Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 201201185/1/A3

Uitspraak 201201185/1/A3

ECLI
ECLI:NL:RVS:2012:BY6721
Datum uitspraak
19 december 2012
Inhoudsindicatie
Bij brief van 8 juni 2011 heeft het college aan [appellanten] medegedeeld dat uit een door hen ingediend bezwaarschrift van 20 mei 2011 niet volgt, tegen welk besluit het is gericht.
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

201201185/1/A3.
Datum uitspraak: 19 december 2012

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellanten], allen wonend te [woonplaatsen],

tegen de uitspraak van de rechtbank Groningen van 13 december 2011 in zaak nr. 11/646 in het geding tussen:

[appellanten]

en

het college van burgemeester en wethouders van Haren.

Procesverloop

Bij brief van 8 juni 2011 heeft het college aan [appellanten] medegedeeld dat uit een door hen ingediend bezwaarschrift van 20 mei 2011 niet volgt, tegen welk besluit het is gericht.

Bij uitspraak van 13 december 2011 heeft de rechtbank het door [appellanten] daartegen ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak hebben [appellanten] hoger beroep ingesteld.

[appellanten] hebben nadere stukken ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 28 november 2012, waar [gemachtigde], mede namens de erven van [appellant a], [appellant b], en het college, vertegenwoordigd door S.G. Tichelaar, werkzaam in dienst van de gemeente, zijn verschenen.

Overwegingen

1. De rechtbank heeft overwogen dat de brief van 8 juni 2011 geen besluit inhoudt, waartegen beroep kan worden ingesteld. Bij die brief heeft het college niet op enig door [appellanten] bij schrijven van 20 mei 2011 gemaakt bezwaar beslist. Voorts houdt de brief volgens haar geen weigering in al dan niet tijdig een besluit te nemen, nu uit het bezwaarschrift, evenmin als uit de later door [appellanten] aan het college gedane mededelingen, volgt, tegen welk besluit het bezwaar is gericht.

2. [appellanten] betogen dat de rechtbank aldus heeft miskend dat de brief van 8 juni 2011 dient te worden opgevat als een weigering een besluit op het bezwaarschrift van 20 mei 2011 te nemen.

2.1. Dat betoog faalt. De rechtbank heeft de brief van 8 juni 2011 van het college terecht niet aangemerkt als inhoudend een weigering een besluit te nemen. Het heeft geadresseerden in deze brief medegedeeld dat uit het geschrift van 20 mei 2011 niet volgt, tegen welk besluit het bezwaar is gericht.

3. [appellanten] betogen verder dat de rechtbank heeft miskend dat mr. E.M. van Koldam, die het college ter zitting bij haar heeft vertegenwoordigd, daartoe door het college niet was gemachtigd.

3.1. Volgens het proces-verbaal van het verhandelde ter zitting bij de rechtbank was Van Koldam gemachtigd om het college in de procedure te vertegenwoordigen. Er is geen reden om niet aan te nemen dat dat waar is. Het college heeft het niet ontkend. Het betoog faalt daarom bij gebrek aan feitelijke grondslag.

4. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J. de Vries, ambtenaar van staat.

w.g. Loeb w.g. De Vries
lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 19 december 2012

582-741.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon