Uitspraak 202401297/4/R3
- Datum uitspraak
- 24 juni 2026
- Inhoudsindicatie
- Bij tussenuitspraak van 20 augustus 2025, ECLI:NL:RVS:2025:3990 (hierna: de tussenuitspraak), heeft de Afdeling de raad van de gemeente Den Haag opgedragen binnen 26 weken na de verzending van de uitspraak het daar omschreven gebrek in het besluit van de raad van 14 december 2023 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Anna van Hannoverstraat 4" te herstellen. Bij besluit van 29 januari 2026 heeft de raad het bestemmingsplan "Anna van Hannoverstraat 4" gewijzigd vastgesteld. De Afdeling heeft in de tussenuitspraak onder 18.9 geoordeeld dat de raad onvoldoende in kaart heeft gebracht wat de gevolgen zijn van de voorziene ontwikkeling voor de parkeerdruk in de directe omgeving van het plangebied, met name de wijk Voorburg Noord. Dat de wijk Voorburg Noord in de gemeente Leidschendam-Voorburg ligt, ontslaat de raad niet van zijn verplichting eventuele negatieve gevolgen voor die wijk in kaart te brengen en, desgewenst in samenspraak met de gemeente Leidschendam-Voorburg, zorg te dragen voor een aanvaardbare uitkomst.
- Eerste aanleg - meervoudig
- RO - Zuid-Holland
Toon inhoud
Plan voor woningen op plek voormalig ministerie van Sociale Zaken in Den Haag
Uitspraak over het bestemmingsplan ‘Anna van Hannoverstraat 4’ dat de gemeenteraad van Den Haag heeft vastgesteld. Het plan maakt een nieuwe bestemming mogelijk voor het voormalige ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De gemeente wil er maximaal 1.200 woningen bouwen en voorzieningen, zoals winkels, horeca en maatschappelijke voorzieningen. Omwonenden zijn het niet eens met het plan. Zij vrezen dat het plan hun woongenot zal aantasten. Het Cuypersgenootschap is gezamenlijk in beroep gekomen met Vereniging Vrienden van Den Haag, Vereniging Bond Heemschut en Stichting SOS Den Haag. Volgens de erfgoedorganisaties is het voormalig ministerie waardevol en één van de meest kenmerkende voorbeelden van het structuralisme. Het gebouw zou om die reden behouden moeten blijven. Ook inwoners van Voorburg zijn in beroep gekomen. Zij wonen de aangrenzende wijk Voorburg Noord en vrezen parkeeroverlast. Verder verzet ook het Wijkberaad Bezuidenhout zich tegen het plan. Volgens het wijkberaad zouden er te weinig parkeerplaatsen worden aangelegd en leidt het plan tot verkeersproblemen en verkeersonveiligheid. Ten slotte is een projectontwikkelaar in beroep gekomen. In augustus 2025 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak een zogenoemde tussenuitspraak gedaan in deze zaak. Daarin zijn de beroepen van de meeste bezwaarmakers ongegrond verklaard. Alleen in het beroep van de bewoners van Voorburg is een tussenuitspraak gedaan. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de gemeenteraad onvoldoende in kaart heeft gebracht wat de gevolgen zijn van het plan voor de parkeerdruk in de directe omgeving, met name de wijk Voorburg Noord. Zij droeg de gemeenteraad op om deze tekortkoming binnen 26 weken te herstellen. In januari 2026 heeft de gemeenteraad het bestemmingsplan aangepast. In de uitspraak van 24 juni 2026 beoordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak of de gemeenteraad aan de opdracht in de tussenuitspraak heeft voldaan en daarmee het gebrek in het plan heeft hersteld.