS.25.002091

Bij besluit van 29 april 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 17 november 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. J.E. Groenenberg, advocaat in Nieuw-Vennep, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6227
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002091

BRS.25.002173 en BRS.25.002175

Bij besluit van 21 februari 2024, vervangen door het besluit van 29 juli 2025, heeft de minister appellant opgedragen de Europese Unie binnen vier weken te verlaten. Bij uitspraak van 24 november 2025 heeft de rechtbank het tegen het besluit van 21 februari 2024 door appellant ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard en het tegen het besluit van 29 juli 2025 door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6093
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002173 en BRS.25.002175

BRS.25.002194

Bij besluit van 23 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6097
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002194

BRS.25.002197 en BRS.25.002198

Bij besluit van 21 februari 2024, vervangen door het besluit van 28 juli 2025, heeft de minister appellant opgedragen de Europese Unie binnen vier weken te verlaten. Bij uitspraak van 24 november 2025 heeft de rechtbank het tegen het besluit van 21 februari 2024 door appellant ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard en het tegen het besluit van 28 juli 2025 door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6092
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002197 en BRS.25.002198

BRS.25.002271 en BRS.25.002272

Bij besluit van 21 februari 2024, vervangen door het besluit van 29 juli 2025, heeft de minister appellant opgedragen de Europese Unie binnen vier weken te verlaten. Bij uitspraak van 24 november 2025 heeft de rechtbank het tegen het besluit van 21 februari 2024 door appellant ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard en het tegen het besluit van 29 juli 2025 door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6091
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002271 en BRS.25.002272

BRS.25.002363

Bij besluit van 10 februari 2025 heeft de minister een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 23 mei 2025 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de minister een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak. Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6218
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002363

BRS.25.002496

Bij besluit van 3 november 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 16 december 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6226
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002496

202505346/3/A2

Bij brief, ingekomen op 2 december 2025, heeft [verzoeker] verzocht om wraking van staatsraad mr. J.M. Willems (hierna: de staatsraad) als lid van de enkelvoudige kamer en voorzieningenrechter belast met de behandeling van de zaken nrs. 202505346/1/A2en 202505346/2/A2. [verzoeker] heeft aan het wrakingsverzoek ten grondslag gelegd dat de staatsraad bij de behandeling van zijn zaak op de zitting van 27 november 2025 bij hem de indruk heeft gewekt vooringenomen en partijdig te zijn. Hierover heeft [verzoeker] aangevoerd dat hem uit de bespreking en de vraagstelling van de staatsraad bleek dat al duidelijk was dat zijn beroep niet gegrond zou worden verklaard, en dat de staatsraad op de zitting naar de bekende weg vroeg, omdat alles al duidelijk blijkt uit zijn schriftelijke verklaringen in het dossier.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6231
Datum uitspraak
18 december 2025
  • Wraking
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505346/3/A2

202402043/1/V1

Verzoeker, vertegenwoordigd door mr. S. Thelosen, advocaat in Amsterdam, heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 8 maart 2024 in zaak nr. NL24.4811. De minister van Asiel en Migratie heeft een nader stuk ingediend. Verzoeker heeft het hoger beroep ingetrokken en de Afdeling verzocht om de minister te veroordelen in de bij hem opgekomen proceskosten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6113
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202402043/1/V1

202500976/2/A3

Bij besluit van 20 oktober 2023 heeft de minister van Klimaat en Groene Groei besloten tot openbaarmaking van informatie op grond van de Wet open overheid. Het FD heeft op grond van de Woo verzocht om gegevens over alle verschillende openstellingsrondes van de SDE, SDE+ en SDE++. Dit zijn subsidieregelingen die tot doel hebben om ondernemers en non-profit organisaties te stimuleren om grootschalig hernieuwbare energie op te wekken en de uitstoot van CO2 te verminderen. Het FD verzocht onder andere om een kopie van één of meerdere datasets van de minister die betrekking hebben op deze aangelegenheid. Bij besluit van 20 oktober 2023 heeft de minister op dat verzoek beslist. Hierin is aangegeven dat er twee datasets onder het verzoek vallen. Eén dataset bevat de aantallen van projecten in het kader van de SDE, SDE+ en SDE++ die eerst waren beschikt en zijn ingetrokken. De minister heeft besloten deze dataset openbaar te maken. De andere aangetroffen dataset betrof projecten in beheer, en was reeds openbaar gemaakt. De minister heeft hoger beroep ingesteld en de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen die inhoudt dat hij nog geen gevolg hoeft te geven aan de uitspraak van de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6106
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202500976/2/A3

202501054/1/V1

Verzoeker, vertegenwoordigd door mr. F. Zeven, advocaat in Amsterdam, heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats ’s-Hertogenbosch, van 28 januari 2025 in zaak nr. NL24.27252. De minister van Asiel en Migratie heeft een nader stuk ingediend. Verzoeker heeft het hoger beroep ingetrokken en de Afdeling verzocht om de minister te veroordelen in de bij hem opgekomen proceskosten. De minister heeft een verweerschrift ingediend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6110
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202501054/1/V1

202502079/1/V3

Bij besluit van 27 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 3 april 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. S.H. van Wingerden, advocaat in Zoetermeer, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6107
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202502079/1/V3

202505588/1/A3 en 202505588/2/A3

Bij besluit van 13 november 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Teylingen een verzoek van [derde-belanghebbenden] om handhaving bij [verzoekster] afgewezen. [verzoekster] woont in Warmond. Daar houdt zij in haar achtertuin op hobbymatige wijze verschillende pluimveesoorten, waaronder meerdere Wyandotte-hanen. De woningen van [derde-belanghebbenden] bevinden zich in de nabije omgeving. Zij hebben het college verzocht om handhavend op te treden tegen de door hen ervaren geluidsoverlast van de hanen. In augustus 2024 heeft [verzoekster] reeds afstand gedaan van zeven hanen. Het aantal gehouden hanen was daarmee nog vier. [verzoekster] heeft voorts toegezegd de eieren te rapen, zodat er geen nieuwe hanen meer bij komen. [derde-belanghebbenden] hebben hun bezwaar evenwel aangehouden, omdat zij nog steeds onaanvaardbare geluidsoverlast ervaren. Naar het oordeel van de rechtbank weegt de sterke emotionele waarde die de hanen voor [verzoekster] hebben niet op tegen de geluidshinder die de nabije omgeving al geruime tijd ondervindt. Hoewel [verzoekster] al maatregelen heeft getroffen om de geluidshinder te beperken, hebben deze de hinder niet naar een aanvaardbaar niveau kunnen brengen. Het college heeft zich daarom in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat het opleggen van deze last onder dwangsom in dit geval het aangewezen besluit is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6211
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202505588/1/A3 en 202505588/2/A3

BRS.25.000420

Bij besluit van 24 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6045
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000420

BRS.25.001833

Bij besluit van 5 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6061
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001833

BRS.25.001968 en BRS.25.002145

Bij besluit van 12 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6069
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001968 en BRS.25.002145

BRS.25.002005

Bij besluit van 22 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6064
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002005

BRS.25.002073

Bij besluit van 30 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6076
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002073

BRS.25.002089 en BRS.25.002090

Bij besluit van 5 augustus 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld. Bij uitspraak van 18 november 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. D. van Elp, advocaat in Utrecht, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6067
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002089 en BRS.25.002090

BRS.25.002118

Bij besluit van 2 januari 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 20 november 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6086
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002118

BRS.25.002193

Bij besluit van 3 september 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 21 november 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6078
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002193

BRS.25.002248

Bij besluit van 19 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie vastgesteld dat verzoeker geen verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan in Nederland meer heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6071
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002248

BRS.25.002313

Bij besluit van 18 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6073
Datum uitspraak
17 december 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.002313
vorige pagina1...202122...1.243volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon