Uitspraak 200602947/2
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2006:8
- Datum uitspraak
- 30 juni 2006
- Inhoudsindicatie
- Het beroep richt zich tegen het besluit van verweerder van 7 maart 2006, waarbij het bezwaar van verzoekers tegen het besluit van 4 oktober 2005 ongegrond is verklaard. Bij laatstvermeld besluit heeft verweerder besloten tijdelijk te gedogen dat de composteerinrichting van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "Top Compost B.V.", gevestigd te Lelystad, zonder daarvoor benodigde milieuvergunning in werking is.Verzoekers hebben de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
- Voorlopige voorziening
- Milieu - Overige
Toon inhoud
200602947/2.
Datum uitspraak: 30 juni 2006
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "Socar Holding B.V." en anderen, gevestigd te Lelystad,
verzoekers,
en
het college van gedeputeerde staten van Flevoland,
verweerder.
Openbare zitting gehouden op 12 juni 2006 om 10.00 uur en voortgezet op 30 juni 2006 om 10.00 uur
Tegenwoordig:
staatsraad mr. W. Konijnenbelt, Voorzitter;
ambtenaar van Staat: mr. P.J. Blok.
Verschenen:
verzoekers, vertegenwoordigd door mr. F.J.M. Wolbers, advocaat te Arnhem, en [gemachtigde], werkzaam bij ingenieursbureau Buro Blauw;
verweerder, vertegenwoordigd door mr. C.A.I. Eringfeld, mr. R. Orie,
ing. M. Suselbeek en S.A. Haddocks, ambtenaren van de provincie;
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "Top Compost B.V.", partij, vertegenwoordigd door mr. E.D.M. Knegt, advocaat te Breda, en bij de openbare zitting van 30 juni 2006 tevens door [deskundige], werkzaam bij de Nederlandse organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek TNO.
1. Procesverloop
Het beroep richt zich tegen het besluit van verweerder van 7 maart 2006, waarbij het bezwaar van verzoekers tegen het besluit van 4 oktober 2005 ongegrond is verklaard. Bij laatstvermeld besluit heeft verweerder besloten tijdelijk te gedogen dat de composteerinrichting van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "Top Compost B.V.", gevestigd te Lelystad, zonder daarvoor benodigde milieuvergunning in werking is.
Verzoekers hebben de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De Voorzitter
wijst het verzoek af.
Daartoe overweegt hij het volgende.
Bij besluit van 4 oktober 2005 heeft verweerder besloten het in werking zijn van de composteerinrichting zonder daarvoor benodigde milieuvergunning te gedogen tot uiterlijk 1 maart 2006. Nu deze datum inmiddels is verstreken, heeft het gedoogbesluit zijn werking verloren. Het treffen van een voorlopige voorziening is daarom overbodig.
w.g. Konijnenbelt w.g. Blok
Voorzitter ambtenaar van Staat
428.