Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202601396/1/A2

Uitspraak 202601396/1/A2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4861
Datum uitspraak
19 augustus 2026
Inhoudsindicatie
Bij beslissing van 28 oktober 2025 heeft de Examencommissie Technology & Nutrition de scriptie van [appellant] ongeldig verklaard en ‘fraude’ genoteerd in zijn dossier, vanwege ongeoorloofd gebruik van kunstmatige intelligentie. Op 20 april 2026 heeft het CBE per e-mail aan [appellant] medegedeeld dat zijn administratief beroep gegrond wordt verklaard en dat het ernaar streeft om zo spoedig mogelijk de beslissing met de motivering toe te sturen. Met de beslissing van 12 mei 2026 heeft het CBE het administratief beroep gegrond verklaard en de beslissing van 28 oktober 2025 vernietigd. Daarbij heeft het [appellant] een proceskostenvergoeding toegekend van € 999,00, overeenkomend met anderhalf procespunt conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. [appellant] heeft op 4 mei 2026 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op zijn administratief beroep. Op grond van artikel 6:20, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft zijn beroep ook betrekking op het besluit van 12 mei 2026, waartegen hij op 10 juni 2026 inhoudelijke gronden heeft aangevoerd.
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202601396/1/A2.
Datum uitspraak: 19 augustus 2026

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant],
appellant,

en

het College van beroep voor de examens van Wageningen University,
verweerder.

Procesverloop

Bij beslissing van 28 oktober 2025 heeft de Examencommissie Technology & Nutrition de scriptie van [appellant] ongeldig verklaard en ‘fraude’ genoteerd in zijn dossier, vanwege ongeoorloofd gebruik van kunstmatige intelligentie.

Bij beslissing van 12 mei 2026 heeft het CBE het door [appellant] daartegen ingestelde administratief beroep gegrond verklaard, de beslissing van 28 oktober 2025 vernietigd en [appellant] een vergoeding van de proceskosten toegekend van € 999,00.

Tegen deze beslissing heeft [appellant] beroep ingesteld.

Het CBE heeft een verweerschrift ingediend.

Het CBE heeft een nader stuk ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 30 juli 2026, waar [appellant], vertegenwoordigd door C.J.A. van Vliet, rechtsbijstandsverlener in Markelo, en het CBE, vertegenwoordigd door mr. M. Riezebos en msc. T. Rozemuller, zijn verschenen.

Overwegingen

Inleiding

1.       Op 20 april 2026 heeft het CBE per e-mail aan [appellant] medegedeeld dat zijn administratief beroep gegrond wordt verklaard en dat het ernaar streeft om zo spoedig mogelijk de beslissing met de motivering toe te sturen. Met de beslissing van 12 mei 2026 heeft het CBE het administratief beroep gegrond verklaard en de beslissing van 28 oktober 2025 vernietigd. Daarbij heeft het [appellant] een proceskostenvergoeding toegekend van € 999,00, overeenkomend met anderhalf procespunt conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.

2.       [appellant] heeft op 4 mei 2026 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op zijn administratief beroep. Op grond van artikel 6:20, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft zijn beroep ook betrekking op het besluit van 12 mei 2026, waartegen hij op 10 juni 2026 inhoudelijke gronden heeft aangevoerd.

Beoordeling van het beroep

Beroep niet tijdig beslissen

3.       [appellant] betoogt dat het CBE vanaf 1 mei 2026 een dwangsom heeft verbeurd, omdat zijn gemachtigde het op 16 april 2026 per e-mail in gebreke heeft gesteld en het hierdoor tot 30 april 2026 de tijd had om een beslissing op administratief beroep te nemen zonder een dwangsom te verbeuren. Het CBE heeft pas op 12 mei 2026 op zijn administratief beroep beslist.

3.1.    De e-mail van de gemachtigde van [appellant] van 16 april 2026 is geen ingebrekestelling als bedoeld in artikel 4:17, derde lid, van de Awb, omdat uit de bewoordingen ervan niet duidelijk is dat hij zich op het standpunt stelt dat het CBE niet tijdig heeft beslist op zijn administratief beroep en ook niet dat hij erop aandringt dat het alsnog een beslissing op zijn administratief beroep neemt. Vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 13 mei 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:1531). Zijn gemachtigde stelt immers enkel dat het CBE in gebreke is, maar licht dit niet nader toe. Een nadere motivering is ook uitgebleven nadat het CBE hem, ondanks een verschrijving, heeft bedoeld te laten weten dat de e-mail niet aan de vereisten van een ingebrekestelling voldoet. Op grond van het bericht van het CBE is duidelijk dat dit de strekking van de mededeling is. Gelet op artikelen 6:6 en 6:12, tweede lid, aanhef en onder b, van de Awb, is het beroep tegen het niet tijdig nemen van een beslissing daarom niet-ontvankelijk.

Proceskostenvergoeding

4.       [appellant] betoogt dat het CBE hem ten onrechte een vergoeding overeenkomend met anderhalf procespunt heeft toegekend in het kader van de beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Het had hem immers twee procespunten moeten toekennen. Uit de beslissing van 12 mei 2026 volgt bovendien niet waar die anderhalve procespunt op is gebaseerd.

4.1.    Het CBE heeft niet onderkend dat het, op grond van onderdeel A5 van de bijlage bij het Besluit proceskosten bestuursrecht, een vergoeding overeenkomend met twee procespunten had moeten toekennen, één voor het indienen van een aanvullend administratief beroepschrift door een beroepsmatige rechtsbijstandsverlener en één voor diens deelname aan de hoorzitting. De Afdeling verwijst hiervoor naar haar uitspraak van 13 januari 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:92), onder 4.1.

Overige beroepsgronden

5.       [appellant] betoogt verder dat het CBE hem te laat heeft uitgenodigd voor de hoorzitting en dat het CBE de door hem overgelegde CBE-uitspraak van de Hogeschool van Amsterdam ten onrechte niet heeft toegelaten tot het procesdossier.

5.1.    Het CBE heeft de beslissing van 28 oktober 2025 al vernietigd, zodat deze beroepsgronden niets kunnen wijzigen aan de positie van [appellant]. Hij heeft dus geen actueel en reëel belang bij een inhoudelijke beoordeling van deze beroepsgronden. Daarom zal de Afdeling hierover ook geen inhoudelijk oordeel geven (zie bijvoorbeeld de uitspraak van 24 december 2019, ECLI:NL:RVS:2019:4404).

Conclusie

6.       Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk en het beroep tegen de beslissing van 12 mei 2026 is gegrond. De Afdeling vernietigt deze, voor zover het de hoogte van de proceskostenvergoeding in administratief beroep betreft, en stelt de hoogte van deze proceskostenvergoeding vast op € 1.332,00. De examencommissie moet dit bedrag aan [appellant] betalen.

7.       Het CBE moet de proceskosten in beroep van [appellant] vergoeden. Omdat de gegrondverklaring van het beroep uitsluitend de hoogte van de proceskostenvergoeding in administratief beroep betreft, past de Afdeling wegingsfactor 0,5 toe.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I.        verklaart het beroep niet-ontvankelijk, voor zover dat betrekking heeft op het niet tijdig nemen van een beslissing op het administratief beroep van [appellant];

II.       verklaart het beroep gegrond, voor zover dat betrekking heeft op de beslissing van het College van beroep voor de examens van Wageningen University van 12 mei 2026;

III.      vernietigt de beslissing van het College van beroep voor de examens van Wageningen University van 12 mei 2026 voor zover daarbij aan [appellant] een proceskostenvergoeding van € 999,00 is toegekend;

IV.      veroordeelt de Examencommissie Technology & Nutrition tot vergoeding van bij [appellant] in verband met de behandeling van het administratief beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.332,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatige verleende rechtsbijstand;

V.       veroordeelt het College van beroep voor de examens van Wageningen University tot vergoeding van bij [appellant] in verband met de behandeling van het beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 934,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatige verleende rechtsbijstand;

VI.      gelast dat het College van beroep voor de examens van Wageningen University aan [appellant] het door hem voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 54,00 vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. J.Th. Drop, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. O. van Loon, griffier.

w.g. Drop
lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Van Loon
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 19 augustus 2026

284-1197


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon