Uitspraak 201406870/2/R2
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2014:4615
- Datum uitspraak
- 4 december 2014
- Inhoudsindicatie
- Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van 26 juni 2014, waarbij het bestemmingsplan "Onderdoorgang Leijenseweg Bilthoven" is vastgesteld. [verzoekster] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
- Mondelinge uitspraak
- RO - Utrecht
Toon inhoud
201406870/2/R2.
Datum uitspraak: 4 december 2014
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen onder meer:
[verzoekster], wonend te [woonplaats], gemeente De Bilt,
verzoekster,
en
de raad van de gemeente De Bilt,
verweerder.
Openbare zitting gehouden op 4 december 2014 om 15:00 uur.
Tegenwoordig:
Staatsraad mr. J.C. Kranenburg voorzieningenrechter
jurist: mr. G. Klapwijk
Verschenen:
[verzoekster];
de raad, vertegenwoordigd door M. van Kordelaar en mr. J.S. Makhan-Idu, beiden werkzaam bij de gemeente.
Het beroep richt zich tegen het besluit van de raad van 26 juni 2014, waarbij het bestemmingsplan "Onderdoorgang Leijenseweg Bilthoven" is vastgesteld. [verzoekster] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter
wijst het verzoek af.
Daartoe overweegt hij het volgende.
Met haar verzoek om een voorlopige voorziening te treffen beoogt [verzoekster] te voorkomen dat de bomen in de groenstrook voor haar woning aan de [locatie] worden gekapt ten behoeve van de aanleg van een werkterrein. Dit werkterrein is noodzakelijk om de in het plan voorziene doorgang van de Leijenseweg onder het spoor te kunnen realiseren. Met haar verzoek kan
[verzoekster] echter niet bereiken wat zij daarmee beoogt te bereiken. Daartoe overweegt de voorzieningenrechter dat voor de kap van de bomen reeds een in rechte onaantastbare omgevingsvergunning is verleend. Van deze omgevingsvergunning kan ook gebruik worden gemaakt als tot schorsing van het bestemmingsplan zou worden overgegaan. Evenmin kan de voorzieningenrechter in deze procedure voorkomen dat de groenstrook als werkterrein in gebruik wordt genomen, omdat het voorziene werkterrein niet in het plangebied is gelegen en schorsing van het plan geen invloed heeft op het tijdelijk in gebruik nemen van de groenstrook als werkterrein.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Voor een proceskostenveroordeling ten aanzien van [verzoekster] bestaat geen aanleiding.
w.g. Kranenburg w.g. Tuit
voorzieningenrechter griffier
726.