Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200603264/2

Uitspraak 200603264/2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2006:AY0328
Datum uitspraak
27 juni 2006
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 22 maart 2006 heeft verweerder aan (het stadsdeel ZuiderAmstel van) de gemeente Amsterdam (hierna: vergunninghouder) een vergunning verleend als bedoeld in artikel 8.4 van de Wet milieubeheer, voor het veranderen van een stadsdeelwerf, gelegen aan de Van Heenvlietlaan 50 te Amsterdam. Dit besluit is op 22 maart 2006 ter inzage gelegd.
  • Voorlopige voorziening
  • Milieu - Overige

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200603264/2.
Datum uitspraak: 27 juni 2006

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

de stichting "Stichting Tuinstad Buitenveldert", gevestigd te Amsterdam,
verzoekster,

en

het dagelijks bestuur van het stadsdeel ZuiderAmstel van de gemeente Amsterdam,
verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 22 maart 2006 heeft verweerder aan (het stadsdeel ZuiderAmstel van) de gemeente Amsterdam (hierna: vergunninghouder) een vergunning verleend als bedoeld in artikel 8.4 van de Wet milieubeheer, voor het veranderen van een stadsdeelwerf, gelegen aan de Van Heenvlietlaan 50 te Amsterdam. Dit besluit is op 22 maart 2006 ter inzage gelegd.

Tegen dit besluit heeft verzoekster bij brief van 29 april 2006 , bij de Raad van State ingekomen op 4 mei 2006, beroep ingesteld.
Bij deze brief heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Bij brief van 8 mei 2006 zijn de gronden van het beroep nader aangevuld.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 13 juni 2006, waar verzoekster, vertegenwoordigd door R.A. Quint en W. van Arend, en verweerder, vertegenwoordigd door mr. K.M. Karssen, dr. C. Mars en R.R. Garnaat, ambtenaren van het stadsdeel, zijn verschenen.
Voorts is vergunninghouder, vertegenwoordigd door M. van Dongen, ambtenaar van het stadsdeel, als partij gehoord.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. Bij besluit van 22 maart 2006 heeft verweerder een revisievergunning verleend in verband met verandering van de soort en situering van de activiteiten binnen de inrichting. Zo zal onder meer een (buiten)wasplaats voor bedrijfswagens aan de inrichting worden toegevoegd, terwijl het afvaldepot niet langer deel zal uitmaken van de inrichting.

2.3. Verzoekster beoogt met het verzoek te bewerkstelligen dat in elk geval hangende de behandeling van het beroep de werking van de inrichting niet zal worden gewijzigd. Evenwel is ter zitting gebleken dat, alvorens de inrichting in gewijzigde vorm in werking kan zijn, een aantal gebouwen moet worden gesloopt en dat tevens een nieuw gesloten bouwwerk moet worden gebouwd. Zowel vergunninghouder als verweerder hebben hierover ter zitting naar voren gebracht dat de noodzakelijke bouwvergunning in elk geval nog niet is verleend en dat naar verwachting eerst eind 2006 met de sloop zal worden aangevangen. Pas daarna zullen de bouwactiviteiten kunnen plaatsvinden. De Voorzitter overweegt dat naar verwachting voor aanvang van die bouwactiviteiten uitspraak zal zijn gedaan in de hoofdzaak. Naar het oordeel van de Voorzitter is met het verzoek op dit moment dan ook geen spoedeisend belang gemoeid, dat het treffen van een voorlopige voorziening rechtvaardigt.

2.4. Gelet hierop ziet de Voorzitter aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.

2.5. Voor proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

2.6. 3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. E.M.H. Hirsch Ballin, Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. P.J. Blok, ambtenaar van Staat.

w.g. Hirsch Ballin w.g. Blok
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 27 juni 2006

428.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon