Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202502853/1/A3

Uitspraak 202502853/1/A3

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4852
Datum uitspraak
19 augustus 2026
Inhoudsindicatie
Hollands Venetië exploiteert een rondvaarboten- en verhuurbotenbedrijf in Giethoorn. Per 1 januari 2021 geldt de nieuwe Vaarverordening Steenwijkerland 2021. Deze bevat een verbod om rondvaartboten aan te drijven met een verbrandingsmotor. Op grond van de vaarverordening kon het college een ontheffing van dit verbod verlenen als deze werd aangevraagd voor 1 januari 2022 en als voldaan werd aan de andere voorwaarden in het ontheffingenbeleid elektrisch varen Steenwijkerland (het ontheffingenbeleid). Hollands Venetië heeft op 10 juli 2023 een ontheffing gevraagd voor haar twee VIP-sloepen die nog varen met een verbrandingsmotor. Deze worden, omdat ze een schipper hebben, geschaard onder de categorie rondvaartboten. Het college heeft de aanvraag afgewezen en stelt dat de aanvraag niet alleen te laat is ingediend, maar dat de vaartuigen waarvoor de ontheffing is aangevraagd, ook niet zijn vergund onder de nieuwe vaarverordening, omdat voor de VIP-sloepen geen kenteken is aangevraagd.
  • Hoger beroep
  • Verordeningen

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202502853/1/A3.
Datum uitspraak: 19 augustus 2026

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

V.O.F. Hollands Venetië en anderen (Hollands Venetië), gevestigd in Giethoorn, gemeente Steenwijkerland,
appellante,

tegen de uitspraak van de rechtbank Overijssel van 8 april 2025 in zaak nr. 24/2443 in het geding tussen:

Hollands Venetië

en

het college van burgemeester en wethouders van Steenwijkerland.

Procesverloop

Bij besluit van 8 november 2023 heeft het college een aanvraag afgewezen.

Bij besluit van 13 maart 2024 heeft het college het door Hollands Venetië daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 8 april 2025 heeft de rechtbank het door Hollands Venetië daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft Hollands Venetië hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 27 mei 2026, waar Hollands Venetië, vertegenwoordigd door [gemachtigde], bijgestaan door mr. M. de Boer, advocaat in Heerenveen, en het college, vertegenwoordigd door G. Holtjer en E. van der Lelie, zijn verschenen.

Overwegingen

Inleiding

1.       Hollands Venetië exploiteert een rondvaarboten- en verhuurbotenbedrijf in Giethoorn. Per 1 januari 2021 geldt de nieuwe Vaarverordening Steenwijkerland 2021 (de vaarverordening). Deze bevat een verbod om rondvaartboten aan te drijven met een verbrandingsmotor. Op grond van de vaarverordening kon het college een ontheffing van dit verbod verlenen als deze werd aangevraagd voor 1 januari 2022 en als voldaan werd aan de andere voorwaarden in het ontheffingenbeleid elektrisch varen Steenwijkerland (het ontheffingenbeleid). Hollands Venetië heeft op 10 juli 2023 een ontheffing gevraagd voor haar twee VIP-sloepen die nog varen met een verbrandingsmotor. Deze worden, omdat ze een schipper hebben, geschaard onder de categorie rondvaartboten. Het college heeft de aanvraag afgewezen en stelt dat de aanvraag niet alleen te laat is ingediend, maar dat de vaartuigen waarvoor de ontheffing is aangevraagd, ook niet zijn vergund onder de nieuwe vaarverordening, omdat voor de VIP-sloepen geen kenteken is aangevraagd.

2.       Het wettelijk kader, zoals luidende ten tijde van belang, is opgenomen in de bijlage, die deel uitmaakt van deze uitspraak.

Uitspraak van de rechtbank

3.       De rechtbank heeft geoordeeld dat een ontheffing gelet op artikel 3, onder c, van het ontheffingenbeleid niet kon worden uitgegeven, alleen al omdat, zoals tussen partijen ook niet ter discussie staat, Hollands Venetië geen vergunning en daarmee geen kentekens op grond van de vaarverordening had voor het varen met de twee sloepen. De aanvraag om een vaarvergunning van 11 maart 2021 had geen betrekking op deze sloepen. Volgens de rechtbank staat ook vast dat de kentekens die door Hollands Venetië waren toegekend aan de sloepen en die zijn verstrekt naar aanleiding van een wijzigingsaanvraag van 23 juli 2021, niet voor deze boten waren aangevraagd, omdat Hollands Venetië bij de aanvraag tot wijziging van haar vergunning met onder meer vier nog aan te schaffen rondvaartboten had aangegeven dat alle boten elektrisch worden aangedreven en de betreffende rondvaartboten, waar zij naar gesteld al mee voer, niet elektrisch zijn. Naar het oordeel van de rechtbank heeft het college zich terecht op het standpunt gesteld dat het om deze reden al geen ontheffing kon verlenen en dat daarom de aanvraag mocht worden afgewezen. Hierdoor komt de rechtbank niet toe aan de vraag of de ontheffing geweigerd kon worden omdat hij te laat was ingediend.

Dat volgens Hollands Venetië vóór invoering van de Vaarverordening geen kenteken nodig was voor deze sloepen maakt dit niet anders. Ook onder de vaarverordening van vóór 2021 gold een kentekenplicht en Hollands Venetië heeft onvoldoende onderbouwd dat voor de sloepen een uitzondering gold. Daarnaast zijn de sloepen hoe dan ook met de inwerkingtreding van de huidige vaarverordening vergunningplichtig . Volgens de rechtbank had Hollands Venetië de mogelijkheid om bij de vergunningaanvragen van 11 maart 2021 en 23 juli 2021 aan te geven dat er ook met niet-elektrische boten zou worden gevaren. Dat zij dit niet heeft gedaan komt naar het oordeel van de rechtbank voor rekening en risico van Hollands Venetië.

De rechtbank heeft ook geoordeeld dat het besluit van 13 maart 2024 niet onevenredig is. Volgens de rechtbank zijn er geen bijzondere omstandigheden waardoor het ontheffingenbeleid buiten toepassing moet blijven. Naar het oordeel van de rechtbank is vakantiepark Waterstaete geen gelijk geval. Tevens heeft de rechtbank overwogen dat Hollands Venetië het financiële nadeel niet duidelijk heeft onderbouwd. Daarbij zullen rondvaartboten in 2031 sowieso elektrisch moeten varen, zodat de financiële gevolgen van de geweigerde ontheffing beperkt zullen zijn. Dat de afwijzing financieel onevenredig uitpakt heeft Hollands Venetië dus niet aannemelijk gemaakt.

Hoger beroep

4.       Hollands Venetië betoogt in de kern dat de rechtbank ten onrechte geoordeeld heeft dat de ontheffing geweigerd mocht worden omdat de sloepen vóór 1 januari 2021 onder de Vaarverordening Steenwijkerland 2006 (de oude vaarverordening) geen kenteken hadden. Zij voert hiertoe aan dat artikel 3, onder c, van het ontheffingenbeleid, alleen vereist dat de ontheffing wordt uitgegeven op kenteken. Verder verwijst dat artikel weliswaar naar de Vaarverordening Steenwijkerland, maar daar staat geen jaartal bij. In dit verband verwijst Hollands Venetië naar de uitspraak van de rechtbank Overijssel van 13 maart 2024, ECLI:NL:RBOVE:2024:1278. Hollands Venetië ziet niet in waarom het niet mogelijk zou zijn, om net als bij Waterstaete, tegelijkertijd een vergunning met kenteken en een ontheffing te krijgen voor een vaartuig dat op basis van de oude vaarverordening nog niet voorzien was van een kenteken.

Hollands Venetië betoogt dat de rechtbank lichtvaardig heeft geoordeeld dat het voor haar rekening en risico moet komen dat zij bij de aanvraag tot wijziging van haar vaarvergunning niet heeft aangegeven dat de aanvraag ook zag op niet-elektrische boten. Het punt is dat bij invoering van de huidige vaarverordening nog geen sprake was van een vergunningenplicht voor de hier in het geding zijnde VIP-sloepen. De eerdere vrijstelling is nooit per besluit verleend, maar dat de kentekenplicht en de handhaving daarop onduidelijk was, blijkt uit wat is aangevoerd over de Ottersloepen en een strafzaak. Het was voor Hollands Venetië niet duidelijk dat er onder de huidige vaarverordening wel een kentekenplicht gold en zij is hier ook nooit op geattendeerd.

Hollands Venetië betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de afwijzing van de ontheffing niet onevenredig is. Zij voert hiertoe aan dat het volstrekt onredelijk is dat de rechtbank overweegt dat de financiële gevolgen van de afwijzing van de ontheffing beperkt zijn. Als de vergunning en ontheffing was verleend net als bij Waterstaete had zij met de twee VIP-sloepen nog kunnen doorvaren tot 2031, maar nu moet zij een evident hoge investering veel eerder doen. Het exacte bedrag van de schade doet er niet toe, omdat het voor de beleving van Hollands Venetië geen toelichting behoeft dat zij substantiële vermogensschade lijdt.

Beoordeling

5.       De gronden die Hollands Venetië in hoger beroep heeft aangevoerd zijn zo goed als een herhaling van wat zij in beroep heeft aangevoerd. De rechtbank is gemotiveerd op deze gronden ingegaan. Hollands Venetië heeft geen redenen aangevoerd waarom de gemotiveerde beoordeling van deze gronden in de aangevallen uitspraak onjuist of onvolledig zou zijn. De Afdeling kan zich vinden in het oordeel van de rechtbank en in de onder 3.2, 3.3 en 4.2 opgenomen overwegingen, waarop dat oordeel is gebaseerd.

Zij voegt daaraan nog toe dat, voor zover Hollands Venetië heeft betoogd dat het voor haar onduidelijk was dat voor haar VIP-sloepen een vergunningplicht bestond en een tijdig aangevraagde ontheffing was vereist om te mogen blijven varen met een verbrandingsmotor, dit betoog faalt omdat zij had kunnen en moeten weten dat een ontheffing was vereist. Gelet op de definities van een rondvaartboot en een verhuurboot in artikel 1 van de vaarverordening, is het duidelijk dat de VIP-sloepen, omdat zij worden verhuurd aan gasten met een schipper en dus bedrijfsmatig worden gebruikt, niet anders kunnen worden gekwalificeerd dan als rondvaartboten die tevens waren uitgevoerd met een verbrandingsmotor. Het gebruik van een verbrandingsmotor voor de voortstuwing van een rondvaartboot is volgens de nieuwe vaarverordening verboden en een ontheffing moest tijdig aangevraagd worden. Naar het oordeel van de Afdeling kan hierover geen onduidelijkheid bestaan. Van Hollands Venetië, als professioneel optredende partij in de sector ‘varen’ in Giethoorn, mocht worden verwacht dat zij bekend was met de regels en verboden die belangrijk waren voor de exploitatie van haar rondvaartbedrijf en dat zij bij eventueel bestaande onduidelijkheid over de status van de VIP-sloepen contact zou hebben opgenomen met het college.

Slotsom

6.       Het hoger beroep is ongegrond. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

7.       Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

Aldus vastgesteld door mr. C.H.M. van Altena, voorzitter, en mr N. Verheij en mr. C.C.W. Lange, leden, in tegenwoordigheid van mr. G.A. van de Sluis, griffier.

w.g. Van Altena
voorzitter

w.g. Van de Sluis
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 19 augustus 2026

802-1158

BIJLAGE

WETTELIJK KADER

Vaarverordening Steenwijkerland 2021

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

[…]

Rondvaartboot: een motorvaartuig, ingericht of geschikt voor het vervoer van één of meer personen, dat bedrijfsmatig wordt gebruikt voor het verzorgen van rondvaarten’.

[…]

Verhuurboot: een motorvaartuig, bestemd, geschikt of ingericht om door één of meer personen te worden gebruikt ten behoeve van dagrecreatie, dat bedrijfsmatig beschikbaar wordt gesteld aan derden.

Artikel 2 Verbod uitoefening rondvaart- en/of botenverhuurbedrijf zonder vergunning

1.Het is verboden om zonder vergunning van het college een rondvaart- en/of botenverhuurbedrijf uit te oefenen, teneinde met rondvaart- en/of verhuurboten vaarwegen te bevaren of te laten bevaren vanaf een plaats die is gelegen binnen de grenzen van de gemeente Steenwijkerland.

Artikel 4 Verbod tot gebruik verhuurboten en rondvaartboten voortbewogen door middel van een verbrandingsmotor

1.Het is verboden om met een verhuurboot of een rondvaartboot vanaf een plaats binnen de grenzen van de gemeente Steenwijkerland te varen of te laten varen op vaarwegen in de gemeente Steenwijkerland, indien voor de voortbeweging gebruik wordt gemaakt van mechanische kracht in de vorm van een verbrandingsmotor.

2.Het College kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste lid.

Artikel 5 Kentekenplicht

1.De rondvaart- en verhuurboten moeten zijn voorzien van een door of namens het college afgegeven kenteken.

2.Kentekens moeten zodanig bevestigd zijn aan weerszijden van de boeg van het vaartuig dat zij vanaf de wal goed zichtbaar en leesbaar zijn.

3.Het kenteken blijft eigendom van de gemeente en dient aldaar te worden ingeleverd, zodra het niet meer als zodanig wordt gebruikt.

4.Het is verboden enig teken of middel aan te brengen of te doen aanbrengen met het oogmerk de herkenning, daaronder begrepen de herkenning met behulp van technische voorzieningen, van het ingevolge lid 2 gevoerde kenteken te bemoeilijken.

Ontheffingenbeleid elektrisch varen Steenwijkerland

Artikel 3: Algemene regels voor uitgifte

a. Het college geeft op een daartoe strekkende aanvraag een ontheffing als bedoeld in artikel 2 voor het varen met verbrandingsmotor indien voldaan wordt aan de voorwaarden zoals aangeduid in de artikelen 5-6.

b. Het college kan aan een ontheffing als bedoeld in artikel 2 nadere voorschriften en beperkingen verbinden die strekken tot bescherming van het belang van een goede leefomgeving.

c. Ontheffingen zoals bedoeld in artikel 2 worden uitgegeven op kenteken zoals verleend op grond van de Vaarverordening Steenwijkerland.

d. De ontheffing is alleen geldig voor het vaartuig met kenteken waarvoor het is uitgegeven. Het kenteken dient op de juiste manier te zijn aangebracht. Het gebruik van de ontheffing moet te allen tijden controleerbaar zijn.

Artikel 5: Rondvaartboot

1.De voorwaarden voor het verkrijgen van een ontheffing op het elektrisch varen met een rondvaartboot zijn:

a. De exploitant van de rondvaartboot dient met het bedrijf geregistreerd te zijn in het Handelsregister.

b. De rondvaartboot is bij ingang van de vaarverordening (01-01-2021) voorzien van een verbrandingsmotor.

c. De aanvraag wordt gedaan voor 01-01-2022.

2.Een verleende ontheffing geldt tot uiterlijk 1 januari 2031.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon