Uitspraak 202602054/2/A3
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2026:4645
- Datum uitspraak
- 6 augustus 2026
- Inhoudsindicatie
- Amstelkroon Vastgoed heeft de minister op grond van de Wet open overheid (Woo) verzocht om openbaarmaking van alle facturen die betrekking hebben op door advocaten, waaronder in ieder geval van het advocatenkantoor Pels Rijcken, en andere derden verrichte werkzaamheden ten behoeve van de staat en vier met naam genoemde personen. De minister heeft in het besluit van 19 februari 2024 meegedeeld dat acht documenten zijn aangetroffen en dat deze gedeeltelijk openbaar worden gemaakt. De minister heeft met toepassing van artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder e en f, van de Woo geweigerd delen van deze documenten openbaar te maken. In het besluit van 26 september 2024 heeft de minister besloten om meer informatie uit de gevonden documenten openbaar te maken. De voorzieningenrechter bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat de minister de informatie over de aard van de werkzaamheden niet feitelijk openbaar hoeft te maken voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.
- Mondelinge uitspraak
- Voorlopige voorziening
- Openbaarheid
Toon inhoud
202602054/2/A3.
Datum uitspraak: 6 augustus 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), hangende het hoger beroep van:
de minister van Justitie en Veiligheid,
verzoeker,
tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 29 mei 2026 in zaak nr. 24/5258 in het geding tussen:
Amstelkroon Vastgoed B.V.,
en
de minister.
Openbare zitting gehouden op 6 augustus 2026 om 11:00 uur.
Tegenwoordig:
staatsraad mr. D.A. Verburg, voorzieningenrechter
griffier: mr. R.E. de Bakker
Verschenen:
de minister, vertegenwoordigd door mr. T.P.R.M. Varenhorst en mr. V.H. Wagner
Amstelkroon Vastgoed, vertegenwoordigd door mr. S. Beaufort, advocaat in Amsterdam
Pels Rijcken, vertegenwoordigd door mr. N.N. Bontje, advocaat in Den Haag
Het verzoek richt zich tegen de uitspraak van 29 mei 2026 van de rechtbank Amsterdam. De minister heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter
bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat de minister de informatie over de aard van de werkzaamheden niet feitelijk openbaar hoeft te maken voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.
De voorzieningenrechter legt hierna uit hoe hij tot dit oordeel is gekomen.
1. Amstelkroon Vastgoed heeft de minister op grond van de Wet open overheid (Woo) verzocht om openbaarmaking van alle facturen die betrekking hebben op door advocaten, waaronder in ieder geval van het advocatenkantoor Pels Rijcken, en andere derden verrichte werkzaamheden ten behoeve van de staat en vier met naam genoemde personen. De minister heeft in het besluit van 19 februari 2024 meegedeeld dat acht documenten zijn aangetroffen en dat deze gedeeltelijk openbaar worden gemaakt. De minister heeft met toepassing van artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder e en f, van de Woo geweigerd delen van deze documenten openbaar te maken. In het besluit van 26 september 2024 heeft de minister besloten om meer informatie uit de gevonden documenten openbaar te maken.
2. De rechtbank heeft geoordeeld dat het besluit van 26 september 2024 een motiveringsgebrek bevat voor zover het gaat om de weigering om de informatie openbaar te maken die in de facturen is vermeld onder het kopje ‘aard van de werkzaamheden’ en de declaratienummers, zaakkenmerken en opdrachtnummers. Gelet hierop heeft de rechtbank het beroep gegrond verklaard, het besluit van 26 september 2024 vernietigd en de minister opgedragen om een nieuw besluit op bezwaar te nemen.
3. De minister heeft de voorzieningenrechter verzocht bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat de minister als hij een nieuw besluit neemt de informatie over de aard van de werkzaamheden nog niet openbaar hoeft te maken voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist. Volgens de minister wordt het hoger beroep anders zinledig.
4. Het kan zijn dat de minister in het nieuwe besluit op bezwaar door te beslissen met inachtneming van de rechtbankuitspraak zal besluiten tot openbaarmaking van informatie over de aard van de werkzaamheden. Tegelijkertijd kan het zijn dat hij met zijn hoger beroep wil bereiken dat diezelfde informatie niet openbaar wordt. De voorzieningenrechter bepaalt daarom dat feitelijke verstrekking achterwege mag blijven tot in hoger beroep zal zijn beslist. Daarmee wordt beoogd te voorkomen dat onomkeerbare gevolgen intreden die de hogerberoepsprocedure zinledig zouden maken. Van een zwaarder wegend algemeen belang bij openbaarmaking voorafgaand aan de beslissing in hoger beroep is niet gebleken. Amstelkroon Vastgoed heeft begrijpelijker ingebracht niet langer genoegen te willen nemen met langer moeten wachten. Maar dat is niet voldoende om op te wegen tegen dat risico van zinledigheid van het hoger beroep van de minister.
w.g. Verburg
voorzieningenrechter
w.g. De Bakker
griffier
1031