Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202407090/1/R4

Uitspraak 202407090/1/R4

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4109
Datum uitspraak
15 juli 2026
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 1 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Woerden aan [partij] bekendgemaakt dat de door hem op 11 september 2020 aangevraagde omgevingsvergunning voor het wijzigen van de bestemming van het perceel aan de [locatie] in Woerden van ‘maatschappelijk’ naar ‘wonen’ van rechtswege is verleend. [partij] is eigenaar van de woning op het adres [locatie] in Woerden. De woning is eind jaren ’80 gelijk met het kerkgebouw van de Evangeliegemeente met het adres Minkemalaan 78 gebouwd. De woning en het kerkgebouw staan tegen elkaar aan en waren via twee tussendeuren met elkaar verbonden. De voorganger van de Evangeliegemeente was samen met zijn gezin na de bouw in de woning gaan wonen. De woning diende als pastorie. [partij] is de zoon van de voorganger. Hij is na het overlijden van zijn vader eigenaar van de woning geworden en bewoont de woning zonder dat hij een functie heeft bij de Evangeliegemeente.
  • Hoger beroep
  • RO - Utrecht

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202407090/1/R4.
Datum uitspraak: 15 juli 2026

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

Stichting Evangeliegemeente De Weg (Evangeliegemeente), gevestigd in Woerden,
appellante,

tegen de uitspraak van de rechtbank Midden­-Nederland van 7 oktober 2024 in zaken nrs. 22/1381, 22/1988, 22/1439 en 22/3243 in het geding tussen:

de Evangeliegemeente

en

het college van burgemeester en wethouders van Woerden.

Procesverloop

Bij besluit van 1 december 2020 heeft het college aan [partij] bekendgemaakt dat de door hem op 11 september 2020 aangevraagde omgevingsvergunning voor het wijzigen van de bestemming van het perceel aan de [locatie] in Woerden van ‘maatschappelijk’ naar ‘wonen’ van rechtswege is verleend.

Bij besluit van 27 januari 2022 heeft het college het door de Evangeliegemeente daartegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard en de van rechtswege verleende omgevingsvergunning in stand gelaten en daaraan aanvullende voorschriften verbonden.

Bij uitspraak van 7 oktober 2024 heeft de rechtbank het door de Evangeliegemeente daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 27 januari 2022 vernietigd voor zover het college het verzoek van de Evangeliegemeente om vergoeding van de kosten die zij in bezwaar heeft gemaakt, heeft afgewezen en de rechtsgevolgen van het besluit in stand gelaten.

Tegen deze uitspraak heeft de Evangeliegemeente hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 17 juni 2026, waar de Evangeliegemeente, vertegenwoordigd door mr. H. Loonstein, advocaat in Amsterdam, vergezeld door I. Wolff, en het college, vertegenwoordigd door mr. S. de Rijke en R.J. van der Sluizsen, zijn verschenen. Namens de Evangeliegemeente zijn verder [gemachtigde A] en [gemachtigde B] verschenen. Verder is op de zitting [partij] gehoord.

Overwegingen

Overgangsrecht inwerkingtreding Omgevingswet

1. Op 1 januari 2024 zijn de Omgevingswet en de Invoeringswet Omgevingswet in werking getreden. Als een aanvraag om een omgevingsvergunning is ingediend vóór het tijdstip van inwerkingtreding van de Omgevingswet, dan blijft op grond van artikel 4.3, aanhef en onder a, van de Invoeringswet Omgevingswet het recht zoals dat gold onmiddellijk vóór dat tijdstip van toepassing tot het besluit op die aanvraag onherroepelijk wordt, met uitzondering van artikel 3.9, derde lid, eerste zin, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).

De aanvraag om een omgevingsvergunning is ingediend op 11 september 2020. Dat betekent dat in dit geval de Wabo, zoals die gold vóór 1 januari 2024, van toepassing blijft.

Inleiding

2. [partij] is eigenaar van de woning op het adres [locatie] in Woerden. De woning is eind jaren ’80 gelijk met het kerkgebouw van de Evangeliegemeente met het adres Minkemalaan 78 gebouwd. De woning en het kerkgebouw staan tegen elkaar aan en waren via twee tussendeuren met elkaar verbonden. De voorganger van de Evangeliegemeente was samen met zijn gezin na de bouw in de woning gaan wonen. De woning diende als pastorie. [partij] is de zoon van de voorganger. Hij is na het overlijden van zijn vader eigenaar van de woning geworden en bewoont de woning zonder dat hij een functie heeft bij de Evangeliegemeente.

3. Op het perceel aan de [locatie] in Woerden geldt het bestemmingsplan ‘Snel en Polanen’. Het perceel heeft de enkelbestemming ‘maatschappelijk’. [partij] heeft een aanvraag ingediend om een omgevingsvergunning om de woning in afwijking van het bestemmingsplan als reguliere woning te mogen gebruiken en de bestemming te wijzigen in ‘wonen’. Het college heeft niet op tijd op de aanvraag beslist. Daarom is de omgevingsvergunning voor strijdig gebruik van rechtswege verleend. De Evangeliegemeente kan zich hier niet in vinden en vreest dat zij in haar activiteiten zal worden beperkt. Het college heeft de omgevingsvergunning in bezwaar in stand gelaten en daaraan, naar aanleiding van akoestisch onderzoek, aanvullende voorschriften verbonden. [partij] moet de aanwezige (deur)openingen in de scheidingsmuur dichtmaken met behulp van 200 mm betonsteen of gelijkwaardig materiaal, waarna een 20 mm zandcement stuclaag moet worden aangebracht. Verder moet hij ter plaatse van de geluidsgevoelige ruimten, zoals op de bel-verdieping de slaapkamer en het kantoor en op de eerste verdieping, twee slaapkamers, aanvullend een buigslappe voorzetconstructie aanbrengen.

Uitspraak van de rechtbank

4. De rechtbank heeft, voor zover van belang, overwogen dat de Evangeliegemeente door het verlenen van de omgevingsvergunning niet in haar activiteiten wordt beperkt. Het college heeft zich op basis van het akoestisch rapport van [adviesbureau] van 11 juni 2022 op het standpunt gesteld dat ter plaatse van de woning een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd. De rechtbank heeft overwogen dat er geen aanleiding bestaat voor het oordeel dat [adviesbureau] is uitgegaan van verkeerde uitgangspunten over de representatieve bedrijfssituatie van de Evangeliegemeente. Verder heeft de rechtbank overwogen dat enkele nachtelijke activiteiten die plaatsvinden in de kerk van de Evangeliegemeente geen onderdeel uitmaken van de representatieve bedrijfssituatie, maar incidentiele activiteiten zijn. Die incidentele activiteiten behoefden voor het college geen reden te zijn om aan te nemen dat er geen aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd, aldus de rechtbank.

Hoger beroep

5. De Evangeliegemeente betoogt dat de rechtbank ten onrechte het akoestisch rapport van [adviesbureau] van 11 juni 2021 als uitgangspunt heeft genomen. De rechtbank heeft volgens haar niet onderkend dat het rapport alleen gebaseerd is op berekeningen en niet op daadwerkelijke geluidsmetingen. Ter zitting heeft de Evangeliegemeente toegelicht dat dit maakt dat het akoestisch onderzoek van [adviesbureau] niet zorgvuldig is geweest. De Evangeliegemeente betoogt verder dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat de nachtelijke activiteiten als incidenteel moeten worden aangemerkt en niet behoren tot de representatieve bedrijfssituatie. De Evangeliegemeente voert aan dat de rechtbank niet heeft onderkend dat er sprake is van afwijkingen op 28 dagen per jaar, meer dan in de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening 1998 wordt gehanteerd voor incidentele afwijking, namelijk maximaal twaalf afwijkingen per jaar en dat zij daarover voldoende, concrete informatie heeft aangeleverd aan [adviesbureau] en het college.

