Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 201300426/4/A3

Uitspraak 201300426/4/A3

ECLI
ECLI:NL:RVS:2013:BZ7415
Datum uitspraak
21 maart 2013
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 5 november 2012 heeft de RDW de aan het autocentrum verleende erkenning voor het uitvoeren van periodieke keuringen van motorrijtuigen tot en met 3500 kilogram voor de duur van zes maanden ingetrokken.
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Overige

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

201300426/4/A3.
Datum uitspraak: 21 maart 2013

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van:

de directie van de Dienst Wegverkeer (hierna: de RDW),
verzoekster,

tegen de uitspraak van de rechtbank Maastricht van 7 januari 2013 in zaken nrs. 12/1938 en 12/2141 in het geding tussen:

[wederpartij], gevestigd te [plaats] (hierna: het autocentrum),

en

de RDW.

Procesverloop

Bij besluit van 5 november 2012 heeft de RDW de aan het autocentrum verleende erkenning voor het uitvoeren van periodieke keuringen van motorrijtuigen tot en met 3500 kilogram voor de duur van zes maanden ingetrokken.

Bij besluit van 11 december 2012 heeft de RDW het door het autocentrum daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 7 januari 2013 heeft de rechtbank het door het autocentrum daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd, het besluit van 5 november 2012 herroepen en bepaald dat haar uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit.

Tegen deze uitspraak heeft de RDW hoger beroep ingesteld.

De RDW heeft de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 7 maart 2013, waar de RDW, vertegenwoordigd door mr. H.S. Zawity, werkzaam bij de RDW, en het autocentrum, vertegenwoordigd door mr. P.J.H.C. Glenz, advocaat te Landgraaf en [directeuren] zijn verschenen.

Overwegingen

1. Het verzoek van de RDW strekt ertoe dat bij wijze van voorlopige voorziening wordt bepaald dat de uitspraak van de rechtbank, in afwachting van de uitspraak op het hoger beroep, wordt geschorst.

2. De RDW heeft ten aanzien van haar spoedeisend belang gesteld dat zij een spoedige zitting wenst nu het onderliggende geschil een bedreiging van één van haar controleurs betreft, hetgeen zij ernstig acht. De gestelde bedreiging wordt door het autocentrum bestreden. De beoordeling van de zaak kan, mede in aanmerking genomen het door de RDW ter zitting gestelde belang van de uitkomst ervan voor andere zaken, beter in de bodemprocedure plaatsvinden. De RDW heeft voor het overige geen belangen gesteld welke, vooruitlopend op die beoordeling, het noodzakelijk maken een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter zal gelet op het door de RDW niet ten onrechte gestelde belang van een spoedige uitspraak bevorderen dat de bodemprocedure spoedig zal worden behandeld. Partijen zullen daartoe worden uitgenodigd voor de zitting op 5 juni 2013.

3. Gelet op het voorgaande dient het verzoek te worden afgewezen.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. J.E.M. Polak, voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. P. Klein, ambtenaar van staat.

w.g. Polak w.g. Klein
voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 21 maart 2013

176-591.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon