Uitspraak 202400796/1/R2
- Datum uitspraak
- 28 oktober 2026
- Inhoudsindicatie
- Bij besluit van 1 december 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Flevoland aan Bio-energie Almere B.V. op grond van de Wet natuurbescherming een vergunning verleend voor de bouw en exploitatie van een bio-energiecentrale op de locatie Hefbrugweg 8 in Almere (Wnb-vergunning 1). Bio-energie wil aan de Hefbrugweg 8 in Almere een bio-energiecentrale realiseren. De beoogde en inmiddels gedeeltelijk gerealiseerde centrale bestaat uit twee houtgestookte ketels, waarbij biogrondstof wordt ingezet als brandstof voor de productie van warmte. De warmte zal worden geleverd aan het warmtenet van Vattenfall, dat warmte levert aan (onder meer) woningen in Almere. Relevant in deze zaak is dat de twee houtgestookte ketels zorgen voor de uitstoot van stikstofoxiden (NOx), ammoniak (NH3) en zwaveldioxide (SO2). Daarnaast zorgt ook het verkeer van en naar het project voor de uitstoot van NOx. Vanwege de gevolgen van deze emissies voor een aantal Natura 2000-gebieden is voor de realisatie van de bio-energiecentrale een vergunning op grond van de Wnb nodig.
- Hoger beroep
- Bouwen
- Natuurbescherming
Toon inhoud
Natuurvergunning voor bio-energiecentrale in Almere
Uitspraak over de natuurvergunning die het college van gedeputeerde staten van Flevoland heeft verleend aan Bio-Energie Almere B.V. voor een bio-energiecentrale aan de Hefbrugweg in Almere. De bio-energiecentrale bestaat uit twee houtgestookte ketels, waarbij biogrondstof wordt ingezet als brandstof voor de productie van warmte. De warmte zal vervolgens worden geleverd aan het warmtenet van Vattenfall, dat warmte levert aan woningen in Almere. Coöperatie Mobilisation for the Environment (MOB) kwam eerder in beroep bij de rechtbank Midden-Nederland. Die vernietigde de vergunning en droeg het college van gedeputeerde staten op om opnieuw te beslissen op de vergunningaanvraag. De rechtbank oordeelde dat het college van gedeputeerde staten bij de verlening van de vergunning geen gebruik had kunnen maken van het zogenoemde stikstofregistratiesysteem. Het provinciebestuur en Bio-Energie Almere zijn het hier niet mee eens en zijn tegen de uitspraak van de rechtbank in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak. Die heeft de zaak op 23 september 2026 op zitting behandeld.