Uitspraak 202307520/1/R2
- Datum uitspraak
- 22 juli 2026
- Inhoudsindicatie
- Bij besluit van 26 september 2023 heeft de raad van de gemeente Oirschot het bestemmingsplan "Verbindingsweg Kempenweg - Eindhovensedijk" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de aanleg van een verbindingsweg met een lengte van ongeveer 1,4 km tussen de Kempenweg, de randweg van Oirschot, en de Eindhovensedijk, ten zuiden van de kern van Oirschot. De verbindingsweg is direct ten noorden van en grotendeels evenwijdig aan de A58 voorzien en is grotendeels voorzien binnen het Natuur Netwerk Brabant (NNB). Ter compensatie van het verlies van het NNB voorziet het plan op een afstand van ongeveer 900 m ten oosten van de aansluiting van de verbindingsweg op de Eindhovensedijk in nieuw aan te leggen natuur. Het doel van de Vereniging Buurtgroep de Kemmer is het beschermen en verbeteren van de leefbaarheid, bereikbaarheid, veiligheid en welzijn van de bewoners en particuliere grondeigenaren van De Kemmer in Oirschot. [appellant] woont aan de [locatie] in Oirschot en heeft grenzend aan zijn woonperceel ook een bosperceel in eigendom. Zijn percelen liggen aan de noordzijde van het plangebied.
- Eerste aanleg - meervoudig
- RO - Noord-Brabant
Toon inhoud
Bestemmingsplan voor aanleg nieuwe verbindingsweg in Oirschot
Uitspraak over het bestemmingsplan ‘Verbindingsweg Kempenweg – Eindhovenseweg’ dat de gemeenteraad van Oirschot heeft vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de aanleg van een verbindingsweg mogelijk van de Kempenweg, langs de A58, naar de Eindhovense Dijk. De verbindingsweg komt grotendeels binnen het Natuur Netwerk Brabant te liggen. Om het verlies van deze natuur te compenseren voorziet het plan op een afstand van ongeveer negenhonderd meter ten oosten van de verbindingsweg in nieuwe natuur. Vereniging Buurtgroep de Kemmer is het niet eens met het bestemmingsplan en is daartegen in beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak. Zij voert een tal van bezwaren aan, die onder meer gaan over alternatieve oplossingen en het nut en de noodzaak van de nieuwe randweg. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft de zaak op 21 april 2026 op zitting behandeld.