Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200600848/1

Uitspraak 200600848/1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2006:AY5089
Datum uitspraak
26 juli 2006
Inhoudsindicatie
Bij besluiten van 22 augustus 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van Borger-Odoorn (hierna: het college) aan Rijkswaterstaat - directie Noord-Nederland (hierna: vergunninghouder) een vergunning onder voorwaarden verleend voor het slopen van het viaduct in de Koesteeg/Rijksweg 34 te Borger alsmede een bouwvergunning onder voorwaarden verleend voor het realiseren van drie viaducten in de Koesteeg/Rijksweg 34 te Borger.
  • Hoger beroep
  • Bouwen

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200600848/1.
Datum uitspraak: 26 juli 2006

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

de vereniging "Buurtvereniging 'De Koesteeg'" e.a., gevestigd respectievelijk wonend te Borger,
appellanten,

tegen de uitspraak in zaken nos. 4/20 en 21 van de rechtbank Assen van 19 december 2005 in de gedingen tussen:

appellanten

en

het college van burgemeester en wethouders van Borger-Odoorn.

1. Procesverloop

Bij besluiten van 22 augustus 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van Borger-Odoorn (hierna: het college) aan Rijkswaterstaat - directie Noord-Nederland (hierna: vergunninghouder) een vergunning onder voorwaarden verleend voor het slopen van het viaduct in de Koesteeg/Rijksweg 34 te Borger alsmede een bouwvergunning onder voorwaarden verleend voor het realiseren van drie viaducten in de Koesteeg/Rijksweg 34 te Borger.

Bij besluiten van 24 november 2003 heeft het college de daartegen door appellanten gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 19 december 2005, verzonden op dezelfde datum, heeft de rechtbank Assen (hierna: de rechtbank) de daartegen door appellanten ingestelde beroepen ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak hebben appellanten bij brief, bij de Raad van State per fax ingekomen op 30 januari 2006, hoger beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 28 februari 2006. Deze brieven zijn aangehecht.

Bij brief van 24 maart 2006 heeft het college van antwoord gediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 23 juni 2006, waar appellanten, vertegenwoordigd door mr. G.W. Breuker, advocaat te Groningen, en het college, vertegenwoordigd door ing. B.H. Haak, ambtenaar bij de gemeente, bijgestaan door mr. R. Snel, advocaat te Groningen, zijn verschenen.
Voorts is daar als partij gehoord vergunninghouder, vertegenwoordigd door ing. O.W. Bruggink en ing. J. Bouma, beiden ambtenaar bij vergunninghouder.

2. Overwegingen

2.1. Het geschil is beperkt tot de vraag of de rechtbank met juistheid heeft geoordeeld dat het college bij het nemen van de beslissingen op bezwaar geen rekening behoefde te houden met het verzoek van appellanten van 24 september 2002 om de Koesteeg als beschermd monument aan te wijzen.

Wat er zij van het betoog van appellanten, dit kan niet tot vernietiging van de aangevallen uitspraak leiden, reeds omdat de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap dat verzoek bij besluit van 23 juni 2004 heeft afgewezen en appellanten, naar ter zitting is gebleken, hiertegen geen bezwaar hebben gemaakt, zodat dit besluit onherroepelijk is.

Gelet hierop is er geen grond voor het oordeel dat de rechtbank de beroepen van appellanten ten onrechte ongegrond heeft verklaard.

2.2. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. H. Troostwijk, Voorzitter, en mr. T.M.A. Claessens en mr. C.J.M. Schuyt, Leden, in tegenwoordigheid van mr. L.E.M. Wilbers-Taselaar, ambtenaar van Staat.

w.g. Troostwijk w.g. Wilbers-Taselaar
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 26 juli 2006

171-505.
Verzonden:

Voor eensluidend afschrift,
de Secretaris van de Raad van State,
voor deze,

mr. H.H.C. Visser,
directeur Bestuursrechtspraak


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon