Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200609109/1

Uitspraak 200609109/1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2007:2139
Datum uitspraak
25 januari 2007
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 16 november 2006 is [vreemdeling] in vreemdelingenbewaring gesteld. Dit besluit is aangehecht.
  • Hoger beroep
  • Bewaring

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200609109/1.
Datum uitspraak: 25 januari 2007

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie,
appellant,

tegen de uitspraak in zaak no. AWB 06/57650 van de rechtbank 's-Gravenhage, nevenzittingsplaats Maastricht, van 12 december 2006 in het geding tussen:

[vreemdeling],

en

appellant.

1. Procesverloop

Bij besluit van 16 november 2006 is [vreemdeling] in vreemdelingenbewaring gesteld. Dit besluit is aangehecht.

Bij uitspraak van 12 december 2006, verzonden op dezelfde dag, heeft de rechtbank ’s-Gravenhage, nevenzittingsplaats Maastricht (hierna: de rechtbank), het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, de opheffing van de maatregel bevolen en hem schadevergoeding toegekend. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft de Minister van Justitie (hierna: de minister) bij brief, bij de Raad van State binnengekomen op 18 december 2006, hoger beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

Bij brief van 27 december 2006 heeft de vreemdeling een reactie ingediend.

Vervolgens is het onderzoek gesloten.

2. Overwegingen

2.1. In de eerste grief klaagt de minister dat, samengevat weergegeven, de rechtbank, door te overwegen dat, gelet op de voorwaarden waaronder de rechtbank 's-Hertogenbosch bij beschikking van 14 november 2006 de voorlopige hechtenis van de vreemdeling heeft geschorst, zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn ontbreekt, heeft miskend dat de minister de vreemdeling ter fine van uitzetting in bewaring kon stellen, nu hiervoor gronden waren. De voorwaarden van voormelde beschikking van de rechtbank 's-Hertogenbosch doen daar niet aan af. De minister wijst in dit verband op het beleid, zoals dat is weergegeven in paragraaf A4/6.2 van de Vreemdelingencirculaire 2000 (hierna: de Vc 2000). Nu het Openbaar Ministerie (hierna: het OM) heeft aangegeven geen bezwaar te hebben tegen de inbewaringstelling en uitzetting van de vreemdeling als bedoeld in voormelde paragraaf, stond niets aan uitzetting van de vreemdeling in de weg, aldus de minister.

2.2. In paragraaf A4/6.2 van de Vc 2000 is vermeld dat, ondanks het feit dat de vertrekplicht is ingegaan, vooralsnog geen uitzetting plaatsvindt, indien het een vreemdeling betreft die als verdachte van een strafbaar feit is aangehouden, of tegen wie een strafvervolging wegens een misdrijf is ingesteld, of die tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf is veroordeeld, of ten aanzien van wie een vrijheidsontnemende maatregel is opgelegd. Een en ander zolang het onderzoek nog niet is beëindigd, of omtrent de strafvervolging nog niet onherroepelijk is beslist, of de opgelegde straf of maatregel nog niet is ondergaan. In zodanige gevallen mag niet tot uitzetting worden overgegaan, tenzij het OM daartegen geen bezwaar heeft, aldus deze paragraaf.

2.3. De rechtbank 's-Hertogenbosch heeft bij beschikking van 14 november 2006 de voorlopige hechtenis van de vreemdeling geschorst onder de voorwaarden dat hij, voor zover thans van belang, gedurende de schorsing aan ieder verzoek van politie of justitie/rechter-commissaris inzake (nader) verhoor met betrekking tot de feiten waarvoor de onderhavige voorlopige hechtenis geldt onmiddellijk gevolg zal geven, voor het overige op de door politie of justitie/rechter-commissaris aan te geven tijden en plaatsen beschikbaar zal zijn voor eventueel nader onderzoek en in persoon zal verschijnen ter terechtzitting in de zaak.

2.4. Door te overwegen dat, gelet op de aard en de doelstelling van voormelde voorwaarden, de vreemdeling niet op korte dan wel binnen een redelijke termijn uit Nederland kan worden verwijderd, heeft de rechtbank miskend dat bij voormelde beschikking, anders dan in de door de vreemdeling aangehaalde zaak no. AWB 06/55201 van de rechtbank 's-Gravenhage, nevenzittingsplaats Utrecht, van 22 november 2006, welke uitspraak in hoger beroep door de Afdeling bij uitspraak van 8 december 2006 in zaak no. 200608442/1 is bevestigd, niet de voorwaarde is gesteld dat de vreemdeling Nederland niet mag verlaten, zolang nog niet onherroepelijk in de strafzaak is beslist en dat voorts - naar niet in geschil is - het OM op de hoogte was van de ter fine van uitzetting opgelegde maatregel van bewaring en geen bezwaar had tegen de voorgenomen uitzetting van de vreemdeling. De minister heeft terecht betoogd dat er onder die omstandigheden geen feitelijke belemmering was, die aan uitzetting van de vreemdeling in de weg stond en dat derhalve zicht op uitzetting, zoals dat is vereist om de vreemdeling in verband daarmee in bewaring te kunnen stellen, bestond. De rechtbank heeft derhalve ten onrechte overwogen dat de maatregel van bewaring in dit geval, wegens het ontbreken van zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn, onrechtmatig is. De grief slaagt.

2.5. Het hoger beroep is kennelijk gegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden vernietigd. De overige grieven behoeven geen bespreking. Nu blijkens het hiervoor overwogene in hetgeen de vreemdeling in beroep heeft aangevoerd geen grond is te vinden voor het oordeel dat oplegging van de maatregel bij afweging van alle daarbij betrokken belangen in redelijkheid niet gerechtvaardigd is, zal de Afdeling, doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 16 november 2006 alsnog ongegrond verklaren. Er is geen grond voor schadevergoeding.

2.6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart het hoger beroep gegrond;

II. vernietigt de uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage, nevenzittingsplaats Maastricht, van 12 december 2006 in zaak no. AWB 06/57650;

III. verklaart het door de vreemdeling bij de rechtbank in die zaak ingestelde beroep ongegrond;

IV. wijst het verzoek om schadevergoeding af.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Lubberdink, Voorzitter, en mr. H. Troostwijk en mr. M.G.J. Parkins-de Vin, Leden, in tegenwoordigheid van mr. T.N.H. Nguyen, ambtenaar van Staat.

w.g. Lubberdink w.g. Nguyen
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 25 januari 2007

421


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon