Uitspraak 202407306/4/R3
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2026:4593
- Datum uitspraak
- 5 augustus 2026
- Inhoudsindicatie
- Bij uitspraak, deels tussenuitspraak van 4 februari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:640, heeft de Afdeling de raad opgedragen om binnen 16 weken na verzending van deze uitspraak met inachtneming van wat daarin is overwogen het gebrek in het besluit van 26 september 2024 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Oostvaarderskwartier Hazerswoude-Dorp" te herstellen. De Afdeling heeft in haar uitspraak, deels tussenuitspraak van 4 februari 2026 naar aanleiding van de beroepsgronden van [appellant] en anderen geoordeeld dat de raad de aanleg en instandhouding van een trottoir op de Heerenlaan had moeten borgen en het besluit van 26 september 2024 in zoverre een gebrek vertoont. Bij besluit van 28 mei 2026 heeft de raad het bestemmingsplan "Oostvaarderskwartier Hazerswoude-Dorp" gewijzigd vastgesteld (het herstelbesluit).
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- RO - Zuid-Holland
Toon inhoud
202407306/4/R3.
Datum uitspraak: 5 augustus 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak in het geding tussen:
[appellant] en anderen, allen wonend in Hazerswoude-Dorp, gemeente Alphen aan den Rijn,
appellanten,
en
de raad van de gemeente Alphen aan den Rijn,
verweerder.
Procesverloop
Bij uitspraak, deels tussenuitspraak van 4 februari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:640, heeft de Afdeling de raad opgedragen om binnen 16 weken na verzending van deze uitspraak met inachtneming van wat daarin is overwogen het gebrek in het besluit van 26 september 2024 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Oostvaarderskwartier Hazerswoude-Dorp" te herstellen.
Bij besluit van 28 mei 2026 heeft de raad het bestemmingsplan "Oostvaarderskwartier Hazerswoude-Dorp" gewijzigd vastgesteld (het herstelbesluit).
[appellant] en anderen zijn in de gelegenheid gesteld een zienswijze naar voren te brengen. Zij hebben van die gelegenheid geen gebruik gemaakt.
Met toepassing van artikel 8:57, tweede lid, aanhef en onder d, en derde lid van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) heeft de Afdeling bepaald dat een nadere zitting achterwege blijft en het onderzoek gesloten.
Overwegingen
1. De Afdeling heeft in haar uitspraak, deels tussenuitspraak van 4 februari 2026 naar aanleiding van de beroepsgronden van [appellant] en anderen geoordeeld dat de raad de aanleg en instandhouding van een trottoir op de Heerenlaan had moeten borgen en het besluit van 26 september 2024 in zoverre een gebrek vertoont.
2. Het beroep van [appellant] en anderen is daarom gegrond, zodat het besluit van 26 september 2024 wegens strijd met artikel 3:2 van de Awb moet worden vernietigd, voor zover de aanleg en instandhouding van een trottoir op de Heerenlaan daarin niet is geborgd.
3. Naar aanleiding van de uitspraak, deels tussenuitspraak heeft de raad bij besluit van 28 mei 2026 het bestemmingsplan "Oostvaarderskwartier Hazerswoude-Dorp" gewijzigd vastgesteld. Het herstelbesluit wordt, gelet op de artikel 6:19 van de Awb, geacht onderwerp te zijn van dit geding. Dit betekent dat van rechtswege een beroep van [appellant] en anderen tegen het herstelbesluit is ontstaan.
4. [appellant] en anderen hebben naar aanleiding van het herstelbesluit geen zienswijze naar voren gebracht en dus niet te kennen gegeven dat zij zich niet met dat besluit kunnen verenigen. De Afdeling leidt hieruit af dat [appellant] en anderen geen bezwaren hebben tegen dat besluit.
5. Het beroep van [appellant] en anderen gericht tegen het herstelbesluit van 28 mei 2026 is daarom ongegrond.
6. De raad hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I. verklaart het beroep tegen het besluit van de raad van de gemeente Alphen aan den Rijn van 26 september 2024 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Oostvaarderskwartier Hazerswoude-Dorp" gegrond;
II. vernietigt dat besluit, voor zover daarin de aanleg en instandhouding van een trottoir op de Heerenlaan niet is geborgd;
III. verklaart het beroep tegen het besluit van 28 mei 2026 tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan "Oostvaarderskwartier Hazerswoude-Dorp" ongegrond;
IV. gelast dat de raad van de gemeente Alphen aan den Rijn aan [appellant] en anderen het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht ten bedrage van € 187,00 vergoedt, met dien verstande dat bij betaling aan één van hen het bestuursorgaan aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan.
Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. R.I.Y. Lap, griffier.
w.g. Sevenster
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Lap
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 5 augustus 2026
288-1157