Het akoestisch rapport van [adviesbureau] van 11 juni 2021

5.1. [adviesbureau] heeft op verzoek van [partij] akoestisch onderzoek verricht naar de geluidsbelasting van de activiteiten van de Evangeliegemeente. Dit heeft geresulteerd in het rapport van 11 juni 2021. Uit het rapport volgt dat [adviesbureau], na herhaaldelijke verzoeken, geen informatie heeft ontvangen van de Evangeliegemeente over haar representatieve bedrijfssituatie. [adviesbureau] is daarom uitgegaan van de informatie die op de website van de Evangeliegemeente staat. Daar is vermeld dat er elke eerste vrijdag van de maand van 19:00 uur tot 22:00 uur godsdienstige vieringen zijn en verder in de andere weekenden van de maand op zaterdag van 11:00 uur tot 13:30 uur. Verder is het volgens [adviesbureau] gebruikelijk dat een kerkgenootschap doordeweeks bijeenkomt voor vergaderingen of studies overdag of in de avond. [adviesbureau] is in zijn onderzoek uitgegaan van de maximale bezetting van de kerk van ongeveer 250 personen, het worstcase scenario. Uit het onderzoek volgt dat door het treffen van compenserende maatregelen een goede functiescheiding gerealiseerd kan worden en binnen de grenswaarden van het Activiteitenbesluit milieubeheer gebleven kan worden. Ook volgt uit het onderzoek dat een goed woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd.

De Evangeliegemeente heeft in brieven van 10 juni 2021, ontvangen op 11 juni 2021, en 31 augustus 2021 alsnog informatie gegeven aan [adviesbureau] over activiteiten en feesten in de kerk. Deze informatie was voor

[adviesbureau] geen aanleiding om zijn bevindingen aan te passen. De Afdeling stelt vast dat de verschafte informatie in de brieven van 10 juni en 31 augustus 2021 overeenkomt met de informatie waar [adviesbureau] vanuit is gegaan. Verder volgt uit het onderzoek van [adviesbureau] dat er op 7 juni 2021 metingen zijn verricht in de kerk en de woning van [partij] overeenkomstig NEN 5077, om het isolatieverschil voor luchtgeluid tussen de kerkzaal en vier gevoelige ruimten in de woning van [partij] te bepalen. Het betoog van de Evangeliegemeente dat [adviesbureau] geen rekening heeft gehouden met contact- en omloopgeluid slaagt dan ook niet. [adviesbureau] heeft in het rapport juist rekening gehouden met de gevoelige ruimtes in de woning van [partij] en daarvoor isolatiemaatregelen aangedragen. Gelet op het voorgaande ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat het akoestisch onderzoek door [adviesbureau] onzorgvuldig is geweest.

5.2. Het betoog van de Evangeliegemeente dat [adviesbureau] geen daadwerkelijke geluidsmetingen heeft verricht, maakt het voorgaande niet anders. Op de zitting heeft de geluidshinderdeskundige van de Omgevingsdienst Utrecht toegelicht dat een akoestisch adviseur normaliter naast de verkregen schriftelijke informatie over activiteiten en de representatieve bedrijfssituatie naar de desbetreffende locatie toe gaat om betrokkenen te interviewen over de activiteiten en om geluidsmetingen te verrichten. In dit geval heeft [adviesbureau] geen concrete geluidsmetingen verricht in de kerk, anders dan de metingen op 7 juni 2021 om het isolatieverschil voor luchtgeluid tussen de kerkzaal en vier gevoelige ruimten in de woning van [partij] te bepalen, omdat hij geen contact kreeg met de Evangeliegemeente, terwijl hij daar wel herhaaldelijk om heeft gevraagd. [adviesbureau] is in zijn onderzoek daarom uitgegaan van een worstcase scenario. Dat de Evangeliegemeente niet, althans niet volledig heeft meegewerkt aan het akoestisch onderzoek van [adviesbureau] komt voor haar rekening en risico.

Zijn de nachtelijke activiteiten incidenteel?

5.3. De Afdeling maakt uit het dossier op dat de Evangeliegemeente zich gedurende de gehele procedure nadrukkelijk op het standpunt heeft gesteld dat de nachtelijke activiteiten van de kerk geen incidentele activiteiten zijn, maar structureel van karakter en dus vallen onder de representatieve bedrijfssituatie van de kerk. De rechtbank heeft partijen tijdens de beroepsfase in de gelegenheid gesteld om via een onafhankelijk onderzoeksbureau meer duidelijkheid te verkrijgen over deze nachtelijke activiteiten. Dit onderzoek is niet van de grond gekomen. De Evangeliegemeente heeft in de beroepsfase aanvullende informatie overgelegd over haar feesten en nachtelijke activiteiten in een brief van 17 mei 2023 en een stuk naar aanleiding van de zitting van 16 mei 2024.

5.4. Uit de brieven die de Evangeliegemeente op 10 juni en 31 augustus 2021 heeft overgelegd aan [adviesbureau], met daarin informatie over activiteiten en feesten die plaatsvinden in de kerk, volgt dat er drie feesten zijn die in de nacht plaatsvinden. Uit de brieven volgt verder dat er meerdere feesten plaatsvinden die soms meerdere dagen kunnen duren. De informatie is verder niet concreet over de aard van de feesten en het tijdstip waarop de feesten plaatsvinden. De rechtbank heeft terecht overwogen dat de Evangeliegemeente hierover op de zitting bij de rechtbank geen duidelijkheid heeft gegeven. Ook in de informatie die de Evangeliegemeente na de zitting van 16 mei 2024 heeft overgelegd, heeft zij geen duidelijkheid gegeven over haar nachtelijke activiteiten en feesten.

5.5. De Afdeling is van oordeel dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat het college mocht uitgaan van de informatie die de Evangeliegemeente heeft overgelegd en dat daaruit volgt dat de nachtelijke activiteiten geen onderdeel uitmaken van de representatieve bedrijfssituatie van de Evangeliegemeente. De rechtbank heeft terecht overwogen dat uit de informatie volgt dat de nachtelijke activiteiten maar drie keer per jaar plaatsvinden en wat betreft de aard en tijdstip afwijken van de normale diensten van de kerk. De Afdeling is met de rechtbank van oordeel dat de nachtelijke activiteiten daarom als incidenteel moeten worden aangemerkt. Het betoog van de Evangeliegemeente dat de geluidsbelasting op de woning van [partij] ook hoger ligt doordat geluid vanuit het kerkgebouw buiten het gebouw om de woning bereikt, baat haar evenmin. In dat kader heeft de geluidshinderdeskundige van de Omgevingsdienst Utrecht op de zitting toegelicht dat de kerk van de Evangeliegemeente is gelegen in een woonwijk en dat zich aan de zijkant van de kerk hoge ramen bevinden. Ramen laten harde muziek makkelijker door dan muren. Als de nachtelijke activiteiten van een zodanig hard geluidsniveau zijn, dan zullen de omliggende appartementen die in een directe lijn van het geluid liggen, daar meer hinder van ondervinden dan [partij] in de naastgelegen woning. Een dergelijke situatie is ook nu al niet toegestaan, aldus het college.

Het betoog slaagt niet.

Conclusie

6. Het hoger beroep is ongegrond. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank, voor zover aangevallen.

7. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bevestigt de uitspraak van de rechtbank, voor zover aangevallen.

Aldus vastgesteld door mr. P.H.A. Knol, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. A.D.J.D. van der Heijden, griffier.

w.g. Knol
lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Van der Heijden
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 15 juli 2026

954


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon